Niet zomaar een boek – Een oplossingsgerichte reis
Een dagboek heeft iets geheimzinnigs.Het belooft inkijk te geven in dediepste roerselen, de geheimstegedachten, de grote en kleinebelevenissen die een verschil maken.Het wordt een geschiedenis, eenbiografie die jou beschrijft, en jedaardoor ook bepaalt. Een blauwdrukvan een door jou gecreëerde identiteit.Want woorden beschrijven niet derealiteit.
Woorden scheppen de realiteit.Ze belichten geselecteerde aspectenvan dat erg complexe geheel… enhetgeen waarop je focust, wordtversterkt. Dat hebben we vanHeisenberg geleerd.In de hersenen vormen zich sporen,leert recent wetenschappelijkonderzoek.
Probleemsporen ontstaan bij hetfocussen op problemen, zodat weriskeren te denken dat we enkelprobleem zijn, slachtoffer van onsleven. Oplossingssporen wordengevormd bij het focussen op sterktes,resources, oplossingen en geven eenbeter gevoel. Ze helpen ontdekkendat we keuzes kunnen maken, dat wegreep hebben op ons leven.De toekomst is maakbaar door demanier waarop we haar beschrijven.
In ‘Niet zomaar een boek’ gidstde auteur in die onderneming.De vragen helpen om eeneigen, unieke ‘handleiding’ teontdekken, te behouden watrealistisch naar een gewenstetoekomst leidt, te verruimen watons belemmert. Ze verleggen defocus van probleemversterkendnaar oplossingversterkend, vanfalen naar successen, van jezelfals ‘lijdend’ voorwerp naar jezelfals ‘onderwerp’ van je leven, eeningrijpende ontdekkingstocht.Voor wie iets extra’s wenst,worden helpende techniekenaangereikt.
‘Life is not the way it is supposedto be. It is the way it is. The wayyou cope with it is what makesthe difference.’
(Virginia Satir)
‘Deze reis maakt het verschil.Men weze gewaarschuwd.Dit boek kan je leven ingrijpendveranderen.’
(Dr. Myriam Le Fevere de Ten Hove)
Niet zomaar een boek – Een oplossingsgerichte reis
Een dagboek heeft iets geheimzinnigs.Het belooft inkijk te geven in dediepste roerselen, de geheimstegedachten, de grote en kleinebelevenissen die een verschil maken.Het wordt een geschiedenis, eenbiografie die jou beschrijft, en jedaardoor ook bepaalt. Een blauwdrukvan een door jou gecreëerde identiteit.Want woorden beschrijven niet derealiteit.
Woorden scheppen de realiteit.Ze belichten geselecteerde aspectenvan dat erg complexe geheel… enhetgeen waarop je focust, wordtversterkt. Dat hebben we vanHeisenberg geleerd.In de hersenen vormen zich sporen,leert recent wetenschappelijkonderzoek.
Probleemsporen ontstaan bij hetfocussen op problemen, zodat weriskeren te denken dat we enkelprobleem zijn, slachtoffer van onsleven. Oplossingssporen wordengevormd bij het focussen op sterktes,resources, oplossingen en geven eenbeter gevoel. Ze helpen ontdekkendat we keuzes kunnen maken, dat wegreep hebben op ons leven.De toekomst is maakbaar door demanier waarop we haar beschrijven.
In ‘Niet zomaar een boek’ gidstde auteur in die onderneming.De vragen helpen om eeneigen, unieke ‘handleiding’ teontdekken, te behouden watrealistisch naar een gewenstetoekomst leidt, te verruimen watons belemmert. Ze verleggen defocus van probleemversterkendnaar oplossingversterkend, vanfalen naar successen, van jezelfals ‘lijdend’ voorwerp naar jezelfals ‘onderwerp’ van je leven, eeningrijpende ontdekkingstocht.Voor wie iets extra’s wenst,worden helpende techniekenaangereikt.
‘Life is not the way it is supposedto be. It is the way it is. The wayyou cope with it is what makesthe difference.’
(Virginia Satir)
‘Deze reis maakt het verschil.Men weze gewaarschuwd.Dit boek kan je leven ingrijpendveranderen.’
(Dr. Myriam Le Fevere de Ten Hove)
Wanneer woorden tekortschieten.Creatief op zoek naar het doorleefde levensverhaal
Het levensverhaal van eenieder is uniek, met ups en downs, met tekortschietenvreugde en verdriet. Oudere volwassenen denken graag na over allelevenservaring die ze hebben opgedaan.
De auteur geeft in dit boek een aantal inzichten over hoe men metpassie kan leven en hoe men creativiteit kan brengen in het eigen levenen levensverhaal. Ook toont de auteur hoe begeleiders/coaches opzoek kunnen gaan naar het doorleefde levensverhaal van individuelemensen of mensen in groep, waarbij ze niet alleen expert zijn, maarook vertrouwenspersoon en begeleider. Hierbij is het belangrijk om deoudere volwassene centraal te stellen en te werken vanuit zijn sterktes,mogelijkheden, talenten, dromen en competenties. Er wordt niet enkelingezet op het verleden en het heden. Ook de toekomst komt aan bod.Hoe kan het leven er over vijf of tien jaar uitzien?
Dit boek is bedoeld voor iedereen die op een creatieve manier zijnlevensverhaal naar boven wil brengen. Het is ook bedoeld voor begeleiders/coaches die ondersteuning bieden om het levensverhaal vanoudere volwassenen in beeld te brengen.
Wanneer woorden tekortschieten.Creatief op zoek naar het doorleefde levensverhaal
Het levensverhaal van eenieder is uniek, met ups en downs, met tekortschietenvreugde en verdriet. Oudere volwassenen denken graag na over allelevenservaring die ze hebben opgedaan.
De auteur geeft in dit boek een aantal inzichten over hoe men metpassie kan leven en hoe men creativiteit kan brengen in het eigen levenen levensverhaal. Ook toont de auteur hoe begeleiders/coaches opzoek kunnen gaan naar het doorleefde levensverhaal van individuelemensen of mensen in groep, waarbij ze niet alleen expert zijn, maarook vertrouwenspersoon en begeleider. Hierbij is het belangrijk om deoudere volwassene centraal te stellen en te werken vanuit zijn sterktes,mogelijkheden, talenten, dromen en competenties. Er wordt niet enkelingezet op het verleden en het heden. Ook de toekomst komt aan bod.Hoe kan het leven er over vijf of tien jaar uitzien?
Dit boek is bedoeld voor iedereen die op een creatieve manier zijnlevensverhaal naar boven wil brengen. Het is ook bedoeld voor begeleiders/coaches die ondersteuning bieden om het levensverhaal vanoudere volwassenen in beeld te brengen.
Jaarboek KMSKA 2015-2016
Het jaarboek van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen is één van de langstlopende en belangrijkste kunsthistorische tijdschriften. In deze uitgave krijgen wetenschappelijke bijdragen van de onderzoekers van het museum en auteurs uit binnen- en buitenland hun plaats. Diverse thema’s en kunstenaars, zoals de Antwerpse kunstenaarsfamilie Coignet en Jan Van Beers, komen in deze rijk geïllustreerde uitgave aan bod.
Paul Vandenbroeck voerde de eindredactie. Hij is medewerker collectieonderzoek bij het KMSKA en doceert aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de KU Leuven.
Jaarboek KMSKA 2015-2016
Het jaarboek van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen is één van de langstlopende en belangrijkste kunsthistorische tijdschriften. In deze uitgave krijgen wetenschappelijke bijdragen van de onderzoekers van het museum en auteurs uit binnen- en buitenland hun plaats. Diverse thema’s en kunstenaars, zoals de Antwerpse kunstenaarsfamilie Coignet en Jan Van Beers, komen in deze rijk geïllustreerde uitgave aan bod.
Paul Vandenbroeck voerde de eindredactie. Hij is medewerker collectieonderzoek bij het KMSKA en doceert aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de KU Leuven.
Start to teach. Inspiratiegids over aanvangsbegeleiding in het onderwijs
Starters in het onderwijs worden keer op keer als een probleem voorgesteld in de media.Ze vallen bij bosjes uit en hun contracten deugen niet. Maar een bredere kijk op hunpositie ontbreekt. Wat kunnen de onderwijscollega’s, mentoren, directieleden, pedagogischbegeleiders, lerarenopleiders en beleidsmakers doen om hen te helpen? En omgekeerd:hoe kunnen starters hun collega’s helpen?
Deze inspiratiegids heeft een dubbele rol: enerzijds het thema vanuit een brederperspectief bekijken, anderzijds realistische en ambitieuze praktijkvoorbeelden vanaanvangsbegeleiding van zowel pennen uit het werkveld als de academische wereldvoorstellen. Met andere woorden, de inspiratiegids zoomt in op belangrijke factorendie bepalend zijn voor het slagen van de eerste jaren in de onderwijspraktijk, zoals dezin om de job te doen, het belang van samenwerking, levenslang leren met elkaar en(gedeeld) leiderschap. Daarnaast hebben deze voorbeelden één gemeenschappelijkdoel: vanuit een brede, vernieuwende kijk en op onderbouwde wijze de startendeleraar welkom heten in het onderwijslandschap. Er worden prikkelende initiatievenover taal- en landsgrenzen heen gepresenteerd waarmee beleidsverantwoordelijken,lerarenopleiders, pedagogisch begeleiders, (coördinerend) directeurs, mentoren enleraren hun voordeel zullen doen.
Het boek biedt een inspiratiebron voor iedereen die de starter op een voetstuk wilplaatsen en daarbij oog heeft voor passie en talenten.
Start to teach. Inspiratiegids over aanvangsbegeleiding in het onderwijs
Starters in het onderwijs worden keer op keer als een probleem voorgesteld in de media.Ze vallen bij bosjes uit en hun contracten deugen niet. Maar een bredere kijk op hunpositie ontbreekt. Wat kunnen de onderwijscollega’s, mentoren, directieleden, pedagogischbegeleiders, lerarenopleiders en beleidsmakers doen om hen te helpen? En omgekeerd:hoe kunnen starters hun collega’s helpen?
Deze inspiratiegids heeft een dubbele rol: enerzijds het thema vanuit een brederperspectief bekijken, anderzijds realistische en ambitieuze praktijkvoorbeelden vanaanvangsbegeleiding van zowel pennen uit het werkveld als de academische wereldvoorstellen. Met andere woorden, de inspiratiegids zoomt in op belangrijke factorendie bepalend zijn voor het slagen van de eerste jaren in de onderwijspraktijk, zoals dezin om de job te doen, het belang van samenwerking, levenslang leren met elkaar en(gedeeld) leiderschap. Daarnaast hebben deze voorbeelden één gemeenschappelijkdoel: vanuit een brede, vernieuwende kijk en op onderbouwde wijze de startendeleraar welkom heten in het onderwijslandschap. Er worden prikkelende initiatievenover taal- en landsgrenzen heen gepresenteerd waarmee beleidsverantwoordelijken,lerarenopleiders, pedagogisch begeleiders, (coördinerend) directeurs, mentoren enleraren hun voordeel zullen doen.
Het boek biedt een inspiratiebron voor iedereen die de starter op een voetstuk wilplaatsen en daarbij oog heeft voor passie en talenten.
Burn-out ontmaskerd.De dieperliggende oorzaken van een burn-out
Check ook haar website www.coachingbijburnout.be
Burn-out ontmaskerd.De dieperliggende oorzaken van een burn-out
Check ook haar website www.coachingbijburnout.be
Wat moet? En wat is nodig? Over de filosofie van Rudolf Boehm (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 6)
Rudolf Boehm heeft een omvangrijk oeuvre gepubliceerd, het resultaat vanvele jaren onderzoek. Het betreft enerzijds werken die heel concreet stellingnemen tegen het klassieke filosofische denken, anderzijds bouwstenen vooreen nieuwe grondslag van de fenomenologie. Het is een tragische denkwijze.Dit kan verwondering wekken. Immers, gewoonlijk geldt dat in onze moderne,sentimentele cultuur de zin voor tragiek verloren is gegaan. De filosofie vanBoehm, geïnspireerd door een lectuur van Schillers Wallenstein, wijst op hettegendeel. Ze omschrijft de moderniteit als een cultuur die zichzelf verscheurtin een ideaal dat haar ondergang bezegelt. Het gaat weliswaar om een zelfverschuldigdeverlorenheid. Dit boek toont hoe deze filosofie een inspiratiebronkan zijn voor vandaag.
Wat moet? En wat is nodig? Over de filosofie van Rudolf Boehm (Reeks: Sociale Wetenschappen – Kruispunten nr. 6)
Rudolf Boehm heeft een omvangrijk oeuvre gepubliceerd, het resultaat vanvele jaren onderzoek. Het betreft enerzijds werken die heel concreet stellingnemen tegen het klassieke filosofische denken, anderzijds bouwstenen vooreen nieuwe grondslag van de fenomenologie. Het is een tragische denkwijze.Dit kan verwondering wekken. Immers, gewoonlijk geldt dat in onze moderne,sentimentele cultuur de zin voor tragiek verloren is gegaan. De filosofie vanBoehm, geïnspireerd door een lectuur van Schillers Wallenstein, wijst op hettegendeel. Ze omschrijft de moderniteit als een cultuur die zichzelf verscheurtin een ideaal dat haar ondergang bezegelt. Het gaat weliswaar om een zelfverschuldigdeverlorenheid. Dit boek toont hoe deze filosofie een inspiratiebronkan zijn voor vandaag.
Korte therapie. Handleiding bij het Brugse model voor psychotherapie met een toepassing op kinderen en jongeren
In dit boek wordt het ‘Brugse model’ van korte therapie voorgesteld. Dit model is ontstaan aan het Korzybski Instituut in Brugge, met Luc Isebaert, Marie-Christine Cabié, Louis Cauffman en Myriam Le Fevere de Ten Hove. Het werd door de Amerikaanse deelnemers op het ‘Therapeutic Conversation 3’-congres in Denver (Colorado – USA) omgedoopt tot ‘The Bruges Model’. Hierin is ‘kort’ geen doel op zich, maar het vanzelfsprekende gevolg van de respectvolle benadering van de cliënt, waarbij hij opnieuw de mogelijkheid ontdekt om zelf te kiezen in zijn doen en denken, om zijn leven zelf terug in handen te nemen, en zo te ontsnappen aan het keurslijf van de symptomen.
Vanuit de overtuiging dat de patiënt de meeste knowhow in huis heeft – maar vaak niet het besef of de strategie om deze te gebruiken – geven wij, als therapeut, onszelf niet de opdracht hem te vergezellen tot het probleem volledig is opgelost, maar stoppen we wanneer de patiënt voldoende op de goede weg is gezet. Deze coöperatieve werkwijze tussen cliënt en therapeut vermijdt ook het creëren van weerstand.
De leidraad voor het gebruiken van dit model van korte therapie wordt dan specifiek toegepast op kinderen en jongeren. Kinderen zijn voortdurend in evolutie: dit impliceert wisselende mogelijkheden en beperkingen. Pubers en adolescenten zijn niet happig op psychotherapie, zeker niet wanneer de ouders vragende partij zijn. Het boek toont aan hoe er kan mee omgegaan worden.
Korte therapie. Handleiding bij het Brugse model voor psychotherapie met een toepassing op kinderen en jongeren
In dit boek wordt het ‘Brugse model’ van korte therapie voorgesteld. Dit model is ontstaan aan het Korzybski Instituut in Brugge, met Luc Isebaert, Marie-Christine Cabié, Louis Cauffman en Myriam Le Fevere de Ten Hove. Het werd door de Amerikaanse deelnemers op het ‘Therapeutic Conversation 3’-congres in Denver (Colorado – USA) omgedoopt tot ‘The Bruges Model’. Hierin is ‘kort’ geen doel op zich, maar het vanzelfsprekende gevolg van de respectvolle benadering van de cliënt, waarbij hij opnieuw de mogelijkheid ontdekt om zelf te kiezen in zijn doen en denken, om zijn leven zelf terug in handen te nemen, en zo te ontsnappen aan het keurslijf van de symptomen.
Vanuit de overtuiging dat de patiënt de meeste knowhow in huis heeft – maar vaak niet het besef of de strategie om deze te gebruiken – geven wij, als therapeut, onszelf niet de opdracht hem te vergezellen tot het probleem volledig is opgelost, maar stoppen we wanneer de patiënt voldoende op de goede weg is gezet. Deze coöperatieve werkwijze tussen cliënt en therapeut vermijdt ook het creëren van weerstand.
De leidraad voor het gebruiken van dit model van korte therapie wordt dan specifiek toegepast op kinderen en jongeren. Kinderen zijn voortdurend in evolutie: dit impliceert wisselende mogelijkheden en beperkingen. Pubers en adolescenten zijn niet happig op psychotherapie, zeker niet wanneer de ouders vragende partij zijn. Het boek toont aan hoe er kan mee omgegaan worden.
Sensoa Flag System.Reacting to sexually (un)acceptable behaviour of children and young people
The Sensoa Flag System© is an evidence-based tool for identifying acceptable andunacceptable sexual behaviour of children and young people.“The Flag System helps to asses a situation when discussing it in team and to decide togetherwhat behaviour to allow.”
“The Flag System helps us to create learning opportunities for the young people we attendto and to examine our own discourse as educators and as an organization.”“As a team the Flag System has made us pay more attention to which behaviour is acceptableand how to support our young people in their sexual development.”
Sensoa Flag System is meant for child care workers and professionals working withchildren and young people ages 0 – 18 years. It is used by professionals in differentsettings (care, education, social work, sports and other fields) to discuss sexual (un)acceptable behaviour amongst and toward children and young people with co-workers,management, parents and other care-takers. It can also be used to have the conversationwith children and young people directly about which behaviour is okay andwhich behaviour is not and why this is the case.
The Flag System uses six criteria for determining which sexual behaviour is (un)acceptable.Based on these six criteria and using the Developmental Chart the behaviouris assigned a flag. There are four flags ranging from behaviour that is okay to very seriouslyunacceptable behaviour. An educational response is linked to each of the flags.Drawings and case history help (professional) educators to assess and discuss (unacceptable)sexual behaviour amongst and with respect to children and young people.
Sensoa Flag System.Reacting to sexually (un)acceptable behaviour of children and young people
The Sensoa Flag System© is an evidence-based tool for identifying acceptable andunacceptable sexual behaviour of children and young people.“The Flag System helps to asses a situation when discussing it in team and to decide togetherwhat behaviour to allow.”
“The Flag System helps us to create learning opportunities for the young people we attendto and to examine our own discourse as educators and as an organization.”“As a team the Flag System has made us pay more attention to which behaviour is acceptableand how to support our young people in their sexual development.”
Sensoa Flag System is meant for child care workers and professionals working withchildren and young people ages 0 – 18 years. It is used by professionals in differentsettings (care, education, social work, sports and other fields) to discuss sexual (un)acceptable behaviour amongst and toward children and young people with co-workers,management, parents and other care-takers. It can also be used to have the conversationwith children and young people directly about which behaviour is okay andwhich behaviour is not and why this is the case.
The Flag System uses six criteria for determining which sexual behaviour is (un)acceptable.Based on these six criteria and using the Developmental Chart the behaviouris assigned a flag. There are four flags ranging from behaviour that is okay to very seriouslyunacceptable behaviour. An educational response is linked to each of the flags.Drawings and case history help (professional) educators to assess and discuss (unacceptable)sexual behaviour amongst and with respect to children and young people.
Het bruggesprek. Een opstap naar vormend onderwijs
Onderwijs maakt toekomst en heeft daarom de taak om leerlingen voor te bereiden op eensamenleving die totaal onvoorspelbaar is en voortdurend verandert. Hoe doen leerkrachtendat?
Bruggesprekken kunnen een aanzet zijn om kinderen te leren naar zichzelf te kijken, omeen beter zelfbeeld te ontwikkelen. Van daaruit kunnen ze stappen zetten naar anderen.De wereld stopt niet aan de eigen gemeente. Kinderen worden later burgers die hun verantwoordelijkheidopnemen en hun deel bijdragen om een betere wereld tot stand te brengen.
Bruggesprekken willen dat aanleren door het verbinden van gevoel, verstand en handelen,vroeger en nu, ik en anderen.
In het bruggesprek is de leerkracht naast deskundige ook mens. Soms vertelt de leerkrachtuit eigen ervaringen, soms geeft hij een persoonlijke kijk of beleving. De leerkracht staatmodel als mens. Dit is onderwijs met een visie. Een delicate, maar wezenlijke opdracht.De vele voorbeelden in dit boek leren leerkrachten het bruggesprek stap voor stap in deklas toe te passen en hun onderwijs diepgaander en spannender te maken.
Dit boek is bedoeld voor leerkrachten uit het basisonderwijs, maar kan zeker ook gebruiktworden in het secundair onderwijs.
Het bruggesprek. Een opstap naar vormend onderwijs
Onderwijs maakt toekomst en heeft daarom de taak om leerlingen voor te bereiden op eensamenleving die totaal onvoorspelbaar is en voortdurend verandert. Hoe doen leerkrachtendat?
Bruggesprekken kunnen een aanzet zijn om kinderen te leren naar zichzelf te kijken, omeen beter zelfbeeld te ontwikkelen. Van daaruit kunnen ze stappen zetten naar anderen.De wereld stopt niet aan de eigen gemeente. Kinderen worden later burgers die hun verantwoordelijkheidopnemen en hun deel bijdragen om een betere wereld tot stand te brengen.
Bruggesprekken willen dat aanleren door het verbinden van gevoel, verstand en handelen,vroeger en nu, ik en anderen.
In het bruggesprek is de leerkracht naast deskundige ook mens. Soms vertelt de leerkrachtuit eigen ervaringen, soms geeft hij een persoonlijke kijk of beleving. De leerkracht staatmodel als mens. Dit is onderwijs met een visie. Een delicate, maar wezenlijke opdracht.De vele voorbeelden in dit boek leren leerkrachten het bruggesprek stap voor stap in deklas toe te passen en hun onderwijs diepgaander en spannender te maken.
Dit boek is bedoeld voor leerkrachten uit het basisonderwijs, maar kan zeker ook gebruiktworden in het secundair onderwijs.
Zonder schulden op de schoolbank.Omgaan met onbetaalde schoolrekening.Een inspiratiegids
Suzy is vorige zomer gescheiden. De drie kinderen, Sofie (13), Lena (10) enBas (7) wonen bij hun mama en gaan sporadisch op bezoek bij hun papa,die vaak in het buitenland is voor zijn werk. Suzy kocht haar man uit enbetaalt nu de lening voor hun woning alleen af. Helaas blijkt al gauw dathaar inkomen niet volstaat voor de afbetaling én het onderhoud van dezewoning. De rekeningen beginnen zich op te stapelen en er is geen geldmeer voor kledij, uitstapjes of andere leuke dingen. Wanneer Suzy ook deschoolrekening niet meer kan betalen, is ze zo beschaamd dat ze haar kinderenalleen naar school stuurt en niet meer naar het oudercontact gaat.De toenemende armoede heeft een voelbare impact op het onderwijs.Steeds meer scholen worden geconfronteerd met kinderen die met eenlege maag naar school komen, maar ook met kinderen van zogenaamde‘nieuwe armen’, die het ooit goed hadden en door ziekte, scheidingof het verlies van werk plots in armoede zijn beland. Vaak blijven deschoolrekeningen van deze kinderen onbetaald.
Dit boek biedt heel wat inspiratie en handvatten om een oplossing tevinden voor scholen, leerlingen en hun ouder(s). Het benadert hetprobleem van onbetaalde schoolrekeningen in zijn totaliteit en vanuiteen duidelijke visie. Het biedt inzicht in de redenen waarom ouders deschoolrekening niet betalen. Je vindt in dit boek ook praktijkvoorbeeldenen werkinstrumenten waar je meteen mee aan de slag kan.
SOS - vzw SOS Schulden Op School gaat uit van het feit dat armoedeeen complex gegeven is waarbij verschillende levensdomeinen getroffenworden, ook onderwijs. Kosten op school kunnen dan ook eendrempel zijn en uitsluiting in de hand werken. Schulden op Schoolpleit in dit boek voor een menswaardige aanpak van onbetaalde schoolrekeningen.
Zonder schulden op de schoolbank.Omgaan met onbetaalde schoolrekening.Een inspiratiegids
Suzy is vorige zomer gescheiden. De drie kinderen, Sofie (13), Lena (10) enBas (7) wonen bij hun mama en gaan sporadisch op bezoek bij hun papa,die vaak in het buitenland is voor zijn werk. Suzy kocht haar man uit enbetaalt nu de lening voor hun woning alleen af. Helaas blijkt al gauw dathaar inkomen niet volstaat voor de afbetaling én het onderhoud van dezewoning. De rekeningen beginnen zich op te stapelen en er is geen geldmeer voor kledij, uitstapjes of andere leuke dingen. Wanneer Suzy ook deschoolrekening niet meer kan betalen, is ze zo beschaamd dat ze haar kinderenalleen naar school stuurt en niet meer naar het oudercontact gaat.De toenemende armoede heeft een voelbare impact op het onderwijs.Steeds meer scholen worden geconfronteerd met kinderen die met eenlege maag naar school komen, maar ook met kinderen van zogenaamde‘nieuwe armen’, die het ooit goed hadden en door ziekte, scheidingof het verlies van werk plots in armoede zijn beland. Vaak blijven deschoolrekeningen van deze kinderen onbetaald.
Dit boek biedt heel wat inspiratie en handvatten om een oplossing tevinden voor scholen, leerlingen en hun ouder(s). Het benadert hetprobleem van onbetaalde schoolrekeningen in zijn totaliteit en vanuiteen duidelijke visie. Het biedt inzicht in de redenen waarom ouders deschoolrekening niet betalen. Je vindt in dit boek ook praktijkvoorbeeldenen werkinstrumenten waar je meteen mee aan de slag kan.
SOS - vzw SOS Schulden Op School gaat uit van het feit dat armoedeeen complex gegeven is waarbij verschillende levensdomeinen getroffenworden, ook onderwijs. Kosten op school kunnen dan ook eendrempel zijn en uitsluiting in de hand werken. Schulden op Schoolpleit in dit boek voor een menswaardige aanpak van onbetaalde schoolrekeningen.
De Oorlogsorde der Geneesheren 1941-1944.Beslechting van een broederstrijd.(Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 9)
Na de inval van de Duitse legers in mei 1940 legde het militairbestuur aan de Belgische artsen een reorganisatie vanhun beroepsverenigingen op met vorming van één enkele organisatie.De bestaande twee grote verenigingen gingen hierop inmaar al spoedig kwamen de communautaire geschillen die hen tijdenshet interbellum hadden verdeeld, aan de oppervlakte. Dit leidde tot een felletweestrijd en de oprichting van de Oorlogsorde, waaraan vooral flamingantischeartsen meewerkten. Ze werden wel gesteund door een aantal Waalseartsen. De Oorlogsorde werd van nabij gecontroleerd door het Duitse militairebestuur en door het Belgische ministerie dat geleid werd door eensecretaris-generaal. Na haar oprichting poogde de Oorlogsorde de geneeskundeen de volksgezondheid onder haar controle te brengen en te reorganiseren.
Ze kwam daarbij niet alleen in conflict met een belangrijk deelvan de Belgische artsen maar werd ook betrokken bij maatregelen die vande bezetter uitgingen. Dit is haar leiders na de bezetting zwaar aangerekendgeweest. Het einde van de oorlog bracht niet alleen het verdwijnen van deOorlogsorde mee maar luidde tevens een nieuw tijdperk in de aanpak van devolksgezondheid in België in.
Dit boek beschrijft het verloop van de gebeurtenissen. Gevoelige en controversiëlethema’s, zoals de soms betwistbare houding van de tegenstandersvan de Oorlogsorde, de mogelijke collaboratie met de bezetter, de radicalehouding van sommige bestuurders of de verhouding met de joodse artsen,worden geenszins uit de weg gegaan. De auteur is er zich ten volle vanbewust hoe, meer dan 70 jaar na de feiten, deze aspecten nog bijzondergevoelig liggen.
>>Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
De Oorlogsorde der Geneesheren 1941-1944.Beslechting van een broederstrijd.(Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 9)
Na de inval van de Duitse legers in mei 1940 legde het militairbestuur aan de Belgische artsen een reorganisatie vanhun beroepsverenigingen op met vorming van één enkele organisatie.De bestaande twee grote verenigingen gingen hierop inmaar al spoedig kwamen de communautaire geschillen die hen tijdenshet interbellum hadden verdeeld, aan de oppervlakte. Dit leidde tot een felletweestrijd en de oprichting van de Oorlogsorde, waaraan vooral flamingantischeartsen meewerkten. Ze werden wel gesteund door een aantal Waalseartsen. De Oorlogsorde werd van nabij gecontroleerd door het Duitse militairebestuur en door het Belgische ministerie dat geleid werd door eensecretaris-generaal. Na haar oprichting poogde de Oorlogsorde de geneeskundeen de volksgezondheid onder haar controle te brengen en te reorganiseren.
Ze kwam daarbij niet alleen in conflict met een belangrijk deelvan de Belgische artsen maar werd ook betrokken bij maatregelen die vande bezetter uitgingen. Dit is haar leiders na de bezetting zwaar aangerekendgeweest. Het einde van de oorlog bracht niet alleen het verdwijnen van deOorlogsorde mee maar luidde tevens een nieuw tijdperk in de aanpak van devolksgezondheid in België in.
Dit boek beschrijft het verloop van de gebeurtenissen. Gevoelige en controversiëlethema’s, zoals de soms betwistbare houding van de tegenstandersvan de Oorlogsorde, de mogelijke collaboratie met de bezetter, de radicalehouding van sommige bestuurders of de verhouding met de joodse artsen,worden geenszins uit de weg gegaan. De auteur is er zich ten volle vanbewust hoe, meer dan 70 jaar na de feiten, deze aspecten nog bijzondergevoelig liggen.
>>Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)