HorizonTaal. Studiekeuze als ontdekking – Kaartenset & Filmactiviteiten
€ 9,90
HorizonTaal. Studiekeuze als ontdekking Kaartenset & Filmact
HorizonTaal. Studiekeuze als ontdekking – Kaartenset & Filmactiviteiten
€ 9,90
HorizonTaal. Studiekeuze als ontdekking Kaartenset & Filmact
HorizonTaal. Studiekeuze als ontdekking – Handleiding
€ 54,90
Dit boekje de handleiding bij de studiekeuzemethode HorizonTaal (9789044126013).
Over de methode HorizonTaal:
Jongeren van 13 en 14 haar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudesdie hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.
De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. Tijdens die verkenning worden de leerlingen gemotiveerd om taal te gebruiken in uiteenlopende formele en informele sociale contexten. Ze denken na over hun interesses en mogelijkheden en ze staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.
HorizonTaal bestaat naast Steekkaarten met opdrachten en Informatieve bronnenkaarten een Stripboek dat de thema’s en de diverse kennisdomeinen op een toegankelijke manier inleidt. Daarnaast bevat het pakket ook Kaartensets, waarmee de leerlingen op een interactieve manier met zichzelf, de medeleerlingen en de docenten kunnen communiceren over hun eigen profiel. Tenslotte is er een Film die alle kennisdomeinen aan bod laat komen en dient als een synthese voor het gehele project. Een Handleiding licht alle mogelijkheden met de methode toe.
Op die manier is Horizontaal een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze wordt daardoor een erg creatieve, boeiende ontdekkingsreis.
Frank Smeets is gedeputeerde voor Onderwijs en voorzitter van de vzw LOOA, Bart Van Brabandt is directeur Directie Mens, Steunpunt Onderwijs, Magda Vanmontfort is projectleider-auteur. Jongeren van 13 en 14 haar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudesdie hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.
De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. Tijdens die verkenning worden de leerlingen gemotiveerd om taal te gebruiken in uiteenlopende formele en informele sociale contexten. Ze denken na over hun interesses en mogelijkheden en ze staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.
HorizonTaal bestaat naast Steekkaarten met opdrachten en Informatieve bronnenkaarten uit een Stripboek dat de thema’s en de diverse kennisdomeinen op een toegankelijke manier inleidt. Daarnaast bevat het pakket ook Kaartensets, waarmee de leerlingen op een interactieve manier met zichzelf, de medeleerlingen en de docenten kunnen communiceren over hun eigen profiel. Tenslotte is er een Film die alle kennisdomeinen aan bod laat komen en dient als een synthese voor het gehele project. Een Handleiding licht alle mogelijkheden met de methode toe.
Op die manier is Horizontaal een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze wordt daardoor een erg creatieve, boeiende ontdekkingsreis.
Frank Smeets is gedeputeerde voor Onderwijs en voorzitter van de vzw LOOA, Bart Van Brabandt is directeur Directie Mens, Steunpunt Onderwijs, Magda Vanmontfort is projectleider-auteur. Karel Vanmontfort tekende het stripverhaal.
Over de methode HorizonTaal:
Jongeren van 13 en 14 haar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudesdie hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.
De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. Tijdens die verkenning worden de leerlingen gemotiveerd om taal te gebruiken in uiteenlopende formele en informele sociale contexten. Ze denken na over hun interesses en mogelijkheden en ze staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.
HorizonTaal bestaat naast Steekkaarten met opdrachten en Informatieve bronnenkaarten een Stripboek dat de thema’s en de diverse kennisdomeinen op een toegankelijke manier inleidt. Daarnaast bevat het pakket ook Kaartensets, waarmee de leerlingen op een interactieve manier met zichzelf, de medeleerlingen en de docenten kunnen communiceren over hun eigen profiel. Tenslotte is er een Film die alle kennisdomeinen aan bod laat komen en dient als een synthese voor het gehele project. Een Handleiding licht alle mogelijkheden met de methode toe.
Op die manier is Horizontaal een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze wordt daardoor een erg creatieve, boeiende ontdekkingsreis.
Frank Smeets is gedeputeerde voor Onderwijs en voorzitter van de vzw LOOA, Bart Van Brabandt is directeur Directie Mens, Steunpunt Onderwijs, Magda Vanmontfort is projectleider-auteur. Jongeren van 13 en 14 haar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudesdie hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.
De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. Tijdens die verkenning worden de leerlingen gemotiveerd om taal te gebruiken in uiteenlopende formele en informele sociale contexten. Ze denken na over hun interesses en mogelijkheden en ze staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.
HorizonTaal bestaat naast Steekkaarten met opdrachten en Informatieve bronnenkaarten uit een Stripboek dat de thema’s en de diverse kennisdomeinen op een toegankelijke manier inleidt. Daarnaast bevat het pakket ook Kaartensets, waarmee de leerlingen op een interactieve manier met zichzelf, de medeleerlingen en de docenten kunnen communiceren over hun eigen profiel. Tenslotte is er een Film die alle kennisdomeinen aan bod laat komen en dient als een synthese voor het gehele project. Een Handleiding licht alle mogelijkheden met de methode toe.
Op die manier is Horizontaal een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze wordt daardoor een erg creatieve, boeiende ontdekkingsreis.
Frank Smeets is gedeputeerde voor Onderwijs en voorzitter van de vzw LOOA, Bart Van Brabandt is directeur Directie Mens, Steunpunt Onderwijs, Magda Vanmontfort is projectleider-auteur. Karel Vanmontfort tekende het stripverhaal.
HorizonTaal. Studiekeuze als ontdekking – Handleiding
€ 54,90
Dit boekje de handleiding bij de studiekeuzemethode HorizonTaal (9789044126013).
Over de methode HorizonTaal:
Jongeren van 13 en 14 haar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudesdie hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.
De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. Tijdens die verkenning worden de leerlingen gemotiveerd om taal te gebruiken in uiteenlopende formele en informele sociale contexten. Ze denken na over hun interesses en mogelijkheden en ze staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.
HorizonTaal bestaat naast Steekkaarten met opdrachten en Informatieve bronnenkaarten een Stripboek dat de thema’s en de diverse kennisdomeinen op een toegankelijke manier inleidt. Daarnaast bevat het pakket ook Kaartensets, waarmee de leerlingen op een interactieve manier met zichzelf, de medeleerlingen en de docenten kunnen communiceren over hun eigen profiel. Tenslotte is er een Film die alle kennisdomeinen aan bod laat komen en dient als een synthese voor het gehele project. Een Handleiding licht alle mogelijkheden met de methode toe.
Op die manier is Horizontaal een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze wordt daardoor een erg creatieve, boeiende ontdekkingsreis.
Frank Smeets is gedeputeerde voor Onderwijs en voorzitter van de vzw LOOA, Bart Van Brabandt is directeur Directie Mens, Steunpunt Onderwijs, Magda Vanmontfort is projectleider-auteur. Jongeren van 13 en 14 haar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudesdie hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.
De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. Tijdens die verkenning worden de leerlingen gemotiveerd om taal te gebruiken in uiteenlopende formele en informele sociale contexten. Ze denken na over hun interesses en mogelijkheden en ze staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.
HorizonTaal bestaat naast Steekkaarten met opdrachten en Informatieve bronnenkaarten uit een Stripboek dat de thema’s en de diverse kennisdomeinen op een toegankelijke manier inleidt. Daarnaast bevat het pakket ook Kaartensets, waarmee de leerlingen op een interactieve manier met zichzelf, de medeleerlingen en de docenten kunnen communiceren over hun eigen profiel. Tenslotte is er een Film die alle kennisdomeinen aan bod laat komen en dient als een synthese voor het gehele project. Een Handleiding licht alle mogelijkheden met de methode toe.
Op die manier is Horizontaal een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze wordt daardoor een erg creatieve, boeiende ontdekkingsreis.
Frank Smeets is gedeputeerde voor Onderwijs en voorzitter van de vzw LOOA, Bart Van Brabandt is directeur Directie Mens, Steunpunt Onderwijs, Magda Vanmontfort is projectleider-auteur. Karel Vanmontfort tekende het stripverhaal.
Over de methode HorizonTaal:
Jongeren van 13 en 14 haar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudesdie hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.
De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. Tijdens die verkenning worden de leerlingen gemotiveerd om taal te gebruiken in uiteenlopende formele en informele sociale contexten. Ze denken na over hun interesses en mogelijkheden en ze staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.
HorizonTaal bestaat naast Steekkaarten met opdrachten en Informatieve bronnenkaarten een Stripboek dat de thema’s en de diverse kennisdomeinen op een toegankelijke manier inleidt. Daarnaast bevat het pakket ook Kaartensets, waarmee de leerlingen op een interactieve manier met zichzelf, de medeleerlingen en de docenten kunnen communiceren over hun eigen profiel. Tenslotte is er een Film die alle kennisdomeinen aan bod laat komen en dient als een synthese voor het gehele project. Een Handleiding licht alle mogelijkheden met de methode toe.
Op die manier is Horizontaal een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze wordt daardoor een erg creatieve, boeiende ontdekkingsreis.
Frank Smeets is gedeputeerde voor Onderwijs en voorzitter van de vzw LOOA, Bart Van Brabandt is directeur Directie Mens, Steunpunt Onderwijs, Magda Vanmontfort is projectleider-auteur. Jongeren van 13 en 14 haar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudesdie hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.
De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. Tijdens die verkenning worden de leerlingen gemotiveerd om taal te gebruiken in uiteenlopende formele en informele sociale contexten. Ze denken na over hun interesses en mogelijkheden en ze staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.
HorizonTaal bestaat naast Steekkaarten met opdrachten en Informatieve bronnenkaarten uit een Stripboek dat de thema’s en de diverse kennisdomeinen op een toegankelijke manier inleidt. Daarnaast bevat het pakket ook Kaartensets, waarmee de leerlingen op een interactieve manier met zichzelf, de medeleerlingen en de docenten kunnen communiceren over hun eigen profiel. Tenslotte is er een Film die alle kennisdomeinen aan bod laat komen en dient als een synthese voor het gehele project. Een Handleiding licht alle mogelijkheden met de methode toe.
Op die manier is Horizontaal een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze wordt daardoor een erg creatieve, boeiende ontdekkingsreis.
Frank Smeets is gedeputeerde voor Onderwijs en voorzitter van de vzw LOOA, Bart Van Brabandt is directeur Directie Mens, Steunpunt Onderwijs, Magda Vanmontfort is projectleider-auteur. Karel Vanmontfort tekende het stripverhaal.
HorizonTaal. Studiekeuze als ontdekking – Volledig pakket in opbergdoos
€ 175,00
Jongeren van 13-14 jaar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudes die hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. De leerlingen denken na over hun interesses en mogelijkheden en staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Dit gebeurt vanuit informatie- en actiekaarten, herkenbare situatieschetsen, uitdagingen, opzoekwerk, stripverhalen, kwartetspel, plattegronden, marktkramen, film,… Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.HorizonTaal is een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteit en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze kan ontzettend creatief zijn. Naar school gaan ook.HorizonTaal verandert het studiekeuzeproces totaal. Een unieke uitdaging voor elke school en elke leerling.
HorizonTaal. Studiekeuze als ontdekking – Volledig pakket in opbergdoos
€ 175,00
Jongeren van 13-14 jaar hebben vaak een eenzijdig beeld van de beroepswereld, de kennisdomeinen die daarmee samenhangen en de studierichtingen die naardiverse beroepen leiden. Vele leerlingen ontgaat daardoor de zin van de kennis, de vaardigheden en de attitudes die hen op school worden aangereikt. Hun studiekeuze na de eerste twee jaren in het secundair onderwijs gebeurt dan ook vaak op een weinig onderbouwde manier.De methode HorizonTaal laat jongeren tien kennisdomeinen grondig verkennen. Deze kennisdomeinen zijn gekozen met betrekking tot mogelijke verdere onderwijstrajecten. De leerlingen denken na over hun interesses en mogelijkheden en staan stil bij hun persoonlijke keuzeprocessen en aspiraties. Dit gebeurt vanuit informatie- en actiekaarten, herkenbare situatieschetsen, uitdagingen, opzoekwerk, stripverhalen, kwartetspel, plattegronden, marktkramen, film,… Daarin worden ze begeleid door hun leerkrachten en leerlingenbegeleiders.HorizonTaal is een interactief, speels en intrigerend geheel dat elke leerling de mogelijkheid geeft om zijn eigen persoonlijkheid, kwaliteit en interesses ten volle te ontplooien samen met de taalvaardigheid om die ervaringen te delen. Studiekeuze kan ontzettend creatief zijn. Naar school gaan ook.HorizonTaal verandert het studiekeuzeproces totaal. Een unieke uitdaging voor elke school en elke leerling.
Angelsaksen versus Rijnlanders. Zoektocht naar overeenkomsten en verschillen in Europees en Amerikaans denken. 3de herziene en vermeerderde druk
€ 24,70
De afgelopen jaren zijn Amerikaanse - of breder geformuleerd Angelsaksische - opvattingen
op allerlei terreinen van de maatschappij dominanter geworden en behoren zij meer dan in
het verleden tot het mainstream denken. Tot vandaag werden deze ontwikkelingen in Europa
met argusogen gevolgd.
Dit boek is een tour d''horizon langsheen die onderwerpen waarop het Angelsaksische denken in de afgelopen jaren een stempel heeft gedrukt. De auteurs gaan op zoek naar de reden van deze schijnbaar onstuitbare opmars en schetsen een beeld van de overeenkomsten en de verschillen tussen Angelsaksische opvattingen en Europese - beter geformuleerd - Rijnlandse opvattingen.
De auteurs gaan vanuit hun ruime wetenschappelijke en management- en organisatie-ervaring in op onderwerpen die van wezenlijk belang zijn voor de toekomst van Europa. Aan de hand van thema''s op het terrein van management en organisatie, samenwerking, besturingsmodellen, wetenschap, economie en recht proberen zij zowel de Europese als de Angelsaksische uitgangspunten te schetsen en aan te geven waar overeenkomsten en waar verschillen te vinden zijn. Uit het boek komt naar voren hoe dynamisch het Europese gedachtegoed is in vergelijking met Amerikaanse ideeën en opvattingen.
Ze geven ook aan dat Europa ook voor strategische keuzes staat. De sluipende veramerikanisering is moeilijk terug te draaien en zal leiden tot fundamentele veranderingen die ver af staan van Europese traditie.
Het boek heeft niet de pretentie pasklare antwoorden te geven. Het is met recht een zoektocht. Het doel is wel dat het aanzet tot denken en een basis biedt voor verdere ideevorming en discussie.
Mr. drs. J.J. Brouwer studeerde Geneeskunde en Rechten in Groningen. Eerder werkte hij bij meerdere adviesbureaus. Sinds 1995 is hij managing partner van CinC Management Consultants BV. Zijn interessegebieden zijn strategie en samenwerkingsvraagstukken. Hij publiceert geregeld in vakbladen en is auteur van een aantal boeken, variërend van het werken met toekomstscenario's in de gezondheidszorg tot management en organisatie van het Duitse, Britse en Amerikaanse leger in de Tweede Wereldoorlog.
Prof. Dr. P.A. Moerman was na zijn studie bedrijfseconometrie bij Philips werkzaam op het terrein van planning, productiebesturing en operations research. Nadien was hij hoogleraar Industriële Economie & Productievraagstukken bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds 1997 is hij lid van het mede door hem opgerichte Genootschap voor Interdisciplinaire Studies 'De Uil van Minerva'. Vanuit dit Genootschap leeft bij hem een intense interesse voor de discrepantie tussen de pretenties van de economische wetenschap en het gebrek aan potentie om belangrijke gebeurtenissen te voorzien en te sturen.
Mr. G.J. de Ruijter studeerde bedrijfs- en economisch recht aan de Universiteit Utrecht en is advocaat ondernemingsrecht. Het door hem opgerichte advocatenkantoor - Bauhaus Advocaten - begeleidt oprichters, managers en financiers van innovatieve ondernemingen in start- en groeifase.
Dit boek is een tour d''horizon langsheen die onderwerpen waarop het Angelsaksische denken in de afgelopen jaren een stempel heeft gedrukt. De auteurs gaan op zoek naar de reden van deze schijnbaar onstuitbare opmars en schetsen een beeld van de overeenkomsten en de verschillen tussen Angelsaksische opvattingen en Europese - beter geformuleerd - Rijnlandse opvattingen.
De auteurs gaan vanuit hun ruime wetenschappelijke en management- en organisatie-ervaring in op onderwerpen die van wezenlijk belang zijn voor de toekomst van Europa. Aan de hand van thema''s op het terrein van management en organisatie, samenwerking, besturingsmodellen, wetenschap, economie en recht proberen zij zowel de Europese als de Angelsaksische uitgangspunten te schetsen en aan te geven waar overeenkomsten en waar verschillen te vinden zijn. Uit het boek komt naar voren hoe dynamisch het Europese gedachtegoed is in vergelijking met Amerikaanse ideeën en opvattingen.
Ze geven ook aan dat Europa ook voor strategische keuzes staat. De sluipende veramerikanisering is moeilijk terug te draaien en zal leiden tot fundamentele veranderingen die ver af staan van Europese traditie.
Het boek heeft niet de pretentie pasklare antwoorden te geven. Het is met recht een zoektocht. Het doel is wel dat het aanzet tot denken en een basis biedt voor verdere ideevorming en discussie.
Mr. drs. J.J. Brouwer studeerde Geneeskunde en Rechten in Groningen. Eerder werkte hij bij meerdere adviesbureaus. Sinds 1995 is hij managing partner van CinC Management Consultants BV. Zijn interessegebieden zijn strategie en samenwerkingsvraagstukken. Hij publiceert geregeld in vakbladen en is auteur van een aantal boeken, variërend van het werken met toekomstscenario's in de gezondheidszorg tot management en organisatie van het Duitse, Britse en Amerikaanse leger in de Tweede Wereldoorlog.
Prof. Dr. P.A. Moerman was na zijn studie bedrijfseconometrie bij Philips werkzaam op het terrein van planning, productiebesturing en operations research. Nadien was hij hoogleraar Industriële Economie & Productievraagstukken bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds 1997 is hij lid van het mede door hem opgerichte Genootschap voor Interdisciplinaire Studies 'De Uil van Minerva'. Vanuit dit Genootschap leeft bij hem een intense interesse voor de discrepantie tussen de pretenties van de economische wetenschap en het gebrek aan potentie om belangrijke gebeurtenissen te voorzien en te sturen.
Mr. G.J. de Ruijter studeerde bedrijfs- en economisch recht aan de Universiteit Utrecht en is advocaat ondernemingsrecht. Het door hem opgerichte advocatenkantoor - Bauhaus Advocaten - begeleidt oprichters, managers en financiers van innovatieve ondernemingen in start- en groeifase.
Angelsaksen versus Rijnlanders. Zoektocht naar overeenkomsten en verschillen in Europees en Amerikaans denken. 3de herziene en vermeerderde druk
€ 24,70
De afgelopen jaren zijn Amerikaanse - of breder geformuleerd Angelsaksische - opvattingen
op allerlei terreinen van de maatschappij dominanter geworden en behoren zij meer dan in
het verleden tot het mainstream denken. Tot vandaag werden deze ontwikkelingen in Europa
met argusogen gevolgd.
Dit boek is een tour d''horizon langsheen die onderwerpen waarop het Angelsaksische denken in de afgelopen jaren een stempel heeft gedrukt. De auteurs gaan op zoek naar de reden van deze schijnbaar onstuitbare opmars en schetsen een beeld van de overeenkomsten en de verschillen tussen Angelsaksische opvattingen en Europese - beter geformuleerd - Rijnlandse opvattingen.
De auteurs gaan vanuit hun ruime wetenschappelijke en management- en organisatie-ervaring in op onderwerpen die van wezenlijk belang zijn voor de toekomst van Europa. Aan de hand van thema''s op het terrein van management en organisatie, samenwerking, besturingsmodellen, wetenschap, economie en recht proberen zij zowel de Europese als de Angelsaksische uitgangspunten te schetsen en aan te geven waar overeenkomsten en waar verschillen te vinden zijn. Uit het boek komt naar voren hoe dynamisch het Europese gedachtegoed is in vergelijking met Amerikaanse ideeën en opvattingen.
Ze geven ook aan dat Europa ook voor strategische keuzes staat. De sluipende veramerikanisering is moeilijk terug te draaien en zal leiden tot fundamentele veranderingen die ver af staan van Europese traditie.
Het boek heeft niet de pretentie pasklare antwoorden te geven. Het is met recht een zoektocht. Het doel is wel dat het aanzet tot denken en een basis biedt voor verdere ideevorming en discussie.
Mr. drs. J.J. Brouwer studeerde Geneeskunde en Rechten in Groningen. Eerder werkte hij bij meerdere adviesbureaus. Sinds 1995 is hij managing partner van CinC Management Consultants BV. Zijn interessegebieden zijn strategie en samenwerkingsvraagstukken. Hij publiceert geregeld in vakbladen en is auteur van een aantal boeken, variërend van het werken met toekomstscenario's in de gezondheidszorg tot management en organisatie van het Duitse, Britse en Amerikaanse leger in de Tweede Wereldoorlog.
Prof. Dr. P.A. Moerman was na zijn studie bedrijfseconometrie bij Philips werkzaam op het terrein van planning, productiebesturing en operations research. Nadien was hij hoogleraar Industriële Economie & Productievraagstukken bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds 1997 is hij lid van het mede door hem opgerichte Genootschap voor Interdisciplinaire Studies 'De Uil van Minerva'. Vanuit dit Genootschap leeft bij hem een intense interesse voor de discrepantie tussen de pretenties van de economische wetenschap en het gebrek aan potentie om belangrijke gebeurtenissen te voorzien en te sturen.
Mr. G.J. de Ruijter studeerde bedrijfs- en economisch recht aan de Universiteit Utrecht en is advocaat ondernemingsrecht. Het door hem opgerichte advocatenkantoor - Bauhaus Advocaten - begeleidt oprichters, managers en financiers van innovatieve ondernemingen in start- en groeifase.
Dit boek is een tour d''horizon langsheen die onderwerpen waarop het Angelsaksische denken in de afgelopen jaren een stempel heeft gedrukt. De auteurs gaan op zoek naar de reden van deze schijnbaar onstuitbare opmars en schetsen een beeld van de overeenkomsten en de verschillen tussen Angelsaksische opvattingen en Europese - beter geformuleerd - Rijnlandse opvattingen.
De auteurs gaan vanuit hun ruime wetenschappelijke en management- en organisatie-ervaring in op onderwerpen die van wezenlijk belang zijn voor de toekomst van Europa. Aan de hand van thema''s op het terrein van management en organisatie, samenwerking, besturingsmodellen, wetenschap, economie en recht proberen zij zowel de Europese als de Angelsaksische uitgangspunten te schetsen en aan te geven waar overeenkomsten en waar verschillen te vinden zijn. Uit het boek komt naar voren hoe dynamisch het Europese gedachtegoed is in vergelijking met Amerikaanse ideeën en opvattingen.
Ze geven ook aan dat Europa ook voor strategische keuzes staat. De sluipende veramerikanisering is moeilijk terug te draaien en zal leiden tot fundamentele veranderingen die ver af staan van Europese traditie.
Het boek heeft niet de pretentie pasklare antwoorden te geven. Het is met recht een zoektocht. Het doel is wel dat het aanzet tot denken en een basis biedt voor verdere ideevorming en discussie.
Mr. drs. J.J. Brouwer studeerde Geneeskunde en Rechten in Groningen. Eerder werkte hij bij meerdere adviesbureaus. Sinds 1995 is hij managing partner van CinC Management Consultants BV. Zijn interessegebieden zijn strategie en samenwerkingsvraagstukken. Hij publiceert geregeld in vakbladen en is auteur van een aantal boeken, variërend van het werken met toekomstscenario's in de gezondheidszorg tot management en organisatie van het Duitse, Britse en Amerikaanse leger in de Tweede Wereldoorlog.
Prof. Dr. P.A. Moerman was na zijn studie bedrijfseconometrie bij Philips werkzaam op het terrein van planning, productiebesturing en operations research. Nadien was hij hoogleraar Industriële Economie & Productievraagstukken bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds 1997 is hij lid van het mede door hem opgerichte Genootschap voor Interdisciplinaire Studies 'De Uil van Minerva'. Vanuit dit Genootschap leeft bij hem een intense interesse voor de discrepantie tussen de pretenties van de economische wetenschap en het gebrek aan potentie om belangrijke gebeurtenissen te voorzien en te sturen.
Mr. G.J. de Ruijter studeerde bedrijfs- en economisch recht aan de Universiteit Utrecht en is advocaat ondernemingsrecht. Het door hem opgerichte advocatenkantoor - Bauhaus Advocaten - begeleidt oprichters, managers en financiers van innovatieve ondernemingen in start- en groeifase.
Jeugd- en gezinsbeleid – Deel 3 – Verwerkingsopdrachten
€ 5,20
In Jeugd- en gezinsbeleid vanuit pedagogisch perspectief wordt gezinsbeleid benaderd
vanuit een (ortho)pedagogische invalshoek en vanuit de pedagogische opdracht
van de samenleving. De auteurs pleiten ervoor om in beleidsafwegingen de totale
persoon-in-wording van het kind en de jeugdige centraal te stellen.
Deel 3: Verwerkingsopdrachten is een boek met werk- en studieopdrachten met bijbehorende literatuursuggesties. Deze themaopdrachten zijn geschikt voor individuele verwerking en uitdieping, maar ook voor verwerking in beleidswerkgroepen of -workshops.
Enkele thema’s zijn: vrije tijd en probleemgedrag, werkzame en schadelijke jeugdinterventies, indicatiestelling speciaal onderwijs en het uithuisplaatsen van kinderen.
Dit boek kadert in een drieluik. In Deel 1: Theorie en achtergronden worden een viertal beleidsbenaderingen behandeld vanuit een pedagogisch perspectief. In Deel 2: Uitgewerkte beleidsthema’s worden concrete beleidsthema’s op het snijvlak van jeugd-, gezins- en onderwijsbeleid verder uitgediept met behulp van onderzoeksresultaten, beleidsnota’s en praktijksituaties in de jeugdzorg.
Deze publicaties maken jeugd- en gezinsbeleidsvraagstukken toegankelijk voor een breed publiek, en bieden handvatten voor professionals werkzaam bij gemeentelijke, provinciale en landelijke beleidsorganen. Ze zijn ook een onmisbaar handboek voor de professional in opleiding op universiteit en hogeschool.
Dr. Agnes Tellings is universitair docent en onderzoeker aan de afdeling Orthopedagogiek: Leren & Ontwikkeling van de Radboud Universiteit Nijmegen, en aan het aldaar gevestigde onderzoeksinstituut Behavioural Science Institute (BSI).
Jan R.M. Gerris is hoogleraar Gezinspedagogiek aan de afdeling Orthopedagogiek: Gezin en gedrag van de Radboud Universiteit in Nijmegen en was mede-oprichter en eerste president van de European Society on Family Relations (ESFR).
Jan Willem Veerman is bijzonder hoogleraar Speciale Kinder- en Jeugdzorg aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en directeur van Praktikon, een organisatie voor onderzoek en ontwikkeling in de jeugdzorg.
Deel 3: Verwerkingsopdrachten is een boek met werk- en studieopdrachten met bijbehorende literatuursuggesties. Deze themaopdrachten zijn geschikt voor individuele verwerking en uitdieping, maar ook voor verwerking in beleidswerkgroepen of -workshops.
Enkele thema’s zijn: vrije tijd en probleemgedrag, werkzame en schadelijke jeugdinterventies, indicatiestelling speciaal onderwijs en het uithuisplaatsen van kinderen.
Dit boek kadert in een drieluik. In Deel 1: Theorie en achtergronden worden een viertal beleidsbenaderingen behandeld vanuit een pedagogisch perspectief. In Deel 2: Uitgewerkte beleidsthema’s worden concrete beleidsthema’s op het snijvlak van jeugd-, gezins- en onderwijsbeleid verder uitgediept met behulp van onderzoeksresultaten, beleidsnota’s en praktijksituaties in de jeugdzorg.
Deze publicaties maken jeugd- en gezinsbeleidsvraagstukken toegankelijk voor een breed publiek, en bieden handvatten voor professionals werkzaam bij gemeentelijke, provinciale en landelijke beleidsorganen. Ze zijn ook een onmisbaar handboek voor de professional in opleiding op universiteit en hogeschool.
Dr. Agnes Tellings is universitair docent en onderzoeker aan de afdeling Orthopedagogiek: Leren & Ontwikkeling van de Radboud Universiteit Nijmegen, en aan het aldaar gevestigde onderzoeksinstituut Behavioural Science Institute (BSI).
Jan R.M. Gerris is hoogleraar Gezinspedagogiek aan de afdeling Orthopedagogiek: Gezin en gedrag van de Radboud Universiteit in Nijmegen en was mede-oprichter en eerste president van de European Society on Family Relations (ESFR).
Jan Willem Veerman is bijzonder hoogleraar Speciale Kinder- en Jeugdzorg aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en directeur van Praktikon, een organisatie voor onderzoek en ontwikkeling in de jeugdzorg.
Jeugd- en gezinsbeleid – Deel 3 – Verwerkingsopdrachten
€ 5,20
In Jeugd- en gezinsbeleid vanuit pedagogisch perspectief wordt gezinsbeleid benaderd
vanuit een (ortho)pedagogische invalshoek en vanuit de pedagogische opdracht
van de samenleving. De auteurs pleiten ervoor om in beleidsafwegingen de totale
persoon-in-wording van het kind en de jeugdige centraal te stellen.
Deel 3: Verwerkingsopdrachten is een boek met werk- en studieopdrachten met bijbehorende literatuursuggesties. Deze themaopdrachten zijn geschikt voor individuele verwerking en uitdieping, maar ook voor verwerking in beleidswerkgroepen of -workshops.
Enkele thema’s zijn: vrije tijd en probleemgedrag, werkzame en schadelijke jeugdinterventies, indicatiestelling speciaal onderwijs en het uithuisplaatsen van kinderen.
Dit boek kadert in een drieluik. In Deel 1: Theorie en achtergronden worden een viertal beleidsbenaderingen behandeld vanuit een pedagogisch perspectief. In Deel 2: Uitgewerkte beleidsthema’s worden concrete beleidsthema’s op het snijvlak van jeugd-, gezins- en onderwijsbeleid verder uitgediept met behulp van onderzoeksresultaten, beleidsnota’s en praktijksituaties in de jeugdzorg.
Deze publicaties maken jeugd- en gezinsbeleidsvraagstukken toegankelijk voor een breed publiek, en bieden handvatten voor professionals werkzaam bij gemeentelijke, provinciale en landelijke beleidsorganen. Ze zijn ook een onmisbaar handboek voor de professional in opleiding op universiteit en hogeschool.
Dr. Agnes Tellings is universitair docent en onderzoeker aan de afdeling Orthopedagogiek: Leren & Ontwikkeling van de Radboud Universiteit Nijmegen, en aan het aldaar gevestigde onderzoeksinstituut Behavioural Science Institute (BSI).
Jan R.M. Gerris is hoogleraar Gezinspedagogiek aan de afdeling Orthopedagogiek: Gezin en gedrag van de Radboud Universiteit in Nijmegen en was mede-oprichter en eerste president van de European Society on Family Relations (ESFR).
Jan Willem Veerman is bijzonder hoogleraar Speciale Kinder- en Jeugdzorg aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en directeur van Praktikon, een organisatie voor onderzoek en ontwikkeling in de jeugdzorg.
Deel 3: Verwerkingsopdrachten is een boek met werk- en studieopdrachten met bijbehorende literatuursuggesties. Deze themaopdrachten zijn geschikt voor individuele verwerking en uitdieping, maar ook voor verwerking in beleidswerkgroepen of -workshops.
Enkele thema’s zijn: vrije tijd en probleemgedrag, werkzame en schadelijke jeugdinterventies, indicatiestelling speciaal onderwijs en het uithuisplaatsen van kinderen.
Dit boek kadert in een drieluik. In Deel 1: Theorie en achtergronden worden een viertal beleidsbenaderingen behandeld vanuit een pedagogisch perspectief. In Deel 2: Uitgewerkte beleidsthema’s worden concrete beleidsthema’s op het snijvlak van jeugd-, gezins- en onderwijsbeleid verder uitgediept met behulp van onderzoeksresultaten, beleidsnota’s en praktijksituaties in de jeugdzorg.
Deze publicaties maken jeugd- en gezinsbeleidsvraagstukken toegankelijk voor een breed publiek, en bieden handvatten voor professionals werkzaam bij gemeentelijke, provinciale en landelijke beleidsorganen. Ze zijn ook een onmisbaar handboek voor de professional in opleiding op universiteit en hogeschool.
Dr. Agnes Tellings is universitair docent en onderzoeker aan de afdeling Orthopedagogiek: Leren & Ontwikkeling van de Radboud Universiteit Nijmegen, en aan het aldaar gevestigde onderzoeksinstituut Behavioural Science Institute (BSI).
Jan R.M. Gerris is hoogleraar Gezinspedagogiek aan de afdeling Orthopedagogiek: Gezin en gedrag van de Radboud Universiteit in Nijmegen en was mede-oprichter en eerste president van de European Society on Family Relations (ESFR).
Jan Willem Veerman is bijzonder hoogleraar Speciale Kinder- en Jeugdzorg aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en directeur van Praktikon, een organisatie voor onderzoek en ontwikkeling in de jeugdzorg.

Onderwijsonderzoek. Van onderzoek naar leren
€ 34,90
Dit boek biedt een grondig theoretisch en praktisch inzicht in onderwijsonderzoek.Dit type van onderzoek staat op dit moment centraal in de belangstelling, enerzijds omdat eraltijd veel nadruk wordt gelegd op de impact van onderwijsonderzoek, anderzijds omdat onderwijsonderzoekdichter bij de onderwijspraktijk is komen te staan. De auteur geeft aan watonderwijsonderzoek inhoudt en op welke wijze men zelf onderzoek in de onderwijspraktijk kanopzetten.
Na een inleiding over belangrijke leerpsychologische en instructiepsychologische onderwerpengaat alle aandacht naar leren en denken vanuit een cognitief en metacognitief perspectief.Leren en denken vanuit een cognitief perspectief impliceert lesgeven volgens de inzichten vanuitwetenschappelijk onderzoek naar leren en denken. Bij leren en denken vanuit een metacognitiefperspectief gaat het over lesgeven dat gericht is op het expliciet overdragen van deinzichten uit wetenschappelijk onderzoek, zodat leerlingen zelfstandig het eigen leren en denkenin de hand kunnen nemen.
Het boek is gericht op docenten en onderzoekers en wil hen een helpende hand reiken bijhet begrijpen en het opzetten van onderwijsonderzoek. Het heeft als fundamenteel doel bij tedragen aan hun kennisontwikkeling met betrekking tot onderwijsonderzoek en aan de professionaliseringvan mensen die werkzaam zijn in het onderwijs.
Na een inleiding over belangrijke leerpsychologische en instructiepsychologische onderwerpengaat alle aandacht naar leren en denken vanuit een cognitief en metacognitief perspectief.Leren en denken vanuit een cognitief perspectief impliceert lesgeven volgens de inzichten vanuitwetenschappelijk onderzoek naar leren en denken. Bij leren en denken vanuit een metacognitiefperspectief gaat het over lesgeven dat gericht is op het expliciet overdragen van deinzichten uit wetenschappelijk onderzoek, zodat leerlingen zelfstandig het eigen leren en denkenin de hand kunnen nemen.
Het boek is gericht op docenten en onderzoekers en wil hen een helpende hand reiken bijhet begrijpen en het opzetten van onderwijsonderzoek. Het heeft als fundamenteel doel bij tedragen aan hun kennisontwikkeling met betrekking tot onderwijsonderzoek en aan de professionaliseringvan mensen die werkzaam zijn in het onderwijs.

Onderwijsonderzoek. Van onderzoek naar leren
€ 34,90
Dit boek biedt een grondig theoretisch en praktisch inzicht in onderwijsonderzoek.Dit type van onderzoek staat op dit moment centraal in de belangstelling, enerzijds omdat eraltijd veel nadruk wordt gelegd op de impact van onderwijsonderzoek, anderzijds omdat onderwijsonderzoekdichter bij de onderwijspraktijk is komen te staan. De auteur geeft aan watonderwijsonderzoek inhoudt en op welke wijze men zelf onderzoek in de onderwijspraktijk kanopzetten.
Na een inleiding over belangrijke leerpsychologische en instructiepsychologische onderwerpengaat alle aandacht naar leren en denken vanuit een cognitief en metacognitief perspectief.Leren en denken vanuit een cognitief perspectief impliceert lesgeven volgens de inzichten vanuitwetenschappelijk onderzoek naar leren en denken. Bij leren en denken vanuit een metacognitiefperspectief gaat het over lesgeven dat gericht is op het expliciet overdragen van deinzichten uit wetenschappelijk onderzoek, zodat leerlingen zelfstandig het eigen leren en denkenin de hand kunnen nemen.
Het boek is gericht op docenten en onderzoekers en wil hen een helpende hand reiken bijhet begrijpen en het opzetten van onderwijsonderzoek. Het heeft als fundamenteel doel bij tedragen aan hun kennisontwikkeling met betrekking tot onderwijsonderzoek en aan de professionaliseringvan mensen die werkzaam zijn in het onderwijs.
Na een inleiding over belangrijke leerpsychologische en instructiepsychologische onderwerpengaat alle aandacht naar leren en denken vanuit een cognitief en metacognitief perspectief.Leren en denken vanuit een cognitief perspectief impliceert lesgeven volgens de inzichten vanuitwetenschappelijk onderzoek naar leren en denken. Bij leren en denken vanuit een metacognitiefperspectief gaat het over lesgeven dat gericht is op het expliciet overdragen van deinzichten uit wetenschappelijk onderzoek, zodat leerlingen zelfstandig het eigen leren en denkenin de hand kunnen nemen.
Het boek is gericht op docenten en onderzoekers en wil hen een helpende hand reiken bijhet begrijpen en het opzetten van onderwijsonderzoek. Het heeft als fundamenteel doel bij tedragen aan hun kennisontwikkeling met betrekking tot onderwijsonderzoek en aan de professionaliseringvan mensen die werkzaam zijn in het onderwijs.
Ruimte voor wonen. Trends en uitdagingen
€ 30,00
De ruimtelijke oppervlakte van Vlaanderen is beperkt. Wonen en bouwen
zijn daarom aan een aantal bepalingen en beperkingen onderworpen.
Daarom werd in 1997 het eerste Vlaamse strategisch ruimtelijke beleidsplan,
het RSV1 – Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, goedgekeurd.
Daarin werden de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen voor een termijn
van tien jaar vastgelegd.
Deze publicatie gaat in op uitdagingen inzake wonen waarmee Vlaanderen in de toekomst geconfronteerd zal worden. Ze is het resultaat van een grondig onderzoek en bevat een uitgebreide inventarisatie van relevante trends met een inschatting van wat die inhouden voor de komende ruimtevraag en ruimtebeslag. De tekst groepeert een aantal basiskaarten en -gegevens en is een brainstorm voor een verdere uitwisseling van ideeën op lange termijn. De auteurs focussen op de ruimtelijke spreiding, de vorm en het voorkomen van wonen en aan het wonen verwante voorzieningen als onderdeel van de nederzettingsstructuur. Ze brengen het dagelijkse wonen in beeld om de besproken trends een concreet gezicht te geven. Daarnaast komen een aantal woningbouwprojecten aan bod die in recente publicaties rond architectuur, stadsontwikkeling of wonen geroemd worden om hun ontwerpkwaliteiten, hun duurzaamheid of om de manier waarop ze innovatief inspelen op wijzigende trends in het wonen. Als best practices kunnen ze mee het debat over de toekomstige ruimte voor wonen voeden.
Pascal De Decker is socioloog en ruimtelijk planner, en als onderzoeksleider verbonden aan de Hogeschool Gent, Departement Toegepaste Ingenieurswetenschappen. Hij is als docent ook verbonden aan de Hogeschool WenK, Departement Sint-Lucas Gent/Brussel.
Michael Ryckewaert is architect en onderzoeker in het Steunpunt Ruimte & Wonen en het Departement Architectuur van de K.U.Leuven.
Brecht Vandekerckhove is geograaf en stedenbouwkundige. Hij is vennoot van SUM Research, waar hij verantwoordelijk is voor sociaal en ruimtelijk onderzoek.
Ann Pisman is onderzoekster aan de Universiteit Gent, Afdeling Mobiliteit en Ruimtelijke Planning en aan de Artesis Hogeschool in Antwerpen.
Frank Vastmans is wetenschappelijk medewerker bij het Departement Economie van de K.U.Leuven.
Marie Le Roy is geografe en verbonden aan SUM Research waar zij sociaal en ruimtelijk onderzoek verricht.
Alle auteurs zijn verbonden aan het Steunpunt Ruimte en Wonen.
Deze publicatie gaat in op uitdagingen inzake wonen waarmee Vlaanderen in de toekomst geconfronteerd zal worden. Ze is het resultaat van een grondig onderzoek en bevat een uitgebreide inventarisatie van relevante trends met een inschatting van wat die inhouden voor de komende ruimtevraag en ruimtebeslag. De tekst groepeert een aantal basiskaarten en -gegevens en is een brainstorm voor een verdere uitwisseling van ideeën op lange termijn. De auteurs focussen op de ruimtelijke spreiding, de vorm en het voorkomen van wonen en aan het wonen verwante voorzieningen als onderdeel van de nederzettingsstructuur. Ze brengen het dagelijkse wonen in beeld om de besproken trends een concreet gezicht te geven. Daarnaast komen een aantal woningbouwprojecten aan bod die in recente publicaties rond architectuur, stadsontwikkeling of wonen geroemd worden om hun ontwerpkwaliteiten, hun duurzaamheid of om de manier waarop ze innovatief inspelen op wijzigende trends in het wonen. Als best practices kunnen ze mee het debat over de toekomstige ruimte voor wonen voeden.
Pascal De Decker is socioloog en ruimtelijk planner, en als onderzoeksleider verbonden aan de Hogeschool Gent, Departement Toegepaste Ingenieurswetenschappen. Hij is als docent ook verbonden aan de Hogeschool WenK, Departement Sint-Lucas Gent/Brussel.
Michael Ryckewaert is architect en onderzoeker in het Steunpunt Ruimte & Wonen en het Departement Architectuur van de K.U.Leuven.
Brecht Vandekerckhove is geograaf en stedenbouwkundige. Hij is vennoot van SUM Research, waar hij verantwoordelijk is voor sociaal en ruimtelijk onderzoek.
Ann Pisman is onderzoekster aan de Universiteit Gent, Afdeling Mobiliteit en Ruimtelijke Planning en aan de Artesis Hogeschool in Antwerpen.
Frank Vastmans is wetenschappelijk medewerker bij het Departement Economie van de K.U.Leuven.
Marie Le Roy is geografe en verbonden aan SUM Research waar zij sociaal en ruimtelijk onderzoek verricht.
Alle auteurs zijn verbonden aan het Steunpunt Ruimte en Wonen.
Ruimte voor wonen. Trends en uitdagingen
€ 30,00
De ruimtelijke oppervlakte van Vlaanderen is beperkt. Wonen en bouwen
zijn daarom aan een aantal bepalingen en beperkingen onderworpen.
Daarom werd in 1997 het eerste Vlaamse strategisch ruimtelijke beleidsplan,
het RSV1 – Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, goedgekeurd.
Daarin werden de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen voor een termijn
van tien jaar vastgelegd.
Deze publicatie gaat in op uitdagingen inzake wonen waarmee Vlaanderen in de toekomst geconfronteerd zal worden. Ze is het resultaat van een grondig onderzoek en bevat een uitgebreide inventarisatie van relevante trends met een inschatting van wat die inhouden voor de komende ruimtevraag en ruimtebeslag. De tekst groepeert een aantal basiskaarten en -gegevens en is een brainstorm voor een verdere uitwisseling van ideeën op lange termijn. De auteurs focussen op de ruimtelijke spreiding, de vorm en het voorkomen van wonen en aan het wonen verwante voorzieningen als onderdeel van de nederzettingsstructuur. Ze brengen het dagelijkse wonen in beeld om de besproken trends een concreet gezicht te geven. Daarnaast komen een aantal woningbouwprojecten aan bod die in recente publicaties rond architectuur, stadsontwikkeling of wonen geroemd worden om hun ontwerpkwaliteiten, hun duurzaamheid of om de manier waarop ze innovatief inspelen op wijzigende trends in het wonen. Als best practices kunnen ze mee het debat over de toekomstige ruimte voor wonen voeden.
Pascal De Decker is socioloog en ruimtelijk planner, en als onderzoeksleider verbonden aan de Hogeschool Gent, Departement Toegepaste Ingenieurswetenschappen. Hij is als docent ook verbonden aan de Hogeschool WenK, Departement Sint-Lucas Gent/Brussel.
Michael Ryckewaert is architect en onderzoeker in het Steunpunt Ruimte & Wonen en het Departement Architectuur van de K.U.Leuven.
Brecht Vandekerckhove is geograaf en stedenbouwkundige. Hij is vennoot van SUM Research, waar hij verantwoordelijk is voor sociaal en ruimtelijk onderzoek.
Ann Pisman is onderzoekster aan de Universiteit Gent, Afdeling Mobiliteit en Ruimtelijke Planning en aan de Artesis Hogeschool in Antwerpen.
Frank Vastmans is wetenschappelijk medewerker bij het Departement Economie van de K.U.Leuven.
Marie Le Roy is geografe en verbonden aan SUM Research waar zij sociaal en ruimtelijk onderzoek verricht.
Alle auteurs zijn verbonden aan het Steunpunt Ruimte en Wonen.
Deze publicatie gaat in op uitdagingen inzake wonen waarmee Vlaanderen in de toekomst geconfronteerd zal worden. Ze is het resultaat van een grondig onderzoek en bevat een uitgebreide inventarisatie van relevante trends met een inschatting van wat die inhouden voor de komende ruimtevraag en ruimtebeslag. De tekst groepeert een aantal basiskaarten en -gegevens en is een brainstorm voor een verdere uitwisseling van ideeën op lange termijn. De auteurs focussen op de ruimtelijke spreiding, de vorm en het voorkomen van wonen en aan het wonen verwante voorzieningen als onderdeel van de nederzettingsstructuur. Ze brengen het dagelijkse wonen in beeld om de besproken trends een concreet gezicht te geven. Daarnaast komen een aantal woningbouwprojecten aan bod die in recente publicaties rond architectuur, stadsontwikkeling of wonen geroemd worden om hun ontwerpkwaliteiten, hun duurzaamheid of om de manier waarop ze innovatief inspelen op wijzigende trends in het wonen. Als best practices kunnen ze mee het debat over de toekomstige ruimte voor wonen voeden.
Pascal De Decker is socioloog en ruimtelijk planner, en als onderzoeksleider verbonden aan de Hogeschool Gent, Departement Toegepaste Ingenieurswetenschappen. Hij is als docent ook verbonden aan de Hogeschool WenK, Departement Sint-Lucas Gent/Brussel.
Michael Ryckewaert is architect en onderzoeker in het Steunpunt Ruimte & Wonen en het Departement Architectuur van de K.U.Leuven.
Brecht Vandekerckhove is geograaf en stedenbouwkundige. Hij is vennoot van SUM Research, waar hij verantwoordelijk is voor sociaal en ruimtelijk onderzoek.
Ann Pisman is onderzoekster aan de Universiteit Gent, Afdeling Mobiliteit en Ruimtelijke Planning en aan de Artesis Hogeschool in Antwerpen.
Frank Vastmans is wetenschappelijk medewerker bij het Departement Economie van de K.U.Leuven.
Marie Le Roy is geografe en verbonden aan SUM Research waar zij sociaal en ruimtelijk onderzoek verricht.
Alle auteurs zijn verbonden aan het Steunpunt Ruimte en Wonen.
Geen voorraad

Leadership, Spirituality and the Common Good. East and West Approaches (European SPES Cahier N°4) (Chinese versie)
€ 16,30
The authors believe that the European and Asian traditionsof spirituality provide rich resources for a worldseeking to rediscover the Common Good. The particularfocus of this Cahier is on the need for responsible leaderswho understand and accept their responsibility tosteward the resources in their care for the good of theirorganisation and for the Common Good. Such leaderswill have developed the capacity to integrate the economic,the social and the environmental realms and inspiretrust in their organisational communities throughthe quality of their character and spirit.
In Leadership, Spirituality and the Common Good: Eastand West Approaches, we present the thinking of eightauthors who explored this topic at a gathering of academicsand business people at a conference held at theChina Europe International Business School (CEIBS) inShanghai in October 2008. The eight chapters have beendeveloped from this conference and are now broughttogether as a contribution to social and business educationto support a greater understanding of East-Westcultural perspectives on the rich notion of the CommonGood which, as our authors explain, is expressed in Easterncultures as lokasangraha, kyosei, da tong and jen.
In Leadership, Spirituality and the Common Good: Eastand West Approaches, we present the thinking of eightauthors who explored this topic at a gathering of academicsand business people at a conference held at theChina Europe International Business School (CEIBS) inShanghai in October 2008. The eight chapters have beendeveloped from this conference and are now broughttogether as a contribution to social and business educationto support a greater understanding of East-Westcultural perspectives on the rich notion of the CommonGood which, as our authors explain, is expressed in Easterncultures as lokasangraha, kyosei, da tong and jen.
Geen voorraad

Leadership, Spirituality and the Common Good. East and West Approaches (European SPES Cahier N°4) (Chinese versie)
€ 16,30
The authors believe that the European and Asian traditionsof spirituality provide rich resources for a worldseeking to rediscover the Common Good. The particularfocus of this Cahier is on the need for responsible leaderswho understand and accept their responsibility tosteward the resources in their care for the good of theirorganisation and for the Common Good. Such leaderswill have developed the capacity to integrate the economic,the social and the environmental realms and inspiretrust in their organisational communities throughthe quality of their character and spirit.
In Leadership, Spirituality and the Common Good: Eastand West Approaches, we present the thinking of eightauthors who explored this topic at a gathering of academicsand business people at a conference held at theChina Europe International Business School (CEIBS) inShanghai in October 2008. The eight chapters have beendeveloped from this conference and are now broughttogether as a contribution to social and business educationto support a greater understanding of East-Westcultural perspectives on the rich notion of the CommonGood which, as our authors explain, is expressed in Easterncultures as lokasangraha, kyosei, da tong and jen.
In Leadership, Spirituality and the Common Good: Eastand West Approaches, we present the thinking of eightauthors who explored this topic at a gathering of academicsand business people at a conference held at theChina Europe International Business School (CEIBS) inShanghai in October 2008. The eight chapters have beendeveloped from this conference and are now broughttogether as a contribution to social and business educationto support a greater understanding of East-Westcultural perspectives on the rich notion of the CommonGood which, as our authors explain, is expressed in Easterncultures as lokasangraha, kyosei, da tong and jen.
Kindermishandeling: een complex probleem (O&A-Reeks, nr. 1)
€ 23,70
Kindermishandeling staat momenteel sterk in de aandacht, maar is niet altijd
even duidelijk te herkennen. Het gezinsleven is een privéterrein dat terecht niet
zomaar toegankelijk is. Daar kan zich jarenlang kindermishandeling voordoen
zonder dat de buitenwacht er weet van heeft. Maar ook als zichtbaar is geworden dat er
sprake is van een problematische gezinssituatie, is het vaak lastig om vast te stellen dat
het om kindermishandeling gaat en zo ja, om welke vormen van kindermishandeling.
Kindermishandeling is een complex probleem dat nog veel vragen oproept. Vele van die vragen komen in dit boek aan de orde, zoals: wat is kindermishandeling eigenlijk, welke vormen zijn te onderscheiden, hoe vaak komt het voor, wat zijn de oorzaken, wat zijn de gevolgen en wat kunnen we doen om kindermishandeling te voorkomen?
Er is nog veel te vragen, maar er is ook al veel bekend. Zo staat vast dat kinderen die het slachtoffer zijn van kindermishandeling, daar een leven lang last van kunnen hebben. Kindermishandeling kan het leven van kinderen vergiftigen.
Het is belangrijk om kinderen die zijn mishandeld, zo gericht en effectief mogelijk te helpen. Dit boek hoopt daar een steentje toe bij te dragen door de laatste inzichten op het terrein van kindermishandeling op een toegankelijke wijze te presenteren.
Prof. dr. Jan van der Ploeg is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit Leiden. Hij is lid van de redactie van het Tijdschrift voor Orthopedagogiek.
Dr. Roel de Groot is secretaris van het hoofdbestuur van de Vereniging O&A – Vereniging voor ortho-agogische activiteiten – en hoofdredacteur van Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.
Kindermishandeling is een complex probleem dat nog veel vragen oproept. Vele van die vragen komen in dit boek aan de orde, zoals: wat is kindermishandeling eigenlijk, welke vormen zijn te onderscheiden, hoe vaak komt het voor, wat zijn de oorzaken, wat zijn de gevolgen en wat kunnen we doen om kindermishandeling te voorkomen?
Er is nog veel te vragen, maar er is ook al veel bekend. Zo staat vast dat kinderen die het slachtoffer zijn van kindermishandeling, daar een leven lang last van kunnen hebben. Kindermishandeling kan het leven van kinderen vergiftigen.
Het is belangrijk om kinderen die zijn mishandeld, zo gericht en effectief mogelijk te helpen. Dit boek hoopt daar een steentje toe bij te dragen door de laatste inzichten op het terrein van kindermishandeling op een toegankelijke wijze te presenteren.
Prof. dr. Jan van der Ploeg is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit Leiden. Hij is lid van de redactie van het Tijdschrift voor Orthopedagogiek.
Dr. Roel de Groot is secretaris van het hoofdbestuur van de Vereniging O&A – Vereniging voor ortho-agogische activiteiten – en hoofdredacteur van Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.
Kindermishandeling: een complex probleem (O&A-Reeks, nr. 1)
€ 23,70
Kindermishandeling staat momenteel sterk in de aandacht, maar is niet altijd
even duidelijk te herkennen. Het gezinsleven is een privéterrein dat terecht niet
zomaar toegankelijk is. Daar kan zich jarenlang kindermishandeling voordoen
zonder dat de buitenwacht er weet van heeft. Maar ook als zichtbaar is geworden dat er
sprake is van een problematische gezinssituatie, is het vaak lastig om vast te stellen dat
het om kindermishandeling gaat en zo ja, om welke vormen van kindermishandeling.
Kindermishandeling is een complex probleem dat nog veel vragen oproept. Vele van die vragen komen in dit boek aan de orde, zoals: wat is kindermishandeling eigenlijk, welke vormen zijn te onderscheiden, hoe vaak komt het voor, wat zijn de oorzaken, wat zijn de gevolgen en wat kunnen we doen om kindermishandeling te voorkomen?
Er is nog veel te vragen, maar er is ook al veel bekend. Zo staat vast dat kinderen die het slachtoffer zijn van kindermishandeling, daar een leven lang last van kunnen hebben. Kindermishandeling kan het leven van kinderen vergiftigen.
Het is belangrijk om kinderen die zijn mishandeld, zo gericht en effectief mogelijk te helpen. Dit boek hoopt daar een steentje toe bij te dragen door de laatste inzichten op het terrein van kindermishandeling op een toegankelijke wijze te presenteren.
Prof. dr. Jan van der Ploeg is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit Leiden. Hij is lid van de redactie van het Tijdschrift voor Orthopedagogiek.
Dr. Roel de Groot is secretaris van het hoofdbestuur van de Vereniging O&A – Vereniging voor ortho-agogische activiteiten – en hoofdredacteur van Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.
Kindermishandeling is een complex probleem dat nog veel vragen oproept. Vele van die vragen komen in dit boek aan de orde, zoals: wat is kindermishandeling eigenlijk, welke vormen zijn te onderscheiden, hoe vaak komt het voor, wat zijn de oorzaken, wat zijn de gevolgen en wat kunnen we doen om kindermishandeling te voorkomen?
Er is nog veel te vragen, maar er is ook al veel bekend. Zo staat vast dat kinderen die het slachtoffer zijn van kindermishandeling, daar een leven lang last van kunnen hebben. Kindermishandeling kan het leven van kinderen vergiftigen.
Het is belangrijk om kinderen die zijn mishandeld, zo gericht en effectief mogelijk te helpen. Dit boek hoopt daar een steentje toe bij te dragen door de laatste inzichten op het terrein van kindermishandeling op een toegankelijke wijze te presenteren.
Prof. dr. Jan van der Ploeg is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit Leiden. Hij is lid van de redactie van het Tijdschrift voor Orthopedagogiek.
Dr. Roel de Groot is secretaris van het hoofdbestuur van de Vereniging O&A – Vereniging voor ortho-agogische activiteiten – en hoofdredacteur van Orthopedagogiek: Onderzoek en Praktijk.
Aandacht en kracht. Verbinden van activering en zorg
€ 20,00
Met de komst van de Wet Werk en Bijstand
(WWB) is een sterker accent komen te liggen
op participatie, scholing en werk. Vanuit het
uitgangspunt dat iedereen meedoet, wordt van
mensen die in een uitkeringssituatie zitten gevraagd
een bijdrage te leveren aan de samenleving
met een zinvolle dagbesteding, vrijwilligerswerk
of een betaalde baan. Wanneer we kijken naar
de doelgroepen van mensen in de WWB die
in aanmerking komen voor re-integratie op de
arbeidsmarkt, dan zien we dat er regelmatig sprake
is van een combinatie van problemen die vaak
ook een belemmering vormt. Hoe dit kan worden
aangepakt, is onderwerp van discussie. Dit boek
gaat over de strategie van het verbinden van
activering en zorg.
Het boek heeft verschillende doelen:
• Ten eerste het bieden van inzicht in het ontstaan en de opzet van de methodiek voor activerende zorgcoaching. Deze methodiek wordt in de hele gemeente Rotterdam ingevoerd en mogelijk ook in andere gemeenten. Dit maakt het tot een praktijkgericht boek.
• Het tweede doel is, om een beeld te schetsen van enkele verwante programma’s die activering en zorg willen koppelen. Daarbij wordt inzicht geboden in de werkzame elementen en factoren rond die programma’s. Dit maakt het ook tot een informatief boek.
• En het derde doel is, de aandacht te vestigen op enkele interessante en recente ontwikkelingen. Daarmee wordt het ook een boek dat de dialoog wil uitlokken en wil bijdragen aan actuele discussies.
Door deze gevarieerde doelen is het boek van belang voor een brede groep lezers, waaronder professionals in de uitvoeringspraktijk, beleidsmakers, onderzoekers, docenten en studenten.
Lectoraat Dynamiek van de Stad onderzoekt de relatie tussen de grote stad en het werk in de verschillende beroepenvelden. Bij processen en effecten van stedelijke dynamiek krijgen alle facetten aandacht: politieke, economische, sociale, culturele en fysieke.
Het lectoraat levert vanuit een multidisciplinair perspectief een praktijkgerichte bijdrage aan het onderzoek van grootstedelijke problematiek en adviseert op basis daarvan over de aanpak van die problematiek.
Speerpunten van het onderzoek zijn burgerschap, sociale uitsluiting en duurzaamheid.
Het boek heeft verschillende doelen:
• Ten eerste het bieden van inzicht in het ontstaan en de opzet van de methodiek voor activerende zorgcoaching. Deze methodiek wordt in de hele gemeente Rotterdam ingevoerd en mogelijk ook in andere gemeenten. Dit maakt het tot een praktijkgericht boek.
• Het tweede doel is, om een beeld te schetsen van enkele verwante programma’s die activering en zorg willen koppelen. Daarbij wordt inzicht geboden in de werkzame elementen en factoren rond die programma’s. Dit maakt het ook tot een informatief boek.
• En het derde doel is, de aandacht te vestigen op enkele interessante en recente ontwikkelingen. Daarmee wordt het ook een boek dat de dialoog wil uitlokken en wil bijdragen aan actuele discussies.
Door deze gevarieerde doelen is het boek van belang voor een brede groep lezers, waaronder professionals in de uitvoeringspraktijk, beleidsmakers, onderzoekers, docenten en studenten.
Lectoraat Dynamiek van de Stad onderzoekt de relatie tussen de grote stad en het werk in de verschillende beroepenvelden. Bij processen en effecten van stedelijke dynamiek krijgen alle facetten aandacht: politieke, economische, sociale, culturele en fysieke.
Het lectoraat levert vanuit een multidisciplinair perspectief een praktijkgerichte bijdrage aan het onderzoek van grootstedelijke problematiek en adviseert op basis daarvan over de aanpak van die problematiek.
Speerpunten van het onderzoek zijn burgerschap, sociale uitsluiting en duurzaamheid.
Aandacht en kracht. Verbinden van activering en zorg
€ 20,00
Met de komst van de Wet Werk en Bijstand
(WWB) is een sterker accent komen te liggen
op participatie, scholing en werk. Vanuit het
uitgangspunt dat iedereen meedoet, wordt van
mensen die in een uitkeringssituatie zitten gevraagd
een bijdrage te leveren aan de samenleving
met een zinvolle dagbesteding, vrijwilligerswerk
of een betaalde baan. Wanneer we kijken naar
de doelgroepen van mensen in de WWB die
in aanmerking komen voor re-integratie op de
arbeidsmarkt, dan zien we dat er regelmatig sprake
is van een combinatie van problemen die vaak
ook een belemmering vormt. Hoe dit kan worden
aangepakt, is onderwerp van discussie. Dit boek
gaat over de strategie van het verbinden van
activering en zorg.
Het boek heeft verschillende doelen:
• Ten eerste het bieden van inzicht in het ontstaan en de opzet van de methodiek voor activerende zorgcoaching. Deze methodiek wordt in de hele gemeente Rotterdam ingevoerd en mogelijk ook in andere gemeenten. Dit maakt het tot een praktijkgericht boek.
• Het tweede doel is, om een beeld te schetsen van enkele verwante programma’s die activering en zorg willen koppelen. Daarbij wordt inzicht geboden in de werkzame elementen en factoren rond die programma’s. Dit maakt het ook tot een informatief boek.
• En het derde doel is, de aandacht te vestigen op enkele interessante en recente ontwikkelingen. Daarmee wordt het ook een boek dat de dialoog wil uitlokken en wil bijdragen aan actuele discussies.
Door deze gevarieerde doelen is het boek van belang voor een brede groep lezers, waaronder professionals in de uitvoeringspraktijk, beleidsmakers, onderzoekers, docenten en studenten.
Lectoraat Dynamiek van de Stad onderzoekt de relatie tussen de grote stad en het werk in de verschillende beroepenvelden. Bij processen en effecten van stedelijke dynamiek krijgen alle facetten aandacht: politieke, economische, sociale, culturele en fysieke.
Het lectoraat levert vanuit een multidisciplinair perspectief een praktijkgerichte bijdrage aan het onderzoek van grootstedelijke problematiek en adviseert op basis daarvan over de aanpak van die problematiek.
Speerpunten van het onderzoek zijn burgerschap, sociale uitsluiting en duurzaamheid.
Het boek heeft verschillende doelen:
• Ten eerste het bieden van inzicht in het ontstaan en de opzet van de methodiek voor activerende zorgcoaching. Deze methodiek wordt in de hele gemeente Rotterdam ingevoerd en mogelijk ook in andere gemeenten. Dit maakt het tot een praktijkgericht boek.
• Het tweede doel is, om een beeld te schetsen van enkele verwante programma’s die activering en zorg willen koppelen. Daarbij wordt inzicht geboden in de werkzame elementen en factoren rond die programma’s. Dit maakt het ook tot een informatief boek.
• En het derde doel is, de aandacht te vestigen op enkele interessante en recente ontwikkelingen. Daarmee wordt het ook een boek dat de dialoog wil uitlokken en wil bijdragen aan actuele discussies.
Door deze gevarieerde doelen is het boek van belang voor een brede groep lezers, waaronder professionals in de uitvoeringspraktijk, beleidsmakers, onderzoekers, docenten en studenten.
Lectoraat Dynamiek van de Stad onderzoekt de relatie tussen de grote stad en het werk in de verschillende beroepenvelden. Bij processen en effecten van stedelijke dynamiek krijgen alle facetten aandacht: politieke, economische, sociale, culturele en fysieke.
Het lectoraat levert vanuit een multidisciplinair perspectief een praktijkgerichte bijdrage aan het onderzoek van grootstedelijke problematiek en adviseert op basis daarvan over de aanpak van die problematiek.
Speerpunten van het onderzoek zijn burgerschap, sociale uitsluiting en duurzaamheid.

La santé n’est pas une marchandise
€ 19,90
Dans ce livre, Geert Messiaen nous donne un aperçu de l’assurance-maladie belge d’un
point de vue général, et des avis des Mutualités Libérales en particulier, ainsi qu’une vision
personnelle de la politique en matière de santé en Belgique et en Europe. L’auteur plaide
sincèrement en faveur de l’incomparable système de soins de santé belge. Ce livre s’adresse à
toutes les personnes qui s’intéressent aux soins de santé en Belgique.
Dans son livre précédent, “Onvoltooide symfonie”, il réglait déjà ses comptes, sans mâcher ses mots, avec certaines situations régionales politiques au sein de sa ville natale, Roulers, et insiste sur certaines questions sociales prioritaires.
Geert Messiaen est le secrétaire général de l’Union Nationale des Mutualités Libérales.
Dans son livre précédent, “Onvoltooide symfonie”, il réglait déjà ses comptes, sans mâcher ses mots, avec certaines situations régionales politiques au sein de sa ville natale, Roulers, et insiste sur certaines questions sociales prioritaires.
Geert Messiaen est le secrétaire général de l’Union Nationale des Mutualités Libérales.

La santé n’est pas une marchandise
€ 19,90
Dans ce livre, Geert Messiaen nous donne un aperçu de l’assurance-maladie belge d’un
point de vue général, et des avis des Mutualités Libérales en particulier, ainsi qu’une vision
personnelle de la politique en matière de santé en Belgique et en Europe. L’auteur plaide
sincèrement en faveur de l’incomparable système de soins de santé belge. Ce livre s’adresse à
toutes les personnes qui s’intéressent aux soins de santé en Belgique.
Dans son livre précédent, “Onvoltooide symfonie”, il réglait déjà ses comptes, sans mâcher ses mots, avec certaines situations régionales politiques au sein de sa ville natale, Roulers, et insiste sur certaines questions sociales prioritaires.
Geert Messiaen est le secrétaire général de l’Union Nationale des Mutualités Libérales.
Dans son livre précédent, “Onvoltooide symfonie”, il réglait déjà ses comptes, sans mâcher ses mots, avec certaines situations régionales politiques au sein de sa ville natale, Roulers, et insiste sur certaines questions sociales prioritaires.
Geert Messiaen est le secrétaire général de l’Union Nationale des Mutualités Libérales.

Onderwijs in Vlaanderen. 7de geactualiseerde druk 2010
€ 12,00
Dit zorgvuldig gedoseerde boek geeft een bondig overzicht -
met betrekking tot structuur, organisatie en wetgeving - van het
onderwijs in Vlaanderen, dat de laatste jaren grondig is veranderd.
Het geeft inzicht in het globale onderwijssysteem van kleuter- tot
hoger onderwijs, de beleidsorganen en de functionering ervan.
Zo wordt een bijzonder complexe materie helder op een in omvang
beperkte ruimte.
Het boek is bestemd voor (toekomstige) leraren, onderwijsbegeleiders, ouders en anderen die vlug een overzicht willen krijgen van hoe het Vlaamse onderwijs in elkaar zit. Deze nieuwe editie is volledig geactualiseerd..
Jos TIELEMANS doceert aan het Departement Lerarenopleiding van de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen.
Het boek is bestemd voor (toekomstige) leraren, onderwijsbegeleiders, ouders en anderen die vlug een overzicht willen krijgen van hoe het Vlaamse onderwijs in elkaar zit. Deze nieuwe editie is volledig geactualiseerd..
Jos TIELEMANS doceert aan het Departement Lerarenopleiding van de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen.

Onderwijs in Vlaanderen. 7de geactualiseerde druk 2010
€ 12,00
Dit zorgvuldig gedoseerde boek geeft een bondig overzicht -
met betrekking tot structuur, organisatie en wetgeving - van het
onderwijs in Vlaanderen, dat de laatste jaren grondig is veranderd.
Het geeft inzicht in het globale onderwijssysteem van kleuter- tot
hoger onderwijs, de beleidsorganen en de functionering ervan.
Zo wordt een bijzonder complexe materie helder op een in omvang
beperkte ruimte.
Het boek is bestemd voor (toekomstige) leraren, onderwijsbegeleiders, ouders en anderen die vlug een overzicht willen krijgen van hoe het Vlaamse onderwijs in elkaar zit. Deze nieuwe editie is volledig geactualiseerd..
Jos TIELEMANS doceert aan het Departement Lerarenopleiding van de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen.
Het boek is bestemd voor (toekomstige) leraren, onderwijsbegeleiders, ouders en anderen die vlug een overzicht willen krijgen van hoe het Vlaamse onderwijs in elkaar zit. Deze nieuwe editie is volledig geactualiseerd..
Jos TIELEMANS doceert aan het Departement Lerarenopleiding van de Karel de Grote-Hogeschool in Antwerpen.
