Filter
Ritueel van huiselijk geluk. Een cultuurhistorische verkenning van de familiefilmRitueel van huiselijk geluk. Een cultuurhistorische verkenning van de familiefilm
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Ritueel van huiselijk geluk. Een cultuurhistorische verkenning van de familiefilm

 30,00
Steeds meer mensen nemen het vastleggen van hun eigen geschiedenis via film, foto en video zelf ter hand. Die amateurmedia werden in de loop van de twintigste eeuw zo populair, dat het inmiddels niet meer is voor te stellen dat iemand niet ergens een foto, film of video van zijn familie heeft liggen. Dit boek gaat over dat zelf filmen van het gezinsleven: de familiefilm.De familiefilm biedt inzicht in hoe mensen kijken naar hun eigen wereld en hoe ze daaraan vorm geven. Het zijn eigenlijk dromen over het gezin, ideale constructies waaruit zorgvuldig de donkere zijden van het leven zijn geweerd, omgezet tot waardevolle herinneringen.Meer dan alleen aan te zetten tot nostalgie, kan familiefilm ook aanleiding geven tot een andere vorm van geschiedschrijving. Het is een kwestie van het erkennen van de waarde van dit materiaal dat een blik gunt op de ''zijstraten van de geschiedenis''.Familiefilm als vorm van cultuur – naïef, onschuldig, authentiek, geconstrueerd, fictief – is een rijke bron waarvan de betekenis niet enkel schuilt in de inhoud, maar in het hele proces van representatie: van inhoud, productie en vertoning. Van dat proces van representatie doet dit boek verslag.Suzanne Aasman is historica en verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Ritueel van huiselijk geluk. Een cultuurhistorische verkenning van de familiefilmRitueel van huiselijk geluk. Een cultuurhistorische verkenning van de familiefilm
Quick View

Ritueel van huiselijk geluk. Een cultuurhistorische verkenning van de familiefilm

 30,00
Steeds meer mensen nemen het vastleggen van hun eigen geschiedenis via film, foto en video zelf ter hand. Die amateurmedia werden in de loop van de twintigste eeuw zo populair, dat het inmiddels niet meer is voor te stellen dat iemand niet ergens een foto, film of video van zijn familie heeft liggen. Dit boek gaat over dat zelf filmen van het gezinsleven: de familiefilm.De familiefilm biedt inzicht in hoe mensen kijken naar hun eigen wereld en hoe ze daaraan vorm geven. Het zijn eigenlijk dromen over het gezin, ideale constructies waaruit zorgvuldig de donkere zijden van het leven zijn geweerd, omgezet tot waardevolle herinneringen.Meer dan alleen aan te zetten tot nostalgie, kan familiefilm ook aanleiding geven tot een andere vorm van geschiedschrijving. Het is een kwestie van het erkennen van de waarde van dit materiaal dat een blik gunt op de ''zijstraten van de geschiedenis''.Familiefilm als vorm van cultuur – naïef, onschuldig, authentiek, geconstrueerd, fictief – is een rijke bron waarvan de betekenis niet enkel schuilt in de inhoud, maar in het hele proces van representatie: van inhoud, productie en vertoning. Van dat proces van representatie doet dit boek verslag.Suzanne Aasman is historica en verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Wat is journalistiek?

 24,90
Wat is journalistiek? is een onmisbare aanvulling op de bestaande Nederlandse literatuur over het vak en haar beroepsoefenaren en is vooral bedoeld voor journalisten en iedereen die oprecht geïnteresseerd is in het denken en doen van zij, die elke dag voor ons nieuws over de wereld verantwoordelijk zijn. Mark Deuze is journalist en communicatiewetenschapper en was verbonden aan de afdeling Communicatiewetenschap van de Universiteit van Amsterdam. Momenteel is hij verbonden aan de Indiana University School of Journalism in Bloomington (USA).

Quick View

Wat is journalistiek?

 24,90
Wat is journalistiek? is een onmisbare aanvulling op de bestaande Nederlandse literatuur over het vak en haar beroepsoefenaren en is vooral bedoeld voor journalisten en iedereen die oprecht geïnteresseerd is in het denken en doen van zij, die elke dag voor ons nieuws over de wereld verantwoordelijk zijn. Mark Deuze is journalist en communicatiewetenschapper en was verbonden aan de afdeling Communicatiewetenschap van de Universiteit van Amsterdam. Momenteel is hij verbonden aan de Indiana University School of Journalism in Bloomington (USA).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Applied Health Research. Anthropology of Health Care

 28,00
There is increasing recognition that socio-economic and cultural factors are prime determinants of health and health care. What factors contribute to the acceptance of community health financing or a vaccination program? What are the needs of the growing group of elderly people or psychatric patients? What social and cultural factors should be taken into account to operationalize all ambitious plans to improve reproductive health care? These are only some of the questions health professionals and health planners are confronted with. Anthropological research can be a tremendous support to health programmes, by giving insights in the perspective of recipients and providers of health programmes and health care, and also by providing managers and implementors of these programmes with mechanisms and strategies that could lead to a reorientation of health care programmes and policies towards the actual needs of the target group. The need for training in anthropology of health and health care has been expressed by social scientists involved in multi-disciplinary health research projects, and public health staff at different levels, who are involved in providing health education and primary health care and who - in implementing the health programmes - are confronted with difficulties related to the socio-cultural context in which they work. It is for this reason that the International Course in Anthropology of Health and Health Care has been developed. This course has been designed for research officers of public health institutes, coordinators of community health care programmes, project staff, responsible for the implementation of various health programmes, public health professionals, social science lecturers at universities, and junior social scientists, who intend to specialize in Anthropology of Health and Health Care. The course takes a multi-disciplinary approach and focuses on a number of important problem areas and issues, such as vaccination, reproductive health and AIDS, equity and community health financing, self-care and the use and distribution of pharmaceuticals. The manual in its earlier editions has been used since years for teaching in the field of applied medical anthropology and public health in academic institutions worldwide.

Quick View

Applied Health Research. Anthropology of Health Care

 28,00
There is increasing recognition that socio-economic and cultural factors are prime determinants of health and health care. What factors contribute to the acceptance of community health financing or a vaccination program? What are the needs of the growing group of elderly people or psychatric patients? What social and cultural factors should be taken into account to operationalize all ambitious plans to improve reproductive health care? These are only some of the questions health professionals and health planners are confronted with. Anthropological research can be a tremendous support to health programmes, by giving insights in the perspective of recipients and providers of health programmes and health care, and also by providing managers and implementors of these programmes with mechanisms and strategies that could lead to a reorientation of health care programmes and policies towards the actual needs of the target group. The need for training in anthropology of health and health care has been expressed by social scientists involved in multi-disciplinary health research projects, and public health staff at different levels, who are involved in providing health education and primary health care and who - in implementing the health programmes - are confronted with difficulties related to the socio-cultural context in which they work. It is for this reason that the International Course in Anthropology of Health and Health Care has been developed. This course has been designed for research officers of public health institutes, coordinators of community health care programmes, project staff, responsible for the implementation of various health programmes, public health professionals, social science lecturers at universities, and junior social scientists, who intend to specialize in Anthropology of Health and Health Care. The course takes a multi-disciplinary approach and focuses on a number of important problem areas and issues, such as vaccination, reproductive health and AIDS, equity and community health financing, self-care and the use and distribution of pharmaceuticals. The manual in its earlier editions has been used since years for teaching in the field of applied medical anthropology and public health in academic institutions worldwide.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Nederland verandert. Maatschappelijke ontwikkelingen en problemen in het begin van de eenentwintigste eeuw.

 14,75
Dit boek is een mozaiek met een kleurige en aansprekende voorstelling van het huidige Nederland. Achter de eenvoud van de presentatie steekt een sterke theoretische gerichtheid. Zo krijgt de lezer haast ongemerkt een staalkaart van de sociologische theorievorming.

Geen voorraad
Quick View

Nederland verandert. Maatschappelijke ontwikkelingen en problemen in het begin van de eenentwintigste eeuw.

 14,75
Dit boek is een mozaiek met een kleurige en aansprekende voorstelling van het huidige Nederland. Achter de eenvoud van de presentatie steekt een sterke theoretische gerichtheid. Zo krijgt de lezer haast ongemerkt een staalkaart van de sociologische theorievorming.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Zorgen over zorg. Traditie, verwantschapsrelaties, migratie en verzorging van Turkse ouderen in Nederland.

 13,40
Wanneer allochtone ouderen verzorgingsbehoeftig worden, verwachten ze deze zorg van hun eigen kinderen. Voor de kinderen blijft het vaak schipperen tussen de eisen die hun eigen leven stelt en de verwachtingen van hun ouders. De eerste generatie kon door het verblijf in Nederland zelf ook niet voor hun ouders zorgen, zoals het traditioneel gebruikelijk is. Zij hebben hun opvattingen over traditionele zorg daardoor ook enigszins al aangepast.Bij de tweede/tussengeneratie allochtonen is onder invloed van Nederlandse waarden en normen - en hun betere kennis van de in Nederland goed ontwikkelde professionele zorg - sprake van een herdefinitie van de zorg aan hun ouders. Binnen de allochtone gemeenschap in Nederland is er nu een verscheidenheid aan zorgrelaties te constateren, variërend van traditionele zorg door de familie tot het volledig wegvallen deze informele zorg.Vooral wanneer kinderen niet bereid zijn de verzorging voor hun ouders op zich te nemen, vallen er gaten die zorginstellingen niet lijken te kunnen opvullen. De thuiszorg, verzorgingstehuizen en andere Nederlandse voorzieningen kunnen allochtone ouderen vooralsnog vrijwel uitsluitend zorg bieden vanuit een Nederlands kader. Er lijkt weinig inzicht te bestaan in de manier waarop binnen de allochtone gemeenschap voor ouderen wordt gezorgd. Hierdoor is het moeilijk om in te spelen op hun zorgbehoeften. Deze studie vult deze lacune.Ibrahim Yerden is verbonden aan het Noord-Hollands Participatie Instituut (NPI).
Placeholder Image
Quick View

Zorgen over zorg. Traditie, verwantschapsrelaties, migratie en verzorging van Turkse ouderen in Nederland.

 13,40
Wanneer allochtone ouderen verzorgingsbehoeftig worden, verwachten ze deze zorg van hun eigen kinderen. Voor de kinderen blijft het vaak schipperen tussen de eisen die hun eigen leven stelt en de verwachtingen van hun ouders. De eerste generatie kon door het verblijf in Nederland zelf ook niet voor hun ouders zorgen, zoals het traditioneel gebruikelijk is. Zij hebben hun opvattingen over traditionele zorg daardoor ook enigszins al aangepast.Bij de tweede/tussengeneratie allochtonen is onder invloed van Nederlandse waarden en normen - en hun betere kennis van de in Nederland goed ontwikkelde professionele zorg - sprake van een herdefinitie van de zorg aan hun ouders. Binnen de allochtone gemeenschap in Nederland is er nu een verscheidenheid aan zorgrelaties te constateren, variërend van traditionele zorg door de familie tot het volledig wegvallen deze informele zorg.Vooral wanneer kinderen niet bereid zijn de verzorging voor hun ouders op zich te nemen, vallen er gaten die zorginstellingen niet lijken te kunnen opvullen. De thuiszorg, verzorgingstehuizen en andere Nederlandse voorzieningen kunnen allochtone ouderen vooralsnog vrijwel uitsluitend zorg bieden vanuit een Nederlands kader. Er lijkt weinig inzicht te bestaan in de manier waarop binnen de allochtone gemeenschap voor ouderen wordt gezorgd. Hierdoor is het moeilijk om in te spelen op hun zorgbehoeften. Deze studie vult deze lacune.Ibrahim Yerden is verbonden aan het Noord-Hollands Participatie Instituut (NPI).
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vietnamese society in transition. (Frans- en Engelstalig) The politics of change and reform.

 29,50
In this bilingual publication academics from various disciplines and countries have been brought together to discuss agricultural engineering, economic development, religion, education, and gender in colonial and post-colonial Vietnam. Most of them are taking an insiders position. The emphasis of the book lies on the postwar societal and cultural transformation.
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Vietnamese society in transition. (Frans- en Engelstalig) The politics of change and reform.

 29,50
In this bilingual publication academics from various disciplines and countries have been brought together to discuss agricultural engineering, economic development, religion, education, and gender in colonial and post-colonial Vietnam. Most of them are taking an insiders position. The emphasis of the book lies on the postwar societal and cultural transformation.
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het verheven en verdorven Azië. Woord en beeld in het Itinerario en de icones van J.H. van Linschoten.

 22,45
Jan Huygen van Linschotens ''Itinerario'' is in 1595 niet het eerste boek met afbeeldingen over Azië, maar wel een waarin de omvang, de variatie en de reikwijdte van de prenten heel opmerkelijk is. Niet voor niets wordt het "een waterscheiding in Europa''s geïllustreerde verbeelding van Azië" genoemd. Het is het eerste werk over Azië dat in het Nederlands en door een Nederlander is geschreven. Het publiek wilde alles weten over dat verre Azië. Daarom werden in 1604 dertig prenten uit het ''Itinerario'' als aparte set uitgegeven: de ''Icones et habitus Indorum'' met onder elke prent samenvattingen van de oorspronkelijke teksten in het Latijn. Die onderschriften brengen de wat stijfjes getekende prenten tot leven door retorische overdrijvingen, scabreuze anekdotiek en allerlei terzijdes. Van den Boogaart laat in deze studie zien dat de combinatie van woord en beeld een educatieve bedoeling had. De prenten zijn geen nauwgezette weergave van de Aziatische werkelijkheid, maar moeten ''gelezen'' worden als een visuele instructie voor het begrijpen van de samenlevingen in Oost-Azië. De samenstellers van de ''Icones'' stellen zich op als vermanende humanisten: "Weet reiziger, dat U zult moeten kiezen. Kies voor matigheid". De ''Icones et habitus Indorum'' getuigt van inventiviteit in het gebruik van beeldende middelen, tegelijkertijd is het een voorbeeld van een methodische ordening van de kennis over vreemde volken. Al met al is het een opmerkelijk document van de vroeg-moderne visuele cultuur. Een beeldverhaal kortom ''seer nut, oorbaer ende oock vermakelijk voor alle curieuse ende liefhebbers van vreemdigheden''. Ernst van den Boogaart is historicus. Hij publiceerde over de Nederlandse expansie in het Atlantisch gebied en werkte mee aan historische tentoonstellingen over de betrekkingen tussen Europa en de rest van de wereld.

Geen voorraad
Quick View

Het verheven en verdorven Azië. Woord en beeld in het Itinerario en de icones van J.H. van Linschoten.

 22,45
Jan Huygen van Linschotens ''Itinerario'' is in 1595 niet het eerste boek met afbeeldingen over Azië, maar wel een waarin de omvang, de variatie en de reikwijdte van de prenten heel opmerkelijk is. Niet voor niets wordt het "een waterscheiding in Europa''s geïllustreerde verbeelding van Azië" genoemd. Het is het eerste werk over Azië dat in het Nederlands en door een Nederlander is geschreven. Het publiek wilde alles weten over dat verre Azië. Daarom werden in 1604 dertig prenten uit het ''Itinerario'' als aparte set uitgegeven: de ''Icones et habitus Indorum'' met onder elke prent samenvattingen van de oorspronkelijke teksten in het Latijn. Die onderschriften brengen de wat stijfjes getekende prenten tot leven door retorische overdrijvingen, scabreuze anekdotiek en allerlei terzijdes. Van den Boogaart laat in deze studie zien dat de combinatie van woord en beeld een educatieve bedoeling had. De prenten zijn geen nauwgezette weergave van de Aziatische werkelijkheid, maar moeten ''gelezen'' worden als een visuele instructie voor het begrijpen van de samenlevingen in Oost-Azië. De samenstellers van de ''Icones'' stellen zich op als vermanende humanisten: "Weet reiziger, dat U zult moeten kiezen. Kies voor matigheid". De ''Icones et habitus Indorum'' getuigt van inventiviteit in het gebruik van beeldende middelen, tegelijkertijd is het een voorbeeld van een methodische ordening van de kennis over vreemde volken. Al met al is het een opmerkelijk document van de vroeg-moderne visuele cultuur. Een beeldverhaal kortom ''seer nut, oorbaer ende oock vermakelijk voor alle curieuse ende liefhebbers van vreemdigheden''. Ernst van den Boogaart is historicus. Hij publiceerde over de Nederlandse expansie in het Atlantisch gebied en werkte mee aan historische tentoonstellingen over de betrekkingen tussen Europa en de rest van de wereld.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De krekel en de mier. Fabels en feiten over maatschappelijke stijging van Creoolse en Hindoestaanse Surinamers in Nederland.

 20,40
In de publieke beeldvorming over Surinaamse immigranten in Nederland komen Hindoestanen steevast gunstiger voor het voetlicht dan Creolen, Waar Hindoestanen meestal worden gezien als een succesvolle minderheid die zich op eigen kracht weet op te werken, worden de Creolen vaak geassocieerd met maatschappelijke achterstand. De beeldvorming is vaak zo stereotiep dat zij doet den ken aan de fabel van ''De krekel en de mier''. In dit boek gaat Mies van Niekerk na in hoeverre er daadwerkelijk verschillen zijn in maatschappelijke positie en sociale mobiliteit tussen beide Surinaamse groepen in Nederland, en hoe deze kunnen worden verklaard. Deze studie is gebaseerd op geschiedenissen van Creoolse en Hindoestaanse immigranten en hun nakomelingen, in combinatie met kwantitatieve gegevens over hun positie in Nederland. De auteur besteedt aandacht aan de diverse trajecten van mobiliteit van Creolen en Hindoestanen, mannen en vrouwen, en de nakomelingen van de eerste generatie, In de analyse van verschillen tussen beide Surinaamse groepen gaat zij in op de invloed van het ouderlijk milieu op de school- en beroepsloopbaan van een jongere generatie. Ook gaat zij na welke invloed de wijdere sociale omgeving heeft, met name de buurt, de leefwereld van peers, de familie en de etnische gemeenschap, De bevindingen van dit onderzoek worden geplaatst in een bredere theoretische discussie over de relevantie van ''structurele'' en ''culturele'' factoren in de verklaring van maatschappelijk succes van immigranten. Dit boek is van belang voor eenieder die is geïnteresseerd in de maatschappelijke en sociaal-wetenschappelijke discussies over de positie van immigrantengroepen, Meer in het bijzonder biedt deze studie ook verrassende inzichten voor onderwijssociologen. Mies van Niekerk is cultureel antropoloog en is als onderzoeker verbonden aan het Instituut voor Migratie- en Etnische Studies (IMES) van de Universiteit van Amsterdam,
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

De krekel en de mier. Fabels en feiten over maatschappelijke stijging van Creoolse en Hindoestaanse Surinamers in Nederland.

 20,40
In de publieke beeldvorming over Surinaamse immigranten in Nederland komen Hindoestanen steevast gunstiger voor het voetlicht dan Creolen, Waar Hindoestanen meestal worden gezien als een succesvolle minderheid die zich op eigen kracht weet op te werken, worden de Creolen vaak geassocieerd met maatschappelijke achterstand. De beeldvorming is vaak zo stereotiep dat zij doet den ken aan de fabel van ''De krekel en de mier''. In dit boek gaat Mies van Niekerk na in hoeverre er daadwerkelijk verschillen zijn in maatschappelijke positie en sociale mobiliteit tussen beide Surinaamse groepen in Nederland, en hoe deze kunnen worden verklaard. Deze studie is gebaseerd op geschiedenissen van Creoolse en Hindoestaanse immigranten en hun nakomelingen, in combinatie met kwantitatieve gegevens over hun positie in Nederland. De auteur besteedt aandacht aan de diverse trajecten van mobiliteit van Creolen en Hindoestanen, mannen en vrouwen, en de nakomelingen van de eerste generatie, In de analyse van verschillen tussen beide Surinaamse groepen gaat zij in op de invloed van het ouderlijk milieu op de school- en beroepsloopbaan van een jongere generatie. Ook gaat zij na welke invloed de wijdere sociale omgeving heeft, met name de buurt, de leefwereld van peers, de familie en de etnische gemeenschap, De bevindingen van dit onderzoek worden geplaatst in een bredere theoretische discussie over de relevantie van ''structurele'' en ''culturele'' factoren in de verklaring van maatschappelijk succes van immigranten. Dit boek is van belang voor eenieder die is geïnteresseerd in de maatschappelijke en sociaal-wetenschappelijke discussies over de positie van immigrantengroepen, Meer in het bijzonder biedt deze studie ook verrassende inzichten voor onderwijssociologen. Mies van Niekerk is cultureel antropoloog en is als onderzoeker verbonden aan het Instituut voor Migratie- en Etnische Studies (IMES) van de Universiteit van Amsterdam,
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Mass media advertising: information or wallpaper?

door
 17,00
For most consumers, advertising is less important than advertisers might think. Advertising appears to function as ''wallpaper'', something in the background that is hardly noticed. The advertiser, however, wants the consumer to use his advertisement as a piece of information, for example, when standing in front of a shelf thinking what kind of detergent is ''best'' or ''cheapest''. Mass mediated advertising campaigns should therefore at least function as a reminder when making all kinds of choices concerning brands, products or services.This book describes consumers'' use of advertising. The question to be answered is: "How and why do people use advertising?". Are they searching for information or simply watching commercials because they are funny? Are they avoiding ads because they find them irritating? And to what extent is (claimed) advertising use related to remembering having seen specific ads? The five studies in this book use different methods and research designs for addressing these questions, to understand and explain advertising use. These include: a meta-analysis of more than 50 studies on advertising, several in-depth interviews, a nation-wide telephone survey with follow-up by mail, an experiment, and a face-to-face survey.Edith Smit is Associate Professor at the University of Amsterdam, Department of Communication, and The Amsterdam School of Communications Research ASCoR. She is also Deputy Director of SWOCC, the Dutch Foundation for Fundamental Research on Commercial Communication.
Placeholder Image
Quick View

Mass media advertising: information or wallpaper?

door
 17,00
For most consumers, advertising is less important than advertisers might think. Advertising appears to function as ''wallpaper'', something in the background that is hardly noticed. The advertiser, however, wants the consumer to use his advertisement as a piece of information, for example, when standing in front of a shelf thinking what kind of detergent is ''best'' or ''cheapest''. Mass mediated advertising campaigns should therefore at least function as a reminder when making all kinds of choices concerning brands, products or services.This book describes consumers'' use of advertising. The question to be answered is: "How and why do people use advertising?". Are they searching for information or simply watching commercials because they are funny? Are they avoiding ads because they find them irritating? And to what extent is (claimed) advertising use related to remembering having seen specific ads? The five studies in this book use different methods and research designs for addressing these questions, to understand and explain advertising use. These include: a meta-analysis of more than 50 studies on advertising, several in-depth interviews, a nation-wide telephone survey with follow-up by mail, an experiment, and a face-to-face survey.Edith Smit is Associate Professor at the University of Amsterdam, Department of Communication, and The Amsterdam School of Communications Research ASCoR. She is also Deputy Director of SWOCC, the Dutch Foundation for Fundamental Research on Commercial Communication.
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De hang naar zuiverheid. De cultuur van het moderne Europa

 21,55
Dit boek gaat over de wijze waarop het begrip ''zuiverheid'' zich in de negentiende en twintigste eeuw in Europa manifesteerde in kunst, literatuur, (medische) wetenschap en ideologie en tot welke herschikking van posities dit kan leiden.

Vast staat dat de auteurs met het uitwerken van de ''hang naar zuiverheid'' een krachtig instrument gedefinieerd hebben om de geschiedenis van het moderne Europa opnieuw in te delen.

"Ik ken geen boek dat zo''n compleet, helder en scherp inzicht biedt in een even breed en vergelijkend perspectief als deze studie" (George L. Mosse).

"Het zou me niet verbazen als dit boek in latere analyses van de geschiedschrijving als een nieuw begin, of een standaardstudie zal worden aangemerkt." (J.C.H. Blom).

De auteurs van dit boek - historici, kunsthistorici en taalwetenschappers, verbonden aan het Huizinga Instituut voor Cultuurgeschiedenis - hebben in hun bijdragen een ideeënhistorisch perspectief gecombineerd met een biografische benadering. Zij buigen zich over Wagner, Rousseau, Céline en Pasteur, Lombroso, Von Krafft-Ebing en Weiniger, Nordau, Hiller, Lanz von Liebenfels en Jünger.

Quick View

De hang naar zuiverheid. De cultuur van het moderne Europa

 21,55
Dit boek gaat over de wijze waarop het begrip ''zuiverheid'' zich in de negentiende en twintigste eeuw in Europa manifesteerde in kunst, literatuur, (medische) wetenschap en ideologie en tot welke herschikking van posities dit kan leiden.

Vast staat dat de auteurs met het uitwerken van de ''hang naar zuiverheid'' een krachtig instrument gedefinieerd hebben om de geschiedenis van het moderne Europa opnieuw in te delen.

"Ik ken geen boek dat zo''n compleet, helder en scherp inzicht biedt in een even breed en vergelijkend perspectief als deze studie" (George L. Mosse).

"Het zou me niet verbazen als dit boek in latere analyses van de geschiedschrijving als een nieuw begin, of een standaardstudie zal worden aangemerkt." (J.C.H. Blom).

De auteurs van dit boek - historici, kunsthistorici en taalwetenschappers, verbonden aan het Huizinga Instituut voor Cultuurgeschiedenis - hebben in hun bijdragen een ideeënhistorisch perspectief gecombineerd met een biografische benadering. Zij buigen zich over Wagner, Rousseau, Céline en Pasteur, Lombroso, Von Krafft-Ebing en Weiniger, Nordau, Hiller, Lanz von Liebenfels en Jünger.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De kern van de politiek

 15,50
Politiek handelen gebeurt op allerlei niveau’s. Op nationaal niveau bij regeringen en parlementen, tussen burgers en partijen, over beleid en de uitkomsten daarvan. Maar politiek handelen bestaat ook in bedrijven, in kerken, in verenigingen en clubs. Politiek handelen gebeurt overal waar voor groepen mensen gemeenschappelijke zaken moeten worden geregeld wanneer er geen overeenstemming is over welke zaken dat zijn of wat er dan precies zou moeten worden afgesproken. Volgens Cees van der Eijk is conflict en samenwerking de motor van alle politiek handelen. Soms is dat openlijk zichtbaar, maar vaak ook niet. Aan de hand van een aantal kernvragen en kernbegrippen laat hij zien hoe men inzicht in politiek handelen kan krijgen. Die kernbegrippen en kernvragen zijn in allerlei situaties toepasbaar: voor de politiek in een land, in een bedrijf, in een vakbond, in een sportvereniging, in een milieuorganisatie, of waar dan ook. In dit boek gaat het dus om de kern, om de essentie van ‘politiek’ en van het ‘politieke’.Dat maakt dit boekje tot verplichte kost voor eenieder die zich met politiek handelen op welk niveau dan ook bezighoudt. Cees van der Eijk is hoogleraar Algemene Politicologie aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam.

Quick View

De kern van de politiek

 15,50
Politiek handelen gebeurt op allerlei niveau’s. Op nationaal niveau bij regeringen en parlementen, tussen burgers en partijen, over beleid en de uitkomsten daarvan. Maar politiek handelen bestaat ook in bedrijven, in kerken, in verenigingen en clubs. Politiek handelen gebeurt overal waar voor groepen mensen gemeenschappelijke zaken moeten worden geregeld wanneer er geen overeenstemming is over welke zaken dat zijn of wat er dan precies zou moeten worden afgesproken. Volgens Cees van der Eijk is conflict en samenwerking de motor van alle politiek handelen. Soms is dat openlijk zichtbaar, maar vaak ook niet. Aan de hand van een aantal kernvragen en kernbegrippen laat hij zien hoe men inzicht in politiek handelen kan krijgen. Die kernbegrippen en kernvragen zijn in allerlei situaties toepasbaar: voor de politiek in een land, in een bedrijf, in een vakbond, in een sportvereniging, in een milieuorganisatie, of waar dan ook. In dit boek gaat het dus om de kern, om de essentie van ‘politiek’ en van het ‘politieke’.Dat maakt dit boekje tot verplichte kost voor eenieder die zich met politiek handelen op welk niveau dan ook bezighoudt. Cees van der Eijk is hoogleraar Algemene Politicologie aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Hoe hoorde ’t? Seksualiteit en partnerkeuze in de Nederlandse adviesliteratuur 1780-1890

 20,40
In deze studie laat Van Tilburg zien hoe de in de zogenaamde adviesboeken vastgelegde regels voor seksueel gedrag en partnerkeuze in de late achttiende en de negentiende eeuw te interpreteren zijn. Deze boeken zijn bijna zo oud als de boekdrukkunst zelf, maar aan het eind van de 18e eeuw is er sprake van een echte hausse. Aan het einde van de 19e eeuw verandert het specifieke karakter, verdwijnt de huwelijksgids van het toneel om op termijn vervangen te worden door het seksuele voorlichtingsboek. Van Tilburg constateert dat de adviesliteratuur is beïnvloed door de nieuwe visie op de jongvolwassene en dat de boeken ook gender-specifieke kenmerken bevatten, maar toch anders dan menig auteur doet verwachten. Daarmee geeft van Tilburg de aanzet voor nieuw onderzoek naar het begrip ''vrouwelijkheid'' in de 19e eeuw. Marja van Tilburg is historica en verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Placeholder Image
Quick View

Hoe hoorde ’t? Seksualiteit en partnerkeuze in de Nederlandse adviesliteratuur 1780-1890

 20,40
In deze studie laat Van Tilburg zien hoe de in de zogenaamde adviesboeken vastgelegde regels voor seksueel gedrag en partnerkeuze in de late achttiende en de negentiende eeuw te interpreteren zijn. Deze boeken zijn bijna zo oud als de boekdrukkunst zelf, maar aan het eind van de 18e eeuw is er sprake van een echte hausse. Aan het einde van de 19e eeuw verandert het specifieke karakter, verdwijnt de huwelijksgids van het toneel om op termijn vervangen te worden door het seksuele voorlichtingsboek. Van Tilburg constateert dat de adviesliteratuur is beïnvloed door de nieuwe visie op de jongvolwassene en dat de boeken ook gender-specifieke kenmerken bevatten, maar toch anders dan menig auteur doet verwachten. Daarmee geeft van Tilburg de aanzet voor nieuw onderzoek naar het begrip ''vrouwelijkheid'' in de 19e eeuw. Marja van Tilburg is historica en verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Samenleving onderzocht.

 15,88
SAMENLEVING ONDERZOCHT.

Placeholder Image
Quick View

Samenleving onderzocht.

 15,88
SAMENLEVING ONDERZOCHT.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Seksualiteit in de jeugdfase vroeger en nu. Ouders en jongeren aan het woord

 17,00
Algemeen wordt aangenomen dat ouders hun kinderen tegenwoordig vrijer opvoeden dan zijzelf zijn opgevoed. Maar hoe de seksuele opvoedingswaarden en -praktijken er nu uit zien en hoe jongeren en ouders de opvoeding op dit gebied waarderen, is onbekend. Evenmin is duidelijk hoe de jeugd de seksuele vrijheid zelf beleeft. Janita Ravesloot heeft die vragen over de verandering van de betekenis van seksualiteit voor en na de ''culturele seksuele revolutie'' beantwoord door meer dan honderd jongeren en hun ouders aan het woord te laten. Daardoor kreeg ze inzicht in de wijze waarop in gezinnen om wordt gegaan met seksualiteit, kon ze horen hoe ouders met hun kinderen over seksualiteit spreken en spraken en kon ze de verschillende perspectieven binnen gezinnen vergelijken. Een van haar conclusies is o.a. dat in het `moderne gezin'' in principe alles ter discussie staat, maar dat de seksuele opvoeding over het algemeen gekenmerkt wordt door non-interventie. Verder moet ze constateren dat er nog steeds een sekse-specifieke verdeling in de opvoeding bestaat op dit terrein. Met deze studie heeft Janita Ravesloot de kennislacune gevuld over de subjectieve kanten van het proces van seksuele volwassenwording van de hedendaagse jeugd en hun ouders. Janita Ravesloot is verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Rijksuniversiteit Leiden.

Placeholder Image
Quick View

Seksualiteit in de jeugdfase vroeger en nu. Ouders en jongeren aan het woord

 17,00
Algemeen wordt aangenomen dat ouders hun kinderen tegenwoordig vrijer opvoeden dan zijzelf zijn opgevoed. Maar hoe de seksuele opvoedingswaarden en -praktijken er nu uit zien en hoe jongeren en ouders de opvoeding op dit gebied waarderen, is onbekend. Evenmin is duidelijk hoe de jeugd de seksuele vrijheid zelf beleeft. Janita Ravesloot heeft die vragen over de verandering van de betekenis van seksualiteit voor en na de ''culturele seksuele revolutie'' beantwoord door meer dan honderd jongeren en hun ouders aan het woord te laten. Daardoor kreeg ze inzicht in de wijze waarop in gezinnen om wordt gegaan met seksualiteit, kon ze horen hoe ouders met hun kinderen over seksualiteit spreken en spraken en kon ze de verschillende perspectieven binnen gezinnen vergelijken. Een van haar conclusies is o.a. dat in het `moderne gezin'' in principe alles ter discussie staat, maar dat de seksuele opvoeding over het algemeen gekenmerkt wordt door non-interventie. Verder moet ze constateren dat er nog steeds een sekse-specifieke verdeling in de opvoeding bestaat op dit terrein. Met deze studie heeft Janita Ravesloot de kennislacune gevuld over de subjectieve kanten van het proces van seksuele volwassenwording van de hedendaagse jeugd en hun ouders. Janita Ravesloot is verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Rijksuniversiteit Leiden.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De etnisch-culturele positie van de tweede generatie Surinamers

 14,75
Kunnen kinderen van Surinamers, Turken en Marokkanen in Nederland eigenlijk wel tot de 'etnische minderheden' gerekend worden? In dit boek doet Anja van Heelsum verslag van een onderzoek onder tweede-generatie Surinamers in Amsterdam. Zij vraagt zich daarbij af welke positie zij innemen en hoe die gemeten kan worden.

Uit de resultaten wordt duidelijk dat de integratie van Surinamers veel sneller plaatsvindt dan wel gedacht wordt. Zo blijkt bijvoorbeeld dat tweede-generatie Surinamers een vergelijkbaar opleidingsniveau hebben al hun Nederlandse leeftijdgenoten. Helt problematische beeld van minderheden in de Nederlandse samenleving komt daarmee onder druk te staan.

Het onderzoek is niet alleen interessant vanwege deze belangrijke conclusie, maar het biedt ook een grondige en uitgebreide methodische en theoretische onderbouwing van het operationaliseringsproces van de etnisch-culturele positie.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

De etnisch-culturele positie van de tweede generatie Surinamers

 14,75
Kunnen kinderen van Surinamers, Turken en Marokkanen in Nederland eigenlijk wel tot de 'etnische minderheden' gerekend worden? In dit boek doet Anja van Heelsum verslag van een onderzoek onder tweede-generatie Surinamers in Amsterdam. Zij vraagt zich daarbij af welke positie zij innemen en hoe die gemeten kan worden.

Uit de resultaten wordt duidelijk dat de integratie van Surinamers veel sneller plaatsvindt dan wel gedacht wordt. Zo blijkt bijvoorbeeld dat tweede-generatie Surinamers een vergelijkbaar opleidingsniveau hebben al hun Nederlandse leeftijdgenoten. Helt problematische beeld van minderheden in de Nederlandse samenleving komt daarmee onder druk te staan.

Het onderzoek is niet alleen interessant vanwege deze belangrijke conclusie, maar het biedt ook een grondige en uitgebreide methodische en theoretische onderbouwing van het operationaliseringsproces van de etnisch-culturele positie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Veelsoortig assortiment. Allochtoon ondernemerschap in Amsterdam als incorporatietraject 1965-1995

 15,75
De immigrantengroepen die de afgelopen dertig jaar Nederland zijn binnengekomen, zijn op verschillende manieren gaan deelnemen aan het economisch verkeer: als werknemer en tegenwoordig ook steeds meer als zelfstandig ondernemer. Volgens August Choenni leert de ervaring in Amsterdam dat de weg van het starten van een onderneming om zo een eigen plek in de samenleving te vinden, niet voor alle die groepen dezelfde mogelijkheden biedt. Hij is dit nagegaan voor de Egyptenaren, Patkistani, Turken, Marokkanen, Surinamers en Antillianen in de hoofdstad. Zijn conclusie is dat er bij deze groepen sprake is van verschillende achtergronden die er voor zorgen dat er gesproken kon worden van een veelsoortig assortiment.

Placeholder Image
Quick View

Veelsoortig assortiment. Allochtoon ondernemerschap in Amsterdam als incorporatietraject 1965-1995

 15,75
De immigrantengroepen die de afgelopen dertig jaar Nederland zijn binnengekomen, zijn op verschillende manieren gaan deelnemen aan het economisch verkeer: als werknemer en tegenwoordig ook steeds meer als zelfstandig ondernemer. Volgens August Choenni leert de ervaring in Amsterdam dat de weg van het starten van een onderneming om zo een eigen plek in de samenleving te vinden, niet voor alle die groepen dezelfde mogelijkheden biedt. Hij is dit nagegaan voor de Egyptenaren, Patkistani, Turken, Marokkanen, Surinamers en Antillianen in de hoofdstad. Zijn conclusie is dat er bij deze groepen sprake is van verschillende achtergronden die er voor zorgen dat er gesproken kon worden van een veelsoortig assortiment.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Interculturele communicatie in het onderwijs

 7,44
INTERCULTURELE COMMUNICATIE IN HET ONDER

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Air-conditioned lifestyle. Nieuwe rijken in Jakarta

 13,80
Dit boek gaat over de ''Orang Kaya Baru'', de nieuwe rijken van het moderne Jakarta (Indonesië). Zij vormen de bovenste laag van de middenklasse, die in het midden van de jaren zestig is ontstaan na de explosieve economische ontwikkeling, die door Soeharto''s autoritaire ''Orde Baru'' (Nieuwe Orde) in gang is gezet. Deze snel groeiende middenklasse jogt voor het werk, consumeert afwisselend fastfood en health food en kijkt ''s avonds onderuitgezakt voor de buis naar soaps, waarin joggen, fastfood en moderne relatieperikelen centraal staan. Een ogenschijnlijk universele manier van leven, vol met de voortbrengselen van de moderne massaproductie. Dit consumptiepatroon is een relatief nieuw fenomeen in deze niet-westerse culturen. Daar zijn het vaak de ''nouveaux riches'' die dit fenomeen het eerst en het hevigst omarmen, want alleen door hun consumptiegedrag kunnen zij zich van de rest van de samenleving onderscheiden; kenmerkend voor de oude elite is immers haar aristocratische afkomst en opstelling. De moderne consumptie is zo een ideale uitdrukking voor de nieuwe sociale status van de zich gestaag uitbreidende middenklasse. De ''Orang Kaya Baru'' is het meest gebaat bij de stabiliteit en overzichtelijkheid, die door de economische politiek van de ''Orde Baru'' is ontstaan; zij hebben veel te verliezen. Lizzy van Leeuwen is jurist en antropoloog en thans werkzaam bij de Gemeente Amsterdam.

Quick View

Air-conditioned lifestyle. Nieuwe rijken in Jakarta

 13,80
Dit boek gaat over de ''Orang Kaya Baru'', de nieuwe rijken van het moderne Jakarta (Indonesië). Zij vormen de bovenste laag van de middenklasse, die in het midden van de jaren zestig is ontstaan na de explosieve economische ontwikkeling, die door Soeharto''s autoritaire ''Orde Baru'' (Nieuwe Orde) in gang is gezet. Deze snel groeiende middenklasse jogt voor het werk, consumeert afwisselend fastfood en health food en kijkt ''s avonds onderuitgezakt voor de buis naar soaps, waarin joggen, fastfood en moderne relatieperikelen centraal staan. Een ogenschijnlijk universele manier van leven, vol met de voortbrengselen van de moderne massaproductie. Dit consumptiepatroon is een relatief nieuw fenomeen in deze niet-westerse culturen. Daar zijn het vaak de ''nouveaux riches'' die dit fenomeen het eerst en het hevigst omarmen, want alleen door hun consumptiegedrag kunnen zij zich van de rest van de samenleving onderscheiden; kenmerkend voor de oude elite is immers haar aristocratische afkomst en opstelling. De moderne consumptie is zo een ideale uitdrukking voor de nieuwe sociale status van de zich gestaag uitbreidende middenklasse. De ''Orang Kaya Baru'' is het meest gebaat bij de stabiliteit en overzichtelijkheid, die door de economische politiek van de ''Orde Baru'' is ontstaan; zij hebben veel te verliezen. Lizzy van Leeuwen is jurist en antropoloog en thans werkzaam bij de Gemeente Amsterdam.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Money be man

door
 12,39
Health care policy should be based on understanding of what takes place at the community level. This study explores how people in a coastal village in Ghana perceive and use modern pharmaceuticals. In this G speaking community, 35 kilometers from the capital, there are no proper health care facilities. Most people purchase their medicines in two drugstores which sell products that they are not supposed to sell according to government rules. The author focuses on local perceptions of anatomy and etiology and on people's health expenditure. His book is a search for- the social and cultural basis of the popularity of pharmaceuticals. "Money be man", an inscription on a local lorry, captures the villagers' main concern: without money one cannot remain healthy.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Money be man

door
 12,39
Health care policy should be based on understanding of what takes place at the community level. This study explores how people in a coastal village in Ghana perceive and use modern pharmaceuticals. In this G speaking community, 35 kilometers from the capital, there are no proper health care facilities. Most people purchase their medicines in two drugstores which sell products that they are not supposed to sell according to government rules. The author focuses on local perceptions of anatomy and etiology and on people's health expenditure. His book is a search for- the social and cultural basis of the popularity of pharmaceuticals. "Money be man", an inscription on a local lorry, captures the villagers' main concern: without money one cannot remain healthy.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Reacties op racistisch geweld

 7,44
REACTIES OP RACISTISCH GEWELD

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Reacties op racistisch geweld

 7,44
REACTIES OP RACISTISCH GEWELD

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Bestrijding van vooroordeel, discriminatie en racisme

door
 7,44
BESTRIJDING VAN VOOROORDEEL, DISCRIMINAT

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Bestrijding van vooroordeel, discriminatie en racisme

door
 7,44
BESTRIJDING VAN VOOROORDEEL, DISCRIMINAT

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Europa: ja, nee, geen mening. Europese gezindheid in Nederland

 6,20
Waar dit boek over gaat

Op 18 juni van dit jaar publiceerde NRC Handelsblad een aantal resultaten van een enquéte naar wat de Nederlandse bevolking vindt van de Europese integratie. Het ging om een onderzoek dat deze krant samen met de auteurs van dit boek had opgezet en dat enige weken daarvoor door de Stichting Telepanel te Amsterdam was uitgevoerd. Het bericht haalde de voorpagina. De kop luidde 'Europese gezindheid Nederlanders gering'. In dezelfde krant kreeg de enquéte nog meer aandacht. In een begeleidend commentaar plaatste Paul Kapteyn de resultaten in breder verband. Hier was de kop 'Tussen Nederland en Europa gaapt een diep gat'. De boodschap was duidelijk.

De publicaties bleven niet onopgemerkt. Het toeval wilde dat de volgende dag in de Tweede Kamer een debat begon over de Europese integratie. Aanleiding vormde de aanstaande bijeenkomst van regeringsleiders in Florence, maar de inzet was breder. Hoe stevig was de al oude consensus over de Nederlandse Europese politiek? In de discussie van fractieleiders en regering werd herhaaldelijk naar de enquéte verwezen. Was het waar, zoals het krantenbericht beweerde, dat de pro-Europese politiek van Nederland niet steunde op een overeenkomstige gezindheid bij de Nederlandse bevolking, en wat zouden daarvan de consequenties moeten zijn? Minister van Buitenlandse Zaken en eerst verantwoordelijke voor Europese Zaken, Hans van Mierlo, nam de uitslag serieus. Enerzijds had hij zo z'n bedenkingen over de objectiviteit van sommige vragen - voor zover hem die uit de krant bekend waren -, maar anderzijds erkende hij het probleem. De Nederlandse bevolking is niet voldoende geïnformeerd en voelt zich weinig betrokken. Dat hier een taak lag, was de bewindsman duidelijk.

Geen voorraad
Placeholder Image
Quick View

Europa: ja, nee, geen mening. Europese gezindheid in Nederland

 6,20
Waar dit boek over gaat

Op 18 juni van dit jaar publiceerde NRC Handelsblad een aantal resultaten van een enquéte naar wat de Nederlandse bevolking vindt van de Europese integratie. Het ging om een onderzoek dat deze krant samen met de auteurs van dit boek had opgezet en dat enige weken daarvoor door de Stichting Telepanel te Amsterdam was uitgevoerd. Het bericht haalde de voorpagina. De kop luidde 'Europese gezindheid Nederlanders gering'. In dezelfde krant kreeg de enquéte nog meer aandacht. In een begeleidend commentaar plaatste Paul Kapteyn de resultaten in breder verband. Hier was de kop 'Tussen Nederland en Europa gaapt een diep gat'. De boodschap was duidelijk.

De publicaties bleven niet onopgemerkt. Het toeval wilde dat de volgende dag in de Tweede Kamer een debat begon over de Europese integratie. Aanleiding vormde de aanstaande bijeenkomst van regeringsleiders in Florence, maar de inzet was breder. Hoe stevig was de al oude consensus over de Nederlandse Europese politiek? In de discussie van fractieleiders en regering werd herhaaldelijk naar de enquéte verwezen. Was het waar, zoals het krantenbericht beweerde, dat de pro-Europese politiek van Nederland niet steunde op een overeenkomstige gezindheid bij de Nederlandse bevolking, en wat zouden daarvan de consequenties moeten zijn? Minister van Buitenlandse Zaken en eerst verantwoordelijke voor Europese Zaken, Hans van Mierlo, nam de uitslag serieus. Enerzijds had hij zo z'n bedenkingen over de objectiviteit van sommige vragen - voor zover hem die uit de krant bekend waren -, maar anderzijds erkende hij het probleem. De Nederlandse bevolking is niet voldoende geïnformeerd en voelt zich weinig betrokken. Dat hier een taak lag, was de bewindsman duidelijk.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Income and wealth inequality in the Netherlands 16th-20th century

 29,50
The ''new inequality'' of the 1980''s and 1990''s has recently given rise to a lively debate about the relationship between economic growth and income distribution. This debate is the background of the study by Lee Soltow an Jan Luiten van Zanden, who, staying close to the sources, have mapped in some detail the long-term development of income and wealth inequality in the Netherlands between c. 1500 and the present. Their starting point is the hypothesis of Simon Kuznets that income inequality increased during the first phase of modern economic growth, but that in the second phase, which begins in most Western countries around the turn of the twentieth century, a marked levelling out of income differences followed. The development of inequality during the Golden Age, when growth resulted in a marked increase in inequality seems to confirm this idea. However, the analysis of the connection between growth and inequality in the nineteenth and twentieth century leads them to question the Kuznets hypothesis. Lee Soltow is professor of Economics at Ohio University (Athens). Among his publications on the subject are: ''Distribution of wealth and income in the United States in 1978'' (1989) and ''Men and wealth in the United States 1850-1870'' (1975). Jan Luiten van Zanden is professor of Economic and Social History at Utrecht University (the Netherlands). Among his publications on the subject are: ''The economic history of the Netherlands 1914-1955: a small open economy in the ''long'' twentieth century'' (1998). ''The economic development of the Netherlands since 1870'' (1996) and ''The rise and decline of Holland''s economy: merchant capitalism and the labour market'' (1993).

Quick View

Income and wealth inequality in the Netherlands 16th-20th century

 29,50
The ''new inequality'' of the 1980''s and 1990''s has recently given rise to a lively debate about the relationship between economic growth and income distribution. This debate is the background of the study by Lee Soltow an Jan Luiten van Zanden, who, staying close to the sources, have mapped in some detail the long-term development of income and wealth inequality in the Netherlands between c. 1500 and the present. Their starting point is the hypothesis of Simon Kuznets that income inequality increased during the first phase of modern economic growth, but that in the second phase, which begins in most Western countries around the turn of the twentieth century, a marked levelling out of income differences followed. The development of inequality during the Golden Age, when growth resulted in a marked increase in inequality seems to confirm this idea. However, the analysis of the connection between growth and inequality in the nineteenth and twentieth century leads them to question the Kuznets hypothesis. Lee Soltow is professor of Economics at Ohio University (Athens). Among his publications on the subject are: ''Distribution of wealth and income in the United States in 1978'' (1989) and ''Men and wealth in the United States 1850-1870'' (1975). Jan Luiten van Zanden is professor of Economic and Social History at Utrecht University (the Netherlands). Among his publications on the subject are: ''The economic history of the Netherlands 1914-1955: a small open economy in the ''long'' twentieth century'' (1998). ''The economic development of the Netherlands since 1870'' (1996) and ''The rise and decline of Holland''s economy: merchant capitalism and the labour market'' (1993).

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen