Trauma and Mental Health in the Wake of a Technological Disaster. The Ghislenghien Gas Explosion
This book aims at clarifying the impact of a technological disaster, both phenomenologically and empirically. It also wishes to enhance the understanding of the challenges for psychological help in the wake of technological disaster.
On the phenomenological side, the experiences of a disaster survivor are used to set the stage for a discussion on the conceptual differences between mainstream (Anglo-Saxon) trauma theories and the more classical (French) psychodynamic theories. Three chapters provide contextual information on the trauma inflicted by a massive explosion.
On the empirical side, the focus is on the prevalence of posttraumatic stress symptoms in adult and child survivors of a massive gas explosion, in their family members as well as in family members of deceased victims. Four chapters provide a quantitative approach of trauma-related mental health disturbances in adults and children after a technological disaster.
The results clearly indicate the influence of the degree of exposure, peritraumatic dissociation and dissatisfaction with social support on the development of posttraumatic stress symptoms. The risk for the development of four types of mental health disturbances (somatization, depression, anxiety and sleeping disturbances) was much higher in direct witnesses who have seen human damage. The epilogue discusses possible future developments for early psychophysiological stabilization of disaster victims.
Corrigendum p. 141
Erik De Soir
is a psychologist and psychotherapist affiliated with
the Royal Higher Institute of Defence and a senior
lecturer in crisis psychology at the Department of
Behavioral Sciences at the Royal Military Academy
in Brussels (Belgium). He is also a trauma therapist
and consultant at De Weg Wijzer – Center for Trauma Treatment in Leopoldsburg
and an operational fire psychologist in Noord Limburg. He completed his Ph.D. on
trauma and mental health in the wake of a technological disaster in 2015.
Trauma and Mental Health in the Wake of a Technological Disaster. The Ghislenghien Gas Explosion
This book aims at clarifying the impact of a technological disaster, both phenomenologically and empirically. It also wishes to enhance the understanding of the challenges for psychological help in the wake of technological disaster.
On the phenomenological side, the experiences of a disaster survivor are used to set the stage for a discussion on the conceptual differences between mainstream (Anglo-Saxon) trauma theories and the more classical (French) psychodynamic theories. Three chapters provide contextual information on the trauma inflicted by a massive explosion.
On the empirical side, the focus is on the prevalence of posttraumatic stress symptoms in adult and child survivors of a massive gas explosion, in their family members as well as in family members of deceased victims. Four chapters provide a quantitative approach of trauma-related mental health disturbances in adults and children after a technological disaster.
The results clearly indicate the influence of the degree of exposure, peritraumatic dissociation and dissatisfaction with social support on the development of posttraumatic stress symptoms. The risk for the development of four types of mental health disturbances (somatization, depression, anxiety and sleeping disturbances) was much higher in direct witnesses who have seen human damage. The epilogue discusses possible future developments for early psychophysiological stabilization of disaster victims.
Corrigendum p. 141
Erik De Soir
is a psychologist and psychotherapist affiliated with
the Royal Higher Institute of Defence and a senior
lecturer in crisis psychology at the Department of
Behavioral Sciences at the Royal Military Academy
in Brussels (Belgium). He is also a trauma therapist
and consultant at De Weg Wijzer – Center for Trauma Treatment in Leopoldsburg
and an operational fire psychologist in Noord Limburg. He completed his Ph.D. on
trauma and mental health in the wake of a technological disaster in 2015.

Luxe-uitgaven. Aftrekbaarheid, bewijsvoering en voordelen van alle aard. Analyse inzake btw en inkomstenbelastingen (Reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen, nr. 27)
Dat is toch subjectief? Absoluut. De beoordeling van een overdreven uitgave is subjectief, echte regels bestaan hier niet voor. Een uitgave als overdreven kost beschouwen is dus niet zo eenvoudig. Inzake inkomstenbelastingen speelt het verbod op opportuniteitsbeoordeling de administratie vaak parten. Inzake btw gelden vaak eigen regels.
In welke mate is een luxe-uitgave aftrekbaar en wie draagt de bewijslast dat een kost beroepsmatig is?
Vaak is er sprake van een gemengd gebruik, waardoor de problematiek van de voordelen van alle aard niet veraf is. Is het voldoende een voordeel van alle aard aan te geven opdat er aftrek sowieso veilig zou zijn? Denk maar aan de luxeflats aan de kust, een helikopter, een zeiljacht, een campingcar, …? Is de btw aftrekbaar op de aankoop?
In deel 1 van dit boek behandelt Stefan Ruysschaert de btw-aspecten, terwijl in
deel 2 Wim Van Kerchove de belastinggevolgen analyseert.
Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten. Hij is werkzaam
bij de Federale Overheidsdienst Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur
van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken.
Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij is hoogleraar aan de
faculteit Economie van de UGent en gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Wim Van Kerchove heeft eveneens een economische vooropleiding genoten en is ook
Adviseur bij de FOD Financiën. Hij is docent vennootschapsbelasting en publiceerde
talrijke boeken inzake inkomstenbelastingen. Samen met Stefan Ruysschaert
specialiseerde hij zich in de analyse van de fiscaliteit van vennootschappen en
zelfstandigen vanuit het dubbele aspect: btw en inkomstenbelastingen.
Meer over Reeks BBB - Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen

Luxe-uitgaven. Aftrekbaarheid, bewijsvoering en voordelen van alle aard. Analyse inzake btw en inkomstenbelastingen (Reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen, nr. 27)
Dat is toch subjectief? Absoluut. De beoordeling van een overdreven uitgave is subjectief, echte regels bestaan hier niet voor. Een uitgave als overdreven kost beschouwen is dus niet zo eenvoudig. Inzake inkomstenbelastingen speelt het verbod op opportuniteitsbeoordeling de administratie vaak parten. Inzake btw gelden vaak eigen regels.
In welke mate is een luxe-uitgave aftrekbaar en wie draagt de bewijslast dat een kost beroepsmatig is?
Vaak is er sprake van een gemengd gebruik, waardoor de problematiek van de voordelen van alle aard niet veraf is. Is het voldoende een voordeel van alle aard aan te geven opdat er aftrek sowieso veilig zou zijn? Denk maar aan de luxeflats aan de kust, een helikopter, een zeiljacht, een campingcar, …? Is de btw aftrekbaar op de aankoop?
In deel 1 van dit boek behandelt Stefan Ruysschaert de btw-aspecten, terwijl in
deel 2 Wim Van Kerchove de belastinggevolgen analyseert.
Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten. Hij is werkzaam
bij de Federale Overheidsdienst Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur
van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken.
Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij is hoogleraar aan de
faculteit Economie van de UGent en gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Wim Van Kerchove heeft eveneens een economische vooropleiding genoten en is ook
Adviseur bij de FOD Financiën. Hij is docent vennootschapsbelasting en publiceerde
talrijke boeken inzake inkomstenbelastingen. Samen met Stefan Ruysschaert
specialiseerde hij zich in de analyse van de fiscaliteit van vennootschappen en
zelfstandigen vanuit het dubbele aspect: btw en inkomstenbelastingen.
Meer over Reeks BBB - Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen
Quo vadis? Tien jaar basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden
Tien jaar geleden werd de basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden
gepubliceerd. Een wet met een doordacht penologisch concept en met fundamentele
principes voor de regeling van het leven achter de tralies.
Na een decennium is het tijd om een stand van zaken op te maken.
De bijdragen in dit boek belichten op uiteenlopende vlakken de veranderingen na een
decennium basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden. Een eerste
hoofdstuk behandelt de tenuitvoerlegging van de basiswet, zes hoofdstukken gaan in op
diverse deelthema’s (controle en toezicht, tucht,…) en in een laatste hoofdstuk wordt
vooruit gekeken naar de toekomst van de basiswet.
Quo vadis? Tien jaar basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden
Tien jaar geleden werd de basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden
gepubliceerd. Een wet met een doordacht penologisch concept en met fundamentele
principes voor de regeling van het leven achter de tralies.
Na een decennium is het tijd om een stand van zaken op te maken.
De bijdragen in dit boek belichten op uiteenlopende vlakken de veranderingen na een
decennium basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden. Een eerste
hoofdstuk behandelt de tenuitvoerlegging van de basiswet, zes hoofdstukken gaan in op
diverse deelthema’s (controle en toezicht, tucht,…) en in een laatste hoofdstuk wordt
vooruit gekeken naar de toekomst van de basiswet.
Criminology, Security and Justice. Methodological and epistemological issues (GERN Research Paper Series, nr 3)
This is the third volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN. Last edition of the Summer School was held in September 2014 in Porto (Portugal). The selected theme for this Summer School was ‘Criminology, Security and Justice: methodological and epistemological issues’, searching for a fruitful debate about the methodological and epistemological aspects relevant for the development of PhD thesis. Scientific research is, in its essence, critical thinking. What is critical thinking? It is a kind of thinking that differs from magic reasoning, common sense, and speculation. Scientific evidence contrasts with belief, immediate and apparent knowledge, illusion and opinion. This is valid for every knowledge domain that claims to be scientific. It is thus true for the science of crime, criminology.
With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and
disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result
of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent
platform from which to survey key emergent topics in the field. With this
series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary
questions, presenting recent research results and scientific reflection,
by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences
in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to
the normative questions arising from the commission of crime and the formal reaction
to it by actors in the criminal justice system and beyond.
Criminology, Security and Justice. Methodological and epistemological issues (GERN Research Paper Series, nr 3)
This is the third volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN. Last edition of the Summer School was held in September 2014 in Porto (Portugal). The selected theme for this Summer School was ‘Criminology, Security and Justice: methodological and epistemological issues’, searching for a fruitful debate about the methodological and epistemological aspects relevant for the development of PhD thesis. Scientific research is, in its essence, critical thinking. What is critical thinking? It is a kind of thinking that differs from magic reasoning, common sense, and speculation. Scientific evidence contrasts with belief, immediate and apparent knowledge, illusion and opinion. This is valid for every knowledge domain that claims to be scientific. It is thus true for the science of crime, criminology.
With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and
disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result
of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent
platform from which to survey key emergent topics in the field. With this
series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary
questions, presenting recent research results and scientific reflection,
by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences
in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to
the normative questions arising from the commission of crime and the formal reaction
to it by actors in the criminal justice system and beyond.
Aspecten van continuïteit en revisorale tussenkomst – Aspects de la continuité et intervention révisorale (Reeks ICCI 2015-2)
NEDERLANDS
De continuïteit van een onderneming en de revisorale tussenkomst, het centrale thema van onderhavig boek, wordt ingeleid in het eerste hoofdstuk. Het tweede hoofdstuk focust op de probleemstelling en de situering van de continuïteit van de ondernemingen. Het huidig Belgisch vennootschapsrechtelijk kader inzake de aspecten van continuïteit van vennootschappen wordt geanalyseerd in het derde hoofdstuk. Het vierde hoofdstuk zoomt in op artikel 138 van het Wetboek van vennootschappen, de zogenaamde waarschuwingsprocedure. Het van toepassing maken van deze waarschuwingsprocedure op de vzw’s, ivzw’s en stichtingen vormt het onderwerp van het vijfde hoofdstuk.
Hoofdstuk zes is specifiek gewijd aan het internationaal normatief kader inzake continuïteit, ISA 570. De recente aanpassingen in de artikelen 10, 12 en 17 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen en de rol van de economische beroepsbeoefenaar maken het onderwerp uit van het zevende hoofdstuk.
Hoofdstuk acht schetst de sociale rechten in het kader van de continuïteit van ondernemingen. Het sociaal overleg, de continuïteit van ondernemingen en de rol van de bedrijfsrevisor vormt het onderwerp van het negende hoofdstuk. Hoofdstuk tien behelst de rol van de magistratuur bij de continuïteit van ondernemingen. De Ondervoorzitter van het IBR besluit het boek met de precisering dat de bedrijfsrevisor en de commissaris een leidende rol spelen in het voorkomen van discontinuïteit.
Met bijdragen van T. Dupont, prof. dr. D. Breesch, prof. dr. K. Hardies, drs. S. De Blauwe, A. Cauwe, J. Vandernoot, E. Vanderstappene, I. Vanbeveren, A. Hellebuyck, P. Comhaire en G. De Croock.
Inhoudstafel
Woord vooraf
Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie: ICCI Reeks
FRANCAIS
Le thème central du présent ouvrage, à savoir la continuité d’une entreprise et l’intervention du réviseur d’entreprises, est présenté dans le premier chapitre. Le deuxième chapitre se concentre sur la problématique et le contexte de la continuité des entreprises. Le cadre actuel en matière de droit des sociétés en Belgique pour ce qui concerne les aspects de la continuité des entreprises est analysé dans le troisième chapitre. Le quatrième chapitre se concentre sur l’article 138 du Code des sociétés, la procédure dite d’alerte. L’application de la procédure d’alerte imposée aux ASBL, AISBL et fondations figure au cinquième chapitre.
Le sixième chapitre est spécifiquement dédié au cadre normatif international relatif à la continuité, à savoir la norme ISA 570. Les récentes modifications apportées aux articles 10, 12 et 17 de la loi du 31 janvier 2009 relative à la continuité des entreprises et le rôle du professionnel du chiffre sont détaillés dans le septième chapitre. Le huitième chapitre expose les droits sociaux dans le cadre de la continuité des entreprises.
La concertation sociale, la continuité des entreprises et le rôle du réviseur d’entreprises font l’objet du neuvième chapitre. Le dixième chapitre présente le rôle de la magistrature dans la continuité des entreprises. Le Vice-président de l’IRE conclut l’ouvrage en précisant que le réviseur d’entreprises et le commissaire jouent un rôle prépondérant dans la prévention de la discontinuité.
Avec des contributions de T. Dupont, prof. dr. D. Breesch, prof. dr. K. Hardies, drs. S. De Blauwe, A. Cauwe, J. Vandernoot, E. Vanderstappene, I. Vanbeveren, A. Hellebuyck, P. Comhaire et G. De Croock.
Table des matières
<a href="http://www.maklu.be/link/9789046607770vwf
Aspecten van continuïteit en revisorale tussenkomst – Aspects de la continuité et intervention révisorale (Reeks ICCI 2015-2)
NEDERLANDS
De continuïteit van een onderneming en de revisorale tussenkomst, het centrale thema van onderhavig boek, wordt ingeleid in het eerste hoofdstuk. Het tweede hoofdstuk focust op de probleemstelling en de situering van de continuïteit van de ondernemingen. Het huidig Belgisch vennootschapsrechtelijk kader inzake de aspecten van continuïteit van vennootschappen wordt geanalyseerd in het derde hoofdstuk. Het vierde hoofdstuk zoomt in op artikel 138 van het Wetboek van vennootschappen, de zogenaamde waarschuwingsprocedure. Het van toepassing maken van deze waarschuwingsprocedure op de vzw’s, ivzw’s en stichtingen vormt het onderwerp van het vijfde hoofdstuk.
Hoofdstuk zes is specifiek gewijd aan het internationaal normatief kader inzake continuïteit, ISA 570. De recente aanpassingen in de artikelen 10, 12 en 17 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen en de rol van de economische beroepsbeoefenaar maken het onderwerp uit van het zevende hoofdstuk.
Hoofdstuk acht schetst de sociale rechten in het kader van de continuïteit van ondernemingen. Het sociaal overleg, de continuïteit van ondernemingen en de rol van de bedrijfsrevisor vormt het onderwerp van het negende hoofdstuk. Hoofdstuk tien behelst de rol van de magistratuur bij de continuïteit van ondernemingen. De Ondervoorzitter van het IBR besluit het boek met de precisering dat de bedrijfsrevisor en de commissaris een leidende rol spelen in het voorkomen van discontinuïteit.
Met bijdragen van T. Dupont, prof. dr. D. Breesch, prof. dr. K. Hardies, drs. S. De Blauwe, A. Cauwe, J. Vandernoot, E. Vanderstappene, I. Vanbeveren, A. Hellebuyck, P. Comhaire en G. De Croock.
Inhoudstafel
Woord vooraf
Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie: ICCI Reeks
FRANCAIS
Le thème central du présent ouvrage, à savoir la continuité d’une entreprise et l’intervention du réviseur d’entreprises, est présenté dans le premier chapitre. Le deuxième chapitre se concentre sur la problématique et le contexte de la continuité des entreprises. Le cadre actuel en matière de droit des sociétés en Belgique pour ce qui concerne les aspects de la continuité des entreprises est analysé dans le troisième chapitre. Le quatrième chapitre se concentre sur l’article 138 du Code des sociétés, la procédure dite d’alerte. L’application de la procédure d’alerte imposée aux ASBL, AISBL et fondations figure au cinquième chapitre.
Le sixième chapitre est spécifiquement dédié au cadre normatif international relatif à la continuité, à savoir la norme ISA 570. Les récentes modifications apportées aux articles 10, 12 et 17 de la loi du 31 janvier 2009 relative à la continuité des entreprises et le rôle du professionnel du chiffre sont détaillés dans le septième chapitre. Le huitième chapitre expose les droits sociaux dans le cadre de la continuité des entreprises.
La concertation sociale, la continuité des entreprises et le rôle du réviseur d’entreprises font l’objet du neuvième chapitre. Le dixième chapitre présente le rôle de la magistrature dans la continuité des entreprises. Le Vice-président de l’IRE conclut l’ouvrage en précisant que le réviseur d’entreprises et le commissaire jouent un rôle prépondérant dans la prévention de la discontinuité.
Avec des contributions de T. Dupont, prof. dr. D. Breesch, prof. dr. K. Hardies, drs. S. De Blauwe, A. Cauwe, J. Vandernoot, E. Vanderstappene, I. Vanbeveren, A. Hellebuyck, P. Comhaire et G. De Croock.
Table des matières
<a href="http://www.maklu.be/link/9789046607770vwf
Privacy en gegevensbescherming
De bundel is verschenen naar aanleiding van het congres ‘Privacy en gegevensbescherming: balanceren tussen beschermen en belemmeren’. Dit congres werd ter ere van het 25-jarig bestaan van Mordenate georganiseerd en vond plaats op 29 november 2013. Naast de bijdragen van enkele congressprekers is de bundel aangevuld met diverse bijdragen van zowel professionals als studentleden van het Mordenate College.
Het resultaat is een breed scala aan beschouwingen die verbonden zijn met de centrale thematiek van privacy en gegevensbescherming.
Deze uitgave is geredigeerd door Mordenates Desire van Beelen, Corinna Klostermann, Genevieve Noordeloos en Pauline Ribbers.
Zij bevat bijdragen van M.J.W. Timmer & N. van Triet, H.J.Th.M. van Roosmalen, G.J. Zwenne, A.M.C. Emmen & R. Stolk, P.L.F. Ribbers, M.W. van Nijendaal, R.C.P. van Uden, J.H. Hulshof, D.S. Verkroost, S.A. Gawronski en J. Corthals en een voorwoord van prof. mr. H.J. Snijders.
Privacy en gegevensbescherming
De bundel is verschenen naar aanleiding van het congres ‘Privacy en gegevensbescherming: balanceren tussen beschermen en belemmeren’. Dit congres werd ter ere van het 25-jarig bestaan van Mordenate georganiseerd en vond plaats op 29 november 2013. Naast de bijdragen van enkele congressprekers is de bundel aangevuld met diverse bijdragen van zowel professionals als studentleden van het Mordenate College.
Het resultaat is een breed scala aan beschouwingen die verbonden zijn met de centrale thematiek van privacy en gegevensbescherming.
Deze uitgave is geredigeerd door Mordenates Desire van Beelen, Corinna Klostermann, Genevieve Noordeloos en Pauline Ribbers.
Zij bevat bijdragen van M.J.W. Timmer & N. van Triet, H.J.Th.M. van Roosmalen, G.J. Zwenne, A.M.C. Emmen & R. Stolk, P.L.F. Ribbers, M.W. van Nijendaal, R.C.P. van Uden, J.H. Hulshof, D.S. Verkroost, S.A. Gawronski en J. Corthals en een voorwoord van prof. mr. H.J. Snijders.
Handleiding volkenrecht (3de uitgave) (Reeks Maklu Wetteksten België & Nederland)
Deze Handleiding Volkenrecht is gemaakt voor studenten die een inleidende cursus in het Volkenrecht op bachelorniveau volgen.
Het boek benadert het Volkenrecht vanuit het perspectief van de internationale verhoudingen. Centraal staat de vraag of het recht een bijdrage kan leveren tot het oplossen van problemen die zich op wereldvlak stellen. Er is gekozen voor de Engelstalige versie van de bronnen.
Prof. dr. Koen De Feyter is hoogleraar Internationaal recht aan de Universiteit Antwerpen, waar hij onder meer Volkenrecht doceert aan de faculteiten Rechten en Politieke en Sociale wetenschappen.
Handleiding volkenrecht (3de uitgave) (Reeks Maklu Wetteksten België & Nederland)
Deze Handleiding Volkenrecht is gemaakt voor studenten die een inleidende cursus in het Volkenrecht op bachelorniveau volgen.
Het boek benadert het Volkenrecht vanuit het perspectief van de internationale verhoudingen. Centraal staat de vraag of het recht een bijdrage kan leveren tot het oplossen van problemen die zich op wereldvlak stellen. Er is gekozen voor de Engelstalige versie van de bronnen.
Prof. dr. Koen De Feyter is hoogleraar Internationaal recht aan de Universiteit Antwerpen, waar hij onder meer Volkenrecht doceert aan de faculteiten Rechten en Politieke en Sociale wetenschappen.

Recht door zee. Hedendaags internationaal zee- en maritiem recht
Het recht van de zee, zowel op internationaal als nationaal vlak, is blijvend in evolutie. Naar aanleiding van het emeritaat van professor Eddy Somers, expert in internationaal zee- en maritiem recht, stelden An Cliquet en Frank Maes een uniek liber amicorum samen, met actuele ontwikkelingen in het internationaal zeerecht en het maritiem recht.
Een eerste deel handelt over ontwikkelingen in het internationaal zeerecht en gaat in op de toepassing van het Zeerechtverdrag op Arctica, mariene ruimtelijke planning, mariene gebiedsbescherming, mensensmokkel op zee, piraterij, hulp en bijstand.
Een tweede deel gaat in op het maritiem recht en omvat bijdragen inzake beveiliging van Belgische schepen, bewarend beslag op zeeschepen, ‘transportfacilitatie’, staking in de haven en de regionalisering van de binnenvaart.
In een derde deel komen een aantal ruimere maritieme thema’s aan bod: de historiek van de breedte van de territoriale zee, havenplanologie in Vlaanderen, scheepsafval en havenontvangstinstallaties, veiligheidsmaatregelen in de havens, samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland inzake de Schelde en de estuaire vaart.
Het geheel is opgevat als eigentijds handboek, rijk gestoffeerd voor iedereen met interesse in de zee en het zeerecht, voor academici en mensen in de praktijk! Met bijdragen van Erik Franckx, Fanny Douvere, Frank Maes, An Cliquet, Jasmine Coppens, Klaas Willaert, Gwen Gonsaeles, Walter P. Verstrepen, Clive van Aerde, Kristiaan Bernauw, Patrick Humblet, Marc De Decker, J.W.P. Prins, Jozef Cuyt, Georges Allaert, Guido Van Meel, Dirk Vernaeve, Jacques D’Havé, Antoine Vuylsteke en Marc Vantorre.
Inclusief kleurenafbeeldingen

Recht door zee. Hedendaags internationaal zee- en maritiem recht
Het recht van de zee, zowel op internationaal als nationaal vlak, is blijvend in evolutie. Naar aanleiding van het emeritaat van professor Eddy Somers, expert in internationaal zee- en maritiem recht, stelden An Cliquet en Frank Maes een uniek liber amicorum samen, met actuele ontwikkelingen in het internationaal zeerecht en het maritiem recht.
Een eerste deel handelt over ontwikkelingen in het internationaal zeerecht en gaat in op de toepassing van het Zeerechtverdrag op Arctica, mariene ruimtelijke planning, mariene gebiedsbescherming, mensensmokkel op zee, piraterij, hulp en bijstand.
Een tweede deel gaat in op het maritiem recht en omvat bijdragen inzake beveiliging van Belgische schepen, bewarend beslag op zeeschepen, ‘transportfacilitatie’, staking in de haven en de regionalisering van de binnenvaart.
In een derde deel komen een aantal ruimere maritieme thema’s aan bod: de historiek van de breedte van de territoriale zee, havenplanologie in Vlaanderen, scheepsafval en havenontvangstinstallaties, veiligheidsmaatregelen in de havens, samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland inzake de Schelde en de estuaire vaart.
Het geheel is opgevat als eigentijds handboek, rijk gestoffeerd voor iedereen met interesse in de zee en het zeerecht, voor academici en mensen in de praktijk! Met bijdragen van Erik Franckx, Fanny Douvere, Frank Maes, An Cliquet, Jasmine Coppens, Klaas Willaert, Gwen Gonsaeles, Walter P. Verstrepen, Clive van Aerde, Kristiaan Bernauw, Patrick Humblet, Marc De Decker, J.W.P. Prins, Jozef Cuyt, Georges Allaert, Guido Van Meel, Dirk Vernaeve, Jacques D’Havé, Antoine Vuylsteke en Marc Vantorre.
Inclusief kleurenafbeeldingen
Labelling migrants who sell sex. A case study of Brazilians in Spain and Portugal
Through a case study of Brazilian migrants in Spain and Portugal, this book delves
into the motivations of both receiving/developed and sending/developing countries
which shape their construction of the labels of migrants working in the sex
industry and their application. It considers issues such as the varying definitions
of these labels in national legislation and policies, the effect of the manipulation of
labels on trafficking statistics, the problems faced by migrants who sell sex outside
of the trafficking context and the treatment given to those labelled as (potential)
victims of trafficking before and after reaching their country of destination.
Julie Lima de Pérez earned a master’s degree in European Interdisciplinary Studies
from the College of Europe (Natolin) in 2010. She moved to Belgium the following
year to pursue a doctoral degree in Criminological Sciences at Ghent University.
Labelling migrants who sell sex. A case study of Brazilians in Spain and Portugal
Through a case study of Brazilian migrants in Spain and Portugal, this book delves
into the motivations of both receiving/developed and sending/developing countries
which shape their construction of the labels of migrants working in the sex
industry and their application. It considers issues such as the varying definitions
of these labels in national legislation and policies, the effect of the manipulation of
labels on trafficking statistics, the problems faced by migrants who sell sex outside
of the trafficking context and the treatment given to those labelled as (potential)
victims of trafficking before and after reaching their country of destination.
Julie Lima de Pérez earned a master’s degree in European Interdisciplinary Studies
from the College of Europe (Natolin) in 2010. She moved to Belgium the following
year to pursue a doctoral degree in Criminological Sciences at Ghent University.
Salduz Plus. Aandachtspunten bij de implementatie van de EU-richtlijn 2013/48 (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 11)
Voorliggend volume brengt de lezingen samen van een studiedag
die het Centre for Policing and Security (CPS) aan dit thema wijdde op
4 maart 2015 te Beveren-Waas. Ze kunnen inspireren of een aanzet
zijn voor discussie over het noodzakelijk wetgevend initiatief. Intussen
kunnen de politiemensen, magistraten en advocaten rijkelijk putten
uit de beschikbare samengebrachte kennis. Nadien zal het boek
een blijvend tijdsdocument zijn dat getuigt van de overwegingen die
aan de wet vooraf gingen.
Salduz Plus. Aandachtspunten bij de implementatie van de EU-richtlijn 2013/48 (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 11)
Voorliggend volume brengt de lezingen samen van een studiedag
die het Centre for Policing and Security (CPS) aan dit thema wijdde op
4 maart 2015 te Beveren-Waas. Ze kunnen inspireren of een aanzet
zijn voor discussie over het noodzakelijk wetgevend initiatief. Intussen
kunnen de politiemensen, magistraten en advocaten rijkelijk putten
uit de beschikbare samengebrachte kennis. Nadien zal het boek
een blijvend tijdsdocument zijn dat getuigt van de overwegingen die
aan de wet vooraf gingen.
De toekomstpolitie. Triggers voor een voldragen debat (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 10)
Bij de regeringswissel in 2014 legde de ministeriële stuurgroep haar rapport neer over de toekomst van de politie in 2025. In het verlengde hiervan namen diverse universitaire equipes en studiecentra het initiatief om het rapport onder de aandacht te brengen en kritisch door te lichten. Dit boek bevat het rapport van de stuurgroep, maar tevens een selectie van de meest indringende bijdragen aan het navolgend debat.
Er wordt ingegaan op een aantal maatschappelijke tendensen die onvermijdelijk het politiewerk in de toekomst zullen beïnvloeden, de toekomst van de politieorganisatie als zodanig en uiteraard de relatie tussen de politie en nieuwe technologieën. Het laatste deel behandelt de visietekst van de stuurgroep: ‘Een politie in verbinding. Een visie voor de politie in 2025’.
Via deze publicatie willen de editoren maatschappelijke actoren van alle gezindten uitnodigen tot een verder debat over de toekomst van de politie in België. Zij zijn de mening toegedaan dat het noodzakelijk is om op regelmatige basis een dergelijke toekomstvisie te formuleren. De politie is immers een belangrijk instituut in de samenleving en een toekomstvisie maakt het mogelijk op nieuwe trends te anticiperen. Daarnaast hopen ze dat vooral de beleidsverantwoordelijken zich over de visie zullen uitspreken, dan wel ze aanwenden om tot concrete besluitvorming te komen.
De toekomstpolitie. Triggers voor een voldragen debat (Reeks Veiligheidsstudies, nr. 10)
Bij de regeringswissel in 2014 legde de ministeriële stuurgroep haar rapport neer over de toekomst van de politie in 2025. In het verlengde hiervan namen diverse universitaire equipes en studiecentra het initiatief om het rapport onder de aandacht te brengen en kritisch door te lichten. Dit boek bevat het rapport van de stuurgroep, maar tevens een selectie van de meest indringende bijdragen aan het navolgend debat.
Er wordt ingegaan op een aantal maatschappelijke tendensen die onvermijdelijk het politiewerk in de toekomst zullen beïnvloeden, de toekomst van de politieorganisatie als zodanig en uiteraard de relatie tussen de politie en nieuwe technologieën. Het laatste deel behandelt de visietekst van de stuurgroep: ‘Een politie in verbinding. Een visie voor de politie in 2025’.
Via deze publicatie willen de editoren maatschappelijke actoren van alle gezindten uitnodigen tot een verder debat over de toekomst van de politie in België. Zij zijn de mening toegedaan dat het noodzakelijk is om op regelmatige basis een dergelijke toekomstvisie te formuleren. De politie is immers een belangrijk instituut in de samenleving en een toekomstvisie maakt het mogelijk op nieuwe trends te anticiperen. Daarnaast hopen ze dat vooral de beleidsverantwoordelijken zich over de visie zullen uitspreken, dan wel ze aanwenden om tot concrete besluitvorming te komen.
Zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Advocatengedragsrecht (4de herziene uitgave)
Deze uitgave geeft daarmee een handreiking aan hen die met de uitoefening
van het tuchtrecht bezig zijn: tuchtrechters, Dekens en leden van de raden
van toezicht. Uiteraard heeft - niet in de laatste plaats - ook de advocaat baat
bij deze uitgave. De moderne praktijk kent immers zoveel facetten en doet
de beoefenaar ervan in aanraking komen met zo veel en zo verschillende
dilemma’s, dat een gids ter zake bijna een must is.
Prof. mr. F.A.W. Bannier heeft ruime ervaring met het tuchtrecht als voormalig Deken bij de Amsterdamse Orde van Advocaten en als bijzonder hoogleraar Advocatuur (Universiteit van Amsterdam). In beide functies is hij met grote regelmaat betrokken bij tuchtrechtelijke kwesties.
Zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Advocatengedragsrecht (4de herziene uitgave)
Deze uitgave geeft daarmee een handreiking aan hen die met de uitoefening
van het tuchtrecht bezig zijn: tuchtrechters, Dekens en leden van de raden
van toezicht. Uiteraard heeft - niet in de laatste plaats - ook de advocaat baat
bij deze uitgave. De moderne praktijk kent immers zoveel facetten en doet
de beoefenaar ervan in aanraking komen met zo veel en zo verschillende
dilemma’s, dat een gids ter zake bijna een must is.
Prof. mr. F.A.W. Bannier heeft ruime ervaring met het tuchtrecht als voormalig Deken bij de Amsterdamse Orde van Advocaten en als bijzonder hoogleraar Advocatuur (Universiteit van Amsterdam). In beide functies is hij met grote regelmaat betrokken bij tuchtrechtelijke kwesties.







