Gezonde soepen
In haar praktijk krijgt de auteur vele vragen naar recepten voor gemakkelijk en snel te bereiden soepen die tegelijk ‘gezond’ zijn. Ze kiest in dit boek voor groentesoepen, omdat ze een belangrijke aanvoer zijn van goede voedingstoffen en weinig calorieën bevatten. Elke groentesoort bevat meer of minder van deze of gene vitaminen en mineralen, zodat wie geregeld soep eet niet vlug tekorten heeft. Bovendien is soep een erg dankbaar product voor wie wil vermageren. Soep eten voor een andere maaltijd geeft meteen een goede vulling. Dat doet je minder eten van de rest. Ook kun je ongestraft een kop soepen nuttigen tussen de maaltijden, wanneer je maar wil. Uiteindelijk zitten er alleen groenten in en wat bouillon. Op voorwaarde natuurlijk dat je geen bindmiddel gebruikt en er geen vlees in doet. Alle recepten in dit boek maken uitsluitend gebruik van verse of diepvriesgroenten, bevatten weinig calorieën en zorgen voor een gezond evenwicht in een heel deel voedingsstoffen. En deze soepen zijn zeer gemakkelijk te bereiden.
Chris Kerfs is zelfstandig diëtiste in Turnhout. Zij beheert ook de informatieve website www.dietisteonline.com. Zij publiceerde diverse boeken over gezond eten.
Gezonde soepen
In haar praktijk krijgt de auteur vele vragen naar recepten voor gemakkelijk en snel te bereiden soepen die tegelijk ‘gezond’ zijn. Ze kiest in dit boek voor groentesoepen, omdat ze een belangrijke aanvoer zijn van goede voedingstoffen en weinig calorieën bevatten. Elke groentesoort bevat meer of minder van deze of gene vitaminen en mineralen, zodat wie geregeld soep eet niet vlug tekorten heeft. Bovendien is soep een erg dankbaar product voor wie wil vermageren. Soep eten voor een andere maaltijd geeft meteen een goede vulling. Dat doet je minder eten van de rest. Ook kun je ongestraft een kop soepen nuttigen tussen de maaltijden, wanneer je maar wil. Uiteindelijk zitten er alleen groenten in en wat bouillon. Op voorwaarde natuurlijk dat je geen bindmiddel gebruikt en er geen vlees in doet. Alle recepten in dit boek maken uitsluitend gebruik van verse of diepvriesgroenten, bevatten weinig calorieën en zorgen voor een gezond evenwicht in een heel deel voedingsstoffen. En deze soepen zijn zeer gemakkelijk te bereiden.
Chris Kerfs is zelfstandig diëtiste in Turnhout. Zij beheert ook de informatieve website www.dietisteonline.com. Zij publiceerde diverse boeken over gezond eten.
Dysfagie. Handboek voor de klinische praktijk (Reeks Omtrent logopedie, nr. 7)
Dysfagie is een stoornis die zowel levenskwaliteit als levensverwachting aanzienlijk
kan beïnvloeden. De zorg voor mensen met dysfagie kende de laatste decennia
een enorme kwantitatieve en kwalitatieve groei. Logopedisten, verpleegkundigen
en andere paramedici worden steeds beter opgeleid en de patiënt met dysfagie krijgt steeds
meer therapie op maat van zijn specifieke problemen.
Dit handboek biedt alles wat de hulpverlener nodig heeft voor adequate dysfagiezorg: relevante
wetenschappelijke achtergrond, klinische instrumenten voor observatie en onderzoek,
therapiemodellen en concrete zorgplanning voor zowel verworven dysfagie als ontwikkelingsdysfagie.
Dit is het resultaat van een intensieve samenwerking tussen collega’s
met uiteenlopende expertise. Het is gebaseerd op recente wetenschappelijke bevindingen
en de eigen klinische expertise van de auteurs.
Op een bijhorende website zijn diverse invulformulieren beschikbaar: signaallijst, anamnese,
verpleegkundige screening, diagnostisch onderzoek, fees-protocol, Dysfagie Handicap
Index, adviezen, sondevoeding, tongkracht, motorische training, adviezen voor omgeving,
voedingsanamnese, klinische evaluatie, …
Bij dit boek hoort hoort een downloadbaar bestand.
Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het
Universitair Revalidatiecentrum van het UZ Antwerpen, hoofddocent aan de UA en gastprofessor
aan UGent (Logopedische & Audiologische Wetenschappen).
Cindy Guns is logopedist en audioloog. Zij is verbonden aan het Universitair Revalidatiecentrum
voor Communicatiestoornissen van het UZ Antwerpen. Zij heeft een bijzondere
expertise op het domein van dysfagie en is auteur van talrijke publicaties.
Marleen D’hondt is logopedist, Bobath-therapeut en sr. teacher erkend door de EBTA. Zij is
tevens docent aan de Arteveldehogeschool, lid van de multidisciplinaire slikpolikliniek voor
kinderen (UZ- Gent) en auteur van verschillende publicaties op het domein van slikken.
Jan Vanderwegen is NKO- en revalidatiearts met bijzondere interesse in stem- en slikproblemen.
Hij is actief betrokken bij de Dysphagia Research Society en de Belgian Society for
Swallowing Disorders. Hij consulteert in het UMC Sint-Pieter (Brussel) en doceert Anatomie
en Fysiologie aan de Thomas More hogeschool (Antwerpen).
Gwen Van Nuffelen werkt als logopedist in het Universitair Revalidatiecentrum van het UZ
Antwerpen. Ze is doctor in de medische wetenschappen en als gastprofessor verbonden
aan de Universiteit Antwerpen.
Omtrent Logopedie:
Dysfagie. Handboek voor de klinische praktijk (Reeks Omtrent logopedie, nr. 7)
Dysfagie is een stoornis die zowel levenskwaliteit als levensverwachting aanzienlijk
kan beïnvloeden. De zorg voor mensen met dysfagie kende de laatste decennia
een enorme kwantitatieve en kwalitatieve groei. Logopedisten, verpleegkundigen
en andere paramedici worden steeds beter opgeleid en de patiënt met dysfagie krijgt steeds
meer therapie op maat van zijn specifieke problemen.
Dit handboek biedt alles wat de hulpverlener nodig heeft voor adequate dysfagiezorg: relevante
wetenschappelijke achtergrond, klinische instrumenten voor observatie en onderzoek,
therapiemodellen en concrete zorgplanning voor zowel verworven dysfagie als ontwikkelingsdysfagie.
Dit is het resultaat van een intensieve samenwerking tussen collega’s
met uiteenlopende expertise. Het is gebaseerd op recente wetenschappelijke bevindingen
en de eigen klinische expertise van de auteurs.
Op een bijhorende website zijn diverse invulformulieren beschikbaar: signaallijst, anamnese,
verpleegkundige screening, diagnostisch onderzoek, fees-protocol, Dysfagie Handicap
Index, adviezen, sondevoeding, tongkracht, motorische training, adviezen voor omgeving,
voedingsanamnese, klinische evaluatie, …
Bij dit boek hoort hoort een downloadbaar bestand.
Marc De Bodt is logopedist en doctor in de medische wetenschappen. Hij is hoofd van het
Universitair Revalidatiecentrum van het UZ Antwerpen, hoofddocent aan de UA en gastprofessor
aan UGent (Logopedische & Audiologische Wetenschappen).
Cindy Guns is logopedist en audioloog. Zij is verbonden aan het Universitair Revalidatiecentrum
voor Communicatiestoornissen van het UZ Antwerpen. Zij heeft een bijzondere
expertise op het domein van dysfagie en is auteur van talrijke publicaties.
Marleen D’hondt is logopedist, Bobath-therapeut en sr. teacher erkend door de EBTA. Zij is
tevens docent aan de Arteveldehogeschool, lid van de multidisciplinaire slikpolikliniek voor
kinderen (UZ- Gent) en auteur van verschillende publicaties op het domein van slikken.
Jan Vanderwegen is NKO- en revalidatiearts met bijzondere interesse in stem- en slikproblemen.
Hij is actief betrokken bij de Dysphagia Research Society en de Belgian Society for
Swallowing Disorders. Hij consulteert in het UMC Sint-Pieter (Brussel) en doceert Anatomie
en Fysiologie aan de Thomas More hogeschool (Antwerpen).
Gwen Van Nuffelen werkt als logopedist in het Universitair Revalidatiecentrum van het UZ
Antwerpen. Ze is doctor in de medische wetenschappen en als gastprofessor verbonden
aan de Universiteit Antwerpen.
Omtrent Logopedie:
Leraar wie ben je? (NIVOZ-Serie, nr. 1)
Van leraren wordt veel verwacht. Enerzijds zorgen voor onderwijs, anderzijds staan ze in voor de algemene opvoeding tot jongvolwassen burgers en heeft hun eigen persoonlijkheid een grote impact op leerlingen. Wie zijn leraren?
Wie zouden ze moeten zijn?
Een team van Nederlandse en Belgische specialisten brengt deze problematiek in beeld, na discussies met een zeer gevarieerde groep leraren, begeleiders en schoolleiders. Verschillende aspecten komen aan bod. Wat betekent het leraar te ‘zijn’: Is er wel een onderscheid tussen persoon en professie? Vanuit welke kennisbasis handelen leraren? Blijkbaar gaat het hier niet om wetenschappelijke of algemeen geldige kennis, maar zou men veeleer van kennis als bekwaamheid moeten spreken. Deze kennis kan men alleen tijdens het handelen zelf verwerven.
Typisch voor deze kennis, of liever bekwaamheid, zijn existentiële en morele leerprocessen.
Kennis in de zin van bekwaamheid is persoonsgebonden en daardoor uniek.
Luc Stevens is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit Utrecht en directeur van het NIVOZ – Nederlands Instituut voor Onderwijs en Opvoedingszaken in Driebergen.
Leraar wie ben je? (NIVOZ-Serie, nr. 1)
Van leraren wordt veel verwacht. Enerzijds zorgen voor onderwijs, anderzijds staan ze in voor de algemene opvoeding tot jongvolwassen burgers en heeft hun eigen persoonlijkheid een grote impact op leerlingen. Wie zijn leraren?
Wie zouden ze moeten zijn?
Een team van Nederlandse en Belgische specialisten brengt deze problematiek in beeld, na discussies met een zeer gevarieerde groep leraren, begeleiders en schoolleiders. Verschillende aspecten komen aan bod. Wat betekent het leraar te ‘zijn’: Is er wel een onderscheid tussen persoon en professie? Vanuit welke kennisbasis handelen leraren? Blijkbaar gaat het hier niet om wetenschappelijke of algemeen geldige kennis, maar zou men veeleer van kennis als bekwaamheid moeten spreken. Deze kennis kan men alleen tijdens het handelen zelf verwerven.
Typisch voor deze kennis, of liever bekwaamheid, zijn existentiële en morele leerprocessen.
Kennis in de zin van bekwaamheid is persoonsgebonden en daardoor uniek.
Luc Stevens is emeritus-hoogleraar aan de Universiteit Utrecht en directeur van het NIVOZ – Nederlands Instituut voor Onderwijs en Opvoedingszaken in Driebergen.
Teamleiderschap als ambacht. Gids voor het samenwerken met de verschillen
Hoe als leidinggevende het potentieel van je team optimaal benutten? Hoe de verschillen bestaansrecht geven en wat te doen als het verschil tot spanningen leidt? Deze gids biedt de leidinggevende diverse kaders en perspectieven om naar het eigen team te kijken als een groep-in-ontwikkeling, als een cocreatief en levend systeem, als een ijsberg en een strijdtoneel. Vooral de onderstroom in groepen staat centraal: hoe betekenis geven aan de dynamieken die mensen van het werk houden? Hoe woorden geven aan processen die ongrijpbaar lijken? Hoe het emotionele leven van de groep beter begrijpen? Kennis over groepsdynamieken en beschermingsmechanismen helpt leidinggevenden om hier constructief mee te werken.
In zijn rol als teamcoach is de leider zijn eigen ‘instrument’. Dit betekent dat de ontwikkeling, basishouding en persoonlijke kwaliteiten van de leidinggevende cruciaal zijn. Een team kan zich niet verder ontwikkelen dan het ontwikkelingsniveau van de leidinggevende zelf. Teamleiderschap is dan ook een ambacht, dat bestaat uit een grondige kennis van de stiel, een rugzak vol methodieken en interventies en tot slot uit persoonlijk meesterschap of de capaciteit om geïnformeerde intuïtie te benutten.
Silvia Prins heeft een werk van grote klasse gemaakt. (...) De grondtoon is gevormd door een gedegen weergave van theorieën die met grote regelmaat van voorbeelden worden voorzien. Dat leidt tot een dynamisch verhaal.
Tijdschrift voor Coaching mei 2014
Silvia Prins is klinisch en organisatiepsycholoog. Ze werkt als teamcoach, groepsbemiddelaar, trainer. Ze is zaakvoerder van Circles for Connection, gevestigd in Leuven, en docent Groepsdynamica aan de Katholieke Hogeschool Leuven.
Teamleiderschap als ambacht. Gids voor het samenwerken met de verschillen
Hoe als leidinggevende het potentieel van je team optimaal benutten? Hoe de verschillen bestaansrecht geven en wat te doen als het verschil tot spanningen leidt? Deze gids biedt de leidinggevende diverse kaders en perspectieven om naar het eigen team te kijken als een groep-in-ontwikkeling, als een cocreatief en levend systeem, als een ijsberg en een strijdtoneel. Vooral de onderstroom in groepen staat centraal: hoe betekenis geven aan de dynamieken die mensen van het werk houden? Hoe woorden geven aan processen die ongrijpbaar lijken? Hoe het emotionele leven van de groep beter begrijpen? Kennis over groepsdynamieken en beschermingsmechanismen helpt leidinggevenden om hier constructief mee te werken.
In zijn rol als teamcoach is de leider zijn eigen ‘instrument’. Dit betekent dat de ontwikkeling, basishouding en persoonlijke kwaliteiten van de leidinggevende cruciaal zijn. Een team kan zich niet verder ontwikkelen dan het ontwikkelingsniveau van de leidinggevende zelf. Teamleiderschap is dan ook een ambacht, dat bestaat uit een grondige kennis van de stiel, een rugzak vol methodieken en interventies en tot slot uit persoonlijk meesterschap of de capaciteit om geïnformeerde intuïtie te benutten.
Silvia Prins heeft een werk van grote klasse gemaakt. (...) De grondtoon is gevormd door een gedegen weergave van theorieën die met grote regelmaat van voorbeelden worden voorzien. Dat leidt tot een dynamisch verhaal.
Tijdschrift voor Coaching mei 2014
Silvia Prins is klinisch en organisatiepsycholoog. Ze werkt als teamcoach, groepsbemiddelaar, trainer. Ze is zaakvoerder van Circles for Connection, gevestigd in Leuven, en docent Groepsdynamica aan de Katholieke Hogeschool Leuven.
Vlinders in de buik. Over kalverliefde
Kalverliefde is een normale zaak, maar het is ook een serieuze zaak. Die eerste vlinders in de buik zijn een opwindende ervaring. Toch is het niet allemaal rozengeur en maneschijn. Verliefdheid kan stresserend zijn. En dan is er nog liefdesverdriet … En wat als je verliefd wordt op iemand van hetzelfde geslacht? Wat als je ouders je liefje niet zien zitten? Of als je verliefd bent op een ster aan het showbizzfirmament? Of als je gevoelens misbruikt worden door een loverboy? En wat met datingsites?
Dit boek is bestemd voor jongeren, ouders en voor alle anderen die, al dan niet professioneel,
te maken hebben met jongeren.
Ludo Driesen, psycholoog en gedragstherapeut, is verbonden aan het CGG/litp –
Centrum Geestelijke Gezondheidszorg / Limburgs Instituut voor Therapie en Integrale
Personenzorg, Campus Noord-Limburg in Overpelt. (www.ludodriesen.be)
Vlinders in de buik. Over kalverliefde
Kalverliefde is een normale zaak, maar het is ook een serieuze zaak. Die eerste vlinders in de buik zijn een opwindende ervaring. Toch is het niet allemaal rozengeur en maneschijn. Verliefdheid kan stresserend zijn. En dan is er nog liefdesverdriet … En wat als je verliefd wordt op iemand van hetzelfde geslacht? Wat als je ouders je liefje niet zien zitten? Of als je verliefd bent op een ster aan het showbizzfirmament? Of als je gevoelens misbruikt worden door een loverboy? En wat met datingsites?
Dit boek is bestemd voor jongeren, ouders en voor alle anderen die, al dan niet professioneel,
te maken hebben met jongeren.
Ludo Driesen, psycholoog en gedragstherapeut, is verbonden aan het CGG/litp –
Centrum Geestelijke Gezondheidszorg / Limburgs Instituut voor Therapie en Integrale
Personenzorg, Campus Noord-Limburg in Overpelt. (www.ludodriesen.be)
Emosan – Emoties, creativiteit en innovatie
Waarom wordt in bedrijven en organisaties bewust rationeel denken nog vaak beschouwd als superieur, terwijl emoties gezien worden als inferieur, als iets “soft” dat vermeden of onderdrukt moet worden? Wat is de echte invloed die emoties hebben op de vele belangrijke beslissingen die we dagelijks nemen? Waarom is er in de bedrijfswereld zo weinig plaats voor onbewust denken? Hoe ontstaat creatief denken? Welke invloed hebben positieve emoties en goed gevoel op ons probleemoplossend vermogen? Waarom is goed gevoel onontbeerlijk voor creativiteit en innovatie?
Emosan bevat het woord “emotie”, terwijl “san” in het Japans staat voor respect. Dit boek belicht, vanuit respect voor recent wetenschappelijk onderzoek rond de werking van de hersenen, het wezenlijk belang dat emoties hebben voor effectieve beslissingnames en de manier waarop emoties de kwaliteit van onze beslissingen kunnen verbeteren. Vanuit diverse onderzoeken geeft het aan dat positieve emoties en goed gevoel van groot belang zijn voor creativiteit en innovatie. Stresspreventie vormt daarbij de grootste uitdaging voor elk bedrijf of organisatie in de eenentwintigste eeuw. De auteur pleit voor nieuwe denkpistes voor bedrijfsstrategieën, waarbij emoties en goed gevoel de prioriteit krijgen die nodig is om van creativiteit en innovatie te komen tot Emosan Creovation.
Christian Henrard is burgerlijk (civiel) ingenieur en MBA van de KU Leuven. Hij werkte bij Unilever en BP Nutrition en is nu al meer dan 25 jaar zelfstandig management consultant, gevestigd in Antwerpen. Eerder verschenen van hem: Emosan. Emotie en neurocommunicatie en Emosan. Emoties in verkoop en management.
Emosan – Emoties, creativiteit en innovatie
Waarom wordt in bedrijven en organisaties bewust rationeel denken nog vaak beschouwd als superieur, terwijl emoties gezien worden als inferieur, als iets “soft” dat vermeden of onderdrukt moet worden? Wat is de echte invloed die emoties hebben op de vele belangrijke beslissingen die we dagelijks nemen? Waarom is er in de bedrijfswereld zo weinig plaats voor onbewust denken? Hoe ontstaat creatief denken? Welke invloed hebben positieve emoties en goed gevoel op ons probleemoplossend vermogen? Waarom is goed gevoel onontbeerlijk voor creativiteit en innovatie?
Emosan bevat het woord “emotie”, terwijl “san” in het Japans staat voor respect. Dit boek belicht, vanuit respect voor recent wetenschappelijk onderzoek rond de werking van de hersenen, het wezenlijk belang dat emoties hebben voor effectieve beslissingnames en de manier waarop emoties de kwaliteit van onze beslissingen kunnen verbeteren. Vanuit diverse onderzoeken geeft het aan dat positieve emoties en goed gevoel van groot belang zijn voor creativiteit en innovatie. Stresspreventie vormt daarbij de grootste uitdaging voor elk bedrijf of organisatie in de eenentwintigste eeuw. De auteur pleit voor nieuwe denkpistes voor bedrijfsstrategieën, waarbij emoties en goed gevoel de prioriteit krijgen die nodig is om van creativiteit en innovatie te komen tot Emosan Creovation.
Christian Henrard is burgerlijk (civiel) ingenieur en MBA van de KU Leuven. Hij werkte bij Unilever en BP Nutrition en is nu al meer dan 25 jaar zelfstandig management consultant, gevestigd in Antwerpen. Eerder verschenen van hem: Emosan. Emotie en neurocommunicatie en Emosan. Emoties in verkoop en management.
Emosan – Emoties in verkoop en management
Luistert uw gesprekspartner soms niet? Waarom is echt luisteren zo moeilijk? Waarom verlopen commerciële relaties met sommige klanten heel vlot en met andere moeizaam en stroef? Waarom geven sommige medewerkers u het gevoel dat de communicatie soepel en harmonieus verloopt, terwijl met andere collega’s het gevoel leeft tegen een muur te praten of er niet door te geraken? In Emosan. Emoties in verkoop en management wordt vanuit praktijksituaties toegelicht hoe wetenschappelijk onderzoek kan bijdragen tot een verhoging van de effectiviteit van onze professionele communicatie, zowel met externe klanten als met collega’s en medewerkers. Hierbij wordt concreet gemaakt hoe dit alles kan worden aangewend voor het optimaliseren van relaties, vooral als die gedomineerd worden door negatieve emoties zoals twijfel, onzekerheid, territoriumbescherming, afstandelijkheid of angst. Maar ook communicatiemomenten tussen manager en medewerkers, en tussen collega’s onderling, kunnen worden verbeterd.
Omdat medewerkers, verkopers en managers vaak zelf onder druk staan, is het effectief managen van de eigen emoties in vele gevallen een belangrijke troef. Vanuit onderzoek wordt toegelicht waarom bepaalde emotieregulatietechnieken niet werken en op lange termijn zelfs schadelijk kunnen zijn voor onze gezondheid. Op basis van recent neurologisch onderzoek wordt ingegaan op emotieregulatiestrategieën die hun effectiviteit bewezen hebben en ook kunnen gedelegeerd worden naar het onbewuste en een nieuw automatisme kunnen worden van zelfmanagement.
Emosan bevat het woord ‘emotie’, terwijl ‘san’ in het Japans ‘respect’ betekent. De rode draad is respect voor recente researchbevindingen rond de werking van de hersenen en het belang van emoties en gevoel in interpersoonlijke relaties en intermenselijke communicatie. De auteur is een managementconsultant die kan putten uit meer dan 35 jaar ervaring binnen diverse bedrijven en sectoren. Het boek is geschreven vanuit de filosofie ‘What’s in it for me?’. Wat kan ik als manager, als bedrijf concreet doen met recente researchbevindingen?
Christian Henrard is burgerlijk (civiel) ingenieur en MBA van de KU Leuven. Hij werkte bij Unilever en BP Nutrition en is al meer dan 25 jaar zelfstandig managementconsultant, gevestigd in Antwerpen. Hij is de auteur van Emosan. Emotie en neurocommunicatie.
Emosan – Emoties in verkoop en management
Luistert uw gesprekspartner soms niet? Waarom is echt luisteren zo moeilijk? Waarom verlopen commerciële relaties met sommige klanten heel vlot en met andere moeizaam en stroef? Waarom geven sommige medewerkers u het gevoel dat de communicatie soepel en harmonieus verloopt, terwijl met andere collega’s het gevoel leeft tegen een muur te praten of er niet door te geraken? In Emosan. Emoties in verkoop en management wordt vanuit praktijksituaties toegelicht hoe wetenschappelijk onderzoek kan bijdragen tot een verhoging van de effectiviteit van onze professionele communicatie, zowel met externe klanten als met collega’s en medewerkers. Hierbij wordt concreet gemaakt hoe dit alles kan worden aangewend voor het optimaliseren van relaties, vooral als die gedomineerd worden door negatieve emoties zoals twijfel, onzekerheid, territoriumbescherming, afstandelijkheid of angst. Maar ook communicatiemomenten tussen manager en medewerkers, en tussen collega’s onderling, kunnen worden verbeterd.
Omdat medewerkers, verkopers en managers vaak zelf onder druk staan, is het effectief managen van de eigen emoties in vele gevallen een belangrijke troef. Vanuit onderzoek wordt toegelicht waarom bepaalde emotieregulatietechnieken niet werken en op lange termijn zelfs schadelijk kunnen zijn voor onze gezondheid. Op basis van recent neurologisch onderzoek wordt ingegaan op emotieregulatiestrategieën die hun effectiviteit bewezen hebben en ook kunnen gedelegeerd worden naar het onbewuste en een nieuw automatisme kunnen worden van zelfmanagement.
Emosan bevat het woord ‘emotie’, terwijl ‘san’ in het Japans ‘respect’ betekent. De rode draad is respect voor recente researchbevindingen rond de werking van de hersenen en het belang van emoties en gevoel in interpersoonlijke relaties en intermenselijke communicatie. De auteur is een managementconsultant die kan putten uit meer dan 35 jaar ervaring binnen diverse bedrijven en sectoren. Het boek is geschreven vanuit de filosofie ‘What’s in it for me?’. Wat kan ik als manager, als bedrijf concreet doen met recente researchbevindingen?
Christian Henrard is burgerlijk (civiel) ingenieur en MBA van de KU Leuven. Hij werkte bij Unilever en BP Nutrition en is al meer dan 25 jaar zelfstandig managementconsultant, gevestigd in Antwerpen. Hij is de auteur van Emosan. Emotie en neurocommunicatie.
Klaar voor hoger onderwijs of arbeidsmarkt? Longitudinaal onderzoek bij laatstejaarsleerlingen secundair onderwijs
De overgang van het secundair onderwijs naar het hoger onderwijs is voor vele jongeren niet vanzelfsprekend. Slechts 40% van de studenten slaagt volledig voor het eerste jaar hoger onderwijs. En na 1 jaar heeft ongeveer 1/10 schoolverlaters nog geen job.
Deze studie beschrijft voor het eerst deze overgang en volgt een groep van meer dan 3000 leerlingen uit 32 secundaire scholen gedurende twee jaar. Het onderzoek beschrijft het proces van studie- of arbeidskeuze. Bij de groep die verder studeert, komen de veranderingen in leerstrategieën (hoe leren leerlingen gewoonlijk) en in motivatie aan bod. Tevens wordt nagegaan hoe de aansluiting tussen het secundair en het hoger onderwijs wordt ervaren. Uiteraard wordt ook het studiesucces bestudeerd. Bij de groep die overstapt naar de arbeidsmarkt, krijgt onder meer de match tussen de gevolgde opleiding en de job ruime aandacht, net als aspecten van werkplekleren en van jobmotivatie.
Tine Van Daal, Liesje Coertjens, Eva Delvaux, Vincent Donche & Peter Van Petegem zijn allen verbonden aan de onderzoeksgroep Edubron van het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen.
Klaar voor hoger onderwijs of arbeidsmarkt? Longitudinaal onderzoek bij laatstejaarsleerlingen secundair onderwijs
De overgang van het secundair onderwijs naar het hoger onderwijs is voor vele jongeren niet vanzelfsprekend. Slechts 40% van de studenten slaagt volledig voor het eerste jaar hoger onderwijs. En na 1 jaar heeft ongeveer 1/10 schoolverlaters nog geen job.
Deze studie beschrijft voor het eerst deze overgang en volgt een groep van meer dan 3000 leerlingen uit 32 secundaire scholen gedurende twee jaar. Het onderzoek beschrijft het proces van studie- of arbeidskeuze. Bij de groep die verder studeert, komen de veranderingen in leerstrategieën (hoe leren leerlingen gewoonlijk) en in motivatie aan bod. Tevens wordt nagegaan hoe de aansluiting tussen het secundair en het hoger onderwijs wordt ervaren. Uiteraard wordt ook het studiesucces bestudeerd. Bij de groep die overstapt naar de arbeidsmarkt, krijgt onder meer de match tussen de gevolgde opleiding en de job ruime aandacht, net als aspecten van werkplekleren en van jobmotivatie.
Tine Van Daal, Liesje Coertjens, Eva Delvaux, Vincent Donche & Peter Van Petegem zijn allen verbonden aan de onderzoeksgroep Edubron van het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen.
Economische politiek. Principes en ervaringen (vijfde, geactualiseerde druk: 2013)
De economische politiek staat onafgebroken in de publieke belangstelling. De mogelijkheden en beperkingen van het overheidsbeleid kunnen het leven van de burgers drastisch beïnvloeden, getuige daarvan de recente financieel-economische crisis.
Wat zijn de principes van het spel? Dit boek beschrijft de doeleinden, de instrumenten en hun samenhang en de mogelijke politieke invloeden die een rol spelen in het overheidsbeleid. Dan wordt de focus gericht op het macro-economische stabilisatiebeleid en het aanbodeconomisch beleid.
Aan de belangrijkste hefbomen zijn we aparte hoofdstukken gewijd, in het bijzonder het monetair beleid, het budgettair beleid en het arbeidsmarktbeleid.
In het hele boek gaat heel wat aandacht naar de economische prestaties en concrete beleidservaringen van de ontwikkelde landen in de voorbije decennia. Wegens haar uitzonderlijke karakter en de grote impact komt de jongste financieel-economische crisis in diverse hoofdstukken aan bod. In het laatste hoofdstuk staat een overzicht van de crisis.
Dit boek richt zich zowel tot een ruim publiek van belangstellenden als tot
studenten.
Prof. dr. André Van Poeck is gewoon hoogleraar aan de
Universiteit Antwerpen.
Dr. Johan Van Gompel is senior
economist bij KBC Groep en docent
aan de Hogeschool Universiteit
Brussel.
Economische politiek. Principes en ervaringen (vijfde, geactualiseerde druk: 2013)
De economische politiek staat onafgebroken in de publieke belangstelling. De mogelijkheden en beperkingen van het overheidsbeleid kunnen het leven van de burgers drastisch beïnvloeden, getuige daarvan de recente financieel-economische crisis.
Wat zijn de principes van het spel? Dit boek beschrijft de doeleinden, de instrumenten en hun samenhang en de mogelijke politieke invloeden die een rol spelen in het overheidsbeleid. Dan wordt de focus gericht op het macro-economische stabilisatiebeleid en het aanbodeconomisch beleid.
Aan de belangrijkste hefbomen zijn we aparte hoofdstukken gewijd, in het bijzonder het monetair beleid, het budgettair beleid en het arbeidsmarktbeleid.
In het hele boek gaat heel wat aandacht naar de economische prestaties en concrete beleidservaringen van de ontwikkelde landen in de voorbije decennia. Wegens haar uitzonderlijke karakter en de grote impact komt de jongste financieel-economische crisis in diverse hoofdstukken aan bod. In het laatste hoofdstuk staat een overzicht van de crisis.
Dit boek richt zich zowel tot een ruim publiek van belangstellenden als tot
studenten.
Prof. dr. André Van Poeck is gewoon hoogleraar aan de
Universiteit Antwerpen.
Dr. Johan Van Gompel is senior
economist bij KBC Groep en docent
aan de Hogeschool Universiteit
Brussel.
Ankura. Basiswoordenlijst Oudgrieks
Dit overzicht van meer dan tweeduizend frequent gebruikte woorden in Oudgriekse teksten is bedoeld voor studenten hoger onderwijs en docenten middelbaar onderwijs, alsook voor iedereen die oude kennis wil opfrissen.
De verwerving van een beredeneerde basiswoordenschat staat garant voor een duurzamere leeservaring en dringt de afhankelijkheid van het woordenboek bij het lezen van Oudgriekse teksten aanzienlijk terug.
De lijst is samengesteld op basis van een breed corpus van klassieke auteurs, waarin niet alleen de redenaars, filosofen en geschiedschrijvers, maar ook de dramaturgen en de epische dichters vertegenwoordigd zijn.
Het instuderen
van woorden kan heel wat meer zijn dan een noodzakelijk kwaad. De uitgebreide
etymologische informatie reikt niet alleen ezelsbruggetjes aan, maar
zorgt tevens voor een blik op de Indo-Europese voorgeschiedenis en het
Nieuwgriekse voortleven. Een afsluitend gedeelte ‘Oudgriekse woordbouw’
laat ten slotte zien met welke strategieën de basiswoordenschat effciënt kan
worden verrijkt.
Toon Van Hal is docent Oudgriekse taalkunde aan de Faculteit Letteren van
de KU Leuven. In zijn onderzoek beweegt hij zich op het snijvlak van de klassieke
en oosterse talen, de linguïstiek en de geschiedenis. De meeste van zijn
publicaties spitsen zich toe op de (voor)geschiedenis van de vergelijkende
taalkunde.
Ankura. Basiswoordenlijst Oudgrieks
Dit overzicht van meer dan tweeduizend frequent gebruikte woorden in Oudgriekse teksten is bedoeld voor studenten hoger onderwijs en docenten middelbaar onderwijs, alsook voor iedereen die oude kennis wil opfrissen.
De verwerving van een beredeneerde basiswoordenschat staat garant voor een duurzamere leeservaring en dringt de afhankelijkheid van het woordenboek bij het lezen van Oudgriekse teksten aanzienlijk terug.
De lijst is samengesteld op basis van een breed corpus van klassieke auteurs, waarin niet alleen de redenaars, filosofen en geschiedschrijvers, maar ook de dramaturgen en de epische dichters vertegenwoordigd zijn.
Het instuderen
van woorden kan heel wat meer zijn dan een noodzakelijk kwaad. De uitgebreide
etymologische informatie reikt niet alleen ezelsbruggetjes aan, maar
zorgt tevens voor een blik op de Indo-Europese voorgeschiedenis en het
Nieuwgriekse voortleven. Een afsluitend gedeelte ‘Oudgriekse woordbouw’
laat ten slotte zien met welke strategieën de basiswoordenschat effciënt kan
worden verrijkt.
Toon Van Hal is docent Oudgriekse taalkunde aan de Faculteit Letteren van
de KU Leuven. In zijn onderzoek beweegt hij zich op het snijvlak van de klassieke
en oosterse talen, de linguïstiek en de geschiedenis. De meeste van zijn
publicaties spitsen zich toe op de (voor)geschiedenis van de vergelijkende
taalkunde.
Albert De Haene (1910-1961) en Hubert Ronse (1928-2010). Honderd jaar Psychiatrisch Ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw Brugge (1910-2010) met voorgeschiedenis vanaf de twaalfde eeuw
Het Psychiatrisch Ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw in Brugge bestaat ruim 100 jaar. Naar aanleiding van de viering van het 100-jarig bestaan in 2010, ging de auteur op zoek naar de voorgeschiedenis van de opvang van ‘geesteskranken’ in Brugge.
De lezer wordt meegenomen tot in de twaalfde eeuw. Daarna volgt de geschiedenis van 100 jaar Psychiatrisch Ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw Brugge (1910-2010) en de kennismaking met twee eminente hoofdgeneesheren van deze instelling: Albert De Haene (1910-1961) en Hubert Ronse (1928-2010).
Hun biografie wordt verweven met de geschiedenis van de instelling. Ook de professionele activiteiten van de twee psychiaters buiten het ziekenhuis komen aan bod.
Drie biografieën dus in één, met aandacht voor de historische context van de drie
levensverhalen.
Joris Casselman is psychiater, psycholoog, seksuoloog en criminoloog. Hij doceerde
aan de faculteiten Geneeskunde en Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven
en verwierf een bijzondere deskundigheid in verband met alcohol- en andere
drugproblemen en de gerechtelijke geestelijke gezondheidszorg. Hij voert onderzoek
uit naar de geschiedenis van de psychiatrie met speciale interesse voor
biografieën.
Albert De Haene (1910-1961) en Hubert Ronse (1928-2010). Honderd jaar Psychiatrisch Ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw Brugge (1910-2010) met voorgeschiedenis vanaf de twaalfde eeuw
Het Psychiatrisch Ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw in Brugge bestaat ruim 100 jaar. Naar aanleiding van de viering van het 100-jarig bestaan in 2010, ging de auteur op zoek naar de voorgeschiedenis van de opvang van ‘geesteskranken’ in Brugge.
De lezer wordt meegenomen tot in de twaalfde eeuw. Daarna volgt de geschiedenis van 100 jaar Psychiatrisch Ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw Brugge (1910-2010) en de kennismaking met twee eminente hoofdgeneesheren van deze instelling: Albert De Haene (1910-1961) en Hubert Ronse (1928-2010).
Hun biografie wordt verweven met de geschiedenis van de instelling. Ook de professionele activiteiten van de twee psychiaters buiten het ziekenhuis komen aan bod.
Drie biografieën dus in één, met aandacht voor de historische context van de drie
levensverhalen.
Joris Casselman is psychiater, psycholoog, seksuoloog en criminoloog. Hij doceerde
aan de faculteiten Geneeskunde en Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven
en verwierf een bijzondere deskundigheid in verband met alcohol- en andere
drugproblemen en de gerechtelijke geestelijke gezondheidszorg. Hij voert onderzoek
uit naar de geschiedenis van de psychiatrie met speciale interesse voor
biografieën.
Samen tot aan de meet – Inspiratieboek 2
Heel wat leerkrachten en directies zijn er van overtuigd dat zittenblijven een doeltreffende maatregel is om leerachterstand aan te pakken. Onderzoek naar de effecten van zittenblijven bevestigt deze overtuiging echter niet. Zittenblijvers blijken onder meer een sterk verhoogd risico te hebben om het onderwijs zonder diploma te verlaten.
Samen tot aan de meet wil daarom de praktijk van zittenblijven ter discussie stellen en gaat met scholen een traject aan om zittenblijven te vervangen door alternatieven die het individuele leerproces versnellen en verrijken.
Dit is het derde boek in de reeks van Samen tot aan de meet.
In ‘Samen
tot aan de meet – Alternatieven voor zittenblijven’ is onderzoek naar zittenblijven
samengevat en worden de krijtlijnen van Samen tot aan de meet
uitgezet.
Daarnaast is er het eerste ‘Inspiratieboek’. Met ondersteunende fiches, instrumenten en inspirerende praktijkverhalen reikt dit boek praktische handvatten aan om in de eigen school concreet aan de slag te kunnen.
Dit tweede ‘Inspiratieboek’ bouwt verder op de twee andere boeken,
met nieuwe praktijkverhalen en extra methodieken.
Deze publicatie focust
vooral op samen tot aan de meet in het secundair onderwijs, maar blijft
relevant voor alle directies, leerkrachten en andere voortrekkers die zittenblijven
problematisch vinden en het onderwijs mee willen vernieuwen,
om te streven naar maximale leerkansen voor alle leerlingen.
Eva Franck werkt aan de Afdeling Algemeen Onderwijsbeleid van de Stad
Antwerpen. Ook wijlen Johan Huybrechts was aan deze afdeling verbonden.
Samen tot aan de meet – Inspiratieboek 2
Heel wat leerkrachten en directies zijn er van overtuigd dat zittenblijven een doeltreffende maatregel is om leerachterstand aan te pakken. Onderzoek naar de effecten van zittenblijven bevestigt deze overtuiging echter niet. Zittenblijvers blijken onder meer een sterk verhoogd risico te hebben om het onderwijs zonder diploma te verlaten.
Samen tot aan de meet wil daarom de praktijk van zittenblijven ter discussie stellen en gaat met scholen een traject aan om zittenblijven te vervangen door alternatieven die het individuele leerproces versnellen en verrijken.
Dit is het derde boek in de reeks van Samen tot aan de meet.
In ‘Samen
tot aan de meet – Alternatieven voor zittenblijven’ is onderzoek naar zittenblijven
samengevat en worden de krijtlijnen van Samen tot aan de meet
uitgezet.
Daarnaast is er het eerste ‘Inspiratieboek’. Met ondersteunende fiches, instrumenten en inspirerende praktijkverhalen reikt dit boek praktische handvatten aan om in de eigen school concreet aan de slag te kunnen.
Dit tweede ‘Inspiratieboek’ bouwt verder op de twee andere boeken,
met nieuwe praktijkverhalen en extra methodieken.
Deze publicatie focust
vooral op samen tot aan de meet in het secundair onderwijs, maar blijft
relevant voor alle directies, leerkrachten en andere voortrekkers die zittenblijven
problematisch vinden en het onderwijs mee willen vernieuwen,
om te streven naar maximale leerkansen voor alle leerlingen.
Eva Franck werkt aan de Afdeling Algemeen Onderwijsbeleid van de Stad
Antwerpen. Ook wijlen Johan Huybrechts was aan deze afdeling verbonden.





