Zelfreflectie in het hoger onderwijs
In de 21ste eeuw moeten beroepsbeoefenaars in staat zijn om hun hele leven lang
na te denken over zichzelf en kritisch en zelfsturend te zijn in hun eigen leerproces.
Door te reflecteren op het eigen leren tijdens de opleiding zouden studenten
tevens meer gemotiveerd worden voor hun eigen leerproces en persoonlijke
ontwikkeling. En door te reflecteren op de eigen persoonlijkheid en kwaliteiten
zouden studenten hun eigen motieven en ambities beter begrijpen en daardoor
betere studiekeuzes maken met minder studie-uitval als gevolg. In de praktijk
worden deze doelen echter (nog) niet behaald. Uit verschillende onderzoeken
blijkt dat studenten een hekel hebben aan reflecteren. Onderwijsactiviteiten
die geassocieerd worden met reflecteren, worden door de meeste studenten
(en docenten) niet serieus genomen, maar ervaren als een verplicht nummer.
Er lijkt sprake van ‘reflectiemoeheid’ en van tegenvallende opbrengsten. Veel
docenten worstelen met de vraag wanneer er sprake is van kwalitatief goede
reflectie en wat de kwaliteit van reflectie bepaalt. Wanneer kan men zeggen
dat een student beter heeft gereflecteerd dan een ander? Studenten, op hun
beurt, weten niet goed wat reflecteren precies inhoudt, terwijl hun docenten er
als vanzelfsprekend vanuit gaan dat ze al kunnen reflecteren of het wel zullen
leren door het gewoon (zelfstandig) te doen.
In dit boek behandelen de auteurs, allen docenten en/of onderzoekers,
de weerbarstige problematiek van (zelf)reflectie in het onderwijs. Er zijn
theoretische hoofdstukken rond de vraag ‘Wat is reflectie?’, hoofdstukken
waarin
verslag wordt gedaan van onderzoek naar reflectie en hoofdstukken
waarin creatieve alternatieven worden aangedragen voor de gangbare
reflectiepraktijken. Ten slotte zijn er hoofdstukken waarin wordt gereflecteerd
over reflectie. Kunnen docenten het? Is reflectie gevaarlijk? En zijn de nog
onvolgroeide hersenen van studenten in staat tot reflectie?
Frans Meijers was lector Pedagogiek van de Beroepsvorming aan de Haagse
Hogeschool. Hij is directeur van Meijers Onderzoek & Advies, symposium coeditor
van de British Journal of Guidance and Counselling en voorzitter van de
Dialogical Self Academy. Hij is gespecialiseerd in onderzoek, ontwikkeling en
training op het gebied van loopbaanleren en identiteitsontwikkeling.
Kariene Mittendorff is associate lector Studieloopbaanbegeleiding bij
hogeschool Saxion. Ze is gepromoveerd op de kwaliteit van loopbaanbegeleiding
en in het bijzonder loopbaangesprekken. Ze is projectleider van verschillende
onderzoeken op het gebied van studieloopbaanbegeleiding, studiesucces, de
studiekeuzecheck en de kwaliteit van reflectie.
Zelfreflectie in het hoger onderwijs
In de 21ste eeuw moeten beroepsbeoefenaars in staat zijn om hun hele leven lang
na te denken over zichzelf en kritisch en zelfsturend te zijn in hun eigen leerproces.
Door te reflecteren op het eigen leren tijdens de opleiding zouden studenten
tevens meer gemotiveerd worden voor hun eigen leerproces en persoonlijke
ontwikkeling. En door te reflecteren op de eigen persoonlijkheid en kwaliteiten
zouden studenten hun eigen motieven en ambities beter begrijpen en daardoor
betere studiekeuzes maken met minder studie-uitval als gevolg. In de praktijk
worden deze doelen echter (nog) niet behaald. Uit verschillende onderzoeken
blijkt dat studenten een hekel hebben aan reflecteren. Onderwijsactiviteiten
die geassocieerd worden met reflecteren, worden door de meeste studenten
(en docenten) niet serieus genomen, maar ervaren als een verplicht nummer.
Er lijkt sprake van ‘reflectiemoeheid’ en van tegenvallende opbrengsten. Veel
docenten worstelen met de vraag wanneer er sprake is van kwalitatief goede
reflectie en wat de kwaliteit van reflectie bepaalt. Wanneer kan men zeggen
dat een student beter heeft gereflecteerd dan een ander? Studenten, op hun
beurt, weten niet goed wat reflecteren precies inhoudt, terwijl hun docenten er
als vanzelfsprekend vanuit gaan dat ze al kunnen reflecteren of het wel zullen
leren door het gewoon (zelfstandig) te doen.
In dit boek behandelen de auteurs, allen docenten en/of onderzoekers,
de weerbarstige problematiek van (zelf)reflectie in het onderwijs. Er zijn
theoretische hoofdstukken rond de vraag ‘Wat is reflectie?’, hoofdstukken
waarin
verslag wordt gedaan van onderzoek naar reflectie en hoofdstukken
waarin creatieve alternatieven worden aangedragen voor de gangbare
reflectiepraktijken. Ten slotte zijn er hoofdstukken waarin wordt gereflecteerd
over reflectie. Kunnen docenten het? Is reflectie gevaarlijk? En zijn de nog
onvolgroeide hersenen van studenten in staat tot reflectie?
Frans Meijers was lector Pedagogiek van de Beroepsvorming aan de Haagse
Hogeschool. Hij is directeur van Meijers Onderzoek & Advies, symposium coeditor
van de British Journal of Guidance and Counselling en voorzitter van de
Dialogical Self Academy. Hij is gespecialiseerd in onderzoek, ontwikkeling en
training op het gebied van loopbaanleren en identiteitsontwikkeling.
Kariene Mittendorff is associate lector Studieloopbaanbegeleiding bij
hogeschool Saxion. Ze is gepromoveerd op de kwaliteit van loopbaanbegeleiding
en in het bijzonder loopbaangesprekken. Ze is projectleider van verschillende
onderzoeken op het gebied van studieloopbaanbegeleiding, studiesucces, de
studiekeuzecheck en de kwaliteit van reflectie.
Het epos van diabetes type 1 in Belgie. (Cahiers GGG-Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr.8)
Dit boek vertelt de hele geschiedenis van de diabetis type 1. In 2017 bestaan de twee Belgische Diabetesverenigingen 75 jaar. Zij ontstonden in het midden van de tweede wereldoorlog. Enkele artsen en ouders van kinderen met type 1 diabetes wilden de aanvoer van de levensnoodzakelijke insuline en voldoende voeding garanderen. Na de oorlog verplaatste de activiteit zich naar het optimaal behandelen van diabetes als de beste preventie voor complicaties en het oplossen van medico-sociale problemen. Nu steunen zij alle initiatieven om potentiële diabetici op te sporen en de ziekte te voorkomen. Voor erkende patiënten wordt het gebruik van de mini artificiële pancreas aangeraden en de transplantatie van nieuwe ßcellen gestimuleerd.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Pierre Lefèbvre, Raoul Rottiers en Ivo De Leeuw zijn emeriti hoogleraren endocrinologie-diabetologie die vanaf de jaren 60 de hele evolutie van de aanpak van diabetes actief hebben meegemaakt, de internationale verworvenheden in eigen land hebben verspreid en de eigen research in binnen- en buitenland hebben vertaald naar toepasbare realiteit. Alle drie zijn zij erevoorzitter van hun respectieve diabetesverenigingen.
Het epos van diabetes type 1 in Belgie. (Cahiers GGG-Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr.8)
Dit boek vertelt de hele geschiedenis van de diabetis type 1. In 2017 bestaan de twee Belgische Diabetesverenigingen 75 jaar. Zij ontstonden in het midden van de tweede wereldoorlog. Enkele artsen en ouders van kinderen met type 1 diabetes wilden de aanvoer van de levensnoodzakelijke insuline en voldoende voeding garanderen. Na de oorlog verplaatste de activiteit zich naar het optimaal behandelen van diabetes als de beste preventie voor complicaties en het oplossen van medico-sociale problemen. Nu steunen zij alle initiatieven om potentiële diabetici op te sporen en de ziekte te voorkomen. Voor erkende patiënten wordt het gebruik van de mini artificiële pancreas aangeraden en de transplantatie van nieuwe ßcellen gestimuleerd.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Pierre Lefèbvre, Raoul Rottiers en Ivo De Leeuw zijn emeriti hoogleraren endocrinologie-diabetologie die vanaf de jaren 60 de hele evolutie van de aanpak van diabetes actief hebben meegemaakt, de internationale verworvenheden in eigen land hebben verspreid en de eigen research in binnen- en buitenland hebben vertaald naar toepasbare realiteit. Alle drie zijn zij erevoorzitter van hun respectieve diabetesverenigingen.
Verbindende communicatie werkt (derde, licht gewijzigde druk 2017)
Verbindende Communicatie geeft inspiratie aan organisaties die mensen in hun kracht willen zetten. Gemotiveerde medewerkers die zich gerespecteerd weten, werken beter samen, creëren meer kwaliteit en zijn een garantie voor de toekomst.
“Verbindende Communicatie is een vaste waarde bij Colruyt Group. Meer dan 3000
collega’s volgden reeds de training in onze open programma’s of met hun team.
De resultaten zijn vooral te merken in de efficiëntie van meetings, de kracht van de
besluitvorming en de arbeidsvreugde. Efficiënte communicatie vertaalt zich in het
steeds maar beter realiseren van onze missie en de tevredenheid van onze klanten.”
Jef Colruyt, CEO Colruytgroup
“Verbindende Communicatie werkt! We halen betere resultaten doordat medewerkers
het beste van zichzelf willen geven. Dit zorgt voor arbeidsvreugde en kwaliteit.
In onze business is het duo ‘kwaliteit en snelheid’ van essentieel belang. Door de
verbindende besluitvorming komen we tot heldere, duidelijke afspraken ook met
onze collega’s uit het Verre Oosten, Afrika en India. Verbindende Communicatie is
een must voor de organisatie van de toekomst!”
Martijn van der Erve, CEO Van der Erve
“Verbindende Communicatie (VC) is een kr(p)rachtig concept om mensen te brengen
naar de essentie van communicatie. Het inspireert om zonder oordelen meer
impact te hebben en meer bereidheid te creëren bij anderen. Het maakt mensen
gevoeliger voor de wereld van gevoelens, behoeften en waarden. En het maakt hen
minder gevoelig voor oordelen, verplichtingen en druk van buitenaf. Als VC goed
toegepast wordt in een organisatie vaart iedereen er wel bij: de medewerkers, de
klanten en de organisatie. Schitterend en eenvoudig en te leren door iedereen die
gelooft dat verbinding en harmonie meer voordelen oplevert.”
Herbert Detter, Learning & Development Manager Inter IKEA Systems
Verbindende communicatie werkt (derde, licht gewijzigde druk 2017)
Verbindende Communicatie geeft inspiratie aan organisaties die mensen in hun kracht willen zetten. Gemotiveerde medewerkers die zich gerespecteerd weten, werken beter samen, creëren meer kwaliteit en zijn een garantie voor de toekomst.
“Verbindende Communicatie is een vaste waarde bij Colruyt Group. Meer dan 3000
collega’s volgden reeds de training in onze open programma’s of met hun team.
De resultaten zijn vooral te merken in de efficiëntie van meetings, de kracht van de
besluitvorming en de arbeidsvreugde. Efficiënte communicatie vertaalt zich in het
steeds maar beter realiseren van onze missie en de tevredenheid van onze klanten.”
Jef Colruyt, CEO Colruytgroup
“Verbindende Communicatie werkt! We halen betere resultaten doordat medewerkers
het beste van zichzelf willen geven. Dit zorgt voor arbeidsvreugde en kwaliteit.
In onze business is het duo ‘kwaliteit en snelheid’ van essentieel belang. Door de
verbindende besluitvorming komen we tot heldere, duidelijke afspraken ook met
onze collega’s uit het Verre Oosten, Afrika en India. Verbindende Communicatie is
een must voor de organisatie van de toekomst!”
Martijn van der Erve, CEO Van der Erve
“Verbindende Communicatie (VC) is een kr(p)rachtig concept om mensen te brengen
naar de essentie van communicatie. Het inspireert om zonder oordelen meer
impact te hebben en meer bereidheid te creëren bij anderen. Het maakt mensen
gevoeliger voor de wereld van gevoelens, behoeften en waarden. En het maakt hen
minder gevoelig voor oordelen, verplichtingen en druk van buitenaf. Als VC goed
toegepast wordt in een organisatie vaart iedereen er wel bij: de medewerkers, de
klanten en de organisatie. Schitterend en eenvoudig en te leren door iedereen die
gelooft dat verbinding en harmonie meer voordelen oplevert.”
Herbert Detter, Learning & Development Manager Inter IKEA Systems
Tot 7 jaar. Ontwikkeling en opvoeding van jonge kinderen
Ouders, opvoeders, leerkrachten, begeleiders, scholen, jeugdwerkers,…
moeten de ontwikkeling van jonge kinderen zo goed
mogelijk opvolgen en ondersteunen. Tal van studies hebben aangetoond
dat vooral ook de betrokkenheid van ouders een grote
impact heeft.
Daarom legt dit boek uit wat ouders, en anderen, allemaal kunnen
doen om de ontwikkeling van hun jonge kinderen – tot 7
jaar – te stimuleren en hun opvoeding in goede banen te leiden.
Daarbij komen niet alleen de cognitief-verstandelijke vaardigheden
aan bod, maar onder meer ook de sociaal-emotionele ontwikkeling,
het muzisch-creatieve, het motorische, een open blik
op de wereld, zintuiglijke waarneming van de werkelijkheid, het
exploreren van de natuur, het reflecteren. Kortom, alle aspecten
waarmee het kind ook volop te maken krijgt in het basisonderwijs.
Walter Andries is ere-inspecteur bij het Basisonderwijs in Vlaanderen.
Tot 7 jaar. Ontwikkeling en opvoeding van jonge kinderen
Ouders, opvoeders, leerkrachten, begeleiders, scholen, jeugdwerkers,…
moeten de ontwikkeling van jonge kinderen zo goed
mogelijk opvolgen en ondersteunen. Tal van studies hebben aangetoond
dat vooral ook de betrokkenheid van ouders een grote
impact heeft.
Daarom legt dit boek uit wat ouders, en anderen, allemaal kunnen
doen om de ontwikkeling van hun jonge kinderen – tot 7
jaar – te stimuleren en hun opvoeding in goede banen te leiden.
Daarbij komen niet alleen de cognitief-verstandelijke vaardigheden
aan bod, maar onder meer ook de sociaal-emotionele ontwikkeling,
het muzisch-creatieve, het motorische, een open blik
op de wereld, zintuiglijke waarneming van de werkelijkheid, het
exploreren van de natuur, het reflecteren. Kortom, alle aspecten
waarmee het kind ook volop te maken krijgt in het basisonderwijs.
Walter Andries is ere-inspecteur bij het Basisonderwijs in Vlaanderen.
Rembert Dodoens. Een zestiende-eeuwse kruidenwetenschapper, zijn tijd- en vakgenoten en zijn betekenis. (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 7)
Rembert Dodoens (Mechelen, 1517/18 – Leiden, 1585) is erg belangrijk
figuur in de wetenschapsgeschiedenis van de Nederlanden. Hij wordt vooral
geassocieerd met de botanica en zijn legendarische ‘Cruijdeboeck’. Hieraan
besteedt deze publicatie de nodige aandacht, maar ze wil ook verder kijken.
Zo staat ze ook stil bij de inbreng van Dodoens op het medische domein. Vele
van de door hem beschreven kruiden werden immers geïmplementeerd in
de medische wetenschap en sommige beschreven exotische en endemische
kruiden en plantenextracten worden vandaag nog altijd gebruikt. Er is
meteen ook een duidelijke link naar de farmaceutische wetenschappen.
Reeds in de zestiende eeuw werden de inzichten van Dodoens toegepast
bij de vervaardiging van verscheidene doelgerichte en baanbrekende
geneesmiddelen.
Dit innovatieve boek werpt een heldere blik op de ontelbare verwezenlijkingen
van deze wereldbefaamde Mechelse wetenschapper. De wetenschappelijke
erfenis van Dodoens kan nauwelijks overschat worden.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Rembert Dodoens. Een zestiende-eeuwse kruidenwetenschapper, zijn tijd- en vakgenoten en zijn betekenis. (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 7)
Rembert Dodoens (Mechelen, 1517/18 – Leiden, 1585) is erg belangrijk
figuur in de wetenschapsgeschiedenis van de Nederlanden. Hij wordt vooral
geassocieerd met de botanica en zijn legendarische ‘Cruijdeboeck’. Hieraan
besteedt deze publicatie de nodige aandacht, maar ze wil ook verder kijken.
Zo staat ze ook stil bij de inbreng van Dodoens op het medische domein. Vele
van de door hem beschreven kruiden werden immers geïmplementeerd in
de medische wetenschap en sommige beschreven exotische en endemische
kruiden en plantenextracten worden vandaag nog altijd gebruikt. Er is
meteen ook een duidelijke link naar de farmaceutische wetenschappen.
Reeds in de zestiende eeuw werden de inzichten van Dodoens toegepast
bij de vervaardiging van verscheidene doelgerichte en baanbrekende
geneesmiddelen.
Dit innovatieve boek werpt een heldere blik op de ontelbare verwezenlijkingen
van deze wereldbefaamde Mechelse wetenschapper. De wetenschappelijke
erfenis van Dodoens kan nauwelijks overschat worden.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Een leraar als geen ander Ontwikkeling van professionele identiteit van leraren door verhalen
Professionele identiteit is een belangrijk begrip voor leraren. Dit boek helpt
de (aanstaande) leraar in zijn zoektocht naar zijn professionele identiteit. Hij
start met zijn eigen belangwekkende ervaringen in de klas, leert daar op
samenhangende wijze over te vertellen en vervolgens over die ervaringen
na te denken, er commentaar op te leveren en tenslotte verslag uit te
brengen van zijn zoektocht. Vertellen, ontwerpen, plannen en structureren
blijken essentiële denkactiviteiten in de ontwikkeling van de professionele
identiteit. Die identiteit manifesteert zich in de verhalen en heet daarom
narratieve professionele identiteit. Het boek bevat een groot aantal voorbeelden
en citaten uit reële verhalen en verslagen van (aanstaande) leraren.
In eerste instantie is het boek bestemd voor studenten van pabo’s, maar
het kan ook van dienst zijn bij andere lerarenopleidingen, nascholingscursussen
of masteropleidingen, in Nederland en in Vlaanderen.
Leraren kunnen nooit ophouden met na te denken over hun professionele
identiteit, de identiteit die ze delen met heel veel andere leraren. Tegelijkertijd
is iedere leraar uniek. Zijn persoonlijke identiteit kleurt zijn professionele
identiteit. Iedere leraar is een leraar als elke andere, maar elke leraar is
ook een leraar als geen ander!
De auteurs zijn werkzaam aan of anderszins betrokken bij Katholieke Pabo Zwolle en hebben ruime ervaring als lerarenopleider.
Een leraar als geen ander Ontwikkeling van professionele identiteit van leraren door verhalen
Professionele identiteit is een belangrijk begrip voor leraren. Dit boek helpt
de (aanstaande) leraar in zijn zoektocht naar zijn professionele identiteit. Hij
start met zijn eigen belangwekkende ervaringen in de klas, leert daar op
samenhangende wijze over te vertellen en vervolgens over die ervaringen
na te denken, er commentaar op te leveren en tenslotte verslag uit te
brengen van zijn zoektocht. Vertellen, ontwerpen, plannen en structureren
blijken essentiële denkactiviteiten in de ontwikkeling van de professionele
identiteit. Die identiteit manifesteert zich in de verhalen en heet daarom
narratieve professionele identiteit. Het boek bevat een groot aantal voorbeelden
en citaten uit reële verhalen en verslagen van (aanstaande) leraren.
In eerste instantie is het boek bestemd voor studenten van pabo’s, maar
het kan ook van dienst zijn bij andere lerarenopleidingen, nascholingscursussen
of masteropleidingen, in Nederland en in Vlaanderen.
Leraren kunnen nooit ophouden met na te denken over hun professionele
identiteit, de identiteit die ze delen met heel veel andere leraren. Tegelijkertijd
is iedere leraar uniek. Zijn persoonlijke identiteit kleurt zijn professionele
identiteit. Iedere leraar is een leraar als elke andere, maar elke leraar is
ook een leraar als geen ander!
De auteurs zijn werkzaam aan of anderszins betrokken bij Katholieke Pabo Zwolle en hebben ruime ervaring als lerarenopleider.
Stadschap Brussel. Kritische bespiegelingen over het stedelijke landschap.
Het stadschap is een belangrijk archiefstuk. De kronkels en vormen
van straten en pleinen zijn getuigen en dikwijls even zo vele littekens
van de geschiedenis van de stad. Gebouwen zijn getuigen van
hun tijd, ook al is hun functie in de loop der tijden veranderd, ook al
zijn zij inmiddels vele keren verbouwd en is de leesbaarheid van hun
verhaal soms vervaagd.
Het boek buigt zich over de archeologie van de toekomst of de
recente metamorfosen van de stad, nieuwe architectuur, nieuwe
gezichten, merkwaardige ingrepen, zowel positieve als van een kritische
noot te voorziene ‘ongelukjes’. Het gaat vooral over tastbare
realisaties, met tussendoor ook al eens een (kwaad) woord over
plannen en speculaties. Deze publicatie vormt een rijk geïllustreerde
bijdrage met commentaren en bespiegelingen bij het veranderende
stadschap, het stedelijke landschap, zoals het zich vandaag
aan onze blik voordoet. Meteen laat ze zien hoe Brussel ook anders
had gekund of nog kan.
Marcel Rijdams, architect-stedenbouwkundige, is stadsactivist en geëngageerd burger in Brussel.
Stadschap Brussel. Kritische bespiegelingen over het stedelijke landschap.
Het stadschap is een belangrijk archiefstuk. De kronkels en vormen
van straten en pleinen zijn getuigen en dikwijls even zo vele littekens
van de geschiedenis van de stad. Gebouwen zijn getuigen van
hun tijd, ook al is hun functie in de loop der tijden veranderd, ook al
zijn zij inmiddels vele keren verbouwd en is de leesbaarheid van hun
verhaal soms vervaagd.
Het boek buigt zich over de archeologie van de toekomst of de
recente metamorfosen van de stad, nieuwe architectuur, nieuwe
gezichten, merkwaardige ingrepen, zowel positieve als van een kritische
noot te voorziene ‘ongelukjes’. Het gaat vooral over tastbare
realisaties, met tussendoor ook al eens een (kwaad) woord over
plannen en speculaties. Deze publicatie vormt een rijk geïllustreerde
bijdrage met commentaren en bespiegelingen bij het veranderende
stadschap, het stedelijke landschap, zoals het zich vandaag
aan onze blik voordoet. Meteen laat ze zien hoe Brussel ook anders
had gekund of nog kan.
Marcel Rijdams, architect-stedenbouwkundige, is stadsactivist en geëngageerd burger in Brussel.
Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 7.
Artikelen / Articles
The rise and fall of the Benoît network (1940-1943).
Robin Liefferinckx
‘Terreur’ in Antwerpen. De Wollwebergroep Revisited: de Oorlogsjaren,
de Britse Connectie, en de Naoorlogse Periode
Alexander Lindemans
Le déserteur, source de renseignements du Secret Service – Les interrogatoires du Réseau
Hunter aux Pays-Bas de 1916 à 1918
Gwendal Piégais
De a priori- en a posteriori controlemechanismen op de Veiligheid van de Staat onder de
loep genomen
Nathan Burssens
Private intelligence services: their activities and role in public-military intelligence
strategies
Veerle Pashley & Marc Cools
Toespraken / Discours
Speech Minister van Justitie Koen Geens ter gelegenheid van de Jubileumviering “185 jaar
Veiligheid van de Staat”
Koen Geens
Je ne vous ai pas oubliés: Le début de la résistance
Andrée Dumont
«Nous avons vécus dans l’ombre. Restons dans l’ombre». Témoignage d’un agent du
réseau de sabotage «Groupe G»
Jacques Jadoul
Des femmes dans le renseignement belge: un défi permanent
Professionnelles du SGRS, de la Sûreté de l’État, du Comité permanent R et Chloé Aeberhardt
Review
Het belang van het Gedenkboek Inlichtings- en Actie Agenten voor de verzetsgeschiedenis
Els Witte
Cahiers Inlichtingenstudies – BISC nr 7.
Artikelen / Articles
The rise and fall of the Benoît network (1940-1943).
Robin Liefferinckx
‘Terreur’ in Antwerpen. De Wollwebergroep Revisited: de Oorlogsjaren,
de Britse Connectie, en de Naoorlogse Periode
Alexander Lindemans
Le déserteur, source de renseignements du Secret Service – Les interrogatoires du Réseau
Hunter aux Pays-Bas de 1916 à 1918
Gwendal Piégais
De a priori- en a posteriori controlemechanismen op de Veiligheid van de Staat onder de
loep genomen
Nathan Burssens
Private intelligence services: their activities and role in public-military intelligence
strategies
Veerle Pashley & Marc Cools
Toespraken / Discours
Speech Minister van Justitie Koen Geens ter gelegenheid van de Jubileumviering “185 jaar
Veiligheid van de Staat”
Koen Geens
Je ne vous ai pas oubliés: Le début de la résistance
Andrée Dumont
«Nous avons vécus dans l’ombre. Restons dans l’ombre». Témoignage d’un agent du
réseau de sabotage «Groupe G»
Jacques Jadoul
Des femmes dans le renseignement belge: un défi permanent
Professionnelles du SGRS, de la Sûreté de l’État, du Comité permanent R et Chloé Aeberhardt
Review
Het belang van het Gedenkboek Inlichtings- en Actie Agenten voor de verzetsgeschiedenis
Els Witte
Mensenrechten en opsporing, terrorisme en migratie. Update in de criminologie VII (Gandaius Publicaties, VIII)
In dit boek wordt het thema mensenrechten gelinkt aan drie domeinen
in volle evolutie: opsporing, terreurbestrijding en migratie.
De gebundelde bijdragen zijn actuele onderzoeksartikelen, van
de hand van auteurs binnen de vakgroep Criminologie, Strafrecht
en Sociaal Recht van de UGent.
Inzake opsporing worden de nieuwe wet inzake internet- en
informaticarecherche en de herziening van de private opsporing
aan een grondrechtelijke analyse onderworpen. Legitimiteits- en
legaliteitsvragen in de sfeer van terreurbestrijding focussen op
aanzetten tot terrorisme respectievelijk reizen met terroristisch
oogmerk. Inzake migratie volgen een mensenrechtelijke toets
van het Europese asieldetentiebeleid en kritische reflecties
inzake slachtofferschap en het EU-beleid inzake mensensmokkel
en -handel.
Mensenrechten en opsporing, terrorisme en migratie. Update in de criminologie VII (Gandaius Publicaties, VIII)
In dit boek wordt het thema mensenrechten gelinkt aan drie domeinen
in volle evolutie: opsporing, terreurbestrijding en migratie.
De gebundelde bijdragen zijn actuele onderzoeksartikelen, van
de hand van auteurs binnen de vakgroep Criminologie, Strafrecht
en Sociaal Recht van de UGent.
Inzake opsporing worden de nieuwe wet inzake internet- en
informaticarecherche en de herziening van de private opsporing
aan een grondrechtelijke analyse onderworpen. Legitimiteits- en
legaliteitsvragen in de sfeer van terreurbestrijding focussen op
aanzetten tot terrorisme respectievelijk reizen met terroristisch
oogmerk. Inzake migratie volgen een mensenrechtelijke toets
van het Europese asieldetentiebeleid en kritische reflecties
inzake slachtofferschap en het EU-beleid inzake mensensmokkel
en -handel.
Oplossingsgerichte aanpak van obesitas. Ervaringen van tieners en hun ouders
Overgewicht neemt in Europa in hoog tempo toe. Gewaarschuwd wordt voor Amerikaanse
toestanden: obesitas als volksziekte nummer 1. Niet alleen onder volwassenen, maar ook
onder jeugd is het probleem groeiend. De gevolgen van overgewicht zijn ernstig voor hun
gezondheid, voor hun sociale en psychische functioneren, nu en in de toekomst.
Hoe obesitas op een succesvolle manier aan te pakken? Gezonde voeding thuis, op school
en in de sportkantine, actief bewegen in de buurt en op school, ouders van informatie en
tips voorzien, stimuleren van een gezonde en actieve leefstijl. En dan liefst op een positieve
manier, want een opgeheven vinger en moraliserende toon - vertellen hoe het ‘moet’ - werken
averechts.
Dit boek beschrijft op een toegankelijke manier hoe een multidisciplinair team van een Amsterdamse
kinderpolikliniek een Zweedse behandelmethode vertaalde naar de Nederlandse
situatie. Kern van de behandeling bestaat uit motiveren en coachen van kinderen en hun
ouders om hun leefstijl stapsgewijs, in eigen tempo, passend bij hun leefsituatie te veranderen.
Geen dwingende gedragsvoorschriften, maar positief stimuleren van het gezin om
haalbare doelen te stellen en hen daarin ondersteunen.
Daarnaast komt in het boek een sociaal en cultureel diverse groep tieners en ouders aan
het woord. Hoe ervaren ze de begeleiding? Lukt het om de adviezen en tips toe te passen,
hun leefstijl te veranderen? Wat helpt en stimuleert om vol te houden? De beschreven ervaringen
kunnen een brede groep behandelaars - diëtisten, artsen, gezinscoaches, verpleegkundigen,
sportbegeleiders - informeren en inspireren om niet alleen oog te hebben voor
de medische en lichamelijke kant. Er is veel meer nodig dan wegen, meten en dieetlijstjes
opstellen. Van belang is aan te sluiten bij de gezinssituatie en leefomgeving van tieners en
ouders, te kijken en te luisteren naar wat zij nodig hebben, en begeleiding op maat aan te
bieden. Niet elke tiener is immers hetzelfde.
Pauline Naber is als lector Leefwerelden van Jeugd verbonden aan Hogeschool Inholland, Emran Riffi Acharki is werkzaam als docent bij Hogeschool van Amsterdam.
Oplossingsgerichte aanpak van obesitas. Ervaringen van tieners en hun ouders
Overgewicht neemt in Europa in hoog tempo toe. Gewaarschuwd wordt voor Amerikaanse
toestanden: obesitas als volksziekte nummer 1. Niet alleen onder volwassenen, maar ook
onder jeugd is het probleem groeiend. De gevolgen van overgewicht zijn ernstig voor hun
gezondheid, voor hun sociale en psychische functioneren, nu en in de toekomst.
Hoe obesitas op een succesvolle manier aan te pakken? Gezonde voeding thuis, op school
en in de sportkantine, actief bewegen in de buurt en op school, ouders van informatie en
tips voorzien, stimuleren van een gezonde en actieve leefstijl. En dan liefst op een positieve
manier, want een opgeheven vinger en moraliserende toon - vertellen hoe het ‘moet’ - werken
averechts.
Dit boek beschrijft op een toegankelijke manier hoe een multidisciplinair team van een Amsterdamse
kinderpolikliniek een Zweedse behandelmethode vertaalde naar de Nederlandse
situatie. Kern van de behandeling bestaat uit motiveren en coachen van kinderen en hun
ouders om hun leefstijl stapsgewijs, in eigen tempo, passend bij hun leefsituatie te veranderen.
Geen dwingende gedragsvoorschriften, maar positief stimuleren van het gezin om
haalbare doelen te stellen en hen daarin ondersteunen.
Daarnaast komt in het boek een sociaal en cultureel diverse groep tieners en ouders aan
het woord. Hoe ervaren ze de begeleiding? Lukt het om de adviezen en tips toe te passen,
hun leefstijl te veranderen? Wat helpt en stimuleert om vol te houden? De beschreven ervaringen
kunnen een brede groep behandelaars - diëtisten, artsen, gezinscoaches, verpleegkundigen,
sportbegeleiders - informeren en inspireren om niet alleen oog te hebben voor
de medische en lichamelijke kant. Er is veel meer nodig dan wegen, meten en dieetlijstjes
opstellen. Van belang is aan te sluiten bij de gezinssituatie en leefomgeving van tieners en
ouders, te kijken en te luisteren naar wat zij nodig hebben, en begeleiding op maat aan te
bieden. Niet elke tiener is immers hetzelfde.
Pauline Naber is als lector Leefwerelden van Jeugd verbonden aan Hogeschool Inholland, Emran Riffi Acharki is werkzaam als docent bij Hogeschool van Amsterdam.
Middelburg en de Mediene. Joods leven in Zeeland door de eeuwen heen.
De geschiedenis van de Joden in Middelburg en de rest van Zeeland is een fascinerend onderwerp, waarin actuele thema’s als godsdienstvrijheid, tolerantie, integratie en discriminatie een belangrijke rol spelen. Middelburg is trots op zijn vrijheidsgezindheid en inderdaad, toen Portugese Joden zich aan het begin van de zeventiende eeuw in Middelburg vestigden, konden zij in de Zeeuwse hoofdstad veilig terugkeren naar de godsdienst die zij onder de druk van de Spaanse Inquisitie hadden moeten opgeven. Ondanks de oppositie van de Middelburgse kerkenraad werd aan de godsdienstvrijheid voor Joden niet getornd, ook al werden zij in andere opzichten gediscrimineerd. Toen de Joden gelijkberechtigd werden aan het einde van de achttiende eeuw, begon hun integratie in de Nederlandse maatschappij. In dit boek wordt in detail getoond hoe succesvol die was tot het fatale jaar 1942, toen de Zeeuwse Joden werden gedeporteerd naar Amsterdam op weg naar de vernietiging. Dit leek het einde te betekenen van het Joodse leven in Zeeland, maar het is anders gegaan, zoals in dit boek wordt uiteengezet. De synagoge van Middelburg, die tijdens de oorlog in een puinhoop was veranderd, werd in volle glorie hersteld, terwijl ook de Joodse gemeente van Zeeland is herleefd. Als teken hiervan weerklinkt in de fraaie Middelburgse synagoge elke sjabbat en elke feestdag weer de stem van de voorzanger. De boeiende geschiedenis van de Joden in Zeeland wordt in dit rijk geïllustreerde boek levendig beschreven door een keur van deskundigen, waardoor een veelzijdig beeld ontstaat van de plaats die deze bevolkingsgroep binnen Zeeland heeft ingenomen en nog steeds inneemt door de eeuwen heen.
KLAAS A.D. SMELIK doceerde Hebreeuws, Hebreeuwse Bijbel, Jodendom, Oude Geschiedenis en Oudoosterse religies in Amsterdam, Utrecht, Den Haag, Brussel, Leuven en Gent. Sinds 2006 is hij directeur van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum in Middelburg. Hij heeft een veertigtal boeken op zijn naam staan.
ARJAN VAN DIXHOORN is sinds 2013 namens het Familiefonds Hurgronje bijzonder hoogleraar in de Geschiedenis van Zeeland in de Wereld aan het University College Roosevelt (Universiteit Utrecht) in Middelburg. Van 2005 tot en met 2014 was hij postdoctoraal onderzoeker aan de universiteiten van Antwerpen en Gent.
Middelburg en de Mediene. Joods leven in Zeeland door de eeuwen heen.
De geschiedenis van de Joden in Middelburg en de rest van Zeeland is een fascinerend onderwerp, waarin actuele thema’s als godsdienstvrijheid, tolerantie, integratie en discriminatie een belangrijke rol spelen. Middelburg is trots op zijn vrijheidsgezindheid en inderdaad, toen Portugese Joden zich aan het begin van de zeventiende eeuw in Middelburg vestigden, konden zij in de Zeeuwse hoofdstad veilig terugkeren naar de godsdienst die zij onder de druk van de Spaanse Inquisitie hadden moeten opgeven. Ondanks de oppositie van de Middelburgse kerkenraad werd aan de godsdienstvrijheid voor Joden niet getornd, ook al werden zij in andere opzichten gediscrimineerd. Toen de Joden gelijkberechtigd werden aan het einde van de achttiende eeuw, begon hun integratie in de Nederlandse maatschappij. In dit boek wordt in detail getoond hoe succesvol die was tot het fatale jaar 1942, toen de Zeeuwse Joden werden gedeporteerd naar Amsterdam op weg naar de vernietiging. Dit leek het einde te betekenen van het Joodse leven in Zeeland, maar het is anders gegaan, zoals in dit boek wordt uiteengezet. De synagoge van Middelburg, die tijdens de oorlog in een puinhoop was veranderd, werd in volle glorie hersteld, terwijl ook de Joodse gemeente van Zeeland is herleefd. Als teken hiervan weerklinkt in de fraaie Middelburgse synagoge elke sjabbat en elke feestdag weer de stem van de voorzanger. De boeiende geschiedenis van de Joden in Zeeland wordt in dit rijk geïllustreerde boek levendig beschreven door een keur van deskundigen, waardoor een veelzijdig beeld ontstaat van de plaats die deze bevolkingsgroep binnen Zeeland heeft ingenomen en nog steeds inneemt door de eeuwen heen.
KLAAS A.D. SMELIK doceerde Hebreeuws, Hebreeuwse Bijbel, Jodendom, Oude Geschiedenis en Oudoosterse religies in Amsterdam, Utrecht, Den Haag, Brussel, Leuven en Gent. Sinds 2006 is hij directeur van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum in Middelburg. Hij heeft een veertigtal boeken op zijn naam staan.
ARJAN VAN DIXHOORN is sinds 2013 namens het Familiefonds Hurgronje bijzonder hoogleraar in de Geschiedenis van Zeeland in de Wereld aan het University College Roosevelt (Universiteit Utrecht) in Middelburg. Van 2005 tot en met 2014 was hij postdoctoraal onderzoeker aan de universiteiten van Antwerpen en Gent.
Praktijkboek Non-profit crowdfunding
Dit is het eerste Nederlandstalige boek dat de crowdfunders in België voor de non-profit erg transparant in kaart brengt. Het doet een opsomming van alle crowdfunders die ooit zijn opgestart of wilden opstarten, inclusief wie stopten. Het zet alle succesfactoren rond crowdfunding netjes op een rij en geeft een individuele, vaak kritische analyse van alle relevante crowdfunders voor de non-profitsector, met een quotatie van hun resultaten en technische kenmerken.
De auteur geeft een blik achter de schermen, toont verbanden en relaties aan tussen verschillende initiatieven in de crowdfundingwereld, bespreekt desbetreffende websites en biedt een duidelijke werkmethode aan voor crowdfunding voor non-profit.
Dirk A.J. Coeckelbergh is een van de bekendste auteurs rond non-profit, sociale economie, ethiek en financiën. Hij studeerde rechtsgeleerdheid, politieke en sociale wetenschappen, innovatieve sociale marketing en cultuurmanagement. Hij werkte als bankier-verzekeraar. Momenteel is hij consultant, freelance docent, bestuurder en adviseur van vennootschappen en verenigingen.
Praktijkboek Non-profit crowdfunding
Dit is het eerste Nederlandstalige boek dat de crowdfunders in België voor de non-profit erg transparant in kaart brengt. Het doet een opsomming van alle crowdfunders die ooit zijn opgestart of wilden opstarten, inclusief wie stopten. Het zet alle succesfactoren rond crowdfunding netjes op een rij en geeft een individuele, vaak kritische analyse van alle relevante crowdfunders voor de non-profitsector, met een quotatie van hun resultaten en technische kenmerken.
De auteur geeft een blik achter de schermen, toont verbanden en relaties aan tussen verschillende initiatieven in de crowdfundingwereld, bespreekt desbetreffende websites en biedt een duidelijke werkmethode aan voor crowdfunding voor non-profit.
Dirk A.J. Coeckelbergh is een van de bekendste auteurs rond non-profit, sociale economie, ethiek en financiën. Hij studeerde rechtsgeleerdheid, politieke en sociale wetenschappen, innovatieve sociale marketing en cultuurmanagement. Hij werkte als bankier-verzekeraar. Momenteel is hij consultant, freelance docent, bestuurder en adviseur van vennootschappen en verenigingen.




