Jodocus Lommius (1527? – 1572) and Anna van Egmond, countess of Buren (1533 – 1558)
Lommius was born in Buren (Gelderland), around 1527, and later gave himself the Latinized name Jodocus Lommius Buranus in his works. He studied medicine in Leuven (1549) and in 1554 he first became city doctor in Tournai. He knew Jean Fernel, professor of medicine in Paris. Together with Andreas Vesalius he stood at the deathbed of Anna van Buren, wife of William of Orange-Nassau, in Breda in November 1558. He published three works, of which his work on semiology Medicinalium observationum libri tres was by far the best known. At that time he was city doctor in Brussels. It is very likely that he later moved to Vienna as a court physician of Emperor Maximilian II, where he was responsible for the care of his children.
Towards the end of his life he had a function at the Court in Madrid, where he deceased in 1572. Lommius may be considered the founder of medical semiology and the first to devote a systematic study to it and develop it as a discipline. He warned against the abuse of traditional treatments such as bloodletting and purgations, as these are potentially dangerous and can lead to an avoidable death. Many consider him a representative and innovator of Hippocratic medicine.
Maurits Biesbrouck published a Dutch translation of book one of the 1543 Fabrica by Vesalius, as well as a Vesalius bibliography and a summary and discussion of the editions of his works and letters, both of which are updated every year at www.andreasvesalius.be.
Francis Van Glabbeek is a professor at the Faculty of Medicine at the University of Antwerp. He is an orthopedic surgeon and vice chair of the orthopedic and traumatology department of the University Hospital Antwerp. At the Faculty of Medicine he is responsible for the musculoskeletal anatomy and the history of medicine.
Dr. Theodoor Goddeeris, born in 1942 in Kortrijk (Belgium), was an internist geriatrician at the AZ Groeninge in Kortrijk. He has a lifelong interest in the history of the sixteenth century and published on medieval numismatics. E-post: tgoddeeris[at]hotmail.com
Jodocus Lommius (1527? – 1572) and Anna van Egmond, countess of Buren (1533 – 1558)
Lommius was born in Buren (Gelderland), around 1527, and later gave himself the Latinized name Jodocus Lommius Buranus in his works. He studied medicine in Leuven (1549) and in 1554 he first became city doctor in Tournai. He knew Jean Fernel, professor of medicine in Paris. Together with Andreas Vesalius he stood at the deathbed of Anna van Buren, wife of William of Orange-Nassau, in Breda in November 1558. He published three works, of which his work on semiology Medicinalium observationum libri tres was by far the best known. At that time he was city doctor in Brussels. It is very likely that he later moved to Vienna as a court physician of Emperor Maximilian II, where he was responsible for the care of his children.
Towards the end of his life he had a function at the Court in Madrid, where he deceased in 1572. Lommius may be considered the founder of medical semiology and the first to devote a systematic study to it and develop it as a discipline. He warned against the abuse of traditional treatments such as bloodletting and purgations, as these are potentially dangerous and can lead to an avoidable death. Many consider him a representative and innovator of Hippocratic medicine.
Maurits Biesbrouck published a Dutch translation of book one of the 1543 Fabrica by Vesalius, as well as a Vesalius bibliography and a summary and discussion of the editions of his works and letters, both of which are updated every year at www.andreasvesalius.be.
Francis Van Glabbeek is a professor at the Faculty of Medicine at the University of Antwerp. He is an orthopedic surgeon and vice chair of the orthopedic and traumatology department of the University Hospital Antwerp. At the Faculty of Medicine he is responsible for the musculoskeletal anatomy and the history of medicine.
Dr. Theodoor Goddeeris, born in 1942 in Kortrijk (Belgium), was an internist geriatrician at the AZ Groeninge in Kortrijk. He has a lifelong interest in the history of the sixteenth century and published on medieval numismatics. E-post: tgoddeeris[at]hotmail.com
Jodocus Lommius (1527?-1572) en Anna van Egmond, gravin van Buren (1533-1558) (Reeks: Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en de Gezondheidszorg nr. 22)
Lommius werd omstreeks 1527 in Buren (Gelderland) geboren en gaf zich later in zijn werken de gelatiniseerde naam Jodocus Lommius Buranus. Hij studeerde geneeskunde in Leuven (1549) en werd in 1554 eerst stadsarts in Doornik. Hij kende Jean Fernel, professor geneeskunde in Parijs. Hij stond samen met Andreas Vesalius in november 1558 in Breda aan het sterfbed van Anna van Buren, echtgenote van Willem van Oranje-Nassau. Hij publiceerde drie werken, waarvan zijn werk over semiologie de Medicinalium observationum libri tres veruit het bekendste was. Hij was toen stadsarts in Brussel. Zeer vermoedelijk trok hij nadien in functie van keizer Maximiliaan II naar Wenen, waar hij instond voor de zorg voor de kinderen van de keizer. Tegen het einde van zijn leven kwam hij in functie bij de Madrileense hofhouding en stierf daar in 1572. Lommius mag beschouwd worden als de grondlegger van de medische semiologie en de eerste die er een systematische studie aan wijdde en ze als discipline ontwikkelde. Hij waarschuwde tegen het misbruik van traditionele behandelingen zoals aderlatingen en purgaties die potentieel gevaarlijk waren en tot een vermijdbare dood konden leiden. Velen beschouwen hem als een vertegenwoordiger en vernieuwer van de hippocratische geneeskunde.
Maurits Biesbrouck publiceerde, naast een Nederlandse vertaling van het eerste boek van Vesalius’ Fabrica 1543, een Vesalius-bibliografie en daarnaast ook een overzicht met bespreking van de edities van zijn werken en brieven, beide jaarlijks bijgewerkt in www.andreasvesalius.be.
Francis Van Glabbeek is hoogleraar aan de Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is orthopedisch chirurg en adjunct-diensthoofd van de afdeling orthopedie en traumatologie van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen. Aan de Faculteit Geneeskunde is hij verantwoordelijk voor de musculoskeletale anatomie en de geschiedenis van de geneeskunde.
Dr. Theodoor Goddeeris, geboren in 1942 in Kortrijk, was internist-geriater in het AZ Groeninge te Kortrijk. Hij heeft een levenslange belangstelling voor de geschiedenis van de 16de eeuw en publiceerde over de middeleeuwse numismatiek.
Jodocus Lommius (1527?-1572) en Anna van Egmond, gravin van Buren (1533-1558) (Reeks: Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en de Gezondheidszorg nr. 22)
Lommius werd omstreeks 1527 in Buren (Gelderland) geboren en gaf zich later in zijn werken de gelatiniseerde naam Jodocus Lommius Buranus. Hij studeerde geneeskunde in Leuven (1549) en werd in 1554 eerst stadsarts in Doornik. Hij kende Jean Fernel, professor geneeskunde in Parijs. Hij stond samen met Andreas Vesalius in november 1558 in Breda aan het sterfbed van Anna van Buren, echtgenote van Willem van Oranje-Nassau. Hij publiceerde drie werken, waarvan zijn werk over semiologie de Medicinalium observationum libri tres veruit het bekendste was. Hij was toen stadsarts in Brussel. Zeer vermoedelijk trok hij nadien in functie van keizer Maximiliaan II naar Wenen, waar hij instond voor de zorg voor de kinderen van de keizer. Tegen het einde van zijn leven kwam hij in functie bij de Madrileense hofhouding en stierf daar in 1572. Lommius mag beschouwd worden als de grondlegger van de medische semiologie en de eerste die er een systematische studie aan wijdde en ze als discipline ontwikkelde. Hij waarschuwde tegen het misbruik van traditionele behandelingen zoals aderlatingen en purgaties die potentieel gevaarlijk waren en tot een vermijdbare dood konden leiden. Velen beschouwen hem als een vertegenwoordiger en vernieuwer van de hippocratische geneeskunde.
Maurits Biesbrouck publiceerde, naast een Nederlandse vertaling van het eerste boek van Vesalius’ Fabrica 1543, een Vesalius-bibliografie en daarnaast ook een overzicht met bespreking van de edities van zijn werken en brieven, beide jaarlijks bijgewerkt in www.andreasvesalius.be.
Francis Van Glabbeek is hoogleraar aan de Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is orthopedisch chirurg en adjunct-diensthoofd van de afdeling orthopedie en traumatologie van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen. Aan de Faculteit Geneeskunde is hij verantwoordelijk voor de musculoskeletale anatomie en de geschiedenis van de geneeskunde.
Dr. Theodoor Goddeeris, geboren in 1942 in Kortrijk, was internist-geriater in het AZ Groeninge te Kortrijk. Hij heeft een levenslange belangstelling voor de geschiedenis van de 16de eeuw en publiceerde over de middeleeuwse numismatiek.
Marry me chicken. Over kipgerechten – 4e uitgave
De liefde van de man gaat door de maag. Ondanks dat dit gezegde veelvuldig gebruikt wordt en vaak humoristisch ingezet wordt om te omschrijven hoe iemand van goed eten houdt, blijkt uit onderzoek dat het zeker op waarheid berust. Voor een groot deel van de bevolking is een culinaire voorkeur bepalend voor de partnerkeuze.
“Marry Me Chicken” moet hierbij de culinaire garantie zijn dat je partner je ten huwelijk vraagt. En ken je het als lekkerste kippengerecht verkozen Butter Chicken? Of blijf je chill en verkies je Coca-Cola chicken?
Dit kookboekje bevat echt gemakkelijke en kruidige kiprecepten, vaak gewoon ovenschotels, die superlekker zijn en erg snel klaargemaakt kunnen worden.
Omdat kikkerbillen dicht bij kip aanleunen zijn er ook een aantal recepten voor kikkerbillen toegevoegd. Hetzelfde kan gezegd worden van fazant, kalkoen, struisvogel en zelfs krokodil.
Stefan Ruysschaert is beroepshalve met fiscaliteit bezig maar leerde de basisvaardigheden van het koken bij Spermalie in Brugge. Een gepassioneerde kok is een ambachtsman die de liefde voor het product omzet in heerlijke gerechten. Koken is een permanent leerproces en ons adagium is dan ook “quidquid discis tibi discis”.
Marry me chicken. Over kipgerechten – 4e uitgave
De liefde van de man gaat door de maag. Ondanks dat dit gezegde veelvuldig gebruikt wordt en vaak humoristisch ingezet wordt om te omschrijven hoe iemand van goed eten houdt, blijkt uit onderzoek dat het zeker op waarheid berust. Voor een groot deel van de bevolking is een culinaire voorkeur bepalend voor de partnerkeuze.
“Marry Me Chicken” moet hierbij de culinaire garantie zijn dat je partner je ten huwelijk vraagt. En ken je het als lekkerste kippengerecht verkozen Butter Chicken? Of blijf je chill en verkies je Coca-Cola chicken?
Dit kookboekje bevat echt gemakkelijke en kruidige kiprecepten, vaak gewoon ovenschotels, die superlekker zijn en erg snel klaargemaakt kunnen worden.
Omdat kikkerbillen dicht bij kip aanleunen zijn er ook een aantal recepten voor kikkerbillen toegevoegd. Hetzelfde kan gezegd worden van fazant, kalkoen, struisvogel en zelfs krokodil.
Stefan Ruysschaert is beroepshalve met fiscaliteit bezig maar leerde de basisvaardigheden van het koken bij Spermalie in Brugge. Een gepassioneerde kok is een ambachtsman die de liefde voor het product omzet in heerlijke gerechten. Koken is een permanent leerproces en ons adagium is dan ook “quidquid discis tibi discis”.
Scampi. Over reuzengarnalen mét en zonder kop – 4e, herziene en uitgebreide uitgave
Wie houdt er niet van scampi diabolique of scampi in lookboter? Scampi zijn lekker, niet duur, en heel snel klaar. Er staan honderden recepten voor scampi of gamba’s op het internet. Dit boek bevat een selectie van deze recepten en legt het verschil uit tussen scampi, gamba’s, langoustines, langoesten en andere reuzengarnalen.
Probeer eens scampi geflambeerd met Ricard. Of waarom niet scampi met Elixir d’Anvers? Of Scampi met Marsala. Want het geheim zit hem in de lekkere saus…
Stefan Ruysschaert is beroepshalve met fiscaliteit bezig maar leerde de basisvaardigheden van het koken bij Spermalie in Brugge. Een gepassioneerde kok is een ambachtsman die de liefde voor het product omzet in heerlijke gerechten. Koken is een permanent leerproces en ons adagium is dan ook “quidquid discis tibi discis”.
Scampi. Over reuzengarnalen mét en zonder kop – 4e, herziene en uitgebreide uitgave
Wie houdt er niet van scampi diabolique of scampi in lookboter? Scampi zijn lekker, niet duur, en heel snel klaar. Er staan honderden recepten voor scampi of gamba’s op het internet. Dit boek bevat een selectie van deze recepten en legt het verschil uit tussen scampi, gamba’s, langoustines, langoesten en andere reuzengarnalen.
Probeer eens scampi geflambeerd met Ricard. Of waarom niet scampi met Elixir d’Anvers? Of Scampi met Marsala. Want het geheim zit hem in de lekkere saus…
Stefan Ruysschaert is beroepshalve met fiscaliteit bezig maar leerde de basisvaardigheden van het koken bij Spermalie in Brugge. Een gepassioneerde kok is een ambachtsman die de liefde voor het product omzet in heerlijke gerechten. Koken is een permanent leerproces en ons adagium is dan ook “quidquid discis tibi discis”.
De margeregeling toegelicht. Gebruikte goederen, tweedehandse vervoermiddelen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten – 5de, herziene uitgave
De margeregeling is een specifieke btw-regeling die kan toegepast worden door handelaars in gebruikte goederen, tweedehandse vervoermiddelen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. Dit boek bevat een geactualiseerde versie van de toepasselijke regeling, vanuit zowel theoretisch als praktisch oogpunt. Het boek bevat ook de correcte verwerking van de margeregeling in de btw-aangifte, iets wat in de praktijk vaak misloopt. Er werden ook volledig uitgewerkte praktijkcasussen opgenomen waarin ook een aantal specifieke gevallen (onttrekking, …) aan bod komen.
Ten slotte komen ook een aantal specifieke topics inzake de margeregeling aan bod.
Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent en gastdocent aan de HOGENT en de Fiscale Hogeschool (Odisee).
De margeregeling toegelicht. Gebruikte goederen, tweedehandse vervoermiddelen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten – 5de, herziene uitgave
De margeregeling is een specifieke btw-regeling die kan toegepast worden door handelaars in gebruikte goederen, tweedehandse vervoermiddelen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten. Dit boek bevat een geactualiseerde versie van de toepasselijke regeling, vanuit zowel theoretisch als praktisch oogpunt. Het boek bevat ook de correcte verwerking van de margeregeling in de btw-aangifte, iets wat in de praktijk vaak misloopt. Er werden ook volledig uitgewerkte praktijkcasussen opgenomen waarin ook een aantal specifieke gevallen (onttrekking, …) aan bod komen.
Ten slotte komen ook een aantal specifieke topics inzake de margeregeling aan bod.
Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent en gastdocent aan de HOGENT en de Fiscale Hogeschool (Odisee).
The one straw revolution. De filosofie van natuurlijke landbouw
Masanobu Fukuoka (1913-2008, Iyo, Japan) was een veelbelovend microbioloog die in een lab voor plantenziekten van de douane in Yokohama werkte. Na een bijna fatale longontsteking en daaropvolgende depressie op 25-jarige leeftijd kreeg hij een diep besef van de volmaaktheid van de natuur en de vernietiging ervan door menselijk ingrijpen, en gooide hij zijn leven helemaal om. Hij diende zijn ontslag in, keerde terug naar zijn geboortestreek en werd landbouwer. Na jaren van afzondering publiceerde hij artikels over zijn landbouwpraktijk, sprak hij erover op de nationale televisie en verwierf hij nationale bekendheid in Japan. Hij trok ook de aandacht van jongeren van over de hele wereld die zijn boerderij bezochten en in ruil voor kost en inwoon op zijn rijstvelden en in zijn boomgaard werkten, terwijl ze van hem leerden. Het was de tijd van de hippies, de dreiging van een nucleaire oorlog, en van de terugkeer naar de natuur.
In 1975 schreef Masanobu Fukuoka de Japanse voorloper van The One-Straw Revolution: わら一本の革命。自然農法。(Wara ippon no kakumei. Shizen nouhou.). Enkele jaren later werd de Engelstalige bewerking van dit werk geredigeerd door een van zijn Amerikaanse leerlingen, Larry Korn.
Een halve eeuw later, in tijden van covid, landbouw- en voedselcrisissen, en verregaande ‘wetenschappelijke’ ingrepen in de natuur, klinkt Fukuoka’s kritiek op academische kennis en wetenschap, op het voedsel- en landbouwbeleid van overheden, en op geopolitiek brandend actueel.
In dit boek neemt Masanobu Fukuoka je mee langs zijn rijstvelden en citrusboomgaard, terwijl hij zijn holistische filosofie en natuurlijke landbouwpraktijken uit de doeken doet. Hij maakt duidelijk dat natuurlijk voedsel onlosmakelijk verbonden is met natuurlijke landbouw en met de mens die zijn natuurlijke intuïtie cultiveert en zo min mogelijk ingrijpt in de natuur. Landbouw is voor Fukuoka een bezielde praktijk die de eenheid tussen mens en natuur kan herstellen en kan zorgen voor overvloed.
Deze Nederlandse editie, van de hand van Sarah Van Camp, bevat de integrale vertaling van de Engelse tekst en van het laatste hoofdstuk van de Japanse versie, waarin Fukuoka zijn reis naar Californië in 1981 beschrijft.
Sarah Van Camp studeerde af als japanoloog in 1991 en behaalde een postgraduaat literair vertalen in 2018 aan de KU Leuven. Ze vertaalt uit het Japans en uit het Engels. Eerder verschenen bij Garant/Maklu boeken van haar over de Japanse taal.
The one straw revolution. De filosofie van natuurlijke landbouw
Masanobu Fukuoka (1913-2008, Iyo, Japan) was een veelbelovend microbioloog die in een lab voor plantenziekten van de douane in Yokohama werkte. Na een bijna fatale longontsteking en daaropvolgende depressie op 25-jarige leeftijd kreeg hij een diep besef van de volmaaktheid van de natuur en de vernietiging ervan door menselijk ingrijpen, en gooide hij zijn leven helemaal om. Hij diende zijn ontslag in, keerde terug naar zijn geboortestreek en werd landbouwer. Na jaren van afzondering publiceerde hij artikels over zijn landbouwpraktijk, sprak hij erover op de nationale televisie en verwierf hij nationale bekendheid in Japan. Hij trok ook de aandacht van jongeren van over de hele wereld die zijn boerderij bezochten en in ruil voor kost en inwoon op zijn rijstvelden en in zijn boomgaard werkten, terwijl ze van hem leerden. Het was de tijd van de hippies, de dreiging van een nucleaire oorlog, en van de terugkeer naar de natuur.
In 1975 schreef Masanobu Fukuoka de Japanse voorloper van The One-Straw Revolution: わら一本の革命。自然農法。(Wara ippon no kakumei. Shizen nouhou.). Enkele jaren later werd de Engelstalige bewerking van dit werk geredigeerd door een van zijn Amerikaanse leerlingen, Larry Korn.
Een halve eeuw later, in tijden van covid, landbouw- en voedselcrisissen, en verregaande ‘wetenschappelijke’ ingrepen in de natuur, klinkt Fukuoka’s kritiek op academische kennis en wetenschap, op het voedsel- en landbouwbeleid van overheden, en op geopolitiek brandend actueel.
In dit boek neemt Masanobu Fukuoka je mee langs zijn rijstvelden en citrusboomgaard, terwijl hij zijn holistische filosofie en natuurlijke landbouwpraktijken uit de doeken doet. Hij maakt duidelijk dat natuurlijk voedsel onlosmakelijk verbonden is met natuurlijke landbouw en met de mens die zijn natuurlijke intuïtie cultiveert en zo min mogelijk ingrijpt in de natuur. Landbouw is voor Fukuoka een bezielde praktijk die de eenheid tussen mens en natuur kan herstellen en kan zorgen voor overvloed.
Deze Nederlandse editie, van de hand van Sarah Van Camp, bevat de integrale vertaling van de Engelse tekst en van het laatste hoofdstuk van de Japanse versie, waarin Fukuoka zijn reis naar Californië in 1981 beschrijft.
Sarah Van Camp studeerde af als japanoloog in 1991 en behaalde een postgraduaat literair vertalen in 2018 aan de KU Leuven. Ze vertaalt uit het Japans en uit het Engels. Eerder verschenen bij Garant/Maklu boeken van haar over de Japanse taal.
Wetboek Strafrecht – Strafwetboek, Wetboek van Strafvordering, Bijzondere wetten 46e dr. (bijgewerkt tot 1 augustus 2025)
Deze 46ste uitgave van de pocket Strafrecht bundelt naast het Strafwetboek en het Wetboek van Strafvordering, ook een aantal uittreksels uit de Grondwet, het Gerechtelijk Wetboek en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Bovendien bevat dit zakwetboekje tevens, chronologisch geordend, de bijzondere wetten die een algemeen belang hebben voor het strafrecht of voor de strafvordering. Zowel studenten als rechtspractici (politieambtenaren, magistraten, advocaten, ...) beschikken met dit zakwetboekje over een accurate, zeer recente en voordelige tekstuitgave.
Een uitgebreid herwerkt alfabetisch trefwoordenregister maakt het geheel bovendien erg gebruiksvriendelijk. Alle teksten zijn bijgewerkt tot 1 augustus 2025.
Gert Vermeulen is gewoon hoogleraar (internationaal en Europees) strafrecht aan de Universiteit Gent en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en van het Knowledge and Research Platform Privacy, Information Exchange, Law Enforcement and Surveillance (PIXLES). Hij voert internationaal relevant wetenschappelijk onderzoek op het brede terrein van het strafrechtelijk beleid.
Wetboek Strafrecht – Strafwetboek, Wetboek van Strafvordering, Bijzondere wetten 46e dr. (bijgewerkt tot 1 augustus 2025)
Deze 46ste uitgave van de pocket Strafrecht bundelt naast het Strafwetboek en het Wetboek van Strafvordering, ook een aantal uittreksels uit de Grondwet, het Gerechtelijk Wetboek en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Bovendien bevat dit zakwetboekje tevens, chronologisch geordend, de bijzondere wetten die een algemeen belang hebben voor het strafrecht of voor de strafvordering. Zowel studenten als rechtspractici (politieambtenaren, magistraten, advocaten, ...) beschikken met dit zakwetboekje over een accurate, zeer recente en voordelige tekstuitgave.
Een uitgebreid herwerkt alfabetisch trefwoordenregister maakt het geheel bovendien erg gebruiksvriendelijk. Alle teksten zijn bijgewerkt tot 1 augustus 2025.
Gert Vermeulen is gewoon hoogleraar (internationaal en Europees) strafrecht aan de Universiteit Gent en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en van het Knowledge and Research Platform Privacy, Information Exchange, Law Enforcement and Surveillance (PIXLES). Hij voert internationaal relevant wetenschappelijk onderzoek op het brede terrein van het strafrechtelijk beleid.
De vergane lusthoven Oude en Nieuwe Donck, het kasteeldomein Boeckenberg en de Unitas Tuinwijk. Een historische reconstructie van de bewoning
In 2025 viert de Unitas Tuinwijk zijn honderdjarig bestaan. Deze wijk op het Eksterlaar te Deurne is omwille van haar architectuur beschermd als bouwkundig erfgoed. Ze werd in de jaren 1924-1932 gebouwd op de gronden van de Oude en de Nieuwe Donck, twee lusthoven die gelegen waren naast het kasteeldomein Boeckenberg.
Het bijbehorend park was in de jaren vóór de Eerste Wereldoorlog ternauwernood ontsnapt aan de verkavelingswoede van het toenmalige gemeentebestuur. Die wilde het huidige Boekenbergpark en de aanpalende gronden omvormen tot een luxueuze villawijk. Dan was ook de tuinwijk er op die plek nooit gekomen.
De auteur gaat in dit boek 400 jaar terug in de tijd, op zoek naar de opeenvolgende eigenaars van de Oude Donck, de Nieuwe Donck en Boeckenberg. Of was het destijds Bockenberg? Ook de andere lusthoven in de omgeving passeren de revue. Hij tracht de eigenaars/bewoners een gelaat te geven. Wie waren zij? Wat waren hun onderlinge familiebanden? Waar woonden ze? Hoe verdienden ze hun geld?
Welke andere eigendommen bezaten ze? Jarenlang speurwerk in diverse archieven leverde een boeiende inkijk in het leven van deze burgers, in hun entourage, hun weelderig bestaan, anekdotes en intriges. Hun levensverhaal lag besloten in meer dan duizend juridische akten die de auteur heeft weten te traceren.
Jan Michiels is natuurkundige van opleiding. Hij was betrokken bij de oprichting en werking van het Federaal Overheidsagentschap voor de Controle op de Nucleaire sector (FANC). Na zijn pensionering stortte hij zich op de bewoningsgeschiedenis van zijn huis, zijn straat, zijn wijk. Aanleiding was de wegvoering in september 1942 uit zijn woning van een Joodse dame naar Auschwitz, die de vrouw van de heer des huizes bleek te zijn. Daarna heeft een uit de hand gelopen hobby tot dit boek geleid.
De vergane lusthoven Oude en Nieuwe Donck, het kasteeldomein Boeckenberg en de Unitas Tuinwijk. Een historische reconstructie van de bewoning
In 2025 viert de Unitas Tuinwijk zijn honderdjarig bestaan. Deze wijk op het Eksterlaar te Deurne is omwille van haar architectuur beschermd als bouwkundig erfgoed. Ze werd in de jaren 1924-1932 gebouwd op de gronden van de Oude en de Nieuwe Donck, twee lusthoven die gelegen waren naast het kasteeldomein Boeckenberg.
Het bijbehorend park was in de jaren vóór de Eerste Wereldoorlog ternauwernood ontsnapt aan de verkavelingswoede van het toenmalige gemeentebestuur. Die wilde het huidige Boekenbergpark en de aanpalende gronden omvormen tot een luxueuze villawijk. Dan was ook de tuinwijk er op die plek nooit gekomen.
De auteur gaat in dit boek 400 jaar terug in de tijd, op zoek naar de opeenvolgende eigenaars van de Oude Donck, de Nieuwe Donck en Boeckenberg. Of was het destijds Bockenberg? Ook de andere lusthoven in de omgeving passeren de revue. Hij tracht de eigenaars/bewoners een gelaat te geven. Wie waren zij? Wat waren hun onderlinge familiebanden? Waar woonden ze? Hoe verdienden ze hun geld?
Welke andere eigendommen bezaten ze? Jarenlang speurwerk in diverse archieven leverde een boeiende inkijk in het leven van deze burgers, in hun entourage, hun weelderig bestaan, anekdotes en intriges. Hun levensverhaal lag besloten in meer dan duizend juridische akten die de auteur heeft weten te traceren.
Jan Michiels is natuurkundige van opleiding. Hij was betrokken bij de oprichting en werking van het Federaal Overheidsagentschap voor de Controle op de Nucleaire sector (FANC). Na zijn pensionering stortte hij zich op de bewoningsgeschiedenis van zijn huis, zijn straat, zijn wijk. Aanleiding was de wegvoering in september 1942 uit zijn woning van een Joodse dame naar Auschwitz, die de vrouw van de heer des huizes bleek te zijn. Daarna heeft een uit de hand gelopen hobby tot dit boek geleid.
Denk anders leef meer. Van (intense) emoties de motor van je levensenergie maken
Hoge emoties en een totaal gebrek aan gemoedsrust bezorgen iemand meer ongelukkige dan gelukkige dagen. Het verhindert heel wat mensen om te genieten. Vaak stellen mensen zich dan ook de vraag hoe ze zich goed kunnen voelen, hoe ze echt kunnen leven in plaats van louter te ‘overleven’.
Het antwoord vind je als je anders leert denken en met meer aandacht leert leven in het moment, als je niet lijdt onder je emoties, maar je ze als krachtige motor voor je levensenergie gebruikt.
Dit boek hoopt een gids te zijn die je begeleidt op je reis naar je hoogste doel, namelijk gemoedsrust en een rijker ‘echt’ leven. Het wil inzichten aanreiken en biedt een aantal oefeningen die je kan gebruiken op je leerpad naar een vollediger mens. Maar deze ontdekkingsreis ligt in jouw handen: ga jij de uitdaging aan?
'In het boek beschrijft Ruth hoe ze door een gebrek aan zelfvertrouwen in een denkbeeldige wereld belandt, afgesloten van de realiteit. Ze leert de situatie beheersen door onder andere goede gesprekken met therapeuten. Uiteindelijk komt ze sterker met veel nieuwe inzichten uit deze periode. Dit boek is een aanrader en leidraad voor wie zich in een vergelijkbare moeilijke of emotionele omstandigheid bevindt.' (Liam, medecopywriter)
'Dit boek gaat over leven met lef. Over het zien van je grootsheid én je kwetsbaarheid. Over hoe je met beide in verbinding kunt staan, zonder jezelf te verliezen. Het is een uitnodiging om jezelf en het leven te leren dragen, en vanuit die plek je eigen kunstwerk te creëren.' (Julie, illustrator)
Ruth Lachaert is biomedicus, teamcoach en geboren verbinder. De laatste jaren heeft ze zich toegelegd op praktische psychologie en samen-werken. Ze richtte Katara op, een organisatie die samenwerking en duurzaamheid in menselijke relaties in organisaties promoot en een pleidooi voert voor diversiteit. Met dit boek hoopt ze iets te geven, wat ze graag zelf vroeger had willen weten.
Denk anders leef meer. Van (intense) emoties de motor van je levensenergie maken
Hoge emoties en een totaal gebrek aan gemoedsrust bezorgen iemand meer ongelukkige dan gelukkige dagen. Het verhindert heel wat mensen om te genieten. Vaak stellen mensen zich dan ook de vraag hoe ze zich goed kunnen voelen, hoe ze echt kunnen leven in plaats van louter te ‘overleven’.
Het antwoord vind je als je anders leert denken en met meer aandacht leert leven in het moment, als je niet lijdt onder je emoties, maar je ze als krachtige motor voor je levensenergie gebruikt.
Dit boek hoopt een gids te zijn die je begeleidt op je reis naar je hoogste doel, namelijk gemoedsrust en een rijker ‘echt’ leven. Het wil inzichten aanreiken en biedt een aantal oefeningen die je kan gebruiken op je leerpad naar een vollediger mens. Maar deze ontdekkingsreis ligt in jouw handen: ga jij de uitdaging aan?
'In het boek beschrijft Ruth hoe ze door een gebrek aan zelfvertrouwen in een denkbeeldige wereld belandt, afgesloten van de realiteit. Ze leert de situatie beheersen door onder andere goede gesprekken met therapeuten. Uiteindelijk komt ze sterker met veel nieuwe inzichten uit deze periode. Dit boek is een aanrader en leidraad voor wie zich in een vergelijkbare moeilijke of emotionele omstandigheid bevindt.' (Liam, medecopywriter)
'Dit boek gaat over leven met lef. Over het zien van je grootsheid én je kwetsbaarheid. Over hoe je met beide in verbinding kunt staan, zonder jezelf te verliezen. Het is een uitnodiging om jezelf en het leven te leren dragen, en vanuit die plek je eigen kunstwerk te creëren.' (Julie, illustrator)
Ruth Lachaert is biomedicus, teamcoach en geboren verbinder. De laatste jaren heeft ze zich toegelegd op praktische psychologie en samen-werken. Ze richtte Katara op, een organisatie die samenwerking en duurzaamheid in menselijke relaties in organisaties promoot en een pleidooi voert voor diversiteit. Met dit boek hoopt ze iets te geven, wat ze graag zelf vroeger had willen weten.
