Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De positie van de minderjarige in het erfrecht (Erfenisvakdag Cahiers, nr. 1)

 22,00

Jaarlijks zijn tienduizenden kinderen betrokken bij het overlijden van een (stief)ouder en de afwikkeling van de nalatenschap. De wet geeft regels voor het veilig stellen van de erfrechtelijke positie van het (minderjarige) kind. Het gaat dan om de nalatenschap van zowel zijn eerst-overleden ouder als van die van de langstlevende. De situatie waarin de langstlevende ouder in de tussentijd een nieuwe partner heeft gekregen levert vooral veel problemen op voor kinderen.

Om deze positie van het kind in het erfrecht veilig te stellen legt de wet aan verschillende professionals verplichtingen op. De reikwijdte van deze voorschriften en de praktische toepassing ervan zijn voorwerp van discussie. Dit cahier maakt duidelijk op welke wijze de verschillende betrokken beroepsgroepen invulling geven aan de nakoming van deze bepalingen.

De Erfenisvakdag is een initiatief van de Stichting Nalatenschapsmediation, die ijvert voor de toepassing van mediation bij de afwikkeling van nalatenschappen, alsmede in preventieve zin.

Naar aanleiding van elke Erfenisvakdag verschijnt een thematisch cahier met een bundeling van de uitgewerkte voordrachten.

Quick View

De positie van de minderjarige in het erfrecht (Erfenisvakdag Cahiers, nr. 1)

 22,00

Jaarlijks zijn tienduizenden kinderen betrokken bij het overlijden van een (stief)ouder en de afwikkeling van de nalatenschap. De wet geeft regels voor het veilig stellen van de erfrechtelijke positie van het (minderjarige) kind. Het gaat dan om de nalatenschap van zowel zijn eerst-overleden ouder als van die van de langstlevende. De situatie waarin de langstlevende ouder in de tussentijd een nieuwe partner heeft gekregen levert vooral veel problemen op voor kinderen.

Om deze positie van het kind in het erfrecht veilig te stellen legt de wet aan verschillende professionals verplichtingen op. De reikwijdte van deze voorschriften en de praktische toepassing ervan zijn voorwerp van discussie. Dit cahier maakt duidelijk op welke wijze de verschillende betrokken beroepsgroepen invulling geven aan de nakoming van deze bepalingen.

De Erfenisvakdag is een initiatief van de Stichting Nalatenschapsmediation, die ijvert voor de toepassing van mediation bij de afwikkeling van nalatenschappen, alsmede in preventieve zin.

Naar aanleiding van elke Erfenisvakdag verschijnt een thematisch cahier met een bundeling van de uitgewerkte voordrachten.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Criminologen op de arbeidsmarkt

 20,00
Ter gelegenheid van de plechtige proclamatie van de afgestudeerde criminologen van het academiejaar 2011-2012 hield Paul Ponsaers een afscheidsrede ter gelegenheid van zijn emeritaat. Een uitgebreide versie van deze rede is opgenomen in dit boekje.

Hierin kijkt hij achteruit, naar de plaats die criminologen verworven hebben op de arbeidsmarkt en stelt vast dat er geen reden is om te praten over precariteit, maar wel dat de arbeidspositie van afgestudeerde criminologen op diverse punten om een bijzondere aandacht vraagt. Ponsaers kijkt ook vooruit, naar de toekomst van de criminologie in Vlaanderen. Hij reflecteert over de academisering van hogeschoolopleidingen, over studieduurverlenging en over betere afstemming met het politieonderwijs. Op tal van punten zijn deze nieuwe ontwikkelingen even zovele uitdagingen voor het criminologieonderwijs in de naaste toekomst.

Paul Ponsaers

Paul Ponsaers (°13 maart 1952) is licentiaat in de Sociologie en doctor in de Criminologie. Hij startte zijn wetenschappelijke loopbaan als wetenschappelijk medewerker aan de KULeuven. Na een journalistieke periode bij het dagblad De Morgen werkte hij als hoofddocent Rechtssociologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Naderhand was hij gedurende een tiental jaar als afdelingshoofd werkzaam bij de dienst Politiebeleidsondersteuning, eerst bij de Algemene Rijkspolitie (BiZa), later bij de Algemene Politiesteundienst. Daar startte hij een aantal grootschalige wetenschappelijke projecten op, o.m. de politiële geregistreerde criminaliteitsstatistieken en de veiligheidsmonitor. Vanaf 1998 was hij verbonden aan de UGent, Vakgroep Strafrecht & Criminologie, Onderzoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse, waar hij in de domeinen van de Politiewetenschappen, de Rechtssociologie en Financieel- Economische Criminaliteit doceerde. Sinds oktober 2012 is hij emeritus gewoon hoogleraar.

Paul blijft nog erg actief in het criminologisch domein. Zo is hij voorzitter van de vzw Centrum voor Politiestudies (CPS) en lid van het editorial board van de Cahiers Politiestudies en regionaal editor van het European Journal for Policing studies. Tevens is hij voorzitter van de vzw Panopticon en lid van de hoofdredactie van het gelijknamig tijdschrift. Paul is lid van de stuurgroep van het internationaal GERN-netwerk (Parijs) en voorzitter van de internationale wetenschappelijke raad van het NSCR. Hij is voorzitter van de redactieraad van het internationale Het Groene Gras, en stichtend lid van de redactie van Orde van de Dag. Hij publiceerde talrijke artikels en (bijdragen in) boeken in nationale en internationale tijdschriften met betrekking tot politiestudies, financieel-economische criminaliteit, criminaliteitsanalyse en veiligheidsbeleid. Hij heeft het plan opgevat zijn publicatie-activiteiten nog te activeren bij de start van zijn emeritaat.

Quick View

Criminologen op de arbeidsmarkt

 20,00
Ter gelegenheid van de plechtige proclamatie van de afgestudeerde criminologen van het academiejaar 2011-2012 hield Paul Ponsaers een afscheidsrede ter gelegenheid van zijn emeritaat. Een uitgebreide versie van deze rede is opgenomen in dit boekje.

Hierin kijkt hij achteruit, naar de plaats die criminologen verworven hebben op de arbeidsmarkt en stelt vast dat er geen reden is om te praten over precariteit, maar wel dat de arbeidspositie van afgestudeerde criminologen op diverse punten om een bijzondere aandacht vraagt. Ponsaers kijkt ook vooruit, naar de toekomst van de criminologie in Vlaanderen. Hij reflecteert over de academisering van hogeschoolopleidingen, over studieduurverlenging en over betere afstemming met het politieonderwijs. Op tal van punten zijn deze nieuwe ontwikkelingen even zovele uitdagingen voor het criminologieonderwijs in de naaste toekomst.

Paul Ponsaers

Paul Ponsaers (°13 maart 1952) is licentiaat in de Sociologie en doctor in de Criminologie. Hij startte zijn wetenschappelijke loopbaan als wetenschappelijk medewerker aan de KULeuven. Na een journalistieke periode bij het dagblad De Morgen werkte hij als hoofddocent Rechtssociologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Naderhand was hij gedurende een tiental jaar als afdelingshoofd werkzaam bij de dienst Politiebeleidsondersteuning, eerst bij de Algemene Rijkspolitie (BiZa), later bij de Algemene Politiesteundienst. Daar startte hij een aantal grootschalige wetenschappelijke projecten op, o.m. de politiële geregistreerde criminaliteitsstatistieken en de veiligheidsmonitor. Vanaf 1998 was hij verbonden aan de UGent, Vakgroep Strafrecht & Criminologie, Onderzoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse, waar hij in de domeinen van de Politiewetenschappen, de Rechtssociologie en Financieel- Economische Criminaliteit doceerde. Sinds oktober 2012 is hij emeritus gewoon hoogleraar.

Paul blijft nog erg actief in het criminologisch domein. Zo is hij voorzitter van de vzw Centrum voor Politiestudies (CPS) en lid van het editorial board van de Cahiers Politiestudies en regionaal editor van het European Journal for Policing studies. Tevens is hij voorzitter van de vzw Panopticon en lid van de hoofdredactie van het gelijknamig tijdschrift. Paul is lid van de stuurgroep van het internationaal GERN-netwerk (Parijs) en voorzitter van de internationale wetenschappelijke raad van het NSCR. Hij is voorzitter van de redactieraad van het internationale Het Groene Gras, en stichtend lid van de redactie van Orde van de Dag. Hij publiceerde talrijke artikels en (bijdragen in) boeken in nationale en internationale tijdschriften met betrekking tot politiestudies, financieel-economische criminaliteit, criminaliteitsanalyse en veiligheidsbeleid. Hij heeft het plan opgevat zijn publicatie-activiteiten nog te activeren bij de start van zijn emeritaat.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Leveringsvoorwaarden in internationale overeenkomsten. Incoterms anders bekeken

 97,70

De Internationale Kamer van Koophandel (International Chamber of Commerce – ICC) vaardigt met een zekere regelmaat nieuwe versies uit van zijn ‘Incoterms’.

De jongste versie dateert van 2010. Die Incoterms zijn wereldwijd gehanteerde drieletterwoorden die het risico en de kosten van de levering verdelen tussen een koper en een verkoper in internationale (en binnenlandse) contracten. Het intensieve gebruik van deze drieletterwoorden belet niet dat in de praktijk over hun precieze inhoud en draagwijdte tal van misverstanden bestaan.

Dit boek bespreekt op een heldere wijze de toepassing en achtergronden van de Incoterms. Aan de hand van concrete praktijkvoorbeelden verduidelijkt het de vele facetten van de realiteit achter de levering.

Marc A. Huybrechts over deze uitgave: ''... een buitengewoon accuraat, volledig en betrouwbaar werk over de Incoterms, volledig op de praktijk van de internationale handel gericht, maar evenzeer stevig wetenschappelijk juridisch onderbouwd. Dit boek is werkelijk een aanrader voor wie zich aan het internationaal handelsrecht interesseert.'' (RW 2014-15, Jg 78 nr. 2)

Koen Vanheusden is directeur bij het Agentschap voor Buitenlandse Handel. Hij is lid van de expertengroep van de ICC inzake Incoterms en voorzitter van de Task Force on International Sales van dezelfde organisatie. Hij doceert aan verschillende universitaire instellingen alsook voor talrijke internationale organisaties. Al meer dan 25 jaar begeleidt hij exporteurs en importeurs bij de redactie en uitvoering van hun internationale contracten.

Quick View

Leveringsvoorwaarden in internationale overeenkomsten. Incoterms anders bekeken

 97,70

De Internationale Kamer van Koophandel (International Chamber of Commerce – ICC) vaardigt met een zekere regelmaat nieuwe versies uit van zijn ‘Incoterms’.

De jongste versie dateert van 2010. Die Incoterms zijn wereldwijd gehanteerde drieletterwoorden die het risico en de kosten van de levering verdelen tussen een koper en een verkoper in internationale (en binnenlandse) contracten. Het intensieve gebruik van deze drieletterwoorden belet niet dat in de praktijk over hun precieze inhoud en draagwijdte tal van misverstanden bestaan.

Dit boek bespreekt op een heldere wijze de toepassing en achtergronden van de Incoterms. Aan de hand van concrete praktijkvoorbeelden verduidelijkt het de vele facetten van de realiteit achter de levering.

Marc A. Huybrechts over deze uitgave: ''... een buitengewoon accuraat, volledig en betrouwbaar werk over de Incoterms, volledig op de praktijk van de internationale handel gericht, maar evenzeer stevig wetenschappelijk juridisch onderbouwd. Dit boek is werkelijk een aanrader voor wie zich aan het internationaal handelsrecht interesseert.'' (RW 2014-15, Jg 78 nr. 2)

Koen Vanheusden is directeur bij het Agentschap voor Buitenlandse Handel. Hij is lid van de expertengroep van de ICC inzake Incoterms en voorzitter van de Task Force on International Sales van dezelfde organisatie. Hij doceert aan verschillende universitaire instellingen alsook voor talrijke internationale organisaties. Al meer dan 25 jaar begeleidt hij exporteurs en importeurs bij de redactie en uitvoering van hun internationale contracten.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Basistechnieken van de bedrijfsrevisor in het kader van fraude – Techniques de base du reviseur d’entreprises dans le cadre de la fraude (Reeks ICCI 2012-1)

 52,00

Nederlands
Dit boek brengt in kaart welke verplichtingen bij de controle van de jaarrekening de bedrijfsrevisor heeft in het kader van fraude en over welke middelen hij beschikt. Eerst worden de verschillen tussen de verplichtingen van de gecontroleerde organisatie en van de bedrijfsrevisor uiteengezet en toegelicht hoe de commissaris moet handelen wanneer er sprake is van fraude of onwettige handelingen en aan welke organen en instanties hij fraude moet melden.

Verder wordt de notie fraude en de strafrechtelijke implicaties voor de bedrijfsrevisor besproken. De regels in verband met de strafrechtelijke aansprakelijkheid in het ondernemingsstrafrecht, de toerekening van een misdrijf aan de bedrijfsrevisor als natuurlijke persoon en als rechtspersoon en een overzicht van de gemeenrechtelijke en bijzondere fraudemisdrijven komen achtereenvolgens aan bod.

Het bestuursorgaan is als eerste en enige verantwoordelijk voor het voorkomen van fraude in de jaarrekening. Een deugdelijk anti-fraudebeleid bevat vijf componenten: Fraud risk governance; Fraud risk assessment; Fraudepreventie; Fraudedetectie; en Fraudeonderzoek, sanctie en herstel. Forensic auditing is een recente vorm van audit, ontstaan vanuit fraudebestrijding.

Ten slotte worden basistechnieken voor een bedrijfsrevisor in het kader van fraude en jaarrekening (financiële overzichten) belicht. Er wordt een uitgebreide beschrijving gegeven van de verschillende fraudemechanismen, zoals het frauduleus verhogen, verlagen, vervroegen of vertragen van inkomsten en kosten. Het boek sluit af met drie praktische voorbeelden van werkprogramma’s voor bedrijfsrevisoren.

Inhoudsopgave
Voorwoord

Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie:ICCI Reeks



Français
Cet ouvrage fait un tour d’horizon des obligations du réviseur d’entreprises lors du contrôle des comptes annuels en matière de fraude ainsi que des moyens dont il dispose. D’abord, les différences entre les obligations de l’organisation contrôlée et celles du réviseur d’entreprises sont abordées et il est expliqué comment le commissaire doit réagir face à la fraude ou à des actes illégaux et auprès de quels organes et instances il doit déclarer la fraude.

Ensuite, la notion de fraude et les implications pénales pour le réviseur d’entreprises sont traitées. Les règles relatives à la responsabilité pénale dans le droit pénal des entreprises, l’imputation d’un délit au réviseur d’entreprises en tant que personne physique et en tant que personne morale et un aperçu des délits de fraude, de droit commun et particuliers sont mis en lumière.

La direction est la première et seule responsable de la prévention de la fraude dans les comptes annuels. Une politique adéquate de lutte contre la fraude comprend cinq composants : Fraud risk governance, Fraud risk assessment, prévention des fraudes, détection des fraudes et enquête antifraude, sanction et réparation. Le forensic auditing est une nouvelle forme d’audit née de la lutte contre la fraude.

En dernier lieu, les techniques de base des réviseurs d’entreprises dans le cadre de la fraude et des comptes annuels (états nanciers) sont abordées. Une description détaillée est donnée des différents mécanismes de fraude, tels que l’augmentation, la diminution, l’affectation antérieure ou l’affectation postérieure de revenus et de coûts. L’ouvrage se termine par trois exemples pratiques de programmes de travail destinés aux réviseurs d’entreprises.

Table des matières
<a href="http://www.

Quick View

Basistechnieken van de bedrijfsrevisor in het kader van fraude – Techniques de base du reviseur d’entreprises dans le cadre de la fraude (Reeks ICCI 2012-1)

 52,00

Nederlands
Dit boek brengt in kaart welke verplichtingen bij de controle van de jaarrekening de bedrijfsrevisor heeft in het kader van fraude en over welke middelen hij beschikt. Eerst worden de verschillen tussen de verplichtingen van de gecontroleerde organisatie en van de bedrijfsrevisor uiteengezet en toegelicht hoe de commissaris moet handelen wanneer er sprake is van fraude of onwettige handelingen en aan welke organen en instanties hij fraude moet melden.

Verder wordt de notie fraude en de strafrechtelijke implicaties voor de bedrijfsrevisor besproken. De regels in verband met de strafrechtelijke aansprakelijkheid in het ondernemingsstrafrecht, de toerekening van een misdrijf aan de bedrijfsrevisor als natuurlijke persoon en als rechtspersoon en een overzicht van de gemeenrechtelijke en bijzondere fraudemisdrijven komen achtereenvolgens aan bod.

Het bestuursorgaan is als eerste en enige verantwoordelijk voor het voorkomen van fraude in de jaarrekening. Een deugdelijk anti-fraudebeleid bevat vijf componenten: Fraud risk governance; Fraud risk assessment; Fraudepreventie; Fraudedetectie; en Fraudeonderzoek, sanctie en herstel. Forensic auditing is een recente vorm van audit, ontstaan vanuit fraudebestrijding.

Ten slotte worden basistechnieken voor een bedrijfsrevisor in het kader van fraude en jaarrekening (financiële overzichten) belicht. Er wordt een uitgebreide beschrijving gegeven van de verschillende fraudemechanismen, zoals het frauduleus verhogen, verlagen, vervroegen of vertragen van inkomsten en kosten. Het boek sluit af met drie praktische voorbeelden van werkprogramma’s voor bedrijfsrevisoren.

Inhoudsopgave
Voorwoord

Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie:ICCI Reeks



Français
Cet ouvrage fait un tour d’horizon des obligations du réviseur d’entreprises lors du contrôle des comptes annuels en matière de fraude ainsi que des moyens dont il dispose. D’abord, les différences entre les obligations de l’organisation contrôlée et celles du réviseur d’entreprises sont abordées et il est expliqué comment le commissaire doit réagir face à la fraude ou à des actes illégaux et auprès de quels organes et instances il doit déclarer la fraude.

Ensuite, la notion de fraude et les implications pénales pour le réviseur d’entreprises sont traitées. Les règles relatives à la responsabilité pénale dans le droit pénal des entreprises, l’imputation d’un délit au réviseur d’entreprises en tant que personne physique et en tant que personne morale et un aperçu des délits de fraude, de droit commun et particuliers sont mis en lumière.

La direction est la première et seule responsable de la prévention de la fraude dans les comptes annuels. Une politique adéquate de lutte contre la fraude comprend cinq composants : Fraud risk governance, Fraud risk assessment, prévention des fraudes, détection des fraudes et enquête antifraude, sanction et réparation. Le forensic auditing est une nouvelle forme d’audit née de la lutte contre la fraude.

En dernier lieu, les techniques de base des réviseurs d’entreprises dans le cadre de la fraude et des comptes annuels (états nanciers) sont abordées. Une description détaillée est donnée des différents mécanismes de fraude, tels que l’augmentation, la diminution, l’affectation antérieure ou l’affectation postérieure de revenus et de coûts. L’ouvrage se termine par trois exemples pratiques de programmes de travail destinés aux réviseurs d’entreprises.

Table des matières
<a href="http://www.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

European Union Health Law. Treaties and Legislation. (Reeks Maklu Wetteksten België & Nederland)

 66,90
The book contains EU related health legislation relevant to legal training programs on EU law and Health(care). Despite the availability of numerous handbooks, a collection of EU legislation on health was missing.

This volume includes relevant treaty law provisions, and secondary legislation (abridged) on health or health related norms, clustered as: EU treaty law, human rights and health, public health, patient safety, consumer protection, patient mobility, mobility of health professionals, pharmaceuticals, medical devices, data protection, insurance and competition law.

André den Exter is lecturer in Health Law at the Institute of Health Policy and Management, Erasmus University Rotterdam.

Tamara K. Hervey is Jean Monnet Professor of EU law and Director of the LLM (European Health Law and Policy) at the School of Law, University of Sheffield, UK.

Quick View

European Union Health Law. Treaties and Legislation. (Reeks Maklu Wetteksten België & Nederland)

 66,90
The book contains EU related health legislation relevant to legal training programs on EU law and Health(care). Despite the availability of numerous handbooks, a collection of EU legislation on health was missing.

This volume includes relevant treaty law provisions, and secondary legislation (abridged) on health or health related norms, clustered as: EU treaty law, human rights and health, public health, patient safety, consumer protection, patient mobility, mobility of health professionals, pharmaceuticals, medical devices, data protection, insurance and competition law.

André den Exter is lecturer in Health Law at the Institute of Health Policy and Management, Erasmus University Rotterdam.

Tamara K. Hervey is Jean Monnet Professor of EU law and Director of the LLM (European Health Law and Policy) at the School of Law, University of Sheffield, UK.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De politierol bekeken door de bril van de burger. Een caleidoscoop van verwachtingen en betekenissen (Reeks Politiestudies, nr. 4)

 49,95

De studie van de politierol in onze samenleving wordt gekenmerkt door discussies die één van de meest fundamentele actoren vergeet, namelijk de burger. Verschillende onderzoeken tonen echter aan dat het de burger is die de politie in belangrijke mate aanstuurt. In dit boek, het resultaat van doctoraatsonderzoek, wordt de rol gedefinieerd als een bundel van verwachtingen die burgers hebben over de politie. Deze sociologische roldefiniëring impliceert dat verwachtingen erg verweven zijn met betekenissen die burgers geven aan de politie.

De auteur hanteert een multi-methodologisch design. Ter voorbereiding voerde zij gedurende acht maanden een participerende observatie uit in twee lokale politiekorpsen. Niet minder dan 120 burgers van verschillende leeftijden die wonen in een ruraal of urbaan gebied, werden uitgebreid geïnterviewd. Op basis van de analyse van de onderzoeksresultaten blijkt dat het bestuderen van de politierol een caleidoscoop van verwachtingen en betekenissen genereert.

Isabel Verwee is doctor in de criminologie. Zij is als vrijwillig academisch medewerker verbonden aan de vakgroep criminologie van de Vrije Universiteit Brussel.

Meer info over Reeks Politiestudies

Quick View

De politierol bekeken door de bril van de burger. Een caleidoscoop van verwachtingen en betekenissen (Reeks Politiestudies, nr. 4)

 49,95

De studie van de politierol in onze samenleving wordt gekenmerkt door discussies die één van de meest fundamentele actoren vergeet, namelijk de burger. Verschillende onderzoeken tonen echter aan dat het de burger is die de politie in belangrijke mate aanstuurt. In dit boek, het resultaat van doctoraatsonderzoek, wordt de rol gedefinieerd als een bundel van verwachtingen die burgers hebben over de politie. Deze sociologische roldefiniëring impliceert dat verwachtingen erg verweven zijn met betekenissen die burgers geven aan de politie.

De auteur hanteert een multi-methodologisch design. Ter voorbereiding voerde zij gedurende acht maanden een participerende observatie uit in twee lokale politiekorpsen. Niet minder dan 120 burgers van verschillende leeftijden die wonen in een ruraal of urbaan gebied, werden uitgebreid geïnterviewd. Op basis van de analyse van de onderzoeksresultaten blijkt dat het bestuderen van de politierol een caleidoscoop van verwachtingen en betekenissen genereert.

Isabel Verwee is doctor in de criminologie. Zij is als vrijwillig academisch medewerker verbonden aan de vakgroep criminologie van de Vrije Universiteit Brussel.

Meer info over Reeks Politiestudies

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

European criminal justice and policy ((GofS) – Governance of Security Research Paper Series, Vol. 7)

 58,50
After no less than five entirely double blind peer reviewed volumes in the GofS Research Paper Series have been released in 2009, 2010 and 2011 the editorial board is proud to issue again a set of two more volumes comprising original and new research papers that have been proofed by international peers.

Volume 6 focuses on Social conflicts, citizens and policing. Its table of contents is provided below the brief description of the papers comprised in the current book, which constitutes Volume 7, dealing with European criminal justice and policy. Reviewing the policy (background) with respect to different phases in the criminal justice chain, the contributions range from looking into the extension of criminalization in the sphere of trafficking in human beings and labour exploitation to the operability of cross-border execution of sentences involving deprivation of liberty.

Most contributions look into the need to develop a conceptual framework to support future policy making, pointing to the lack thereof with respect to liability of legal persons, ne bis in idem as an EU principle, cross-border effect of disqualifications and cooperation with private security actors.

One contribution looks into the public expenditure in different phases of the criminal justice chain, based on a case study on the public expenditure of Belgian drug policy. Finally, one contribution analyses the specific European and Chinese interrogation rules from a historical and comparative perspective to provide a solid context for the current situation and support future legal reforms.

Quick View

European criminal justice and policy ((GofS) – Governance of Security Research Paper Series, Vol. 7)

 58,50
After no less than five entirely double blind peer reviewed volumes in the GofS Research Paper Series have been released in 2009, 2010 and 2011 the editorial board is proud to issue again a set of two more volumes comprising original and new research papers that have been proofed by international peers.

Volume 6 focuses on Social conflicts, citizens and policing. Its table of contents is provided below the brief description of the papers comprised in the current book, which constitutes Volume 7, dealing with European criminal justice and policy. Reviewing the policy (background) with respect to different phases in the criminal justice chain, the contributions range from looking into the extension of criminalization in the sphere of trafficking in human beings and labour exploitation to the operability of cross-border execution of sentences involving deprivation of liberty.

Most contributions look into the need to develop a conceptual framework to support future policy making, pointing to the lack thereof with respect to liability of legal persons, ne bis in idem as an EU principle, cross-border effect of disqualifications and cooperation with private security actors.

One contribution looks into the public expenditure in different phases of the criminal justice chain, based on a case study on the public expenditure of Belgian drug policy. Finally, one contribution analyses the specific European and Chinese interrogation rules from a historical and comparative perspective to provide a solid context for the current situation and support future legal reforms.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Social conflicts, citizens and policing ((GofS) – Governance of Security Research Paper Series, Vol. 6)

 46,00

After no less than five entirely double blind peer reviewed volumes in the GofS Research Paper Series have been released in 2009, 2010 and 2011 the editorial board is proud to issue again a set of two more volumes comprising original and new research papers that have been proofed by international peers

Volume 6, providing new empirical data, theories and analyses on Social Conflicts, Citizens and Policing.
Some articles in Volume 6 focus on the current manifestation of specific socially and/or legally criminalised social conflicts as being radicalisation and informal economy. Some other articles discuss new actors that are involved in governance of security in order to support the conventional actors. The authors refer specifically to citizens and private companies. A last set of articles presents the results of perception studies on trust, punitiveness and the electronic monitoring at home. The participation of students or convicts to scientific research enables a critical reflection on governance of security.

Volume 7 focuses on topical issues in European criminal justice and policy.
(read more)

Quick View

Social conflicts, citizens and policing ((GofS) – Governance of Security Research Paper Series, Vol. 6)

 46,00

After no less than five entirely double blind peer reviewed volumes in the GofS Research Paper Series have been released in 2009, 2010 and 2011 the editorial board is proud to issue again a set of two more volumes comprising original and new research papers that have been proofed by international peers

Volume 6, providing new empirical data, theories and analyses on Social Conflicts, Citizens and Policing.
Some articles in Volume 6 focus on the current manifestation of specific socially and/or legally criminalised social conflicts as being radicalisation and informal economy. Some other articles discuss new actors that are involved in governance of security in order to support the conventional actors. The authors refer specifically to citizens and private companies. A last set of articles presents the results of perception studies on trust, punitiveness and the electronic monitoring at home. The participation of students or convicts to scientific research enables a critical reflection on governance of security.

Volume 7 focuses on topical issues in European criminal justice and policy.
(read more)

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Aansprakelijkheid, ziekte en WIA (Reeks Integraal Ambtenarenrecht, deel 4) (Nederlands Recht)

 40,10

In dit vierde deel van de reeks worden aspecten besproken, waarmee het bevoegd gezag en een ambtenaar tijdens ziekte van laatstgenoemde te maken krijgen. Het gaat dan om ziekte, of beter eigenlijk nog: arbeidsongeschiktheid in relatie tot de rechtspositie van de ambtenaar.

  • Wat gebeurt er precies wanneer een ambtenaar aangeeft ziek te zijn en niet naar zijn werk te kunnen komen?

  • Welke rol heeft de leidinggevende en wat doet een bedrijfsarts?

  • Hoe zit het nu precies met arbeidsconflicten?


  • Naast deze meer praktische onderwerpen wordt uitgebreid stilgestaan bij de Wet WIA en onderwerpen die daarmee samenhangen zoals het eigenrisicodragerschap (ERD), rechtsbescherming bij besluitvorming van het UWV, de relatie met de rechtspositionele reglementen en reintegratieverplichtingen.

    Quick View

    Aansprakelijkheid, ziekte en WIA (Reeks Integraal Ambtenarenrecht, deel 4) (Nederlands Recht)

     40,10

    In dit vierde deel van de reeks worden aspecten besproken, waarmee het bevoegd gezag en een ambtenaar tijdens ziekte van laatstgenoemde te maken krijgen. Het gaat dan om ziekte, of beter eigenlijk nog: arbeidsongeschiktheid in relatie tot de rechtspositie van de ambtenaar.

  • Wat gebeurt er precies wanneer een ambtenaar aangeeft ziek te zijn en niet naar zijn werk te kunnen komen?

  • Welke rol heeft de leidinggevende en wat doet een bedrijfsarts?

  • Hoe zit het nu precies met arbeidsconflicten?


  • Naast deze meer praktische onderwerpen wordt uitgebreid stilgestaan bij de Wet WIA en onderwerpen die daarmee samenhangen zoals het eigenrisicodragerschap (ERD), rechtsbescherming bij besluitvorming van het UWV, de relatie met de rechtspositionele reglementen en reintegratieverplichtingen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Nederlands – Arabisch juridisch glossarium

     24,00
    Dit glossarium is het resultaat van jarenlange vertaalarbeid van juridische en administratieve teksten van het Nederlands naar het Arabisch, en omgekeerd. Het bevat een tweeduizendtal juridische termen afkomstig uit de Nederlandstalige Belgische rechtspraak. Daarnaast komen er een driehonderdtal termen en woorden aan bod die in de vakliteratuur bij Vlaamse sociaal tolken voorkomen. Daarom is dit glossarium een onmisbaar hulpmiddel voor juridisch en sociaal vertalers en tolken, die vertalen van het Nederlands naar het Arabisch en omgekeerd.

    Dr. Abied Alsulaiman doceert sinds 1994 Arabisch, juridisch vertalen, literair vertalen en algemeen tolken Arabisch aan de Subfaculteit Taal en Communicatie van de Lessius/KU Leuven. Hij staat sinds 2000 in voor het examineren van kandidaten juridisch vertalers en juridisch tolken in de opleiding gerechtsvertalen en -tolken, die door de Subfaculteit Taal en Communicatie van de Lessius/KU Leuven en de Rechtbank van Eerste Aanleg te Antwerpen wordt georganiseerd. Tevens is hij een jurylid bij het examineren van Vlaamse sociaal tolken.

    Quick View

    Nederlands – Arabisch juridisch glossarium

     24,00
    Dit glossarium is het resultaat van jarenlange vertaalarbeid van juridische en administratieve teksten van het Nederlands naar het Arabisch, en omgekeerd. Het bevat een tweeduizendtal juridische termen afkomstig uit de Nederlandstalige Belgische rechtspraak. Daarnaast komen er een driehonderdtal termen en woorden aan bod die in de vakliteratuur bij Vlaamse sociaal tolken voorkomen. Daarom is dit glossarium een onmisbaar hulpmiddel voor juridisch en sociaal vertalers en tolken, die vertalen van het Nederlands naar het Arabisch en omgekeerd.

    Dr. Abied Alsulaiman doceert sinds 1994 Arabisch, juridisch vertalen, literair vertalen en algemeen tolken Arabisch aan de Subfaculteit Taal en Communicatie van de Lessius/KU Leuven. Hij staat sinds 2000 in voor het examineren van kandidaten juridisch vertalers en juridisch tolken in de opleiding gerechtsvertalen en -tolken, die door de Subfaculteit Taal en Communicatie van de Lessius/KU Leuven en de Rechtbank van Eerste Aanleg te Antwerpen wordt georganiseerd. Tevens is hij een jurylid bij het examineren van Vlaamse sociaal tolken.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Need for and feasibility of an EU offence policy

     22,00

    Starting from the observation that criminal law is different in each of the member states as a result of which

    (1) what constitutes an offence in one member state does not necessarily constitute an offence in another member state,
    (2) even where offences are equally criminalised in all member states, the sanction levels may still vary and
    (3) more generally, the position of the offences in the entirety of the justice system may vary,

    the question arises to what extent those so-called offence diversities are an obstacle for EU policy making and to what extent it is feasible to overcome those obstacles.


    The author underpins the need for the development of an EU offence policy, using the common criminalisation acquis as a centre piece. She argues that the common criminalisation acquis can help

    (1) to ensure comparability of crime statistics,
    (2) to avoid redundant double criminality testing,
    (3) to overcome evidence gathering difficulties,
    (4) to clarify the mandates of the EU level actors,
    (5) to identify the equivalent national sentence and
    (6) to scope the taking account of prior convictions.

    The only condition: the development of a comprehensive, consistent and well-balanced EU offence policy.


    This book contains the conclusions of her publication based doctoral thesis defended at Ghent University on 22 June 2012. It is essential reading for policy makers both at national and European level in any policy field that is linked to offences.

    Wendy De Bondt holds a master’s degree in law (2006) and criminology (2007) and a PhD in law (2012). She has been a member of the Institute for International Research on Criminal Policy affiliated to the Department of Penal Law and Criminology of Ghent University since 2007.

    Quick View

    Need for and feasibility of an EU offence policy

     22,00

    Starting from the observation that criminal law is different in each of the member states as a result of which

    (1) what constitutes an offence in one member state does not necessarily constitute an offence in another member state,
    (2) even where offences are equally criminalised in all member states, the sanction levels may still vary and
    (3) more generally, the position of the offences in the entirety of the justice system may vary,

    the question arises to what extent those so-called offence diversities are an obstacle for EU policy making and to what extent it is feasible to overcome those obstacles.


    The author underpins the need for the development of an EU offence policy, using the common criminalisation acquis as a centre piece. She argues that the common criminalisation acquis can help

    (1) to ensure comparability of crime statistics,
    (2) to avoid redundant double criminality testing,
    (3) to overcome evidence gathering difficulties,
    (4) to clarify the mandates of the EU level actors,
    (5) to identify the equivalent national sentence and
    (6) to scope the taking account of prior convictions.

    The only condition: the development of a comprehensive, consistent and well-balanced EU offence policy.


    This book contains the conclusions of her publication based doctoral thesis defended at Ghent University on 22 June 2012. It is essential reading for policy makers both at national and European level in any policy field that is linked to offences.

    Wendy De Bondt holds a master’s degree in law (2006) and criminology (2007) and a PhD in law (2012). She has been a member of the Institute for International Research on Criminal Policy affiliated to the Department of Penal Law and Criminology of Ghent University since 2007.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Burenoverlast. Remedies tegen de overlastgevende huurder (Nederlands Recht – 2de herziene uitgave)

     36,00
    Burenoverlast, vaak in de vorm van geluidsoverlast, is een ernstigprobleem dat veelvuldig voorkomt in ons dichtbevolkte land,vooral in de grote steden. Een niet onaanzienlijk gedeelte van dehuurrechtrechtspraak gaat dan ook over burenoverlast. Veel van diejurisprudentie wordt niet gepubliceerd omdat het juridisch minderinteressant is. Vaak gaat het om een kort gedingprocedure totontruiming omdat de boosdoener het te bont heeft gemaakt.

    In de juridische literatuur over het huurrecht is meestal een gedeelte aanburenoverlast gewijd. Maar de problematiek wordt dan niet van allekanten belicht. In deze literatuur wordt doorgaans ook geen aandachtbesteed aan de praktische aanpak: welk bewijs telt? Hoe verkrijg je datbewijs? Wanneer een kort geding en wanneer een bodemprocedure?Hoe om te gaan met bange buren die niet durven te getuigen? Welkevormen van hulp zijn er voordat er geprocedeerd wordt? Wat is de gangzaken bij de ontruiming? Welke kosten zijn gemoeid met procederen?

    Dit boek behandelt niet alleen alle juridische aspecten van dit fenomeen,maar ook de praktische en vult daarmee een belangrijke lacune op.

    Alle betrokken partijen bij burenoverlast hebben hiermee eenuitstekende gids. Het boek richt zich in de eerste plaats tot professionalsdie zich bezighouden met de huur en verhuur van woonruimte:advocaten, rechters, woningcorporatiemedewerkers, makelaars,medewerkers van vastgoedbedrijven en huurdersorganisaties,beheerders, sociaal raadslieden, maatschappelijk werkers endeurwaarders.
    Geen voorraad
    Placeholder Image
    Quick View

    Burenoverlast. Remedies tegen de overlastgevende huurder (Nederlands Recht – 2de herziene uitgave)

     36,00
    Burenoverlast, vaak in de vorm van geluidsoverlast, is een ernstigprobleem dat veelvuldig voorkomt in ons dichtbevolkte land,vooral in de grote steden. Een niet onaanzienlijk gedeelte van dehuurrechtrechtspraak gaat dan ook over burenoverlast. Veel van diejurisprudentie wordt niet gepubliceerd omdat het juridisch minderinteressant is. Vaak gaat het om een kort gedingprocedure totontruiming omdat de boosdoener het te bont heeft gemaakt.

    In de juridische literatuur over het huurrecht is meestal een gedeelte aanburenoverlast gewijd. Maar de problematiek wordt dan niet van allekanten belicht. In deze literatuur wordt doorgaans ook geen aandachtbesteed aan de praktische aanpak: welk bewijs telt? Hoe verkrijg je datbewijs? Wanneer een kort geding en wanneer een bodemprocedure?Hoe om te gaan met bange buren die niet durven te getuigen? Welkevormen van hulp zijn er voordat er geprocedeerd wordt? Wat is de gangzaken bij de ontruiming? Welke kosten zijn gemoeid met procederen?

    Dit boek behandelt niet alleen alle juridische aspecten van dit fenomeen,maar ook de praktische en vult daarmee een belangrijke lacune op.

    Alle betrokken partijen bij burenoverlast hebben hiermee eenuitstekende gids. Het boek richt zich in de eerste plaats tot professionalsdie zich bezighouden met de huur en verhuur van woonruimte:advocaten, rechters, woningcorporatiemedewerkers, makelaars,medewerkers van vastgoedbedrijven en huurdersorganisaties,beheerders, sociaal raadslieden, maatschappelijk werkers endeurwaarders.
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      0
      Uw winkelwagen
      Uw winkelwagen is leegVerder winkelen