Maklu
Maklu

Maklu is een zelfstandige onderneming, opgericht in 1972. Maklu-publicaties bestrijken het hele juridische domein, van burgerlijk recht tot publiekrecht, van strafrecht tot handelsrecht. Ook de Maklu-uitgaven op het vlak van criminologie en politiewerking hebben een ruim aandeel.

Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Interculturele mediation

 27,50
Conflicten over belangen, waarden, doelen en middelen komen vaak voor tussen groepen of personen met een verschillende religieuze, culturele of etnische identiteit. De conflictdynamiek scherpt deze verschillen vaak verder aan en dat belemmert een vreedzame oplossing van het geschil. Dergelijke verschillen staan een eenvoudige oplossing tijdens de onderhandelingen of bemiddeling dikwijls in de weg, doordat ze kunnen leiden tot uiteenlopende interpretaties van het geschil, vooroordelen tegen de andere partij, onwetendheid of verkeerde interpretatie van culturele uitingen en symbolen. Sociaal-economische-, gender- of taalproblemen komen hier vaak nog bovenop.

Dergelijke verschillen vereisen specifieke onderhandelingsvormen en mediationstijlen. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan andere omgangsvormen, verbale- en non-verbale communicatie, het vermijden van te direct taalgebruik, alsook het schenken van speciale aandacht aan rituelen en context.

Interculturele bemiddeling is niet alleen relevant in de wereld van de diplomatie en de hogere politiek, maar speelt ook een rol in buurten, bedrijven en scholen. Interculturele bemiddelingsvaardigheden zijn van groot belang in de hedendaagse ‘multiculturele’ samenleving. Dit boek bevat verschillende bijdragen rondom het thema interculturele mediation, alsook bijdragen op het terrein van arbeidsbemiddeling, ‘appropriate dispute resolution’ en de mogelijke rol van neuro-science bij mediation.

Quick View

Interculturele mediation

 27,50
Conflicten over belangen, waarden, doelen en middelen komen vaak voor tussen groepen of personen met een verschillende religieuze, culturele of etnische identiteit. De conflictdynamiek scherpt deze verschillen vaak verder aan en dat belemmert een vreedzame oplossing van het geschil. Dergelijke verschillen staan een eenvoudige oplossing tijdens de onderhandelingen of bemiddeling dikwijls in de weg, doordat ze kunnen leiden tot uiteenlopende interpretaties van het geschil, vooroordelen tegen de andere partij, onwetendheid of verkeerde interpretatie van culturele uitingen en symbolen. Sociaal-economische-, gender- of taalproblemen komen hier vaak nog bovenop.

Dergelijke verschillen vereisen specifieke onderhandelingsvormen en mediationstijlen. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan andere omgangsvormen, verbale- en non-verbale communicatie, het vermijden van te direct taalgebruik, alsook het schenken van speciale aandacht aan rituelen en context.

Interculturele bemiddeling is niet alleen relevant in de wereld van de diplomatie en de hogere politiek, maar speelt ook een rol in buurten, bedrijven en scholen. Interculturele bemiddelingsvaardigheden zijn van groot belang in de hedendaagse ‘multiculturele’ samenleving. Dit boek bevat verschillende bijdragen rondom het thema interculturele mediation, alsook bijdragen op het terrein van arbeidsbemiddeling, ‘appropriate dispute resolution’ en de mogelijke rol van neuro-science bij mediation.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Organisaties van openbaar belang en financiële transparantie – Entités d’intérêt et transparence financière (Reeks ICCI 2011-2)

 62,00

NL
De oorsprong, definitie en draagwijdte van de notie van organisaties van openbaar belang (Public Interest Entities) worden besproken vanuit een internationale en Europese context. Volgens de Belgische wetgeving omvatten de organisaties van openbaar belang de genoteerde vennootschappen, de kredietinstellingen en de verzekeringsondernemingen.Dit boek gaat in het bijzonder in op de gevolgen in België van het statuut van organisatie van openbaar belang voor de commissaris die deze organisaties controleert, en dit op het vlak van onafhankelijkheid, kwaliteitscontrole, relatie met het auditcomité en jaarlijkse bekendmaking van het transparantieverslag.

Verder komen de gevolgen voorzien in het Wetboek van vennootschappen voor publieke vennootschappen – vennootschappen die een openbaar beroep doen op het spaarwezen en genoteerde vennootschappen – op het vlak van de rol van de commissaris aan bod. Het betreft de belangenconflictenregeling in beide types publieke vennootschappen, de beperking en de opheffing van het voorkeurrecht ten gunste van bepaalde personen, de uitoefening van bepaalde rechten van aandeelhouders en de verklaring inzake deugdelijk bestuur in genoteerde vennootschappen.

Tenslotte worden de specificiteiten belicht eigen aan de benoeming en de opdrachten van de erkende commissarissen van kredietinstellingen en verzekeringsondernemingen, inclusief de recente ontwikkelingen op dit vlak, met name het Twin Peaks-model, de nieuwe toezichtarchitectuur voor de financiële sector.

Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie:ICCI Reeks


FR
L’origine, la définition et la portée de la notion d’entités d’intérêt public (Public Interest Entities) sont abordées dans un contexte international et européen. Les entités d’intérêt public comprennent en droit belge les sociétés cotées, les établissements de crédit et les entreprises d’assurances. Cet ouvrage traite en particulier des conséquences du statut d’entité d’intérêt public en Belgique pour le commissaire qui contrôle ces entités, et cela aux niveaux de l’indépendance, du contrôle de qualité, de la relation avec le comité d’audit et de la publication annuelle du rapport de transparence.

Ensuite, les conséquences prévues par le Code des sociétés pour les sociétés publiques – les sociétés faisant appel public à l’épargne et les sociétés cotées – au sujet du rôle du commissaire sont abordées. Cela concerne des règles en matière de conflit d’intérêts pour chaque type de société publique, la limitation et la suppression du droit de préférence en faveur de certaines personnes, l’exercice de certains droits des actionnaires et la déclaration de gouvernement d’entreprise dans les sociétés cotées.

En dernier lieu, l’ouvrage comprend une explication des spécificités propres à la nomination et aux missions des commissaires agréés des établissements de crédit et des entreprises d’assurances. Ceci inclut les récents développements en la matière,à savoir le modèle Twin Peaks, la nouvelle architecture de surveillance pour le secteur financier.

Placeholder Image
Quick View

Organisaties van openbaar belang en financiële transparantie – Entités d’intérêt et transparence financière (Reeks ICCI 2011-2)

 62,00

NL
De oorsprong, definitie en draagwijdte van de notie van organisaties van openbaar belang (Public Interest Entities) worden besproken vanuit een internationale en Europese context. Volgens de Belgische wetgeving omvatten de organisaties van openbaar belang de genoteerde vennootschappen, de kredietinstellingen en de verzekeringsondernemingen.Dit boek gaat in het bijzonder in op de gevolgen in België van het statuut van organisatie van openbaar belang voor de commissaris die deze organisaties controleert, en dit op het vlak van onafhankelijkheid, kwaliteitscontrole, relatie met het auditcomité en jaarlijkse bekendmaking van het transparantieverslag.

Verder komen de gevolgen voorzien in het Wetboek van vennootschappen voor publieke vennootschappen – vennootschappen die een openbaar beroep doen op het spaarwezen en genoteerde vennootschappen – op het vlak van de rol van de commissaris aan bod. Het betreft de belangenconflictenregeling in beide types publieke vennootschappen, de beperking en de opheffing van het voorkeurrecht ten gunste van bepaalde personen, de uitoefening van bepaalde rechten van aandeelhouders en de verklaring inzake deugdelijk bestuur in genoteerde vennootschappen.

Tenslotte worden de specificiteiten belicht eigen aan de benoeming en de opdrachten van de erkende commissarissen van kredietinstellingen en verzekeringsondernemingen, inclusief de recente ontwikkelingen op dit vlak, met name het Twin Peaks-model, de nieuwe toezichtarchitectuur voor de financiële sector.

Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie:ICCI Reeks


FR
L’origine, la définition et la portée de la notion d’entités d’intérêt public (Public Interest Entities) sont abordées dans un contexte international et européen. Les entités d’intérêt public comprennent en droit belge les sociétés cotées, les établissements de crédit et les entreprises d’assurances. Cet ouvrage traite en particulier des conséquences du statut d’entité d’intérêt public en Belgique pour le commissaire qui contrôle ces entités, et cela aux niveaux de l’indépendance, du contrôle de qualité, de la relation avec le comité d’audit et de la publication annuelle du rapport de transparence.

Ensuite, les conséquences prévues par le Code des sociétés pour les sociétés publiques – les sociétés faisant appel public à l’épargne et les sociétés cotées – au sujet du rôle du commissaire sont abordées. Cela concerne des règles en matière de conflit d’intérêts pour chaque type de société publique, la limitation et la suppression du droit de préférence en faveur de certaines personnes, l’exercice de certains droits des actionnaires et la déclaration de gouvernement d’entreprise dans les sociétés cotées.

En dernier lieu, l’ouvrage comprend une explication des spécificités propres à la nomination et aux missions des commissaires agréés des établissements de crédit et des entreprises d’assurances. Ceci inclut les récents développements en la matière,à savoir le modèle Twin Peaks, la nouvelle architecture de surveillance pour le secteur financier.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De forensische psychiatrie geanalyseerd. Liber Amicorum Karel Oei

 65,00
Op 1 september 2011 ging Karel Oei met emeritaat nadat hij bijna twee decennia als bijzonder hoogleraar Forensische psychiatrie aan Tilburg University verbonden was geweest. Deze bundel opstellen werd ter gelegenheid van zijn emeritaat aan Karel Oei uitgereikt. De 29 bijdragen – geschreven door vakgenoten en collega’s die een vriendschappelijke band met Karel Oei hebben – vertegenwoordigen in hoge mate de uiteenlopende onderdelen van Karels werk.

Met ‘De forensische psychiatrie geanalyseerd’ als titel van deze bundel is de verbinding gelegd tussen enerzijds de forensisch psychiater die Karel Oei als wetenschapper en als praktiserend psychiater is en anderzijds de psychoanalyse die hem in het bijzonder fascineert.

Quick View

De forensische psychiatrie geanalyseerd. Liber Amicorum Karel Oei

 65,00
Op 1 september 2011 ging Karel Oei met emeritaat nadat hij bijna twee decennia als bijzonder hoogleraar Forensische psychiatrie aan Tilburg University verbonden was geweest. Deze bundel opstellen werd ter gelegenheid van zijn emeritaat aan Karel Oei uitgereikt. De 29 bijdragen – geschreven door vakgenoten en collega’s die een vriendschappelijke band met Karel Oei hebben – vertegenwoordigen in hoge mate de uiteenlopende onderdelen van Karels werk.

Met ‘De forensische psychiatrie geanalyseerd’ als titel van deze bundel is de verbinding gelegd tussen enerzijds de forensisch psychiater die Karel Oei als wetenschapper en als praktiserend psychiater is en anderzijds de psychoanalyse die hem in het bijzonder fascineert.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Cost and Quality of Online Dispute Resolution. A handbook for Measuring the Costs and Quality of ODR

 49,25
Internet has changed the way we do business, communicate, shop, travel, and learn. Technologies are already assisting people to solve their disputes. E-bay, alone, deals with more than 60 million disagreements per year using smart Online dispute resolution tools. In the Netherlands, some people already arrange their divorce using the advantages of online mediation.

In this book, a team of experts from academia, ODR industry and civil society discuss the status quo of ODR in the European Union. But it goes beyond mere overview. The book also outlines the results of the EMCOD project which developed a method for measuring the costs and quality of ODR processes. It has been written for providers and users of ODR services, as well as policy makers committed to innovations in the field of dispute resolution.

“As a comprehensive, detailed discussion of the state of the art in online dispute resolution, this book represents a significant contribution to the development of the field.”
Colin Rule, CEO of Modria.com

Dr. Martin Gramatikov is a Senior Researcher at the Tilburg Institute for Interdisciplinary Studies of Civil Law and Conflict Resolution Systems.

Quick View

Cost and Quality of Online Dispute Resolution. A handbook for Measuring the Costs and Quality of ODR

 49,25
Internet has changed the way we do business, communicate, shop, travel, and learn. Technologies are already assisting people to solve their disputes. E-bay, alone, deals with more than 60 million disagreements per year using smart Online dispute resolution tools. In the Netherlands, some people already arrange their divorce using the advantages of online mediation.

In this book, a team of experts from academia, ODR industry and civil society discuss the status quo of ODR in the European Union. But it goes beyond mere overview. The book also outlines the results of the EMCOD project which developed a method for measuring the costs and quality of ODR processes. It has been written for providers and users of ODR services, as well as policy makers committed to innovations in the field of dispute resolution.

“As a comprehensive, detailed discussion of the state of the art in online dispute resolution, this book represents a significant contribution to the development of the field.”
Colin Rule, CEO of Modria.com

Dr. Martin Gramatikov is a Senior Researcher at the Tilburg Institute for Interdisciplinary Studies of Civil Law and Conflict Resolution Systems.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Tachtig jaar criminologie aan de Leuvense universiteit. Onderwijs, onderzoek en praktijk

 42,00

Dit boek biedt een overzicht van het onderwijs en het onderzoek in de criminologie aan de Leuvense universiteit vanaf de start in 1929 tot nu.
Het bestaat uit drie delen met bijdragen van eenentwintig auteurs.

  • Deel 1: de ontwikkelingen in het onderwijsprogramma
  • Deel 2: de evolutie van het onderzoek
  • Deel 3: de praktijk, waarbij elf afgestudeerden terugblikken op hun opleiding en hun professionele loopbaan.


  • Door alle bijdragen heen wordt duidelijk dat de geschiedenis van de criminologie aan de Leuvense universiteit in te delen valt in drie grote perioden. Een eerste lange incubatieperiode van 1929 tot het begin van de jaren 1970 stelde het onderwijsprogramma centraal. Tijdens de tweede periode tot 2006 werd het onderwijsprogramma verder regelmatig aangepast maar profileerde het fel groeiende criminologische onderzoek zich sterk. De derde periode gaat in met de oprichting van LINC (Leuvens Instituut voor Criminologie), dat in 2007 tot stand kwam na een ingrijpende wissel van de wacht door de komst van een nieuwe generatie criminologen. Een epiloog rondt het geheel af, met een terugblik en een vooruitblik.

    Joris Casselman is psychiater, criminoloog, psycholoog, seksuoloog en prof. em. van de K.U.Leuven. Hij doceerde aan de faculteiten Geneeskunde en Rechtsgeleerdheid en verwierf een bijzondere deskundigheid in verband met alcohol- en andere drugproblemen en de gerechtelijke geestelijke gezondheidszorg.

    Ivo Aertsen is psycholoog en jurist en werkzaam als hoogleraar aan het Leuvens Instituut voor Criminologie. Zelf afkomstig uit het praktijkveld, liggen zijn competenties vooral op het vlak van de victimologie, de penologie en het herstelrecht.

    Stephan Parmentier is socioloog en jurist en werkzaam als hoogleraar aan het Leuvens Instituut voor Criminologie. Hij is vooral actief op het vlak van de mensenrechten, de politieke criminaliteit en de ‘transitional justice’.

    Quick View

    Tachtig jaar criminologie aan de Leuvense universiteit. Onderwijs, onderzoek en praktijk

     42,00

    Dit boek biedt een overzicht van het onderwijs en het onderzoek in de criminologie aan de Leuvense universiteit vanaf de start in 1929 tot nu.
    Het bestaat uit drie delen met bijdragen van eenentwintig auteurs.

  • Deel 1: de ontwikkelingen in het onderwijsprogramma
  • Deel 2: de evolutie van het onderzoek
  • Deel 3: de praktijk, waarbij elf afgestudeerden terugblikken op hun opleiding en hun professionele loopbaan.


  • Door alle bijdragen heen wordt duidelijk dat de geschiedenis van de criminologie aan de Leuvense universiteit in te delen valt in drie grote perioden. Een eerste lange incubatieperiode van 1929 tot het begin van de jaren 1970 stelde het onderwijsprogramma centraal. Tijdens de tweede periode tot 2006 werd het onderwijsprogramma verder regelmatig aangepast maar profileerde het fel groeiende criminologische onderzoek zich sterk. De derde periode gaat in met de oprichting van LINC (Leuvens Instituut voor Criminologie), dat in 2007 tot stand kwam na een ingrijpende wissel van de wacht door de komst van een nieuwe generatie criminologen. Een epiloog rondt het geheel af, met een terugblik en een vooruitblik.

    Joris Casselman is psychiater, criminoloog, psycholoog, seksuoloog en prof. em. van de K.U.Leuven. Hij doceerde aan de faculteiten Geneeskunde en Rechtsgeleerdheid en verwierf een bijzondere deskundigheid in verband met alcohol- en andere drugproblemen en de gerechtelijke geestelijke gezondheidszorg.

    Ivo Aertsen is psycholoog en jurist en werkzaam als hoogleraar aan het Leuvens Instituut voor Criminologie. Zelf afkomstig uit het praktijkveld, liggen zijn competenties vooral op het vlak van de victimologie, de penologie en het herstelrecht.

    Stephan Parmentier is socioloog en jurist en werkzaam als hoogleraar aan het Leuvens Instituut voor Criminologie. Hij is vooral actief op het vlak van de mensenrechten, de politieke criminaliteit en de ‘transitional justice’.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Geschiedenis van het straf- en schadevergoedingsrecht

     25,70

    Het strafrecht behoort vanouds tot de meest ingrijpende, maar ook aansprekende terreinen van het recht. Misdrijven laten diepe sporen na in een mensenleven. De reacties die daarop volgen eveneens. De geschiedenis van deze strafrechtelijke reacties is lang en grillig, zeker vanuit het perspectief van de moderne mens. Het heeft vele eeuwen geduurd voordat de overheid het strafrecht volledig in handen kreeg. Eerst heel geleidelijk hebben de slachtoffers van gepleegde delicten hun aanspraak op vergelding van het ondervonden onrecht moeten opgeven en genoegen moeten nemen met vergoeding van de hun toegebrachte schade.

    In dit boek wordt in een aantal hoofdstukken de lange weg beschreven die uiteindelijk heeft geleid tot de totstandkoming van het hedendaagse straf- en schadevergoedingsrecht.

    Mr. E.J.M.F.C. Broers is universitair docent rechtsgeschiedenis en encyclopedie van het recht aan de Universiteit Tilburg. Van zijn hand verschenen reeds diverse publicaties over de geschiedenis van het strafrecht en de rechtspraakgeschiedenis.

    Quick View

    Geschiedenis van het straf- en schadevergoedingsrecht

     25,70

    Het strafrecht behoort vanouds tot de meest ingrijpende, maar ook aansprekende terreinen van het recht. Misdrijven laten diepe sporen na in een mensenleven. De reacties die daarop volgen eveneens. De geschiedenis van deze strafrechtelijke reacties is lang en grillig, zeker vanuit het perspectief van de moderne mens. Het heeft vele eeuwen geduurd voordat de overheid het strafrecht volledig in handen kreeg. Eerst heel geleidelijk hebben de slachtoffers van gepleegde delicten hun aanspraak op vergelding van het ondervonden onrecht moeten opgeven en genoegen moeten nemen met vergoeding van de hun toegebrachte schade.

    In dit boek wordt in een aantal hoofdstukken de lange weg beschreven die uiteindelijk heeft geleid tot de totstandkoming van het hedendaagse straf- en schadevergoedingsrecht.

    Mr. E.J.M.F.C. Broers is universitair docent rechtsgeschiedenis en encyclopedie van het recht aan de Universiteit Tilburg. Van zijn hand verschenen reeds diverse publicaties over de geschiedenis van het strafrecht en de rechtspraakgeschiedenis.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Salduz – Bijstand van advocaten bij verhoren (Reeks Politiestudies, nr. 1)

     65,00
    De invoering van de ‘Salduzwet’ betekent één  van de grootste omwentelingen ooit in het Belgisch  strafrechtsysteem, in het bijzonder voor politionele onderzoeken. Per 1 januari 2012 treedt deze wet in België in werking.
    Vanaf dan heeft de verdachte voor zijn eerste verhoor recht op een vertrouwelijk overleg met zijn advocaat. Tevens kan de  advocaat aanwezig zijn bij alle verhoren die zijn cliënt tijdens de eerste 24 uren van arrestatie moet ondergaan.

    Na een algemene duiding en praktische bespreking van de wet, gaat dit boek dieper in op de verschillende onderdelen ervan. Magistraten, advocaten, academici en politie-experts geven - elk voor hun beroepsgroep - invulling aan de interpretatieruimte die de nieuwe wet volgens hen toelaat. De integrale opname van de omzendbrief van het ‘Salduzwet’, maakt dit boek volledig.

    Lezers van diverse beroepsgroepen die dagelijks werkzaam zijn binnen een strafonderzoek, zoals magistraten, rechercheurs en advocaten, hebben met deze uitgave een onmisbaar naslagwerk. Tevens biedt het een schat aan informatie voor politici, beleidsmakers, ambtenaren, academici, studenten en iedere andere lezer die geïnteresseerd is in de nieuwste betekenisvolle verschuiving binnen ons strafrechtsysteem.

    Quick View

    Salduz – Bijstand van advocaten bij verhoren (Reeks Politiestudies, nr. 1)

     65,00
    De invoering van de ‘Salduzwet’ betekent één  van de grootste omwentelingen ooit in het Belgisch  strafrechtsysteem, in het bijzonder voor politionele onderzoeken. Per 1 januari 2012 treedt deze wet in België in werking.
    Vanaf dan heeft de verdachte voor zijn eerste verhoor recht op een vertrouwelijk overleg met zijn advocaat. Tevens kan de  advocaat aanwezig zijn bij alle verhoren die zijn cliënt tijdens de eerste 24 uren van arrestatie moet ondergaan.

    Na een algemene duiding en praktische bespreking van de wet, gaat dit boek dieper in op de verschillende onderdelen ervan. Magistraten, advocaten, academici en politie-experts geven - elk voor hun beroepsgroep - invulling aan de interpretatieruimte die de nieuwe wet volgens hen toelaat. De integrale opname van de omzendbrief van het ‘Salduzwet’, maakt dit boek volledig.

    Lezers van diverse beroepsgroepen die dagelijks werkzaam zijn binnen een strafonderzoek, zoals magistraten, rechercheurs en advocaten, hebben met deze uitgave een onmisbaar naslagwerk. Tevens biedt het een schat aan informatie voor politici, beleidsmakers, ambtenaren, academici, studenten en iedere andere lezer die geïnteresseerd is in de nieuwste betekenisvolle verschuiving binnen ons strafrechtsysteem.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Belgisch internationaal privaatrecht (2de herziene uitgave) (Reeks Maklu Wetteksten België)

     55,00
    Het internationaal privaatrecht (“IPR”) kent sinds enkele jaren een ongeziene bloei: de Belgische wetgever heeft in 2004 een eigen Wetboek internationaal privaatrecht (“WIPR”) uitgevaardigd, vanuit Europa volgt er een haast onafgebroken stroom aan nieuwe IPR-verordeningen en ook wat het verdragsrechtelijke luik betreft, wordt de rechtspracticus geconfronteerd met een groeiend arsenaal aan nieuwe bronnen.

    Sommige van deze nieuwe rechtsinstrumenten voegen zich toe aan de bestaande Belgische IPR-bronnen. Andere instrumenten nemen zonder meer de plaats in van de huidige IPR-regelgeving. Telkens is vereist dat op een eenvoudige (en snelle) wijze kan worden uitgemaakt welke rechtsbron in een welbepaald geval toepassing vindt.

    Om de rechtsbeoefenaar hierbij te helpen, brengt dit boek een selectie van IPR-bronnen die voor de Belgische rechtsorde van belang zijn (of hopelijk eerstdaags worden), op een overzichtelijke wijze samen. De wijze waarop het boek de verschillende rechtsinstrumenten ordent, geeft meteen hun functie aan: internationale bevoegdheidstoewijzing, grensoverschrijdende gerechtelijke of ambtelijke samenwerking, conflictenrecht en erkenning en tenuitvoerlegging.

    Om de rechtspracticus snel wegwijs maken in de internationale geschillenbeslechting, werden voor de meeste IPR-rechtsbronnen een aantal rechtsgeleerde referenties geselecteerd. De stof werd bijgewerkt tot 1 augustus 2011.

    Liselot Samyn is assistente internationaal privaatrecht aan de Rechtsfaculteit van de Universiteit Antwerpen.

    Bart Volders is advocaat te Brussel.

    Quick View

    Belgisch internationaal privaatrecht (2de herziene uitgave) (Reeks Maklu Wetteksten België)

     55,00
    Het internationaal privaatrecht (“IPR”) kent sinds enkele jaren een ongeziene bloei: de Belgische wetgever heeft in 2004 een eigen Wetboek internationaal privaatrecht (“WIPR”) uitgevaardigd, vanuit Europa volgt er een haast onafgebroken stroom aan nieuwe IPR-verordeningen en ook wat het verdragsrechtelijke luik betreft, wordt de rechtspracticus geconfronteerd met een groeiend arsenaal aan nieuwe bronnen.

    Sommige van deze nieuwe rechtsinstrumenten voegen zich toe aan de bestaande Belgische IPR-bronnen. Andere instrumenten nemen zonder meer de plaats in van de huidige IPR-regelgeving. Telkens is vereist dat op een eenvoudige (en snelle) wijze kan worden uitgemaakt welke rechtsbron in een welbepaald geval toepassing vindt.

    Om de rechtsbeoefenaar hierbij te helpen, brengt dit boek een selectie van IPR-bronnen die voor de Belgische rechtsorde van belang zijn (of hopelijk eerstdaags worden), op een overzichtelijke wijze samen. De wijze waarop het boek de verschillende rechtsinstrumenten ordent, geeft meteen hun functie aan: internationale bevoegdheidstoewijzing, grensoverschrijdende gerechtelijke of ambtelijke samenwerking, conflictenrecht en erkenning en tenuitvoerlegging.

    Om de rechtspracticus snel wegwijs maken in de internationale geschillenbeslechting, werden voor de meeste IPR-rechtsbronnen een aantal rechtsgeleerde referenties geselecteerd. De stof werd bijgewerkt tot 1 augustus 2011.

    Liselot Samyn is assistente internationaal privaatrecht aan de Rechtsfaculteit van de Universiteit Antwerpen.

    Bart Volders is advocaat te Brussel.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Ouderlijke verantwoordelijkheid en kinderbescherming (Praktijkreeks IPR, deel 4) (Nederlands Recht

     61,40

    In de familierechtelijke rechtspraktijk zijn kwesties van ouderlijk gezag, omgangsrecht en van kinderbescherming veelvuldig aan de orde. Wanneer een gezin uit elkaar valt en een of meer gezinsleden naar een ander land vertrekken, krijgen deze kwesties een internationale dimensie. Op dit terrein zijn twee internationale regelingen van kracht die, naast sterke overeenkomsten, talrijke verschillen vertonen. Het betreft de Europese verordening “Brussel II bis” (Verordening (EG) nr. 2201/2003) en het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 (Trb.1997, 299). Mede in het licht van de inmiddels ontstane jurisprudentie beoogt dit boek inzicht te geven in de wijze waarop deze en andere rechtsinstrumenten naast elkaar dienen te worden gehanteerd, samen met de desbetreffende uitvoeringsregels voor Nederland.

    Behandeld worden het toepassingsgebied van de regelingen; de grensoverschrijdende samenwerking van overheidsinstanties en +van gerechten; de bevoegdheid van gerechten om in internationale situaties maatregelen te treffen; het op deze maatregelen en op het van rechtswege ontstaan van ouderlijke verantwoordelijkheid toe te passen recht; en ten slotte, de erkenning, de uitvoerbaarheid en de tenuitvoerlegging van in het buitenland getroffen maatregelen.

    Deze uitgave maakt deel uit van de Praktijkreeks IPR

    Quick View

    Ouderlijke verantwoordelijkheid en kinderbescherming (Praktijkreeks IPR, deel 4) (Nederlands Recht

     61,40

    In de familierechtelijke rechtspraktijk zijn kwesties van ouderlijk gezag, omgangsrecht en van kinderbescherming veelvuldig aan de orde. Wanneer een gezin uit elkaar valt en een of meer gezinsleden naar een ander land vertrekken, krijgen deze kwesties een internationale dimensie. Op dit terrein zijn twee internationale regelingen van kracht die, naast sterke overeenkomsten, talrijke verschillen vertonen. Het betreft de Europese verordening “Brussel II bis” (Verordening (EG) nr. 2201/2003) en het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 (Trb.1997, 299). Mede in het licht van de inmiddels ontstane jurisprudentie beoogt dit boek inzicht te geven in de wijze waarop deze en andere rechtsinstrumenten naast elkaar dienen te worden gehanteerd, samen met de desbetreffende uitvoeringsregels voor Nederland.

    Behandeld worden het toepassingsgebied van de regelingen; de grensoverschrijdende samenwerking van overheidsinstanties en +van gerechten; de bevoegdheid van gerechten om in internationale situaties maatregelen te treffen; het op deze maatregelen en op het van rechtswege ontstaan van ouderlijke verantwoordelijkheid toe te passen recht; en ten slotte, de erkenning, de uitvoerbaarheid en de tenuitvoerlegging van in het buitenland getroffen maatregelen.

    Deze uitgave maakt deel uit van de Praktijkreeks IPR

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Material detention conditions, execution of custodial sentences and prisoner transfer in the EU Member States (IRCP-series, vol. 41)

     150,00
    The introduction in 2008 of the Framework Decision on the application of the principle of mutual recognition to judgements in criminal matters imposing custodial sentences or measures involving deprivation of liberty for the purpose of their enforcement in the European Union sparked discussions as to whether the practical operation of the instrument would be compatible with its very objective, being the enhancement of detained persons’ social rehabilitation prospects.

    Transferring detained people back to their respective Member State of residence and/or nationality within the mutual recognition framework is somewhat precarious in light of the often substantial variety of Member States’ legal and prison systems. In this context, and following a call for tender by the European Commission, the authors conducted the biggest study to date on Member States’ material detention conditions, early/conditional release provisions and sentence execution modalities. In addition to exploring the diversity of legal frameworks, the study also assessed practitioners’ views on cross border execution of custodial sentences in the EU.

    This book contains the individual Member State reports resulting from the legal and practitioners’ analyses, backed by additional information drawn from monitoring and evaluation conducted at Council of Europe (Committee for the Prevention of Torture) and United Nation levels.

    This is essential reading for EU policy makers, judicial and law enforcement authorities and for defence lawyers throughout the Union. Undoubtedly, this book will be an asset to everyone who is involved in or taking an interest in detention issues and cross border execution of judgements involving deprivation of liberty in the EU.

    Quick View

    Material detention conditions, execution of custodial sentences and prisoner transfer in the EU Member States (IRCP-series, vol. 41)

     150,00
    The introduction in 2008 of the Framework Decision on the application of the principle of mutual recognition to judgements in criminal matters imposing custodial sentences or measures involving deprivation of liberty for the purpose of their enforcement in the European Union sparked discussions as to whether the practical operation of the instrument would be compatible with its very objective, being the enhancement of detained persons’ social rehabilitation prospects.

    Transferring detained people back to their respective Member State of residence and/or nationality within the mutual recognition framework is somewhat precarious in light of the often substantial variety of Member States’ legal and prison systems. In this context, and following a call for tender by the European Commission, the authors conducted the biggest study to date on Member States’ material detention conditions, early/conditional release provisions and sentence execution modalities. In addition to exploring the diversity of legal frameworks, the study also assessed practitioners’ views on cross border execution of custodial sentences in the EU.

    This book contains the individual Member State reports resulting from the legal and practitioners’ analyses, backed by additional information drawn from monitoring and evaluation conducted at Council of Europe (Committee for the Prevention of Torture) and United Nation levels.

    This is essential reading for EU policy makers, judicial and law enforcement authorities and for defence lawyers throughout the Union. Undoubtedly, this book will be an asset to everyone who is involved in or taking an interest in detention issues and cross border execution of judgements involving deprivation of liberty in the EU.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Cross-border execution of judgements involving deprivation of liberty in the EU (IRCP – series, 40)

     67,00
    The introduction in 2008 of the Framework Decision on the application of the principle of mutual recognition to judgements in criminal matters imposing custodial sentences or measures involving deprivation of liberty for the purpose of their enforcement in the European Union sparked discussions as to whether the practical operation of the instrument would be compatible with its very objective, being the enhancement of detained persons’ social rehabilitation prospects.

    Transferring detained people back to their respective Member State of residence and/or nationality within the mutual recognition framework is somewhat precarious in light of the often substantial variety of Member States’ legal and prison systems. In this context, and following a call for tender by the European Commission, the authors conducted the biggest study to date on Member States’ material detention conditions, early/conditional release provisions and sentence execution modalities. In addition to exploring the diversity of legal frameworks, the study also assessed practitioners’ views on cross-border execution of custodial sentences in the EU.

    This book contains both the EU level legal and practitioners’ analyses as well as the high level final report to the study, confirming preliminary concerns that flanking measures are urgently needed for a proper operation of the Framework Decision.

    This is essential reading for EU policy makers, judicial and law enforcement authorities and for defence lawyers throughout the Union. Undoubtedly, this book will be an asset to everyone who is involved in or taking an interest in detention issues and cross-border execution of judgements involving deprivation of liberty in the EU.

    Quick View

    Cross-border execution of judgements involving deprivation of liberty in the EU (IRCP – series, 40)

     67,00
    The introduction in 2008 of the Framework Decision on the application of the principle of mutual recognition to judgements in criminal matters imposing custodial sentences or measures involving deprivation of liberty for the purpose of their enforcement in the European Union sparked discussions as to whether the practical operation of the instrument would be compatible with its very objective, being the enhancement of detained persons’ social rehabilitation prospects.

    Transferring detained people back to their respective Member State of residence and/or nationality within the mutual recognition framework is somewhat precarious in light of the often substantial variety of Member States’ legal and prison systems. In this context, and following a call for tender by the European Commission, the authors conducted the biggest study to date on Member States’ material detention conditions, early/conditional release provisions and sentence execution modalities. In addition to exploring the diversity of legal frameworks, the study also assessed practitioners’ views on cross-border execution of custodial sentences in the EU.

    This book contains both the EU level legal and practitioners’ analyses as well as the high level final report to the study, confirming preliminary concerns that flanking measures are urgently needed for a proper operation of the Framework Decision.

    This is essential reading for EU policy makers, judicial and law enforcement authorities and for defence lawyers throughout the Union. Undoubtedly, this book will be an asset to everyone who is involved in or taking an interest in detention issues and cross-border execution of judgements involving deprivation of liberty in the EU.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Geen voorraad
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Handboek Forensische en penitentiaire geneeskunde.

     50,90

    Voor het eerst worden in dit handboek twee verwante takken in de geneeskunde samengebracht: de forensische en de penitentiaire geneeskunde.
    Beide hebben hun werkveld in een strafrechtelijke context. Het verbaast dan ook niet dat de beroepsbeoefenaars ervan veelal op enig moment in hun carrière van forensische naar justitiële praktijk wisselen, of andersom. Het juridische kader van beide beroepen vertoont echter belangrijke verschillen.

    Dit handboek geeft een praktisch antwoord op de vraag binnen welk kader deze en gene arts werkt, hoe te handelen in bepaalde omstandigheden en tenslotte op de vraag die in de forensische geneeskunde van groot belang is: hoe ziet een bepaald fenomeen of letsel eruit.

    Alle grote thema’s van de forensische geneeskunde worden uitgebreid behandeld. Onder meer: lijkschouw, letselbeschrijving, zedenonderzoek, bloedafname ten behoeve van het strafrecht en arrestantenzorg. Dat maakt het handboek geschikt als basisboek forensische geneeskunde. Daarnaast komen verdiepingsthema’s aan bod, zoals kindermishandeling, NODO, identificatie, DNA, antropologie, odontologie en toxicologie.

    Wat betreft de penitentiaire geneeskunde, zijn vanuit het mensenrechtelijke en juridische kader de praktijk en problemen van alle dag besproken. Als thema’s die van belang zijn voor zowel de forensische als de penitentiaire geneeskunde zijn gekozen: psychiatrische zorg, verslavingszorg, body packers en infectieziekten. Dit handboek richt zich op de eerstelijns forensisch arts en de arts die werkzaam is in een penitentiaire inrichting. Het bevat talrijke afbeeldingen en voorbeeldformulieren ter illustratie.


    Geen voorraad
    Quick View

    Handboek Forensische en penitentiaire geneeskunde.

     50,90

    Voor het eerst worden in dit handboek twee verwante takken in de geneeskunde samengebracht: de forensische en de penitentiaire geneeskunde.
    Beide hebben hun werkveld in een strafrechtelijke context. Het verbaast dan ook niet dat de beroepsbeoefenaars ervan veelal op enig moment in hun carrière van forensische naar justitiële praktijk wisselen, of andersom. Het juridische kader van beide beroepen vertoont echter belangrijke verschillen.

    Dit handboek geeft een praktisch antwoord op de vraag binnen welk kader deze en gene arts werkt, hoe te handelen in bepaalde omstandigheden en tenslotte op de vraag die in de forensische geneeskunde van groot belang is: hoe ziet een bepaald fenomeen of letsel eruit.

    Alle grote thema’s van de forensische geneeskunde worden uitgebreid behandeld. Onder meer: lijkschouw, letselbeschrijving, zedenonderzoek, bloedafname ten behoeve van het strafrecht en arrestantenzorg. Dat maakt het handboek geschikt als basisboek forensische geneeskunde. Daarnaast komen verdiepingsthema’s aan bod, zoals kindermishandeling, NODO, identificatie, DNA, antropologie, odontologie en toxicologie.

    Wat betreft de penitentiaire geneeskunde, zijn vanuit het mensenrechtelijke en juridische kader de praktijk en problemen van alle dag besproken. Als thema’s die van belang zijn voor zowel de forensische als de penitentiaire geneeskunde zijn gekozen: psychiatrische zorg, verslavingszorg, body packers en infectieziekten. Dit handboek richt zich op de eerstelijns forensisch arts en de arts die werkzaam is in een penitentiaire inrichting. Het bevat talrijke afbeeldingen en voorbeeldformulieren ter illustratie.


    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      12
      Uw winkelwagen
      ×