Specifieke topics inzake het doorrekenen en de doorfacturering van kosten.
€ 35,00
Dit boek bespreekt de regels inzake doorrekening of doorfacturering van kosten.
De doorrekening van kosten houdt verband met de regels inzake:
1) de facturering van belastbare handelingen en de maatstaf van heffing
2) voorschotten (in naam en voor rekening van een derde)
3) "bijzaak volgt hoofdzaak"
De doorfacturering van kosten houdt verband met de commissionairsfictie inzake btw.
Aan de hand van veel voorkomende gevallen uit de praktijk worden de regels inzake de doorrekening en doorfacturering toegepast.
Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke artikelen en boeken inzake fiscaliteit. Hij is ook docent btw aan de UGent en de Fiscale Hogeschool en een gewaardeerd spreker op seminaries.
Luc Heylens is zaakvoerder van LH VAT Consult BVBA en belastingconsulent IAB. Hij is auteur van talrijke artikelen en boeken inzake btw. Zijn specialiteit situeert zich rond de begeleiding van ondernemingen op btw-vlak en de bewijsproblematiek bij internationaal handelsverkeer. Hij is eveneens een veelgevraagd docent bij talrijke organisaties.
De doorrekening van kosten houdt verband met de regels inzake:
1) de facturering van belastbare handelingen en de maatstaf van heffing
2) voorschotten (in naam en voor rekening van een derde)
3) "bijzaak volgt hoofdzaak"
De doorfacturering van kosten houdt verband met de commissionairsfictie inzake btw.
Aan de hand van veel voorkomende gevallen uit de praktijk worden de regels inzake de doorrekening en doorfacturering toegepast.
Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke artikelen en boeken inzake fiscaliteit. Hij is ook docent btw aan de UGent en de Fiscale Hogeschool en een gewaardeerd spreker op seminaries.
Luc Heylens is zaakvoerder van LH VAT Consult BVBA en belastingconsulent IAB. Hij is auteur van talrijke artikelen en boeken inzake btw. Zijn specialiteit situeert zich rond de begeleiding van ondernemingen op btw-vlak en de bewijsproblematiek bij internationaal handelsverkeer. Hij is eveneens een veelgevraagd docent bij talrijke organisaties.
Specifieke topics inzake het doorrekenen en de doorfacturering van kosten.
€ 35,00
Dit boek bespreekt de regels inzake doorrekening of doorfacturering van kosten.
De doorrekening van kosten houdt verband met de regels inzake:
1) de facturering van belastbare handelingen en de maatstaf van heffing
2) voorschotten (in naam en voor rekening van een derde)
3) "bijzaak volgt hoofdzaak"
De doorfacturering van kosten houdt verband met de commissionairsfictie inzake btw.
Aan de hand van veel voorkomende gevallen uit de praktijk worden de regels inzake de doorrekening en doorfacturering toegepast.
Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke artikelen en boeken inzake fiscaliteit. Hij is ook docent btw aan de UGent en de Fiscale Hogeschool en een gewaardeerd spreker op seminaries.
Luc Heylens is zaakvoerder van LH VAT Consult BVBA en belastingconsulent IAB. Hij is auteur van talrijke artikelen en boeken inzake btw. Zijn specialiteit situeert zich rond de begeleiding van ondernemingen op btw-vlak en de bewijsproblematiek bij internationaal handelsverkeer. Hij is eveneens een veelgevraagd docent bij talrijke organisaties.
De doorrekening van kosten houdt verband met de regels inzake:
1) de facturering van belastbare handelingen en de maatstaf van heffing
2) voorschotten (in naam en voor rekening van een derde)
3) "bijzaak volgt hoofdzaak"
De doorfacturering van kosten houdt verband met de commissionairsfictie inzake btw.
Aan de hand van veel voorkomende gevallen uit de praktijk worden de regels inzake de doorrekening en doorfacturering toegepast.
Stefan Ruysschaert is adviseur bij de FOD Financiën. Hij is auteur van talrijke artikelen en boeken inzake fiscaliteit. Hij is ook docent btw aan de UGent en de Fiscale Hogeschool en een gewaardeerd spreker op seminaries.
Luc Heylens is zaakvoerder van LH VAT Consult BVBA en belastingconsulent IAB. Hij is auteur van talrijke artikelen en boeken inzake btw. Zijn specialiteit situeert zich rond de begeleiding van ondernemingen op btw-vlak en de bewijsproblematiek bij internationaal handelsverkeer. Hij is eveneens een veelgevraagd docent bij talrijke organisaties.
Milieumanagementsystemen. De ISO 14001-norm
€ 39,00
Het landschap op het gebied van milieu is permanent in verandering. Nieuwe wetgeving, nieuwe milieugevaarlijke stoffen, nieuwe milieurisico’s of nieuwe productiemethoden maken het voor de milieucoördinator uitdagend om deze veranderingen op te volgen en te implementeren in de organisatie. Een belangrijke verandering is ook de publicatie door de International Standardization Organisation (ISO) in 2015 van de norm ISO 14001:2015. Deze norm is een managementsysteemnorm voor milieu. Maar wat is dat nu juist, een managementsysteem en een milieumanagementsysteem? Wat zijn de voordelen voor mijn organisatie om over een – al dan niet gecertificeerd – milieumanagementsysteem te beschikken? Waarop legt een managementsysteem nu juist de nadruk? Al deze vragen zullen in deze uitgave worden beantwoord. Na het lezen zal het voor jou als milieucoördinator duidelijk zijn dat een milieumanagementsysteem jou helpt om op de vele veranderingen die op je afkomen gepast te reageren. Nieuwe milieuwetgeving wordt opgevolgd en geïmplementeerd, nieuwe risico’s worden (her)beoordeeld, nieuwe opleidingen voor het personeel worden ingericht, enz. De norm ISO 14001:2015 geeft je daarbij hulp. Deze milieumanagementsysteemnorm geeft je een manier van aanpakken, die je makkelijk kan gebruiken in andere vestigingen van je organisatie. Speciaal voor vestigingen in het buitenland geeft ISO 14001:2015 een duidelijk ‘raamwerk’, waarrond je het milieumanagement kan opbouwen en kan communiceren met je buitenlandse milieuprofessionals. Met als uiteindelijk doel: het verhogen van het milieuniveau in de organisatie. Veel succes hiermee!
Jan Dillen is ingenieur bouwkunde, preventieadviseur niveau 1 (HVK) en milieucoördinator niveau A. Hij was lange tijd werkzaam bij een verzekeringsmaatschappij op het gebied van preventie van arbeidsongevallen, brandverzekeringen en bouwrisico’s. Hij werkt momenteel als auditor op het gebied van kwaliteit, milieu en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor milieu auditeert hij ISO 14001, liefst gecombineerd met ISO 9001 en/of ISO 45001.
Daarnaast verzorgt Jan Dillen opleidingen voor preventieadviseurs niveau 1&2/middelbaar en hoger milieukundigen en milieuprofessionals aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Hasselt. Jan Dillen publiceert regelmatig over milieu en spreekt op congressen.
Jan Dillen is ingenieur bouwkunde, preventieadviseur niveau 1 (HVK) en milieucoördinator niveau A. Hij was lange tijd werkzaam bij een verzekeringsmaatschappij op het gebied van preventie van arbeidsongevallen, brandverzekeringen en bouwrisico’s. Hij werkt momenteel als auditor op het gebied van kwaliteit, milieu en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor milieu auditeert hij ISO 14001, liefst gecombineerd met ISO 9001 en/of ISO 45001.
Daarnaast verzorgt Jan Dillen opleidingen voor preventieadviseurs niveau 1&2/middelbaar en hoger milieukundigen en milieuprofessionals aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Hasselt. Jan Dillen publiceert regelmatig over milieu en spreekt op congressen.
Milieumanagementsystemen. De ISO 14001-norm
€ 39,00
Het landschap op het gebied van milieu is permanent in verandering. Nieuwe wetgeving, nieuwe milieugevaarlijke stoffen, nieuwe milieurisico’s of nieuwe productiemethoden maken het voor de milieucoördinator uitdagend om deze veranderingen op te volgen en te implementeren in de organisatie. Een belangrijke verandering is ook de publicatie door de International Standardization Organisation (ISO) in 2015 van de norm ISO 14001:2015. Deze norm is een managementsysteemnorm voor milieu. Maar wat is dat nu juist, een managementsysteem en een milieumanagementsysteem? Wat zijn de voordelen voor mijn organisatie om over een – al dan niet gecertificeerd – milieumanagementsysteem te beschikken? Waarop legt een managementsysteem nu juist de nadruk? Al deze vragen zullen in deze uitgave worden beantwoord. Na het lezen zal het voor jou als milieucoördinator duidelijk zijn dat een milieumanagementsysteem jou helpt om op de vele veranderingen die op je afkomen gepast te reageren. Nieuwe milieuwetgeving wordt opgevolgd en geïmplementeerd, nieuwe risico’s worden (her)beoordeeld, nieuwe opleidingen voor het personeel worden ingericht, enz. De norm ISO 14001:2015 geeft je daarbij hulp. Deze milieumanagementsysteemnorm geeft je een manier van aanpakken, die je makkelijk kan gebruiken in andere vestigingen van je organisatie. Speciaal voor vestigingen in het buitenland geeft ISO 14001:2015 een duidelijk ‘raamwerk’, waarrond je het milieumanagement kan opbouwen en kan communiceren met je buitenlandse milieuprofessionals. Met als uiteindelijk doel: het verhogen van het milieuniveau in de organisatie. Veel succes hiermee!
Jan Dillen is ingenieur bouwkunde, preventieadviseur niveau 1 (HVK) en milieucoördinator niveau A. Hij was lange tijd werkzaam bij een verzekeringsmaatschappij op het gebied van preventie van arbeidsongevallen, brandverzekeringen en bouwrisico’s. Hij werkt momenteel als auditor op het gebied van kwaliteit, milieu en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor milieu auditeert hij ISO 14001, liefst gecombineerd met ISO 9001 en/of ISO 45001.
Daarnaast verzorgt Jan Dillen opleidingen voor preventieadviseurs niveau 1&2/middelbaar en hoger milieukundigen en milieuprofessionals aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Hasselt. Jan Dillen publiceert regelmatig over milieu en spreekt op congressen.
Jan Dillen is ingenieur bouwkunde, preventieadviseur niveau 1 (HVK) en milieucoördinator niveau A. Hij was lange tijd werkzaam bij een verzekeringsmaatschappij op het gebied van preventie van arbeidsongevallen, brandverzekeringen en bouwrisico’s. Hij werkt momenteel als auditor op het gebied van kwaliteit, milieu en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor milieu auditeert hij ISO 14001, liefst gecombineerd met ISO 9001 en/of ISO 45001.
Daarnaast verzorgt Jan Dillen opleidingen voor preventieadviseurs niveau 1&2/middelbaar en hoger milieukundigen en milieuprofessionals aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Hasselt. Jan Dillen publiceert regelmatig over milieu en spreekt op congressen.
Veiligheidsmanagementsystemen. De ISO 45001-norm
€ 39,00
Het landschap op gebied van veiligheid en gezondheid (V&G) is permanent in verandering. Nieuwe wetgeving, nieuwe gevaarlijke stoffen, nieuwe risico’s of nieuwe productiemethoden maken het voor de preventieprofessional uitdagend om deze veranderingen op te volgen en te implementeren in de organisatie. Een belangrijke verandering is ook de publicatie door de International Standardization Organisation (ISO) in 2018 van de norm ISO 45001:2018. Deze norm is een managementsysteemnorm voor veiligheid en gezondheid. Maar wat is dat nu juist, een managementsysteem en een veiligheids- en gezondheidsmanagementsysteem? Wat zijn de voordelen voor mijn organisatie om over een – al dan niet gecertificeerd – V&G-managementsysteem te beschikken? Waarop legt een managementsysteem nu juist de nadruk? Al deze vragen zullen in deze uitgave worden beantwoord. Na het lezen zal het voor jou als preventieprofessional duidelijk zijn dat een V&G-managementsysteem jou helpt om op de vele veranderingendie op je afkomen gepast te reageren. Nieuwe V&G-wetgeving wordt opgevolgd en geïmplementeerd, nieuwe risico’s worden (her)beoordeeld, nieuwe opleidingen voor het personeel worden ingericht, enz. De norm ISO 45001:2018 geeft je daarbij hulp. Deze V&G-managementsysteemnorm geeft je een manier van aanpakken, die je makkelijk kunt gebruiken in andere vestigingen van je organisatie. Speciaal voor vestigingen in het buitenland geeft ISO 45001:2018 een duidelijk ‘raamwerk’, waarrond je het V&G-management kan opbouwen en kan communiceren met je buitenlandse preventieprofessionals. Met als uiteindelijk doel: het verhogen van het veiligheid- en gezondheidsniveau in de organisatie. Veel succes hiermee!
Jan Dillen is ingenieur bouwkunde, preventieadviseur niveau 1 (HVK) en milieucoördinator niveau A. Hij was lange tijd werkzaam als veiligheidsprofessional bij een verzekeringsmaatschappij op het gebied van preventie van arbeidsongevallen, brandverzekeringen en bouwrisico’s. Hij werkt momenteel als auditor op het gebied van kwaliteit, veiligheid en milieu, en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor veiligheid auditeert hij OHSAS 18001/ISO 45001 en VCA, liefst gecombineerd met ISO 9001 en/of ISO 14001. Daarnaast verzorgt Jan Dillen opleidingen voor preventieadviseurs niveau 1&2/middelbaar en hoger veiligheidskundigen en milieuprofessionals aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Hasselt. Jan Dillen publiceert regelmatig over veiligheid en spreekt op congressen. Zo was hij spreker aan de TU Delft en op het congres van de Nederlandse Vereniging voor Veiligheidskunde.
Jan Dillen is ingenieur bouwkunde, preventieadviseur niveau 1 (HVK) en milieucoördinator niveau A. Hij was lange tijd werkzaam als veiligheidsprofessional bij een verzekeringsmaatschappij op het gebied van preventie van arbeidsongevallen, brandverzekeringen en bouwrisico’s. Hij werkt momenteel als auditor op het gebied van kwaliteit, veiligheid en milieu, en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor veiligheid auditeert hij OHSAS 18001/ISO 45001 en VCA, liefst gecombineerd met ISO 9001 en/of ISO 14001. Daarnaast verzorgt Jan Dillen opleidingen voor preventieadviseurs niveau 1&2/middelbaar en hoger veiligheidskundigen en milieuprofessionals aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Hasselt. Jan Dillen publiceert regelmatig over veiligheid en spreekt op congressen. Zo was hij spreker aan de TU Delft en op het congres van de Nederlandse Vereniging voor Veiligheidskunde.
Veiligheidsmanagementsystemen. De ISO 45001-norm
€ 39,00
Het landschap op gebied van veiligheid en gezondheid (V&G) is permanent in verandering. Nieuwe wetgeving, nieuwe gevaarlijke stoffen, nieuwe risico’s of nieuwe productiemethoden maken het voor de preventieprofessional uitdagend om deze veranderingen op te volgen en te implementeren in de organisatie. Een belangrijke verandering is ook de publicatie door de International Standardization Organisation (ISO) in 2018 van de norm ISO 45001:2018. Deze norm is een managementsysteemnorm voor veiligheid en gezondheid. Maar wat is dat nu juist, een managementsysteem en een veiligheids- en gezondheidsmanagementsysteem? Wat zijn de voordelen voor mijn organisatie om over een – al dan niet gecertificeerd – V&G-managementsysteem te beschikken? Waarop legt een managementsysteem nu juist de nadruk? Al deze vragen zullen in deze uitgave worden beantwoord. Na het lezen zal het voor jou als preventieprofessional duidelijk zijn dat een V&G-managementsysteem jou helpt om op de vele veranderingendie op je afkomen gepast te reageren. Nieuwe V&G-wetgeving wordt opgevolgd en geïmplementeerd, nieuwe risico’s worden (her)beoordeeld, nieuwe opleidingen voor het personeel worden ingericht, enz. De norm ISO 45001:2018 geeft je daarbij hulp. Deze V&G-managementsysteemnorm geeft je een manier van aanpakken, die je makkelijk kunt gebruiken in andere vestigingen van je organisatie. Speciaal voor vestigingen in het buitenland geeft ISO 45001:2018 een duidelijk ‘raamwerk’, waarrond je het V&G-management kan opbouwen en kan communiceren met je buitenlandse preventieprofessionals. Met als uiteindelijk doel: het verhogen van het veiligheid- en gezondheidsniveau in de organisatie. Veel succes hiermee!
Jan Dillen is ingenieur bouwkunde, preventieadviseur niveau 1 (HVK) en milieucoördinator niveau A. Hij was lange tijd werkzaam als veiligheidsprofessional bij een verzekeringsmaatschappij op het gebied van preventie van arbeidsongevallen, brandverzekeringen en bouwrisico’s. Hij werkt momenteel als auditor op het gebied van kwaliteit, veiligheid en milieu, en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor veiligheid auditeert hij OHSAS 18001/ISO 45001 en VCA, liefst gecombineerd met ISO 9001 en/of ISO 14001. Daarnaast verzorgt Jan Dillen opleidingen voor preventieadviseurs niveau 1&2/middelbaar en hoger veiligheidskundigen en milieuprofessionals aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Hasselt. Jan Dillen publiceert regelmatig over veiligheid en spreekt op congressen. Zo was hij spreker aan de TU Delft en op het congres van de Nederlandse Vereniging voor Veiligheidskunde.
Jan Dillen is ingenieur bouwkunde, preventieadviseur niveau 1 (HVK) en milieucoördinator niveau A. Hij was lange tijd werkzaam als veiligheidsprofessional bij een verzekeringsmaatschappij op het gebied van preventie van arbeidsongevallen, brandverzekeringen en bouwrisico’s. Hij werkt momenteel als auditor op het gebied van kwaliteit, veiligheid en milieu, en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor veiligheid auditeert hij OHSAS 18001/ISO 45001 en VCA, liefst gecombineerd met ISO 9001 en/of ISO 14001. Daarnaast verzorgt Jan Dillen opleidingen voor preventieadviseurs niveau 1&2/middelbaar en hoger veiligheidskundigen en milieuprofessionals aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Hasselt. Jan Dillen publiceert regelmatig over veiligheid en spreekt op congressen. Zo was hij spreker aan de TU Delft en op het congres van de Nederlandse Vereniging voor Veiligheidskunde.
Kasstroomcalculaties – voor een optimaal financieel beleid
€ 49,00
Kasstroomcalculaties zijn een belangrijke managementtechniek die financiële directies van ondernemingen helpen om de juiste beleidsbeslissingen te nemen, ter maximalisatie van de waarde van hun onderneming.
De bedoeling van dit werk is dan ook om managers deze techniek aan te leren en te laten gebruiken met betrekking tot investeringsvraagstukken en ondernemingswaardering.
Het boek is verder ook geschreven voor bedrijfskundige opleidingen in het hoger onderwijs.
Dr. Jacques Van Der Elst is doctor in business administration, master in financieel management, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise en gegradueerde in de boekhouding.
Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote bedrijven. Hij werkte ook jarenlang als partner in een managementvennootschap die belangrijke investeringsfondsen beheerde. Hij was als accountant gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel.
J. Van Der Elst doceerde zowel op academisch - als hogeschoolniveau en gaf vakken zoals statistiek, financiële wiskunde, financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting.
Hij schreef een vijfendertigtal publicaties in de domeinen van toegepaste wiskunde, financieel management, bedrijfseconomie en accountancy.
Hij was meer dan 20 jaar lid van de eindexamencommissies van het Instituut van de Accountants en Belastingconsulenten.
De bedoeling van dit werk is dan ook om managers deze techniek aan te leren en te laten gebruiken met betrekking tot investeringsvraagstukken en ondernemingswaardering.
Het boek is verder ook geschreven voor bedrijfskundige opleidingen in het hoger onderwijs.
Dr. Jacques Van Der Elst is doctor in business administration, master in financieel management, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise en gegradueerde in de boekhouding.
Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote bedrijven. Hij werkte ook jarenlang als partner in een managementvennootschap die belangrijke investeringsfondsen beheerde. Hij was als accountant gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel.
J. Van Der Elst doceerde zowel op academisch - als hogeschoolniveau en gaf vakken zoals statistiek, financiële wiskunde, financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting.
Hij schreef een vijfendertigtal publicaties in de domeinen van toegepaste wiskunde, financieel management, bedrijfseconomie en accountancy.
Hij was meer dan 20 jaar lid van de eindexamencommissies van het Instituut van de Accountants en Belastingconsulenten.
Kasstroomcalculaties – voor een optimaal financieel beleid
€ 49,00
Kasstroomcalculaties zijn een belangrijke managementtechniek die financiële directies van ondernemingen helpen om de juiste beleidsbeslissingen te nemen, ter maximalisatie van de waarde van hun onderneming.
De bedoeling van dit werk is dan ook om managers deze techniek aan te leren en te laten gebruiken met betrekking tot investeringsvraagstukken en ondernemingswaardering.
Het boek is verder ook geschreven voor bedrijfskundige opleidingen in het hoger onderwijs.
Dr. Jacques Van Der Elst is doctor in business administration, master in financieel management, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise en gegradueerde in de boekhouding.
Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote bedrijven. Hij werkte ook jarenlang als partner in een managementvennootschap die belangrijke investeringsfondsen beheerde. Hij was als accountant gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel.
J. Van Der Elst doceerde zowel op academisch - als hogeschoolniveau en gaf vakken zoals statistiek, financiële wiskunde, financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting.
Hij schreef een vijfendertigtal publicaties in de domeinen van toegepaste wiskunde, financieel management, bedrijfseconomie en accountancy.
Hij was meer dan 20 jaar lid van de eindexamencommissies van het Instituut van de Accountants en Belastingconsulenten.
De bedoeling van dit werk is dan ook om managers deze techniek aan te leren en te laten gebruiken met betrekking tot investeringsvraagstukken en ondernemingswaardering.
Het boek is verder ook geschreven voor bedrijfskundige opleidingen in het hoger onderwijs.
Dr. Jacques Van Der Elst is doctor in business administration, master in financieel management, master in accountancy, gediplomeerde in de boekhoudkundige expertise en gegradueerde in de boekhouding.
Hij bekleedde meerdere financiële directiefuncties in grote bedrijven. Hij werkte ook jarenlang als partner in een managementvennootschap die belangrijke investeringsfondsen beheerde. Hij was als accountant gerechtsdeskundige bij diverse Rechtbanken van Koophandel.
J. Van Der Elst doceerde zowel op academisch - als hogeschoolniveau en gaf vakken zoals statistiek, financiële wiskunde, financieel management, financiële analyse, beleggingsleer, bedrijfseconomie en cost accounting.
Hij schreef een vijfendertigtal publicaties in de domeinen van toegepaste wiskunde, financieel management, bedrijfseconomie en accountancy.
Hij was meer dan 20 jaar lid van de eindexamencommissies van het Instituut van de Accountants en Belastingconsulenten.
Deviance and Crime – Social Control, Criminal Justice and Criminology in Europe (GERN Research Paper Series, nr 5)
€ 45,00
GERN (Groupement Européen de Recherches sur les Normativités) is a large consortium of scientific researchers in the domain of deviance and social control, more precisely studying delinquency, penal institutions, public policies of security and the importance of penal questions in society. Today GERN is a scientific network present in ten European countries and abroad, uniting researchers of different disciplines. Each year the GERN organizes a doctoral summer school, giving PhD students from the consortium the opportunity to present and discuss their ongoing projects and research results as well as meet young and senior researchers.
With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent platform from which to survey key emergent topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the constructions of deviance and crime, the commission of criminal acts, its consequences and its development, as well as the application of deviance categories and the social or formal reaction to it by actors in the criminal justice system and beyond.
This is the fifth volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN in September 2016 in Dortmund, Germany. The selected theme for this Summer School was “Deviance and Crime – Social Control, Criminal Justice, and Criminology in Europe”; reflecting the variety of theoretical frameworks and methodologies covered by the current PhD theses in the field of criminal justice and deviance as well as fresh and new perspectives on deviant and criminal careers, on the history of restorative justice and on crime as the central theoretical concept in criminology.
With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent platform from which to survey key emergent topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the constructions of deviance and crime, the commission of criminal acts, its consequences and its development, as well as the application of deviance categories and the social or formal reaction to it by actors in the criminal justice system and beyond.
This is the fifth volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN in September 2016 in Dortmund, Germany. The selected theme for this Summer School was “Deviance and Crime – Social Control, Criminal Justice, and Criminology in Europe”; reflecting the variety of theoretical frameworks and methodologies covered by the current PhD theses in the field of criminal justice and deviance as well as fresh and new perspectives on deviant and criminal careers, on the history of restorative justice and on crime as the central theoretical concept in criminology.
Deviance and Crime – Social Control, Criminal Justice and Criminology in Europe (GERN Research Paper Series, nr 5)
€ 45,00
GERN (Groupement Européen de Recherches sur les Normativités) is a large consortium of scientific researchers in the domain of deviance and social control, more precisely studying delinquency, penal institutions, public policies of security and the importance of penal questions in society. Today GERN is a scientific network present in ten European countries and abroad, uniting researchers of different disciplines. Each year the GERN organizes a doctoral summer school, giving PhD students from the consortium the opportunity to present and discuss their ongoing projects and research results as well as meet young and senior researchers.
With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent platform from which to survey key emergent topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the constructions of deviance and crime, the commission of criminal acts, its consequences and its development, as well as the application of deviance categories and the social or formal reaction to it by actors in the criminal justice system and beyond.
This is the fifth volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN in September 2016 in Dortmund, Germany. The selected theme for this Summer School was “Deviance and Crime – Social Control, Criminal Justice, and Criminology in Europe”; reflecting the variety of theoretical frameworks and methodologies covered by the current PhD theses in the field of criminal justice and deviance as well as fresh and new perspectives on deviant and criminal careers, on the history of restorative justice and on crime as the central theoretical concept in criminology.
With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent platform from which to survey key emergent topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the constructions of deviance and crime, the commission of criminal acts, its consequences and its development, as well as the application of deviance categories and the social or formal reaction to it by actors in the criminal justice system and beyond.
This is the fifth volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN in September 2016 in Dortmund, Germany. The selected theme for this Summer School was “Deviance and Crime – Social Control, Criminal Justice, and Criminology in Europe”; reflecting the variety of theoretical frameworks and methodologies covered by the current PhD theses in the field of criminal justice and deviance as well as fresh and new perspectives on deviant and criminal careers, on the history of restorative justice and on crime as the central theoretical concept in criminology.
Rijk worden met vastgoeddeals (en niet levend opgegeten worden)
€ 43,00
In de vastgoedwereld is onderhandelen een dagdagelijkse bezigheid. De makelaar, de aannemer, de architect, ... allen moeten ze onderhandelen over prijs, voorwaarden, tijdstippen, boetes. Onder professionals worden elke dag deals gesloten. Ze moeten samen werken, maar evengoed ontstaan er conflicten.
“Rijk worden met vastgoeddeals” leek lang een gewaagde, catchy titel. De dagelijkse praktijk heeft gemaakt dat Frank Delporte er tegenwoordig anders tegenaan kijkt. In de vastgoedwereld gaan obscene sommen om. Een geslaagd project kan fortuinen opbrengen. Aan de andere kant heeft hij – vooral tijdens zijn jaren als advocaat – de keerzijde gezien. Mensen waagden hun spaargeld en hun kredietwaardigheid aan vastgoedprojecten, om dan op een mislukking te botsen met een faillissement van de vennootschap en private schuldbemiddeling als gevolg. In vastgoed heb je snel vrienden, maar nog sneller de foute vrienden, en iedereen streeft zijn eigenbelang na. Het is, letterlijk, zwemmen tussen de haaien. Dit boek is ontstaan uit professionele ervaring en uit opleidingen die de auteur volgde op Harvard.
In een eerste deel gaat hij low tech van start, met de klassieke onderhandeling. Het zijn de basisbegrippen, de klassieke technieken uit de jaren 80 en 90. Sinds 2006 gaan we een graad hoger, en dat vormt deel 2. Het klassieke spelletje blijkt slechts één dimensie te zijn. De driedimensionale onderhandeling en de dealmaking is de geavanceerde versie van het negotiatiegebeuren. In deel 3 gaat hij verder in op dealmaking “voor gevorderden” met enkele capita selecta die toelaten het onderhandelingsgebeuren in uw voordeel te beslechten. En dat is de bedoeling.
Frank Delporte is, na 25 jaar aan de balie, professionele dealmaker.
“Rijk worden met vastgoeddeals” leek lang een gewaagde, catchy titel. De dagelijkse praktijk heeft gemaakt dat Frank Delporte er tegenwoordig anders tegenaan kijkt. In de vastgoedwereld gaan obscene sommen om. Een geslaagd project kan fortuinen opbrengen. Aan de andere kant heeft hij – vooral tijdens zijn jaren als advocaat – de keerzijde gezien. Mensen waagden hun spaargeld en hun kredietwaardigheid aan vastgoedprojecten, om dan op een mislukking te botsen met een faillissement van de vennootschap en private schuldbemiddeling als gevolg. In vastgoed heb je snel vrienden, maar nog sneller de foute vrienden, en iedereen streeft zijn eigenbelang na. Het is, letterlijk, zwemmen tussen de haaien. Dit boek is ontstaan uit professionele ervaring en uit opleidingen die de auteur volgde op Harvard.
In een eerste deel gaat hij low tech van start, met de klassieke onderhandeling. Het zijn de basisbegrippen, de klassieke technieken uit de jaren 80 en 90. Sinds 2006 gaan we een graad hoger, en dat vormt deel 2. Het klassieke spelletje blijkt slechts één dimensie te zijn. De driedimensionale onderhandeling en de dealmaking is de geavanceerde versie van het negotiatiegebeuren. In deel 3 gaat hij verder in op dealmaking “voor gevorderden” met enkele capita selecta die toelaten het onderhandelingsgebeuren in uw voordeel te beslechten. En dat is de bedoeling.
Frank Delporte is, na 25 jaar aan de balie, professionele dealmaker.
Rijk worden met vastgoeddeals (en niet levend opgegeten worden)
€ 43,00
In de vastgoedwereld is onderhandelen een dagdagelijkse bezigheid. De makelaar, de aannemer, de architect, ... allen moeten ze onderhandelen over prijs, voorwaarden, tijdstippen, boetes. Onder professionals worden elke dag deals gesloten. Ze moeten samen werken, maar evengoed ontstaan er conflicten.
“Rijk worden met vastgoeddeals” leek lang een gewaagde, catchy titel. De dagelijkse praktijk heeft gemaakt dat Frank Delporte er tegenwoordig anders tegenaan kijkt. In de vastgoedwereld gaan obscene sommen om. Een geslaagd project kan fortuinen opbrengen. Aan de andere kant heeft hij – vooral tijdens zijn jaren als advocaat – de keerzijde gezien. Mensen waagden hun spaargeld en hun kredietwaardigheid aan vastgoedprojecten, om dan op een mislukking te botsen met een faillissement van de vennootschap en private schuldbemiddeling als gevolg. In vastgoed heb je snel vrienden, maar nog sneller de foute vrienden, en iedereen streeft zijn eigenbelang na. Het is, letterlijk, zwemmen tussen de haaien. Dit boek is ontstaan uit professionele ervaring en uit opleidingen die de auteur volgde op Harvard.
In een eerste deel gaat hij low tech van start, met de klassieke onderhandeling. Het zijn de basisbegrippen, de klassieke technieken uit de jaren 80 en 90. Sinds 2006 gaan we een graad hoger, en dat vormt deel 2. Het klassieke spelletje blijkt slechts één dimensie te zijn. De driedimensionale onderhandeling en de dealmaking is de geavanceerde versie van het negotiatiegebeuren. In deel 3 gaat hij verder in op dealmaking “voor gevorderden” met enkele capita selecta die toelaten het onderhandelingsgebeuren in uw voordeel te beslechten. En dat is de bedoeling.
Frank Delporte is, na 25 jaar aan de balie, professionele dealmaker.
“Rijk worden met vastgoeddeals” leek lang een gewaagde, catchy titel. De dagelijkse praktijk heeft gemaakt dat Frank Delporte er tegenwoordig anders tegenaan kijkt. In de vastgoedwereld gaan obscene sommen om. Een geslaagd project kan fortuinen opbrengen. Aan de andere kant heeft hij – vooral tijdens zijn jaren als advocaat – de keerzijde gezien. Mensen waagden hun spaargeld en hun kredietwaardigheid aan vastgoedprojecten, om dan op een mislukking te botsen met een faillissement van de vennootschap en private schuldbemiddeling als gevolg. In vastgoed heb je snel vrienden, maar nog sneller de foute vrienden, en iedereen streeft zijn eigenbelang na. Het is, letterlijk, zwemmen tussen de haaien. Dit boek is ontstaan uit professionele ervaring en uit opleidingen die de auteur volgde op Harvard.
In een eerste deel gaat hij low tech van start, met de klassieke onderhandeling. Het zijn de basisbegrippen, de klassieke technieken uit de jaren 80 en 90. Sinds 2006 gaan we een graad hoger, en dat vormt deel 2. Het klassieke spelletje blijkt slechts één dimensie te zijn. De driedimensionale onderhandeling en de dealmaking is de geavanceerde versie van het negotiatiegebeuren. In deel 3 gaat hij verder in op dealmaking “voor gevorderden” met enkele capita selecta die toelaten het onderhandelingsgebeuren in uw voordeel te beslechten. En dat is de bedoeling.
Frank Delporte is, na 25 jaar aan de balie, professionele dealmaker.
The function of accusation in International Criminal Court. Structure of crimes and the role of Prosecutor according to the international criminal jurisprudence
€ 55,00
The present survey aims to analyze the issue of the indictment function in the process before the International Criminal Court which integrates a peculiar justice system, result of the complex interaction between the juridical tradition of civil law and the juridical tradition of common law. The prosecution function is entrusted to a Prosecutor who is conceived as a hybrid figure. It is an organ that not only performs its functions in the context of a system in which the principle of opportune penal action applies, but which also operates on a level that can be defined to some extent as political, since he has to move in an international chessboard and being called to also have diplomatic relations with states and international institutions. The discussion (Chapter 3 and 4) proposes a non-new theme, such as that of the structure of the crime in the tripartite system, and yet almost transfigured by the impact with international criminal law, which opens up unexpected and unpredictable scenarios, forcing the international criminal law to renounce and change: on the first , the abandonment of any systematic ambition is found, on the basis of the finding that the need for justice, the matrix of international criminal law, can not be enough to establish a system of crime, because the axiological assumptions are not easily convertible into incriminating norms. From the sequential treatment of typicality, anti-juridicality and guilt, in the complexity of the international dimension, only one certainty emerges. The contextual element, differently depending on the type of international crime in which it is inserted, is the discrimen regarding the common crime, and is impregnated with the marked depreciation of the Makrokriminalität. Chapter 5 is concentrated on some thoughts and perspectives of universalism and particularism coexist in the same historical moment and within the same juridical system, so as to underline a sort of internal dialectic in which universalism and particularism are in a necessarily mobile if not unstable equilibrium. And it is easy to understand how the positive right is naturally brought to privilege this second perspective without obviously neglecting the key offered by history to become aware of the deeper meaning of these two categories especially according, rectius under international criminal justice.
Dimitris Liakopoulos is Full Professor of European Union Law at the Fletcher School-Tufts University (MA in international law and MA of Arts in Law and diplomacy) and Full Professor of International and European Criminal and Procedural Law at De Haagse Hogeschool-The Hague. Attorney at Law at New York and Brussels. ORCID ID: 0000-0002-1048-6468 .
Dimitris Liakopoulos is Full Professor of European Union Law at the Fletcher School-Tufts University (MA in international law and MA of Arts in Law and diplomacy) and Full Professor of International and European Criminal and Procedural Law at De Haagse Hogeschool-The Hague. Attorney at Law at New York and Brussels. ORCID ID: 0000-0002-1048-6468 .
The function of accusation in International Criminal Court. Structure of crimes and the role of Prosecutor according to the international criminal jurisprudence
€ 55,00
The present survey aims to analyze the issue of the indictment function in the process before the International Criminal Court which integrates a peculiar justice system, result of the complex interaction between the juridical tradition of civil law and the juridical tradition of common law. The prosecution function is entrusted to a Prosecutor who is conceived as a hybrid figure. It is an organ that not only performs its functions in the context of a system in which the principle of opportune penal action applies, but which also operates on a level that can be defined to some extent as political, since he has to move in an international chessboard and being called to also have diplomatic relations with states and international institutions. The discussion (Chapter 3 and 4) proposes a non-new theme, such as that of the structure of the crime in the tripartite system, and yet almost transfigured by the impact with international criminal law, which opens up unexpected and unpredictable scenarios, forcing the international criminal law to renounce and change: on the first , the abandonment of any systematic ambition is found, on the basis of the finding that the need for justice, the matrix of international criminal law, can not be enough to establish a system of crime, because the axiological assumptions are not easily convertible into incriminating norms. From the sequential treatment of typicality, anti-juridicality and guilt, in the complexity of the international dimension, only one certainty emerges. The contextual element, differently depending on the type of international crime in which it is inserted, is the discrimen regarding the common crime, and is impregnated with the marked depreciation of the Makrokriminalität. Chapter 5 is concentrated on some thoughts and perspectives of universalism and particularism coexist in the same historical moment and within the same juridical system, so as to underline a sort of internal dialectic in which universalism and particularism are in a necessarily mobile if not unstable equilibrium. And it is easy to understand how the positive right is naturally brought to privilege this second perspective without obviously neglecting the key offered by history to become aware of the deeper meaning of these two categories especially according, rectius under international criminal justice.
Dimitris Liakopoulos is Full Professor of European Union Law at the Fletcher School-Tufts University (MA in international law and MA of Arts in Law and diplomacy) and Full Professor of International and European Criminal and Procedural Law at De Haagse Hogeschool-The Hague. Attorney at Law at New York and Brussels. ORCID ID: 0000-0002-1048-6468 .
Dimitris Liakopoulos is Full Professor of European Union Law at the Fletcher School-Tufts University (MA in international law and MA of Arts in Law and diplomacy) and Full Professor of International and European Criminal and Procedural Law at De Haagse Hogeschool-The Hague. Attorney at Law at New York and Brussels. ORCID ID: 0000-0002-1048-6468 .
Transport en aanverwante diensten
€ 27,00
Dit boek legt de btw-regeling uit zoals die van toepassing is in de sector van het goederenvervoer en de hiermee samenhangende diensten. De logistieke sector staat centraal.
Centraal staat de correcte facturering van de vervoerprestaties. Bijgevolg komen de problematiek van plaats en schuldenaar van de btw aan bod, alsook de verhuur van transportmiddelen (opleggers, palletten, containers) en hun toepasselijke btw-regeling.
Ook de talrijke vrijstellingen van toepassing in de sector van het goederenvervoer worden besproken.
De verhuur van opslagruimte en de opslag van goederen in het kader van vervoer van goederen wordt in een apart hoofdstuk grondig behandeld. De nieuwe optionele regeling van verhuur van ruimte voor de opslag van goederen in B2B vanaf 1 januari 2019 wordt in een apart hoofdstuk toegelicht.
Ten slotte worden de verplichtingen van de vervoerder en opdrachtgever telkens ook weergegeven. In welk rooster van welke aangifte moet de handeling worden opgenomen?
De theorie wordt gereduceerd tot het absolute minimum. Er wordt om didactische redenen gewerkt met tekeningen en toepassingsvoorbeelden.
Stefan Ruysschaert is werkzaam bij de FOD Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Centraal staat de correcte facturering van de vervoerprestaties. Bijgevolg komen de problematiek van plaats en schuldenaar van de btw aan bod, alsook de verhuur van transportmiddelen (opleggers, palletten, containers) en hun toepasselijke btw-regeling.
Ook de talrijke vrijstellingen van toepassing in de sector van het goederenvervoer worden besproken.
De verhuur van opslagruimte en de opslag van goederen in het kader van vervoer van goederen wordt in een apart hoofdstuk grondig behandeld. De nieuwe optionele regeling van verhuur van ruimte voor de opslag van goederen in B2B vanaf 1 januari 2019 wordt in een apart hoofdstuk toegelicht.
Ten slotte worden de verplichtingen van de vervoerder en opdrachtgever telkens ook weergegeven. In welk rooster van welke aangifte moet de handeling worden opgenomen?
De theorie wordt gereduceerd tot het absolute minimum. Er wordt om didactische redenen gewerkt met tekeningen en toepassingsvoorbeelden.
Stefan Ruysschaert is werkzaam bij de FOD Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Transport en aanverwante diensten
€ 27,00
Dit boek legt de btw-regeling uit zoals die van toepassing is in de sector van het goederenvervoer en de hiermee samenhangende diensten. De logistieke sector staat centraal.
Centraal staat de correcte facturering van de vervoerprestaties. Bijgevolg komen de problematiek van plaats en schuldenaar van de btw aan bod, alsook de verhuur van transportmiddelen (opleggers, palletten, containers) en hun toepasselijke btw-regeling.
Ook de talrijke vrijstellingen van toepassing in de sector van het goederenvervoer worden besproken.
De verhuur van opslagruimte en de opslag van goederen in het kader van vervoer van goederen wordt in een apart hoofdstuk grondig behandeld. De nieuwe optionele regeling van verhuur van ruimte voor de opslag van goederen in B2B vanaf 1 januari 2019 wordt in een apart hoofdstuk toegelicht.
Ten slotte worden de verplichtingen van de vervoerder en opdrachtgever telkens ook weergegeven. In welk rooster van welke aangifte moet de handeling worden opgenomen?
De theorie wordt gereduceerd tot het absolute minimum. Er wordt om didactische redenen gewerkt met tekeningen en toepassingsvoorbeelden.
Stefan Ruysschaert is werkzaam bij de FOD Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Centraal staat de correcte facturering van de vervoerprestaties. Bijgevolg komen de problematiek van plaats en schuldenaar van de btw aan bod, alsook de verhuur van transportmiddelen (opleggers, palletten, containers) en hun toepasselijke btw-regeling.
Ook de talrijke vrijstellingen van toepassing in de sector van het goederenvervoer worden besproken.
De verhuur van opslagruimte en de opslag van goederen in het kader van vervoer van goederen wordt in een apart hoofdstuk grondig behandeld. De nieuwe optionele regeling van verhuur van ruimte voor de opslag van goederen in B2B vanaf 1 januari 2019 wordt in een apart hoofdstuk toegelicht.
Ten slotte worden de verplichtingen van de vervoerder en opdrachtgever telkens ook weergegeven. In welk rooster van welke aangifte moet de handeling worden opgenomen?
De theorie wordt gereduceerd tot het absolute minimum. Er wordt om didactische redenen gewerkt met tekeningen en toepassingsvoorbeelden.
Stefan Ruysschaert is werkzaam bij de FOD Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Btw-eetjes deel 11
€ 44,00
Dit boek vormt intussen al het elfde in de reeks succesrijke handboeken Btw-eetjes. Het is geen klassiek btw-handboek. Dit elfde deel bevat opnieuw een aantal in de praktijk voorkomende btw-problemen waarop het antwoord niet onmiddellijk te vinden is in een klassiek btw-handboek.
Het gaat om praktische vragen waarmee elke boekhouder, accountant of advocaat in zijn fiscale praktijk vroeg of laat geconfronteerd wordt. Het gaat daarbij soms om schijnbaar eenvoudige vragen maar waar men toch vaak het antwoord schuldig blijkt te zijn of twijfelt.
Deze Btw-eetjes worden zoals in de vorige delen op een bondige en aantrekkelijke wijze weergegeven waardoor u snel vindt wat u zoekt.
Het antwoord op de vraag wordt telkens bondig en klaar geformuleerd zonder aan inhoudelijke kwaliteit en volledigheid in te boeten.
Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten (UGent). Hij is adviseur bij de Federale Overheidsdienst Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert en is (plaatsvervangend) lid van de stagecommissie van het BIBF. Hij is ook gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Het gaat om praktische vragen waarmee elke boekhouder, accountant of advocaat in zijn fiscale praktijk vroeg of laat geconfronteerd wordt. Het gaat daarbij soms om schijnbaar eenvoudige vragen maar waar men toch vaak het antwoord schuldig blijkt te zijn of twijfelt.
Deze Btw-eetjes worden zoals in de vorige delen op een bondige en aantrekkelijke wijze weergegeven waardoor u snel vindt wat u zoekt.
Het antwoord op de vraag wordt telkens bondig en klaar geformuleerd zonder aan inhoudelijke kwaliteit en volledigheid in te boeten.
Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten (UGent). Hij is adviseur bij de Federale Overheidsdienst Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert en is (plaatsvervangend) lid van de stagecommissie van het BIBF. Hij is ook gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Btw-eetjes deel 11
€ 44,00
Dit boek vormt intussen al het elfde in de reeks succesrijke handboeken Btw-eetjes. Het is geen klassiek btw-handboek. Dit elfde deel bevat opnieuw een aantal in de praktijk voorkomende btw-problemen waarop het antwoord niet onmiddellijk te vinden is in een klassiek btw-handboek.
Het gaat om praktische vragen waarmee elke boekhouder, accountant of advocaat in zijn fiscale praktijk vroeg of laat geconfronteerd wordt. Het gaat daarbij soms om schijnbaar eenvoudige vragen maar waar men toch vaak het antwoord schuldig blijkt te zijn of twijfelt.
Deze Btw-eetjes worden zoals in de vorige delen op een bondige en aantrekkelijke wijze weergegeven waardoor u snel vindt wat u zoekt.
Het antwoord op de vraag wordt telkens bondig en klaar geformuleerd zonder aan inhoudelijke kwaliteit en volledigheid in te boeten.
Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten (UGent). Hij is adviseur bij de Federale Overheidsdienst Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert en is (plaatsvervangend) lid van de stagecommissie van het BIBF. Hij is ook gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Het gaat om praktische vragen waarmee elke boekhouder, accountant of advocaat in zijn fiscale praktijk vroeg of laat geconfronteerd wordt. Het gaat daarbij soms om schijnbaar eenvoudige vragen maar waar men toch vaak het antwoord schuldig blijkt te zijn of twijfelt.
Deze Btw-eetjes worden zoals in de vorige delen op een bondige en aantrekkelijke wijze weergegeven waardoor u snel vindt wat u zoekt.
Het antwoord op de vraag wordt telkens bondig en klaar geformuleerd zonder aan inhoudelijke kwaliteit en volledigheid in te boeten.
Stefan Ruysschaert heeft een economische vooropleiding genoten (UGent). Hij is adviseur bij de Federale Overheidsdienst Financiën. Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert en is (plaatsvervangend) lid van de stagecommissie van het BIBF. Hij is ook gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Mutual admissibility of evidence in criminal matters in the EU. A Study of forensic evidence. (IRCP-series, vol. 55)
€ 65,00
Ever since evidence has been crossing borders, law enforcement authorities have been searching for a way to ensure the cross-border acceptance of evidence gathered in another Member State. In that respect, the idea of a ‘free movement of evidence’, i.e. the automatic acceptance (admissibility) of evidence gathered in accordance with certain conditions by EU Member States in reliance on the results of investigative measures executed in another Member State, has been adverted to by scholars and European institutions. This study builds upon previous research conducted at Ghent University and assesses the feasibility of EU minimum standards for DNA expert evidence, fingerprint expert evidence and electronic expert evidence. In this respect, it is aimed to identify minimum standards for mutual per se evidence admissibility by looking into the actions taken both from a legal and from a forensic-scientific perspective to standardise the collection, storage and use of the forensic evidence measures.
Sofie Depauw holds a master’s degree in law (2014) and a PhD in law (2019). She has been a member of the Institute for International Research on Criminal Policy affiliated to the Department of Criminology, Criminal Law and Social Law since 2013.
Sofie Depauw holds a master’s degree in law (2014) and a PhD in law (2019). She has been a member of the Institute for International Research on Criminal Policy affiliated to the Department of Criminology, Criminal Law and Social Law since 2013.
Mutual admissibility of evidence in criminal matters in the EU. A Study of forensic evidence. (IRCP-series, vol. 55)
€ 65,00
Ever since evidence has been crossing borders, law enforcement authorities have been searching for a way to ensure the cross-border acceptance of evidence gathered in another Member State. In that respect, the idea of a ‘free movement of evidence’, i.e. the automatic acceptance (admissibility) of evidence gathered in accordance with certain conditions by EU Member States in reliance on the results of investigative measures executed in another Member State, has been adverted to by scholars and European institutions. This study builds upon previous research conducted at Ghent University and assesses the feasibility of EU minimum standards for DNA expert evidence, fingerprint expert evidence and electronic expert evidence. In this respect, it is aimed to identify minimum standards for mutual per se evidence admissibility by looking into the actions taken both from a legal and from a forensic-scientific perspective to standardise the collection, storage and use of the forensic evidence measures.
Sofie Depauw holds a master’s degree in law (2014) and a PhD in law (2019). She has been a member of the Institute for International Research on Criminal Policy affiliated to the Department of Criminology, Criminal Law and Social Law since 2013.
Sofie Depauw holds a master’s degree in law (2014) and a PhD in law (2019). She has been a member of the Institute for International Research on Criminal Policy affiliated to the Department of Criminology, Criminal Law and Social Law since 2013.
Insiders of outsiders? De voor- en nadelen van interne en externe mediation
€ 28,30
Waar van oudsher mediation gezien werd als de bemiddeling van een
onafhankelijke, door beide partijen geaccepteerde, deskundige outsider
– externe mediation dus –, zien we in toenemende mate dat organisaties
ook zelf mediation en mediators (insiders) aanbieden om problemen en
conflicten op te lossen – aangeduid met interne mediation.
Dit boek gaat over de voor- en nadelen van respectievelijk interne en
externe mediation.
Eén voordeel van interne mediation is dat het een verdere institutionalisering, en daarmee normalisering en bredere acceptatie, van mediation als geprefereerde manier van conflictoplossing vormt. Ook kan een interne mediator toegankelijker zijn of overkomen, en hoeft het kostenaspect voor een partij minder zwaar te wegen.
Aan de andere kant kleven er ook nadelen aan interne mediation. Men kan bijvoorbeeld betwisten of een interne mediator niet op gespannen voet staat met de principes van de klassieke mediation die een volledige onafhankelijkheid van de mediator eisen. Is die interne mediator wel voldoende onafhankelijk van de betreffende organisatie of wordt deze misschien toch al gauw ervaren als een verlengstuk daarvan? Maar misschien is een organisatie wellicht ook eerder geneigd een voorstel van de interne mediator te aanvaarden, terwijl dat van een externe mediator gemakkelijker ter zijde kan worden geschoven.
Naast het bovengenoemde centrale thema worden in dit boek hoofdstukken gewijd aan andere actuele ontwikkelingen op het terrein van mediation, zoals met betrekking tot de mediationwet, de plaats van zingeving bij mediation, strafrechtmediation in het licht van kinderrechten en de activiteiten van het College voor de Rechten van de Mens.
Eén voordeel van interne mediation is dat het een verdere institutionalisering, en daarmee normalisering en bredere acceptatie, van mediation als geprefereerde manier van conflictoplossing vormt. Ook kan een interne mediator toegankelijker zijn of overkomen, en hoeft het kostenaspect voor een partij minder zwaar te wegen.
Aan de andere kant kleven er ook nadelen aan interne mediation. Men kan bijvoorbeeld betwisten of een interne mediator niet op gespannen voet staat met de principes van de klassieke mediation die een volledige onafhankelijkheid van de mediator eisen. Is die interne mediator wel voldoende onafhankelijk van de betreffende organisatie of wordt deze misschien toch al gauw ervaren als een verlengstuk daarvan? Maar misschien is een organisatie wellicht ook eerder geneigd een voorstel van de interne mediator te aanvaarden, terwijl dat van een externe mediator gemakkelijker ter zijde kan worden geschoven.
Naast het bovengenoemde centrale thema worden in dit boek hoofdstukken gewijd aan andere actuele ontwikkelingen op het terrein van mediation, zoals met betrekking tot de mediationwet, de plaats van zingeving bij mediation, strafrechtmediation in het licht van kinderrechten en de activiteiten van het College voor de Rechten van de Mens.
Insiders of outsiders? De voor- en nadelen van interne en externe mediation
€ 28,30
Waar van oudsher mediation gezien werd als de bemiddeling van een
onafhankelijke, door beide partijen geaccepteerde, deskundige outsider
– externe mediation dus –, zien we in toenemende mate dat organisaties
ook zelf mediation en mediators (insiders) aanbieden om problemen en
conflicten op te lossen – aangeduid met interne mediation.
Dit boek gaat over de voor- en nadelen van respectievelijk interne en
externe mediation.
Eén voordeel van interne mediation is dat het een verdere institutionalisering, en daarmee normalisering en bredere acceptatie, van mediation als geprefereerde manier van conflictoplossing vormt. Ook kan een interne mediator toegankelijker zijn of overkomen, en hoeft het kostenaspect voor een partij minder zwaar te wegen.
Aan de andere kant kleven er ook nadelen aan interne mediation. Men kan bijvoorbeeld betwisten of een interne mediator niet op gespannen voet staat met de principes van de klassieke mediation die een volledige onafhankelijkheid van de mediator eisen. Is die interne mediator wel voldoende onafhankelijk van de betreffende organisatie of wordt deze misschien toch al gauw ervaren als een verlengstuk daarvan? Maar misschien is een organisatie wellicht ook eerder geneigd een voorstel van de interne mediator te aanvaarden, terwijl dat van een externe mediator gemakkelijker ter zijde kan worden geschoven.
Naast het bovengenoemde centrale thema worden in dit boek hoofdstukken gewijd aan andere actuele ontwikkelingen op het terrein van mediation, zoals met betrekking tot de mediationwet, de plaats van zingeving bij mediation, strafrechtmediation in het licht van kinderrechten en de activiteiten van het College voor de Rechten van de Mens.
Eén voordeel van interne mediation is dat het een verdere institutionalisering, en daarmee normalisering en bredere acceptatie, van mediation als geprefereerde manier van conflictoplossing vormt. Ook kan een interne mediator toegankelijker zijn of overkomen, en hoeft het kostenaspect voor een partij minder zwaar te wegen.
Aan de andere kant kleven er ook nadelen aan interne mediation. Men kan bijvoorbeeld betwisten of een interne mediator niet op gespannen voet staat met de principes van de klassieke mediation die een volledige onafhankelijkheid van de mediator eisen. Is die interne mediator wel voldoende onafhankelijk van de betreffende organisatie of wordt deze misschien toch al gauw ervaren als een verlengstuk daarvan? Maar misschien is een organisatie wellicht ook eerder geneigd een voorstel van de interne mediator te aanvaarden, terwijl dat van een externe mediator gemakkelijker ter zijde kan worden geschoven.
Naast het bovengenoemde centrale thema worden in dit boek hoofdstukken gewijd aan andere actuele ontwikkelingen op het terrein van mediation, zoals met betrekking tot de mediationwet, de plaats van zingeving bij mediation, strafrechtmediation in het licht van kinderrechten en de activiteiten van het College voor de Rechten van de Mens.
Bijzondere overeenkomsten en BTW
€ 79,00
Dit boek behandelt de btw-aspecten van de meest voorkomende (bijzondere) overeenkomsten en de overeenkomsten in het handelsverkeer die een specifieke btw-behandeling krijgen.
Het gaat hierbij om de leveringen van goederen of diensten die gefactureerd worden en voortvloeien uit de onderliggende overeenkomst. Moet er mét of zonder btw gefactureerd worden?
Het boek heeft de bedoeling aan te sluiten bij klassieke handboeken die de bijzondere overeenkomsten vanuit het burgerlijk wetboek analyseren. De toepasselijke regels worden geïllustreerd met vele voorbeelden, topics en praktijkcasussen.
Stefan Ruysschaert is werkzaam bij de FOD Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Het gaat hierbij om de leveringen van goederen of diensten die gefactureerd worden en voortvloeien uit de onderliggende overeenkomst. Moet er mét of zonder btw gefactureerd worden?
Het boek heeft de bedoeling aan te sluiten bij klassieke handboeken die de bijzondere overeenkomsten vanuit het burgerlijk wetboek analyseren. De toepasselijke regels worden geïllustreerd met vele voorbeelden, topics en praktijkcasussen.
Stefan Ruysschaert is werkzaam bij de FOD Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Bijzondere overeenkomsten en BTW
€ 79,00
Dit boek behandelt de btw-aspecten van de meest voorkomende (bijzondere) overeenkomsten en de overeenkomsten in het handelsverkeer die een specifieke btw-behandeling krijgen.
Het gaat hierbij om de leveringen van goederen of diensten die gefactureerd worden en voortvloeien uit de onderliggende overeenkomst. Moet er mét of zonder btw gefactureerd worden?
Het boek heeft de bedoeling aan te sluiten bij klassieke handboeken die de bijzondere overeenkomsten vanuit het burgerlijk wetboek analyseren. De toepasselijke regels worden geïllustreerd met vele voorbeelden, topics en praktijkcasussen.
Stefan Ruysschaert is werkzaam bij de FOD Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
Het gaat hierbij om de leveringen van goederen of diensten die gefactureerd worden en voortvloeien uit de onderliggende overeenkomst. Moet er mét of zonder btw gefactureerd worden?
Het boek heeft de bedoeling aan te sluiten bij klassieke handboeken die de bijzondere overeenkomsten vanuit het burgerlijk wetboek analyseren. De toepasselijke regels worden geïllustreerd met vele voorbeelden, topics en praktijkcasussen.
Stefan Ruysschaert is werkzaam bij de FOD Financiën als Adviseur. Hij is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Fiscalnet en het Tijdschrift Huur. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool.
