Het filosofisch café in acht vragen
€ 21,00
Hoe weet je wat echt is? Wat zijn goede bedoelingen waard? Bestaat toeval?
Een filosofisch café is een gesprek op café waar een bont publiek
uit vrije wil samenkomt om enkele uren lang één vraag te onderzoeken. Dit
gebeurt onder leiding van een m… meer
Op voorraad
Hoe weet je wat echt is? Wat zijn goede bedoelingen waard? Bestaat toeval?
Een filosofisch café is een gesprek op café waar een bont publiek
uit vrije wil samenkomt om enkele uren lang één vraag te onderzoeken. Dit
gebeurt onder leiding van een moderator die tot een dialogerende houding
stimuleert.
Maar deze praktijk roept ook zelf filosofische en andere vragen op: Hoe laagdrempelig
is zo’n cafe? Hoe overbodig de gespreksleider? Wat maakt een
gesprek filosofisch?… Acht moderatoren en organisatoren maakten de oefening.
Ze formuleerden voor dit boek een eigen vraag en geven ook hun
antwoorden. Daarbij vormen realistisch-verbeelde gespreksfragmenten het
onderzoeksmateriaal, zodat de lezer een duidelijk beeld krijgt van hoe het
er in een filosofisch café of filocafé aan toe gaat. Zijn dit goede antwoorden?
Maakt de auteur de juiste overwegingen? De lezer wordt meteen uitgenodigd
om kritisch te lezen en hier mee over na te denken.
Sandra Aerts, master in Nederlandse en Duitse taal- en letterkunde en bachelor
filosofie, is moderator bij het filocafé in Antwerpen en geeft opleidingen
voor moderatoren. Ze begeleidt ook Socratische gesprekken, onder andere
bij Vormingplus, een organisatie met 30 regionale centra.
Aanvullende informatie
| Afmetingen | 24 cm |
|---|
Boek informatie
Gerelateerde producten
Dyslectisch… en dan?
Eerst legt zij uit welke leerstoornissen er bestaan en wat dyslexie precies is. Ze geeft vele voorbeelden uit het dagelijkse leven, anekdotes en tips.
Maar dyslexie hebben heeft niet alleen nadelen. Vooral voor kinderen is het erg belangrijk dat hun omgeving hun pluspunten bekrachtigt, ook wanneer het om ‘buitenschoolse’ talenten gaat. Tot slot volgt een overzicht van zeer eenvoudige maar afdoende hulpmiddelen voor in de klas, thuis en daarbuiten.
Rode draad door het hele boek zijn de concrete tips, de vaak humoristische verhalen en de korte doe-momenten. Mensen met dyslexie, van welke leeftijd ook, zullen zich gesteund voelen door het aanstekelijke optimisme van de auteur en zullen baat hebben bij alle inside tips.
Leerkrachten en ouders horen uit eerste hand wat het is om dyslexie te hebben en hoe ze het best kunnen helpen.
Bieke De Becker is leerkracht lichamelijke opvoeding aan Scholengemeenschap De Kraal in Herent. Voor Joker begeleidt ze (jongeren)reizen in Afrika. Zij heeft zelf dyslexie.
Dyslectisch… en dan?
Eerst legt zij uit welke leerstoornissen er bestaan en wat dyslexie precies is. Ze geeft vele voorbeelden uit het dagelijkse leven, anekdotes en tips.
Maar dyslexie hebben heeft niet alleen nadelen. Vooral voor kinderen is het erg belangrijk dat hun omgeving hun pluspunten bekrachtigt, ook wanneer het om ‘buitenschoolse’ talenten gaat. Tot slot volgt een overzicht van zeer eenvoudige maar afdoende hulpmiddelen voor in de klas, thuis en daarbuiten.
Rode draad door het hele boek zijn de concrete tips, de vaak humoristische verhalen en de korte doe-momenten. Mensen met dyslexie, van welke leeftijd ook, zullen zich gesteund voelen door het aanstekelijke optimisme van de auteur en zullen baat hebben bij alle inside tips.
Leerkrachten en ouders horen uit eerste hand wat het is om dyslexie te hebben en hoe ze het best kunnen helpen.
Bieke De Becker is leerkracht lichamelijke opvoeding aan Scholengemeenschap De Kraal in Herent. Voor Joker begeleidt ze (jongeren)reizen in Afrika. Zij heeft zelf dyslexie.
Tifosi van de passie
Passie zit in elk van ons. Dan lichten onze ogen op, niet zelden versterkt met een vage blos op de wangen. Overgeven aan passie kan oeverloos doen genieten. Passie doet dromen, vervaarlijk zweven soms, gretig op zoek naar emotie.
Dit boek brengt auteurs en lezers samen rond passie, Italië en fietsen (of verlangen, een vreemd land, ontspanning of één daarvan). Elk auteur heeft een apart verhaal, met eigen liefdes, hartsverbintenissen, de drang naar… De lezer voelt de zon op de huid, hoort de krekels tsjirpen in het hoge gras, proeft espresso op de tong, wordt wat duizelig zoals na die grappa te veel.
48 auteurs presenteren een lyrische ontboezeming, onder wie politici, sportlui, mediafiguren, artiesten.
Dit boek wordt gepubliceerd op initiatief en ten voordele van Auctores, vereniging van ouders van een kind met autisme.
Tifosi van de passie
Passie zit in elk van ons. Dan lichten onze ogen op, niet zelden versterkt met een vage blos op de wangen. Overgeven aan passie kan oeverloos doen genieten. Passie doet dromen, vervaarlijk zweven soms, gretig op zoek naar emotie.
Dit boek brengt auteurs en lezers samen rond passie, Italië en fietsen (of verlangen, een vreemd land, ontspanning of één daarvan). Elk auteur heeft een apart verhaal, met eigen liefdes, hartsverbintenissen, de drang naar… De lezer voelt de zon op de huid, hoort de krekels tsjirpen in het hoge gras, proeft espresso op de tong, wordt wat duizelig zoals na die grappa te veel.
48 auteurs presenteren een lyrische ontboezeming, onder wie politici, sportlui, mediafiguren, artiesten.
Dit boek wordt gepubliceerd op initiatief en ten voordele van Auctores, vereniging van ouders van een kind met autisme.
Dit is mijn hoofd niet meer. Over-leven met een gekwetst brein.
Er is een leven vóór en een leven ná het hersenletsel. En die twee zijn heel verschillend. Je hele bestaan wordt overhoop gehaald. Je gaat aan de slag om te revalideren. Tijdens de eerste periode kun je op heel wat steun rekenen en je probeert andere manieren te vinden om nog te doen wat je graag doet. Maar het stopt niet na die eerste periode. Stilaan wordt duidelijk met welke beperkingen je moet leren leven. En dan begint ook het gevecht tegen onbegrip.
Wie zelf een hersenletsel opgelopen heeft, herkent wellicht de situaties die de auteur beschrijft. Wie in zijn omgeving te maken krijgt met iemand met een gekwetst brein, leest hoe belangrijk blijvend begrip en steun voor de patiënt zijn. Laat dit boek een inspiratie zijn, ook als je niemand kent met een hersenletsel, want kleine gebaren van begrip en uitzonderingen op de standaardprocedure kunnen voor sommigen een wereld van verschil maken.
Dominique Deseure werkte jarenlang in het onderwijs: eerst als leerkracht en vervolgens als zorgcoördinator, beleidsmedewerker en directeur van een basisschool.
Dit is mijn hoofd niet meer. Over-leven met een gekwetst brein.
Er is een leven vóór en een leven ná het hersenletsel. En die twee zijn heel verschillend. Je hele bestaan wordt overhoop gehaald. Je gaat aan de slag om te revalideren. Tijdens de eerste periode kun je op heel wat steun rekenen en je probeert andere manieren te vinden om nog te doen wat je graag doet. Maar het stopt niet na die eerste periode. Stilaan wordt duidelijk met welke beperkingen je moet leren leven. En dan begint ook het gevecht tegen onbegrip.
Wie zelf een hersenletsel opgelopen heeft, herkent wellicht de situaties die de auteur beschrijft. Wie in zijn omgeving te maken krijgt met iemand met een gekwetst brein, leest hoe belangrijk blijvend begrip en steun voor de patiënt zijn. Laat dit boek een inspiratie zijn, ook als je niemand kent met een hersenletsel, want kleine gebaren van begrip en uitzonderingen op de standaardprocedure kunnen voor sommigen een wereld van verschil maken.
Dominique Deseure werkte jarenlang in het onderwijs: eerst als leerkracht en vervolgens als zorgcoördinator, beleidsmedewerker en directeur van een basisschool.
Willen we het weten? Leven met de ziekte van Huntington
De ziekte van Huntington is een ongeneeslijke neurologische aandoening die het denken en doen aantast en de persoonlijkheid uiteindelijk totaal verandert.
De eerste symptomen manifesteren zich doorgaans tussen het 35ste en 50ste levensjaar. De ziekte is erfelijk: Elk kind van een zieke ouder heeft 50% kans om de ziekte te krijgen. Dit brengt moeilijke dilemma’s met zich mee: Moet je je als kind van een ouder met Huntington laten testen? Heb je het recht om niet te weten? Maar wat als je zelf kinderen wil? Ook het leven van de partners van mensen met Huntington wordt omgegooid. Welke ondersteuning is er voor het gezin?
De auteur praatte met 31 familiaal betrokken personen (zieken, partners, kinderen met een 50% risico, gendragers) en verwerkte hun getuigenissen tot een fictieve familiegeschiedenis.
De hoofdrolspelers zijn Alma, haar partner Ludo en hun vier kinderen, een oudtante en een nicht. Door de wisselende perspectieven komen alle aspecten van de ziekte en de beleving ervan aan bod.
Het boek vervolgt met een wetenschappelijke uiteenzetting over de ziekte en predictief testen.
In het laatste deel worden ook concrete tips gegeven voor de zorg voor mensen met Huntington in de thuissituatie. Dit vraagt immers een aanpak op maat van deze aandoening.
Marjon Mol was coördinator van de Sociale Dienst bij de Huntington Liga. Ze begeleidde en trainde professionele zorgverleners in hun werk met personen met de ziekte van Huntington in de thuiszorg en de instellingenzorg in Zweden.
Willen we het weten? Leven met de ziekte van Huntington
De ziekte van Huntington is een ongeneeslijke neurologische aandoening die het denken en doen aantast en de persoonlijkheid uiteindelijk totaal verandert.
De eerste symptomen manifesteren zich doorgaans tussen het 35ste en 50ste levensjaar. De ziekte is erfelijk: Elk kind van een zieke ouder heeft 50% kans om de ziekte te krijgen. Dit brengt moeilijke dilemma’s met zich mee: Moet je je als kind van een ouder met Huntington laten testen? Heb je het recht om niet te weten? Maar wat als je zelf kinderen wil? Ook het leven van de partners van mensen met Huntington wordt omgegooid. Welke ondersteuning is er voor het gezin?
De auteur praatte met 31 familiaal betrokken personen (zieken, partners, kinderen met een 50% risico, gendragers) en verwerkte hun getuigenissen tot een fictieve familiegeschiedenis.
De hoofdrolspelers zijn Alma, haar partner Ludo en hun vier kinderen, een oudtante en een nicht. Door de wisselende perspectieven komen alle aspecten van de ziekte en de beleving ervan aan bod.
Het boek vervolgt met een wetenschappelijke uiteenzetting over de ziekte en predictief testen.
In het laatste deel worden ook concrete tips gegeven voor de zorg voor mensen met Huntington in de thuissituatie. Dit vraagt immers een aanpak op maat van deze aandoening.
Marjon Mol was coördinator van de Sociale Dienst bij de Huntington Liga. Ze begeleidde en trainde professionele zorgverleners in hun werk met personen met de ziekte van Huntington in de thuiszorg en de instellingenzorg in Zweden.






