Elke dag fluitend naar de klas. Visie met tips en anekdotes
€ 15,50
Dit boek weerspiegelt de visie van Wilfried Van den Brande op het onderwijs. Deze visie en de pijlers of leefregels waaraan hij vasthield, zorgden ervoor dat hij elke dag opnieuw gedurende 45 jaar lang fluitend op zijn fiets naar zijn school, zijn klas ree… meer
Op voorraad
Dit boek weerspiegelt de visie van Wilfried Van den Brande op het onderwijs. Deze visie en de pijlers of leefregels waaraan hij vasthield, zorgden ervoor dat hij elke dag opnieuw gedurende 45 jaar lang fluitend op zijn fiets naar zijn school, zijn klas reed. En zijn leerlingen ook. Als je het klasklimaat aangenaam maakt voor iedereen, dan komt iedereen tot leren, ook kinderen met een bepaalde problematiek. De leerlingen moeten vaak de kans krijgen om fouten te ‘mogen’ maken. ‘Leerstof is een middel en geen doel’ en ‘humor is de saus van het (klas)leven’!
Wilfried Van den Brande gaf van 1972 tot en met 2017 les in de lagere school Andreas Vesalius in Edegem, waarvan drie jaar in het vierde en de laatste tweeënveertig jaar in het zesde leerjaar.
Bericht van Hilde Crevits aan Wilfried Van de Brande bij het verschijnen van dit boek:

Aanvullende informatie
| Afmetingen | 24 × 16 cm |
|---|
Boek informatie
Gerelateerde producten
Schaduw van mijn spiegelbeeld. Leven in een gevangenis
Dit indringende boek laat kennismaken met de realiteit in hedendaagse gevangenissen. Het geeft een antwoord op veelgestelde vragen als: Hoe is het leven achter die hoge muren? Hoe worden de dagen ingevuld? Hoe gedragen de gevangenen zich? Is werken in een gevangenis gevaarlijk? Verdienen gedetineerden nog een tweede kans? Wat met de slachtoffers? …
De zelfgeschreven (levens)verhalen en gedichten van gedetineerden, en de persoonlijke ervaringen van mensen op de werkvloer, geven een inkijk in wat er werkelijk omgaat achter de muren.
Greta Stockfleth is penitentiair beambte – cipier – in de gevangenis van Mechelen. Als mentor geeft zij opleiding aan nieuwe penitentiaire beambten.
Schaduw van mijn spiegelbeeld. Leven in een gevangenis
Dit indringende boek laat kennismaken met de realiteit in hedendaagse gevangenissen. Het geeft een antwoord op veelgestelde vragen als: Hoe is het leven achter die hoge muren? Hoe worden de dagen ingevuld? Hoe gedragen de gevangenen zich? Is werken in een gevangenis gevaarlijk? Verdienen gedetineerden nog een tweede kans? Wat met de slachtoffers? …
De zelfgeschreven (levens)verhalen en gedichten van gedetineerden, en de persoonlijke ervaringen van mensen op de werkvloer, geven een inkijk in wat er werkelijk omgaat achter de muren.
Greta Stockfleth is penitentiair beambte – cipier – in de gevangenis van Mechelen. Als mentor geeft zij opleiding aan nieuwe penitentiaire beambten.
Schrijven met dyslexie
Dyslexie hoeft ook geen belemmering te zijn om een passende positie te verwerven in de maatschappij. Als hart onder de riem verzamelt dit boek verhalen, gedichten en brieven die geschreven zijn door kinderen en jongeren met dyslexie van 6 tot 16 jaar. De auteur wil ‘lotgenoten’, maar ook de maatschappij laten zien dat kinderen met dyslexie vaak juist wel in staat zijn om creatief te schrijven, ook al kunnen ze dit niet foutloos.
Waar het om gaat, is de aandacht te verleggen naar wat wel goed gaat: de inhoud.
Deze boeiende bundel brengt een selectie verhalen, gedichten en brieven, die geschreven zijn door kinderen en jongeren met dyslexie in het kader van het project ‘Schrijven met dyslexie’.
Léon Biezeman, zelf dyslectisch, was lange tijd orthoagogisch werker. Hij verricht nu zelfstandig onderzoek vanuit een eigen praktijk in Deventer en publiceert over dyslexie.
Schrijven met dyslexie
Dyslexie hoeft ook geen belemmering te zijn om een passende positie te verwerven in de maatschappij. Als hart onder de riem verzamelt dit boek verhalen, gedichten en brieven die geschreven zijn door kinderen en jongeren met dyslexie van 6 tot 16 jaar. De auteur wil ‘lotgenoten’, maar ook de maatschappij laten zien dat kinderen met dyslexie vaak juist wel in staat zijn om creatief te schrijven, ook al kunnen ze dit niet foutloos.
Waar het om gaat, is de aandacht te verleggen naar wat wel goed gaat: de inhoud.
Deze boeiende bundel brengt een selectie verhalen, gedichten en brieven, die geschreven zijn door kinderen en jongeren met dyslexie in het kader van het project ‘Schrijven met dyslexie’.
Léon Biezeman, zelf dyslectisch, was lange tijd orthoagogisch werker. Hij verricht nu zelfstandig onderzoek vanuit een eigen praktijk in Deventer en publiceert over dyslexie.
Het filosofisch café in acht vragen
Maar deze praktijk roept ook zelf filosofische en andere vragen op: Hoe laagdrempelig is zo’n cafe? Hoe overbodig de gespreksleider? Wat maakt een gesprek filosofisch?... Acht moderatoren en organisatoren maakten de oefening. Ze formuleerden voor dit boek een eigen vraag en geven ook hun antwoorden. Daarbij vormen realistisch-verbeelde gespreksfragmenten het onderzoeksmateriaal, zodat de lezer een duidelijk beeld krijgt van hoe het er in een filosofisch café of filocafé aan toe gaat. Zijn dit goede antwoorden? Maakt de auteur de juiste overwegingen? De lezer wordt meteen uitgenodigd om kritisch te lezen en hier mee over na te denken.
Sandra Aerts, master in Nederlandse en Duitse taal- en letterkunde en bachelor filosofie, is moderator bij het filocafé in Antwerpen en geeft opleidingen voor moderatoren. Ze begeleidt ook Socratische gesprekken, onder andere bij Vormingplus, een organisatie met 30 regionale centra.
Het filosofisch café in acht vragen
Maar deze praktijk roept ook zelf filosofische en andere vragen op: Hoe laagdrempelig is zo’n cafe? Hoe overbodig de gespreksleider? Wat maakt een gesprek filosofisch?... Acht moderatoren en organisatoren maakten de oefening. Ze formuleerden voor dit boek een eigen vraag en geven ook hun antwoorden. Daarbij vormen realistisch-verbeelde gespreksfragmenten het onderzoeksmateriaal, zodat de lezer een duidelijk beeld krijgt van hoe het er in een filosofisch café of filocafé aan toe gaat. Zijn dit goede antwoorden? Maakt de auteur de juiste overwegingen? De lezer wordt meteen uitgenodigd om kritisch te lezen en hier mee over na te denken.
Sandra Aerts, master in Nederlandse en Duitse taal- en letterkunde en bachelor filosofie, is moderator bij het filocafé in Antwerpen en geeft opleidingen voor moderatoren. Ze begeleidt ook Socratische gesprekken, onder andere bij Vormingplus, een organisatie met 30 regionale centra.
Mama, mijn hoofd is zo vol. Jasper, kind vol onvoorspelbaarheden
Dit boek is het verhaal van een moeder over de opvoeding van haar zoon Jasper. Als blijkt dat deze andere manier van denken het leerproces en het gedrag van de jongen hypothekeert, gaan de ouders op zoek naar antwoorden bij leerkrachten, artsen en therapeuten.
Het is het realistische, maar hoopgevende verhaal van een lange queeste waarin de auteur niet alleen de antwoorden van de leerkrachten, hulpverleners en artsen opneemt, maar vooral haar verhaal over Jasper en haar kijk op ADHD. Ook Jasper zelf komt aan het woord.
Uit dit verhaal blijkt onder meer hoe moeilijk het is om ADHD te plaatsen binnen tal van andere stoornissen die ook betrekking hebben op hyperkinesie en concentratieproblemen. Om deze reden werd in het tweede deel een overzicht opgenomen van de meest voorkomende (leer)stoornissen met hun voornaamste symptomen, die vaak ook aan Jaspers problemen werden toegeschreven. Ook bevat dit deel een overzicht van therapieën met korte beschrijving, waarvan Jasper er een groot aantal heeft gevolgd.
In zekere zin kan het boek dienen als een leidraad of inspiratiebron voor elkeen die met een kind met ADHD of verwante problemen wordt geconfronteerd en door het bos de bomen niet meer ziet.
Fabianne Verdeyen studeerde regentaat Nederlands en werkt als voltijdse deskundige bij de personeelsdienst in het provinciebestuur van Limburg.
In de media:
Nieuwsbrief Gezondheidsbib CM Brugge
Mama, mijn hoofd is zo vol. Jasper, kind vol onvoorspelbaarheden
Dit boek is het verhaal van een moeder over de opvoeding van haar zoon Jasper. Als blijkt dat deze andere manier van denken het leerproces en het gedrag van de jongen hypothekeert, gaan de ouders op zoek naar antwoorden bij leerkrachten, artsen en therapeuten.
Het is het realistische, maar hoopgevende verhaal van een lange queeste waarin de auteur niet alleen de antwoorden van de leerkrachten, hulpverleners en artsen opneemt, maar vooral haar verhaal over Jasper en haar kijk op ADHD. Ook Jasper zelf komt aan het woord.
Uit dit verhaal blijkt onder meer hoe moeilijk het is om ADHD te plaatsen binnen tal van andere stoornissen die ook betrekking hebben op hyperkinesie en concentratieproblemen. Om deze reden werd in het tweede deel een overzicht opgenomen van de meest voorkomende (leer)stoornissen met hun voornaamste symptomen, die vaak ook aan Jaspers problemen werden toegeschreven. Ook bevat dit deel een overzicht van therapieën met korte beschrijving, waarvan Jasper er een groot aantal heeft gevolgd.
In zekere zin kan het boek dienen als een leidraad of inspiratiebron voor elkeen die met een kind met ADHD of verwante problemen wordt geconfronteerd en door het bos de bomen niet meer ziet.
Fabianne Verdeyen studeerde regentaat Nederlands en werkt als voltijdse deskundige bij de personeelsdienst in het provinciebestuur van Limburg.
In de media:
Nieuwsbrief Gezondheidsbib CM Brugge












