Nu en straks. Over palliatieve zorg. Set (Beeldboek + Werkboek + Handleiding)
Het thema ‘palliatieve zorg, ziekte en doodgaan’ is voor iedereen een confronterend en delicaat thema. Wat kan er nu, hoe moet het straks en hoe kunnen we het mogelijk maken dat mensen genieten van het ‘nu en straks’, ook al is er weinig perspectief?
De set ´Nu en straks´ (beeldboek, werkboek en handboek) maakt deze moeilijke onderwerpen bespreekbaar.
Beeldboek
Het Beeldboek kan gebruikt worden om aan kinderen en volwassenen uitleg te geven over de thema’s ‘ongeneeslijk ziek zijn’, ‘palliatieve zorg’ en ‘sterven’. Met het beeldboek kan gepraat worden over het eigen ziekteproces of over de ongeneeslijke ziekte van een familielid, een medebewoner, … Het is in eerste instantie ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking, maar het is ook geschikt voor een ruimer publiek, zoals kinderen of mensen met psychische problemen.
Meer info
Werkboek
Naast het Beeldboek is er een Werkboek, dat in de eerste plaats bestemd is voor de zieke zelf. Hij kan hierin zelf, of iemand uit het netwerk, gevoelens, meningen, bedenkingen, vragen en commentaren schrijven, tekenen, dichten.
Meer info
Handboek
De Handleiding biedt achtergrondinformatie voor begeleiders en hulpverleners, zoals familieleden, artsen, paramedici en iedereen die betrokken is bij de zieke. Het is immers niet gemakkelijk om over ziekte en sterfte te praten. Bovendien moeten keuzes worden gemaakt om de levenskwaliteit zo lang mogelijk optimaal te houden. Dat is een hele opgave naarmate de situatie ernstiger wordt.
Naast toelichting over onderwerpen als ongeneeslijke ziekte, verstandelijke beperking, palliatieve zorg, bevat de Handleiding heel concrete tips bij het gebruik van het Beeldboek.
Meer info
Auteur
Sofie Sergeant studeerde orthopedagogiek aan de Universiteit Gent en bewegingsexpressie in de hulpverlening aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt al jaren met en voor mensen met een verstandelijke beperking, eerst vanuit de Brugse voorziening Oranje en daarna vanuit Vormingscentrum Handicum in Gent.
Momenteel is zij wetenschappelijk medewerker voor de Vakgroep Disability Studies van de Universiteit Gent. Daarnaast werkt zij ook als inhoudelijke en creatieve inspiratiebron voor Vormingscentrum Handicum.
Illustrator
Saar De Buysere studeerde beeldende kunsten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent. Zij geeft beeldende vorming aan personen met een beperking in het deeltijds Kunstonderwijs, ze werkt geregeld sociaal-artistieke projecten uit in samenwerking met verschillende organisaties (Rocsa, Platform-K, Handicum, cirQ, Nucleo, …) en is freelance beeldend kunstenaar/illustrator/vormgever.
Nu en straks. Over palliatieve zorg. Set (Beeldboek + Werkboek + Handleiding)
Het thema ‘palliatieve zorg, ziekte en doodgaan’ is voor iedereen een confronterend en delicaat thema. Wat kan er nu, hoe moet het straks en hoe kunnen we het mogelijk maken dat mensen genieten van het ‘nu en straks’, ook al is er weinig perspectief?
De set ´Nu en straks´ (beeldboek, werkboek en handboek) maakt deze moeilijke onderwerpen bespreekbaar.
Beeldboek
Het Beeldboek kan gebruikt worden om aan kinderen en volwassenen uitleg te geven over de thema’s ‘ongeneeslijk ziek zijn’, ‘palliatieve zorg’ en ‘sterven’. Met het beeldboek kan gepraat worden over het eigen ziekteproces of over de ongeneeslijke ziekte van een familielid, een medebewoner, … Het is in eerste instantie ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking, maar het is ook geschikt voor een ruimer publiek, zoals kinderen of mensen met psychische problemen.
Meer info
Werkboek
Naast het Beeldboek is er een Werkboek, dat in de eerste plaats bestemd is voor de zieke zelf. Hij kan hierin zelf, of iemand uit het netwerk, gevoelens, meningen, bedenkingen, vragen en commentaren schrijven, tekenen, dichten.
Meer info
Handboek
De Handleiding biedt achtergrondinformatie voor begeleiders en hulpverleners, zoals familieleden, artsen, paramedici en iedereen die betrokken is bij de zieke. Het is immers niet gemakkelijk om over ziekte en sterfte te praten. Bovendien moeten keuzes worden gemaakt om de levenskwaliteit zo lang mogelijk optimaal te houden. Dat is een hele opgave naarmate de situatie ernstiger wordt.
Naast toelichting over onderwerpen als ongeneeslijke ziekte, verstandelijke beperking, palliatieve zorg, bevat de Handleiding heel concrete tips bij het gebruik van het Beeldboek.
Meer info
Auteur
Sofie Sergeant studeerde orthopedagogiek aan de Universiteit Gent en bewegingsexpressie in de hulpverlening aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt al jaren met en voor mensen met een verstandelijke beperking, eerst vanuit de Brugse voorziening Oranje en daarna vanuit Vormingscentrum Handicum in Gent.
Momenteel is zij wetenschappelijk medewerker voor de Vakgroep Disability Studies van de Universiteit Gent. Daarnaast werkt zij ook als inhoudelijke en creatieve inspiratiebron voor Vormingscentrum Handicum.
Illustrator
Saar De Buysere studeerde beeldende kunsten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent. Zij geeft beeldende vorming aan personen met een beperking in het deeltijds Kunstonderwijs, ze werkt geregeld sociaal-artistieke projecten uit in samenwerking met verschillende organisaties (Rocsa, Platform-K, Handicum, cirQ, Nucleo, …) en is freelance beeldend kunstenaar/illustrator/vormgever.
Gezondheidszorg: meer dan geneeskunde
Montaigne zei ooit: “Ik heb mijn boek niet meer gemaakt dan mijn boek mij.” Geert Messiaen voltooit met dit boek zijn trilogie.
Gezondheid is de grootste schat in een mensenleven. Vanuit zijn dagelijkse ervaring, bekommernis en zijn streven naar een echte, hechte solidariteit besteedt Geert Messiaen bijzondere aandacht aan de gezondheidszorg in tal van aspecten. Zijn ideeën zijn grondig doordacht en zijn voorstellen verdienen alle aandacht.Dit boek zet de lijn voort van Gezondheid is geen koopwaar ( 2009; ook in het Frans) en Uitdagingen van de ziekenfondsen in de eenentwintigste eeuw (2012), die duidelijk maken dat gezondheid het leven van het leven is. In woord en daad beklemtoont en verdedigt Messiaen met vaste overtuiging het sociaal zekerheidssysteem in België, ook in het Europa van morgen, dit soms wars van bepaalde tekorten.
Geert Messiaen is secretaris-generaal van de
Landsbond van Liberale Mutualiteiten.
Zie ook www.geert-messiaen.be.
Gezondheidszorg: meer dan geneeskunde
Montaigne zei ooit: “Ik heb mijn boek niet meer gemaakt dan mijn boek mij.” Geert Messiaen voltooit met dit boek zijn trilogie.
Gezondheid is de grootste schat in een mensenleven. Vanuit zijn dagelijkse ervaring, bekommernis en zijn streven naar een echte, hechte solidariteit besteedt Geert Messiaen bijzondere aandacht aan de gezondheidszorg in tal van aspecten. Zijn ideeën zijn grondig doordacht en zijn voorstellen verdienen alle aandacht.Dit boek zet de lijn voort van Gezondheid is geen koopwaar ( 2009; ook in het Frans) en Uitdagingen van de ziekenfondsen in de eenentwintigste eeuw (2012), die duidelijk maken dat gezondheid het leven van het leven is. In woord en daad beklemtoont en verdedigt Messiaen met vaste overtuiging het sociaal zekerheidssysteem in België, ook in het Europa van morgen, dit soms wars van bepaalde tekorten.
Geert Messiaen is secretaris-generaal van de
Landsbond van Liberale Mutualiteiten.
Zie ook www.geert-messiaen.be.
Eten in mama’s buik. Antwoorden op voedingsvragen van aanstaande moeders.
Dit boek laat zien wat gezond eten werkelijk is en wat het betekent voor
moeder en kind. Aan de hand van vragen die zwangere vrouwen stellen
in haar voedingspraktijk, geeft de auteur aanwijzingen om problemen
te voorkomen en te behandelen. Met een boodschappenlijstje en
smakelijke recepten helpt dit boek aanstaande moeders een goede
basis te leggen voor de gezondheid van hun kind.
Anita Badart-Smook, diëtist en lactatiekundige, was twaalf
jaar onderzoeksdiëtist bij de
Universiteit Maastricht. Nu runt
ze al verscheidene jaren Rond en
Gezond, een voedingspraktijk
voor moeder en kind in Geulle
(www.rondengezond.nl).
Eten in mama’s buik. Antwoorden op voedingsvragen van aanstaande moeders.
Dit boek laat zien wat gezond eten werkelijk is en wat het betekent voor
moeder en kind. Aan de hand van vragen die zwangere vrouwen stellen
in haar voedingspraktijk, geeft de auteur aanwijzingen om problemen
te voorkomen en te behandelen. Met een boodschappenlijstje en
smakelijke recepten helpt dit boek aanstaande moeders een goede
basis te leggen voor de gezondheid van hun kind.
Anita Badart-Smook, diëtist en lactatiekundige, was twaalf
jaar onderzoeksdiëtist bij de
Universiteit Maastricht. Nu runt
ze al verscheidene jaren Rond en
Gezond, een voedingspraktijk
voor moeder en kind in Geulle
(www.rondengezond.nl).
Supervisie. Van psychoanalyse en psychoanalytische therapie (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 18)
Elke opleiding in de psychoanalytische therapie of de psychoanalyse kent drie pijlers: de theoretisch-technische vorming, het persoonlijke leerproces in psychoanalyse en de supervisie. Al van in de beginjaren van de psychoanalyse is het vanzelfsprekend dat de eerste behandelingen die een psychoanalyticus uitvoert onder de supervisie of controle van een meer ervaren collega gebeuren. De psychotherapeut of psychoanalyticus bespreekt het klinisch materiaal en het verloop van het analytisch proces met een collega die door de beroepsgroep voor het uitoefenen van deze functie erkend is. Naast de supervisie als inherent onderdeel van de opleiding, is het ook gebruikelijk dat ervaren psychoanalytici en psychotherapeuten met een gerespecteerde collega een complexe casus bespreken en dit met een vaste regelmaat, dus buiten het kader van de opleiding. Analytici en psychotherapeuten verenigen zich daarnaast in kleine intervisiegroepen die regelmatig samenkomen om na te denken over of commentaar te leveren op elkaars werk. In dit boek worden verschillende aspecten van psychoanalytische supervisie besproken. Het gaat om supervisie zoals ze werd onderzocht èn ondervonden zowel door opleiders als door supervisanten.
Met bijdragen van Marc Hebbrecht, Mark Kinet, Ton Stufkens, Hilde Van Pelt, Ilse
Vansant, Paul Verhaeghe, Ann Verhaert, Rudi Vermote, Nicole Vliegen, Hans Wiersema
en Anders Zachrisson.
Marc Hebbrecht (psychiater en psychoanalyticus) en Nicole Vliegen (psychodynamisch kindertherapeut en psychoanalytica) zijn beiden past-presidents van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Supervisie. Van psychoanalyse en psychoanalytische therapie (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 18)
Elke opleiding in de psychoanalytische therapie of de psychoanalyse kent drie pijlers: de theoretisch-technische vorming, het persoonlijke leerproces in psychoanalyse en de supervisie. Al van in de beginjaren van de psychoanalyse is het vanzelfsprekend dat de eerste behandelingen die een psychoanalyticus uitvoert onder de supervisie of controle van een meer ervaren collega gebeuren. De psychotherapeut of psychoanalyticus bespreekt het klinisch materiaal en het verloop van het analytisch proces met een collega die door de beroepsgroep voor het uitoefenen van deze functie erkend is. Naast de supervisie als inherent onderdeel van de opleiding, is het ook gebruikelijk dat ervaren psychoanalytici en psychotherapeuten met een gerespecteerde collega een complexe casus bespreken en dit met een vaste regelmaat, dus buiten het kader van de opleiding. Analytici en psychotherapeuten verenigen zich daarnaast in kleine intervisiegroepen die regelmatig samenkomen om na te denken over of commentaar te leveren op elkaars werk. In dit boek worden verschillende aspecten van psychoanalytische supervisie besproken. Het gaat om supervisie zoals ze werd onderzocht èn ondervonden zowel door opleiders als door supervisanten.
Met bijdragen van Marc Hebbrecht, Mark Kinet, Ton Stufkens, Hilde Van Pelt, Ilse
Vansant, Paul Verhaeghe, Ann Verhaert, Rudi Vermote, Nicole Vliegen, Hans Wiersema
en Anders Zachrisson.
Marc Hebbrecht (psychiater en psychoanalyticus) en Nicole Vliegen (psychodynamisch kindertherapeut en psychoanalytica) zijn beiden past-presidents van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Van De Stijl en Het Overzicht tot De Driehoek. Belgisch-Nederlandse netwerken in het modernistische interbellum.
Na de Eerste Wereldoorlog ontstonden er interessante Belgisch- Nederlandse netwerken van modernistische kunstenaars, onder wie Theo van Doesburg, J.J.P. Oud, Jozef Peeters en Michel Seuphor. Zij werkten samen in gemeenschappelijke projecten, bespraken elkaars werk in de ter beschikking staande media en construeerden zo hun reputaties. Uiteraard ook door te intrigeren, door werk te antedateren, door te roddelen en elkaar vliegen af te vangen.
Theo van Doesburg was in al deze strategieën zeer gehaaid en verschool zich zelfs bij gelegenheid achter een destijds niet bekende alter ego als I.K. Bonset. Maar ook de Antwerpenaren Peeters en Seuphor, redacteuren van het tijdschrift Het Overzicht, lieten zich niet onbetuigd om de steun te winnen van onder anderen Paul van Ostaijen, Carel Willink, E. du Perron, Wobbe Alkema en diens collega’s bij de Groninger Kunstkring De Ploeg. De oprichting van de tijdschriften De Driehoek en later Avontuur zijn het resultaat van deze coöperatie. Ook andere samenwerkingsverbanden komen aan de orde, zoals de relatie tussen Charley Toorop en de Brusselse kunsthandel Sélection.
Door de vele citaten uit brieven en essays brengt van dit boek de bijzondere en dynamische
wereld van het modernistische interbellum tot leven.
Sjoerd van Faassen is werkzaam bij het Letterkundig Museum
in Den Haag en is ook redacteur van het literair-historische
tijdschrift Zacht Lawijd.
August Hans den Boef was tot voor kort werkzaam aan de
Hogeschool van Amsterdam. In Nederlandse en Vlaamse
tijdschriften verschijnen geregeld bijdragen van zijn hand
over moderne literatuur en geschiedenis, politiek en religie,
en popmuziek.
Van De Stijl en Het Overzicht tot De Driehoek. Belgisch-Nederlandse netwerken in het modernistische interbellum.
Na de Eerste Wereldoorlog ontstonden er interessante Belgisch- Nederlandse netwerken van modernistische kunstenaars, onder wie Theo van Doesburg, J.J.P. Oud, Jozef Peeters en Michel Seuphor. Zij werkten samen in gemeenschappelijke projecten, bespraken elkaars werk in de ter beschikking staande media en construeerden zo hun reputaties. Uiteraard ook door te intrigeren, door werk te antedateren, door te roddelen en elkaar vliegen af te vangen.
Theo van Doesburg was in al deze strategieën zeer gehaaid en verschool zich zelfs bij gelegenheid achter een destijds niet bekende alter ego als I.K. Bonset. Maar ook de Antwerpenaren Peeters en Seuphor, redacteuren van het tijdschrift Het Overzicht, lieten zich niet onbetuigd om de steun te winnen van onder anderen Paul van Ostaijen, Carel Willink, E. du Perron, Wobbe Alkema en diens collega’s bij de Groninger Kunstkring De Ploeg. De oprichting van de tijdschriften De Driehoek en later Avontuur zijn het resultaat van deze coöperatie. Ook andere samenwerkingsverbanden komen aan de orde, zoals de relatie tussen Charley Toorop en de Brusselse kunsthandel Sélection.
Door de vele citaten uit brieven en essays brengt van dit boek de bijzondere en dynamische
wereld van het modernistische interbellum tot leven.
Sjoerd van Faassen is werkzaam bij het Letterkundig Museum
in Den Haag en is ook redacteur van het literair-historische
tijdschrift Zacht Lawijd.
August Hans den Boef was tot voor kort werkzaam aan de
Hogeschool van Amsterdam. In Nederlandse en Vlaamse
tijdschriften verschijnen geregeld bijdragen van zijn hand
over moderne literatuur en geschiedenis, politiek en religie,
en popmuziek.
Eigen woning: geldmachine of pensioensparen?
Geld in stenen steken of laten? Of er wat anders mee doen?
De afgelopen decennia zijn de woningprijzen in zowat alle westerse landen blijven stijgen tot in de VS, Spanje, Ierland en ook Nederland de euforie plots omslaat in een zware depressie. Hoewel ook doemdenken er welig tiert, blijft België vooralsnog hiervan gespaard. De waarde van de woningen neemt er nog steeds toe.
Dit boek presenteert het resultaat van diverse onderzoeken die het afgelopen decennium in opdracht van de Europese Commissie peilden naar zekerheden en onzekerheden die met het verwerven van een eigen woning gepaard gaan. Er werd onderzocht hoe gezinnen hun woning financieren, maar ook of ze bereid zijn om het in de woning opgehoopte vermogen aan te spreken voor consumptiedoeleinden, zoals reizen, of om bij voorbeeld de studies van kinderen te betalen.
En meer nog is nagegaan in welke mate
gezinnen dat vermogen willen gebruiken om hun inkomen na
pensionering bij te spijkeren. Naar alle verwachting is er nauwelijks
ruimte om de pensioenen welvaartsvast te houden. De zorgkosten
dreigen de pan uit te swingen en lijken voor de sociale zekerheid
onbetaalbaar te worden, zodat de eigen woning meer en
meer als een volwaardige pensioenpijler wordt beschouwd. Maar
zijn huishoudens geneigd om het vermogen dat in hun huis zit, te
gebruiken om hun latere zorgkosten te betalen? En wat betekent
dat voor de vererving van hun woning?
Pascal De Decker studeerde sociologie en ruimtelijke planning
aan de Universiteit Gent en promoveerde in de Sociale en Politieke
Wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. Hij doceert
aan de Geassocieerde Faculteit Architectuur van de KU Leuven,
Campus Sint-Lucas in Gent. Hij is ook verbonden aan de Hogeschool
Gent, Faculteit Toegepaste Ingenieurswetenschappen.
Eigen woning: geldmachine of pensioensparen?
Geld in stenen steken of laten? Of er wat anders mee doen?
De afgelopen decennia zijn de woningprijzen in zowat alle westerse landen blijven stijgen tot in de VS, Spanje, Ierland en ook Nederland de euforie plots omslaat in een zware depressie. Hoewel ook doemdenken er welig tiert, blijft België vooralsnog hiervan gespaard. De waarde van de woningen neemt er nog steeds toe.
Dit boek presenteert het resultaat van diverse onderzoeken die het afgelopen decennium in opdracht van de Europese Commissie peilden naar zekerheden en onzekerheden die met het verwerven van een eigen woning gepaard gaan. Er werd onderzocht hoe gezinnen hun woning financieren, maar ook of ze bereid zijn om het in de woning opgehoopte vermogen aan te spreken voor consumptiedoeleinden, zoals reizen, of om bij voorbeeld de studies van kinderen te betalen.
En meer nog is nagegaan in welke mate
gezinnen dat vermogen willen gebruiken om hun inkomen na
pensionering bij te spijkeren. Naar alle verwachting is er nauwelijks
ruimte om de pensioenen welvaartsvast te houden. De zorgkosten
dreigen de pan uit te swingen en lijken voor de sociale zekerheid
onbetaalbaar te worden, zodat de eigen woning meer en
meer als een volwaardige pensioenpijler wordt beschouwd. Maar
zijn huishoudens geneigd om het vermogen dat in hun huis zit, te
gebruiken om hun latere zorgkosten te betalen? En wat betekent
dat voor de vererving van hun woning?
Pascal De Decker studeerde sociologie en ruimtelijke planning
aan de Universiteit Gent en promoveerde in de Sociale en Politieke
Wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. Hij doceert
aan de Geassocieerde Faculteit Architectuur van de KU Leuven,
Campus Sint-Lucas in Gent. Hij is ook verbonden aan de Hogeschool
Gent, Faculteit Toegepaste Ingenieurswetenschappen.
Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar ‘jonge wilden’. Joodse schrijvers over de Shoah (Academisch Literair, nr. 8)
Overleven in verhalen biedt een vergelijkend historisch overzicht van literatuur over de Shoah van voornamelijk Europese en Israëlische auteurs.
Het boek schetst een breed panorama dat laat zien hoe verschillende generaties auteurs de Holocaust tot uitdrukking hebben gebracht.
Er is aandacht voor de literatuur van ooggetuigen (Primo Levi, Elie Wiesel, Jean Améry, Paul Steinberg), voor de literatuur van auteurs die ten tijde van de Tweede Wereldoorlog kinderen waren (Jona Oberski, Ischa Meijer, Ruth Klüger, Aharon Appelfeld, Saul Friedländer, Lisette Lewin, Chaja Polak, Judith Herzberg) en voor de overgang van autobiografie naar fictieve verbeelding (Imre Kertész). Ook de omgekeerde beweging van fictie naar biografie komt aan de orde (Amos Oz).
In de latere hoofdstukken zijn auteurs aan het woord die gekozen hebben voor het experiment: Hans Keilson, Edgar Hilsenrath en Romain Gary als vertegenwoordigers van het ‘morele experiment’, David Grossman en Marcel Möring als vertegenwoordigers van het ‘literaire experiment’. Arnon Grunberg heeft naast Maxim Biller en Alessandro Piperno een plaats in het hoofdstuk over de ‘jonge wilden’. Met Daniel Mendelsohn ten slotte komt een vertegenwoordiger van de derde generatie in Amerika aan het woord.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Elrud Ibsch was hoogleraar Algemene Literatuurwetenschap aan de Vrije Universiteit te Amsterdam van 1976 tot 2000.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar ‘jonge wilden’. Joodse schrijvers over de Shoah (Academisch Literair, nr. 8)
Overleven in verhalen biedt een vergelijkend historisch overzicht van literatuur over de Shoah van voornamelijk Europese en Israëlische auteurs.
Het boek schetst een breed panorama dat laat zien hoe verschillende generaties auteurs de Holocaust tot uitdrukking hebben gebracht.
Er is aandacht voor de literatuur van ooggetuigen (Primo Levi, Elie Wiesel, Jean Améry, Paul Steinberg), voor de literatuur van auteurs die ten tijde van de Tweede Wereldoorlog kinderen waren (Jona Oberski, Ischa Meijer, Ruth Klüger, Aharon Appelfeld, Saul Friedländer, Lisette Lewin, Chaja Polak, Judith Herzberg) en voor de overgang van autobiografie naar fictieve verbeelding (Imre Kertész). Ook de omgekeerde beweging van fictie naar biografie komt aan de orde (Amos Oz).
In de latere hoofdstukken zijn auteurs aan het woord die gekozen hebben voor het experiment: Hans Keilson, Edgar Hilsenrath en Romain Gary als vertegenwoordigers van het ‘morele experiment’, David Grossman en Marcel Möring als vertegenwoordigers van het ‘literaire experiment’. Arnon Grunberg heeft naast Maxim Biller en Alessandro Piperno een plaats in het hoofdstuk over de ‘jonge wilden’. Met Daniel Mendelsohn ten slotte komt een vertegenwoordiger van de derde generatie in Amerika aan het woord.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Elrud Ibsch was hoogleraar Algemene Literatuurwetenschap aan de Vrije Universiteit te Amsterdam van 1976 tot 2000.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Binding en burgerschap. Buurtbetrokkenheid in Rotterdam en Den Haag
Over stedelijk burgerschap worden levendige discussies gevoerd. Het gaat daarbij onder meer om succesfactoren van burgerinitiatieven, de relatie tussen burger en overheid, de rol die sociale netwerken spelen bij burgerparticipatie, en om hoe verschillende bevolkingsgroepen vorm geven aan actief burgerschap.
Dit boek wil een bijdrage leveren aan de discussies over stedelijk burgerschap, gebaseerd op onderzoeken die zijn uitgevoerd in Rotterdam en Den Haag. Hieraan hebben zowel studenten en docenten van hogeschool Inholland als externe deskundigen meegewerkt.
De huidige stand van het onderzoek naar burgerschap wordt weergegeven. Actuele vormen van binding en burgerschap worden in kaart gebracht op Noordereiland in Rotterdam en in het Statenkwartier in Den Haag. Een onderzoek uit 1963 op het Noordereiland werd recent enigszins herhaald, zodat je als lezer twee ‘plaatjes’ van binding en burgerschap met elkaar kunt vergelijken. Op het Noordereiland is ook gekeken naar community art in relatie tot burgerschap. In Den Haag is bovendien gekeken naar de ervaringen met een aantal burgerinitiatieven en hoe de gemeente daarmee is omgegaan.
Het boek laat zien hoe in verschillende buurten de
inzet voor de publieke zaak uiteenlopende vormen
van stedelijk burgerschap oplevert. Niet alle vormen
worden door de overheid gezien en op waarde
geschat. Een gemiste kans, aangezien die
(terugtredende) overheid een actieve en omvangrijke
civil society wil.
Arend Odé studeerde sociale geografie aan de Universiteit Utrecht en is associate lector Dynamiek van de stad.
Guido Walraven studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen aan de Rijksuniversiteit Groningen en is lector Dynamiek van de stad.
Meer informatie over het lectoraat op www.inholland.nl/dynamiekvandestad.
Eerder verschenen bij het lectoraat Dynamiek van de Stad:
Binding en burgerschap. Buurtbetrokkenheid in Rotterdam en Den Haag
Over stedelijk burgerschap worden levendige discussies gevoerd. Het gaat daarbij onder meer om succesfactoren van burgerinitiatieven, de relatie tussen burger en overheid, de rol die sociale netwerken spelen bij burgerparticipatie, en om hoe verschillende bevolkingsgroepen vorm geven aan actief burgerschap.
Dit boek wil een bijdrage leveren aan de discussies over stedelijk burgerschap, gebaseerd op onderzoeken die zijn uitgevoerd in Rotterdam en Den Haag. Hieraan hebben zowel studenten en docenten van hogeschool Inholland als externe deskundigen meegewerkt.
De huidige stand van het onderzoek naar burgerschap wordt weergegeven. Actuele vormen van binding en burgerschap worden in kaart gebracht op Noordereiland in Rotterdam en in het Statenkwartier in Den Haag. Een onderzoek uit 1963 op het Noordereiland werd recent enigszins herhaald, zodat je als lezer twee ‘plaatjes’ van binding en burgerschap met elkaar kunt vergelijken. Op het Noordereiland is ook gekeken naar community art in relatie tot burgerschap. In Den Haag is bovendien gekeken naar de ervaringen met een aantal burgerinitiatieven en hoe de gemeente daarmee is omgegaan.
Het boek laat zien hoe in verschillende buurten de
inzet voor de publieke zaak uiteenlopende vormen
van stedelijk burgerschap oplevert. Niet alle vormen
worden door de overheid gezien en op waarde
geschat. Een gemiste kans, aangezien die
(terugtredende) overheid een actieve en omvangrijke
civil society wil.
Arend Odé studeerde sociale geografie aan de Universiteit Utrecht en is associate lector Dynamiek van de stad.
Guido Walraven studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen aan de Rijksuniversiteit Groningen en is lector Dynamiek van de stad.
Meer informatie over het lectoraat op www.inholland.nl/dynamiekvandestad.
Eerder verschenen bij het lectoraat Dynamiek van de Stad:
Helpen en niet schaden. Uit de geschiedenis van verpleegkunde en medische zorg. (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 1)
Dit themacahier bundelt verhalen over invloedrijke personen, gebeurtenissen, thema’s of ontwikkelingen uit de geschiedenis van verpleegkunde dan wel medische zorg in Nederland en België. Deels zijn de teksten door de vaste redactie van Geschiedenis der Geneeskunde en Gezondheidszorg vergaard, deels zijn ze op verzoek van gastredacteur Cecile aan de Stegge speciaal voor dit cahier geschreven. Door de bloemlezing wordt kostbare kennis over verpleegkunde en verpleegkundigen geboekstaafd, bewaard en doorgegeven.
Thema’s die aan de orde komen, zijn: het optreden van
verpleegkundigen in tijden van oorlog, mannelijke verpleegkundigen en de
opbouw van de Nederlandse ambulancehulpverlening, de ontwikkeling op
het gebied van de verpleegkundige opleidingen, kwaliteitsbeleid in relatie tot
de verpleegkunde en ziekenhuispsychiatrie vanuit het perspectief van verpleegkundigen.
Het boek bevat ook een relaas over de eeuwenlange spanning
tussen de ideeën die artsen koesteren over verpleegkunde versus de
handelingen die emanciperende verpleegkundigen in werkelijkheid stellen.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Gastredacteur Cecile aan de Stegge, psychiatrisch verpleegkundige, filosofe
en gepromoveerd in de geschiedenis, is docent-onderzoeker bij het Lectoraat
Innoveren in de Ouderenzorg aan de Christelijke Hogeschool Windesheim
te Zwolle. Ook is zij voorzitter van de Stichting Historisch Verpleegkundig
Bezit in Amersfoort.
Cornelis van Tilburg, classicus, is verbonden aan de
Universiteit Leiden. Hij publiceerde onder meer over verkeer in het Romeinse
Rijk en bereidt een proefschrift voor over stadshygiëne en infrastructuur in
de Grieks-Romeinse wereld. Hij is redactielid van Cahiers Geschiedenis van
de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Helpen en niet schaden. Uit de geschiedenis van verpleegkunde en medische zorg. (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 1)
Dit themacahier bundelt verhalen over invloedrijke personen, gebeurtenissen, thema’s of ontwikkelingen uit de geschiedenis van verpleegkunde dan wel medische zorg in Nederland en België. Deels zijn de teksten door de vaste redactie van Geschiedenis der Geneeskunde en Gezondheidszorg vergaard, deels zijn ze op verzoek van gastredacteur Cecile aan de Stegge speciaal voor dit cahier geschreven. Door de bloemlezing wordt kostbare kennis over verpleegkunde en verpleegkundigen geboekstaafd, bewaard en doorgegeven.
Thema’s die aan de orde komen, zijn: het optreden van
verpleegkundigen in tijden van oorlog, mannelijke verpleegkundigen en de
opbouw van de Nederlandse ambulancehulpverlening, de ontwikkeling op
het gebied van de verpleegkundige opleidingen, kwaliteitsbeleid in relatie tot
de verpleegkunde en ziekenhuispsychiatrie vanuit het perspectief van verpleegkundigen.
Het boek bevat ook een relaas over de eeuwenlange spanning
tussen de ideeën die artsen koesteren over verpleegkunde versus de
handelingen die emanciperende verpleegkundigen in werkelijkheid stellen.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Gastredacteur Cecile aan de Stegge, psychiatrisch verpleegkundige, filosofe
en gepromoveerd in de geschiedenis, is docent-onderzoeker bij het Lectoraat
Innoveren in de Ouderenzorg aan de Christelijke Hogeschool Windesheim
te Zwolle. Ook is zij voorzitter van de Stichting Historisch Verpleegkundig
Bezit in Amersfoort.
Cornelis van Tilburg, classicus, is verbonden aan de
Universiteit Leiden. Hij publiceerde onder meer over verkeer in het Romeinse
Rijk en bereidt een proefschrift voor over stadshygiëne en infrastructuur in
de Grieks-Romeinse wereld. Hij is redactielid van Cahiers Geschiedenis van
de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Cultureel erfgoed onder vuur. Naar een integrale beschermingstrategie voor culturele goederen tijdens gewapende conflicten.
Het verwoesten van culturele goederen tijdens gewapende conflicten is een eeuwenoud kwaad. Zowel het intentioneel beschadigen van het vijandelijk erfgoed als het inslaan van antiquiteiten als oorlogsbuit of ter persoonlijke verrijking, slaat van oudsher toe. Daarom werden er, vooral in de twintigste eeuw, heel wat maatregelen genomen ter preventie van schade aan culturele goederen tijdens gewapende conflicten.
Internationale rechtsregels werden ontwikkeld, bij de strijdkrachten werden gespecialiseerde diensten ingericht, niet-gouvernementele organisaties lieten zich in met de problematiek, schuilkelders voor culturele goederen werden gebouwd, musea stelden ‘risk preparedness’ programma’s op … Ondanks al deze maatregelen is de problematiek vandaag levendiger dan ooit.
De auteur gaat op zoek naar de hiaten in de preventiestrategie. Hierbij ligt de klemtoon vooral op de rol die de internationale gemeenschap speelt in het preventiebeleid en de coördinatie ervan. De problematiek van destructie van cultuurgoederen wordt eerst geduid en gekaderd binnen actuele theorievorming rond nationalisme en gewapende conflicten. Daarna volgt een evaluatie van de bestaande preventiestrategie, geïllustreerd aan de hand van twee casussen: Kosovo en Irak.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Sigrid Van der Auwera is verbonden aan het Competence Centre Management, Culture and Policy van de Universiteit Antwerpen. Ze studeerde archeologie en internationale politiek en promoveerde in de Monumenten- en landschapszorg. Haar onderzoek richt zich vooral op international erfgoedbeleid en -management en de rol van erfgoed in onze maatschappij.
Cultureel erfgoed onder vuur. Naar een integrale beschermingstrategie voor culturele goederen tijdens gewapende conflicten.
Het verwoesten van culturele goederen tijdens gewapende conflicten is een eeuwenoud kwaad. Zowel het intentioneel beschadigen van het vijandelijk erfgoed als het inslaan van antiquiteiten als oorlogsbuit of ter persoonlijke verrijking, slaat van oudsher toe. Daarom werden er, vooral in de twintigste eeuw, heel wat maatregelen genomen ter preventie van schade aan culturele goederen tijdens gewapende conflicten.
Internationale rechtsregels werden ontwikkeld, bij de strijdkrachten werden gespecialiseerde diensten ingericht, niet-gouvernementele organisaties lieten zich in met de problematiek, schuilkelders voor culturele goederen werden gebouwd, musea stelden ‘risk preparedness’ programma’s op … Ondanks al deze maatregelen is de problematiek vandaag levendiger dan ooit.
De auteur gaat op zoek naar de hiaten in de preventiestrategie. Hierbij ligt de klemtoon vooral op de rol die de internationale gemeenschap speelt in het preventiebeleid en de coördinatie ervan. De problematiek van destructie van cultuurgoederen wordt eerst geduid en gekaderd binnen actuele theorievorming rond nationalisme en gewapende conflicten. Daarna volgt een evaluatie van de bestaande preventiestrategie, geïllustreerd aan de hand van twee casussen: Kosovo en Irak.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Sigrid Van der Auwera is verbonden aan het Competence Centre Management, Culture and Policy van de Universiteit Antwerpen. Ze studeerde archeologie en internationale politiek en promoveerde in de Monumenten- en landschapszorg. Haar onderzoek richt zich vooral op international erfgoedbeleid en -management en de rol van erfgoed in onze maatschappij.
ToM-basistraining. Box met Handboek en lesmateriaal
De ToM-basistraining is een complete training die bedoeld is om kinderen en jongeren met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking in de leeftijd van 8-14 jaar te helpen om emoties, gedrag en gevoelens te leren herkennen bij zichzelf, maar vooral ook bij een ander. ToM staat voor ‘Theory of Mind’, wat wil zeggen: nadenken over de gedachten van anderen.
Vele mensen met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking hebben moeite om zich in te leven in de gevoelens, emoties en gedachten van een ander. Voor hen is het lastig om de wereld van anderen te begrijpen en daar op een gepaste manier op te reageren. Ze hebben dan ook hulp nodig om iets te begrijpen van onze wereld die bol staat van, voor hen vaak onbegrijpelijke, interacties tussen mensen.
In het boek Leren denken over denken en leren begrijpen van emoties, ontwikkelde dr. Pim Steerneman een training om sociale interacties en meer specifiek ‘Theory of Mind’ te oefenen. Op De Zonnehoek, school voor zeer moeilijk lerende kinderen in Apeldoorn, is deze training verder uitgewerkt. Daarnaast bleek het wenselijk een compleet werkboek te maken, waardoor zowel de kinderen, als familie, groepsleiding, meesters en/of juffen, optimaal betrokken raakten bij de training. Ook ontstond passend materiaal. Het eindresultaat is een zeer praktisch totaalpakket, waarmee leerkrachten, IB-ers, trainers, coaches, hulpverleners en groepsleiders, meteen aan de slag kunnen.
ToM-basistraining bestaat uit:
- Handleiding met lesbeschrijvingen
- Werkboek (apart verkrijgbaar voor de leerlingen, ISBN 9789044133141)
- Materiaal, zoals fotokaarten, praatkaartjes, pictogrammen, emotiethermometer e.d.
- Downloads, zoals een informatiefolder, certificaat voor de deelnemers, ToM-spel, eindverslag enz.
Mirjam van Campen-Hoekstra is al jaren werkzaam in het ZMLK-onderwijs. Zij heeft veel ervaring in het werken met leerlingen met een verstandelijke beperking, vaak in combinatie met een stoornis in het autistisch spectrum. Zij heeft op grond van haar jarenlange praktijkervaringen de methode van dr. P. Steerneman bewerkt tot een handzaam instrument.
ToM-basistraining. Box met Handboek en lesmateriaal
De ToM-basistraining is een complete training die bedoeld is om kinderen en jongeren met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking in de leeftijd van 8-14 jaar te helpen om emoties, gedrag en gevoelens te leren herkennen bij zichzelf, maar vooral ook bij een ander. ToM staat voor ‘Theory of Mind’, wat wil zeggen: nadenken over de gedachten van anderen.
Vele mensen met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking hebben moeite om zich in te leven in de gevoelens, emoties en gedachten van een ander. Voor hen is het lastig om de wereld van anderen te begrijpen en daar op een gepaste manier op te reageren. Ze hebben dan ook hulp nodig om iets te begrijpen van onze wereld die bol staat van, voor hen vaak onbegrijpelijke, interacties tussen mensen.
In het boek Leren denken over denken en leren begrijpen van emoties, ontwikkelde dr. Pim Steerneman een training om sociale interacties en meer specifiek ‘Theory of Mind’ te oefenen. Op De Zonnehoek, school voor zeer moeilijk lerende kinderen in Apeldoorn, is deze training verder uitgewerkt. Daarnaast bleek het wenselijk een compleet werkboek te maken, waardoor zowel de kinderen, als familie, groepsleiding, meesters en/of juffen, optimaal betrokken raakten bij de training. Ook ontstond passend materiaal. Het eindresultaat is een zeer praktisch totaalpakket, waarmee leerkrachten, IB-ers, trainers, coaches, hulpverleners en groepsleiders, meteen aan de slag kunnen.
ToM-basistraining bestaat uit:
- Handleiding met lesbeschrijvingen
- Werkboek (apart verkrijgbaar voor de leerlingen, ISBN 9789044133141)
- Materiaal, zoals fotokaarten, praatkaartjes, pictogrammen, emotiethermometer e.d.
- Downloads, zoals een informatiefolder, certificaat voor de deelnemers, ToM-spel, eindverslag enz.
Mirjam van Campen-Hoekstra is al jaren werkzaam in het ZMLK-onderwijs. Zij heeft veel ervaring in het werken met leerlingen met een verstandelijke beperking, vaak in combinatie met een stoornis in het autistisch spectrum. Zij heeft op grond van haar jarenlange praktijkervaringen de methode van dr. P. Steerneman bewerkt tot een handzaam instrument.
Je verleden voorbij. Je leven opnieuw in handen met de zelfhulptechnieken uit de EMDR-therapie
Echte mensen, echte levensverhalen en echte emotionele genezing van trauma’s en kwetsuren uit het verleden. Dr. Francine Shapiro beschrijft een resem technieken die mensen in staat stellen om zichzelf emotioneel in balans te brengen, gebaseerd op de EMDR-therapie, die in het werk van duizenden therapeuten al succesvol is gebleken. De ware verhalen tonen hoe stresserende, pijnlijke of traumatische ervaringen ons leven beïnvloeden en ons potentieel beperken – maar ook hoe ze veranderd en opgelost kunnen worden. Een ontdekking voor iedereen.
Deze zeer toegankelijke gebruikersgids is geschreven door de ontdekker van een wetenschappelijk gefundeerde vorm van psychotherapie, die wereldwijd door miljoenen mensen wordt gebruikt.
Of we nu kleine tegenslagen of ernstige trauma’s hebben meegemaakt, we worden allemaal beïnvloed door herinneringen en ervaringen die we ons misschien niet herinneren of die we niet volledig begrijpen. Je verleden voorbij biedt een aantal praktische technieken om de geheimen van ons menszijn te ontraadselen en zal lezers die hun eigen leven in handen willen nemen extra motivatie geven. Francine Shapiro, de grondlegster van EMDR – Eye Movement Desensitization and Reprocessing, legt in heldere termen de achterliggende wetenschappe lijke verklaringen uit en beschrijft simpele oefeningen die lezers thuis kunnen doen om hun automatische reactiepatronen te leren kennen en om echte, diepgaande veranderingen te bekomen.
“De ontdekking door Francine Shapiro van EMDR is een van de belangrijkste doorbraken in de geschiedenis van de psychotherapie.”
-Norman Doidge, MD, auteur van The Brain That Changes Itself “Je Verleden Voorbij is een krachtig boek dat mensen in staat zal stellen zichzelf te begrijpen en -belangrijker nog- hen een toolbox geeft om zich snel gelukkiger en effectiever te kunnen voelen.”
-Daniel G. Amen, MD, auteur van Change your brain, change your life “De dingen die ik in een EMDR-sessie leerde, zijn me altijd bijgebleven en hebben mijn bewustzijn verreikt. Het is een krachtig proces. Ik kan het aanbevelen.”
-Uit The Noonday Demon door Andrew Solomon “Een ware schat aan wetenschappelijk gefundeerde technieken, gebaseerd op EMDR, om zelf ons leven te veranderen en vooruit te gaan.”
-John C. Norcross, PhD, ABPP, distinguished university fellow aan de universiteit van Scranton en uitgever van de Journal of Clinical Psychology: In Session “Wat betreft het klinisch deel van mijn leven, geen enkele andere denker heeft meer indruk op mij gemaakt dan Francine Shapiro.”
-Uit Je brein als medicijn door David Servan-Schreiber, MD “Lees dit boek samen met iemand waarvan je houdt ... en begin met jezelf!”
-Daniel J. Siegel, MD, Professor in de psychiatrie aan de UCLA School of Medicine
en auteur van The Developing Brain en Mindsight
Dr. Francine Shapiro is een senior researcher
aan het Mental Research Institute van
Palo Alto in Californië. Ze is directrice van
het EMDR-Instituut en oprichtster van de
non-profit EMDR-organisatie - Humanitarian
Assistance Programs.
Als grondlegster van EMDR kreeg ze de
Sigmund Freud prijs van de stad Wenen
de American Psychological Association
Trauma Psychology Division Award voor
haar uitzonderlijke bijdrage aan de praktijk
van de traumapsychologie en de Distinguished
Scientific Achievement in Psychology
Award van de California Psychological
Association. Zij presenteert wereldwijd op
congressen en aan universiteiten.
In de media:
"Een ontdekking voor iedereen."
Psychiatrie & Verpleging (jrg. 89, nr. 3, blz. 132)
Je verleden voorbij. Je leven opnieuw in handen met de zelfhulptechnieken uit de EMDR-therapie
Echte mensen, echte levensverhalen en echte emotionele genezing van trauma’s en kwetsuren uit het verleden. Dr. Francine Shapiro beschrijft een resem technieken die mensen in staat stellen om zichzelf emotioneel in balans te brengen, gebaseerd op de EMDR-therapie, die in het werk van duizenden therapeuten al succesvol is gebleken. De ware verhalen tonen hoe stresserende, pijnlijke of traumatische ervaringen ons leven beïnvloeden en ons potentieel beperken – maar ook hoe ze veranderd en opgelost kunnen worden. Een ontdekking voor iedereen.
Deze zeer toegankelijke gebruikersgids is geschreven door de ontdekker van een wetenschappelijk gefundeerde vorm van psychotherapie, die wereldwijd door miljoenen mensen wordt gebruikt.
Of we nu kleine tegenslagen of ernstige trauma’s hebben meegemaakt, we worden allemaal beïnvloed door herinneringen en ervaringen die we ons misschien niet herinneren of die we niet volledig begrijpen. Je verleden voorbij biedt een aantal praktische technieken om de geheimen van ons menszijn te ontraadselen en zal lezers die hun eigen leven in handen willen nemen extra motivatie geven. Francine Shapiro, de grondlegster van EMDR – Eye Movement Desensitization and Reprocessing, legt in heldere termen de achterliggende wetenschappe lijke verklaringen uit en beschrijft simpele oefeningen die lezers thuis kunnen doen om hun automatische reactiepatronen te leren kennen en om echte, diepgaande veranderingen te bekomen.
“De ontdekking door Francine Shapiro van EMDR is een van de belangrijkste doorbraken in de geschiedenis van de psychotherapie.”
-Norman Doidge, MD, auteur van The Brain That Changes Itself “Je Verleden Voorbij is een krachtig boek dat mensen in staat zal stellen zichzelf te begrijpen en -belangrijker nog- hen een toolbox geeft om zich snel gelukkiger en effectiever te kunnen voelen.”
-Daniel G. Amen, MD, auteur van Change your brain, change your life “De dingen die ik in een EMDR-sessie leerde, zijn me altijd bijgebleven en hebben mijn bewustzijn verreikt. Het is een krachtig proces. Ik kan het aanbevelen.”
-Uit The Noonday Demon door Andrew Solomon “Een ware schat aan wetenschappelijk gefundeerde technieken, gebaseerd op EMDR, om zelf ons leven te veranderen en vooruit te gaan.”
-John C. Norcross, PhD, ABPP, distinguished university fellow aan de universiteit van Scranton en uitgever van de Journal of Clinical Psychology: In Session “Wat betreft het klinisch deel van mijn leven, geen enkele andere denker heeft meer indruk op mij gemaakt dan Francine Shapiro.”
-Uit Je brein als medicijn door David Servan-Schreiber, MD “Lees dit boek samen met iemand waarvan je houdt ... en begin met jezelf!”
-Daniel J. Siegel, MD, Professor in de psychiatrie aan de UCLA School of Medicine
en auteur van The Developing Brain en Mindsight
Dr. Francine Shapiro is een senior researcher
aan het Mental Research Institute van
Palo Alto in Californië. Ze is directrice van
het EMDR-Instituut en oprichtster van de
non-profit EMDR-organisatie - Humanitarian
Assistance Programs.
Als grondlegster van EMDR kreeg ze de
Sigmund Freud prijs van de stad Wenen
de American Psychological Association
Trauma Psychology Division Award voor
haar uitzonderlijke bijdrage aan de praktijk
van de traumapsychologie en de Distinguished
Scientific Achievement in Psychology
Award van de California Psychological
Association. Zij presenteert wereldwijd op
congressen en aan universiteiten.
In de media:
"Een ontdekking voor iedereen."
Psychiatrie & Verpleging (jrg. 89, nr. 3, blz. 132)


