Epidemieën, hun impact en hun bestrijding. – Een historisch overzicht met actualiteitswaarde (Cahiers GGG, Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg nr. 15)
Toch is dit niet de eerste pandemie die de wereld getroffen heeft, verre van dat. Sinds de ‘pest’ van Athene, 2500 jaar geleden – de eerste epidemie die schriftelijk is vastgelegd – is de wereld regelmatig opgeschrikt door weer nieuwe ziekten en epidemieën, meestal afkomstig van elders, die soms hele continenten konden treffen. Vaak werd daarbij een nog groter deel van de bevolking getroffen dan in onze huidige pandemie. Desastreus was de ‘Zwarte Dood’, de beruchte pestepidemie die Europa rond het midden van de veertiende eeuw trof; soms stierf het grootste deel van de bevolking in een gebied uit. De indianen werden veel meer getroffen door mazelen dan Spaanse zwaarden; de Europeanen op hun beurt – zij het op kleinere schaal – door syfilis. Ruim honderd jaar geleden veroorzaakte de Spaanse Griep (die overigens niet in Spanje is begonnen) meer slachtoffers dan de Eerste Wereldoorlog.
In dit boek komen deze epidemieën aan bod. Vanuit verschillende gezichtspunten worden ze besproken: de symptomen, de aanvankelijke machteloosheid, de maatregelen van de regeringen, het uiteindelijke succes van de geneeskunde en de nasleep.
We weten nu dat niet Apollo, Asklepios of God maar virussen verantwoordelijk zijn voor deze pandemie, maar het heeft eeuwen geduurd voordat we dit inzicht hadden. Tegenwoordig lijkt de COVID-19-pandemie op zijn retour: de cijfers dalen en maatregelen worden versoepeld, maar de belangrijkste reden is dat er steeds meer mensen gevaccineerd zijn. Vaccinatie is een uitvinding die dateert uit het eind van de achttiende eeuw en werd vanaf 1800 met succes overal toegepast. Ook nu.
Cornelis van Tilburg is classicus aan de Universiteit Leiden, waar hij werkzaam is als onderzoeker bij Griekse en Latijnse Talen en Culturen. Naast zijn onderzoek naar verkeerscirculatie en stadshygiëne in de Grieks-Romeinse wereld is hij eindredacteur van de cahierreeks Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Vincent Van Roy is historicus. Hij specialiseerde zich tijdens zijn doctoraatsonderzoek in de medische geschiedenis, meer specifiek de circulatiemechanismen van medische kennis doorheen de vroegmoderne periode. Hij is redactiecoördinator van de cahierreeks Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg en actief medewerker in het Antwerpse Museum Lambotte.
Epidemieën, hun impact en hun bestrijding. – Een historisch overzicht met actualiteitswaarde (Cahiers GGG, Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg nr. 15)
Toch is dit niet de eerste pandemie die de wereld getroffen heeft, verre van dat. Sinds de ‘pest’ van Athene, 2500 jaar geleden – de eerste epidemie die schriftelijk is vastgelegd – is de wereld regelmatig opgeschrikt door weer nieuwe ziekten en epidemieën, meestal afkomstig van elders, die soms hele continenten konden treffen. Vaak werd daarbij een nog groter deel van de bevolking getroffen dan in onze huidige pandemie. Desastreus was de ‘Zwarte Dood’, de beruchte pestepidemie die Europa rond het midden van de veertiende eeuw trof; soms stierf het grootste deel van de bevolking in een gebied uit. De indianen werden veel meer getroffen door mazelen dan Spaanse zwaarden; de Europeanen op hun beurt – zij het op kleinere schaal – door syfilis. Ruim honderd jaar geleden veroorzaakte de Spaanse Griep (die overigens niet in Spanje is begonnen) meer slachtoffers dan de Eerste Wereldoorlog.
In dit boek komen deze epidemieën aan bod. Vanuit verschillende gezichtspunten worden ze besproken: de symptomen, de aanvankelijke machteloosheid, de maatregelen van de regeringen, het uiteindelijke succes van de geneeskunde en de nasleep.
We weten nu dat niet Apollo, Asklepios of God maar virussen verantwoordelijk zijn voor deze pandemie, maar het heeft eeuwen geduurd voordat we dit inzicht hadden. Tegenwoordig lijkt de COVID-19-pandemie op zijn retour: de cijfers dalen en maatregelen worden versoepeld, maar de belangrijkste reden is dat er steeds meer mensen gevaccineerd zijn. Vaccinatie is een uitvinding die dateert uit het eind van de achttiende eeuw en werd vanaf 1800 met succes overal toegepast. Ook nu.
Cornelis van Tilburg is classicus aan de Universiteit Leiden, waar hij werkzaam is als onderzoeker bij Griekse en Latijnse Talen en Culturen. Naast zijn onderzoek naar verkeerscirculatie en stadshygiëne in de Grieks-Romeinse wereld is hij eindredacteur van de cahierreeks Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Vincent Van Roy is historicus. Hij specialiseerde zich tijdens zijn doctoraatsonderzoek in de medische geschiedenis, meer specifiek de circulatiemechanismen van medische kennis doorheen de vroegmoderne periode. Hij is redactiecoördinator van de cahierreeks Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg en actief medewerker in het Antwerpse Museum Lambotte.
Rembert Dodoens. Een zestiende-eeuwse kruidenwetenschapper, zijn tijd- en vakgenoten en zijn betekenis. (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 7)
Rembert Dodoens (Mechelen, 1517/18 – Leiden, 1585) is erg belangrijk
figuur in de wetenschapsgeschiedenis van de Nederlanden. Hij wordt vooral
geassocieerd met de botanica en zijn legendarische ‘Cruijdeboeck’. Hieraan
besteedt deze publicatie de nodige aandacht, maar ze wil ook verder kijken.
Zo staat ze ook stil bij de inbreng van Dodoens op het medische domein. Vele
van de door hem beschreven kruiden werden immers geïmplementeerd in
de medische wetenschap en sommige beschreven exotische en endemische
kruiden en plantenextracten worden vandaag nog altijd gebruikt. Er is
meteen ook een duidelijke link naar de farmaceutische wetenschappen.
Reeds in de zestiende eeuw werden de inzichten van Dodoens toegepast
bij de vervaardiging van verscheidene doelgerichte en baanbrekende
geneesmiddelen.
Dit innovatieve boek werpt een heldere blik op de ontelbare verwezenlijkingen
van deze wereldbefaamde Mechelse wetenschapper. De wetenschappelijke
erfenis van Dodoens kan nauwelijks overschat worden.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Rembert Dodoens. Een zestiende-eeuwse kruidenwetenschapper, zijn tijd- en vakgenoten en zijn betekenis. (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 7)
Rembert Dodoens (Mechelen, 1517/18 – Leiden, 1585) is erg belangrijk
figuur in de wetenschapsgeschiedenis van de Nederlanden. Hij wordt vooral
geassocieerd met de botanica en zijn legendarische ‘Cruijdeboeck’. Hieraan
besteedt deze publicatie de nodige aandacht, maar ze wil ook verder kijken.
Zo staat ze ook stil bij de inbreng van Dodoens op het medische domein. Vele
van de door hem beschreven kruiden werden immers geïmplementeerd in
de medische wetenschap en sommige beschreven exotische en endemische
kruiden en plantenextracten worden vandaag nog altijd gebruikt. Er is
meteen ook een duidelijke link naar de farmaceutische wetenschappen.
Reeds in de zestiende eeuw werden de inzichten van Dodoens toegepast
bij de vervaardiging van verscheidene doelgerichte en baanbrekende
geneesmiddelen.
Dit innovatieve boek werpt een heldere blik op de ontelbare verwezenlijkingen
van deze wereldbefaamde Mechelse wetenschapper. De wetenschappelijke
erfenis van Dodoens kan nauwelijks overschat worden.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
De medische renaissance anders bekeken (1400-1600) (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 5)
De ‘renaissance’ is een grote culturele beweging die ontstond in Italië in de veertiende en vijftiende eeuw. Zeker de aankomende zestiende eeuw gold als de ultieme eeuw van de ‘wedergeboorte’. Terwijl de term veelal met betrekking tot het artistieke milieu wordt gehanteerd, spreekt men in de evolutie van het denken en de geesteswetenschappen ook vaak van het parallelle ‘humanisme’. Het collectieve denken verschoof meer naar de kracht van het individu, het paradigma van het ‘godsbeeld’ zou plaatsmaken voor het ‘mensbeeld’, dat een universeel karakter moest uitstralen. De hierbij geformuleerde denkbeelden worden in dit cahier enigszins bijgesteld om de lezer zo tot nieuwe inzichten te bewegen.
De medische renaissance anders bekeken (1400-1600) kenmerkt zich door een steeds wederkerend spanningsveld tussen continuïteit en een soort van discontinuïteitsdenken. Als het ware een tweeopdeling. Enerzijds prescriptieve kennis, die vaak letterlijk werd overgeleverd en niet-zelden klakkeloos werd overgenomen. Anderzijds de propositionele kennis, die voortborduurde op nieuwe ideeën en kennis, niet-zelden ontleend uit empirie en een eerste aanzet tot wetenschappelijk experiment. Beide tendensen konden naast elkaar bestaan, maar raakten vaak in elkaar vervlochten. Deze these lijkt aannemelijker te zijn dan een strikte dichotomie op het spanningsveld te blijven verdedigen.
Aan de hand van de hier geformuleerde, onderbouwde hypothesen kan de lezer zijn eigen conclusies trekken. Afhankelijk van zijn achtergrond en intentie kunnen ze nogal uiteenlopend zijn. Dit lijkt ons echter veeleer een troef dan een ‘handicap’, temeer omdat op die manier het debat in de cultuur- en medische geschiedenis levendig blijft.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Dit boek bevat bijdragen van:
Dr. Maurits Biesbrouck,
Prof. em. dr. Ivo De Leeuw,
Prof. dr. Inge Fourneau,
Guy Gilias,
Dr. Theodoor Goddeeris,
Dr. Hans L. Houtzager,
Prof. em. dr. Omer Steeno,
Prof. em. dr. Raphael M.E. Suy,
Dr. Cornelis van Tilburg,
Aagje Van Cauwelaert en
Dr. Vincent Van Roy
De redactie was in handen van:
Prof. dr. Ivo De Leeuw, emeritus aan de universiteit Antwerpen, bekleedde verscheidene
wetenschappelijke functies op het gebied van de geneeskunde in onder
andere België, de VS en Groot-Brittannië. Hij is topgespecialiseerd in de medische
geschiedenis van grote Italiaanse families uit de renaissance. Hij publiceerde verschillende
artikelen en boeken.
Dr. Cornelis van Tilburg, classicus, is verbonden
aan de Universiteit Leiden. Hij publiceerde onder meer over verkeer en stadshygiëne
in het Romeinse Rijk en is eindredacteur van de cahierreeks Geschiedenis van
de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Dr. Vincent Van Roy, historicus, specialiseert
zich in allerlei medisch-historische onderwerpen, geschiedenis van lichaam
en geest en hospitaalgeschiedenis. In die hoedanigheid fungeert hij ook als secretaris
van de vereniging Hospitium en is hij redactiecoördinator van de cahierreeks
Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
De medische renaissance anders bekeken (1400-1600) (Cahiers GGG – Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg, nr. 5)
De ‘renaissance’ is een grote culturele beweging die ontstond in Italië in de veertiende en vijftiende eeuw. Zeker de aankomende zestiende eeuw gold als de ultieme eeuw van de ‘wedergeboorte’. Terwijl de term veelal met betrekking tot het artistieke milieu wordt gehanteerd, spreekt men in de evolutie van het denken en de geesteswetenschappen ook vaak van het parallelle ‘humanisme’. Het collectieve denken verschoof meer naar de kracht van het individu, het paradigma van het ‘godsbeeld’ zou plaatsmaken voor het ‘mensbeeld’, dat een universeel karakter moest uitstralen. De hierbij geformuleerde denkbeelden worden in dit cahier enigszins bijgesteld om de lezer zo tot nieuwe inzichten te bewegen.
De medische renaissance anders bekeken (1400-1600) kenmerkt zich door een steeds wederkerend spanningsveld tussen continuïteit en een soort van discontinuïteitsdenken. Als het ware een tweeopdeling. Enerzijds prescriptieve kennis, die vaak letterlijk werd overgeleverd en niet-zelden klakkeloos werd overgenomen. Anderzijds de propositionele kennis, die voortborduurde op nieuwe ideeën en kennis, niet-zelden ontleend uit empirie en een eerste aanzet tot wetenschappelijk experiment. Beide tendensen konden naast elkaar bestaan, maar raakten vaak in elkaar vervlochten. Deze these lijkt aannemelijker te zijn dan een strikte dichotomie op het spanningsveld te blijven verdedigen.
Aan de hand van de hier geformuleerde, onderbouwde hypothesen kan de lezer zijn eigen conclusies trekken. Afhankelijk van zijn achtergrond en intentie kunnen ze nogal uiteenlopend zijn. Dit lijkt ons echter veeleer een troef dan een ‘handicap’, temeer omdat op die manier het debat in de cultuur- en medische geschiedenis levendig blijft.
>> Intekenen op de reeks (20% korting op dit en alle toekomstige delen)
Dit boek bevat bijdragen van:
Dr. Maurits Biesbrouck,
Prof. em. dr. Ivo De Leeuw,
Prof. dr. Inge Fourneau,
Guy Gilias,
Dr. Theodoor Goddeeris,
Dr. Hans L. Houtzager,
Prof. em. dr. Omer Steeno,
Prof. em. dr. Raphael M.E. Suy,
Dr. Cornelis van Tilburg,
Aagje Van Cauwelaert en
Dr. Vincent Van Roy
De redactie was in handen van:
Prof. dr. Ivo De Leeuw, emeritus aan de universiteit Antwerpen, bekleedde verscheidene
wetenschappelijke functies op het gebied van de geneeskunde in onder
andere België, de VS en Groot-Brittannië. Hij is topgespecialiseerd in de medische
geschiedenis van grote Italiaanse families uit de renaissance. Hij publiceerde verschillende
artikelen en boeken.
Dr. Cornelis van Tilburg, classicus, is verbonden
aan de Universiteit Leiden. Hij publiceerde onder meer over verkeer en stadshygiëne
in het Romeinse Rijk en is eindredacteur van de cahierreeks Geschiedenis van
de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Dr. Vincent Van Roy, historicus, specialiseert
zich in allerlei medisch-historische onderwerpen, geschiedenis van lichaam
en geest en hospitaalgeschiedenis. In die hoedanigheid fungeert hij ook als secretaris
van de vereniging Hospitium en is hij redactiecoördinator van de cahierreeks
Geschiedenis van de Geneeskunde en Gezondheidszorg.
Poumons d’acier, coeurs d’or. Musées et collections médicales et sociales en Belgique, aux Pays-Bas et au Luxembourg
Le cinquantième anniversaire de la loi belge sur les Hôpitaux (1963) s’est avéré une belle occasion de recenser le patrimoine médical et social au sein du Benelux dans une publication particulière.
L’histoire de ces diverses collections remonte bien au-delà des cinquante dernières années. Dans ce livre, quarante institutions se présentent à vous par le texte et par l’image. Toutes possèdent un musée – ou une collection ouverte au public – concernant le patrimoine médical, pharmaceutique et social. Ces institutions couvrent pratiquement toutes les périodes historiques et concernent les trois pays du Benelux. Grâce à des récits passionnants et accessibles, illustrés par une iconographie choisie et de qualité, ce livre vise à éveiller l’intérêt d’un large public pour l’histoire spécifi que des collections présentées. De plus, ce livre se veut une invitation à visiter ces musées et collections, pour prolonger la lecture par une activité. Cette publication, pionnière pour nos régions, n’atteindra donc pleinement son objectif que si elle parvient à inciter le lecteur à sortir pour partir à la découverte du riche patrimoine médical, pharmaceutique et social conservé dans nos régions.
Rédacteurs en chef: Patrick Allegaert et Vincent Van Roy; pour Hospitium asbl; avec le soutien du Service public fédéral belge Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement.
Poumons d’acier, coeurs d’or. Musées et collections médicales et sociales en Belgique, aux Pays-Bas et au Luxembourg
Le cinquantième anniversaire de la loi belge sur les Hôpitaux (1963) s’est avéré une belle occasion de recenser le patrimoine médical et social au sein du Benelux dans une publication particulière.
L’histoire de ces diverses collections remonte bien au-delà des cinquante dernières années. Dans ce livre, quarante institutions se présentent à vous par le texte et par l’image. Toutes possèdent un musée – ou une collection ouverte au public – concernant le patrimoine médical, pharmaceutique et social. Ces institutions couvrent pratiquement toutes les périodes historiques et concernent les trois pays du Benelux. Grâce à des récits passionnants et accessibles, illustrés par une iconographie choisie et de qualité, ce livre vise à éveiller l’intérêt d’un large public pour l’histoire spécifi que des collections présentées. De plus, ce livre se veut une invitation à visiter ces musées et collections, pour prolonger la lecture par une activité. Cette publication, pionnière pour nos régions, n’atteindra donc pleinement son objectif que si elle parvient à inciter le lecteur à sortir pour partir à la découverte du riche patrimoine médical, pharmaceutique et social conservé dans nos régions.
Rédacteurs en chef: Patrick Allegaert et Vincent Van Roy; pour Hospitium asbl; avec le soutien du Service public fédéral belge Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement.
IJzeren longen, warme harten. Musea & collecties van geneeskunde en zorg in belgië Nederland en Luxemburg
De vijftigste verjaardag van de Belgische ‘Ziekenhuiswet’ uit 1963 is een mooie gelegenheid om het gerelateerde erfgoed in de hele Benelux op te lijsten in een bijzonder boek.
De geschiedenis van de diverse collecties gaat uiteraard veel verder terug dan de tijdsspanne van louter de jongste vijftig jaar. Veertig instellingen met publiek toegankelijke collecties en musea omtrent het medisch, farmaceutisch en zorgerfgoed stellen zich voor, in woorden en met beeldmateriaal. Deze instellingen overspannen vrijwel alle historische tijdsperioden en hebben betrekking op drie landen. Met een combinatie van toegankelijke, boeiende verhalen en representatief, kwaliteitsvol beeldmateriaal wil het boek een breed publiek boeien voor het bijzondere en interessante verleden van de diverse collecties. Tegelijk is het boek een uitnodiging om musea en instellingen te bezoeken. Niet alleen lezen, maar ook doen. Het boek, een primeur voor de ‘Lage Landen’, slaagt pas in zijn opzet als het de lezer ertoe kan aanzetten om zelf op verkenning te gaan naar het rijke medische, farmaceutische en zorgerfgoed dat onze contreien heeft nagelaten.
Eindredacteuren: Patrick Allegaert en Vincent Van Roy; in opdracht van Hospitium vzw; met ondersteuning van de Belgische Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.
IJzeren longen, warme harten. Musea & collecties van geneeskunde en zorg in belgië Nederland en Luxemburg
De vijftigste verjaardag van de Belgische ‘Ziekenhuiswet’ uit 1963 is een mooie gelegenheid om het gerelateerde erfgoed in de hele Benelux op te lijsten in een bijzonder boek.
De geschiedenis van de diverse collecties gaat uiteraard veel verder terug dan de tijdsspanne van louter de jongste vijftig jaar. Veertig instellingen met publiek toegankelijke collecties en musea omtrent het medisch, farmaceutisch en zorgerfgoed stellen zich voor, in woorden en met beeldmateriaal. Deze instellingen overspannen vrijwel alle historische tijdsperioden en hebben betrekking op drie landen. Met een combinatie van toegankelijke, boeiende verhalen en representatief, kwaliteitsvol beeldmateriaal wil het boek een breed publiek boeien voor het bijzondere en interessante verleden van de diverse collecties. Tegelijk is het boek een uitnodiging om musea en instellingen te bezoeken. Niet alleen lezen, maar ook doen. Het boek, een primeur voor de ‘Lage Landen’, slaagt pas in zijn opzet als het de lezer ertoe kan aanzetten om zelf op verkenning te gaan naar het rijke medische, farmaceutische en zorgerfgoed dat onze contreien heeft nagelaten.
Eindredacteuren: Patrick Allegaert en Vincent Van Roy; in opdracht van Hospitium vzw; met ondersteuning van de Belgische Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.