Carl Ceulemans
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het fort van Breendonk. Over oorlog, mensenrechten, herinnering

 24,90
In de herfst van 1940 werd het fort van Breendonk door de nazi’s omgevormd tot een kamp voor gevangenen uit België en het noorden van Frankrijk. De eerste gevangenen waren vooral joden afkomstig uit Midden-Europa, die spoedig het gezelschap kregen van Belgische politieke gevangenen. Men schat dat iets meer dan 3.500 personen kennisgemaakt hebben met de hel van Breendonk.

Breendonk, dat vandaag de dag een Nationaal Gedenkteken vormt, is een onvervangbare getuige van het systeem van de naziconcentratiekampen. Iedere dag weer stoppen er heel wat bussen met bezoekers, vaak scholieren, voor de ingang van het fort. Na het bezoek, bij het verlaten van het fort, is er bij ieder mens maar één gedachte mogelijk: “Dit nooit meer!”.

Dit boek gaat in op de betekenis van kampen zoals Breendonk op de hedendaagse samenleving. Het komt daarbij tot de vaststelling dat een democratie nooit uit het oog mag verliezen dat waarden zoals vrijheid, tolerantie en respect nooit definitief verworven zijn. Een voortdurende waakzaamheid blijft geboden.

Carl Ceulemans is docent aan het Departement Gedragswetenschappen – Leerstoel Filosofie van de Koninklijke Militaire School. Jean-Michel Sterkendries is hoogleraar aan het Departement Conflictstudies – Leerstoel Geschiedenis van de Koninklijke Militaire School.

In de media:
Bijdragen tot de eigentijdse geschiedenis - nr. 23

Quick View

Het fort van Breendonk. Over oorlog, mensenrechten, herinnering

 24,90
In de herfst van 1940 werd het fort van Breendonk door de nazi’s omgevormd tot een kamp voor gevangenen uit België en het noorden van Frankrijk. De eerste gevangenen waren vooral joden afkomstig uit Midden-Europa, die spoedig het gezelschap kregen van Belgische politieke gevangenen. Men schat dat iets meer dan 3.500 personen kennisgemaakt hebben met de hel van Breendonk.

Breendonk, dat vandaag de dag een Nationaal Gedenkteken vormt, is een onvervangbare getuige van het systeem van de naziconcentratiekampen. Iedere dag weer stoppen er heel wat bussen met bezoekers, vaak scholieren, voor de ingang van het fort. Na het bezoek, bij het verlaten van het fort, is er bij ieder mens maar één gedachte mogelijk: “Dit nooit meer!”.

Dit boek gaat in op de betekenis van kampen zoals Breendonk op de hedendaagse samenleving. Het komt daarbij tot de vaststelling dat een democratie nooit uit het oog mag verliezen dat waarden zoals vrijheid, tolerantie en respect nooit definitief verworven zijn. Een voortdurende waakzaamheid blijft geboden.

Carl Ceulemans is docent aan het Departement Gedragswetenschappen – Leerstoel Filosofie van de Koninklijke Militaire School. Jean-Michel Sterkendries is hoogleraar aan het Departement Conflictstudies – Leerstoel Geschiedenis van de Koninklijke Militaire School.

In de media:
Bijdragen tot de eigentijdse geschiedenis - nr. 23

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Over oorlog en ethiek. De traditie van de rechtvaardige oorlog in theorie en praktijk

 39,90
Is oorlog in geen enkel geval te rechtvaardigen?
Of kan het gebruik van militair geweld onder welbepaalde voorwaarden toch worden overwogen?
En zo ja, moet er daarbij dan geen rekening worden gehouden met duidelijke morele grenzen?

In dit boek worden deze morele grenzen afgetast door de lezer te laten kennismaken met de theorie van de rechtvaardige oorlog, een normatieve traditie die niet enkel de morele basis vormt voor het militaire beroep, maar ook voor het internationale juridische kader dat het gebruik van militair geweld binnen de internationale gemeenschap regelt. De theorie van de rechtvaardige oorlog wordt in dit boek op een dubbele wijze gehanteerd: als een ethisch analyse-instrument bij de studie van specifieke casussen en als een soort leidraad bij reflecties over oorlog en vrede.

In het eerste deel wordt de onderliggende basisfilosofie van de theorie van de rechtvaardige oorlog uiteengezet en wordt tevens aandacht besteed aan een aantal andere normatiefethische stromingen betreffende oorlog en vrede: realisme, militarisme en pacifisme. Ook de principes van het jus ad bellum en van het jus in bello komen er ruim aan bod.

In het tweede deel staat de toepassing van de theorie van de rechtvaardige oorlog centraal, en dit onder meer in een vergelijkende analyse van twee recente internationale conflicten: de NAVO-interventie in Kosovo in 1999 en de internationale interventie in Afghanistan sinds 2001. Ook het begrip ‘legitiem gezag’ komt er aan bod en de toepassing ervan op de internationale interventie in het voormalige Joegoslavië van het begin van de jaren negentig. De ethische analyse wordt verder doorgetrokken naar de zogenaamde ‘War on Terror’ met de eraan verbonden ‘preventieve oorlog’-doctrine en het discriminatieprincipe in de strijd tegen een niet-conventionele tegenstander. Ook meer casuïstische benaderingen komen hier aan bod: de ethische implicaties van het gebruik van bepaalde wapens, de kwestie of het ooit aanvaardbaar zou kunnen zijn om te folteren in uiterste nood en de vraag naar een gepaste interpretatie van het principe van de in bello-proportionaliteit.

Het derde en laatste deel besteedt aandacht aan de ethische dualiteit van de theorie van de rechtvaardige oorlog met o.m. de vraag of de combattanten aan beide zijden dezelfde privileges en plichten hebben en of een combattant die deelneemt aan een onrechtvaardige oorlog wel op een rechtvaardige manier kan vechten. Moet men bij de behandeling van deze onrechtvaardige combattanten geen rekening houden met hun individuele graad van morele verantwoordelijkheid?

Carl Ceulemans is doctor in de politieke wetenschappen (VUB) en is als docent verbonden aan het Departement Gedragswetenschappen – Leerstoel Filosofie van de Koninklijke Militaire School.

In de media:
Radio 1 - Joos

Placeholder Image
Quick View

Over oorlog en ethiek. De traditie van de rechtvaardige oorlog in theorie en praktijk

 39,90
Is oorlog in geen enkel geval te rechtvaardigen?
Of kan het gebruik van militair geweld onder welbepaalde voorwaarden toch worden overwogen?
En zo ja, moet er daarbij dan geen rekening worden gehouden met duidelijke morele grenzen?

In dit boek worden deze morele grenzen afgetast door de lezer te laten kennismaken met de theorie van de rechtvaardige oorlog, een normatieve traditie die niet enkel de morele basis vormt voor het militaire beroep, maar ook voor het internationale juridische kader dat het gebruik van militair geweld binnen de internationale gemeenschap regelt. De theorie van de rechtvaardige oorlog wordt in dit boek op een dubbele wijze gehanteerd: als een ethisch analyse-instrument bij de studie van specifieke casussen en als een soort leidraad bij reflecties over oorlog en vrede.

In het eerste deel wordt de onderliggende basisfilosofie van de theorie van de rechtvaardige oorlog uiteengezet en wordt tevens aandacht besteed aan een aantal andere normatiefethische stromingen betreffende oorlog en vrede: realisme, militarisme en pacifisme. Ook de principes van het jus ad bellum en van het jus in bello komen er ruim aan bod.

In het tweede deel staat de toepassing van de theorie van de rechtvaardige oorlog centraal, en dit onder meer in een vergelijkende analyse van twee recente internationale conflicten: de NAVO-interventie in Kosovo in 1999 en de internationale interventie in Afghanistan sinds 2001. Ook het begrip ‘legitiem gezag’ komt er aan bod en de toepassing ervan op de internationale interventie in het voormalige Joegoslavië van het begin van de jaren negentig. De ethische analyse wordt verder doorgetrokken naar de zogenaamde ‘War on Terror’ met de eraan verbonden ‘preventieve oorlog’-doctrine en het discriminatieprincipe in de strijd tegen een niet-conventionele tegenstander. Ook meer casuïstische benaderingen komen hier aan bod: de ethische implicaties van het gebruik van bepaalde wapens, de kwestie of het ooit aanvaardbaar zou kunnen zijn om te folteren in uiterste nood en de vraag naar een gepaste interpretatie van het principe van de in bello-proportionaliteit.

Het derde en laatste deel besteedt aandacht aan de ethische dualiteit van de theorie van de rechtvaardige oorlog met o.m. de vraag of de combattanten aan beide zijden dezelfde privileges en plichten hebben en of een combattant die deelneemt aan een onrechtvaardige oorlog wel op een rechtvaardige manier kan vechten. Moet men bij de behandeling van deze onrechtvaardige combattanten geen rekening houden met hun individuele graad van morele verantwoordelijkheid?

Carl Ceulemans is doctor in de politieke wetenschappen (VUB) en is als docent verbonden aan het Departement Gedragswetenschappen – Leerstoel Filosofie van de Koninklijke Militaire School.

In de media:
Radio 1 - Joos

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    15
    Uw winkelwagen
    Vijfhonderd jaar geschiedenis van de ingenieur 1500-2010
     39,00
    Plaatshouder
    Diplomatiek recht toegepast in België
    Aantal: 1
    Prijs: 49,95
     49,95
    ADHD. Op één spoor? Derde herziene uitgave
     14,10
    Inspiratiegids voor competentiegerichte opleiding
     38,90
    Voorbij de vraagtekens
    Voorbij de vraagtekens
    Aantal: 1
    Prijs: 18,10
     18,10
    Lesson Study: een praktische gids voor het onderwijs
     20,50
    Filosofie zonder grenzen
    Filosofie zonder grenzen
    Aantal: 1
    Prijs: 32,80
     32,80
    ×