Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Handboek diagnostiek in de leerlingenbegeleiding (6eH)

 37,90

Om elke leerling onderwijs en zorg op maat te kunnen bieden, moeten zijn specifieke onderwijs- en opvoedingsbehoeften, en de context waarin hij functioneert, in kaart worden gebracht. Het is een hele klus, een bijna onmogelijke taak zelfs, om over elk mogelijk probleem een parate kennis van de recentste wetenschappelijke inzichten te bezitten.

Dit handelingsgericht handboek bundelt alvast alle inhoudelijke wetenschappelijke kennis die vereist is om de diverse diagnostische vragen te beantwoorden. Per thema of doelgroep wordt een stand van zaken gegeven van de theorievorming en het empirische onderzoek, met een vertaling van theorie en onderzoek naar de diagnostische praktijk. Vervolgens komt een selectie van diagnostische middelen aan bod: tests, vragenlijsten, observatieschalen, interviews enz. Ten slotte, gaat elk hoofdstuk in op de aansluiting tussen diagnostiek en advisering of hulpverlening.

Het handboek is in de eerste plaats bedoeld voor (school)psychologen en (ortho)pedagogen in de onderwijs- of leerlingenbegeleiding met diagnostiek in hun takenpakket en studenten in de (toegepaste) psychologie en pedagogische wetenschappen. Ook anderen die een degelijke kennis over diagnostiek willen verwerven, vinden hier hun gading. De inzichten die in dit handboek staan beschreven, gelden zowel voor het Vlaamse als voor het Nederlandse onderwijsveld. Ze kunnen toegepast worden in zowel het basisonderwijs als het secundair of voortgezet onderwijs.



Met bijdragen van N. Aelterman, D. Baeyens, P. Bijttebier, V. Briers, E. Buyse, H. Colpin, A. de Groot, V. Donche, J. Fontaine, E. Gadeyne, V. Germeijs, P. Ghesquière, L. Goossens, H. Grietens, M. Huizinga, H. Koomen, W. Lens, B. Maes, F. Mels, B. Orobio de Castro, N. Pameijer, M. Pluymakers, A. Ponsioen, W. Resing, H. Roeyers, W. Ruijssenaars, M. Schittekatte, J. Spilt, B. Soenens, A. van der Leij, F. Van de Vijver, J. van Hell, H. van Luit, M. van Minderhout, M. Vansteenkiste, K. Vernooy, K. Verschueren, M. van Weerdenburg, S. Wouters en M. Wijnekus.

Quick View

Handboek diagnostiek in de leerlingenbegeleiding (6eH)

 37,90

Om elke leerling onderwijs en zorg op maat te kunnen bieden, moeten zijn specifieke onderwijs- en opvoedingsbehoeften, en de context waarin hij functioneert, in kaart worden gebracht. Het is een hele klus, een bijna onmogelijke taak zelfs, om over elk mogelijk probleem een parate kennis van de recentste wetenschappelijke inzichten te bezitten.

Dit handelingsgericht handboek bundelt alvast alle inhoudelijke wetenschappelijke kennis die vereist is om de diverse diagnostische vragen te beantwoorden. Per thema of doelgroep wordt een stand van zaken gegeven van de theorievorming en het empirische onderzoek, met een vertaling van theorie en onderzoek naar de diagnostische praktijk. Vervolgens komt een selectie van diagnostische middelen aan bod: tests, vragenlijsten, observatieschalen, interviews enz. Ten slotte, gaat elk hoofdstuk in op de aansluiting tussen diagnostiek en advisering of hulpverlening.

Het handboek is in de eerste plaats bedoeld voor (school)psychologen en (ortho)pedagogen in de onderwijs- of leerlingenbegeleiding met diagnostiek in hun takenpakket en studenten in de (toegepaste) psychologie en pedagogische wetenschappen. Ook anderen die een degelijke kennis over diagnostiek willen verwerven, vinden hier hun gading. De inzichten die in dit handboek staan beschreven, gelden zowel voor het Vlaamse als voor het Nederlandse onderwijsveld. Ze kunnen toegepast worden in zowel het basisonderwijs als het secundair of voortgezet onderwijs.



Met bijdragen van N. Aelterman, D. Baeyens, P. Bijttebier, V. Briers, E. Buyse, H. Colpin, A. de Groot, V. Donche, J. Fontaine, E. Gadeyne, V. Germeijs, P. Ghesquière, L. Goossens, H. Grietens, M. Huizinga, H. Koomen, W. Lens, B. Maes, F. Mels, B. Orobio de Castro, N. Pameijer, M. Pluymakers, A. Ponsioen, W. Resing, H. Roeyers, W. Ruijssenaars, M. Schittekatte, J. Spilt, B. Soenens, A. van der Leij, F. Van de Vijver, J. van Hell, H. van Luit, M. van Minderhout, M. Vansteenkiste, K. Vernooy, K. Verschueren, M. van Weerdenburg, S. Wouters en M. Wijnekus.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Crime and order, criminal justice experiences and desistance (GERN Research Paper Series, nr 4)

 51,40

GERN (Groupement Européen de Recherches sur les Normativités) is a large con-sortium of scientific researchers in the domain of deviance and social control, more precisely studying delinquency, penal institutions, public policies of security and the importance of penal questions in society. The consortium is multidisciplinary.

Today GERN is a scientific network present in ten European countries and abroad, uniting researchers of different disciplines. Each year the GERN organizes a doctoral summer school, giving PhD students from the consortium the opportunity to present and discuss their ongoing projects and research results as well as meet young and senior researchers.

This is the fourth volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN. Last edition of the Summer School was held in September 2015 in Paris. The selected theme for this Summer School was “Crime and order, criminal justice experiences and desistance”, reflecting the variety of theoretical frameworks and methodologies covered by the current PhD theses in the field of criminal justice and deviance as well as the fresh and new perspectives on subjective experiences of the criminal justice system and trajectories of desistance.

Critical thinking differs from magic reasoning, common sense, and speculation. Scientific evidence contrasts with belief, immediate and apparent knowledge, illusion and opinion. This is particularly true for the science of crime, criminology and more generally social sciences research on criminal justice issues. With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent platform from which to survey key emergent topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the commission of crime and the formal reaction to it by actors in the criminal justice system and beyond.



Quick View

Crime and order, criminal justice experiences and desistance (GERN Research Paper Series, nr 4)

 51,40

GERN (Groupement Européen de Recherches sur les Normativités) is a large con-sortium of scientific researchers in the domain of deviance and social control, more precisely studying delinquency, penal institutions, public policies of security and the importance of penal questions in society. The consortium is multidisciplinary.

Today GERN is a scientific network present in ten European countries and abroad, uniting researchers of different disciplines. Each year the GERN organizes a doctoral summer school, giving PhD students from the consortium the opportunity to present and discuss their ongoing projects and research results as well as meet young and senior researchers.

This is the fourth volume stemming from the annual doctoral conferences organized by the GERN. Last edition of the Summer School was held in September 2015 in Paris. The selected theme for this Summer School was “Crime and order, criminal justice experiences and desistance”, reflecting the variety of theoretical frameworks and methodologies covered by the current PhD theses in the field of criminal justice and deviance as well as the fresh and new perspectives on subjective experiences of the criminal justice system and trajectories of desistance.

Critical thinking differs from magic reasoning, common sense, and speculation. Scientific evidence contrasts with belief, immediate and apparent knowledge, illusion and opinion. This is particularly true for the science of crime, criminology and more generally social sciences research on criminal justice issues. With the inauguration of this Research Paper Series, GERN intends to monitor and disseminate cutting-edge studies into European security issues, reflecting the result of doctoral research in the framework of the GERN. The series provides an excellent platform from which to survey key emergent topics in the field. With this series the editors and authors are contributing to a better understanding of contemporary questions, presenting recent research results and scientific reflection, by devising new approaches and by re-evaluating the heritage of social sciences in this domain. It implies a new openness with regard to other disciplines and to the normative questions arising from the commission of crime and the formal reaction to it by actors in the criminal justice system and beyond.



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Politie en gezondheidszorg (CPS 2016 – 3, nr. 40)

 37,10

In de uitvoering komen politie en gezondheidszorg elkaar vanuit hun eigen functie regelmatig tegen. De contacten kunnen betrekking hebben op (drugs-)overlast of gerelateerde problemen, zedenzaken, psychiatrische stoornissen bij (veel-)plegers, geweld, calamiteiten en crisissituaties. Het gemeenschappelijke element bij al deze zaken is dat zij direct de leefbaarheid en veiligheid van buurtbewoners raken. Politie en gezondheidszorg hebben niettemin een andere functie en finaliteit, wat tot grensproblemen kan leiden. En toch is het ondertussen overduidelijk dat de aanpak van veel urgente maatschappelijke problemen om een gecombineerde aanpak vraagt van beide sectoren. Ondanks deze groeiende nood aan een betere afstemming en gemeenschappelijke aanpak bestaat er relatief weinig literatuur over de raakvlakken en vormen van samenwerking tussen politie en gezondheidszorg. Dit Cahier voorziet in deze leemte.

De Cahiers Politiestudies verschijnen trimestrieel. Zij zijn onderworpen aan een internationale double blind peer review en worden samengesteld door de gasteditoren, de hoofdredacteur en de editorial board, i.s.m. de redactie.



Quick View

Politie en gezondheidszorg (CPS 2016 – 3, nr. 40)

 37,10

In de uitvoering komen politie en gezondheidszorg elkaar vanuit hun eigen functie regelmatig tegen. De contacten kunnen betrekking hebben op (drugs-)overlast of gerelateerde problemen, zedenzaken, psychiatrische stoornissen bij (veel-)plegers, geweld, calamiteiten en crisissituaties. Het gemeenschappelijke element bij al deze zaken is dat zij direct de leefbaarheid en veiligheid van buurtbewoners raken. Politie en gezondheidszorg hebben niettemin een andere functie en finaliteit, wat tot grensproblemen kan leiden. En toch is het ondertussen overduidelijk dat de aanpak van veel urgente maatschappelijke problemen om een gecombineerde aanpak vraagt van beide sectoren. Ondanks deze groeiende nood aan een betere afstemming en gemeenschappelijke aanpak bestaat er relatief weinig literatuur over de raakvlakken en vormen van samenwerking tussen politie en gezondheidszorg. Dit Cahier voorziet in deze leemte.

De Cahiers Politiestudies verschijnen trimestrieel. Zij zijn onderworpen aan een internationale double blind peer review en worden samengesteld door de gasteditoren, de hoofdredacteur en de editorial board, i.s.m. de redactie.



Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Trajecten van minderjarigen met psychische problemen gevolgd door de jeugdrechtbank

 30,80

Over het moeilijke trajectverloop in de jeugdhulpverlening is reeds heel wat gedebatteerd. Telkens wordt dit debat echter enkel gevoerd op basis van ‘signalen’, bij gebrek aan onderzoek terzake.

Dit boek brengt hier verandering in. Het brengt de hulpverleningstrajecten in kaart van minderjarigen met psychische problemen gevolgd door de jeugdrechtbank. Hiervoor werd een uitgebreide dossierstudie op de jeugdrechtbank in Gent uitgevoerd. Daarbij blijken onstabiele trajecten, anders dan verwacht, eerder de uitzondering dan de regel.

Slechts een minderheid van de minderjarigen doorloopt onstabiele trajecten, die zich kenmerken door een hoog aantal trajectveranderingen en de afwezigheid van stabiele perioden.

Er zijn verschillende factoren voor deze onstabiliteit, zo blijkt uit dit onderzoek: het profiel van de minderjarige, de hulpverleningssector, het gebrek aan hulpverlening en zelfs de verslaggeving in de dossiers op de jeugdrechtbank. Op basis van de bevindingen uit dit onderzoek, geeft de auteur concrete aanbevelingen voor de jeugdhulpverlening, en in het bijzonder voor het beleid, hulpverleners en jeugdrechters.



Sofie Merlevede is doctor in de Criminologische Wetenschappen (Universiteit van Gent, Institute for International Research on Criminal Policy). Haar onderzoeksonderwerpen zijn: psychische problemen, bijzondere jeugdzorg, kwantitatieve en kwalitatieve onderzoeksmethodologie.

Quick View

Trajecten van minderjarigen met psychische problemen gevolgd door de jeugdrechtbank

 30,80

Over het moeilijke trajectverloop in de jeugdhulpverlening is reeds heel wat gedebatteerd. Telkens wordt dit debat echter enkel gevoerd op basis van ‘signalen’, bij gebrek aan onderzoek terzake.

Dit boek brengt hier verandering in. Het brengt de hulpverleningstrajecten in kaart van minderjarigen met psychische problemen gevolgd door de jeugdrechtbank. Hiervoor werd een uitgebreide dossierstudie op de jeugdrechtbank in Gent uitgevoerd. Daarbij blijken onstabiele trajecten, anders dan verwacht, eerder de uitzondering dan de regel.

Slechts een minderheid van de minderjarigen doorloopt onstabiele trajecten, die zich kenmerken door een hoog aantal trajectveranderingen en de afwezigheid van stabiele perioden.

Er zijn verschillende factoren voor deze onstabiliteit, zo blijkt uit dit onderzoek: het profiel van de minderjarige, de hulpverleningssector, het gebrek aan hulpverlening en zelfs de verslaggeving in de dossiers op de jeugdrechtbank. Op basis van de bevindingen uit dit onderzoek, geeft de auteur concrete aanbevelingen voor de jeugdhulpverlening, en in het bijzonder voor het beleid, hulpverleners en jeugdrechters.



Sofie Merlevede is doctor in de Criminologische Wetenschappen (Universiteit van Gent, Institute for International Research on Criminal Policy). Haar onderzoeksonderwerpen zijn: psychische problemen, bijzondere jeugdzorg, kwantitatieve en kwalitatieve onderzoeksmethodologie.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Gerechtelijke en buitengerechtelijk opdrachten van de bedrijfsrevisor. (Reeks ICCI 2016-2)

 66,90

NEDERLANDS

Naast de wettelijke audit van de jaarrekening heeft de wetgever, onder meer in het Wetboek van vennootschappen, aan de bedrijfsrevisor een aantal andere wettelijke opdrachten gegeven. De naleving van de regels inzake onafhankelijkheid en objectiviteit in de revisorale plichtenleer staan hierbij centraal en zijn gedurende de afgelopen decennia als het ware het DNA van de bedrijfsrevisor geworden.

De bedrijfsrevisor is een unieke observator van het economisch leven, zowel op grond van zijn specifieke kennis van de micro-economische werkelijkheid, als op grond van zijn onafhankelijkheid ten overstaan van de eigen belangen van de actoren. Hij is goed geplaatst om adviezen van algemene strekking uit te brengen die een werkelijke waarde voor de belanghebbenden betekenen. Het regelmatige contact van rechters van de rechtbanken van koophandel met de bedrijfsrevisor zijn hiervan een bewijs.

De met het beroep van bedrijfsrevisor verenigbare gerechtelijke en buitengerechtelijke opdrachten zijn uiteenlopend en betreffen onder meer de volgende opdrachten die achtereenvolgens worden behandeld: gerechtsdeskundige, vereffenaar, voorlopig bewindvoerder, gerechtsmandataris, ondernemingsbemiddelaar, toegevoegd curator, rechter in sociale zaken, rechter in handelszaken, arbiter en bindende derdenbeslisser, bemiddelaar en speciaal commissaris.

Met bijdragen van K. Geens, E. Vanderstappen, L. Ostyn, C. Remon, Drs. S. De Blauwe, M.-O. Pâris, T. Van Loocke, V. Yangandi, C. Van Reybroeck, T. Gernay, F. Walschot & S. Quintart.

Inhoudstafel
Woord vooraf


Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie: ICCI Reeks




FRANCAIS

Outre le contrôle légal des comptes annuels, le législateur a confié plusieurs autres missions légales au réviseur d’entreprises, notamment dans le Code des sociétés. Le respect des règles d’indépendance et d’objectivité inhérentes à la déontologie du réviseur d’entreprises y joue un rôle prépondérant. Ces règles sont pour ainsi dire devenues l’ADN du réviseur d’entreprises au fil des dernières décennies.

Le réviseur d’entreprises est un observateur unique de la vie économique en raison de ses connaissances spécifiques de la réalité microéconomique et de son indépendance vis-à-vis des intérêts personnels des acteurs concernés. Il est bien placé pour donner des conseils de portée générale apportant une véritable valeur ajoutée aux diverses parties prenantes, comme en témoignent les contacts réguliers qu’entretiennent les juges des tribunaux de commerce avec le réviseur d’entreprises.

Les missions judiciaires et extrajudiciaires compatibles avec la profession de réviseur d’entreprises sont très diversifiées et couvrent notamment les fonctions suivantes qui sont abordées consécutivement: expert judiciaire, liquidateur, administrateur provisoire, mandataire judiciaire, médiateur d’entreprise, curateur adjoint, juge social, juge consulaire, arbitre et tiers décideur obligatoire, médiateur et commissaire spécial.

Avec des contributions de K. Geens, E. Vanderstappen, L. Ostyn, C. Remon, Drs. S. De Blauwe, M.-O. Pâris, T. Van Loocke, V. Yangandi, C. Van Reybroeck, T. Gernay, F. Walschot & S. Quintart.

Table des matières
Avant-propos

Plus d''information sur la série ICCI (abonnement = 15% de r

Quick View

Gerechtelijke en buitengerechtelijk opdrachten van de bedrijfsrevisor. (Reeks ICCI 2016-2)

 66,90

NEDERLANDS

Naast de wettelijke audit van de jaarrekening heeft de wetgever, onder meer in het Wetboek van vennootschappen, aan de bedrijfsrevisor een aantal andere wettelijke opdrachten gegeven. De naleving van de regels inzake onafhankelijkheid en objectiviteit in de revisorale plichtenleer staan hierbij centraal en zijn gedurende de afgelopen decennia als het ware het DNA van de bedrijfsrevisor geworden.

De bedrijfsrevisor is een unieke observator van het economisch leven, zowel op grond van zijn specifieke kennis van de micro-economische werkelijkheid, als op grond van zijn onafhankelijkheid ten overstaan van de eigen belangen van de actoren. Hij is goed geplaatst om adviezen van algemene strekking uit te brengen die een werkelijke waarde voor de belanghebbenden betekenen. Het regelmatige contact van rechters van de rechtbanken van koophandel met de bedrijfsrevisor zijn hiervan een bewijs.

De met het beroep van bedrijfsrevisor verenigbare gerechtelijke en buitengerechtelijke opdrachten zijn uiteenlopend en betreffen onder meer de volgende opdrachten die achtereenvolgens worden behandeld: gerechtsdeskundige, vereffenaar, voorlopig bewindvoerder, gerechtsmandataris, ondernemingsbemiddelaar, toegevoegd curator, rechter in sociale zaken, rechter in handelszaken, arbiter en bindende derdenbeslisser, bemiddelaar en speciaal commissaris.

Met bijdragen van K. Geens, E. Vanderstappen, L. Ostyn, C. Remon, Drs. S. De Blauwe, M.-O. Pâris, T. Van Loocke, V. Yangandi, C. Van Reybroeck, T. Gernay, F. Walschot & S. Quintart.

Inhoudstafel
Woord vooraf


Met een abonnement op de reeks krijgt u een korting van 15% op de normale verkoopprijs.
Meer informatie: ICCI Reeks




FRANCAIS

Outre le contrôle légal des comptes annuels, le législateur a confié plusieurs autres missions légales au réviseur d’entreprises, notamment dans le Code des sociétés. Le respect des règles d’indépendance et d’objectivité inhérentes à la déontologie du réviseur d’entreprises y joue un rôle prépondérant. Ces règles sont pour ainsi dire devenues l’ADN du réviseur d’entreprises au fil des dernières décennies.

Le réviseur d’entreprises est un observateur unique de la vie économique en raison de ses connaissances spécifiques de la réalité microéconomique et de son indépendance vis-à-vis des intérêts personnels des acteurs concernés. Il est bien placé pour donner des conseils de portée générale apportant une véritable valeur ajoutée aux diverses parties prenantes, comme en témoignent les contacts réguliers qu’entretiennent les juges des tribunaux de commerce avec le réviseur d’entreprises.

Les missions judiciaires et extrajudiciaires compatibles avec la profession de réviseur d’entreprises sont très diversifiées et couvrent notamment les fonctions suivantes qui sont abordées consécutivement: expert judiciaire, liquidateur, administrateur provisoire, mandataire judiciaire, médiateur d’entreprise, curateur adjoint, juge social, juge consulaire, arbitre et tiers décideur obligatoire, médiateur et commissaire spécial.

Avec des contributions de K. Geens, E. Vanderstappen, L. Ostyn, C. Remon, Drs. S. De Blauwe, M.-O. Pâris, T. Van Loocke, V. Yangandi, C. Van Reybroeck, T. Gernay, F. Walschot & S. Quintart.

Table des matières
Avant-propos

Plus d''information sur la série ICCI (abonnement = 15% de r

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Placeholder Image
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

School- en klaspraktijk – nr. 227 (jrg 57) (2015-2016)

 12,00

Dit nummer van SKP bevat:
<!--
Themanummer: M-Decreet
  • Inclusieve waarden en normen in ons onderwijs: waarom en hoe?
    K. Mortier & I. Ranschaert
  • Binnenklasdifferentiatie in de klas
    Het BKD-Leer-Kracht-Model als wegwijzer
    K. Struyven, C. Coubergs, E. Gheyssens & N. Engels
  • Als ik toen geweten had wat ik nu weet
    Lode
  • Met zorg voor kleuters... naar het M-decreet
    Groeiboek in de kleuterschool
    R. Lambert
  • Onze Nieuwe Toekomst vertelt over deelnemen
    ''Kom uit uw kot!''
    D. Pelemans & F. Pletinckx
-->
Inhoudstafel
Ten Geleide


Over School-en klaspraktijk:

SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift.Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: brede achtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

Daarnaast besteedt het tijdschrift ruime aandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingen en -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten, navormingscentra enz. worden aangeboden.

Doelgroep:
Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

Abonnement:
School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
Een gewoon abonnement kost € 38,-.
Een studentenabonnement kost € 30,-.
Een groepsabonnement (vanaf 5 exemplaren) kost € 30,-.

Een los nummer kost € 12,-. (Bestel dit nummer)

Placeholder Image
Quick View

School- en klaspraktijk – nr. 227 (jrg 57) (2015-2016)

 12,00

Dit nummer van SKP bevat:
<!--
Themanummer: M-Decreet
  • Inclusieve waarden en normen in ons onderwijs: waarom en hoe?
    K. Mortier & I. Ranschaert
  • Binnenklasdifferentiatie in de klas
    Het BKD-Leer-Kracht-Model als wegwijzer
    K. Struyven, C. Coubergs, E. Gheyssens & N. Engels
  • Als ik toen geweten had wat ik nu weet
    Lode
  • Met zorg voor kleuters... naar het M-decreet
    Groeiboek in de kleuterschool
    R. Lambert
  • Onze Nieuwe Toekomst vertelt over deelnemen
    ''Kom uit uw kot!''
    D. Pelemans & F. Pletinckx
-->
Inhoudstafel
Ten Geleide


Over School-en klaspraktijk:

SKP is een pedagogisch-didactisch tijdschrift.Het biedt een handreiking bij de dagelijkse onderwijsleerpraktijk: brede achtergrondinformatie, lesschetsen, leermaterialen.

Daarnaast besteedt het tijdschrift ruime aandacht aan een brede onderwijsvisie, aan onderwijsvernieuwingen en -verbeteringen die vanuit overheid, begeleidingsdiensten, navormingscentra enz. worden aangeboden.

Doelgroep:
Leerkrachten, directies en begeleiders lager onderwijs en studenten van de initiële lerarenopleiding.

Abonnement:
School- en klaspraktijk verschijnt viermaal per jaargang (schooljaar).
Een gewoon abonnement kost € 38,-.
Een studentenabonnement kost € 30,-.
Een groepsabonnement (vanaf 5 exemplaren) kost € 30,-.

Een los nummer kost € 12,-. (Bestel dit nummer)

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Activering en privatisering in de Nederlandse ziekte- en arbeidsongeschiktheidsregeling in grensoverschrijdende situaties.

 49,50

Activering en privatisering hebben de Nederlandse sociale zekerheid ingrijpend veranderd. De overheid trekt zich terug en schuift de verantwoordelijkheid voor socialezekerheidsuitkeringen naar de werkgevers en werknemers. Dat is duidelijk te zien bij de maximaal 104-weken durende loondoorbetalingsverplichting bij ziekte (artikel 7:629 BW) en bij de WIA. De effecten van deze twee Nederlandse wettelijke regelingen voor grensoverschrijdende werknemers en werkgevers zijn echter nog niet helder. In dit boek worden de effecten en knelpunten in grensoverschrijdende arbeidssituaties onderzocht door de genoemde Nederlandse regelingen in hun relatie tot de Europese coördinatieverordeningen 883/2004 en 987/2009 te bestuderen.

Anders dan de uitgebreide en vaak gewijzigde Nederlandse regelingen hanteren de socialezekerheidsverordeningen een beknopte en klassieke interpretatie van ziekte en arbeidsongeschiktheid en houden ze amper rekening met activering en privatisering. Door de verschillen en tekortkomingen in de Nederlandse en Europese regelingen inzake ziekte en arbeidsongeschiktheid te bepalen, wordt de lastige positie van grensoverschrijdende werknemers en werkgevers inzichtelijk.

De juridische studie van Nederlandse en Europese regelingen wordt aangevuld met talrijke voorbeelden en ervaringen van deskundigen. Zo wordt aangetoond dat de uitvoering van de wetgeving niet altijd gebeurt zoals de Nederlandse en Europese wetgevers voor ogen hadden. In het slothoofdstuk worden discussiepunten en aanbevelingen voorgelegd. Daarbij komt ook de interessante vraag aan de orde of men kan zeggen dat Nederland té veel een eigen koers vaart en daarmee indirect het vrije verkeer van personen belemmert of dat ‘Europa’ juist meer aandacht aan activering en privatisering hoort te besteden aangezien deze concepten ook in andere lidstaten op de agenda staan.



Saskia Montebovi studeerde rechten aan de KU Leuven en is nu onderzoeker en universitair docent sociaal recht aan Tilburg University en Maastricht University. Dit boek is het resultaat van haar promotieonderzoek.

Geen voorraad
Quick View

Activering en privatisering in de Nederlandse ziekte- en arbeidsongeschiktheidsregeling in grensoverschrijdende situaties.

 49,50

Activering en privatisering hebben de Nederlandse sociale zekerheid ingrijpend veranderd. De overheid trekt zich terug en schuift de verantwoordelijkheid voor socialezekerheidsuitkeringen naar de werkgevers en werknemers. Dat is duidelijk te zien bij de maximaal 104-weken durende loondoorbetalingsverplichting bij ziekte (artikel 7:629 BW) en bij de WIA. De effecten van deze twee Nederlandse wettelijke regelingen voor grensoverschrijdende werknemers en werkgevers zijn echter nog niet helder. In dit boek worden de effecten en knelpunten in grensoverschrijdende arbeidssituaties onderzocht door de genoemde Nederlandse regelingen in hun relatie tot de Europese coördinatieverordeningen 883/2004 en 987/2009 te bestuderen.

Anders dan de uitgebreide en vaak gewijzigde Nederlandse regelingen hanteren de socialezekerheidsverordeningen een beknopte en klassieke interpretatie van ziekte en arbeidsongeschiktheid en houden ze amper rekening met activering en privatisering. Door de verschillen en tekortkomingen in de Nederlandse en Europese regelingen inzake ziekte en arbeidsongeschiktheid te bepalen, wordt de lastige positie van grensoverschrijdende werknemers en werkgevers inzichtelijk.

De juridische studie van Nederlandse en Europese regelingen wordt aangevuld met talrijke voorbeelden en ervaringen van deskundigen. Zo wordt aangetoond dat de uitvoering van de wetgeving niet altijd gebeurt zoals de Nederlandse en Europese wetgevers voor ogen hadden. In het slothoofdstuk worden discussiepunten en aanbevelingen voorgelegd. Daarbij komt ook de interessante vraag aan de orde of men kan zeggen dat Nederland té veel een eigen koers vaart en daarmee indirect het vrije verkeer van personen belemmert of dat ‘Europa’ juist meer aandacht aan activering en privatisering hoort te besteden aangezien deze concepten ook in andere lidstaten op de agenda staan.



Saskia Montebovi studeerde rechten aan de KU Leuven en is nu onderzoeker en universitair docent sociaal recht aan Tilburg University en Maastricht University. Dit boek is het resultaat van haar promotieonderzoek.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    3
    Uw winkelwagen
    ×