Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Samen tot aan de meet – Inspiratieboek

 24,90
Zittenblijven blijkt volgens onderzoek minder effectief dan verondersteld. De praktijk van zittenblijven moet dan ook op elke school in vraag gesteld worden. Doel is zittenblijven op termijn te vervangen door alternatieven die het individuele leerproces versnellen en verrijken. Hiervoor reikt dit boek de nodige handvaten aan. Het boek biedt daartoe een mix van wetenschappelijke kadering, ondersteunende fiches, instrumenten en inspirerende praktijkverhalen.

Concreet is dit boek een vervolg op de publicatie Samen tot aan de meet. Alternatieven voor zittenblijven dat in 2011 werd uitgegeven door Garant.

Het is bedoeld als een inspiratieboek dat samen tot aan de meet in de school toepasbaar maakt. Als dusdanig is het bestemd voor directie, leerkrachten en andere voortrekkers die ervan overtuigd zijn dat zittenblijven in hun school een probleem vormt en die met hun team op zoek willen gaan naar alternatieven.

Zie ook inspiratieboek 2

Goedroen Juchtmans, Anneloes Vandenbroucke en Heidi Knipprath zijn verbonden aan de onderzoekgroep ‘Onderwijs en Levenslang Leren’ van het HIVA (KU Leuven), Onderzoeksinstituut voor Arbeid en Samenleving.

Eva Franck en Johan Huybrechts werken aan de afdeling algemeen onderwijsbeleid van de Stad Antwerpen.

Katrien De Roover studeert onderwijskunde aan de Vrije universiteit Brussel en deed haar praktijkstage bij de afdeling algemeen onderwijsbeleid van de stad Antwerpen.



Conferentie 'Samen tot aan de meet' in Het Boekenpodium
PDF presentatie

Voor een overzicht van de conferenties in Het Boekenpodium: www.hetboekenpodium.eu.

Quick View

Samen tot aan de meet – Inspiratieboek

 24,90
Zittenblijven blijkt volgens onderzoek minder effectief dan verondersteld. De praktijk van zittenblijven moet dan ook op elke school in vraag gesteld worden. Doel is zittenblijven op termijn te vervangen door alternatieven die het individuele leerproces versnellen en verrijken. Hiervoor reikt dit boek de nodige handvaten aan. Het boek biedt daartoe een mix van wetenschappelijke kadering, ondersteunende fiches, instrumenten en inspirerende praktijkverhalen.

Concreet is dit boek een vervolg op de publicatie Samen tot aan de meet. Alternatieven voor zittenblijven dat in 2011 werd uitgegeven door Garant.

Het is bedoeld als een inspiratieboek dat samen tot aan de meet in de school toepasbaar maakt. Als dusdanig is het bestemd voor directie, leerkrachten en andere voortrekkers die ervan overtuigd zijn dat zittenblijven in hun school een probleem vormt en die met hun team op zoek willen gaan naar alternatieven.

Zie ook inspiratieboek 2

Goedroen Juchtmans, Anneloes Vandenbroucke en Heidi Knipprath zijn verbonden aan de onderzoekgroep ‘Onderwijs en Levenslang Leren’ van het HIVA (KU Leuven), Onderzoeksinstituut voor Arbeid en Samenleving.

Eva Franck en Johan Huybrechts werken aan de afdeling algemeen onderwijsbeleid van de Stad Antwerpen.

Katrien De Roover studeert onderwijskunde aan de Vrije universiteit Brussel en deed haar praktijkstage bij de afdeling algemeen onderwijsbeleid van de stad Antwerpen.



Conferentie 'Samen tot aan de meet' in Het Boekenpodium
PDF presentatie

Voor een overzicht van de conferenties in Het Boekenpodium: www.hetboekenpodium.eu.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Tweemaal oorlog, driemaal honger (Reeks Keuken en Tafel: nr 2)

 24,00
De voedingsgeschiedenis van de twintigste eeuw wordt sterk gekleurd door de twee wereldoorlogen en de crisisperiode van het interbellum. Driemaal komt de pas verbeterde voedselsituatie van de globale bevolking in het gedrang en moet deze weer haar toevlucht nemen tot beproefde “armoerecepten”.

Bovendien bepalen de gebeurtenissen tussen 1914 en 1944 in grote mate het beleid dat achteraf zal worden gevoerd. “Nooit meer honger” wordt evenzeer als “Nooit meer oorlog” een soort van begrijpelijk adagium. Tot in het ongerijmde, als de te overvloedige en ongecontroleerde productie voor onder meer “melkplassen” en “boterbergen”zorgt.

Eddie Niesten is oprichter en bezieler van het cultureel-culinaire initiatief Keukenhistories & Tafelpraat. Hij publiceerde meerdere uitgaven met betrekking tot historische gastronomie en culinaire ontwikkelingen.

Zie ook Keuken en tafel 1: Op de wijze van de chef

Quick View

Tweemaal oorlog, driemaal honger (Reeks Keuken en Tafel: nr 2)

 24,00
De voedingsgeschiedenis van de twintigste eeuw wordt sterk gekleurd door de twee wereldoorlogen en de crisisperiode van het interbellum. Driemaal komt de pas verbeterde voedselsituatie van de globale bevolking in het gedrang en moet deze weer haar toevlucht nemen tot beproefde “armoerecepten”.

Bovendien bepalen de gebeurtenissen tussen 1914 en 1944 in grote mate het beleid dat achteraf zal worden gevoerd. “Nooit meer honger” wordt evenzeer als “Nooit meer oorlog” een soort van begrijpelijk adagium. Tot in het ongerijmde, als de te overvloedige en ongecontroleerde productie voor onder meer “melkplassen” en “boterbergen”zorgt.

Eddie Niesten is oprichter en bezieler van het cultureel-culinaire initiatief Keukenhistories & Tafelpraat. Hij publiceerde meerdere uitgaven met betrekking tot historische gastronomie en culinaire ontwikkelingen.

Zie ook Keuken en tafel 1: Op de wijze van de chef

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Elk kind een lezer. Preventie van leesmoeilijkheden door effectief onderwijs.

 23,70
De meest elementaire vaardigheid die bijna alle kinderen in de basisschool opdoen is leren lezen. Door niemand wordt het belang daarvan betwist. Voor de toekomst van elk kind is het van groot belang dat het goed leert lezen in de basisschool. Een probleem is echter dat minstens een kwart van de kinderen als een niet goede lezer de basisschool verlaat. Dit is een zorgelijk gegeven en heeft negatieve gevolgen voor de toekomst van die kinderen, zowel voor hun schoolloopbaan in het voortgezet onderwijs als voor hun latere functioneren in de samenleving. Door het ontbreken van een goede leesvaardigheid is het bijna onmogelijk om je staande te houden in een hoog geïndustrialiseerde samenleving, waarin geschreven taal een belangrijke rol speelt.

Er is internationaal veel leeskennis na 2000 opgeleverd die daadwerkelijk bijdraagt tot beter lezen van elk kind en dan in het bijzonder voor de zogenaamde risicolezer. Deze kennis moet zijn weg naar de klas vinden en dat doet dit op de onderwijspraktijk gerichte boek. Naast effectief gebleken leesinzichten, wordt er uitvoerig ingegaan op wat er nodig is om deze in scholen en klassen te realiseren. Van elk kind een goede lezer maken is immers van cruciaal belang voor de toekomst van elk kind. Bovendien heeft elk kind recht op het beste leesonderwijs.

Dr. Kees Vernooy is als lector verbonden aan de hogeschool Edith Stein in Hengelo. Hij publiceert in diverse tijdschriften in Nederland en België over het taal-/leesonderwijs.

Bij Garant verscheen ook zijn boek Opbrengstgericht werken: Vlot en Vloeiend lezen. Werkboek voor Pabostudenten.

"zeker een aanrader"
Caleidoscoop, jrg. 25, nr. 5, blz. 38

Quick View

Elk kind een lezer. Preventie van leesmoeilijkheden door effectief onderwijs.

 23,70
De meest elementaire vaardigheid die bijna alle kinderen in de basisschool opdoen is leren lezen. Door niemand wordt het belang daarvan betwist. Voor de toekomst van elk kind is het van groot belang dat het goed leert lezen in de basisschool. Een probleem is echter dat minstens een kwart van de kinderen als een niet goede lezer de basisschool verlaat. Dit is een zorgelijk gegeven en heeft negatieve gevolgen voor de toekomst van die kinderen, zowel voor hun schoolloopbaan in het voortgezet onderwijs als voor hun latere functioneren in de samenleving. Door het ontbreken van een goede leesvaardigheid is het bijna onmogelijk om je staande te houden in een hoog geïndustrialiseerde samenleving, waarin geschreven taal een belangrijke rol speelt.

Er is internationaal veel leeskennis na 2000 opgeleverd die daadwerkelijk bijdraagt tot beter lezen van elk kind en dan in het bijzonder voor de zogenaamde risicolezer. Deze kennis moet zijn weg naar de klas vinden en dat doet dit op de onderwijspraktijk gerichte boek. Naast effectief gebleken leesinzichten, wordt er uitvoerig ingegaan op wat er nodig is om deze in scholen en klassen te realiseren. Van elk kind een goede lezer maken is immers van cruciaal belang voor de toekomst van elk kind. Bovendien heeft elk kind recht op het beste leesonderwijs.

Dr. Kees Vernooy is als lector verbonden aan de hogeschool Edith Stein in Hengelo. Hij publiceert in diverse tijdschriften in Nederland en België over het taal-/leesonderwijs.

Bij Garant verscheen ook zijn boek Opbrengstgericht werken: Vlot en Vloeiend lezen. Werkboek voor Pabostudenten.

"zeker een aanrader"
Caleidoscoop, jrg. 25, nr. 5, blz. 38

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Gezinnen in soorten

 22,20
Het traditionele kerngezin met twee biologische ouders en hun kind(eren) kunnen we niet langer zien als de norm. De titel van dit boek verwijst dan ook naar de diversiteit in gezinnen impliciet naar de opvoeding die gepaard gaat met vele veranderingen en aanpassingen in gezinnen. Deze publicatie schetst een actuele stand van zaken omtrent de ouder-kindrelatie binnen specifieke gezinsomstandigheden.

Onder meer de volgende thema’s komen aan bod: vaders, opvoeding van meerdere kinderen, het opvoeden van meerlingen, kinderopvang en de professionaliteitsdiscussie, opvoeding in islamitische allochtone gezinnen, scheiding en opvoeding, adoptie en de ouder-kindrelatie, opvoeding na medisch begeleide bevruchting en door lesbische moeders.

Verschillende experten hebben deze topics vanuit wetenschappelijk of beleidsmatig oogpunt uigediept. Overzichten van recent onderzoek, beleidsvisies en verwijzingen naar de pedagogische praktijk bieden een voedingsbodem voor kritische reflectie en discussie over deze maatschappelijk relevante onderwerpen.

Het boek is prima geschikt voor gebruik in het hoger beroepsonderwijs, universitaire opleidingen en bijscholingen. Ook een ruimer publiek met interesse voor gezin en opvoeding vindt er zijn gading in.

Prof. dr. Karla Van Leeuwen doceert aan de KU Leuven en is er onderzoeker bij de Onderzoekseenheid Gezins- en Orthopedagogiek.

Dr. Hans Van Crombrugge is hoofdlector aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Hogeschool-Universiteit Brussel.

Quick View

Gezinnen in soorten

 22,20
Het traditionele kerngezin met twee biologische ouders en hun kind(eren) kunnen we niet langer zien als de norm. De titel van dit boek verwijst dan ook naar de diversiteit in gezinnen impliciet naar de opvoeding die gepaard gaat met vele veranderingen en aanpassingen in gezinnen. Deze publicatie schetst een actuele stand van zaken omtrent de ouder-kindrelatie binnen specifieke gezinsomstandigheden.

Onder meer de volgende thema’s komen aan bod: vaders, opvoeding van meerdere kinderen, het opvoeden van meerlingen, kinderopvang en de professionaliteitsdiscussie, opvoeding in islamitische allochtone gezinnen, scheiding en opvoeding, adoptie en de ouder-kindrelatie, opvoeding na medisch begeleide bevruchting en door lesbische moeders.

Verschillende experten hebben deze topics vanuit wetenschappelijk of beleidsmatig oogpunt uigediept. Overzichten van recent onderzoek, beleidsvisies en verwijzingen naar de pedagogische praktijk bieden een voedingsbodem voor kritische reflectie en discussie over deze maatschappelijk relevante onderwerpen.

Het boek is prima geschikt voor gebruik in het hoger beroepsonderwijs, universitaire opleidingen en bijscholingen. Ook een ruimer publiek met interesse voor gezin en opvoeding vindt er zijn gading in.

Prof. dr. Karla Van Leeuwen doceert aan de KU Leuven en is er onderzoeker bij de Onderzoekseenheid Gezins- en Orthopedagogiek.

Dr. Hans Van Crombrugge is hoofdlector aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen van de Hogeschool-Universiteit Brussel.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Toch is het een goede keus geweest. Ervaringen van ouders van kinderen met ernstige meervoudige beperkingen

 20,50

Het ''uit huis gaan'' van een kind is voor ouders vaak een ingrijpend gebeuren, maar het is meestal een logische stap in ieders leven. Voor ouders van een kind met een ernstige meervoudige beperking is dit echter een ingewikkeld proces dat vele vragen oproept.

  • Waarom uit huis?
  • Hoe besluit je wat het goede moment is?
  • Voor welke huisvesting kies je?
  • Welke factoren spelen een rol bij die keuze?
  • Hoe bereid je je kind voor op de verhuizing?
  • Hoe weet je of je kind zich daar goed bij voelt?
  • Hoe stel je je de samenwerking met professionals voor?


  • Voor dit boek werden zeven ouderparen, van wie het kind met een ernstige meervoudige beperking net het huis is uit gegaan, uitgebreid geïnterviewd over dit proces van thuis naar uit huis.

    De verhalen geven een concreet beeld van hun ervaringen, vanaf de periode dat ze wisten dat er ‘iets’ met hun kind aan de hand was tot aan het moment van de verhuizing. Het hele scala aan zorgen voor een kind met een ernstige meervoudige beperking komt aan bod, en ook de mooie en de minder leuke momenten.

    Ouders vinden verschillende dingen belangrijk in de zorg voor hun kind en in de samenwerking met professionals. Verwachtingen zijn verschillend, ervaringen persoonlijk. Duidelijk is dat deze ouders gewoon willen wat alle ouders willen: dat hun kind gelukkig wordt.


    Carla Vlaskamp is hoogleraar orthopedagogiek, met bijzondere aandacht voor kinderen met ernstige meervoudige beperkingen, aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    Jorien Luijkx is docent en promovenda aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    "De ervaringen van de gezinnen zijn ontroerend mooi weergegeven."
    Zin in Zorg (jrg. 14, nr. 4, blz. 16)

    Quick View

    Toch is het een goede keus geweest. Ervaringen van ouders van kinderen met ernstige meervoudige beperkingen

     20,50

    Het ''uit huis gaan'' van een kind is voor ouders vaak een ingrijpend gebeuren, maar het is meestal een logische stap in ieders leven. Voor ouders van een kind met een ernstige meervoudige beperking is dit echter een ingewikkeld proces dat vele vragen oproept.

  • Waarom uit huis?
  • Hoe besluit je wat het goede moment is?
  • Voor welke huisvesting kies je?
  • Welke factoren spelen een rol bij die keuze?
  • Hoe bereid je je kind voor op de verhuizing?
  • Hoe weet je of je kind zich daar goed bij voelt?
  • Hoe stel je je de samenwerking met professionals voor?


  • Voor dit boek werden zeven ouderparen, van wie het kind met een ernstige meervoudige beperking net het huis is uit gegaan, uitgebreid geïnterviewd over dit proces van thuis naar uit huis.

    De verhalen geven een concreet beeld van hun ervaringen, vanaf de periode dat ze wisten dat er ‘iets’ met hun kind aan de hand was tot aan het moment van de verhuizing. Het hele scala aan zorgen voor een kind met een ernstige meervoudige beperking komt aan bod, en ook de mooie en de minder leuke momenten.

    Ouders vinden verschillende dingen belangrijk in de zorg voor hun kind en in de samenwerking met professionals. Verwachtingen zijn verschillend, ervaringen persoonlijk. Duidelijk is dat deze ouders gewoon willen wat alle ouders willen: dat hun kind gelukkig wordt.


    Carla Vlaskamp is hoogleraar orthopedagogiek, met bijzondere aandacht voor kinderen met ernstige meervoudige beperkingen, aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    Jorien Luijkx is docent en promovenda aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    "De ervaringen van de gezinnen zijn ontroerend mooi weergegeven."
    Zin in Zorg (jrg. 14, nr. 4, blz. 16)

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Minimaal Maxitaal – Een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklas

     30,40
    Talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklas Voor het eerst naar school gaan is voor een kleuter een nieuwe ervaring. Hij moet leren leven in een groep van kinderen, zich aanpassen aan onbekende situaties, omgaan met vreemde volwassenen. Er duiken ook verschillende routines of gewoonten op binnen die specifieke schoolstructuur. Routines zijn krachtige leermomenten, omdat ze een belangrijk aandeel hebben in de schooldag en nauw aansluiten bij de behoeften en de ontwikkeling van een jonge kleuter. Bovendien zijn het dé momenten bij uitstek om een rijk en begrijpelijk taalaanbod aan te bieden, spreekkansen en spreekruimte te creëren en veel individuele feedback te geven. En ze vormen de uitgelezen kans om te communiceren met ouders en hen te betrekken bij het klasgebeuren. Het loont dus meer dan de moeite om routines zinvol en betekenisvol in te vullen in functie van het welbevinden, de ontwikkeling en de taalverwerving van een jonge kleuter. Om dit te realiseren reikt dit boek inspirerende ideeën aan rond dagelijkse routines.

    Quick View

    Minimaal Maxitaal – Een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklas

     30,40
    Talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklas Voor het eerst naar school gaan is voor een kleuter een nieuwe ervaring. Hij moet leren leven in een groep van kinderen, zich aanpassen aan onbekende situaties, omgaan met vreemde volwassenen. Er duiken ook verschillende routines of gewoonten op binnen die specifieke schoolstructuur. Routines zijn krachtige leermomenten, omdat ze een belangrijk aandeel hebben in de schooldag en nauw aansluiten bij de behoeften en de ontwikkeling van een jonge kleuter. Bovendien zijn het dé momenten bij uitstek om een rijk en begrijpelijk taalaanbod aan te bieden, spreekkansen en spreekruimte te creëren en veel individuele feedback te geven. En ze vormen de uitgelezen kans om te communiceren met ouders en hen te betrekken bij het klasgebeuren. Het loont dus meer dan de moeite om routines zinvol en betekenisvol in te vullen in functie van het welbevinden, de ontwikkeling en de taalverwerving van een jonge kleuter. Om dit te realiseren reikt dit boek inspirerende ideeën aan rond dagelijkse routines.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Kinderen met specifieke onderwijsbehoeften. Ontwikkelingsgericht werken.

     22,60

    Leerkrachten willen met hun leerlingen vooropgestelde ontwikkelingsdoelstellingen bereiken. Het is niet altijd duidelijk wat de beste weg daarnaartoe is. Zeker niet voor leerlingen met beperkingen, zowel in buitengewoon/speciaal onderwijs als in het gewoon/regulier onderwijs.

    Deze publicatie geeft een beeld van hoe doelgericht kan worden gewerkt met deze leerlingen. Het hoofddoel is de kinderen te stimuleren in hun ontwikkeling. Daarom moet eerst worden bepaald wat belangrijk voor ze is. Het uitgangspunt is de beeldvorming van het kind. Hierbij spelen de verwachtingen van kinderen, ouders en maatschappij hun rol. Het hoofddoel moet worden bewaakt door gericht te werken. Dat kan door subdoelen te bepalen en te kaderen in het cyclisch en dynamisch proces van handelingsplanning. Daarop volgt de concrete uitwerking op school-, groeps- en kindniveau. Een uitgebreid deel van het boek is besteed aan een volledig uitgewerkt voorstel om ontwikkelingsdoelen te implementeren binnen een handelingsplanning.


    Marc Van Gils was onderwijzer en directeur van een school voor buitengewoon/speciaal onderwijs in Wuustwezel, stafmedewerker bij Vlaams Verbond van het Katholiek Buitengewoon Onderwijs in Brussel. Nu geeft hij gastlessen aan diverse bachelor-nabacheloropleidingen in Antwerpen.

    Quick View

    Kinderen met specifieke onderwijsbehoeften. Ontwikkelingsgericht werken.

     22,60

    Leerkrachten willen met hun leerlingen vooropgestelde ontwikkelingsdoelstellingen bereiken. Het is niet altijd duidelijk wat de beste weg daarnaartoe is. Zeker niet voor leerlingen met beperkingen, zowel in buitengewoon/speciaal onderwijs als in het gewoon/regulier onderwijs.

    Deze publicatie geeft een beeld van hoe doelgericht kan worden gewerkt met deze leerlingen. Het hoofddoel is de kinderen te stimuleren in hun ontwikkeling. Daarom moet eerst worden bepaald wat belangrijk voor ze is. Het uitgangspunt is de beeldvorming van het kind. Hierbij spelen de verwachtingen van kinderen, ouders en maatschappij hun rol. Het hoofddoel moet worden bewaakt door gericht te werken. Dat kan door subdoelen te bepalen en te kaderen in het cyclisch en dynamisch proces van handelingsplanning. Daarop volgt de concrete uitwerking op school-, groeps- en kindniveau. Een uitgebreid deel van het boek is besteed aan een volledig uitgewerkt voorstel om ontwikkelingsdoelen te implementeren binnen een handelingsplanning.


    Marc Van Gils was onderwijzer en directeur van een school voor buitengewoon/speciaal onderwijs in Wuustwezel, stafmedewerker bij Vlaams Verbond van het Katholiek Buitengewoon Onderwijs in Brussel. Nu geeft hij gastlessen aan diverse bachelor-nabacheloropleidingen in Antwerpen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Goed ouderschap. Een andere kijk op opvoeden

     21,00

    Er zijn al tal van sociologische, historische en culturele analyses gemaakt van hoe het komt dat ouders in postindustriële, westerse samenlevingen een vaak overweldigende reeks van adviezen te verwerken krijgen over hoe hun kinderen op te voeden.

    Tegelijk bestaan er ook verschillende filosofische analyses van de juridische, morele en politieke kwesties omtrent vraagstukken rond voortplanting, de rechten van kinderen en de plichten van ouders, alsook een aantal filosofische beschouwingen over de verschuivingen in opvattingen over het kind en de ouder-kindrelaties.

    Deze publicatie heeft oog voor deze literatuur, maar is toch beduidend anders. De auteurs bieden een filosofisch georiënterende lezing van de alledaagse ervaringen van ouder-zijn en van de bijhorende overwegingen, oordelen en dilemma’s. In de exploratie van de ethische en conceptuele vragen die verbonden zijn aan de ouder- kindrelatie, laten ze de onherleidbare filosofische rijkdom van deze relatie zien.

    Daarmee leveren ze een belangrijk tegengewicht voor de al te empirische en grotendeels psychologische focus van een groot deel van de hedendaagse literatuur over opvoeden. Ze gebruiken daarbij voorbeelden en beschrijvingen vanuit een eerstepersoonsperspectief en tonen zo een aantal beperkingen aan van de wijze waarop vandaag doorgaans over ‘ouderschap’ gedacht en gesproken wordt.

    Tegelijk openen ze zo een ruimte om over opvoeding en ouder-kindrelatie op een andere manier na te denken dan in de termen die vandaag dominant zijn.

    Judith Suissa is docent wijsgerige pedagogiek aan het Institute of Education, University of London.
    Stefan Ramaekers is verbonden aan het Laboratorium voor Educatie en Samenleving van de KU Leuven en doceert er onder meer over wijsgerige pedagogiek en interpretatieve benaderingen van het pedagogisch onderzoek.

    Quick View

    Goed ouderschap. Een andere kijk op opvoeden

     21,00

    Er zijn al tal van sociologische, historische en culturele analyses gemaakt van hoe het komt dat ouders in postindustriële, westerse samenlevingen een vaak overweldigende reeks van adviezen te verwerken krijgen over hoe hun kinderen op te voeden.

    Tegelijk bestaan er ook verschillende filosofische analyses van de juridische, morele en politieke kwesties omtrent vraagstukken rond voortplanting, de rechten van kinderen en de plichten van ouders, alsook een aantal filosofische beschouwingen over de verschuivingen in opvattingen over het kind en de ouder-kindrelaties.

    Deze publicatie heeft oog voor deze literatuur, maar is toch beduidend anders. De auteurs bieden een filosofisch georiënterende lezing van de alledaagse ervaringen van ouder-zijn en van de bijhorende overwegingen, oordelen en dilemma’s. In de exploratie van de ethische en conceptuele vragen die verbonden zijn aan de ouder- kindrelatie, laten ze de onherleidbare filosofische rijkdom van deze relatie zien.

    Daarmee leveren ze een belangrijk tegengewicht voor de al te empirische en grotendeels psychologische focus van een groot deel van de hedendaagse literatuur over opvoeden. Ze gebruiken daarbij voorbeelden en beschrijvingen vanuit een eerstepersoonsperspectief en tonen zo een aantal beperkingen aan van de wijze waarop vandaag doorgaans over ‘ouderschap’ gedacht en gesproken wordt.

    Tegelijk openen ze zo een ruimte om over opvoeding en ouder-kindrelatie op een andere manier na te denken dan in de termen die vandaag dominant zijn.

    Judith Suissa is docent wijsgerige pedagogiek aan het Institute of Education, University of London.
    Stefan Ramaekers is verbonden aan het Laboratorium voor Educatie en Samenleving van de KU Leuven en doceert er onder meer over wijsgerige pedagogiek en interpretatieve benaderingen van het pedagogisch onderzoek.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Handboek spraakapraxie bij volwassenen

     29,90
    Spraakapraxie is een complexe neurogene communicatiestoornis die, zeker in combinatie met afasie, frequent voorkomt. Dit handboek combineert evidence based informatie met klinische ervaring.

    Eerst wordt het concept spraakapraxie gedefinieerd en worden de voornaamste symptomen geïllustreerd. Dan komen de diagnostische criteria, de beschikbare diagnostische instrumenten en de differentiële diagnostiek met andere neurogene communicatiestoornissen aan bod. De integrale stimulatiemethode en de principes van motorisch leren vormen de fundamenten van het behandelingsconcept, dat concreet vorm krijgt in verschillende therapiemethodes, zoals de Sound Production Treatment, Melodic Intonation Therapy en Speech-Music Therapy for Aphasia. Aan de hand van het ICF-model en een getuigenis wordt tenslotte de psychosociale impact van de stoornis behandeld.

    Het handboek bevat meer dan 40 verwerkingsopdrachten en 50 kaders met klinisch bruikbaar materiaal.

    GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



    Frank Paemeleire is verbonden aan de Logopedische Dienst van het Algemeen Ziekenhuis Maria-Middelares in Gent en hij is lector aan de opleiding Professionele Bachelor in de Logopedie en de Audiologie van de Arteveldehogeschool in Gent.

    "(...) een compleet overzicht van de huidige stand van zaken met betrekking tot alle aspecten van spraakapraxie bij volwassenen, met een duidelijke visie van de auteur. Een must voor iedereen die werkt met mensen met deze verworven aandoening!"
    Logopedie (NL), jrg. 85, nr. 3, blz. 30

    "We haalden er veel nieuwe inzichten en tips uit en ons inziens hoort het thuis op elke boekenplank van collega's die personen met neurogene stoornissen behandelen alsook diegenen die collega in wording zijn."
    Logopedie - VVL, mei-juni 2013, blz. 70-71

    Quick View

    Handboek spraakapraxie bij volwassenen

     29,90
    Spraakapraxie is een complexe neurogene communicatiestoornis die, zeker in combinatie met afasie, frequent voorkomt. Dit handboek combineert evidence based informatie met klinische ervaring.

    Eerst wordt het concept spraakapraxie gedefinieerd en worden de voornaamste symptomen geïllustreerd. Dan komen de diagnostische criteria, de beschikbare diagnostische instrumenten en de differentiële diagnostiek met andere neurogene communicatiestoornissen aan bod. De integrale stimulatiemethode en de principes van motorisch leren vormen de fundamenten van het behandelingsconcept, dat concreet vorm krijgt in verschillende therapiemethodes, zoals de Sound Production Treatment, Melodic Intonation Therapy en Speech-Music Therapy for Aphasia. Aan de hand van het ICF-model en een getuigenis wordt tenslotte de psychosociale impact van de stoornis behandeld.

    Het handboek bevat meer dan 40 verwerkingsopdrachten en 50 kaders met klinisch bruikbaar materiaal.

    GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content



    Frank Paemeleire is verbonden aan de Logopedische Dienst van het Algemeen Ziekenhuis Maria-Middelares in Gent en hij is lector aan de opleiding Professionele Bachelor in de Logopedie en de Audiologie van de Arteveldehogeschool in Gent.

    "(...) een compleet overzicht van de huidige stand van zaken met betrekking tot alle aspecten van spraakapraxie bij volwassenen, met een duidelijke visie van de auteur. Een must voor iedereen die werkt met mensen met deze verworven aandoening!"
    Logopedie (NL), jrg. 85, nr. 3, blz. 30

    "We haalden er veel nieuwe inzichten en tips uit en ons inziens hoort het thuis op elke boekenplank van collega's die personen met neurogene stoornissen behandelen alsook diegenen die collega in wording zijn."
    Logopedie - VVL, mei-juni 2013, blz. 70-71

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Wiens verhaal telt? Naar een narratieve en dialogische loopbaanbegeleiding

     32,90

    Veel mensen ervaren een tekort aan richting en identiteit. Zij snakken naar informatie over hoe ze hun (levens)loopbaan het beste kunnen vormgeven. Maar ze weten vervolgens niet wat te doen met deze informatie omdat ze geen verhaal hebben over hun eigen leven dat verleden, heden en toekomst op een zinvolle wijze met elkaar verbindt.

    Tegelijkertijd wordt allerwege van hen verwacht dat ze een dergelijk verhaal wel paraat hebben. Zelfsturing is het parool, zowel in het onderwijs (‘eigen verantwoordelijkheid’), op de arbeidsmarkt (‘employability’) als in de samenleving (‘burgerschap’).

    Het verhaal dat zelfsturing mogelijk maakt, ontstaat echter niet vanzelf. Het wordt gaandeweg geschreven in een dialoog die zich niet alleen afspeelt tussen maar ook binnen mensen.

    In deze bundel gaan 22 auteurs vanuit diverse gezichtspunten in op vragen als:
  • Hoe ziet een goede (loopbaan)dialoog er uit?
  • Waarom vinden docenten het vaak moeilijk met hun studenten over hun loopbaan te praten?
  • Welke situaties bevorderen een dialoog?


  • Behalve kritische analyses van de bestaande praktijk bieden de auteurs ook methodische handreikingen voor het voeren van goede (loopbaan)dialogen. Het boek geeft de laatste stand van zaken wat betreft de theorie over, het onderzoek naar en de praktijk van moderne loopbaanbegeleiding.

    Frans Meijers is lector Pedagogiek van de Beroepsvorming aan de Haagse Hogeschool en directeur van Meijers Onderzoek & Advies.

    Quick View

    Wiens verhaal telt? Naar een narratieve en dialogische loopbaanbegeleiding

     32,90

    Veel mensen ervaren een tekort aan richting en identiteit. Zij snakken naar informatie over hoe ze hun (levens)loopbaan het beste kunnen vormgeven. Maar ze weten vervolgens niet wat te doen met deze informatie omdat ze geen verhaal hebben over hun eigen leven dat verleden, heden en toekomst op een zinvolle wijze met elkaar verbindt.

    Tegelijkertijd wordt allerwege van hen verwacht dat ze een dergelijk verhaal wel paraat hebben. Zelfsturing is het parool, zowel in het onderwijs (‘eigen verantwoordelijkheid’), op de arbeidsmarkt (‘employability’) als in de samenleving (‘burgerschap’).

    Het verhaal dat zelfsturing mogelijk maakt, ontstaat echter niet vanzelf. Het wordt gaandeweg geschreven in een dialoog die zich niet alleen afspeelt tussen maar ook binnen mensen.

    In deze bundel gaan 22 auteurs vanuit diverse gezichtspunten in op vragen als:
  • Hoe ziet een goede (loopbaan)dialoog er uit?
  • Waarom vinden docenten het vaak moeilijk met hun studenten over hun loopbaan te praten?
  • Welke situaties bevorderen een dialoog?


  • Behalve kritische analyses van de bestaande praktijk bieden de auteurs ook methodische handreikingen voor het voeren van goede (loopbaan)dialogen. Het boek geeft de laatste stand van zaken wat betreft de theorie over, het onderzoek naar en de praktijk van moderne loopbaanbegeleiding.

    Frans Meijers is lector Pedagogiek van de Beroepsvorming aan de Haagse Hogeschool en directeur van Meijers Onderzoek & Advies.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Werkboek voor afasie

     46,00
    Uit de logopedische praktijk blijkt dat er een grote behoefte is aan uitgewerkt oefenmateriaal voor personen met afasie op een hoger taalniveau. In dit boek zijn een honderdtal dergelijke oefeningen samengebracht. De eerste vier reeksen bevatten oefeningen voor specifieke taalvaardigheden (woordgebruik, ontwikkeling van de syntaxis, ordenen in taal, volgen van instructies), de volgende vier reeksen bevatten oefeningen voor het gebruik van feitenkennis, concreet en abstract redeneren en zich persoonlijk uitdrukken. De laatste reeks met aanvullend materiaal kan voor diverse doeleinden worden aangewend.

    Het boek biedt een ruime waaier aan oefeningen met verschillende moeilijkheidsgraad en voor uiteenlopende problemen. De logopedist kan deze taaltaken aanbieden in de individuele therapie, als groepsopdracht of als huistaak.

    Het opstellen van dergelijk uitgebreid en uitgebalanceerd materiaal vergt veel tijd en ervaring. Deze derde, geactualiseerde Nederlandse editie van het ‘Workbook for Aphasia’ (met weblink) steunt tegelijk op de competentie van afasiespecialiste Susan Howell-Brubaker en op het werk van een groep ervaren logopedisten die de Engelse editie vertaalden en volledig aanpasten aan het taalgebruik in Vlaanderen en Nederland, aan specifieke talige situaties en leefgewoonten.

    Bij dit boek hoort een downloadbaar bestand. Met de code die u in het boek vindt kunt u dit bestand op www.dl.garant-uitgevers.eu downloaden.



    Susan Howell-Brubaker is Assistent Directeur aan het Speech and Language Pathology Department van het William Beaumont Hospital, Royal Oak, Michigan. Gedurende meer dan dertig jaar specialiseerde ze zich in het werken met volwassenen met communicatiestoornissen als gevolg van neurologische dysfuncties of hersentraumata. De vertalers specialiseerden zich eveneens in het diagnosticeren en behandelen van volwassenen met communicatiestoornissen als gevolg van neurologische dysfuncties of hersentraumata. Het zijn lic. Luce Plasschaert, prof. dr. Eric Manders lic. Renée Reynders, prof. dr. John Van Borsel en drs. Mia Verschaeve.

    Quick View

    Werkboek voor afasie

     46,00
    Uit de logopedische praktijk blijkt dat er een grote behoefte is aan uitgewerkt oefenmateriaal voor personen met afasie op een hoger taalniveau. In dit boek zijn een honderdtal dergelijke oefeningen samengebracht. De eerste vier reeksen bevatten oefeningen voor specifieke taalvaardigheden (woordgebruik, ontwikkeling van de syntaxis, ordenen in taal, volgen van instructies), de volgende vier reeksen bevatten oefeningen voor het gebruik van feitenkennis, concreet en abstract redeneren en zich persoonlijk uitdrukken. De laatste reeks met aanvullend materiaal kan voor diverse doeleinden worden aangewend.

    Het boek biedt een ruime waaier aan oefeningen met verschillende moeilijkheidsgraad en voor uiteenlopende problemen. De logopedist kan deze taaltaken aanbieden in de individuele therapie, als groepsopdracht of als huistaak.

    Het opstellen van dergelijk uitgebreid en uitgebalanceerd materiaal vergt veel tijd en ervaring. Deze derde, geactualiseerde Nederlandse editie van het ‘Workbook for Aphasia’ (met weblink) steunt tegelijk op de competentie van afasiespecialiste Susan Howell-Brubaker en op het werk van een groep ervaren logopedisten die de Engelse editie vertaalden en volledig aanpasten aan het taalgebruik in Vlaanderen en Nederland, aan specifieke talige situaties en leefgewoonten.

    Bij dit boek hoort een downloadbaar bestand. Met de code die u in het boek vindt kunt u dit bestand op www.dl.garant-uitgevers.eu downloaden.



    Susan Howell-Brubaker is Assistent Directeur aan het Speech and Language Pathology Department van het William Beaumont Hospital, Royal Oak, Michigan. Gedurende meer dan dertig jaar specialiseerde ze zich in het werken met volwassenen met communicatiestoornissen als gevolg van neurologische dysfuncties of hersentraumata. De vertalers specialiseerden zich eveneens in het diagnosticeren en behandelen van volwassenen met communicatiestoornissen als gevolg van neurologische dysfuncties of hersentraumata. Het zijn lic. Luce Plasschaert, prof. dr. Eric Manders lic. Renée Reynders, prof. dr. John Van Borsel en drs. Mia Verschaeve.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Muziektherapie in de revalidatie. Handboek voor de klinische praktijk.

     35,90
    In deze publicatie wordt de muziektherapeutische praktijk in de revalidatie in Nederland en België beschreven. Recente klinische ontwikkelingen uit de diverse praktijken zijn hier toegevoegd, zoals de behandeling van motorische, cognitieve en spraak- en taalstoornissen bij volwassenen, chronische pijn, ernstige meervoudige beperkingen bij kinderen, kanker en muziekblessures. Nieuw is ook de aandacht voor de sterk toegenomen kennis over de werking van muziek op de hersenen en de consequenties daarvan voor de klinische praktijk.

    Met behulp van deze kennis zullen muziektherapeuten steeds beter in staat zijn de resultaten van hun muziektherapeutische interventies bij kinderen en volwassenen met wetenschappelijke onderzoeksresultaten te onderbouwen. De ontwikkeling van speciaal ontworpen elektronische muziekinstrumenten en het gebruik van de computer met randapparatuur en software heeft de laatste jaren een hoge vlucht genomen. Ook zijn de mogelijkheden van aanpassingen aan muziekinstrumenten nog verder uitgebreid.

    "een aanrader voor elke muziektherapeut"
    Tijdschrift voor vaktherapie, jrg. 9,nr. 4, blz. 49

    Madeleen de Bruijn (red.) ontwikkelde de toepassing van muziektherapie in de revalidatie van kinderen en volwassenen in Nederland vanuit haar praktijk bij Revalidatie Friesland in Beetsterzwaag. Ze heeft over dit onderwerp veel publicaties op haar naam staan en heeft regelmatig voordrachten gehouden in binnen- en buitenland. Momenteel is ze betrokken bij een onderzoek naar de effecten van de door haar mee ontwikkelde en inmiddels al veel toegepaste methode Speech-Music Therapy for Aphasia, in samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen en het Leids Universitair Medische Centrum.

    Quick View

    Muziektherapie in de revalidatie. Handboek voor de klinische praktijk.

     35,90
    In deze publicatie wordt de muziektherapeutische praktijk in de revalidatie in Nederland en België beschreven. Recente klinische ontwikkelingen uit de diverse praktijken zijn hier toegevoegd, zoals de behandeling van motorische, cognitieve en spraak- en taalstoornissen bij volwassenen, chronische pijn, ernstige meervoudige beperkingen bij kinderen, kanker en muziekblessures. Nieuw is ook de aandacht voor de sterk toegenomen kennis over de werking van muziek op de hersenen en de consequenties daarvan voor de klinische praktijk.

    Met behulp van deze kennis zullen muziektherapeuten steeds beter in staat zijn de resultaten van hun muziektherapeutische interventies bij kinderen en volwassenen met wetenschappelijke onderzoeksresultaten te onderbouwen. De ontwikkeling van speciaal ontworpen elektronische muziekinstrumenten en het gebruik van de computer met randapparatuur en software heeft de laatste jaren een hoge vlucht genomen. Ook zijn de mogelijkheden van aanpassingen aan muziekinstrumenten nog verder uitgebreid.

    "een aanrader voor elke muziektherapeut"
    Tijdschrift voor vaktherapie, jrg. 9,nr. 4, blz. 49

    Madeleen de Bruijn (red.) ontwikkelde de toepassing van muziektherapie in de revalidatie van kinderen en volwassenen in Nederland vanuit haar praktijk bij Revalidatie Friesland in Beetsterzwaag. Ze heeft over dit onderwerp veel publicaties op haar naam staan en heeft regelmatig voordrachten gehouden in binnen- en buitenland. Momenteel is ze betrokken bij een onderzoek naar de effecten van de door haar mee ontwikkelde en inmiddels al veel toegepaste methode Speech-Music Therapy for Aphasia, in samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen en het Leids Universitair Medische Centrum.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      1
      Uw winkelwagen
      Samen tot aan de meet - Inspiratieboek
      Samen tot aan de meet - Inspiratieboek
      Aantal: 1
      Prijs: 24,90
       24,90
      ×