Wild
Stefan Ruysschaert is beroepshalve met fiscaliteit bezig maar schreef zich intussen in bij een koksschool, meer bepaald bij Spermalie in Brugge. Hij leerde er de basistechnieken en leert nog elke dag bij door geduldig kookboeken en recepten te bestuderen. Zijn motto is dan ook “quidquid discis tibi discis”. Kokscholen maken culinair erfgoed toegankelijk. Koken is een eeuwenoud ambacht dat mensen samen brengt.
Wild
Stefan Ruysschaert is beroepshalve met fiscaliteit bezig maar schreef zich intussen in bij een koksschool, meer bepaald bij Spermalie in Brugge. Hij leerde er de basistechnieken en leert nog elke dag bij door geduldig kookboeken en recepten te bestuderen. Zijn motto is dan ook “quidquid discis tibi discis”. Kokscholen maken culinair erfgoed toegankelijk. Koken is een eeuwenoud ambacht dat mensen samen brengt.
Op grootmoeders wijze
Grootmoeders keuken zorgt bij velen voor een nostalgisch en zelfs feestelijk gevoel. Vroeger was het toch zo lekker. Of het nu door het rijkelijke gebruik van boter was of niet, grootmoeders gerechten waren altijd beter. Recepten worden soms generaties op generaties doorgegeven. Wie heeft geen herinneringen aan de wafels of pannenkoeken uit zijn kindertijd? Of aan de gezelligheid bij klassiekers als konijn met pruimen? Grootvader was misschien duivenmelker en maakte wel eens een duifje klaar in de pan met boter. Of hij was de kok van dienst als er bier bij het gerecht mocht. Mijn grootvader maakte pap, tomatensoep en appeltaart. De rest liet hij aan grootmoeder over. Het waren andere tijden… Dit boekje bevat een aantal klassiekers die erg lekker zijn. Het is een eenvoudige en eerlijke keuken die het verdient om in ere gehouden te worden.
Deel deze recepten en geniet ervan!
Stefan Ruysschaert is beroepshalve met fiscaliteit bezig maar schreef zich intussen in bij een koksschool, meer bepaald bij Spermalie in Brugge. Hij leerde er de basistechnieken en leert nog elke dag bij door geduldig kookboeken en recepten te bestuderen. Zijn motto is dan ook “quidquid discis tibi discis”. Kokscholen maken culinair erfgoed toegankelijk.
Koken is een eeuwenoud ambacht dat mensen samen brengt.
Op grootmoeders wijze
Grootmoeders keuken zorgt bij velen voor een nostalgisch en zelfs feestelijk gevoel. Vroeger was het toch zo lekker. Of het nu door het rijkelijke gebruik van boter was of niet, grootmoeders gerechten waren altijd beter. Recepten worden soms generaties op generaties doorgegeven. Wie heeft geen herinneringen aan de wafels of pannenkoeken uit zijn kindertijd? Of aan de gezelligheid bij klassiekers als konijn met pruimen? Grootvader was misschien duivenmelker en maakte wel eens een duifje klaar in de pan met boter. Of hij was de kok van dienst als er bier bij het gerecht mocht. Mijn grootvader maakte pap, tomatensoep en appeltaart. De rest liet hij aan grootmoeder over. Het waren andere tijden… Dit boekje bevat een aantal klassiekers die erg lekker zijn. Het is een eenvoudige en eerlijke keuken die het verdient om in ere gehouden te worden.
Deel deze recepten en geniet ervan!
Stefan Ruysschaert is beroepshalve met fiscaliteit bezig maar schreef zich intussen in bij een koksschool, meer bepaald bij Spermalie in Brugge. Hij leerde er de basistechnieken en leert nog elke dag bij door geduldig kookboeken en recepten te bestuderen. Zijn motto is dan ook “quidquid discis tibi discis”. Kokscholen maken culinair erfgoed toegankelijk.
Koken is een eeuwenoud ambacht dat mensen samen brengt.
Voetbalveiligheid door middel van biometrische toegangscontrole (Reeks IRCP nr. 59)
Het actieplan ‘Samen voor Veilig Voetbal’ van de Algemene Directie Veiligheids- en Preventiebeleid van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken (BeSafe) zet in op strengere maatregelen om stadionverboden te handhaven. Recent werd daarom de Voetbalwet van 1998 aangepast: stewards, veiligheidsverantwoordelijken en bewakingsagenten kregen een cruciale verantwoordelijkheid voor het identificeren en weigeren van personen met een verbod. Voetbalclubs signaleren echter aanzienlijke technische en organisatorische uitdagingen bij de uitvoering van de nieuwe regeling.
Biometrische verificatie, bijvoorbeeld via aderpatroon- of vingerafdrukherkenning, kunnen de vereiste toegangscontrole sneller en nauwkeuriger maken. De invoering hiervan stuit vandaag op juridische en ethische moeilijkheden, in het bijzonder vanuit gegevensbeschermingsperspectief. Het huidig wettelijk kader voorziet niet in een machtiging voor voetbalclubs om biometrische gegevens te verwerken, waardoor dat alleen kan voor bezoekers die daar uitdrukkelijk in hebben toegestemd.
Dit onderzoek identificeert, na nauw overleg met BeSafe, Pro League en een aantal voetbalclubs, de juridische, ethische en praktische belemmeringen en mogelijkheden met betrekking tot het gebruik van biometrische toegangscontrole onder de huidige voetbal- en gegevensbeschermingswetgeving. De auteurs schuiven concrete aanbevelingen naar voor om een wettelijke basis te creëren die voetbalclubs verplicht of toelaat om biometrische toegangscontrole in het kader van voetbalveiligheid te organiseren.
Gert Vermeulen is gewoon hoogleraar Europees en internationaal strafrecht en gegevensbeschermingsrecht, directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), en promotor-woordvoerder van het IOF-valorisatieplatform i4S (Smart Solutions for Secure Societies), Universiteit Gent.
Julie Van Pée is doctoraatsonderzoeker en academisch assistent aan het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en bij i4S (Smart Solutions for Secure Societies), Universiteit Gent.
Arne Dormaels is business developer bij i4S (Smart Solutions for Secure Societies), Universiteit Gent.
Voetbalveiligheid door middel van biometrische toegangscontrole (Reeks IRCP nr. 59)
Het actieplan ‘Samen voor Veilig Voetbal’ van de Algemene Directie Veiligheids- en Preventiebeleid van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken (BeSafe) zet in op strengere maatregelen om stadionverboden te handhaven. Recent werd daarom de Voetbalwet van 1998 aangepast: stewards, veiligheidsverantwoordelijken en bewakingsagenten kregen een cruciale verantwoordelijkheid voor het identificeren en weigeren van personen met een verbod. Voetbalclubs signaleren echter aanzienlijke technische en organisatorische uitdagingen bij de uitvoering van de nieuwe regeling.
Biometrische verificatie, bijvoorbeeld via aderpatroon- of vingerafdrukherkenning, kunnen de vereiste toegangscontrole sneller en nauwkeuriger maken. De invoering hiervan stuit vandaag op juridische en ethische moeilijkheden, in het bijzonder vanuit gegevensbeschermingsperspectief. Het huidig wettelijk kader voorziet niet in een machtiging voor voetbalclubs om biometrische gegevens te verwerken, waardoor dat alleen kan voor bezoekers die daar uitdrukkelijk in hebben toegestemd.
Dit onderzoek identificeert, na nauw overleg met BeSafe, Pro League en een aantal voetbalclubs, de juridische, ethische en praktische belemmeringen en mogelijkheden met betrekking tot het gebruik van biometrische toegangscontrole onder de huidige voetbal- en gegevensbeschermingswetgeving. De auteurs schuiven concrete aanbevelingen naar voor om een wettelijke basis te creëren die voetbalclubs verplicht of toelaat om biometrische toegangscontrole in het kader van voetbalveiligheid te organiseren.
Gert Vermeulen is gewoon hoogleraar Europees en internationaal strafrecht en gegevensbeschermingsrecht, directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), en promotor-woordvoerder van het IOF-valorisatieplatform i4S (Smart Solutions for Secure Societies), Universiteit Gent.
Julie Van Pée is doctoraatsonderzoeker en academisch assistent aan het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en bij i4S (Smart Solutions for Secure Societies), Universiteit Gent.
Arne Dormaels is business developer bij i4S (Smart Solutions for Secure Societies), Universiteit Gent.
Btw-eetjes deel 28
Dit boek vormt intussen al het achtentwintigste in de reeks succesrijke handboeken Btw-eetjes. Het is geen klassiek btw-handboek. Dit achtentwintigste deel bevat opnieuw een aantal in de praktijk voorkomende btw-problemen waarop het antwoord niet onmiddellijk te vinden is in een klassiek btw-handboek. Het gaat om praktische vragen waarmee elke accountant of advocaat in zijn of haar fiscale praktijk vroeg of laat geconfronteerd wordt. Het gaat daarbij soms om schijnbaar eenvoudige vragen maar waar men toch vaak het antwoord schuldig blijkt te zijn of twijfelt. Deze btw-eetjes werden zoals in de vorige delen op een bondige en aantrekkelijke wijze weergegeven waardoor men snel vindt wat men zoekt. Het antwoord op de vraag wordt telkens bondig en klaar geformuleerd zonder aan inhoudelijke kwaliteit en volledigheid in te boeten.
Stefan Ruysschaert is econoom (UGent) en actuaris (VUB). Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert. Hij is ook gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Véronique De Vulder is master in de handels- en financiële wetenschappen, optie accountancy en bestuurder van Interaccounts bv. Haar activiteiten situeren zich in de totale begeleiding van kmo-vennootschappen, zowel op boekhoudkundig en fiscaal vlak als op het vlak van de interne organisatie, overdracht en waardering.
Btw-eetjes deel 28
Dit boek vormt intussen al het achtentwintigste in de reeks succesrijke handboeken Btw-eetjes. Het is geen klassiek btw-handboek. Dit achtentwintigste deel bevat opnieuw een aantal in de praktijk voorkomende btw-problemen waarop het antwoord niet onmiddellijk te vinden is in een klassiek btw-handboek. Het gaat om praktische vragen waarmee elke accountant of advocaat in zijn of haar fiscale praktijk vroeg of laat geconfronteerd wordt. Het gaat daarbij soms om schijnbaar eenvoudige vragen maar waar men toch vaak het antwoord schuldig blijkt te zijn of twijfelt. Deze btw-eetjes werden zoals in de vorige delen op een bondige en aantrekkelijke wijze weergegeven waardoor men snel vindt wat men zoekt. Het antwoord op de vraag wordt telkens bondig en klaar geformuleerd zonder aan inhoudelijke kwaliteit en volledigheid in te boeten.
Stefan Ruysschaert is econoom (UGent) en actuaris (VUB). Hij is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is professor aan de faculteit Economie van de UGent, vakgroep Accountancy, bedrijfsfinanciering en fiscaliteit waar hij het vak btw doceert. Hij is ook gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Véronique De Vulder is master in de handels- en financiële wetenschappen, optie accountancy en bestuurder van Interaccounts bv. Haar activiteiten situeren zich in de totale begeleiding van kmo-vennootschappen, zowel op boekhoudkundig en fiscaal vlak als op het vlak van de interne organisatie, overdracht en waardering.
Doorrekening en doorfacturering van kosten
Dit boek bespreekt de factureringsregels inzake doorrekening of doorfacturering van kosten. Hierbij worden de “spelregels” uitgelegd op basis van de rechtspraak van het Hof van Justitie.
In de regel volgen verschillende prestaties die gefactureerd worden elk hun eigen btw-regels. Kunstmatig splitsen van handelingen is niet toegestaan. Anderzijds kunnen handelingen zo met elkaar economisch verbonden zijn dat er sprake is van een hoofdprestatie en nevenprestatie(s). Ten slotte kan men met complexe prestaties te maken hebben waar er geen hoofdhandeling kan onderscheiden worden. Aan de hand van veel voorkomende gevallen uit de praktijk worden de regels inzake de doorrekening en doorfacturering toegepast.
Stefan Ruysschaert is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij doceert btw aan de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool. Véronique De Vulder is master in de handels- en financiële wetenschappen, optie accountancy en zaakvoerder van Interaccounts bv. Haar activiteiten situeren zich in de totale begeleiding van kmo-vennootschappen, zowel op boekhoudkundig en fiscaal vlak als op het vlak van de interne organisatie, overdracht en waardering
Doorrekening en doorfacturering van kosten
Dit boek bespreekt de factureringsregels inzake doorrekening of doorfacturering van kosten. Hierbij worden de “spelregels” uitgelegd op basis van de rechtspraak van het Hof van Justitie.
In de regel volgen verschillende prestaties die gefactureerd worden elk hun eigen btw-regels. Kunstmatig splitsen van handelingen is niet toegestaan. Anderzijds kunnen handelingen zo met elkaar economisch verbonden zijn dat er sprake is van een hoofdprestatie en nevenprestatie(s). Ten slotte kan men met complexe prestaties te maken hebben waar er geen hoofdhandeling kan onderscheiden worden. Aan de hand van veel voorkomende gevallen uit de praktijk worden de regels inzake de doorrekening en doorfacturering toegepast.
Stefan Ruysschaert is auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij is o.a. redactielid van Taxwin en het Tijdschrift Huur. Hij doceert btw aan de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool. Véronique De Vulder is master in de handels- en financiële wetenschappen, optie accountancy en zaakvoerder van Interaccounts bv. Haar activiteiten situeren zich in de totale begeleiding van kmo-vennootschappen, zowel op boekhoudkundig en fiscaal vlak als op het vlak van de interne organisatie, overdracht en waardering
Vastgoed en btw. Bouwen en verbouwen in vraag en antwoord
Dit boekje bevat een aantal topics uit de vastgoedsector inzake bouwen en verbouwen in België. Het gaat om praktijkgerichte vragen waarop een duidelijk antwoord wordt geformuleerd.
Het gaat onder andere om de criteria om een verbouwing te onderscheiden van nieuwbouw. Wanneer is 6 % van toepassing, wanneer 21 %? Hoe berekent men de oppervlaktenorm bij uitbreidingswerken? Wanneer kan een verbouwd gebouw verkocht worden met btw, wanneer moet er verkocht worden met registratierechten? Het gaat om topics die relevant zijn voor al wie actief is in de vastgoedsector als bouwpromotor, accountant, fiscaal advocaat of notaris.
Stefan Ruysschaert is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Vastgoed en btw. Bouwen en verbouwen in vraag en antwoord
Dit boekje bevat een aantal topics uit de vastgoedsector inzake bouwen en verbouwen in België. Het gaat om praktijkgerichte vragen waarop een duidelijk antwoord wordt geformuleerd.
Het gaat onder andere om de criteria om een verbouwing te onderscheiden van nieuwbouw. Wanneer is 6 % van toepassing, wanneer 21 %? Hoe berekent men de oppervlaktenorm bij uitbreidingswerken? Wanneer kan een verbouwd gebouw verkocht worden met btw, wanneer moet er verkocht worden met registratierechten? Het gaat om topics die relevant zijn voor al wie actief is in de vastgoedsector als bouwpromotor, accountant, fiscaal advocaat of notaris.
Stefan Ruysschaert is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Wetboek overheidsopdrachten, editie 2025
Twee wetten en twee uitvoeringsbesluiten maken de essentie uit van het Belgische overheidsopdrachtenrecht:
• de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten;
• de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie
en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies;
• het koninklijk besluit van 18 april 2017 plaatsing overheidsopdrachten in de klassieke sectoren;
• het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.
Met voorliggende Maklu-wetboekpocket worden deze wetten en koninklijke besluiten, in een gecoördineerde versie, voor een vlotte consultatie ter beschikking gesteld van al diegenen die dagdagelijks, in welke functie ook, bij het overheidsopdrachtengebeuren betrokken zijn.
De teksten zijn bijgehouden tot en met het Belgisch Staatsblad van 3 januari 2025.
Wetboek overheidsopdrachten, editie 2025
Twee wetten en twee uitvoeringsbesluiten maken de essentie uit van het Belgische overheidsopdrachtenrecht:
• de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten;
• de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie
en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies;
• het koninklijk besluit van 18 april 2017 plaatsing overheidsopdrachten in de klassieke sectoren;
• het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.
Met voorliggende Maklu-wetboekpocket worden deze wetten en koninklijke besluiten, in een gecoördineerde versie, voor een vlotte consultatie ter beschikking gesteld van al diegenen die dagdagelijks, in welke functie ook, bij het overheidsopdrachtengebeuren betrokken zijn.
De teksten zijn bijgehouden tot en met het Belgisch Staatsblad van 3 januari 2025.
Military Justice: Contemporary, Historical and Comparative Perspectives | RIDP libri 8
Military justice is an essential aspect of a nation’s defence system, rooted in a rich historical context that is intertwined with wider legal, political and social developments. Its importance has increased in the 21st century due to the changing nature of war, the need to protect civilians, the need to deal with misconduct by soldiers and to protect victims. It is essential to understand the historical development of military justice in order to grasp its complex legal and ethical dimensions, and avoid past mistakes.
Military justice serves to address misconduct within the armed forces, and to ensure discipline and compliance with ethical and international standards. Ongoing training in military law is mandatory to prevent illegal actions and foster a culture of respect for legal standards. One of the main objectives of military justice is also to protect civilians during armed conflicts. International humanitarian law, including the Geneva Conventions, requires the protection of non-combatants, and military justice systems help to ensure compliance with these laws. Investigating and prosecuting violations, particularly those that endanger civilians, helps to ensure accountability and maintain the legitimacy of military operations.
In the same way, advances in military technology, such as the use of drones and artificial intelligence, pose new challenges for military justice. Legal frameworks must evolve to take account of legal and ethical implications of these technologies. Additionally, warfare has significantly transformed in recent years, with cyber warfare, private military companies and counter-insurgency operations. Finally, contemporary military operations often involve coalitions of multiple countries, requiring harmonized approaches to military justice to ensure consistency across different legal systems.
The International Military Justice Forum (IMJF) provides a platform for global discussions on military justice, bringing together academics, practitioners, and military personnel. It fosters comparative analysis of international military justice systems and explores their historical and current evolution.
This volume brings together major contributions to the 2nd International Military Justice Forum, which convened on 8 and 9 November 2023 in Stellenbosch, South Africa
Gwenaël Guyon is Associate Professor in Legal History and Comparative Law at Saint-Cyr Coëtquidan Military Academy, seconded from the University Paris Cité, and President of the International Military Justice Forum.
Evert Kleynhans is Associate Professor in Military History at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University, and Honorary Researcher at the Centre for War and Diplomacy at Lancaster University.
Michelle Nel is Associate Professor in Military Law at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University, and a part-time researcher at the Security Institute for Governance and Leadership in Africa (SIGLA).
Sonja Els is Senior Lecturer in Mercantile Law and Military Law, and Chair of the School for Human Resource Development at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University.
Military Justice: Contemporary, Historical and Comparative Perspectives | RIDP libri 8
Military justice is an essential aspect of a nation’s defence system, rooted in a rich historical context that is intertwined with wider legal, political and social developments. Its importance has increased in the 21st century due to the changing nature of war, the need to protect civilians, the need to deal with misconduct by soldiers and to protect victims. It is essential to understand the historical development of military justice in order to grasp its complex legal and ethical dimensions, and avoid past mistakes.
Military justice serves to address misconduct within the armed forces, and to ensure discipline and compliance with ethical and international standards. Ongoing training in military law is mandatory to prevent illegal actions and foster a culture of respect for legal standards. One of the main objectives of military justice is also to protect civilians during armed conflicts. International humanitarian law, including the Geneva Conventions, requires the protection of non-combatants, and military justice systems help to ensure compliance with these laws. Investigating and prosecuting violations, particularly those that endanger civilians, helps to ensure accountability and maintain the legitimacy of military operations.
In the same way, advances in military technology, such as the use of drones and artificial intelligence, pose new challenges for military justice. Legal frameworks must evolve to take account of legal and ethical implications of these technologies. Additionally, warfare has significantly transformed in recent years, with cyber warfare, private military companies and counter-insurgency operations. Finally, contemporary military operations often involve coalitions of multiple countries, requiring harmonized approaches to military justice to ensure consistency across different legal systems.
The International Military Justice Forum (IMJF) provides a platform for global discussions on military justice, bringing together academics, practitioners, and military personnel. It fosters comparative analysis of international military justice systems and explores their historical and current evolution.
This volume brings together major contributions to the 2nd International Military Justice Forum, which convened on 8 and 9 November 2023 in Stellenbosch, South Africa
Gwenaël Guyon is Associate Professor in Legal History and Comparative Law at Saint-Cyr Coëtquidan Military Academy, seconded from the University Paris Cité, and President of the International Military Justice Forum.
Evert Kleynhans is Associate Professor in Military History at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University, and Honorary Researcher at the Centre for War and Diplomacy at Lancaster University.
Michelle Nel is Associate Professor in Military Law at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University, and a part-time researcher at the Security Institute for Governance and Leadership in Africa (SIGLA).
Sonja Els is Senior Lecturer in Mercantile Law and Military Law, and Chair of the School for Human Resource Development at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University.
Beleggen in de vennootschap. Bijzondere reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen nr. 4
U kent allicht het volgende verhaal. Uw vennootschap zet jaarlijks een mooi resultaat neer. Dit resulteert in een opbouw van extra reserves in de vennootschap, maar allicht duikt de volgende vraag hierbij op: “Wat doe ik verder met dit vermogen in de vennootschap?”
Vragen zoals:
- Onttrekken we dit vermogen of net niet, en zo ja, hoe en waarmee houden we dan het best rekening?
- Of gaan we de vennootschap bewust aanwenden als spaarpot op korte of lange termijn?
- Wat zijn de fiscale gevolgen wanneer de vennootschap voor een type belegging kiest ?
Om hier een duidelijk antwoord op te kunnen geven, komen de volgende items in detail aan bod:
- Hoe zit de vennootschapsbelasting in elkaar op roerende beleggingen?
- Is er een verschil wanneer de vennootschap in fondsen i.p.v. individuele aandelen belegt?
- Beleggen we de gelden niet beter buiten de vennootschap?
- Wat zijn hierbij de mogelijkheden, voordelen of nadelen?
- Wat zijn de opties wanneer we de gelden wensen te onttrekken?
- Kan de vennootschap later ook een voordeel opleveren in het kader van de successieplanning?
- Wat zijn de aandachtspunten wanneer de aandelen van deze vennootschap later verkocht worden?
- Geeft deze spaarpot geen probleem?
- Kan de vennootschap ook in minder courante zaken beleggen zoals kunst, wijn, goud, cryptomunten, oldtimers e.d.?
We trachten het pallet aan mogelijkheden te bekijken met een fiscale bril op doch zonder de praktische invulling uit het oog te verliezen. U zal merken dat het een gans ander verhaal is dan wanneer we privé beleggen.
Marc Gielis is gecertificeerd belastingadviseur. Hij heeft 30 jaar (tot eind 2019) gewerkt bij Bank J. Van Breda en C° NV te Antwerpen als fiscaal en patrimoniaal planner, waarna hij de stap naar het zelfstandig beroepsleven heeft gezet. Hij is licentiaat/master Handelswetenschappen, gegradueerde in de Fiscale Wetgeving en gegradueerde in de Bedrijfsadministratie. Tevens heeft hij een jaaropleiding met vrucht afgelegd als ‘Advisor of Personal Financial Planning‘. Marc begeleidt in zijn functie dagelijks uitoefenaars van vrije beroepen en ondernemers
bij het optimaliseren van hun fiscale situatie. Tevens is hij voorzitter in de examencommissie bij het ITAA, auteur van een aantal fiscale boeken en gastdocent aan Odisee Brussel, Vives/Brugge Business School en lector aan AP Antwerpen. Ook is hij een gewaardeerd spreker voor een aantal beroepsverenigingen.
Beleggen in de vennootschap. Bijzondere reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen nr. 4
U kent allicht het volgende verhaal. Uw vennootschap zet jaarlijks een mooi resultaat neer. Dit resulteert in een opbouw van extra reserves in de vennootschap, maar allicht duikt de volgende vraag hierbij op: “Wat doe ik verder met dit vermogen in de vennootschap?”
Vragen zoals:
- Onttrekken we dit vermogen of net niet, en zo ja, hoe en waarmee houden we dan het best rekening?
- Of gaan we de vennootschap bewust aanwenden als spaarpot op korte of lange termijn?
- Wat zijn de fiscale gevolgen wanneer de vennootschap voor een type belegging kiest ?
Om hier een duidelijk antwoord op te kunnen geven, komen de volgende items in detail aan bod:
- Hoe zit de vennootschapsbelasting in elkaar op roerende beleggingen?
- Is er een verschil wanneer de vennootschap in fondsen i.p.v. individuele aandelen belegt?
- Beleggen we de gelden niet beter buiten de vennootschap?
- Wat zijn hierbij de mogelijkheden, voordelen of nadelen?
- Wat zijn de opties wanneer we de gelden wensen te onttrekken?
- Kan de vennootschap later ook een voordeel opleveren in het kader van de successieplanning?
- Wat zijn de aandachtspunten wanneer de aandelen van deze vennootschap later verkocht worden?
- Geeft deze spaarpot geen probleem?
- Kan de vennootschap ook in minder courante zaken beleggen zoals kunst, wijn, goud, cryptomunten, oldtimers e.d.?
We trachten het pallet aan mogelijkheden te bekijken met een fiscale bril op doch zonder de praktische invulling uit het oog te verliezen. U zal merken dat het een gans ander verhaal is dan wanneer we privé beleggen.
Marc Gielis is gecertificeerd belastingadviseur. Hij heeft 30 jaar (tot eind 2019) gewerkt bij Bank J. Van Breda en C° NV te Antwerpen als fiscaal en patrimoniaal planner, waarna hij de stap naar het zelfstandig beroepsleven heeft gezet. Hij is licentiaat/master Handelswetenschappen, gegradueerde in de Fiscale Wetgeving en gegradueerde in de Bedrijfsadministratie. Tevens heeft hij een jaaropleiding met vrucht afgelegd als ‘Advisor of Personal Financial Planning‘. Marc begeleidt in zijn functie dagelijks uitoefenaars van vrije beroepen en ondernemers
bij het optimaliseren van hun fiscale situatie. Tevens is hij voorzitter in de examencommissie bij het ITAA, auteur van een aantal fiscale boeken en gastdocent aan Odisee Brussel, Vives/Brugge Business School en lector aan AP Antwerpen. Ook is hij een gewaardeerd spreker voor een aantal beroepsverenigingen.
Bloedrode wijn
Een tragisch voorval in hartje Parijs verandert het leven van de bewoners van een appartementsgebouw voorgoed. De geheimen van de bewoners blijven verscholen achter de gevel van het statische gebouw dat ooit een chic hotel was. Nina brengt een bezoek aan haar broer Rob die als onderzoeksjournalist werkt in Parijs. Maar hij is niet thuis en komt ook niet thuis. Wat is er gebeurd met Rob, de man van wie de medebewoners aanvankelijk allemaal hielden, maar die ze uiteindelijk verachtten? Sedert zijn komst in het gebouw veranderde er zo veel. Kwam Rob iets op het spoor? Wie heeft een goede reden om hem uit de weg te ruimen? De conciërge in het gebouw ziet alles maar houdt de lippen stijf.
Stefan Ruysschaert is een creatief auteur. Na “De Sterrenchef” en “De blauwe kamer” is dit zijn derde roman.
Bloedrode wijn
Een tragisch voorval in hartje Parijs verandert het leven van de bewoners van een appartementsgebouw voorgoed. De geheimen van de bewoners blijven verscholen achter de gevel van het statische gebouw dat ooit een chic hotel was. Nina brengt een bezoek aan haar broer Rob die als onderzoeksjournalist werkt in Parijs. Maar hij is niet thuis en komt ook niet thuis. Wat is er gebeurd met Rob, de man van wie de medebewoners aanvankelijk allemaal hielden, maar die ze uiteindelijk verachtten? Sedert zijn komst in het gebouw veranderde er zo veel. Kwam Rob iets op het spoor? Wie heeft een goede reden om hem uit de weg te ruimen? De conciërge in het gebouw ziet alles maar houdt de lippen stijf.
Stefan Ruysschaert is een creatief auteur. Na “De Sterrenchef” en “De blauwe kamer” is dit zijn derde roman.

