
Mozaïek van mijn leven. Herinneringen 1917-2005
Uitgever Spinhuis
€ 20,00
…
Op voorraad
Verzonden binnen 7 dagen
Bestel nu!
SKU:
9789055892679
Categorie
Spinhuis
Gerelateerde producten
Het democratisch ongeduld. de emancipatie en integratie van zes doelgroepen van het minderhedenbeleid
door Hans Vermeulen, Rinus Penninx
€ 17,02
Wanneer mensen zich vestigen in een nieuwe samenleving, moeten zij voor zichzelf en hun kinderen een plaats veroveren. De Nederlandse overheid vindt dat die plek gelijkwaardig moet zijn aan die van de gevestigden binnen de verzorgingsstaat. Het proces van integratie en emancipatie kost echter tijd. Tijd die vaak eerder uitgedrukt moet worden in generaties dan in jaren. In de praktijk zijn echter de mensen en instanties die bij dit proces betrokken zijn ongeduldig. Zij leggen het accent te veel op de nog niet verwezenlijkte gelijkheid en te weinig op de resultaten van het integratieproces. Ten onrechte, luidt één van de conclusies van deze bundel waarin het integratieproces van zes doelgroepen van het minderhedenbeleid over langere termijn in kaart is gebracht.
Het democratisch ongeduld. de emancipatie en integratie van zes doelgroepen van het minderhedenbeleid
door Hans Vermeulen, Rinus Penninx
€ 17,02
Wanneer mensen zich vestigen in een nieuwe samenleving, moeten zij voor zichzelf en hun kinderen een plaats veroveren. De Nederlandse overheid vindt dat die plek gelijkwaardig moet zijn aan die van de gevestigden binnen de verzorgingsstaat. Het proces van integratie en emancipatie kost echter tijd. Tijd die vaak eerder uitgedrukt moet worden in generaties dan in jaren. In de praktijk zijn echter de mensen en instanties die bij dit proces betrokken zijn ongeduldig. Zij leggen het accent te veel op de nog niet verwezenlijkte gelijkheid en te weinig op de resultaten van het integratieproces. Ten onrechte, luidt één van de conclusies van deze bundel waarin het integratieproces van zes doelgroepen van het minderhedenbeleid over langere termijn in kaart is gebracht.
Europa: ja, nee, geen mening. Europese gezindheid in Nederland
door Bert Schijf, Paul Kapteyn
€ 6,20
Waar dit boek over gaat
Op 18 juni van dit jaar publiceerde NRC Handelsblad een aantal resultaten van een enquéte naar wat de Nederlandse bevolking vindt van de Europese integratie. Het ging om een onderzoek dat deze krant samen met de auteurs van dit boek had opgezet en dat enige weken daarvoor door de Stichting Telepanel te Amsterdam was uitgevoerd. Het bericht haalde de voorpagina. De kop luidde 'Europese gezindheid Nederlanders gering'. In dezelfde krant kreeg de enquéte nog meer aandacht. In een begeleidend commentaar plaatste Paul Kapteyn de resultaten in breder verband. Hier was de kop 'Tussen Nederland en Europa gaapt een diep gat'. De boodschap was duidelijk.
De publicaties bleven niet onopgemerkt. Het toeval wilde dat de volgende dag in de Tweede Kamer een debat begon over de Europese integratie. Aanleiding vormde de aanstaande bijeenkomst van regeringsleiders in Florence, maar de inzet was breder. Hoe stevig was de al oude consensus over de Nederlandse Europese politiek? In de discussie van fractieleiders en regering werd herhaaldelijk naar de enquéte verwezen. Was het waar, zoals het krantenbericht beweerde, dat de pro-Europese politiek van Nederland niet steunde op een overeenkomstige gezindheid bij de Nederlandse bevolking, en wat zouden daarvan de consequenties moeten zijn? Minister van Buitenlandse Zaken en eerst verantwoordelijke voor Europese Zaken, Hans van Mierlo, nam de uitslag serieus. Enerzijds had hij zo z'n bedenkingen over de objectiviteit van sommige vragen - voor zover hem die uit de krant bekend waren -, maar anderzijds erkende hij het probleem. De Nederlandse bevolking is niet voldoende geïnformeerd en voelt zich weinig betrokken. Dat hier een taak lag, was de bewindsman duidelijk.
Op 18 juni van dit jaar publiceerde NRC Handelsblad een aantal resultaten van een enquéte naar wat de Nederlandse bevolking vindt van de Europese integratie. Het ging om een onderzoek dat deze krant samen met de auteurs van dit boek had opgezet en dat enige weken daarvoor door de Stichting Telepanel te Amsterdam was uitgevoerd. Het bericht haalde de voorpagina. De kop luidde 'Europese gezindheid Nederlanders gering'. In dezelfde krant kreeg de enquéte nog meer aandacht. In een begeleidend commentaar plaatste Paul Kapteyn de resultaten in breder verband. Hier was de kop 'Tussen Nederland en Europa gaapt een diep gat'. De boodschap was duidelijk.
De publicaties bleven niet onopgemerkt. Het toeval wilde dat de volgende dag in de Tweede Kamer een debat begon over de Europese integratie. Aanleiding vormde de aanstaande bijeenkomst van regeringsleiders in Florence, maar de inzet was breder. Hoe stevig was de al oude consensus over de Nederlandse Europese politiek? In de discussie van fractieleiders en regering werd herhaaldelijk naar de enquéte verwezen. Was het waar, zoals het krantenbericht beweerde, dat de pro-Europese politiek van Nederland niet steunde op een overeenkomstige gezindheid bij de Nederlandse bevolking, en wat zouden daarvan de consequenties moeten zijn? Minister van Buitenlandse Zaken en eerst verantwoordelijke voor Europese Zaken, Hans van Mierlo, nam de uitslag serieus. Enerzijds had hij zo z'n bedenkingen over de objectiviteit van sommige vragen - voor zover hem die uit de krant bekend waren -, maar anderzijds erkende hij het probleem. De Nederlandse bevolking is niet voldoende geïnformeerd en voelt zich weinig betrokken. Dat hier een taak lag, was de bewindsman duidelijk.
Europa: ja, nee, geen mening. Europese gezindheid in Nederland
door Bert Schijf, Paul Kapteyn
€ 6,20
Waar dit boek over gaat
Op 18 juni van dit jaar publiceerde NRC Handelsblad een aantal resultaten van een enquéte naar wat de Nederlandse bevolking vindt van de Europese integratie. Het ging om een onderzoek dat deze krant samen met de auteurs van dit boek had opgezet en dat enige weken daarvoor door de Stichting Telepanel te Amsterdam was uitgevoerd. Het bericht haalde de voorpagina. De kop luidde 'Europese gezindheid Nederlanders gering'. In dezelfde krant kreeg de enquéte nog meer aandacht. In een begeleidend commentaar plaatste Paul Kapteyn de resultaten in breder verband. Hier was de kop 'Tussen Nederland en Europa gaapt een diep gat'. De boodschap was duidelijk.
De publicaties bleven niet onopgemerkt. Het toeval wilde dat de volgende dag in de Tweede Kamer een debat begon over de Europese integratie. Aanleiding vormde de aanstaande bijeenkomst van regeringsleiders in Florence, maar de inzet was breder. Hoe stevig was de al oude consensus over de Nederlandse Europese politiek? In de discussie van fractieleiders en regering werd herhaaldelijk naar de enquéte verwezen. Was het waar, zoals het krantenbericht beweerde, dat de pro-Europese politiek van Nederland niet steunde op een overeenkomstige gezindheid bij de Nederlandse bevolking, en wat zouden daarvan de consequenties moeten zijn? Minister van Buitenlandse Zaken en eerst verantwoordelijke voor Europese Zaken, Hans van Mierlo, nam de uitslag serieus. Enerzijds had hij zo z'n bedenkingen over de objectiviteit van sommige vragen - voor zover hem die uit de krant bekend waren -, maar anderzijds erkende hij het probleem. De Nederlandse bevolking is niet voldoende geïnformeerd en voelt zich weinig betrokken. Dat hier een taak lag, was de bewindsman duidelijk.
Op 18 juni van dit jaar publiceerde NRC Handelsblad een aantal resultaten van een enquéte naar wat de Nederlandse bevolking vindt van de Europese integratie. Het ging om een onderzoek dat deze krant samen met de auteurs van dit boek had opgezet en dat enige weken daarvoor door de Stichting Telepanel te Amsterdam was uitgevoerd. Het bericht haalde de voorpagina. De kop luidde 'Europese gezindheid Nederlanders gering'. In dezelfde krant kreeg de enquéte nog meer aandacht. In een begeleidend commentaar plaatste Paul Kapteyn de resultaten in breder verband. Hier was de kop 'Tussen Nederland en Europa gaapt een diep gat'. De boodschap was duidelijk.
De publicaties bleven niet onopgemerkt. Het toeval wilde dat de volgende dag in de Tweede Kamer een debat begon over de Europese integratie. Aanleiding vormde de aanstaande bijeenkomst van regeringsleiders in Florence, maar de inzet was breder. Hoe stevig was de al oude consensus over de Nederlandse Europese politiek? In de discussie van fractieleiders en regering werd herhaaldelijk naar de enquéte verwezen. Was het waar, zoals het krantenbericht beweerde, dat de pro-Europese politiek van Nederland niet steunde op een overeenkomstige gezindheid bij de Nederlandse bevolking, en wat zouden daarvan de consequenties moeten zijn? Minister van Buitenlandse Zaken en eerst verantwoordelijke voor Europese Zaken, Hans van Mierlo, nam de uitslag serieus. Enerzijds had hij zo z'n bedenkingen over de objectiviteit van sommige vragen - voor zover hem die uit de krant bekend waren -, maar anderzijds erkende hij het probleem. De Nederlandse bevolking is niet voldoende geïnformeerd en voelt zich weinig betrokken. Dat hier een taak lag, was de bewindsman duidelijk.
Stad en land. Over bewoners en woonmilieus.
€ 25,00
Dit afscheidsboek voor Rob van Engelsdorp Gastelaars, van 1984 tot 2003 hoogleraar sociale geografie aan de afdeling Geografie en Planologie van de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam, laat iets zien van de wetenschappelijke inspiratie die hij heeft weten over te dragen op promovendi, collega’s en studenten, én op auteurs buiten het vakgebied van de stadsgeografie. Dat dit boek binnen de gestelde kaders - stad en land, bewoners en woonmilieus - een grote reikwijdte aan onderwerpen behandelt, mag als een eresaluut aan de emeritus worden gezien.
De bijdragen laten voor een belangrijk deel zien hoe bepalend lokale woonmilieus zijn en hoe zij worden gevormd door handelende bewoners en hun instituties. Om hier een oud en beroemd begrippenpaar te hanteren: weerslag en neerslag bijten elkaar in de loop der jaren voortdurend in hun staart. Dat daarbij het Amsterdamse laboratorium nog steeds het schouwtoneel bij uitstek is, zeker in de huidige meer regionale omschrijving, blijkt overduidelijk.
Stad en land. Over bewoners en woonmilieus.
€ 25,00
Dit afscheidsboek voor Rob van Engelsdorp Gastelaars, van 1984 tot 2003 hoogleraar sociale geografie aan de afdeling Geografie en Planologie van de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam, laat iets zien van de wetenschappelijke inspiratie die hij heeft weten over te dragen op promovendi, collega’s en studenten, én op auteurs buiten het vakgebied van de stadsgeografie. Dat dit boek binnen de gestelde kaders - stad en land, bewoners en woonmilieus - een grote reikwijdte aan onderwerpen behandelt, mag als een eresaluut aan de emeritus worden gezien.
De bijdragen laten voor een belangrijk deel zien hoe bepalend lokale woonmilieus zijn en hoe zij worden gevormd door handelende bewoners en hun instituties. Om hier een oud en beroemd begrippenpaar te hanteren: weerslag en neerslag bijten elkaar in de loop der jaren voortdurend in hun staart. Dat daarbij het Amsterdamse laboratorium nog steeds het schouwtoneel bij uitstek is, zeker in de huidige meer regionale omschrijving, blijkt overduidelijk.
