Strafrecht en Strafprocesrecht in Hoofdlijnen (hardcover). 10de editie
Het boek werd voor de tiende editie volledig bijgewerkt tot 1 juli 2017, en telt ruim 1460 blz.
In deze editie is, gewoontegetrouw, getracht om orde te brengen in een materie die steeds minder
overzichtelijk wordt. Streefdoel is de lezer op een begrijpelijke manier te gidsen door deze steeds meer
ondoordringbare doolhof.
Vele hoofdstukken werden grondig geactualiseerd ten gevolge van recente ontwikkelingen in
de rechtspraak en de niet-aflatende stroom van ‘punctuele wijzigingen’ in de wetgeving. Met
name de ‘Potpourriwetten’ (2016) hebben essentiële veranderingen aangebracht die tot snelle
efficiëntiewinsten moeten leiden en diepgaande gevolgen zullen hebben in de praktijk.
‘Het handboek van barones en professor Van den Wyngaert, rechter bij het Internationaal Strafhof
van Den Haag, is reeds negen edities lang de trouwe metgezel voor zowel de rechtenstudent als de
rechtspracticus-penalist.
Met de voorliggende jubileumeditie wordt de kroon op het werk gezet.
De vele wetswijzigingen die het strafrecht en de strafprocedure actueel ondergaan, vergen een
betrouwbare gids om alle evoluties op de voet te kunnen volgen.
In de kenmerkende heldere en overzichtelijke stijl van de auteur, die voortaan wordt bijgestaan
door twee experten-medeauteurs, professor dr. Philip Traest en Eerste substituut-procureur des
Konings Steven Vandromme, wordt de techniciteit van het strafrecht, het strafprocesrecht en het
strafuitvoeringsrecht op een bevattelijke manier ontsloten.
Het oog voor detail en voor de meest recente rechtspraak en rechtsleer verbaast niet.
De titel van het werk suggereert dat het strafrecht in hoofdlijnen wordt besproken. Dat is te
bescheiden…’
Koen Geens, Minister van Justitie
Professor Chris barones Van den Wyngaert doceerde gedurende bijna 25 jaar de vakken strafrecht en strafprocesrecht en is emeritus hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen. Zij heeft talrijke publicaties op het gebied van het nationaal, het internationaal en het vergelijkend strafrecht op haar naam. Zij was lid van de Commissie Strafprocesrecht en rapporteur voor de International Law Association en de Association internationale de droit pénal. Zij was visiting fellow aan de Universiteit te Cambridge en is honorair hoogleraar aan de Universiteit van Stellenbosch. Haar werk werd bekroond met vier eredoctoraten: Universiteit van Uppsala (Zweden, 2001), Vrije Universiteit Brussel (2009), Case Western Reserve University (USA, 2013) en Universiteit Maastricht (2013) en ontving het Groot Ereteken van de Vlaamse Gemeenschap (2017).
Zij was ad hoc-rechter in het Internationaal Gerechtshof (2000-2002) en vervolgens rechter in het Joegoslavië-tribunaal (2003-2009). In 2009 werd zij in New York door de vergadering van Verdragsluitende Partijen bij het Rome-Statuut verkozen tot rechter in het Internationaal Strafhof te Den Haag, voor een mandaat van 9 jaar.
Zij is nu rechter in het Kosovo-tribunaal.
Professor Philip Traest is buitengewoon hoogleraar in de vakgebieden strafrecht en strafvordering aan de Universiteit Gent, vakgroep criminologie, strafrecht en sociaal recht. Hij is tevens advocaat aan de balie te Antwerpen. Hij is licentiaat in de rechten en in de criminologie (Universiteit Gent, resp. 1982 en 1983) en promoveerde in 1992 tot doctor in de rechten met een proefschrift getiteld
“Het bewijs in strafzaken”.
Philip Traest was lid van de Hoge Raad voor de Justitie van 2008 tot 2016. Hij was lid van de Commissie Strafprocesrecht en is nu lid van de commissie die door de minister van Justitie werd belast met het uitwerken van een voorstel van hervorming van het Wetboek van Strafvordering. Hij is auteur van talrijke publicaties in het domein van het strafrecht en het strafprocesrecht (waaronder het bewijsrecht).
Steven Vandromme is in 2001 afgestudeerd als licentiaat in de Rechten met grote onderscheiding. Hij is sinds 2007 verbonden aan het parket van de procureur des Konings te Antwerpen, nu als eerste substituut. Verder is hij als wetenschappelijk medewerker lid van de Onderzoeksgroep Rechtshandhaving aan de Universiteit Antwerpen. Hij is auteur van talrijke publicaties, o.a. in het Rechtskundig Weekblad, het Tijdschrift voor Strafrecht en de Commentaar Strafrecht en Strafvordering.
Strafrecht en Strafprocesrecht in Hoofdlijnen (hardcover). 10de editie
Het boek werd voor de tiende editie volledig bijgewerkt tot 1 juli 2017, en telt ruim 1460 blz.
In deze editie is, gewoontegetrouw, getracht om orde te brengen in een materie die steeds minder
overzichtelijk wordt. Streefdoel is de lezer op een begrijpelijke manier te gidsen door deze steeds meer
ondoordringbare doolhof.
Vele hoofdstukken werden grondig geactualiseerd ten gevolge van recente ontwikkelingen in
de rechtspraak en de niet-aflatende stroom van ‘punctuele wijzigingen’ in de wetgeving. Met
name de ‘Potpourriwetten’ (2016) hebben essentiële veranderingen aangebracht die tot snelle
efficiëntiewinsten moeten leiden en diepgaande gevolgen zullen hebben in de praktijk.
‘Het handboek van barones en professor Van den Wyngaert, rechter bij het Internationaal Strafhof
van Den Haag, is reeds negen edities lang de trouwe metgezel voor zowel de rechtenstudent als de
rechtspracticus-penalist.
Met de voorliggende jubileumeditie wordt de kroon op het werk gezet.
De vele wetswijzigingen die het strafrecht en de strafprocedure actueel ondergaan, vergen een
betrouwbare gids om alle evoluties op de voet te kunnen volgen.
In de kenmerkende heldere en overzichtelijke stijl van de auteur, die voortaan wordt bijgestaan
door twee experten-medeauteurs, professor dr. Philip Traest en Eerste substituut-procureur des
Konings Steven Vandromme, wordt de techniciteit van het strafrecht, het strafprocesrecht en het
strafuitvoeringsrecht op een bevattelijke manier ontsloten.
Het oog voor detail en voor de meest recente rechtspraak en rechtsleer verbaast niet.
De titel van het werk suggereert dat het strafrecht in hoofdlijnen wordt besproken. Dat is te
bescheiden…’
Koen Geens, Minister van Justitie
Professor Chris barones Van den Wyngaert doceerde gedurende bijna 25 jaar de vakken strafrecht en strafprocesrecht en is emeritus hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen. Zij heeft talrijke publicaties op het gebied van het nationaal, het internationaal en het vergelijkend strafrecht op haar naam. Zij was lid van de Commissie Strafprocesrecht en rapporteur voor de International Law Association en de Association internationale de droit pénal. Zij was visiting fellow aan de Universiteit te Cambridge en is honorair hoogleraar aan de Universiteit van Stellenbosch. Haar werk werd bekroond met vier eredoctoraten: Universiteit van Uppsala (Zweden, 2001), Vrije Universiteit Brussel (2009), Case Western Reserve University (USA, 2013) en Universiteit Maastricht (2013) en ontving het Groot Ereteken van de Vlaamse Gemeenschap (2017).
Zij was ad hoc-rechter in het Internationaal Gerechtshof (2000-2002) en vervolgens rechter in het Joegoslavië-tribunaal (2003-2009). In 2009 werd zij in New York door de vergadering van Verdragsluitende Partijen bij het Rome-Statuut verkozen tot rechter in het Internationaal Strafhof te Den Haag, voor een mandaat van 9 jaar.
Zij is nu rechter in het Kosovo-tribunaal.
Professor Philip Traest is buitengewoon hoogleraar in de vakgebieden strafrecht en strafvordering aan de Universiteit Gent, vakgroep criminologie, strafrecht en sociaal recht. Hij is tevens advocaat aan de balie te Antwerpen. Hij is licentiaat in de rechten en in de criminologie (Universiteit Gent, resp. 1982 en 1983) en promoveerde in 1992 tot doctor in de rechten met een proefschrift getiteld
“Het bewijs in strafzaken”.
Philip Traest was lid van de Hoge Raad voor de Justitie van 2008 tot 2016. Hij was lid van de Commissie Strafprocesrecht en is nu lid van de commissie die door de minister van Justitie werd belast met het uitwerken van een voorstel van hervorming van het Wetboek van Strafvordering. Hij is auteur van talrijke publicaties in het domein van het strafrecht en het strafprocesrecht (waaronder het bewijsrecht).
Steven Vandromme is in 2001 afgestudeerd als licentiaat in de Rechten met grote onderscheiding. Hij is sinds 2007 verbonden aan het parket van de procureur des Konings te Antwerpen, nu als eerste substituut. Verder is hij als wetenschappelijk medewerker lid van de Onderzoeksgroep Rechtshandhaving aan de Universiteit Antwerpen. Hij is auteur van talrijke publicaties, o.a. in het Rechtskundig Weekblad, het Tijdschrift voor Strafrecht en de Commentaar Strafrecht en Strafvordering.
Mijn werkbalans (Handleiding+kaartjes met vragen). Tool voor loopbaancoaches,HRM-ers,leidinggevenden en medewerkers
“Ik weet niet of ik dit werk nog wil blijven doen. Soms heb ik zin
om weg te gaan. Op andere momenten denk ik dat ik het zo slecht
nog niet heb. Ik loop vast en wil graag meer duidelijkheid …”
Herken je jezelf in deze situatie? Wil je dit graag bespreken
met collega’s of leidinggevenden of denk je wel eens aan het
volgen van loopbaanbegeleiding? Of ben je zelf coach of leidinggevende
en op zoek naar handig werkmateriaal?
Mijn Werkbalans brengt je werksituatie in beeld. De kaarten
doen je nadenken over de taakeisen, de regelruimte, de steun
van je leidinggevende(n) en collega’s en jobzekerheid. Je krijgt
een scherp zicht op de sterktes maar ook op de uitdagingen in
je job. Geeft mijn werk me nog voldoening? Waarover ga ik in
dialoog met mijn werkgever, leidinggevende(n) of collega’s?
Annick Jehaes en Karen Van den Broeck, beiden coaches bij
Human Results (www.humanresults.be) ontwikkelden deze
eenvoudige tool. Door zelfreflectie krijgen medewerkers zicht
op hun werk. Ook voor loopbaancoaches, HR-medewerkers,
leidinggevenden, vertrouwenspersonen en preventieadviseurs
psychosociale aspecten is Mijn Werkbalans bruikbaar
in gesprekken. De tool helpt om het werk in beeld te
brengen en van hieruit keuzes te maken en acties te bepalen
die het welzijn van de medewerker bevorderen.
Mijn werkbalans deed me in de begeleiding nadenken over mijn
huidige job en gaf duidelijkheid. Ik was verwonderd hoeveel
groene kaartjes ik kon plaatsen, terwijl mijn gevoel niet zo positief
was (Sander Tilkin, klant loopbaanbegeleiding).
Een verfrissende tool om alle aspecten van persoonlijk functioneren
en de samenwerking in mijn team bespreekbaar te maken.
Medewerkers komen via deze methode tot een mooie manier
van zelfreflectie (Ann Jacobs, afdelingshoofd PVT De Passer,
vzw Asster).
Annick Jehaes en Karen Van den Broeck zijn beiden coaches bij Human Results (www.humanresults.be)
Mijn werkbalans (Handleiding+kaartjes met vragen). Tool voor loopbaancoaches,HRM-ers,leidinggevenden en medewerkers
“Ik weet niet of ik dit werk nog wil blijven doen. Soms heb ik zin
om weg te gaan. Op andere momenten denk ik dat ik het zo slecht
nog niet heb. Ik loop vast en wil graag meer duidelijkheid …”
Herken je jezelf in deze situatie? Wil je dit graag bespreken
met collega’s of leidinggevenden of denk je wel eens aan het
volgen van loopbaanbegeleiding? Of ben je zelf coach of leidinggevende
en op zoek naar handig werkmateriaal?
Mijn Werkbalans brengt je werksituatie in beeld. De kaarten
doen je nadenken over de taakeisen, de regelruimte, de steun
van je leidinggevende(n) en collega’s en jobzekerheid. Je krijgt
een scherp zicht op de sterktes maar ook op de uitdagingen in
je job. Geeft mijn werk me nog voldoening? Waarover ga ik in
dialoog met mijn werkgever, leidinggevende(n) of collega’s?
Annick Jehaes en Karen Van den Broeck, beiden coaches bij
Human Results (www.humanresults.be) ontwikkelden deze
eenvoudige tool. Door zelfreflectie krijgen medewerkers zicht
op hun werk. Ook voor loopbaancoaches, HR-medewerkers,
leidinggevenden, vertrouwenspersonen en preventieadviseurs
psychosociale aspecten is Mijn Werkbalans bruikbaar
in gesprekken. De tool helpt om het werk in beeld te
brengen en van hieruit keuzes te maken en acties te bepalen
die het welzijn van de medewerker bevorderen.
Mijn werkbalans deed me in de begeleiding nadenken over mijn
huidige job en gaf duidelijkheid. Ik was verwonderd hoeveel
groene kaartjes ik kon plaatsen, terwijl mijn gevoel niet zo positief
was (Sander Tilkin, klant loopbaanbegeleiding).
Een verfrissende tool om alle aspecten van persoonlijk functioneren
en de samenwerking in mijn team bespreekbaar te maken.
Medewerkers komen via deze methode tot een mooie manier
van zelfreflectie (Ann Jacobs, afdelingshoofd PVT De Passer,
vzw Asster).
Annick Jehaes en Karen Van den Broeck zijn beiden coaches bij Human Results (www.humanresults.be)

Gids op maatschappelijk gebied. Jrg 108 (2017) – Nr. 8
De gids biedt op maandelijkse basis originele en kritische analyses. Het kijkt met een sociale bril naar werk, gezondheidszorg, politiek en samenleving.

Gids op maatschappelijk gebied. Jrg 108 (2017) – Nr. 8
De gids biedt op maandelijkse basis originele en kritische analyses. Het kijkt met een sociale bril naar werk, gezondheidszorg, politiek en samenleving.

Ruimte & Maatschappij. Vlaams-Nederlands tijdschrift voor ruimtelijke vraagstukken – Jrg. 9 (2017-2018) – Nr. 1
Blikopener:
Of waarom er niet snel een betonstop komt
Pascal De Decker
Artikel:
Pauline Adam, Yaëlle Jacobs, Dimitri Voordeckers & Hans Leinfelder Artikel:
Laura May Artikel:
Een cartooneske blik op het Uplace-debat
Thomas Vanoutrive

Ruimte & Maatschappij. Vlaams-Nederlands tijdschrift voor ruimtelijke vraagstukken – Jrg. 9 (2017-2018) – Nr. 1
Blikopener:
Of waarom er niet snel een betonstop komt
Pascal De Decker
Artikel:
Pauline Adam, Yaëlle Jacobs, Dimitri Voordeckers & Hans Leinfelder Artikel:
Laura May Artikel:
Een cartooneske blik op het Uplace-debat
Thomas Vanoutrive

Toekomst van de rapportering over niet-financiële informatie,ICCI 2017-1
Onderhavig boek behandelt de toekomst van de rapportering over niet-financiële informatie. Op
22 oktober 2014 namen het Europees Parlement en de Raad richtlijn 2014/95/EU met betrekking
tot de bekendmaking van niet-financiële informatie en informatie inzake diversiteit door bepaalde
ondernemingen en groepen aan. De omzetting gebeurde met de wet van 3 september 2017. Een verklaring
van niet-financiële informatie (NFI) moet worden opgesteld door een organisatie van openbaar belang
die meer dan 500 werknemers tewerkstelt en meer dan 17.000.000 EUR balanstotaal of een omzet van
meer dan 34.000.000 EUR heeft.
De commissaris gaat na of deze verklaring daadwerkelijk is opgemaakt en opgenomen in het jaarverslag
of in een afzonderlijk verslag en of de niet-financiële informatie al dan niet in overeenstemming is met de
jaarrekening.
De Global Reporting Initiative (GRI) en de International Integrated Reporting Council (IIRC) vormen
de belangrijkste internationale standaardsetters qua NFI-rapportering. De NFI-rapportering is een
belangrijk instrument van communicatie inzake maatschappelijk verantwoord ondernemen, dat ook aan
bod komt in de visie van de financiële analisten als NFI-gebruikers. Onderhavig boek sluit af met de
Awards for Best Belgian Sustainability Reports die sinds 1998 door het Instituut van de Bedrijfsrevisoren
worden georganiseerd.
Le présent ouvrage traite du futur du reporting concernant l’information non financière. Le Parlement européen
et le Conseil ont adopté, en date du 22 octobre 2014, la directive 2014/95/UE en ce qui concerne la publication
d’informations non financières et d’informations relatives à la diversité par certaines grandes entreprises et
certains groupes. La transposition ne fut faite qu’avec la loi du 3 septembre 2017. Une déclaration d’information
non financière (INF) devra être établie par une entité d’intérêt public qui occupe plus de 500 salariés et a un
bilan total de plus de 17.000.000 d’euros ou réalise un chiffre d’affaires de plus de 34.000.000 d’euros.
Le commissaire vérifie si celle-ci a effectivement été établie et reprise dans le rapport de gestion ou dans un
rapport distinct et si les informations non financières concordent ou non avec les comptes annuels.
La Global Reporting Initiative (GRI) et l’International Integrated Reporting Council (IIRC) constituent
les principaux organismes normatifs internationaux de reporting INF. Ce reporting INF est un instrument
important de communication en matière de responsabilité sociétale des entreprises, lequel est également
abordé dans la vision des analystes financiers comme utilisateurs INF. Le présent ouvrage se conclut par les
Awards for Best Belgian Sustainability Reports qui sont organisés par l’Institut des Réviseurs d’Entreprises
depuis 1998.

Toekomst van de rapportering over niet-financiële informatie,ICCI 2017-1
Onderhavig boek behandelt de toekomst van de rapportering over niet-financiële informatie. Op
22 oktober 2014 namen het Europees Parlement en de Raad richtlijn 2014/95/EU met betrekking
tot de bekendmaking van niet-financiële informatie en informatie inzake diversiteit door bepaalde
ondernemingen en groepen aan. De omzetting gebeurde met de wet van 3 september 2017. Een verklaring
van niet-financiële informatie (NFI) moet worden opgesteld door een organisatie van openbaar belang
die meer dan 500 werknemers tewerkstelt en meer dan 17.000.000 EUR balanstotaal of een omzet van
meer dan 34.000.000 EUR heeft.
De commissaris gaat na of deze verklaring daadwerkelijk is opgemaakt en opgenomen in het jaarverslag
of in een afzonderlijk verslag en of de niet-financiële informatie al dan niet in overeenstemming is met de
jaarrekening.
De Global Reporting Initiative (GRI) en de International Integrated Reporting Council (IIRC) vormen
de belangrijkste internationale standaardsetters qua NFI-rapportering. De NFI-rapportering is een
belangrijk instrument van communicatie inzake maatschappelijk verantwoord ondernemen, dat ook aan
bod komt in de visie van de financiële analisten als NFI-gebruikers. Onderhavig boek sluit af met de
Awards for Best Belgian Sustainability Reports die sinds 1998 door het Instituut van de Bedrijfsrevisoren
worden georganiseerd.
Le présent ouvrage traite du futur du reporting concernant l’information non financière. Le Parlement européen
et le Conseil ont adopté, en date du 22 octobre 2014, la directive 2014/95/UE en ce qui concerne la publication
d’informations non financières et d’informations relatives à la diversité par certaines grandes entreprises et
certains groupes. La transposition ne fut faite qu’avec la loi du 3 septembre 2017. Une déclaration d’information
non financière (INF) devra être établie par une entité d’intérêt public qui occupe plus de 500 salariés et a un
bilan total de plus de 17.000.000 d’euros ou réalise un chiffre d’affaires de plus de 34.000.000 d’euros.
Le commissaire vérifie si celle-ci a effectivement été établie et reprise dans le rapport de gestion ou dans un
rapport distinct et si les informations non financières concordent ou non avec les comptes annuels.
La Global Reporting Initiative (GRI) et l’International Integrated Reporting Council (IIRC) constituent
les principaux organismes normatifs internationaux de reporting INF. Ce reporting INF est un instrument
important de communication en matière de responsabilité sociétale des entreprises, lequel est également
abordé dans la vision des analystes financiers comme utilisateurs INF. Le présent ouvrage se conclut par les
Awards for Best Belgian Sustainability Reports qui sont organisés par l’Institut des Réviseurs d’Entreprises
depuis 1998.

Zacht Lawijd (ZL) – Literair-historisch tijdschrift. Jrg. 16 (2017) – nr. 3
Literair-historisch tijdschrift met aandacht voor de negentiende- en twintigste-eeuwse literatuur in Vlaanderen en Nederland. <!--
-->

Zacht Lawijd (ZL) – Literair-historisch tijdschrift. Jrg. 16 (2017) – nr. 3
Literair-historisch tijdschrift met aandacht voor de negentiende- en twintigste-eeuwse literatuur in Vlaanderen en Nederland. <!--
-->
Fiscale Procedure,Reeks BBB.Nr 34
Het handboek Fiscale Procedure beoogt voor iedere fiscale en boekhoudkundige
professional een praktische en heldere leidraad te zijn.
De talrijke verwijzingen naar rechtspraak en rechtsleer, alsook de uitgebreide
trefwoordenlijst en voorbeeldformulieren, dragen daartoe bij.
De lezer wordt op een gestructureerde manier geleid door de verschillende stappen
van de fiscale procedure die als eindbestemming heeft: een correcte belastingheffing.
Allereerst gaat het boek in op de aangifte, die binnen welbepaalde onderzoekstermijnen
door de administratie kan worden onderzocht, gebruik makende van de haar
toegekende bevoegdheden. Daarna wordt nagegaan wie de bewijslast draagt en hoe
de administratie verder met de belastingplichtige moet communiceren wanneer zij
het niet eens is met zijn aangifte of wanneer de belastingplichtige gewoonweg niet
thuis geeft. Tot slot wordt de aanslagprocedure uitgebreid behandeld. Dit samen met
de verweermogelijkheden waarover de belastingplichtige beschikt wanneer hij de
rekening betwist die hij gepresenteerd kreeg door de administratie.
Frank Vanbiervliet is vennoot bij het advocatenkantoor Laga. Hij is docent fiscale
procedure bij diverse onderwijsinstellingen en beroepsinstanties.
Annick Visschers is eveneens vennoot bij het advocatenkantoor Laga, waar zij aan
het hoofd staat van het “tax controversy”-team.
Fiscale Procedure,Reeks BBB.Nr 34
Het handboek Fiscale Procedure beoogt voor iedere fiscale en boekhoudkundige
professional een praktische en heldere leidraad te zijn.
De talrijke verwijzingen naar rechtspraak en rechtsleer, alsook de uitgebreide
trefwoordenlijst en voorbeeldformulieren, dragen daartoe bij.
De lezer wordt op een gestructureerde manier geleid door de verschillende stappen
van de fiscale procedure die als eindbestemming heeft: een correcte belastingheffing.
Allereerst gaat het boek in op de aangifte, die binnen welbepaalde onderzoekstermijnen
door de administratie kan worden onderzocht, gebruik makende van de haar
toegekende bevoegdheden. Daarna wordt nagegaan wie de bewijslast draagt en hoe
de administratie verder met de belastingplichtige moet communiceren wanneer zij
het niet eens is met zijn aangifte of wanneer de belastingplichtige gewoonweg niet
thuis geeft. Tot slot wordt de aanslagprocedure uitgebreid behandeld. Dit samen met
de verweermogelijkheden waarover de belastingplichtige beschikt wanneer hij de
rekening betwist die hij gepresenteerd kreeg door de administratie.
Frank Vanbiervliet is vennoot bij het advocatenkantoor Laga. Hij is docent fiscale
procedure bij diverse onderwijsinstellingen en beroepsinstanties.
Annick Visschers is eveneens vennoot bij het advocatenkantoor Laga, waar zij aan
het hoofd staat van het “tax controversy”-team.
