Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Beter beleggen in 6 praktische stappen. De kern-satellietbenadering

 24,90
Een van de opwindendste nieuwe concepten in de financiële economie van institutionele en professionele beleggers is ongetwijfeld de kern-satellietbenadering. Deze benadering gaat ervan uit dat de kern indexfondsen bevat die diverse aandelen- en obligatie-indexen volgen en de satellieten uit markten worden gekozen die een hoger prospectief rendement beloven. De kern wordt zo stabiel mogelijk gehouden, de satellieten kunnen naargelang van markt-kennis en -evolutie aanleiding worden verwisseld.

Dit boek geeft aan hoe een belegger een goede keuze maakt in het opstellen van de kern en het kiezen van de satellieten. Stap voor stap stelt de belegger een noodzakelijk risicoprofiel op en draagt hij een stuk marktcontrole over.

De auteur staat ook stil bij het verwerven van inzicht in de marktprocessen. Veel beleggers die in de financiële markten stappen, kennen de onderliggende marktmechanismen immers niet. Zo luidt een stelling dat aandelen het op lange termijn beter doen dan obligaties. Vraag is natuurlijk hoe lang die lange termijn is: tien jaar? Twintig of dertig jaar...?

Kennis van de aangeboden financiële producten is essentieel. Het is de bedoeling dat beleggers nieuwe beleggingsproducten ook vanuit de kern-satellietbenadering pro-actief benaderen. Concreet: is het product intrinsiek interessant en past het in mijn portefeuille? Van financiële producten worden in het bijzonder de positieve elementen benadrukt. Het boek helpt beleggers hier klaarder in te zien.

Thierry Debels is licentiaat Toegepaste Economische Wetenschappen (financiering). Hij werkte als beleggingsadviseur hij ING België en als wetenschappelijk medewerker hij de Money & Finance Research Group van de VUB. Sinds 1998 schrijft hij beursartikelen voor kranten en tijdschriften en geeft lezingen over de financiële markten en over behavioral finance. Van Debels verscheen eerder bij Garant-Uitgevers De belegger ont(k)leed en Behavioral finance.

Quick View

Beter beleggen in 6 praktische stappen. De kern-satellietbenadering

 24,90
Een van de opwindendste nieuwe concepten in de financiële economie van institutionele en professionele beleggers is ongetwijfeld de kern-satellietbenadering. Deze benadering gaat ervan uit dat de kern indexfondsen bevat die diverse aandelen- en obligatie-indexen volgen en de satellieten uit markten worden gekozen die een hoger prospectief rendement beloven. De kern wordt zo stabiel mogelijk gehouden, de satellieten kunnen naargelang van markt-kennis en -evolutie aanleiding worden verwisseld.

Dit boek geeft aan hoe een belegger een goede keuze maakt in het opstellen van de kern en het kiezen van de satellieten. Stap voor stap stelt de belegger een noodzakelijk risicoprofiel op en draagt hij een stuk marktcontrole over.

De auteur staat ook stil bij het verwerven van inzicht in de marktprocessen. Veel beleggers die in de financiële markten stappen, kennen de onderliggende marktmechanismen immers niet. Zo luidt een stelling dat aandelen het op lange termijn beter doen dan obligaties. Vraag is natuurlijk hoe lang die lange termijn is: tien jaar? Twintig of dertig jaar...?

Kennis van de aangeboden financiële producten is essentieel. Het is de bedoeling dat beleggers nieuwe beleggingsproducten ook vanuit de kern-satellietbenadering pro-actief benaderen. Concreet: is het product intrinsiek interessant en past het in mijn portefeuille? Van financiële producten worden in het bijzonder de positieve elementen benadrukt. Het boek helpt beleggers hier klaarder in te zien.

Thierry Debels is licentiaat Toegepaste Economische Wetenschappen (financiering). Hij werkte als beleggingsadviseur hij ING België en als wetenschappelijk medewerker hij de Money & Finance Research Group van de VUB. Sinds 1998 schrijft hij beursartikelen voor kranten en tijdschriften en geeft lezingen over de financiële markten en over behavioral finance. Van Debels verscheen eerder bij Garant-Uitgevers De belegger ont(k)leed en Behavioral finance.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Communicatiekwesties bij Autisme en Syndroom van Asperger. Spreken we dezelfde taal? (Fontys-OSO-Reeks, nr. 23)

 32,90
In dit boek onderzoekt Olga Bogdashina het effect van verschillende manieren van waarnemen en leren op de ontwikkeling van communicatie en taal bij kinderen met autisme. Ze beoogt hiermee een theoretische basis te ontwerpen om stoornissen bij communicatie en taal bij autisme te begrijpen. Ze benadrukt hoe belangrijk het is om bij ieder individueel persoon met autisme de aard van de nonverbale signalen te onderkennen, met als oogmerk tot een gedeelde manier van verbale communicatie te komen.
Zij geeft een verklaring waarom een bepaalde benadering alleen maar werkt bij sommige kinderen met autisme en niet bij andere.

De onderdelen van het boek, die zij de naam ''Wat zij zeggen'' heeft gegeven, maken het de lezer mogelijk om door de ogen van personen met autisme te kijken en daarmee van binnenuit de verschillen in ''taal'' (direct) te ervaren.
De onderdelen met de naam ''Wat-kunnen-wij-doen-om-te-helpen'', geven praktische aanwijzingen om personen met autisme te helpen hun eigen geaardheid te gebruiken bij het leren en het ontwikkelen van hun sociale en communicatieve vaardigheden.

De afsluitende hoofdstukken zijn gewijd aan beoordelings- en interventiemethodieken en bevatten praktische aanbevelingen voor het kiezen van geschikte methoden en technieken om de communicatie te verbeteren. Dit alles gebaseerd op de specifieke wijze van communicatie die typerend is voor de persoon met autisme.

Om met succes les te geven aan kinderen met autisme, moeten we hun cultuur begrijpen, evenals de sterke en zwakke kanten die daarmee samenhangen. Het moet ons doel zijn om over hun ervaringen te leren om gedeelde concepten te krijgen en om gedeelde systemen en middelen te creëren, waardoor communicatie mogelijk wordt. Hoe meer gedeelde informatie en ervaringen we hebben, des te eenvoudiger wordt de communicatie.

Eerder verscheen in deze reeks van Olga Bogdashina: Waarneming en zintuiglijke ervaringen bij mensen met Autisme en Aspergersyndroom.

Deze uitgave is een samenwerking van Fontys OSO, Tilburg en Opleidingscentrum Autisme, Antwerpen.

Olga Bogdashina is directeur van het Dag-centrum voor kinderen met autisme in Gorlovka.

Quick View

Communicatiekwesties bij Autisme en Syndroom van Asperger. Spreken we dezelfde taal? (Fontys-OSO-Reeks, nr. 23)

 32,90
In dit boek onderzoekt Olga Bogdashina het effect van verschillende manieren van waarnemen en leren op de ontwikkeling van communicatie en taal bij kinderen met autisme. Ze beoogt hiermee een theoretische basis te ontwerpen om stoornissen bij communicatie en taal bij autisme te begrijpen. Ze benadrukt hoe belangrijk het is om bij ieder individueel persoon met autisme de aard van de nonverbale signalen te onderkennen, met als oogmerk tot een gedeelde manier van verbale communicatie te komen.
Zij geeft een verklaring waarom een bepaalde benadering alleen maar werkt bij sommige kinderen met autisme en niet bij andere.

De onderdelen van het boek, die zij de naam ''Wat zij zeggen'' heeft gegeven, maken het de lezer mogelijk om door de ogen van personen met autisme te kijken en daarmee van binnenuit de verschillen in ''taal'' (direct) te ervaren.
De onderdelen met de naam ''Wat-kunnen-wij-doen-om-te-helpen'', geven praktische aanwijzingen om personen met autisme te helpen hun eigen geaardheid te gebruiken bij het leren en het ontwikkelen van hun sociale en communicatieve vaardigheden.

De afsluitende hoofdstukken zijn gewijd aan beoordelings- en interventiemethodieken en bevatten praktische aanbevelingen voor het kiezen van geschikte methoden en technieken om de communicatie te verbeteren. Dit alles gebaseerd op de specifieke wijze van communicatie die typerend is voor de persoon met autisme.

Om met succes les te geven aan kinderen met autisme, moeten we hun cultuur begrijpen, evenals de sterke en zwakke kanten die daarmee samenhangen. Het moet ons doel zijn om over hun ervaringen te leren om gedeelde concepten te krijgen en om gedeelde systemen en middelen te creëren, waardoor communicatie mogelijk wordt. Hoe meer gedeelde informatie en ervaringen we hebben, des te eenvoudiger wordt de communicatie.

Eerder verscheen in deze reeks van Olga Bogdashina: Waarneming en zintuiglijke ervaringen bij mensen met Autisme en Aspergersyndroom.

Deze uitgave is een samenwerking van Fontys OSO, Tilburg en Opleidingscentrum Autisme, Antwerpen.

Olga Bogdashina is directeur van het Dag-centrum voor kinderen met autisme in Gorlovka.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Dyslexie. Zorg van ons allemaal (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 14)

 16,40
Het Masterplan Dyslexie heeft een werkelijke ontwikkeling op gang gebracht voor de verbetering van het onderwijs aan leerlingen en studenten met dyslexie. Aan de hand van protocollen kunnen scholen nu vormgeven aan de aanpak van dyslexie.
In de toekomst mag het geen verschil meer maken op welke school de leerling/student zit, in welke regio hij woont, welke leeskliniek hem behandelt, hoeveel geld er in hem wordt gestoken om hem zo ver mogelijk te krijgen in het leren lezen en spellen. Dat droombeeld komt almaar dichterbij als op de scholen professionals aanwezig zijn die vertrouwen hebben in de mogelijkheden van een deskundige behandeling van dyslexie. Dit boek biedt informatie voor deze professionals-in-wording: leerkrachten, begeleiders, hulpverleners,…\

De auteurs zijn allen betrokken bij projecten van de Hogeschool Fontys-OSO in Tilburg en/ of Hogeschool Windesheim-OSO in Zwolle.


Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
Quick View

Dyslexie. Zorg van ons allemaal (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 14)

 16,40
Het Masterplan Dyslexie heeft een werkelijke ontwikkeling op gang gebracht voor de verbetering van het onderwijs aan leerlingen en studenten met dyslexie. Aan de hand van protocollen kunnen scholen nu vormgeven aan de aanpak van dyslexie.
In de toekomst mag het geen verschil meer maken op welke school de leerling/student zit, in welke regio hij woont, welke leeskliniek hem behandelt, hoeveel geld er in hem wordt gestoken om hem zo ver mogelijk te krijgen in het leren lezen en spellen. Dat droombeeld komt almaar dichterbij als op de scholen professionals aanwezig zijn die vertrouwen hebben in de mogelijkheden van een deskundige behandeling van dyslexie. Dit boek biedt informatie voor deze professionals-in-wording: leerkrachten, begeleiders, hulpverleners,…\

De auteurs zijn allen betrokken bij projecten van de Hogeschool Fontys-OSO in Tilburg en/ of Hogeschool Windesheim-OSO in Zwolle.


Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Kinderen en jongeren met overgewicht. Werkboek voor adolescenten

 19,90
Deze publicatie is een werkboek voor adolescenten. Het maakt deel uit van Kinderen en jongeren met overgewicht. Er is een afzonderlijk uitgegeven Handleiding voor begeleiders, bedoeld voor psychologen, diëtisten, artsen, kinesisten, licentiaten lichamelijke opvoeding, sociaal verpleegkundigen, paramedici... die jongeren (en hun ouders) willen helpen controle te krijgen over hun eetgedrag en levensstijl om zo tot een betere beheersing van hun overgewichtsprobleem te komen.

In de handleiding staan er vier draaiboeken (ook protocollen of trainingen genoemd) die daarbij een hulp kunnen zijn: een training voor de ouders van kinderen met overgewicht, een kindtraining, een training voor adolescenten en een apart protocol met bewegingsoefeningen. Bij de handleiding horen drie werkboeken. Dit is er één van.

Kinderen en jongeren met overgewicht is samengesteld door een team van experts en berust op hun jarenlange ervaring. Evaluatie door universitaire medewerkers toont aan dat er goede resultaten te verwachten zijn, op voorwaarde dat het beschreven protocol goed wordt gevolgd onder deskundige begeleiding.


Caroline Braet , doctor in de psychologie, klinisch psycholoog, gedragstherapeut en hoofddocent aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen. Naast onderwijsopdrachten op het domein van de ontwikkelingspsychopathologie doet zij in het bijzonder onderzoek over het ontstaan van kinderobesitas, de behandeling ervan en de gerelateerde problemen bij overgewicht bij kinderen. In dit verband is ze ook consulent op de polikliniek van de Pediatrie van het Universitair Ziekenhuis Gent en in het Medisch-Pediatrisch Centrum in De Haan. Ze schreef meer dan 100 artikelen en hoofdstukken in boeken over obesitas bij kinderen.

Ann Tanghe is klinisch psychologe en erkend gedragstherapeute. Ze werkt in het Medisch Pediatrisch Centrum Zeepreventorium in De Haan, waar ze sinds 1994 kinderen en jongeren met extreem overgewicht residentieel begeleidt.

Quick View

Kinderen en jongeren met overgewicht. Werkboek voor adolescenten

 19,90
Deze publicatie is een werkboek voor adolescenten. Het maakt deel uit van Kinderen en jongeren met overgewicht. Er is een afzonderlijk uitgegeven Handleiding voor begeleiders, bedoeld voor psychologen, diëtisten, artsen, kinesisten, licentiaten lichamelijke opvoeding, sociaal verpleegkundigen, paramedici... die jongeren (en hun ouders) willen helpen controle te krijgen over hun eetgedrag en levensstijl om zo tot een betere beheersing van hun overgewichtsprobleem te komen.

In de handleiding staan er vier draaiboeken (ook protocollen of trainingen genoemd) die daarbij een hulp kunnen zijn: een training voor de ouders van kinderen met overgewicht, een kindtraining, een training voor adolescenten en een apart protocol met bewegingsoefeningen. Bij de handleiding horen drie werkboeken. Dit is er één van.

Kinderen en jongeren met overgewicht is samengesteld door een team van experts en berust op hun jarenlange ervaring. Evaluatie door universitaire medewerkers toont aan dat er goede resultaten te verwachten zijn, op voorwaarde dat het beschreven protocol goed wordt gevolgd onder deskundige begeleiding.


Caroline Braet , doctor in de psychologie, klinisch psycholoog, gedragstherapeut en hoofddocent aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen. Naast onderwijsopdrachten op het domein van de ontwikkelingspsychopathologie doet zij in het bijzonder onderzoek over het ontstaan van kinderobesitas, de behandeling ervan en de gerelateerde problemen bij overgewicht bij kinderen. In dit verband is ze ook consulent op de polikliniek van de Pediatrie van het Universitair Ziekenhuis Gent en in het Medisch-Pediatrisch Centrum in De Haan. Ze schreef meer dan 100 artikelen en hoofdstukken in boeken over obesitas bij kinderen.

Ann Tanghe is klinisch psychologe en erkend gedragstherapeute. Ze werkt in het Medisch Pediatrisch Centrum Zeepreventorium in De Haan, waar ze sinds 1994 kinderen en jongeren met extreem overgewicht residentieel begeleidt.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Kinderen en jongeren met overgewicht. Werkboek voor ouders

 19,00
Deze publicatie is een werkboek voor ouders. Het maakt deel uit van Kinderen en jongeren met overgewicht. Er is een afzonderlijk uitgegeven Handleiding voor begeleiders, bedoeld voor psychologen, diëtisten, artsen, kinesisten, licentiaten lichamelijke opvoeding, sociaal verpleegkundigen, paramedici... die jongeren (en hun ouders) willen helpen controle te krijgen over hun eetgedrag en levensstijl om zo tot een betere beheersing van hun overgewichtsprobleem te komen.

In de handleiding staan er vier draaiboeken (ook protocollen of trainingen genoemd) die daarbij een hulp kunnen zijn: een training voor de ouders van kinderen met overgewicht, een kindtraining, een training voor adolescenten en een apart protocol met bewegingsoefeningen. Bij de handleiding horen drie werkboeken. Dit is er één van.

Kinderen en jongeren met overgewicht is samengesteld door een team van experts en berust op hun jarenlange ervaring. Evaluatie door universitaire medewerkers toont aan dat er goede resultaten te verwachten zijn, op voorwaarde dat het beschreven protocol goed wordt gevolgd onder deskundige begeleiding.

Caroline Braet, doctor in de psychologie, klinisch psycholoog, gedragstherapeut en hoofddocent aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen. Naast onderwijsopdrachten op het domein van de ontwikkelingspsychopathologie doet zij in het bijzonder onderzoek over het ontstaan van kinderobesitas, de behandeling ervan en de gerelateerde problemen bij overgewicht bij kinderen. In dit verband is ze ook consulent op de polikliniek van de Pediatrie van het Universitair Ziekenhuis Gent en in het Medisch-Pediatrisch Centrum in De Haan. Ze schreef meer dan 100 artikelen en hoofdstukken in boeken over obesitas bij kinderen.

Ellen Moens, klinische psychologe, is assistente aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen, Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie. Daarnaast is zij verbonden aan het jeugdobesitasteam van het Universitair Ziekenhuis Gent en is ze werkzaam binnen het Universitair Psychologisch Centrum Kind en Adolescent.

Lien Joossens, voedingsdeskundige-diëtiste, heeft een zelfstandige diëtistenpraktijk in Brugge. Na opleidingen Kindvriendelijke consultaties en Gedragstherapeutische vaardigheden voor de diëtist specialiseerde ze zich in de begeleiding van kinderen met overgewicht en jongeren met eetproblemen.

Ann Tanghe is klinisch psychologe en erkend gedragstherapeute. Ze werkt in het Medisch Pediatrisch Centrum Zeepreventorium in De Haan, waar ze sinds 1994 kinderen en jongeren met extreem overgewicht residentieel begeleidt.

Quick View

Kinderen en jongeren met overgewicht. Werkboek voor ouders

 19,00
Deze publicatie is een werkboek voor ouders. Het maakt deel uit van Kinderen en jongeren met overgewicht. Er is een afzonderlijk uitgegeven Handleiding voor begeleiders, bedoeld voor psychologen, diëtisten, artsen, kinesisten, licentiaten lichamelijke opvoeding, sociaal verpleegkundigen, paramedici... die jongeren (en hun ouders) willen helpen controle te krijgen over hun eetgedrag en levensstijl om zo tot een betere beheersing van hun overgewichtsprobleem te komen.

In de handleiding staan er vier draaiboeken (ook protocollen of trainingen genoemd) die daarbij een hulp kunnen zijn: een training voor de ouders van kinderen met overgewicht, een kindtraining, een training voor adolescenten en een apart protocol met bewegingsoefeningen. Bij de handleiding horen drie werkboeken. Dit is er één van.

Kinderen en jongeren met overgewicht is samengesteld door een team van experts en berust op hun jarenlange ervaring. Evaluatie door universitaire medewerkers toont aan dat er goede resultaten te verwachten zijn, op voorwaarde dat het beschreven protocol goed wordt gevolgd onder deskundige begeleiding.

Caroline Braet, doctor in de psychologie, klinisch psycholoog, gedragstherapeut en hoofddocent aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen. Naast onderwijsopdrachten op het domein van de ontwikkelingspsychopathologie doet zij in het bijzonder onderzoek over het ontstaan van kinderobesitas, de behandeling ervan en de gerelateerde problemen bij overgewicht bij kinderen. In dit verband is ze ook consulent op de polikliniek van de Pediatrie van het Universitair Ziekenhuis Gent en in het Medisch-Pediatrisch Centrum in De Haan. Ze schreef meer dan 100 artikelen en hoofdstukken in boeken over obesitas bij kinderen.

Ellen Moens, klinische psychologe, is assistente aan de Universiteit Gent, Faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen, Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie. Daarnaast is zij verbonden aan het jeugdobesitasteam van het Universitair Ziekenhuis Gent en is ze werkzaam binnen het Universitair Psychologisch Centrum Kind en Adolescent.

Lien Joossens, voedingsdeskundige-diëtiste, heeft een zelfstandige diëtistenpraktijk in Brugge. Na opleidingen Kindvriendelijke consultaties en Gedragstherapeutische vaardigheden voor de diëtist specialiseerde ze zich in de begeleiding van kinderen met overgewicht en jongeren met eetproblemen.

Ann Tanghe is klinisch psychologe en erkend gedragstherapeute. Ze werkt in het Medisch Pediatrisch Centrum Zeepreventorium in De Haan, waar ze sinds 1994 kinderen en jongeren met extreem overgewicht residentieel begeleidt.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Kinderen en jongeren met overgewicht – Handleiding voor begeleiders

 32,00
Steeds meer kinderen hebben te kampen met gewichtsproblemen. Overgewicht kan de gezondheid ernstig schaden. De zoektocht naar geschikte behandelingen heeft tot hiertoe veel ontgoochelingen opgeleverd. Het ziet er dan ook steeds meer naar uit dat een aangepaste levensstijl de enige weg is om overgewicht in te dijken.
Deze publicatie is erop gericht kinderen en jongeren te helpen om een strakkere controle over hun levensstijl te krijgen en zo hun overgewichtprobleem beter te beheersen. Vanzelfsprekend moeten hierbij de ouders worden betrokken. Het geheel bestaat uit vier verschillende trainingen: ouder-, kinder-, adolescenten- en bewegingsprogramma. Ze bevatten pyschologische en pedagogische componenten, voedings- en bewegings- en andere adviezen enz. De opeenvolgende stappen worden zorgvuldig toegelicht.
Nagenoeg 1000 jongeren hebben ondertussen deze programma’s gevolgd. Hiermee hebben zij de basis gelegd voor het huidige concept. Evaluatie heeft de aanzet gevormd tot evidence-based werken. Het programma is samengesteld door een team van experten en berust op hun jarenlange ervaring. Het is een efficiënt werkinstrument in handen van artsen, psychologen, diëtisten en vele andere paramedici.
Voor elke doelgroep zijn er aparte Werkboeken.

Caroline Braet doceert aan de Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen van de Universiteit Gent. Lien Joossens leidt een diëtistenpraktijk in Brugge. Ellen Moens, Saskia Mels en Benedicte Deforche zijn allen betrokken bij de obesitaswerking van UZ Gent. Ann Tanghe is verbonden aan het Zeepreventorium in De Haan.

Quick View

Kinderen en jongeren met overgewicht – Handleiding voor begeleiders

 32,00
Steeds meer kinderen hebben te kampen met gewichtsproblemen. Overgewicht kan de gezondheid ernstig schaden. De zoektocht naar geschikte behandelingen heeft tot hiertoe veel ontgoochelingen opgeleverd. Het ziet er dan ook steeds meer naar uit dat een aangepaste levensstijl de enige weg is om overgewicht in te dijken.
Deze publicatie is erop gericht kinderen en jongeren te helpen om een strakkere controle over hun levensstijl te krijgen en zo hun overgewichtprobleem beter te beheersen. Vanzelfsprekend moeten hierbij de ouders worden betrokken. Het geheel bestaat uit vier verschillende trainingen: ouder-, kinder-, adolescenten- en bewegingsprogramma. Ze bevatten pyschologische en pedagogische componenten, voedings- en bewegings- en andere adviezen enz. De opeenvolgende stappen worden zorgvuldig toegelicht.
Nagenoeg 1000 jongeren hebben ondertussen deze programma’s gevolgd. Hiermee hebben zij de basis gelegd voor het huidige concept. Evaluatie heeft de aanzet gevormd tot evidence-based werken. Het programma is samengesteld door een team van experten en berust op hun jarenlange ervaring. Het is een efficiënt werkinstrument in handen van artsen, psychologen, diëtisten en vele andere paramedici.
Voor elke doelgroep zijn er aparte Werkboeken.

Caroline Braet doceert aan de Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen van de Universiteit Gent. Lien Joossens leidt een diëtistenpraktijk in Brugge. Ellen Moens, Saskia Mels en Benedicte Deforche zijn allen betrokken bij de obesitaswerking van UZ Gent. Ann Tanghe is verbonden aan het Zeepreventorium in De Haan.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Meesterlijk: Inspirerende essenties van leren (Windesheim OSO-Boeken, nr. 5)

 15,00
Elk kind leert anders. Dit boek laat zien hoe kinderen leren en hoe het onderwijs kan bijdragen aan dat leerproces. Naast het belang van actief leren wordt ook kwalitatief leren belicht. Welke impact heeft dat op de organisatie van het onderwijs? Zo lijkt het belangrijker de diepgang van de leerstof te benadrukken, veeleer dan het afwerken ervan. Pas dan slaag je erin een spannende leeromgeving te creëren en wordt leren niet alleen boeiend maar ook leuk. Merkwaardig is tevens hoe kinderen zelf hun eigen weg kiezen en zelf bepalen wat hen aanspreekt. De rol van de leerkracht verandert in deze krachtige leeromgeving. Onderwijzen zal in de eerste plaats gericht zijn op het actief betrekken van leerlingen in een leerproces. Zo wordt de leerling eigenaar van het leerproces. De auteurs gaan in op zes inspirerende essenties van leren: je hersenen leren gebruiken, minder is meer, leren betekenis maken, de leerling leert, elke leerling leert anders, overal kun je leren. Ze worden belicht vanuit de dagelijkse onderwijspraktijk .

Marie-Jeanne Meijer, Koosje Arnoldussen, Bas van der Bruggen, Lonny Fennis, Marianne Frouws, Henk Logtenberg en Bram Guijt zijn verbonden aan Windesheim-OSO in Zwolle.m

Quick View

Meesterlijk: Inspirerende essenties van leren (Windesheim OSO-Boeken, nr. 5)

 15,00
Elk kind leert anders. Dit boek laat zien hoe kinderen leren en hoe het onderwijs kan bijdragen aan dat leerproces. Naast het belang van actief leren wordt ook kwalitatief leren belicht. Welke impact heeft dat op de organisatie van het onderwijs? Zo lijkt het belangrijker de diepgang van de leerstof te benadrukken, veeleer dan het afwerken ervan. Pas dan slaag je erin een spannende leeromgeving te creëren en wordt leren niet alleen boeiend maar ook leuk. Merkwaardig is tevens hoe kinderen zelf hun eigen weg kiezen en zelf bepalen wat hen aanspreekt. De rol van de leerkracht verandert in deze krachtige leeromgeving. Onderwijzen zal in de eerste plaats gericht zijn op het actief betrekken van leerlingen in een leerproces. Zo wordt de leerling eigenaar van het leerproces. De auteurs gaan in op zes inspirerende essenties van leren: je hersenen leren gebruiken, minder is meer, leren betekenis maken, de leerling leert, elke leerling leert anders, overal kun je leren. Ze worden belicht vanuit de dagelijkse onderwijspraktijk .

Marie-Jeanne Meijer, Koosje Arnoldussen, Bas van der Bruggen, Lonny Fennis, Marianne Frouws, Henk Logtenberg en Bram Guijt zijn verbonden aan Windesheim-OSO in Zwolle.m

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Autisme in het voortgezet onderwijs (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 13)

 13,10
Over autisme is lange tijd heel ingewikkeld gedaan. Dat is begrijpelijk, want de wereld van mensen – kinderen – met autisme lijkt er heel anders uit te zien. Leraar, zorgcoördinator, schoolleider,…zullen vele kenmerken van leerlingen beter kunnen plaatsen naarmate zij meer afweten van autisme. In feite worden de begeleiding en het onderwijs van de leerlingen bepaald door de leerlingen die een kenmerk hebben uit het brede spectrum van autisme. Zo zal de leraar die begrijpt waarom een leerling een bepaald verdrag vertoont, minder geneigd zijn om het de leerling kwalijk te nemen en er zich minder aan storen of boos op hem worden.
Het boek geeft praktische, theoretische en ook ethische informatie omtrent de omgang met leerlingen met autisme in het voortgezet onderwijs. Vele leerlingen met autisme hebben het erg moeilijk zolang hun opvoeders en opleiders onvoldoende weten wat autisme inhoudt.

Colette de Bruin, Hilde de Clercq, Norbert Groot, Bram Guijt, Carlo Leget, Hans Nieuwenstein, Hilde Meganck en Peter van Vugt zijn allen betrokken bij de Opleiding Speciale Onderwijszorg van de Fontys-Hogescholen in Tilburg en/of Windesheim in Zwolle.


Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
Quick View

Autisme in het voortgezet onderwijs (Cahiers Speciale Onderwijszorg, nr. 13)

 13,10
Over autisme is lange tijd heel ingewikkeld gedaan. Dat is begrijpelijk, want de wereld van mensen – kinderen – met autisme lijkt er heel anders uit te zien. Leraar, zorgcoördinator, schoolleider,…zullen vele kenmerken van leerlingen beter kunnen plaatsen naarmate zij meer afweten van autisme. In feite worden de begeleiding en het onderwijs van de leerlingen bepaald door de leerlingen die een kenmerk hebben uit het brede spectrum van autisme. Zo zal de leraar die begrijpt waarom een leerling een bepaald verdrag vertoont, minder geneigd zijn om het de leerling kwalijk te nemen en er zich minder aan storen of boos op hem worden.
Het boek geeft praktische, theoretische en ook ethische informatie omtrent de omgang met leerlingen met autisme in het voortgezet onderwijs. Vele leerlingen met autisme hebben het erg moeilijk zolang hun opvoeders en opleiders onvoldoende weten wat autisme inhoudt.

Colette de Bruin, Hilde de Clercq, Norbert Groot, Bram Guijt, Carlo Leget, Hans Nieuwenstein, Hilde Meganck en Peter van Vugt zijn allen betrokken bij de Opleiding Speciale Onderwijszorg van de Fontys-Hogescholen in Tilburg en/of Windesheim in Zwolle.


Reeks Cahiers Speciale Onderwijszorg:
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Geopolitiek. Geografisch geweten van de buitenlandse politiek?

 85,00
In de Lage Landen raakte de studie van de Geopolitiek rond 1945 in een taboesfeer. Als gevolg hiervan werd de relatie tussen geografie (territorialiteit) en buitenlands beleid nog maar amper bestudeerd. Dit boek is uniek in zijn soort; het tracht de wortels van het geopolitieke denken te traceren vanaf haar oorsprong (circa 1890) tot heden. Het boek ontrafelt de verschillende dimensies van het geopolitieke denken, welke tot op vandaag in de actuele internationale be-trekkingen doorwerken.
Tijdens deze intellectuele queeste toont de auteur ook aan hoe verschil-lende `geo-politicologen'' door de tijd de toenmalige bewindsvoerders trachtten te adviseren, met wisselend succes.
Dit werk vormt daarmee ook een interessante visie op de geschiedenis `achter'' de internationale betrekkingen van de twintigste en vroeg-éénentwintigste eeuw. In het huidige tijdsgewricht van mondiale herschikkingen (opkomst Azië) en grondige wijzigingen inzake omgevingsfactoren (nakende mondiale energiecrisis, milieudegradatie), vormt dit werk een broodnodig naslag- en referentiewerk over de Geopolitiek.
Ideaal voor historici, geografen, politicologen, en voor mensen met een bredere interesse in de wereldpolitiek.

"Dit werk onderzoekt een grotendeels onbekende dimensie in de Internationale Betrekkingen, op een manier die de auteur tevens op grote hoogte plaatst in het internationale onderzoeksveld." – Prof. dr. Rik Coolsaet (hoogleraar Internationale Politiek, Universiteit Gent)

"Criekemans laat een indrukwekkende eruditie zien, heeft een vaste greep op de stof en lijkt een oorspronkelijk denker te zijn." – Em. Prof. dr. Alfred Van Staden (oud-directeur Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen, `Clingendael'' en hoogleraar te Leiden)

"Het is de meest gedegen studie van de theoretische positie van de geopolitiek die ik onder ogen heb gehad (en die mogelijk in de wereld bestaat)." – Prof. dr. Gertjan Dijkink (hoofddocent Politieke Geografie, Universiteit van Amsterdam)

David Criekemans (°1974) is doctor in de Politieke en Sociale Wetenschappen. Met dit werk over de intellectuele geschiedenis van de Geopolitiek (1890-heden) en haar verhouding tot de Internationale Betrekkingen promoveerde hij in 2005 aan de Universiteit Antwerpen. Vandaag doceert hij aan de Universiteit Antwerpen, aan de Katholieke Universiteit Brussel en aan het International Centre for Geopolitical Studies (I.C.G.S.) te Genève (Zwitserland). Sinds 2007 doceert hij tevens aan de Koninklijke Militaire School in Brussel.

Quick View

Geopolitiek. Geografisch geweten van de buitenlandse politiek?

 85,00
In de Lage Landen raakte de studie van de Geopolitiek rond 1945 in een taboesfeer. Als gevolg hiervan werd de relatie tussen geografie (territorialiteit) en buitenlands beleid nog maar amper bestudeerd. Dit boek is uniek in zijn soort; het tracht de wortels van het geopolitieke denken te traceren vanaf haar oorsprong (circa 1890) tot heden. Het boek ontrafelt de verschillende dimensies van het geopolitieke denken, welke tot op vandaag in de actuele internationale be-trekkingen doorwerken.
Tijdens deze intellectuele queeste toont de auteur ook aan hoe verschil-lende `geo-politicologen'' door de tijd de toenmalige bewindsvoerders trachtten te adviseren, met wisselend succes.
Dit werk vormt daarmee ook een interessante visie op de geschiedenis `achter'' de internationale betrekkingen van de twintigste en vroeg-éénentwintigste eeuw. In het huidige tijdsgewricht van mondiale herschikkingen (opkomst Azië) en grondige wijzigingen inzake omgevingsfactoren (nakende mondiale energiecrisis, milieudegradatie), vormt dit werk een broodnodig naslag- en referentiewerk over de Geopolitiek.
Ideaal voor historici, geografen, politicologen, en voor mensen met een bredere interesse in de wereldpolitiek.

"Dit werk onderzoekt een grotendeels onbekende dimensie in de Internationale Betrekkingen, op een manier die de auteur tevens op grote hoogte plaatst in het internationale onderzoeksveld." – Prof. dr. Rik Coolsaet (hoogleraar Internationale Politiek, Universiteit Gent)

"Criekemans laat een indrukwekkende eruditie zien, heeft een vaste greep op de stof en lijkt een oorspronkelijk denker te zijn." – Em. Prof. dr. Alfred Van Staden (oud-directeur Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen, `Clingendael'' en hoogleraar te Leiden)

"Het is de meest gedegen studie van de theoretische positie van de geopolitiek die ik onder ogen heb gehad (en die mogelijk in de wereld bestaat)." – Prof. dr. Gertjan Dijkink (hoofddocent Politieke Geografie, Universiteit van Amsterdam)

David Criekemans (°1974) is doctor in de Politieke en Sociale Wetenschappen. Met dit werk over de intellectuele geschiedenis van de Geopolitiek (1890-heden) en haar verhouding tot de Internationale Betrekkingen promoveerde hij in 2005 aan de Universiteit Antwerpen. Vandaag doceert hij aan de Universiteit Antwerpen, aan de Katholieke Universiteit Brussel en aan het International Centre for Geopolitical Studies (I.C.G.S.) te Genève (Zwitserland). Sinds 2007 doceert hij tevens aan de Koninklijke Militaire School in Brussel.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Vlaamse normering van de AVI-toets. Onderzoeksinstrument voor het technisch lezen op tekstniveau, niveaubepaling en kwalitatieve analyse

 23,90
De AVI-toets wordt in Vlaanderen veelvuldig gebruikt. De Nederlandse normering is echter niet van toepassing bij Vlaamse kinderen. Daarom is een normering uitgewerkt die op Vlaamse lezers is gericht en in Vlaanderen toepasbaar is. Bovendien is ze analytischer dan de oorspronkelijke Nederlandse normering.

Deze normering voor het voortgezet technisch lezen op tekstniveau helpt om kinderen met leesstoornissen te identificeren. Dankzij de niveaubepaling is de basisinformatie aanwezig voor een diepgaandere procesanalyse.

Aan de hand van ervaringen uit de praktijk wordt in deze nieuwe uitgave het gebruik van een classificatietabel voorgesteld als hulpmiddel bij de kwalitatieve analyse voor diagnose en therapie.

De Vlaamse normering van de AVI-toets is bedoeld voor logopedisten, (taak)leerkrachten, remedial teachers, (ortho)pedagogen, psychologen en allen die met leesproblematiek zijn begaan. Let op! Het betreft de Vlaamse normering van de AVI-toets. U dient zelf over de AVI-toets te beschikken. Deze is niet bij Garant verkrijgbaar.

WINI BOONEN was tot 2004 lector en praktijklector aan het Departement Logopedie en Audiologie van de Lessius-Hogeschool in Antwerpen.

Quick View

Vlaamse normering van de AVI-toets. Onderzoeksinstrument voor het technisch lezen op tekstniveau, niveaubepaling en kwalitatieve analyse

 23,90
De AVI-toets wordt in Vlaanderen veelvuldig gebruikt. De Nederlandse normering is echter niet van toepassing bij Vlaamse kinderen. Daarom is een normering uitgewerkt die op Vlaamse lezers is gericht en in Vlaanderen toepasbaar is. Bovendien is ze analytischer dan de oorspronkelijke Nederlandse normering.

Deze normering voor het voortgezet technisch lezen op tekstniveau helpt om kinderen met leesstoornissen te identificeren. Dankzij de niveaubepaling is de basisinformatie aanwezig voor een diepgaandere procesanalyse.

Aan de hand van ervaringen uit de praktijk wordt in deze nieuwe uitgave het gebruik van een classificatietabel voorgesteld als hulpmiddel bij de kwalitatieve analyse voor diagnose en therapie.

De Vlaamse normering van de AVI-toets is bedoeld voor logopedisten, (taak)leerkrachten, remedial teachers, (ortho)pedagogen, psychologen en allen die met leesproblematiek zijn begaan. Let op! Het betreft de Vlaamse normering van de AVI-toets. U dient zelf over de AVI-toets te beschikken. Deze is niet bij Garant verkrijgbaar.

WINI BOONEN was tot 2004 lector en praktijklector aan het Departement Logopedie en Audiologie van de Lessius-Hogeschool in Antwerpen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De gedoemde mens? Psychoanalyse, tragedie en tragiek

 15,70
Zowel Freud als Lacan zijn onmiskenbaar gefascineerd en geïnspireerd door het werk van de grote tragediedichters: Sofocles’ Oedipous, Tyrannos en Antigone, Shakespeares Hamlet en - voor wat Lacan betreft – eveneens de moderne tragedies van Paul Claudel. Het naar Koning Oedipus genoemde complex is niet het enige, wel het meest bekende voorbeeld daarvan. Maar deelt de psychoanalyse ook het tragisch bewustzijn, de mensopvatting of het wereldbeeld van de tragediedichters? Is het onbewuste met zijn eigen ondoorgrondelijke wetmatigheden de erfgenaam van de duistere wil van de oude goden: oorzaak van mijn ondergang, onvermijdelijk en tegelijk toch bron van schuldgevoel? Mijn passie als mijn persoonlijk (nood)lot: is psychopathologie de tragiek van de 21e eeuw?
Psychoanalytisch gevormde filosofen en therapeuten gaan nader in op deze problematiek, zowel vanuit de psychoanalytische theorie als vanuit de analytische praktijk, met concrete voorbeelden uit de kliniek.

Paul Vanden Berghe, filosoof en theoloog, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen.

Quick View

De gedoemde mens? Psychoanalyse, tragedie en tragiek

 15,70
Zowel Freud als Lacan zijn onmiskenbaar gefascineerd en geïnspireerd door het werk van de grote tragediedichters: Sofocles’ Oedipous, Tyrannos en Antigone, Shakespeares Hamlet en - voor wat Lacan betreft – eveneens de moderne tragedies van Paul Claudel. Het naar Koning Oedipus genoemde complex is niet het enige, wel het meest bekende voorbeeld daarvan. Maar deelt de psychoanalyse ook het tragisch bewustzijn, de mensopvatting of het wereldbeeld van de tragediedichters? Is het onbewuste met zijn eigen ondoorgrondelijke wetmatigheden de erfgenaam van de duistere wil van de oude goden: oorzaak van mijn ondergang, onvermijdelijk en tegelijk toch bron van schuldgevoel? Mijn passie als mijn persoonlijk (nood)lot: is psychopathologie de tragiek van de 21e eeuw?
Psychoanalytisch gevormde filosofen en therapeuten gaan nader in op deze problematiek, zowel vanuit de psychoanalytische theorie als vanuit de analytische praktijk, met concrete voorbeelden uit de kliniek.

Paul Vanden Berghe, filosoof en theoloog, is wetenschappelijk medewerker aan de Universiteit Antwerpen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Seksuele problemen bij het vrijen (Derde, uitgebreide druk)

 19,90
Seksuele problemen zijn moeilijk bespreekbaar. Zowel mannen als vrouwen worden ermee geconfronteerd en vaak gaan ze achter andere klachten schuil.
Het boek biedt een overzicht van alle mogelijke somatische en psychische invloeden op het seksueel functioneren. Vervolgens komen de oorzaken van problemen aan bod en worden de behandelingen voorgesteld. Vooral bij psychische problemen zijn seksuele opdrachten een belangrijk onderdeel van de behandeling. Deze uitgave richt zich in de eerste plaats tot hulpverleners, maar ook hulpvragers kunnen meelezen.

Maureen Luyens is psychologe, seksuologe en relatietherapeute aan het Universitair Ziekenhuis Leuven.
Paul Smits is huisarts in Kapelle-op-den-Bos.

Quick View

Seksuele problemen bij het vrijen (Derde, uitgebreide druk)

 19,90
Seksuele problemen zijn moeilijk bespreekbaar. Zowel mannen als vrouwen worden ermee geconfronteerd en vaak gaan ze achter andere klachten schuil.
Het boek biedt een overzicht van alle mogelijke somatische en psychische invloeden op het seksueel functioneren. Vervolgens komen de oorzaken van problemen aan bod en worden de behandelingen voorgesteld. Vooral bij psychische problemen zijn seksuele opdrachten een belangrijk onderdeel van de behandeling. Deze uitgave richt zich in de eerste plaats tot hulpverleners, maar ook hulpvragers kunnen meelezen.

Maureen Luyens is psychologe, seksuologe en relatietherapeute aan het Universitair Ziekenhuis Leuven.
Paul Smits is huisarts in Kapelle-op-den-Bos.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    1
    Uw winkelwagen
    ×