Kana. Snel Japans lezen en schrijven. Hiragana en Katakana
Het Japanse schrift bestaat eigenlijk uit drie verschillende soorten schriften: hiragana, katakana, (lettergrepenschriften) en kanji (Chinese karakters).
Die allemaal te leren lijkt misschien een hele klus, maar dankzij de unieke methode uit dit boek kan je op minder dan drie uur tijd en op een aangename en systematische manier een lettergrepenschrift leren lezen en schrijven. De ene helft van het boek behandelt hiragana, de andere helft katakana. Japanse lettergrepen worden geassocieerd met een Nederlands sleutelwoord via een soms prettig gestoord verhaaltje. Hierbij maak je gebruik van je verbeeldingskracht, meer bepaald je verbeeldingsgeheugen.
Deze zelfstudiemethode is opgedeeld in zes lessen. Door de instructies onderaan elke bladzijde te volgen, wordt de lezer kriskras door het boek geloodst en leert hij de kana op de meest snelle en efficiënte manier lezen en schrijven. Ook voor lezers die het Japanse schrift reeds tot op zekere hoogte beheersen, is dit boek interessant als opfrissing. Van elke kana worden zes verschillende typogrammen aangeboden én het originele Chinese karakter waarvan de kana is afgeleid.
James W. Heisig doceert godsdienstfilosofie aan de Nanzan University for Religion and Culture in Nagoya, Japan.
Sarah Van Camp is japanoloog en antropoloog. Ze heeft jaren gewerkt als docent Japans in verschillende taalinstituten en is momenteel werkzaam als vertaler en consultant Japanse zakencultuur in bedrijven.
Kana. Snel Japans lezen en schrijven. Hiragana en Katakana
Het Japanse schrift bestaat eigenlijk uit drie verschillende soorten schriften: hiragana, katakana, (lettergrepenschriften) en kanji (Chinese karakters).
Die allemaal te leren lijkt misschien een hele klus, maar dankzij de unieke methode uit dit boek kan je op minder dan drie uur tijd en op een aangename en systematische manier een lettergrepenschrift leren lezen en schrijven. De ene helft van het boek behandelt hiragana, de andere helft katakana. Japanse lettergrepen worden geassocieerd met een Nederlands sleutelwoord via een soms prettig gestoord verhaaltje. Hierbij maak je gebruik van je verbeeldingskracht, meer bepaald je verbeeldingsgeheugen.
Deze zelfstudiemethode is opgedeeld in zes lessen. Door de instructies onderaan elke bladzijde te volgen, wordt de lezer kriskras door het boek geloodst en leert hij de kana op de meest snelle en efficiënte manier lezen en schrijven. Ook voor lezers die het Japanse schrift reeds tot op zekere hoogte beheersen, is dit boek interessant als opfrissing. Van elke kana worden zes verschillende typogrammen aangeboden én het originele Chinese karakter waarvan de kana is afgeleid.
James W. Heisig doceert godsdienstfilosofie aan de Nanzan University for Religion and Culture in Nagoya, Japan.
Sarah Van Camp is japanoloog en antropoloog. Ze heeft jaren gewerkt als docent Japans in verschillende taalinstituten en is momenteel werkzaam als vertaler en consultant Japanse zakencultuur in bedrijven.
Tien keer beter! Leraren verbeteren hun onderwijspraktijk door onderzoek (Reeks Praktijk in Onderzoek, deel 2)
In dit boek worden tien zulke onderzoeken voorgesteld. De auteurs bevragen een bepaalde afgebakende activiteit uit hun onderwijspraktijk: Wat werkt er wel? Wat werkt er niet? Wat kan er beter? Wat moet er niet of geheel anders gebeuren? De onderzoeken zijn gericht op het verbeteren van de eigen werkpraktijk in de klas, de remedial teaching, op afdelingsniveau en op schoolniveau. Het geheel is geïllustreerd met cartoons. Een inspirerende bundel voor wakkere onderwijsmensen.
Met inleidende teksten van Sharon Dijksma, staatssecreataris, en René Verhulst, voorzitter van de WEC-raad.
Andy van de Berg en de coauteurs volgden de opleiding M SEN – Master Special Educational Needs bij Fontys-OSO – Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg in Tilburg.
Het boek is ontstaan uit een project dat begeleid werd door Anita Blonk, Rob Boerman en Karel Smeets.
Tien keer beter! Leraren verbeteren hun onderwijspraktijk door onderzoek (Reeks Praktijk in Onderzoek, deel 2)
In dit boek worden tien zulke onderzoeken voorgesteld. De auteurs bevragen een bepaalde afgebakende activiteit uit hun onderwijspraktijk: Wat werkt er wel? Wat werkt er niet? Wat kan er beter? Wat moet er niet of geheel anders gebeuren? De onderzoeken zijn gericht op het verbeteren van de eigen werkpraktijk in de klas, de remedial teaching, op afdelingsniveau en op schoolniveau. Het geheel is geïllustreerd met cartoons. Een inspirerende bundel voor wakkere onderwijsmensen.
Met inleidende teksten van Sharon Dijksma, staatssecreataris, en René Verhulst, voorzitter van de WEC-raad.
Andy van de Berg en de coauteurs volgden de opleiding M SEN – Master Special Educational Needs bij Fontys-OSO – Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg in Tilburg.
Het boek is ontstaan uit een project dat begeleid werd door Anita Blonk, Rob Boerman en Karel Smeets.
Basisgebarenwoordenboek met religieuze tekens, gebeden en ondersteunende gebaren.
Vanuit zijn jarenlange ervaring als doventolk en zijn leven met en bij de doven is hij samen met twee werkgroepen van doven en de hulp van de geestelijke begeleider, E.H. Gino Grenson, deze uitdaging aangegaan. Voor de basiswoordenschat hebben ze zich gesteund op het gebarenboek: “Woord en Gebaar, 1200 dovengebaren”, dat voor het eerst in 1983 werd uitgegeven en waarvan hij zelf de motor was.
Deze nieuwe, aangevulde, woordenlijst telt ongeveer 1600 woorden, is tweetalig opgemaakt en geïllustreerd met handgetekende gebaren. De Engelse vertaling is in eerste instantie bedoeld om de dovengemeenschappen in ontwikkelingslanden een helpende hand te reiken.
Het boek bevat ook een aantal artikels die meer uitleg geven over Gebarentaal en over het gebruik van de lichaamtaal met tips voor tolken. Ook zijn de gebaren van de vaste gebeden van de H. Mis hier volledig in opgenomen, naast een aantal religieuze liederen.
About this book:
From numerous encounters with the hearing who try to make contact with the deaf on the one hand, and the want Maurice Buyens senses from so many deaf people to learn religious signs on the other, the idea for this basic sign language dictionary slowly started taking shape.
His years of experience as a sign language interpreter and his life with deaf people have allowed him to accept this challenge with the help of two deaf workgroups and of spiritual counsellor, Rev. Fr. Gino Grenson. The basic vocabulary is based on the sign language book ‘Woord en Gebaar, 1200 dovengebaren’, which was published for the first time in 1983 and behind which I was the driving force. This new and improved list of words has about 1600 entries, is bilingual and illustrated with hand-drawn signs. The English translation is primarily meant to offer a helping hand to the deaf communities in developing countries.
The book also contains a number of articles explaining sign language and the use of body language with tips for interpreters. Signs for the fixed prayers of Holy Mass have also been included, in addition to a few religious hymns.
Maurice Buyens fc (° 1940), zoon van dove ouders, is lid van de Congregatie Broeders van Liefde. Hij was jarenlang leraar en algemeen directeur van het KOC Sint-Gregorius in Gentbrugge. Hij was de laatste Algemene Secretaris van Navekados (Nationaal Verbond van Katholieke Doofstommen), medeoprichter van Fevlado Federatie van Vlaamse Dovenverenigingen, medestichter en drijvende kracht van de opleiding ‘Tolk voor Doven’ in Gent en van het ‘Dovencentrum Emmaüs’ in Ledeberg-Gent.
On the author:
Maurice Buyens, F.C. (° 1940), the son of deaf parents is a Brother of
Charity. For many years, he was a teacher and the general director of
KOC Sint-Gregorius in Gentbrugge. He was the last general secretary
of Navekados (National Federation of Catholic Deaf-Mutes), co-founder
of Fevlado (Federation of Flemish Deaf Organisations), co-founder
and driving force behind the sign language interpretation course in
Ghent and the Emmaus Centre for the Deaf in Ledeberg, Ghent.
Basisgebarenwoordenboek met religieuze tekens, gebeden en ondersteunende gebaren.
Vanuit zijn jarenlange ervaring als doventolk en zijn leven met en bij de doven is hij samen met twee werkgroepen van doven en de hulp van de geestelijke begeleider, E.H. Gino Grenson, deze uitdaging aangegaan. Voor de basiswoordenschat hebben ze zich gesteund op het gebarenboek: “Woord en Gebaar, 1200 dovengebaren”, dat voor het eerst in 1983 werd uitgegeven en waarvan hij zelf de motor was.
Deze nieuwe, aangevulde, woordenlijst telt ongeveer 1600 woorden, is tweetalig opgemaakt en geïllustreerd met handgetekende gebaren. De Engelse vertaling is in eerste instantie bedoeld om de dovengemeenschappen in ontwikkelingslanden een helpende hand te reiken.
Het boek bevat ook een aantal artikels die meer uitleg geven over Gebarentaal en over het gebruik van de lichaamtaal met tips voor tolken. Ook zijn de gebaren van de vaste gebeden van de H. Mis hier volledig in opgenomen, naast een aantal religieuze liederen.
About this book:
From numerous encounters with the hearing who try to make contact with the deaf on the one hand, and the want Maurice Buyens senses from so many deaf people to learn religious signs on the other, the idea for this basic sign language dictionary slowly started taking shape.
His years of experience as a sign language interpreter and his life with deaf people have allowed him to accept this challenge with the help of two deaf workgroups and of spiritual counsellor, Rev. Fr. Gino Grenson. The basic vocabulary is based on the sign language book ‘Woord en Gebaar, 1200 dovengebaren’, which was published for the first time in 1983 and behind which I was the driving force. This new and improved list of words has about 1600 entries, is bilingual and illustrated with hand-drawn signs. The English translation is primarily meant to offer a helping hand to the deaf communities in developing countries.
The book also contains a number of articles explaining sign language and the use of body language with tips for interpreters. Signs for the fixed prayers of Holy Mass have also been included, in addition to a few religious hymns.
Maurice Buyens fc (° 1940), zoon van dove ouders, is lid van de Congregatie Broeders van Liefde. Hij was jarenlang leraar en algemeen directeur van het KOC Sint-Gregorius in Gentbrugge. Hij was de laatste Algemene Secretaris van Navekados (Nationaal Verbond van Katholieke Doofstommen), medeoprichter van Fevlado Federatie van Vlaamse Dovenverenigingen, medestichter en drijvende kracht van de opleiding ‘Tolk voor Doven’ in Gent en van het ‘Dovencentrum Emmaüs’ in Ledeberg-Gent.
On the author:
Maurice Buyens, F.C. (° 1940), the son of deaf parents is a Brother of
Charity. For many years, he was a teacher and the general director of
KOC Sint-Gregorius in Gentbrugge. He was the last general secretary
of Navekados (National Federation of Catholic Deaf-Mutes), co-founder
of Fevlado (Federation of Flemish Deaf Organisations), co-founder
and driving force behind the sign language interpretation course in
Ghent and the Emmaus Centre for the Deaf in Ledeberg, Ghent.
Geloven in de ontwikkelingskansen van elke leerling. Leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking leren leren (S.O.B.-Katernen, nr. 8)
We gaan in deze uitgave op zoek naar wegen om de ontwikkeling van leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking extra te stimuleren. U vindt in dit boek heel veel concrete tips en suggesties om het leren van deze kinderen en jongeren te bevorderen. De rol van de begeleider is hierbij van zeer groot belang. Het vertrekpunt van de begeleiding is het komen tot een beeld van de leerling en het zoeken naar positieve aangrijpingspunten om de ontwikkeling te stimuleren.
Vanuit een goede beeldvorming formuleren we doelen die we nastreven. Daarna denken we na over de aanpak. Na verloop van tijd dient zowel dit proces als het resultaat ervan geëvalueerd te worden om het cyclisch proces van handelingsplanning opnieuw op te starten. Zeker bij leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking is de samenwerking met ouders een pedagogische noodzaak, waar we extra aandacht aan besteden.
Deze uitgave kwam tot stad door én voor mensen die in de rpaktijk werken met leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking.
Marc Van Gils heeft 35 jaar ervaring in het buitengewoon onderwijs als leerkracht, directeur en pedagogisch begeleider.
Geloven in de ontwikkelingskansen van elke leerling. Leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking leren leren (S.O.B.-Katernen, nr. 8)
We gaan in deze uitgave op zoek naar wegen om de ontwikkeling van leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking extra te stimuleren. U vindt in dit boek heel veel concrete tips en suggesties om het leren van deze kinderen en jongeren te bevorderen. De rol van de begeleider is hierbij van zeer groot belang. Het vertrekpunt van de begeleiding is het komen tot een beeld van de leerling en het zoeken naar positieve aangrijpingspunten om de ontwikkeling te stimuleren.
Vanuit een goede beeldvorming formuleren we doelen die we nastreven. Daarna denken we na over de aanpak. Na verloop van tijd dient zowel dit proces als het resultaat ervan geëvalueerd te worden om het cyclisch proces van handelingsplanning opnieuw op te starten. Zeker bij leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking is de samenwerking met ouders een pedagogische noodzaak, waar we extra aandacht aan besteden.
Deze uitgave kwam tot stad door én voor mensen die in de rpaktijk werken met leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking.
Marc Van Gils heeft 35 jaar ervaring in het buitengewoon onderwijs als leerkracht, directeur en pedagogisch begeleider.
Vergezichten. Over transculturele psychoanalyse (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 10)
In deze publicatie getuigen psychoanalytici en psychoanalytisch psychotherapeuten uit Nederland en Vlaanderen van de wijze waarop zij in contact proberen te komen met het psychisch lijden van cultureel-anderen. Met vele klinische voorbeelden uit de praktijk onderzoeken zij welke processen de aandacht opeisen als patiënt en therapeut een verschillende culturele achtergrond hebben. Zij laten zien hoe de psychoanalyse probeert verder te kijken dan haar westerse neus lang is.
Met bijdragen van Wouter Gomperts, Mohsen Edrisi, Mark Kinet, Jaap Ubbels, Jaak Le Roy, Eduarda Vendysova Bakalarova, Patrick Meurs, Fatma Sevinç & Annelies Verheugt-Pleiter, Renaat Devisch, Ans van Blokland & Nynke Colijn en Michel Thys.
Michel Thys is klinisch psycholoog, psychoanalyticus en psychoanalytisch psychotherapeut en doctor in de filosofie. Hij is lid van de Belgische School voor Psychoanalyse en van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie. Hij is verbonden aan het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Andante in Antwerpen en heeft een privépraktijk. Hij is hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Psychoanalyse.
Wouter Gomperts is klinisch psycholoog, psychoanalyticus, psychoanalytisch psychotherapeut en doctor in de psychologie. Hij is lid en opleider van de Nederlandse Vereniging voor Psychoanalyse en lid van de Nederlandse Vereniging voor Psychoanalytische Psychotherapie. Hij is werkzaam bij het Nederlands Psychoanalytisch Instituut en bij de Programmagroep Klinische Psychologie van de Universiteit van Amsterdam.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Vergezichten. Over transculturele psychoanalyse (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 10)
In deze publicatie getuigen psychoanalytici en psychoanalytisch psychotherapeuten uit Nederland en Vlaanderen van de wijze waarop zij in contact proberen te komen met het psychisch lijden van cultureel-anderen. Met vele klinische voorbeelden uit de praktijk onderzoeken zij welke processen de aandacht opeisen als patiënt en therapeut een verschillende culturele achtergrond hebben. Zij laten zien hoe de psychoanalyse probeert verder te kijken dan haar westerse neus lang is.
Met bijdragen van Wouter Gomperts, Mohsen Edrisi, Mark Kinet, Jaap Ubbels, Jaak Le Roy, Eduarda Vendysova Bakalarova, Patrick Meurs, Fatma Sevinç & Annelies Verheugt-Pleiter, Renaat Devisch, Ans van Blokland & Nynke Colijn en Michel Thys.
Michel Thys is klinisch psycholoog, psychoanalyticus en psychoanalytisch psychotherapeut en doctor in de filosofie. Hij is lid van de Belgische School voor Psychoanalyse en van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie. Hij is verbonden aan het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Andante in Antwerpen en heeft een privépraktijk. Hij is hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Psychoanalyse.
Wouter Gomperts is klinisch psycholoog, psychoanalyticus, psychoanalytisch psychotherapeut en doctor in de psychologie. Hij is lid en opleider van de Nederlandse Vereniging voor Psychoanalyse en lid van de Nederlandse Vereniging voor Psychoanalytische Psychotherapie. Hij is werkzaam bij het Nederlands Psychoanalytisch Instituut en bij de Programmagroep Klinische Psychologie van de Universiteit van Amsterdam.
Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu.
Timbo. Probleemoplossend leren voor kinderen. Basisboek
Kinderen hebben vaak moeite met aandachtig werken aan een opdracht. Analoog aan de veelgebruikte zelfinstructiemethode met de beertjes van Meichenbaum leert Timbo kinderen stap voor stap hoe ze op een eenvoudige en doeltreffende manier een opdracht tot een goed einde kunnen brengen. Zo leren ze probleemoplossend denken.
De Timbomethode voegt een eerste fundamentele stap toe, namelijk ‘Eerst aandachtig lezen en goed luisteren’. Met ‘Het verhaal van Timbo’, het Timbolied, lessen en werkbladen wordt op een speelse manier met de kinderen gewerkt rond het efficiënt aanpakken van een opdracht.
De Timbomethode bestaat uit een basis- en een werkboek. In dit basisboek vindt u de werkwijze, uitgewerkte oefenlessen, het verhaal van Timbo en het Timbolied met te downloaden audiobestand.
Dennis Sysmans werkte als leerkracht en zorgcoördinator in het basisonderwijs. Momenteel is hij consulent projectcoaching voor Inwerking te Antwerpen.
Timbo. Probleemoplossend leren voor kinderen. Basisboek
Kinderen hebben vaak moeite met aandachtig werken aan een opdracht. Analoog aan de veelgebruikte zelfinstructiemethode met de beertjes van Meichenbaum leert Timbo kinderen stap voor stap hoe ze op een eenvoudige en doeltreffende manier een opdracht tot een goed einde kunnen brengen. Zo leren ze probleemoplossend denken.
De Timbomethode voegt een eerste fundamentele stap toe, namelijk ‘Eerst aandachtig lezen en goed luisteren’. Met ‘Het verhaal van Timbo’, het Timbolied, lessen en werkbladen wordt op een speelse manier met de kinderen gewerkt rond het efficiënt aanpakken van een opdracht.
De Timbomethode bestaat uit een basis- en een werkboek. In dit basisboek vindt u de werkwijze, uitgewerkte oefenlessen, het verhaal van Timbo en het Timbolied met te downloaden audiobestand.
Dennis Sysmans werkte als leerkracht en zorgcoördinator in het basisonderwijs. Momenteel is hij consulent projectcoaching voor Inwerking te Antwerpen.
Klanksporen. Breinvriendelijk musiceren (De Veerman Bibliotheek, nr. 6)
Pas vanaf het wijdverbreid beschikbaar worden van gedrukte muziek en het (gelijktijdig) ontstaan van de nationale conservatoria worden creatieve, reproductieve en theoretische vaardigheden geleidelijk aan structureel gescheiden. Uitvoerders, toehoorders, componisten en theoretici worden aparte categorieën. Het nagenoeg verdwijnen van muzikale creativiteit, een zwak ontwikkeld gehoor, een onbetrouwbaar geheugen, een verstoorde beleving en zelfs onwaarachtigheid vormen sindsdien de typische pathologie van generaties hooggeschoolde uitvoerende musici. Na jaren ‘teaching research’ met kinderen en volwassenen concluderen de auteurs dat de gangbare muziekagogiek niet compatibel is met de manier waarop het menselijk brein muziek verwerkt. In dit boek zetten zij ‘leren musiceren’ onvermijdelijk in een evolutionair perspectief. Muziek komt niet van de goden, maar zit net als taal van bij de geboorte in het brein gebakken. Het boek wil musici en pedagogen opnieuw op het spoor van de klank zetten. Het toont aan dat een creatief-auditieve omgang met de muzikale bouwstenen onmisbaar is in de groei naar muzikale expertise, artistieke integriteit en zelfredzaamheid.
Lieven Strobbe is leraar orgel en creatief klavier aan het Lemmensinstituut in Leuven en de Stedelijke Academie voor Muziek en Woordkunst in Ekeren.
Hans Van Regenmortel is leraar viool en ensemblespel, en pedagogisch coördinator aan de Stedelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans in Turnhout.
Klanksporen. Breinvriendelijk musiceren (De Veerman Bibliotheek, nr. 6)
Pas vanaf het wijdverbreid beschikbaar worden van gedrukte muziek en het (gelijktijdig) ontstaan van de nationale conservatoria worden creatieve, reproductieve en theoretische vaardigheden geleidelijk aan structureel gescheiden. Uitvoerders, toehoorders, componisten en theoretici worden aparte categorieën. Het nagenoeg verdwijnen van muzikale creativiteit, een zwak ontwikkeld gehoor, een onbetrouwbaar geheugen, een verstoorde beleving en zelfs onwaarachtigheid vormen sindsdien de typische pathologie van generaties hooggeschoolde uitvoerende musici. Na jaren ‘teaching research’ met kinderen en volwassenen concluderen de auteurs dat de gangbare muziekagogiek niet compatibel is met de manier waarop het menselijk brein muziek verwerkt. In dit boek zetten zij ‘leren musiceren’ onvermijdelijk in een evolutionair perspectief. Muziek komt niet van de goden, maar zit net als taal van bij de geboorte in het brein gebakken. Het boek wil musici en pedagogen opnieuw op het spoor van de klank zetten. Het toont aan dat een creatief-auditieve omgang met de muzikale bouwstenen onmisbaar is in de groei naar muzikale expertise, artistieke integriteit en zelfredzaamheid.
Lieven Strobbe is leraar orgel en creatief klavier aan het Lemmensinstituut in Leuven en de Stedelijke Academie voor Muziek en Woordkunst in Ekeren.
Hans Van Regenmortel is leraar viool en ensemblespel, en pedagogisch coördinator aan de Stedelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans in Turnhout.
Van kansarm naar kansrijk? Studie- en opvoedingsondersteuning aan huis bij kinderen uit kwetsbare gezinnen (met downloadcode)
Leven in armoede ontneemt kinderen en jongeren kansen om volwaardig te participeren aan de maatschappij. Sociale uitsluiting begint al van in de vroege kinderjaren en zet zich door in de schoolse loopbaan. Kinderen uit kwetsbare gezinnen hebben het moeilijker dan andere kinderen om een diploma of getuigschrift te behalen. Ze participeren minder vlot in de maatschappij en ze blijven in de armoedespiraal vastzitten. Armoede is een complexe werkelijkheid, die niet altijd in te passen valt in de bestaande hulpverleningsmodellen.
De Katrol heeft als doel aan huis studie- en opvoedingsondersteuning te geven aan jonge kinderen uit kwetsbare gezinnen en hun ouders. Deze studieen opvoedingsondersteuning gebeurt door hogeschoolstudenten uit sociaalagogische richtingen en de lerarenopleiding. De Katrol vertrekt hierbij vanuit verzuchtingen van kansarme ouders zelf, namelijk ‘leer ons kennen’ en ‘we willen dat onze kinderen het beter stellen dan wijzelf en een diploma halen’. Deze uitgangspunten lijken eenvoudig en vanzelfsprekend, maar ze met succes realiseren in de praktijk van elke dag is dat niet.
Dit boek vertelt het ontstaan en de werking van De Katrol en de zoektocht naar een methodiek om kwetsbare kinderen en hun ouders een ‘steuntje in de rug’ te geven, zowel op het gebied van studies als van opvoeding. Het verhaal van De Katrol is hoopvol, maar niet vrijblijvend. ‘Wat de ouders en de kinderen willen, daar gaan we mee aan gang’, is zowat de meest gebruikte zin in het boek. Hoe dit wordt gerealiseerd in de praktijk van elke dag, wordt geïllustreerd aan de hand van voorbeelden en getuigenissen van kinderen, ouders en studenten-studieondersteuners.
Deze publicatie is bestemd voor (toekomstige) leerkrachten en welzijnswerkers: maatschappelijk werkers, sociaal verpleegkundigen, bachelors in de toegepaste psychologie en de orthopedagogiek, psychologen en orthopedagogen.
Jean-Pierre Markey, maatschappelijk werker, doceert aan de Hogeschool West-Vlaanderen in Oostende en is initiatiefnemer-coördinator van De Katrol.
Van kansarm naar kansrijk? Studie- en opvoedingsondersteuning aan huis bij kinderen uit kwetsbare gezinnen (met downloadcode)
Leven in armoede ontneemt kinderen en jongeren kansen om volwaardig te participeren aan de maatschappij. Sociale uitsluiting begint al van in de vroege kinderjaren en zet zich door in de schoolse loopbaan. Kinderen uit kwetsbare gezinnen hebben het moeilijker dan andere kinderen om een diploma of getuigschrift te behalen. Ze participeren minder vlot in de maatschappij en ze blijven in de armoedespiraal vastzitten. Armoede is een complexe werkelijkheid, die niet altijd in te passen valt in de bestaande hulpverleningsmodellen.
De Katrol heeft als doel aan huis studie- en opvoedingsondersteuning te geven aan jonge kinderen uit kwetsbare gezinnen en hun ouders. Deze studieen opvoedingsondersteuning gebeurt door hogeschoolstudenten uit sociaalagogische richtingen en de lerarenopleiding. De Katrol vertrekt hierbij vanuit verzuchtingen van kansarme ouders zelf, namelijk ‘leer ons kennen’ en ‘we willen dat onze kinderen het beter stellen dan wijzelf en een diploma halen’. Deze uitgangspunten lijken eenvoudig en vanzelfsprekend, maar ze met succes realiseren in de praktijk van elke dag is dat niet.
Dit boek vertelt het ontstaan en de werking van De Katrol en de zoektocht naar een methodiek om kwetsbare kinderen en hun ouders een ‘steuntje in de rug’ te geven, zowel op het gebied van studies als van opvoeding. Het verhaal van De Katrol is hoopvol, maar niet vrijblijvend. ‘Wat de ouders en de kinderen willen, daar gaan we mee aan gang’, is zowat de meest gebruikte zin in het boek. Hoe dit wordt gerealiseerd in de praktijk van elke dag, wordt geïllustreerd aan de hand van voorbeelden en getuigenissen van kinderen, ouders en studenten-studieondersteuners.
Deze publicatie is bestemd voor (toekomstige) leerkrachten en welzijnswerkers: maatschappelijk werkers, sociaal verpleegkundigen, bachelors in de toegepaste psychologie en de orthopedagogiek, psychologen en orthopedagogen.
Jean-Pierre Markey, maatschappelijk werker, doceert aan de Hogeschool West-Vlaanderen in Oostende en is initiatiefnemer-coördinator van De Katrol.
Menselijke kennis. Pleidooi voor een bruikbare rationaliteit
Maar hij breekt niet alleen af. Integendeel, hij bouwt vooral een visie op waarin kennis, betekenis, aanvaarding en communicatie een duidelijke plaats krijgen. Daarbij verdedigt hij een relatieve rationaliteitsopvatting, die niet de onbereikbare eisen van het traditionele rationalisme stelt, maar toch een vorm van rationaliteit is: een die voor mensen past. Het gaat daarbij om de verbetering van onze opvattingen vanuit deze opvattingen zelf, een radicaal contextuele aanpak, en een kennissysteem dat gestructureerd maar niet monolitisch is.
De argumenten voor de verdedigde stellingen komen vooral uit de hedendaagse wetenschapsfilosofie en de recente ontwikkelingen in de filosofie van de wiskunde en in de logica.
Diderik Batens is gewoon hoogleraar en directeur van het Centrum voor Logica en Wetenschapsfilosofie van de Universiteit Gent, momenteel een van de grootste en meest dynamische dergelijke centra in de wereld. Zijn recent onderzoek gaat hoofdzakelijk over adaptieve logica’s, dynamische bewijzen, en hun toepassingen, vooral op de wetenschapsfilosofie. Hij is internationaal erg actief als auteur en als uitgever en als organisator van wetenschappelijke bijeenkomsten. Bij Garant publiceerde hij eerder: ‘Logicaboek. Praktijk en theorie van het redeneren’.
Menselijke kennis. Pleidooi voor een bruikbare rationaliteit
Maar hij breekt niet alleen af. Integendeel, hij bouwt vooral een visie op waarin kennis, betekenis, aanvaarding en communicatie een duidelijke plaats krijgen. Daarbij verdedigt hij een relatieve rationaliteitsopvatting, die niet de onbereikbare eisen van het traditionele rationalisme stelt, maar toch een vorm van rationaliteit is: een die voor mensen past. Het gaat daarbij om de verbetering van onze opvattingen vanuit deze opvattingen zelf, een radicaal contextuele aanpak, en een kennissysteem dat gestructureerd maar niet monolitisch is.
De argumenten voor de verdedigde stellingen komen vooral uit de hedendaagse wetenschapsfilosofie en de recente ontwikkelingen in de filosofie van de wiskunde en in de logica.
Diderik Batens is gewoon hoogleraar en directeur van het Centrum voor Logica en Wetenschapsfilosofie van de Universiteit Gent, momenteel een van de grootste en meest dynamische dergelijke centra in de wereld. Zijn recent onderzoek gaat hoofdzakelijk over adaptieve logica’s, dynamische bewijzen, en hun toepassingen, vooral op de wetenschapsfilosofie. Hij is internationaal erg actief als auteur en als uitgever en als organisator van wetenschappelijke bijeenkomsten. Bij Garant publiceerde hij eerder: ‘Logicaboek. Praktijk en theorie van het redeneren’.
De veldheer en de danseres. Omgaan met je levensverhaal. Over loopbaanadvies en coaching
Het boek inspireert allen die de loopbaan van mensen in de eerste plaats beschouwen als een wezenlijke ontwikkelingskans, niet alleen voor het individu maar ook voor de samenleving als geheel.
Na een loopbaan in het P&O-werkveld vestigde Eva de Waard - van Maanen zich als zelfstandig loopbaanadviseur. Zij is oprichter van het CMI - Career Management Instituut, dat verantwoordelijk is voor de certificering van de loopbaanadvisering in Nederland.
De veldheer en de danseres. Omgaan met je levensverhaal. Over loopbaanadvies en coaching
Het boek inspireert allen die de loopbaan van mensen in de eerste plaats beschouwen als een wezenlijke ontwikkelingskans, niet alleen voor het individu maar ook voor de samenleving als geheel.
Na een loopbaan in het P&O-werkveld vestigde Eva de Waard - van Maanen zich als zelfstandig loopbaanadviseur. Zij is oprichter van het CMI - Career Management Instituut, dat verantwoordelijk is voor de certificering van de loopbaanadvisering in Nederland.
Theory of mind en de triade van perspectieven bij autisme en syndroom van Asperger. Een blik vanaf de brug (Fontys-OSO-Reeks, nr. 28)
Maar zijn niet-autistische personen dan ‘mind-sighted’ wanneer ze omgaan met mensen die autistisch zijn? Kunnen zij de gedragingen van degenen die anders zijn wel begrijpen en voorspellen?
De verschillende en de vaak tegenstrijdige visies op classificaties, diagnoses, oorzaken, ontwikkeling, theorieën en behandelingen worden in dit boek met elkaar vergeleken en in overeenstemming gebracht. Hiermee wil de auteur een brug slaan tussen mensen met autisme, ouders en behandelaars om hen te helpen elkaars reacties en gedragingen te begrijpen en erop in te spelen. Dit verhelderende en vernieuwende boek verschaft een unieke manier om ‘in elkaars schoenen te gaan staan’. Het is daarnaast een waardevolle bron voor wie moet leven of werken met autisme.
Olga Bogdashina is opgegroeid in de Oekraïne. Ze was directeur van het eerste dagcentrum voor kinderen met autisme. In 1994 richtte ze het Autismecentrum op en werd er voorzitter. Ze heeft na haar studies veel ervaring opgedaan in het werkveld van autisme. Ze was onderwijzeres, universitair docent en onderzoeker. Als onderzoeker gaat haar bijzondere belangstelling uit naar de zintuiglijke verwerking en communicatieproblemen bij autisme. Eerder publiceerde ze hierover twee boeken in de Fontys OSO-reeks. Bogdashina is gastdocent aan de Universiteit van Birmingham. Ze is wereldwijd een veelgevraagd spreker.
Theory of mind en de triade van perspectieven bij autisme en syndroom van Asperger. Een blik vanaf de brug (Fontys-OSO-Reeks, nr. 28)
Maar zijn niet-autistische personen dan ‘mind-sighted’ wanneer ze omgaan met mensen die autistisch zijn? Kunnen zij de gedragingen van degenen die anders zijn wel begrijpen en voorspellen?
De verschillende en de vaak tegenstrijdige visies op classificaties, diagnoses, oorzaken, ontwikkeling, theorieën en behandelingen worden in dit boek met elkaar vergeleken en in overeenstemming gebracht. Hiermee wil de auteur een brug slaan tussen mensen met autisme, ouders en behandelaars om hen te helpen elkaars reacties en gedragingen te begrijpen en erop in te spelen. Dit verhelderende en vernieuwende boek verschaft een unieke manier om ‘in elkaars schoenen te gaan staan’. Het is daarnaast een waardevolle bron voor wie moet leven of werken met autisme.
Olga Bogdashina is opgegroeid in de Oekraïne. Ze was directeur van het eerste dagcentrum voor kinderen met autisme. In 1994 richtte ze het Autismecentrum op en werd er voorzitter. Ze heeft na haar studies veel ervaring opgedaan in het werkveld van autisme. Ze was onderwijzeres, universitair docent en onderzoeker. Als onderzoeker gaat haar bijzondere belangstelling uit naar de zintuiglijke verwerking en communicatieproblemen bij autisme. Eerder publiceerde ze hierover twee boeken in de Fontys OSO-reeks. Bogdashina is gastdocent aan de Universiteit van Birmingham. Ze is wereldwijd een veelgevraagd spreker.
Hersenfuncties bij leer- en ontwikkelingsstoornissen
De uitgangsvraag bij het schrijven van dit boek is dan ook geweest: Wat moeten leraren en leerlingbegeleiders weten over de menselijke hersenen? Om hierop een antwoord te geven, gaan we kort in op groei en bouw van de hersenen als orgaan. In, een voor leraren veel spannender, volgend deel kijken we naar wat op dit ogenblik geweten is over het functioneren van de hersenen. We doen dit op drie manieren. Vooreerst kijken we naar het hersenweefsel: welke structurele of chemische afwijkingen kunnen het bestaan van leer- en ontwikkelingsstoornissen verklaren? Ten tweede worden basisprincipes van enkele (oude en recente) medische beeldvormingtechnieken verklaard, om vervolgens een overzicht te geven van belangrijke, wetenschappelijke studies die helpen aan te tonen hoe anders de hersenen van leer- en ontwikkelingsgestoorde kinderen en volwassenen werken. Sommigen hebben echter geen hoge pet op van medische beeldvorming. Zij kijken veel liever naar wat mensen doen en hoe ze het doen en of daar patronen in te herkennen zijn. Daarom gaan we in een derde deel in op enkele beroemde, zoniet beruchte, stellingen die gebaseerd zijn op ''gelijktijdig optredende gedragssymptomen''.
Dit boek is bedoeld als inleiding. Medische voorkennis is niet vereist. Tekst en figuren leveren voldoende bouwstenen om tot een onderbouwde visie te komen. Voor vele leraren is dit een kennismaking met het boeiend domein van de neuropsychologie. Voor clinici kan dit een geactualiseerde opfrissing zijn.
Peter van Vugt is doctor in de Medische Wetenschappen. Hij publiceert over neuropsychologische onderwerpen (o.a. aphasia, autism, dyscalculia, dyslexia, hallucinosis, hemispatial neglect, learning disabilities, MCDD, migraine, tactile agnosia, temporal lobe epilepsy). Als licentiaat in de Romaanse filologie heeft hij ook onderwijservaring. Hij heeft ruime expertise als begeleider van nascholingen. Verder is hij lid van verschillende wetenschappelijke verenigingen en is hij adviseur bij verenigingen van ouders die kinderen hebben met leerstoornissen.
Hersenfuncties bij leer- en ontwikkelingsstoornissen
De uitgangsvraag bij het schrijven van dit boek is dan ook geweest: Wat moeten leraren en leerlingbegeleiders weten over de menselijke hersenen? Om hierop een antwoord te geven, gaan we kort in op groei en bouw van de hersenen als orgaan. In, een voor leraren veel spannender, volgend deel kijken we naar wat op dit ogenblik geweten is over het functioneren van de hersenen. We doen dit op drie manieren. Vooreerst kijken we naar het hersenweefsel: welke structurele of chemische afwijkingen kunnen het bestaan van leer- en ontwikkelingsstoornissen verklaren? Ten tweede worden basisprincipes van enkele (oude en recente) medische beeldvormingtechnieken verklaard, om vervolgens een overzicht te geven van belangrijke, wetenschappelijke studies die helpen aan te tonen hoe anders de hersenen van leer- en ontwikkelingsgestoorde kinderen en volwassenen werken. Sommigen hebben echter geen hoge pet op van medische beeldvorming. Zij kijken veel liever naar wat mensen doen en hoe ze het doen en of daar patronen in te herkennen zijn. Daarom gaan we in een derde deel in op enkele beroemde, zoniet beruchte, stellingen die gebaseerd zijn op ''gelijktijdig optredende gedragssymptomen''.
Dit boek is bedoeld als inleiding. Medische voorkennis is niet vereist. Tekst en figuren leveren voldoende bouwstenen om tot een onderbouwde visie te komen. Voor vele leraren is dit een kennismaking met het boeiend domein van de neuropsychologie. Voor clinici kan dit een geactualiseerde opfrissing zijn.
Peter van Vugt is doctor in de Medische Wetenschappen. Hij publiceert over neuropsychologische onderwerpen (o.a. aphasia, autism, dyscalculia, dyslexia, hallucinosis, hemispatial neglect, learning disabilities, MCDD, migraine, tactile agnosia, temporal lobe epilepsy). Als licentiaat in de Romaanse filologie heeft hij ook onderwijservaring. Hij heeft ruime expertise als begeleider van nascholingen. Verder is hij lid van verschillende wetenschappelijke verenigingen en is hij adviseur bij verenigingen van ouders die kinderen hebben met leerstoornissen.
