Filter
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Segregatie in het basisonderwijs: geen zwart-wit verhaal

 21,00
In dit boek worden de resultaten gepresenteerd van een grootschalig onderzoek naar segregatie in het basisonderwijs in drie Vlaamse steden. Een primeur, want eerder onderzoek hiernaar is schaars. Segregatie wordt niet alleen beschreven en gemeten, maar ook onderzocht naar zijn oorzaken en gevolgen.

De resultaten worden bovendien op een aangenaam leesbare manier voorgesteld aan de lezer. Naast deze wetenschappelijke bevindingen wordt dit boek verrijkt met reflecties van practici, beleidsmakers en andere wetenschappers in het onderwijsveld. Kortom, dit boek geeft gefundeerde én genuanceerde antwoorden op vele vragen met betrekking tot segregatie in het onderwijs.

Orhan Agirdag is doctor in de sociologie. Hij is momenteel als post-doctoraal onderzoeker verbonden aan de onderzoeksgroep CuDOS van de Gentse Universiteit, en als Fulbright en Belgian American Educational Foundation fellow verbonden aan University of California, Los Angeles. Zijn werk over onderwijsongelijkheid, meertaligheid en schoolsegregatie is gepubliceerd in tal van internationale journals.

Ward Nouwen is Master in de Sociologie en is momenteel als onderzoeksmedewerker verbonden aan de Universiteit Antwerpen, Centrum voor Migratie en Interculturele Studies. Tijdens het onderzoeksproject naar segregatie in het basisonderwijs werkte hij tevens als onderzoeker aan de KULeuven, meer bepaald aan het onderzoeksinstituut HIVA.

Paul Mahieu is doctor in de politieke en sociale wetenschappen. Hij is voorzitter van het Instituut voor Onderwijs en Informatiewetenschappen. Zijn onderzoek situeert zich op het snijvlak tussen maatschappelijke ontwikkelingen en schoolbeleid. Tussen 2003 en 2011 was hij voorzitter van het Lokaal Overlegplatform basisonderwijs in Antwerpen.

Piet Van Avermaet is verbonden aan de Faculteit Letteren en Wijsbegeerte van de Universiteit Gent. Hij doceert er “multiculturalismestudies”. Momenteel is hij directeur van het Steunpunt Diversiteit & Leren van de UGent. Zijn expertise en onderzoeksinteresses omvatten ondermeer diversiteit en sociale ongelijkheid in onderwijs, onderwijslinguïstiek, multicultureel en meertalig onderwijs, taal en integratie, sociolinguïstiek en taaltoetsing.

Mieke Van Houtte is doctor in de sociologie. Ze is als hoofddocent verbonden aan de Vakgroep Sociologie (UGent), en ze staat aan het hoofd van de onderzoeksgroep CuDOS (Cultural Diversity: Opportunities & Socialisation). Ze is sinds 2009 ook voorzitter van de Vereniging voor Sociologie (VVS). In haar werk focust ze op de invloed van schoolkenmerken op de prestaties en het welbevinden van jongeren, met bijzondere aandacht voor seksuele en socioculturele minderheden.

Anneloes Vandenbroucke is doctor in de psychologie en als onderzoeksleider verbonden aan de HIVA onderzoeksgroep Onderwijs en Levenslang Leren (KULeuven). Zij doet onderzoek naar sociale ongelijkheid binnen het onderwijs en naar de positie van leerlingen met een migratieachtergrond in het bijzonder.

Quick View

Segregatie in het basisonderwijs: geen zwart-wit verhaal

 21,00
In dit boek worden de resultaten gepresenteerd van een grootschalig onderzoek naar segregatie in het basisonderwijs in drie Vlaamse steden. Een primeur, want eerder onderzoek hiernaar is schaars. Segregatie wordt niet alleen beschreven en gemeten, maar ook onderzocht naar zijn oorzaken en gevolgen.

De resultaten worden bovendien op een aangenaam leesbare manier voorgesteld aan de lezer. Naast deze wetenschappelijke bevindingen wordt dit boek verrijkt met reflecties van practici, beleidsmakers en andere wetenschappers in het onderwijsveld. Kortom, dit boek geeft gefundeerde én genuanceerde antwoorden op vele vragen met betrekking tot segregatie in het onderwijs.

Orhan Agirdag is doctor in de sociologie. Hij is momenteel als post-doctoraal onderzoeker verbonden aan de onderzoeksgroep CuDOS van de Gentse Universiteit, en als Fulbright en Belgian American Educational Foundation fellow verbonden aan University of California, Los Angeles. Zijn werk over onderwijsongelijkheid, meertaligheid en schoolsegregatie is gepubliceerd in tal van internationale journals.

Ward Nouwen is Master in de Sociologie en is momenteel als onderzoeksmedewerker verbonden aan de Universiteit Antwerpen, Centrum voor Migratie en Interculturele Studies. Tijdens het onderzoeksproject naar segregatie in het basisonderwijs werkte hij tevens als onderzoeker aan de KULeuven, meer bepaald aan het onderzoeksinstituut HIVA.

Paul Mahieu is doctor in de politieke en sociale wetenschappen. Hij is voorzitter van het Instituut voor Onderwijs en Informatiewetenschappen. Zijn onderzoek situeert zich op het snijvlak tussen maatschappelijke ontwikkelingen en schoolbeleid. Tussen 2003 en 2011 was hij voorzitter van het Lokaal Overlegplatform basisonderwijs in Antwerpen.

Piet Van Avermaet is verbonden aan de Faculteit Letteren en Wijsbegeerte van de Universiteit Gent. Hij doceert er “multiculturalismestudies”. Momenteel is hij directeur van het Steunpunt Diversiteit & Leren van de UGent. Zijn expertise en onderzoeksinteresses omvatten ondermeer diversiteit en sociale ongelijkheid in onderwijs, onderwijslinguïstiek, multicultureel en meertalig onderwijs, taal en integratie, sociolinguïstiek en taaltoetsing.

Mieke Van Houtte is doctor in de sociologie. Ze is als hoofddocent verbonden aan de Vakgroep Sociologie (UGent), en ze staat aan het hoofd van de onderzoeksgroep CuDOS (Cultural Diversity: Opportunities & Socialisation). Ze is sinds 2009 ook voorzitter van de Vereniging voor Sociologie (VVS). In haar werk focust ze op de invloed van schoolkenmerken op de prestaties en het welbevinden van jongeren, met bijzondere aandacht voor seksuele en socioculturele minderheden.

Anneloes Vandenbroucke is doctor in de psychologie en als onderzoeksleider verbonden aan de HIVA onderzoeksgroep Onderwijs en Levenslang Leren (KULeuven). Zij doet onderzoek naar sociale ongelijkheid binnen het onderwijs en naar de positie van leerlingen met een migratieachtergrond in het bijzonder.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Zelfverwonding. Psychodynamiek en psychotherapie (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 16)

 22,60
Automutilatie vertrekt vanuit een noodsituatie. Het is een poging tot evacuatie van ondraaglijke inhouden, tot vermindering van onnoembare spanningen, tot non-verbale communicatie… Het is vaak een vorm van zich behelpen zonder appel op of tussenkomst van de ander en gaat dan gepaard met verstomming, zwijgen of verzwijgen. Daden nemen de plaats in van woorden. Hier en daar kan automutilatie evolueren tot een soort verslaving of addictie, die in een spielerei wel eens met één d geschreven wordt: a-dictie. Zonder spreken.

Binnen de hulpverlening is het in elk geval van het grootste belang een professionele houding en inzet te bewaren tegenover dit soms traumatiserend verschijnsel. Het is geen sinecure om de neiging tot reageren vanuit diverse negatieve gevoelens door te denken, te verteren en te bevatten. Automutilatie is een uiterst gevoelig en complex thema dat menig GGZ-werker voor bijzondere uitdagingen plaatst. Conform het profiel van deze boekenreeks wordt een en ander vanuit diverse theoretische en klinische perspectieven belicht. Zo wordt gezorgd voor meerdere kaarten die er hopelijk (nu eens naast, dan weer op elkaar) toe bijdragen een duister en onherbergzaam gebied te helpen ontsluiten.

Mark Kinet is psychiater en (klinisch) psychotherapeut in de Kliniek St-Jozef, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie in Pittem, en hij voert een zelfstandige psychoanalytische praktijk in Gent. Hij is o.a. coördinator van de reeks Psychoanalytisch Actueel, bestuurslid van de Stichting Psychoanalyse en Cultuur en auteur van o.a. Freud & co in de psychiatrie en De wetenschap van de liefde en de kunst van de computeranalyse.

Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu

"zeer leerzaam, prettig lezend en overzichtelijk boek, waarin moderne psychoanalytische theorieën op een vanzelfsprekende manier geïntegreerd zijn zonder dat de duidelijke verschillen in visie en theorie van de schrijvers daarmee verdonkeremaand werden" MGv (jrg. 67, nr. 6, blz. 341-342)

Dit is een zeer rijke bundel die licht werpt op een bloedstollend onderwerp dat de analyticus en psychotherapeut doet huiveren, bij de keel grijpt en met stomheid slaat."
Tijdschrift voor Psychoanalyse (jrg. 20, nr. 1, blz. 77)

Quick View

Zelfverwonding. Psychodynamiek en psychotherapie (Reeks Psychoanalytisch Actueel, nr. 16)

 22,60
Automutilatie vertrekt vanuit een noodsituatie. Het is een poging tot evacuatie van ondraaglijke inhouden, tot vermindering van onnoembare spanningen, tot non-verbale communicatie… Het is vaak een vorm van zich behelpen zonder appel op of tussenkomst van de ander en gaat dan gepaard met verstomming, zwijgen of verzwijgen. Daden nemen de plaats in van woorden. Hier en daar kan automutilatie evolueren tot een soort verslaving of addictie, die in een spielerei wel eens met één d geschreven wordt: a-dictie. Zonder spreken.

Binnen de hulpverlening is het in elk geval van het grootste belang een professionele houding en inzet te bewaren tegenover dit soms traumatiserend verschijnsel. Het is geen sinecure om de neiging tot reageren vanuit diverse negatieve gevoelens door te denken, te verteren en te bevatten. Automutilatie is een uiterst gevoelig en complex thema dat menig GGZ-werker voor bijzondere uitdagingen plaatst. Conform het profiel van deze boekenreeks wordt een en ander vanuit diverse theoretische en klinische perspectieven belicht. Zo wordt gezorgd voor meerdere kaarten die er hopelijk (nu eens naast, dan weer op elkaar) toe bijdragen een duister en onherbergzaam gebied te helpen ontsluiten.

Mark Kinet is psychiater en (klinisch) psychotherapeut in de Kliniek St-Jozef, Centrum voor Psychiatrie en Psychotherapie in Pittem, en hij voert een zelfstandige psychoanalytische praktijk in Gent. Hij is o.a. coördinator van de reeks Psychoanalytisch Actueel, bestuurslid van de Stichting Psychoanalyse en Cultuur en auteur van o.a. Freud & co in de psychiatrie en De wetenschap van de liefde en de kunst van de computeranalyse.

Zie ook www.psychoanalytischactueel.eu

"zeer leerzaam, prettig lezend en overzichtelijk boek, waarin moderne psychoanalytische theorieën op een vanzelfsprekende manier geïntegreerd zijn zonder dat de duidelijke verschillen in visie en theorie van de schrijvers daarmee verdonkeremaand werden" MGv (jrg. 67, nr. 6, blz. 341-342)

Dit is een zeer rijke bundel die licht werpt op een bloedstollend onderwerp dat de analyticus en psychotherapeut doet huiveren, bij de keel grijpt en met stomheid slaat."
Tijdschrift voor Psychoanalyse (jrg. 20, nr. 1, blz. 77)

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Uitdagingen voor de ziekenfondsen van de 21e eeuw

 18,50
In dit boek geeft <b<Geert Messiaen zijn toekomstgerichte visie over de belangrijkste uitdagingen die ziekenfondsen in de komende decennia te wachten staan. Op basis van zijn jarenlange ervaring, inzet en gedrevenheid bespreekt hij de ingrijpende realisaties die nodig zijn, zowel op maatschappelijk vlak als ten dienste van de medemens.

Eerder verscheen van hem bij Garant: ‘Gezondheid is geen koopwaar’ (2009).

Geert Messiaen is secretaris-generaal van de Landsbond van Liberale Mutualiteiten.
Zie ook www.geert-messiaen.be.

Quick View

Uitdagingen voor de ziekenfondsen van de 21e eeuw

 18,50
In dit boek geeft <b<Geert Messiaen zijn toekomstgerichte visie over de belangrijkste uitdagingen die ziekenfondsen in de komende decennia te wachten staan. Op basis van zijn jarenlange ervaring, inzet en gedrevenheid bespreekt hij de ingrijpende realisaties die nodig zijn, zowel op maatschappelijk vlak als ten dienste van de medemens.

Eerder verscheen van hem bij Garant: ‘Gezondheid is geen koopwaar’ (2009).

Geert Messiaen is secretaris-generaal van de Landsbond van Liberale Mutualiteiten.
Zie ook www.geert-messiaen.be.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Tien keer beter! 4 – Verbeteren van onderwijspraktijk door onderzoek (Reeks Praktijk in Onderzoek, nr. 7)

 15,90

In dit boek staan voorbeelden van betere onderwijspraktijk. De kern van dit boek wordt gevormd door de hoofdstukken waarin tien studenten van de opleiding tot Master Special Educational Needs ‘hun verhaal’ vertellen. Verhalen die aantonen dat beter onderwijs groeit in de praktijk. “Bij actieonderzoek doen leerkrachten onderzoek naar de problemen en vraagstukken van hun eigen onderwijspraktijk en ontwerpen hier oplossingen voor. Niemand kent immers zijn klaslokaal beter dan de leerkracht die er elke dag in werkt.” (Cornelissen, 2009). Met de invoering van de bachelor-masterstructuur heeft het praktijkgericht onderzoek aan Nederlandse hogescholen een grote vlucht genomen.

Omdat onderwijs en opleiden voor onderwijs altijd beter kan, wordt in dit boek ook gerapporteerd over de constructie van een vragenlijst die in kaart brengt wat studenten leren van het doen van praktijkgericht onderzoek. Hiertoe zijn de alumni 2011 van de Master SEN bij Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg benaderd. Een onderzoek dat een stevige basis legt voor de IPPOD. De vragenlijst die meer kijk moet bieden op de impact en het proces van praktijkgericht onderzoek. Uit een eerste peiling komen al kansen naar voren om nog meer bij te dragen aan een reflectief-onderzoekende houding bij onderwijsprofessionals. Een houding die ten grondslag ligt aan een duurzame verbetering van het onderwijs.

Op weg naar de invoering van Passend onderwijs worden termen als ‘onderwijszorg’ en ‘zorgleerling’ in de beleidsstukken steeds meer vervangen door ‘onderwijsondersteuning’ en ‘leerling met extra ondersteuningsbehoefte’. Ook begrippen als schoolondersteuningsprofiel, de ondersteuningsstructuur van het samenwerkingsverband, ondersteuningsvoorzieningen, ondersteuningsplan, ondersteuningsmiddelen, basisondersteuning (was basiszorg) en speciale ondersteuning (was zware zorg) doen hun intrede. Het medisch model maakt steeds meer plaats voor het burgerschapsdenken. Het zijn die inzichten die in de opleiding tot Master SEN groeien. Ook in die zin biedt dit boek tekenen van ontwikkeling in een tijdsgewricht van merkbare maatschappelijke veranderingen. Het wijst erop dat Fontys OSO daar klaar voor is.

Joost Kentson (voorzitter de Onderwijscoöperatie) over de Master SEN: “Als je investeert in scholing dan gaat daarmee de kwaliteit van de mensen omhoog. Dat is een één-op-één-relatie. De invulling van je werk wordt daarmee anders.”


Quick View

Tien keer beter! 4 – Verbeteren van onderwijspraktijk door onderzoek (Reeks Praktijk in Onderzoek, nr. 7)

 15,90

In dit boek staan voorbeelden van betere onderwijspraktijk. De kern van dit boek wordt gevormd door de hoofdstukken waarin tien studenten van de opleiding tot Master Special Educational Needs ‘hun verhaal’ vertellen. Verhalen die aantonen dat beter onderwijs groeit in de praktijk. “Bij actieonderzoek doen leerkrachten onderzoek naar de problemen en vraagstukken van hun eigen onderwijspraktijk en ontwerpen hier oplossingen voor. Niemand kent immers zijn klaslokaal beter dan de leerkracht die er elke dag in werkt.” (Cornelissen, 2009). Met de invoering van de bachelor-masterstructuur heeft het praktijkgericht onderzoek aan Nederlandse hogescholen een grote vlucht genomen.

Omdat onderwijs en opleiden voor onderwijs altijd beter kan, wordt in dit boek ook gerapporteerd over de constructie van een vragenlijst die in kaart brengt wat studenten leren van het doen van praktijkgericht onderzoek. Hiertoe zijn de alumni 2011 van de Master SEN bij Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg benaderd. Een onderzoek dat een stevige basis legt voor de IPPOD. De vragenlijst die meer kijk moet bieden op de impact en het proces van praktijkgericht onderzoek. Uit een eerste peiling komen al kansen naar voren om nog meer bij te dragen aan een reflectief-onderzoekende houding bij onderwijsprofessionals. Een houding die ten grondslag ligt aan een duurzame verbetering van het onderwijs.

Op weg naar de invoering van Passend onderwijs worden termen als ‘onderwijszorg’ en ‘zorgleerling’ in de beleidsstukken steeds meer vervangen door ‘onderwijsondersteuning’ en ‘leerling met extra ondersteuningsbehoefte’. Ook begrippen als schoolondersteuningsprofiel, de ondersteuningsstructuur van het samenwerkingsverband, ondersteuningsvoorzieningen, ondersteuningsplan, ondersteuningsmiddelen, basisondersteuning (was basiszorg) en speciale ondersteuning (was zware zorg) doen hun intrede. Het medisch model maakt steeds meer plaats voor het burgerschapsdenken. Het zijn die inzichten die in de opleiding tot Master SEN groeien. Ook in die zin biedt dit boek tekenen van ontwikkeling in een tijdsgewricht van merkbare maatschappelijke veranderingen. Het wijst erop dat Fontys OSO daar klaar voor is.

Joost Kentson (voorzitter de Onderwijscoöperatie) over de Master SEN: “Als je investeert in scholing dan gaat daarmee de kwaliteit van de mensen omhoog. Dat is een één-op-één-relatie. De invulling van je werk wordt daarmee anders.”


Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Opbrengstgericht werken: Vlot en Vloeiend lezen. Werkboek voor Pabostudenten

 19,00
Opbrengstgericht werken krijgt veel aandacht in Nederland. Een verklaring hiervoor is dat te veel kinderen na groep 8 met een te laag niveau voor technisch lezen de basisschool verlaten. Door opbrengstgericht werken wordt op een planmatige wijze met evidence based gebleken aanpakken gewerkt aan het verbeteren van de leesresultaten.

In het werkboek worden technisch lezen en opbrengstgericht werken sterk aan elkaar gekoppeld. Waarom? Niet goed leren technisch lezen heeft voor een kind ingrijpende negatieve gevolgen, zowel voor de schoolloopbaan als het latere maatschappelijk functioneren. In een kenniseconomie, zoals Nederland die wil zijn, is leesvaardigheid een belangrijke sleutel om te kunnen participeren in de samenleving.Het is daarom van belang, dat alle kinderen vlotte en vloeiende lezers worden.

Vlot lezen betekent dat ze woorden automatisch, zonder bewuste aandacht kunnen lezen, zodat ze al hun aandacht op de inhoud van de tekst – het begrijpen – kunnen richten. Vloeiend lezen houdt in dat als de leerlingen een tekst hardop lezen, ze dit met de juiste accenten en faseringen doen, zodat voor de omgeving duidelijk is, dat de leerlingen de tekst ook begrijpen.

Dr. Kees Vernooy is als lector verbonden aan de hogeschool Edith Stein.Drs. Richard Vollenbroek is docent Nederlands aan de hogeschool Edith Stein.Trees van der Hoogt is docent Nederlands aan de hogeschool Edith Stein.

Bij Garant verscheen ook zijn boek Elk kind een lezer.

Quick View

Opbrengstgericht werken: Vlot en Vloeiend lezen. Werkboek voor Pabostudenten

 19,00
Opbrengstgericht werken krijgt veel aandacht in Nederland. Een verklaring hiervoor is dat te veel kinderen na groep 8 met een te laag niveau voor technisch lezen de basisschool verlaten. Door opbrengstgericht werken wordt op een planmatige wijze met evidence based gebleken aanpakken gewerkt aan het verbeteren van de leesresultaten.

In het werkboek worden technisch lezen en opbrengstgericht werken sterk aan elkaar gekoppeld. Waarom? Niet goed leren technisch lezen heeft voor een kind ingrijpende negatieve gevolgen, zowel voor de schoolloopbaan als het latere maatschappelijk functioneren. In een kenniseconomie, zoals Nederland die wil zijn, is leesvaardigheid een belangrijke sleutel om te kunnen participeren in de samenleving.Het is daarom van belang, dat alle kinderen vlotte en vloeiende lezers worden.

Vlot lezen betekent dat ze woorden automatisch, zonder bewuste aandacht kunnen lezen, zodat ze al hun aandacht op de inhoud van de tekst – het begrijpen – kunnen richten. Vloeiend lezen houdt in dat als de leerlingen een tekst hardop lezen, ze dit met de juiste accenten en faseringen doen, zodat voor de omgeving duidelijk is, dat de leerlingen de tekst ook begrijpen.

Dr. Kees Vernooy is als lector verbonden aan de hogeschool Edith Stein.Drs. Richard Vollenbroek is docent Nederlands aan de hogeschool Edith Stein.Trees van der Hoogt is docent Nederlands aan de hogeschool Edith Stein.

Bij Garant verscheen ook zijn boek Elk kind een lezer.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

SI-eenheden

 9,00
SI-eenheden zijn sterk ingeburgerd. Om er vlot mee te kunnen werken is het belangrijk de opbouw ervan goed te kennen.

Deze gids is bestemd voor iedereen die snel SI-eenheden, afgeleide SI-eenheden en niet-SI-eenheden wil consulteren. Hij helpt zowel de student, de professionele gebruiker als de liefhebber.

Jef Vercammen volgde de opleiding industrieel ingenieur aan het De Nayer Instituut in Mechelen. Hij is projectingenieur bij Openbare Werken van de Vlaamse Gemeenschap.

Quick View

SI-eenheden

 9,00
SI-eenheden zijn sterk ingeburgerd. Om er vlot mee te kunnen werken is het belangrijk de opbouw ervan goed te kennen.

Deze gids is bestemd voor iedereen die snel SI-eenheden, afgeleide SI-eenheden en niet-SI-eenheden wil consulteren. Hij helpt zowel de student, de professionele gebruiker als de liefhebber.

Jef Vercammen volgde de opleiding industrieel ingenieur aan het De Nayer Instituut in Mechelen. Hij is projectingenieur bij Openbare Werken van de Vlaamse Gemeenschap.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

De stemgids

 24,60
Deze uitgave is een vervolg op Mijn stem, mijn beroep. Handleiding voor de professionele stemgebruiker en is er tegelijk een aanvullende herziening van. De aandacht voor de stem bij professionele stemgebruikers blijft toenemen. Dit blijkt niet alleen uit de plaats die stem en stemgebruik in opleidingen van leerkrachten, acteurs, zangers, presentatoren en andere stemprofessionelen innemen, maar ook uit het toenemende aantal gebruikers dat een beroep doet op neuskeeloorartsen en logopedisten.

De gids, die bestemd is voor iedereen die zijn of haar stem veel gebruikt, geeft niet alleen informatie maar ook heel concrete richtlijnen, adviezen en oefeningen voor goed stemgebruik en een correcte stemverzorging. Daarmee moeten onder meer stemproblemen als heesheid, spreekvermoeidheid, stemplooiknobbels en andere ongemakken worden voorkomen of verholpen.

Louis Heylen, logopedist en doctor in de medische wetenschappen, is directeur van het Centrum voor Ambulante Revalidatie en het Revalidatiecentrum voor Niet-Aangeboren Hersenletsel in Turnhout. Hij is postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen en gastprofessor aan de opleiding Logopedie en Audiologie van de Universiteit Gent.

Marc De Bodt, logopedist en doctor in de medische wetenschappen, is directeur van het Revalidatiecentrum voor Communicatiestoornissen van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen en docent-onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding Logopedie en Audiologie van de Universiteit Gent.

Fons Mertens, logopedist, is voormalig diensthoofd en adviseur van de Dienst Logopedie van KMSL – Kristelijk Medico-Sociaal Leven in Turnhout. Hij is expert in stemstoornissen en gaf mee gestalte aan de postacademische vorming stem aan de Universiteit Antwerpen.

Quick View

De stemgids

 24,60
Deze uitgave is een vervolg op Mijn stem, mijn beroep. Handleiding voor de professionele stemgebruiker en is er tegelijk een aanvullende herziening van. De aandacht voor de stem bij professionele stemgebruikers blijft toenemen. Dit blijkt niet alleen uit de plaats die stem en stemgebruik in opleidingen van leerkrachten, acteurs, zangers, presentatoren en andere stemprofessionelen innemen, maar ook uit het toenemende aantal gebruikers dat een beroep doet op neuskeeloorartsen en logopedisten.

De gids, die bestemd is voor iedereen die zijn of haar stem veel gebruikt, geeft niet alleen informatie maar ook heel concrete richtlijnen, adviezen en oefeningen voor goed stemgebruik en een correcte stemverzorging. Daarmee moeten onder meer stemproblemen als heesheid, spreekvermoeidheid, stemplooiknobbels en andere ongemakken worden voorkomen of verholpen.

Louis Heylen, logopedist en doctor in de medische wetenschappen, is directeur van het Centrum voor Ambulante Revalidatie en het Revalidatiecentrum voor Niet-Aangeboren Hersenletsel in Turnhout. Hij is postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen en gastprofessor aan de opleiding Logopedie en Audiologie van de Universiteit Gent.

Marc De Bodt, logopedist en doctor in de medische wetenschappen, is directeur van het Revalidatiecentrum voor Communicatiestoornissen van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen en docent-onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast is hij gastprofessor aan de opleiding Logopedie en Audiologie van de Universiteit Gent.

Fons Mertens, logopedist, is voormalig diensthoofd en adviseur van de Dienst Logopedie van KMSL – Kristelijk Medico-Sociaal Leven in Turnhout. Hij is expert in stemstoornissen en gaf mee gestalte aan de postacademische vorming stem aan de Universiteit Antwerpen.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Goesting in leren en werken

 29,90
In het project GoLeWe – Goesting in Leren en Werken werkten zeven hogescholen, twee universitaire onderzoekscentra en vijf middelbare scholen uit de grensbrede regio Vlaanderen-Nederland samen. Het beeld dat deze projectpartners voor ogen hebben, is dat jongeren er zin in hebben om naar school te gaan en te leren. En later als ze afgestudeerd zijn: zin hebben en voldoening vinden in hun werk.

Het Vlaamse woord ‘goesting’ drukt uit dat je zin in iets hebt vanuit je hart (je gevoel gaat er naar uit), je handen (die al gaan kriebelen) en vanuit een buikgevoel (een verlangen). Het hoofd volgt dan ook: je bent dan ook mentaal ingesteld op de dingen waarvoor je goesting hebt. Als je goesting hebt in je leren en werken, dan ben je gemotiveerd en enthousiast en zit je in je flow. Jongeren moeten hun kwaliteiten kunnen uitbouwen tot competenties die nodig zijn in de maatschappij en in het werkveld. Jongafgestudeerden moeten werk vinden dat aansluit bij hun eigen mogelijkheden, motivatie en ambities.

Het boek behandelt thema’s omtrent de overgang naar hoger onderwijs, leren in het hoger onderwijs en samenwerking tussen hoger onderwijs en werkveld. Het inspireert onderwijsverantwoordelijken, coördinatoren, begeleiders, leraren en docenten van middelbaar en hoger onderwijs en verantwoordelijken van bedrijven en organisaties die overtuigd zijn van het belang van een nauwere samenwerking tussen onderwijs en werkveld.

Herman Van de Mosselaer is diensthoofd Onderwijs en onderzoek aan de Plantijn Hogeschool in Antwerpen. Hij was projectcoördinator van GoLeWe. Peter Van Petegem is hoogleraar aan het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij leidt er ook de onderzoeksgroep EduBROn en het ECHO – Expertisecentrum Hoger Onderwijs. Diana van Dijk is docent communicatieve vaardigheden aan NHTV – Internationaal hoger onderwijs in Breda. Liesbeth Michiels was projectcoördinator GoLeWe voor de Provinciale Hogeschool Limburg in Hasselt en leercoach in het Departement Beeldende Kunst van deze hogeschool. Nu is zij stafmedewerker onderwijs bij het Sint-Ursula-Instituut in O.-L.-V.-Waver.

Quick View

Goesting in leren en werken

 29,90
In het project GoLeWe – Goesting in Leren en Werken werkten zeven hogescholen, twee universitaire onderzoekscentra en vijf middelbare scholen uit de grensbrede regio Vlaanderen-Nederland samen. Het beeld dat deze projectpartners voor ogen hebben, is dat jongeren er zin in hebben om naar school te gaan en te leren. En later als ze afgestudeerd zijn: zin hebben en voldoening vinden in hun werk.

Het Vlaamse woord ‘goesting’ drukt uit dat je zin in iets hebt vanuit je hart (je gevoel gaat er naar uit), je handen (die al gaan kriebelen) en vanuit een buikgevoel (een verlangen). Het hoofd volgt dan ook: je bent dan ook mentaal ingesteld op de dingen waarvoor je goesting hebt. Als je goesting hebt in je leren en werken, dan ben je gemotiveerd en enthousiast en zit je in je flow. Jongeren moeten hun kwaliteiten kunnen uitbouwen tot competenties die nodig zijn in de maatschappij en in het werkveld. Jongafgestudeerden moeten werk vinden dat aansluit bij hun eigen mogelijkheden, motivatie en ambities.

Het boek behandelt thema’s omtrent de overgang naar hoger onderwijs, leren in het hoger onderwijs en samenwerking tussen hoger onderwijs en werkveld. Het inspireert onderwijsverantwoordelijken, coördinatoren, begeleiders, leraren en docenten van middelbaar en hoger onderwijs en verantwoordelijken van bedrijven en organisaties die overtuigd zijn van het belang van een nauwere samenwerking tussen onderwijs en werkveld.

Herman Van de Mosselaer is diensthoofd Onderwijs en onderzoek aan de Plantijn Hogeschool in Antwerpen. Hij was projectcoördinator van GoLeWe. Peter Van Petegem is hoogleraar aan het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij leidt er ook de onderzoeksgroep EduBROn en het ECHO – Expertisecentrum Hoger Onderwijs. Diana van Dijk is docent communicatieve vaardigheden aan NHTV – Internationaal hoger onderwijs in Breda. Liesbeth Michiels was projectcoördinator GoLeWe voor de Provinciale Hogeschool Limburg in Hasselt en leercoach in het Departement Beeldende Kunst van deze hogeschool. Nu is zij stafmedewerker onderwijs bij het Sint-Ursula-Instituut in O.-L.-V.-Waver.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

`Iets´ maken. Beeldend werken nader bekeken

 32,80

In dit essay staat de ervaring van ‘iets maken’ centraal:
  • Wat gebeurt er als iemand tekent, beeldhouwt, schildert of boetseert?
  • Welke krachten beïnvloeden de maker, die een portret schildert?


  • Nooit eerder werd de dynamiek van het beeldend proces op een onderzoekende manier beschreven. De schrijvers vonden woorden voor een bedrijvig proces, dat zich meestal stilzwijgend voltrekt.

    Aan de orde komt onder anderen:
  • wat er gebeurt er in handen die beeldend werken.
  • wat is dat bijzondere moment van schepping, als de maker er iets in gaat zien.
  • de wisselwerking tussen de zintuigen, de handeling en de beelden die in het brein opkomen.
  • scheppingsverhalen, mythologische vertellingen en de invloed van onze door digitale technologie bewogen samenleving.


  • Het proces van de creatieve dadendrang wordt beschreven vanuit filosofische perspectieven. Enkele thema’s zijn: orde en chaos; esthetiek en ethiek; de rol van kennen, kunnen en vergeten.

    De kennis van ‘iets maken’ is gebaseerd op de praktijk van ruim 60 jaar beeldende therapie. In eerste instantie is ‘iets maken’ geschreven voor beeldend therapeuten, docenten beeldende vorming en beeldend kunstenaars, kortom professionals en studenten in het beeldend vakgebied.

    De impressionistische, soms poëtische stijl van dit boek maakt ‘iets maken’ leesbaar voor eenieder, die meer wil weten van wat er gebeurt, als iemand de handen in de klei steekt en iets maakt.



    Heidi Muijen (1959) is filosoof, beeldend therapeut, trainer, supervisor en coach. Betrokken bij een aantal master opleidingen begeleidingskunde en arts therapies. Zij heeft een eigen praktijk voor levenskunst: Thymia (www.thymia.nl) en www.menskenjezelf.nl.

    Louis van Marissing (1951) is beeldend kunstenaar, beeldend therapeut, trainer, supervisor en coach. In Amsterdam heeft hij een eigen praktijk: PER FORM (www.louisvanmarissing.nl).

    ‘iets maken’ werd geschreven ter gelegenheid van het lustrum van de Nederlandse Vereniging voor Beeldende Therapie.

    Quick View

    `Iets´ maken. Beeldend werken nader bekeken

     32,80

    In dit essay staat de ervaring van ‘iets maken’ centraal:
  • Wat gebeurt er als iemand tekent, beeldhouwt, schildert of boetseert?
  • Welke krachten beïnvloeden de maker, die een portret schildert?


  • Nooit eerder werd de dynamiek van het beeldend proces op een onderzoekende manier beschreven. De schrijvers vonden woorden voor een bedrijvig proces, dat zich meestal stilzwijgend voltrekt.

    Aan de orde komt onder anderen:
  • wat er gebeurt er in handen die beeldend werken.
  • wat is dat bijzondere moment van schepping, als de maker er iets in gaat zien.
  • de wisselwerking tussen de zintuigen, de handeling en de beelden die in het brein opkomen.
  • scheppingsverhalen, mythologische vertellingen en de invloed van onze door digitale technologie bewogen samenleving.


  • Het proces van de creatieve dadendrang wordt beschreven vanuit filosofische perspectieven. Enkele thema’s zijn: orde en chaos; esthetiek en ethiek; de rol van kennen, kunnen en vergeten.

    De kennis van ‘iets maken’ is gebaseerd op de praktijk van ruim 60 jaar beeldende therapie. In eerste instantie is ‘iets maken’ geschreven voor beeldend therapeuten, docenten beeldende vorming en beeldend kunstenaars, kortom professionals en studenten in het beeldend vakgebied.

    De impressionistische, soms poëtische stijl van dit boek maakt ‘iets maken’ leesbaar voor eenieder, die meer wil weten van wat er gebeurt, als iemand de handen in de klei steekt en iets maakt.



    Heidi Muijen (1959) is filosoof, beeldend therapeut, trainer, supervisor en coach. Betrokken bij een aantal master opleidingen begeleidingskunde en arts therapies. Zij heeft een eigen praktijk voor levenskunst: Thymia (www.thymia.nl) en www.menskenjezelf.nl.

    Louis van Marissing (1951) is beeldend kunstenaar, beeldend therapeut, trainer, supervisor en coach. In Amsterdam heeft hij een eigen praktijk: PER FORM (www.louisvanmarissing.nl).

    ‘iets maken’ werd geschreven ter gelegenheid van het lustrum van de Nederlandse Vereniging voor Beeldende Therapie.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Samenwerkingsgerichte hulpverlening met multi-gestresseerde gezinnen

     40,10
    Het werken met gezinnen met een complexe en multipele problematiek is geen sinecure. Maar hoeveel er ook kan foutlopen in een gezin, er zijn altijd ook zaken die wel goed gaan, en waaruit kracht en inspiratie kan worden geput. Cliënten zijn immers meer dan de som van hun problemen. Bij hulpverlening mag dus niet uitsluitend tijd worden besteed aan de analyse en correctie van oude problemen.

    In plaats daarvan moet een hulpverleningsmodel worden aangeboden waarbij families weer voeling kunnen krijgen met de toekomst die ze voor zichzelf wensen, met hun mogelijkheden en uitdagingen. De hulpverlener is daarbij een ‘waarderende bondgenoot’.

    Met tal van casussen en voorbeelden van cliënt-hulpverlener dialogen worden de verschillende stappen en aspecten van deze manier van werken toegelicht.


    William C. Madsen is directeur van het trainingsprogramma ‘Samenwerkingsgerichte en narratieve therapieën’ aan het Instituut voor Gezinstherapie in Cambridge.

    De Nederlandse versie van het boek, gecoördineerd door Mies De Cock, is een initiatief van Begeleidingscentrum Wingerdbloei in Antwerpen.

    Quick View

    Samenwerkingsgerichte hulpverlening met multi-gestresseerde gezinnen

     40,10
    Het werken met gezinnen met een complexe en multipele problematiek is geen sinecure. Maar hoeveel er ook kan foutlopen in een gezin, er zijn altijd ook zaken die wel goed gaan, en waaruit kracht en inspiratie kan worden geput. Cliënten zijn immers meer dan de som van hun problemen. Bij hulpverlening mag dus niet uitsluitend tijd worden besteed aan de analyse en correctie van oude problemen.

    In plaats daarvan moet een hulpverleningsmodel worden aangeboden waarbij families weer voeling kunnen krijgen met de toekomst die ze voor zichzelf wensen, met hun mogelijkheden en uitdagingen. De hulpverlener is daarbij een ‘waarderende bondgenoot’.

    Met tal van casussen en voorbeelden van cliënt-hulpverlener dialogen worden de verschillende stappen en aspecten van deze manier van werken toegelicht.


    William C. Madsen is directeur van het trainingsprogramma ‘Samenwerkingsgerichte en narratieve therapieën’ aan het Instituut voor Gezinstherapie in Cambridge.

    De Nederlandse versie van het boek, gecoördineerd door Mies De Cock, is een initiatief van Begeleidingscentrum Wingerdbloei in Antwerpen.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Mentaliseren in beeldende vaktherapie. Met casuïstiek van Gizella Smet en Wijntje van der Ende

     40,10
    Gehechtheidtheorie en ontwikkelingspsychologie vormen de pijlers van het concept mentaliseren en worden met veel voorbeeldmateriaal beschreven. Beeldmateriaal toont proceservaringen van cliënten in zowel kinder- als volwassene casuïstiek.

    Met verve en passie worden de werkzame factoren van vaktherapie beeldend en muziek geanalyseerd, als het om mentaliseren in het medium gaat. Dit boek maakt het concept mentaliseren methodisch toegankelijk en vooral door het vele beeldmateriaal invoelbaar.

    Met enige creativiteit zijn voorbeelden toepasbaar in andere vaktherapeutische media.

    Het boek is boeiend lesmateriaal. Een inspiratiebron voor iedereen die geïnteresseerd is in mentaliseren.


    Marianne Verfaille is beeldend therapeut, zij heeft meerdere publicaties op haar naam staan. In 2004 is zij haar ontdekkingstocht gestart naar de mogelijkheden die beeldende vaktherapie biedt om het mentaliserende vermogen bij cliënten te vergroten.

    Quick View

    Mentaliseren in beeldende vaktherapie. Met casuïstiek van Gizella Smet en Wijntje van der Ende

     40,10
    Gehechtheidtheorie en ontwikkelingspsychologie vormen de pijlers van het concept mentaliseren en worden met veel voorbeeldmateriaal beschreven. Beeldmateriaal toont proceservaringen van cliënten in zowel kinder- als volwassene casuïstiek.

    Met verve en passie worden de werkzame factoren van vaktherapie beeldend en muziek geanalyseerd, als het om mentaliseren in het medium gaat. Dit boek maakt het concept mentaliseren methodisch toegankelijk en vooral door het vele beeldmateriaal invoelbaar.

    Met enige creativiteit zijn voorbeelden toepasbaar in andere vaktherapeutische media.

    Het boek is boeiend lesmateriaal. Een inspiratiebron voor iedereen die geïnteresseerd is in mentaliseren.


    Marianne Verfaille is beeldend therapeut, zij heeft meerdere publicaties op haar naam staan. In 2004 is zij haar ontdekkingstocht gestart naar de mogelijkheden die beeldende vaktherapie biedt om het mentaliserende vermogen bij cliënten te vergroten.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    Quick View
    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

    Statistiek voor economen

     39,90
    De economische wetenschap is een empirisch-wiskundige wetenschap. De rechtvaardiging van de kennis binnen deze wetenschap is immers afhankelijk van empirische observaties en tegelijk worden de theorieën op een wiskundige manier geformuleerd. Een econoom wordt dan ook verwacht in staat te zijn een economisch probleem op een wiskundige wijze te kunnen formuleren en op te lossen en de oplossing te toetsen aan de realiteit aan de hand van geobserveerde data. Om aan deze doelstellingen tegemoet te komen, is in een opleiding in de economische wetenschappen een basisscholing in wiskunde, statistiek en econometrie opgenomen.

    Dit studieboek biedt hierbij een gepaste introductie tot de statistiek. Deel 1 loodst de lezer door de beschrijvende statistiek en behandelt het verzamelen en zinvol voorstellen en samenvatten van data. Deel 2 is een introductie tot kansrekenen. Elke statistische analyse steunt immers op het kansrekenen. Deel 3 sluit af met statistische besluitvorming. Met behulp van een statistisch model worden wetenschappelijke conclusies uit de data gehaald. Economische voorbeelden begeleiden de aangebrachte materie. Bij elk deel zijn er tientallen oefeningen voorzien. Een basiskennis van optimalisatie- en integratietechnieken volstaat. Zo kan de praktische betekenis van het kansrekenen en de (univariatie) statistiek verzoend worden met een zeker inzicht in de meer theoretische concepten.

    Luc Lauwers doceert onder meer statistiek voor economen aan de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen van de KU Leuven en is er verbonden aan het Centrum voor Economische Studiën.

    Quick View

    Statistiek voor economen

     39,90
    De economische wetenschap is een empirisch-wiskundige wetenschap. De rechtvaardiging van de kennis binnen deze wetenschap is immers afhankelijk van empirische observaties en tegelijk worden de theorieën op een wiskundige manier geformuleerd. Een econoom wordt dan ook verwacht in staat te zijn een economisch probleem op een wiskundige wijze te kunnen formuleren en op te lossen en de oplossing te toetsen aan de realiteit aan de hand van geobserveerde data. Om aan deze doelstellingen tegemoet te komen, is in een opleiding in de economische wetenschappen een basisscholing in wiskunde, statistiek en econometrie opgenomen.

    Dit studieboek biedt hierbij een gepaste introductie tot de statistiek. Deel 1 loodst de lezer door de beschrijvende statistiek en behandelt het verzamelen en zinvol voorstellen en samenvatten van data. Deel 2 is een introductie tot kansrekenen. Elke statistische analyse steunt immers op het kansrekenen. Deel 3 sluit af met statistische besluitvorming. Met behulp van een statistisch model worden wetenschappelijke conclusies uit de data gehaald. Economische voorbeelden begeleiden de aangebrachte materie. Bij elk deel zijn er tientallen oefeningen voorzien. Een basiskennis van optimalisatie- en integratietechnieken volstaat. Zo kan de praktische betekenis van het kansrekenen en de (univariatie) statistiek verzoend worden met een zeker inzicht in de meer theoretische concepten.

    Luc Lauwers doceert onder meer statistiek voor economen aan de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen van de KU Leuven en is er verbonden aan het Centrum voor Economische Studiën.

    Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
      1
      Uw winkelwagen
      SI-eenheden
      SI-eenheden
      Aantal: 1
      Prijs: 9,00
       9,00
      ×