Onze Vader (Fracarita-reeks, nr. 1)
In dit essay gaat de auteur mediteren bij iedere bede en tracht
ermee in het grote geheim van God zelf te treden, wetend en steeds
meer beseffend dat God steeds groter is. Maar iedere bede is een uitnodiging
om een nieuw aspect van Gods grootheid onder menselijke
woorden te brengen. Het mag een handreiking zijn om het gebed
met nog meer liefde te bidden tot God die alleen maar liefde is.
Br. dr. René Stockman (°1954) is de Generale Overste van de Congregatie
Broeders van Liefde. Hij is doctor in de maatschappelijke
gezondheidszorg (KU Leuven). Hij begon zijn loopbaan als algemeen
directeur van het Psychiatrisch Centrum Dr. Guislain. Momenteel is
hij nog steeds conservator van het Museum Dr. Guislain. Hij woont
in Rome en is verbonden aan verschillende universiteiten wereldwijd.
Hij publiceerde meerdere werken over religie, spiritualiteit,
(geestelijke) gezondheidszorg en management.
Onze Vader (Fracarita-reeks, nr. 1)
In dit essay gaat de auteur mediteren bij iedere bede en tracht
ermee in het grote geheim van God zelf te treden, wetend en steeds
meer beseffend dat God steeds groter is. Maar iedere bede is een uitnodiging
om een nieuw aspect van Gods grootheid onder menselijke
woorden te brengen. Het mag een handreiking zijn om het gebed
met nog meer liefde te bidden tot God die alleen maar liefde is.
Br. dr. René Stockman (°1954) is de Generale Overste van de Congregatie
Broeders van Liefde. Hij is doctor in de maatschappelijke
gezondheidszorg (KU Leuven). Hij begon zijn loopbaan als algemeen
directeur van het Psychiatrisch Centrum Dr. Guislain. Momenteel is
hij nog steeds conservator van het Museum Dr. Guislain. Hij woont
in Rome en is verbonden aan verschillende universiteiten wereldwijd.
Hij publiceerde meerdere werken over religie, spiritualiteit,
(geestelijke) gezondheidszorg en management.
Leerling, ouders en leerkracht
Om optimaal te kunnen leren moet een leerling goed in zijn of haar vel zitten. De primaire taak van leerkrachten is vanzelfsprekend het stimuleren van de ontwikkeling van de leerling. Kennisoverdracht en leren leren staan voorop. Iedere leerkracht wil uit een leerling halen wat er in zit. Geen overvraging en ook geen onderstimulatie. Een leeftijdsadequate sociaalemotionele ontwikkeling is één van de pijlers om tot leren te kunnen komen.
Zowel in relatie tot de didactische als sociaal-emotionele ontwikkelingsstimulatie van de leerling is een goede samenwerking tussen ouders, de leerkracht en de leerling van essentieel belang. Over het algemeen verloopt de samenwerking met ouders probleemloos, maar leerkrachten kunnen niet altijd stroef verlopende communicatie met ouders vlot trekken. Hierdoor komt de leerling klem te zitten tussen twee conflicterende opvoedmilieus, wat negatieve gevolgen heeft voor zijn sociaal-emotionele en didactische ontwikkeling.
Dit boek geeft leerkrachten inzichten en handvatten om moeilijk verlopende communicaties met gezinnen te doorbreken.
De meest relevante gezinstherapeutische visies en aanpakken
worden in eenvoudige bewoording vertaald naar de alledaagse schoolse praktijk, zodat
ze hier morgen mee aan de slag kunnen. Daardoor wordt de samenwerking aanvullend in
plaats van aanvallend. Diverse benaderingen komen aan bod: de contextuele, strategische,
structurele, territoriale, oplossingsgerichte en ‘één kind, één plan’-benadering.
Elk hoofdstuk is geïllustreerd met herkenbare praktijkvoorbeelden en eindigt met een
overzichtelijke samenvatting.
Giel Vaessen werkte decennia lang in de kinder- en jeugdpsychiatrie, met name als
behandelcoördinator en gezinstherapeut. De laatste jaren werkte hij als zorgcoördinator
binnen de Rec IV school De Buitenhof/Alterius in Heerlen. Momenteel werkt hij daar
als gedragsdeskundige en trainer. Naast het geven van cursussen schreef hij diverse
praktijkgerichte kinder- en jeugdpsychiatrische boeken, waaronder Psychiatrie in de klas.
Zie www.wervelkind.nl.
Leerling, ouders en leerkracht
Om optimaal te kunnen leren moet een leerling goed in zijn of haar vel zitten. De primaire taak van leerkrachten is vanzelfsprekend het stimuleren van de ontwikkeling van de leerling. Kennisoverdracht en leren leren staan voorop. Iedere leerkracht wil uit een leerling halen wat er in zit. Geen overvraging en ook geen onderstimulatie. Een leeftijdsadequate sociaalemotionele ontwikkeling is één van de pijlers om tot leren te kunnen komen.
Zowel in relatie tot de didactische als sociaal-emotionele ontwikkelingsstimulatie van de leerling is een goede samenwerking tussen ouders, de leerkracht en de leerling van essentieel belang. Over het algemeen verloopt de samenwerking met ouders probleemloos, maar leerkrachten kunnen niet altijd stroef verlopende communicatie met ouders vlot trekken. Hierdoor komt de leerling klem te zitten tussen twee conflicterende opvoedmilieus, wat negatieve gevolgen heeft voor zijn sociaal-emotionele en didactische ontwikkeling.
Dit boek geeft leerkrachten inzichten en handvatten om moeilijk verlopende communicaties met gezinnen te doorbreken.
De meest relevante gezinstherapeutische visies en aanpakken
worden in eenvoudige bewoording vertaald naar de alledaagse schoolse praktijk, zodat
ze hier morgen mee aan de slag kunnen. Daardoor wordt de samenwerking aanvullend in
plaats van aanvallend. Diverse benaderingen komen aan bod: de contextuele, strategische,
structurele, territoriale, oplossingsgerichte en ‘één kind, één plan’-benadering.
Elk hoofdstuk is geïllustreerd met herkenbare praktijkvoorbeelden en eindigt met een
overzichtelijke samenvatting.
Giel Vaessen werkte decennia lang in de kinder- en jeugdpsychiatrie, met name als
behandelcoördinator en gezinstherapeut. De laatste jaren werkte hij als zorgcoördinator
binnen de Rec IV school De Buitenhof/Alterius in Heerlen. Momenteel werkt hij daar
als gedragsdeskundige en trainer. Naast het geven van cursussen schreef hij diverse
praktijkgerichte kinder- en jeugdpsychiatrische boeken, waaronder Psychiatrie in de klas.
Zie www.wervelkind.nl.
Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag. (Reeks Omtrent Filosofie nr 3)
Dit boek is een buitengewoon actueel essay waarin wordt ingegaan op de verhouding tussen deconstructie en rechtvaardigheid. Als alles wat bestaat aan denkbeelden, opvattingen en geloofsvoorstellingen onderhevig is aan een onstuitbaar afbraakproces, wat blijft er dan nog over van ethiek en recht? Onder verwijzing naar bekende uitspraken van Montaigne en Pascal, spreekt Derrida over het ‘mystieke fundament van alle gezag’. Het oorspronkelijke fundament dat elk recht zijn gezag verleent, blijft altijd afwezig. Niettemin vraagt het erom gestalte te krijgen in het recht; het vraagt om interpretatie zonder zelf op te gaan in de interpretatie die het recht altijd vormt.
Deze fascinerende, door Rico Sneller voortreffelijk ingeleide en vertaalde tekst, toont duidelijk aan dat Derrida’s deconstructie niet leidt tot zinloze, nihilistische Spielerei, zoals vaak wordt beweerd, maar een grondige bijdrage levert aan een diepgaand debat over ethiek en onze verhouding tot de wet.
Jacques Derrida (1930-2004) was hoogleraar aan de École des Hautes Études en Sciences Sociales.
Dr Rico Sneller is universitair docent wijsgerige ethiek en geschiedenis van de filosofie aan de Universiteit Leiden, bij het Instituut voor Godsdienstwetenschappen.
Reeks Omtrent Filosofie:
- De ethica van Spinoza
- Afrika en China in dialoog
- Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
- Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
- Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
- Filosofie van het verstaan. Een dialoog
Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag. (Reeks Omtrent Filosofie nr 3)
Dit boek is een buitengewoon actueel essay waarin wordt ingegaan op de verhouding tussen deconstructie en rechtvaardigheid. Als alles wat bestaat aan denkbeelden, opvattingen en geloofsvoorstellingen onderhevig is aan een onstuitbaar afbraakproces, wat blijft er dan nog over van ethiek en recht? Onder verwijzing naar bekende uitspraken van Montaigne en Pascal, spreekt Derrida over het ‘mystieke fundament van alle gezag’. Het oorspronkelijke fundament dat elk recht zijn gezag verleent, blijft altijd afwezig. Niettemin vraagt het erom gestalte te krijgen in het recht; het vraagt om interpretatie zonder zelf op te gaan in de interpretatie die het recht altijd vormt.
Deze fascinerende, door Rico Sneller voortreffelijk ingeleide en vertaalde tekst, toont duidelijk aan dat Derrida’s deconstructie niet leidt tot zinloze, nihilistische Spielerei, zoals vaak wordt beweerd, maar een grondige bijdrage levert aan een diepgaand debat over ethiek en onze verhouding tot de wet.
Jacques Derrida (1930-2004) was hoogleraar aan de École des Hautes Études en Sciences Sociales.
Dr Rico Sneller is universitair docent wijsgerige ethiek en geschiedenis van de filosofie aan de Universiteit Leiden, bij het Instituut voor Godsdienstwetenschappen.
Reeks Omtrent Filosofie:
- De ethica van Spinoza
- Afrika en China in dialoog
- Kracht van wet. Het mystieke fundament van het gezag
- Een goddelijk humanisme. Sartres minachting voor de menselijke werkelijkheid
- Hegels godsdienstfilosofie en de monotheïstische religies. Een actuele confrontatie
- Filosofie van het verstaan. Een dialoog
Kinderen-in-ontwikkeling op de basisschool (O&A-Reeks, nr. 6)
De Vereniging O&A(ortho-agogische activiteiten) heeft experts op het gebied van orthopedagogiek, psychologie en kinder- en jeugdpsychiatrie bijeengebracht om aan dit boek mee te werken, waardoor een zeer informatief leerboek en naslagwerk tot stand is gekomen.
De hedendaagse basisschool is totaal anders dan de lagere school van vroeger.
Kinderen zijn ondernemender en werken in de vorm van projecten aan maatschappelijk relevante
onderwerpen. Het is vrijwel nooit stil in de klas. De tafeltjes en stoelen staan niet meer
in een rij, maar in groepen. Op vele scholen is er ruimte voor individualisering en differentiatie.
Vrijwel alle lokalen zijn voorzien van een beamer met projectiescherm en
men is aangesloten op de schooltelevisie, die het werk van de leerkrachten verbetert en
vergemakkelijkt.
Is die verandering altijd ook een verbetering?
Hebben de veranderingen invloed op de ontwikkeling van kinderen?
Wat zijn de risico’s?
Specialisten geven hun visie op onderwijsontwikkelingen en risico’s en doen handreikingen
aan ouders, opvoeders en hulpverleners.
Kinderen-in-ontwikkeling op de basisschool (O&A-Reeks, nr. 6)
De Vereniging O&A(ortho-agogische activiteiten) heeft experts op het gebied van orthopedagogiek, psychologie en kinder- en jeugdpsychiatrie bijeengebracht om aan dit boek mee te werken, waardoor een zeer informatief leerboek en naslagwerk tot stand is gekomen.
De hedendaagse basisschool is totaal anders dan de lagere school van vroeger.
Kinderen zijn ondernemender en werken in de vorm van projecten aan maatschappelijk relevante
onderwerpen. Het is vrijwel nooit stil in de klas. De tafeltjes en stoelen staan niet meer
in een rij, maar in groepen. Op vele scholen is er ruimte voor individualisering en differentiatie.
Vrijwel alle lokalen zijn voorzien van een beamer met projectiescherm en
men is aangesloten op de schooltelevisie, die het werk van de leerkrachten verbetert en
vergemakkelijkt.
Is die verandering altijd ook een verbetering?
Hebben de veranderingen invloed op de ontwikkeling van kinderen?
Wat zijn de risico’s?
Specialisten geven hun visie op onderwijsontwikkelingen en risico’s en doen handreikingen
aan ouders, opvoeders en hulpverleners.
De ondeelbare mens. Antropologie ingeleid.
Antropologie is een wetenschap die al meer dan een eeuw de debatten aaneenrijgt. Deze inleiding toont hoe de ‘ondeelbare’ mens bestudeerd kan worden, als een knooppunt van processen die in aparte disciplines worden behandeld: de mens als dier, programma, subject en groepslid. De aangeboden synthese zou niet alleen de professional moeten bekoren, waaronder wetenschappers en beleidsmakers, maar eigenlijk iedereen die verbanden wil leggen tussen culturen, tussen milieu en economie, en andere zaken die de meeste disciplines liever ‘gescheiden’ houden.
Koen Stroeken is Afrikanist en doceert antropologie aan de UGent. Internationaal publiceerde hij drie boeken en tientallen artikels rond gezondheid en materiële cultuur, op basis van jaren veldwerk in Tanzania. Hij coördineert de Vlaamse interuniversitaire samenwerking met Mzumbe University rond ontwikkeling en governance.
De ondeelbare mens. Antropologie ingeleid.
Antropologie is een wetenschap die al meer dan een eeuw de debatten aaneenrijgt. Deze inleiding toont hoe de ‘ondeelbare’ mens bestudeerd kan worden, als een knooppunt van processen die in aparte disciplines worden behandeld: de mens als dier, programma, subject en groepslid. De aangeboden synthese zou niet alleen de professional moeten bekoren, waaronder wetenschappers en beleidsmakers, maar eigenlijk iedereen die verbanden wil leggen tussen culturen, tussen milieu en economie, en andere zaken die de meeste disciplines liever ‘gescheiden’ houden.
Koen Stroeken is Afrikanist en doceert antropologie aan de UGent. Internationaal publiceerde hij drie boeken en tientallen artikels rond gezondheid en materiële cultuur, op basis van jaren veldwerk in Tanzania. Hij coördineert de Vlaamse interuniversitaire samenwerking met Mzumbe University rond ontwikkeling en governance.
Lezer, er zijn ook Belgen? Interactie tussen de Nederlandse en Vlaamse literatuur via literaire kritiek en uitgeverij (1980-1995) (Academisch Literair, nr. 7)
Twee landen, één taalgebied. De Nederlandse en Vlaamse literatuur horen bij elkaar, maar zijn ze ook één geheel?
In 2012 zagen we een toenadering tussen beide literaturen, toen Tom Lanoye het Nederlandse Boekenweekgeschenk schreef. Lanoye trad hiermee in de voetsporen van Hugo Claus, die hetzelfde deed in 1989. Dat jaar was een hoogtepunt voor de Vlaamse literatuur in Nederland. Veel Vlaamse debutanten vonden een Nederlandse uitgever. Lanoye zelf was op dat moment een van de spraakmakende nieuwe Vlaamse namen.
Dit boek brengt het succes van de Vlaamse literatuur in Nederland in kaart
voor de periode 1980 tot 1995.
Aan de hand van onderzoek van literaire kritiek
en uitgeverij laat Floor van Renssen zien waar de Nederlandse belangstelling
voor Vlaamse literatuur vandaan kwam én wat daarvan de gevolgen
waren. Ze schetst het ontstaan van reputaties van auteurs als Hugo Claus
en Tom Lanoye, door een samenspel van uitgeverij en kritiek. Van Renssen
heeft onderzocht hoe Nederlandse critici dachten over Vlaamse literatuur.
Welke plaats krijgen Vlaamse auteurs in de canon van de Nederlandse kritiek?
In hoeverre werd de Vlaamse literatuur beschouwd als anders dan de
Nederlandse?
Uit het onderzoek blijkt dat de Nederlandstalige literatuur sinds de jaren tachtig steeds meer wordt beheerst door commercie en media-aandacht, waarmee uitgeverijen en auteurs de beeldvorming sturen, terwijl de literaire kritiek terrein moet prijsgeven. Daarmee geeft het boek inzicht in het complexe geheel van factoren dat het grensverkeer tussen Nederlandse en Vlaamse literatuur tot op de dag van vandaag beïnvloedt.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Dr. Floor van Renssen (1979) is docent Nederlands en onderzoek aan de lerarenopleiding van hogeschool Windesheim in Zwolle. Zij studeerde Moderne Nederlandse letterkunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen en promoveerde in 2011 aan deze universiteit op het proefschrift Lezer, er zijn ook Belgen! Ze publiceerde essays en recensies over literatuur in diverse tijdschriften.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Lezer, er zijn ook Belgen? Interactie tussen de Nederlandse en Vlaamse literatuur via literaire kritiek en uitgeverij (1980-1995) (Academisch Literair, nr. 7)
Twee landen, één taalgebied. De Nederlandse en Vlaamse literatuur horen bij elkaar, maar zijn ze ook één geheel?
In 2012 zagen we een toenadering tussen beide literaturen, toen Tom Lanoye het Nederlandse Boekenweekgeschenk schreef. Lanoye trad hiermee in de voetsporen van Hugo Claus, die hetzelfde deed in 1989. Dat jaar was een hoogtepunt voor de Vlaamse literatuur in Nederland. Veel Vlaamse debutanten vonden een Nederlandse uitgever. Lanoye zelf was op dat moment een van de spraakmakende nieuwe Vlaamse namen.
Dit boek brengt het succes van de Vlaamse literatuur in Nederland in kaart
voor de periode 1980 tot 1995.
Aan de hand van onderzoek van literaire kritiek
en uitgeverij laat Floor van Renssen zien waar de Nederlandse belangstelling
voor Vlaamse literatuur vandaan kwam én wat daarvan de gevolgen
waren. Ze schetst het ontstaan van reputaties van auteurs als Hugo Claus
en Tom Lanoye, door een samenspel van uitgeverij en kritiek. Van Renssen
heeft onderzocht hoe Nederlandse critici dachten over Vlaamse literatuur.
Welke plaats krijgen Vlaamse auteurs in de canon van de Nederlandse kritiek?
In hoeverre werd de Vlaamse literatuur beschouwd als anders dan de
Nederlandse?
Uit het onderzoek blijkt dat de Nederlandstalige literatuur sinds de jaren tachtig steeds meer wordt beheerst door commercie en media-aandacht, waarmee uitgeverijen en auteurs de beeldvorming sturen, terwijl de literaire kritiek terrein moet prijsgeven. Daarmee geeft het boek inzicht in het complexe geheel van factoren dat het grensverkeer tussen Nederlandse en Vlaamse literatuur tot op de dag van vandaag beïnvloedt.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Dr. Floor van Renssen (1979) is docent Nederlands en onderzoek aan de lerarenopleiding van hogeschool Windesheim in Zwolle. Zij studeerde Moderne Nederlandse letterkunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen en promoveerde in 2011 aan deze universiteit op het proefschrift Lezer, er zijn ook Belgen! Ze publiceerde essays en recensies over literatuur in diverse tijdschriften.
Reeks Academisch Literair
- Een hoopje vuil in de feestzaal. Facetten van het proza van Willem Elsschot
K. Rymenants - Gedeelde kennis. Literatuur en wetenschap in Nederland van Darwin tot Einstein (1860-1920)
M. Kemperink - De retoriek van waanzin. Taalhandelingen, onbetrouwbaarheid, delirium en de waanzinnige ik-verteller
L. Bernaerts - Geestelijke lenigheid. De relatie tussen literatuur en natuurwetenschap in het werk van Frederik van Eeden en Felix Ortt, 1880-1930
L. Vermeer - Het discours van de kritiek
P. Verstraeten - Celan auseinandergeschrieben
C. De Strycker - Lezer, er zijn ook Belgen
F. Van Renssen - Overleven in verhalen: van ooggetuigen naar 'jonge wilden'. Joodse schrijvers over de Shoah
E. Ibsch
Levensbeschouwelijk hindoeïsme
Het levensbeschouwelijke hindoeïsme wil tot groei stimuleren: groei tot een beter mens en verder tot goddelijke dimensies. Volgens deze levensvisie geeft de mens zichzelf deze opdracht tot groei: hij voert immers niet de opdracht van ‘God’ uit, maar bepaalt zelf wat gedaan moet worden en is ook zelf verantwoordelijk voor de gevolgen. Daarbij groeit hij, tot het levensdoel is bereikt. Wat het einddoel is, bepaalt hij ook zelf en hij doet er alles aan om het te realiseren. Ook het heelal bevindt zich in een permanente staat van groei, ‘wording’. Net zoals bij de mens, ligt de bron van het heelal niet bij een opperwezen, maar bij een kosmos zelf. ‘Groei’ is dus een kernwoord in het levensbeschouwelijke hindoeïsme.
Door de veelvormigheid van het hindoeïsme en de verscheidenheid van visies over geloofszaken is er ook een grote diversiteit aan ‘scheppingsverhalen’ en mythen onder de hindoes te vinden. Alleen heet het verhaal omtrent de kosmos dan geen ‘scheppingsverhaal’, maar een visie op de wording. Bij het beschrijven van dit proces probeert de mens de kosmische processen in woorden te vatten. Maar hoe kan de mens anders?
Haridat Rambaran was docent wiskunde, natuurkunde en scheikunde. Hij bestudeert de Indiase talen en godsdiensten en de godsdienst als wetenschap.
Levensbeschouwelijk hindoeïsme
Het levensbeschouwelijke hindoeïsme wil tot groei stimuleren: groei tot een beter mens en verder tot goddelijke dimensies. Volgens deze levensvisie geeft de mens zichzelf deze opdracht tot groei: hij voert immers niet de opdracht van ‘God’ uit, maar bepaalt zelf wat gedaan moet worden en is ook zelf verantwoordelijk voor de gevolgen. Daarbij groeit hij, tot het levensdoel is bereikt. Wat het einddoel is, bepaalt hij ook zelf en hij doet er alles aan om het te realiseren. Ook het heelal bevindt zich in een permanente staat van groei, ‘wording’. Net zoals bij de mens, ligt de bron van het heelal niet bij een opperwezen, maar bij een kosmos zelf. ‘Groei’ is dus een kernwoord in het levensbeschouwelijke hindoeïsme.
Door de veelvormigheid van het hindoeïsme en de verscheidenheid van visies over geloofszaken is er ook een grote diversiteit aan ‘scheppingsverhalen’ en mythen onder de hindoes te vinden. Alleen heet het verhaal omtrent de kosmos dan geen ‘scheppingsverhaal’, maar een visie op de wording. Bij het beschrijven van dit proces probeert de mens de kosmische processen in woorden te vatten. Maar hoe kan de mens anders?
Haridat Rambaran was docent wiskunde, natuurkunde en scheikunde. Hij bestudeert de Indiase talen en godsdiensten en de godsdienst als wetenschap.
In vertrouwen… Een onderzoek naar de professionaliteit van de vertrouwenspersoon seksuele intimidatie.
De vertrouwenspersonen die slachtoffers van seksuele intimidatie
en andere ongewenste omgangsvormen moeten opvangen en
begeleiden, zien zich gesteld voor een complexe taak in een ingewikkeld
krachtenveld. Niet-zorgvuldig handelen heeft bovendien
juridische implicaties. Er is nog maar weinig onderzoek bekend
naar de rol, positie en deskundigheid van deze vertrouwenspersonen.
De onverminderde stroom van berichten over misbruik en
intimidatie in alle lagen van onze samenleving maakt een stevig
fundament voor een professionele opvang niet alleen zeer actueel
maar ook onontbeerlijk.
Dit onderzoek brengt de taken en benodigde competenties van de
vertrouwenspersoon seksuele intimidatie in beeld. Aan de basis
ervan liggen ervaringen van deskundigen: gedragsdeskundigen,
juristen, opleiders, zeer ervaren vertrouwenspersonen en beleidsmakers.
Carla Goosen, gedragswetenschapper en therapeut in de geestelijke
gezondheidszorg, maar ook mediator, klachtonderzoeker en
vertrouwenspersoon, laat helder zien hoe seksuele intimidatie op
de werkvloer grotendeels wordt veroorzaakt en in stand gehouden
door machtsmisbruik gebaseerd op genderverschillen.
Een
gendersensitieve houding is daarom van groot belang. Ook komt
uit haar analyse duidelijk naar voren dat alleen de vertrouwenpersoon
met een optimaal zicht op de taken binnen de eigen functie
in staat is de juiste competenties aan te wenden.
Carla Goosen, gedragswetenschapper en therapeut in de geestelijke gezondheidszorg, maar ook mediator, klachtonderzoeker en vertrouwenspersoon, laat helder zien hoe seksuele intimidatie op de werkvloer grotendeels wordt veroorzaakt en in stand gehouden door machtsmisbruik gebaseerd op genderverschillen. Een gendersensitieve houding is daarom van groot belang. Ook komt uit haar analyse duidelijk naar voren dat alleen de vertrouwenpersoon met een optimaal zicht op de taken binnen de eigen functie in staat is de juiste competenties aan te wenden.
In vertrouwen… Een onderzoek naar de professionaliteit van de vertrouwenspersoon seksuele intimidatie.
De vertrouwenspersonen die slachtoffers van seksuele intimidatie
en andere ongewenste omgangsvormen moeten opvangen en
begeleiden, zien zich gesteld voor een complexe taak in een ingewikkeld
krachtenveld. Niet-zorgvuldig handelen heeft bovendien
juridische implicaties. Er is nog maar weinig onderzoek bekend
naar de rol, positie en deskundigheid van deze vertrouwenspersonen.
De onverminderde stroom van berichten over misbruik en
intimidatie in alle lagen van onze samenleving maakt een stevig
fundament voor een professionele opvang niet alleen zeer actueel
maar ook onontbeerlijk.
Dit onderzoek brengt de taken en benodigde competenties van de
vertrouwenspersoon seksuele intimidatie in beeld. Aan de basis
ervan liggen ervaringen van deskundigen: gedragsdeskundigen,
juristen, opleiders, zeer ervaren vertrouwenspersonen en beleidsmakers.
Carla Goosen, gedragswetenschapper en therapeut in de geestelijke
gezondheidszorg, maar ook mediator, klachtonderzoeker en
vertrouwenspersoon, laat helder zien hoe seksuele intimidatie op
de werkvloer grotendeels wordt veroorzaakt en in stand gehouden
door machtsmisbruik gebaseerd op genderverschillen.
Een
gendersensitieve houding is daarom van groot belang. Ook komt
uit haar analyse duidelijk naar voren dat alleen de vertrouwenpersoon
met een optimaal zicht op de taken binnen de eigen functie
in staat is de juiste competenties aan te wenden.
Carla Goosen, gedragswetenschapper en therapeut in de geestelijke gezondheidszorg, maar ook mediator, klachtonderzoeker en vertrouwenspersoon, laat helder zien hoe seksuele intimidatie op de werkvloer grotendeels wordt veroorzaakt en in stand gehouden door machtsmisbruik gebaseerd op genderverschillen. Een gendersensitieve houding is daarom van groot belang. Ook komt uit haar analyse duidelijk naar voren dat alleen de vertrouwenpersoon met een optimaal zicht op de taken binnen de eigen functie in staat is de juiste competenties aan te wenden.
Op schouders van ouders. Het opvoedingsgebeuren tussen wens en realiteit.
Kinderen grootbrengen is een hele onderneming. In onzekere tijden hebben ouders houvast nodig. De vele opvoedingstips – hoe goed bedoeld ook – maken ouders vaak nog onzekerder. Dit boek laat een andere klank horen. De auteur steekt ouders een hart onder de riem door te laten zien dat opvoeden niet zozeer een kunde, maar veeleer een kunst is, een levenskunst meer bepaald.
De opvoedingsadviezen in dit boek zijn gekaderd in een reflectie op het ouderschap. De lezer kan zich bij de verkenning van fundamentele opvoedingsvragen laten inspireren door de vele verwijzingen naar films, poëzie en romanfragmenten.
Het ‘goede leven’ is wat elke opvoeder in het vizier moet houden. Is het belangrijkste voor elke vader of moeder niet dat: ‘kinderen gelukkig zijn, ze goed terecht komen, ze iets van hun leven maken’? Deze en andere ‘trage vragen’ komen hier aan bod.
Pedagogisch bewuste ouders kunnen het verschil maken. Op schouders
van ouders leren kinderen uitkijken naar de hen omringende wereld. Dit
uitkijken geldt in twee betekenissen: verlangend uitzien en uit je doppen
kijken.
Danny Van De Velde, pedagoog, is vader van drie opgroeiende kinderen.
Hij was achtereenvolgens werkzaam in de lerarenopleiding in Leuven
en Torhout en in de volwassenvorming bij de Stichting Lodewijk de Raet
in Brussel. Nu is hij directeur in een school voor secundair onderwijs in
Brugge.
Op schouders van ouders. Het opvoedingsgebeuren tussen wens en realiteit.
Kinderen grootbrengen is een hele onderneming. In onzekere tijden hebben ouders houvast nodig. De vele opvoedingstips – hoe goed bedoeld ook – maken ouders vaak nog onzekerder. Dit boek laat een andere klank horen. De auteur steekt ouders een hart onder de riem door te laten zien dat opvoeden niet zozeer een kunde, maar veeleer een kunst is, een levenskunst meer bepaald.
De opvoedingsadviezen in dit boek zijn gekaderd in een reflectie op het ouderschap. De lezer kan zich bij de verkenning van fundamentele opvoedingsvragen laten inspireren door de vele verwijzingen naar films, poëzie en romanfragmenten.
Het ‘goede leven’ is wat elke opvoeder in het vizier moet houden. Is het belangrijkste voor elke vader of moeder niet dat: ‘kinderen gelukkig zijn, ze goed terecht komen, ze iets van hun leven maken’? Deze en andere ‘trage vragen’ komen hier aan bod.
Pedagogisch bewuste ouders kunnen het verschil maken. Op schouders
van ouders leren kinderen uitkijken naar de hen omringende wereld. Dit
uitkijken geldt in twee betekenissen: verlangend uitzien en uit je doppen
kijken.
Danny Van De Velde, pedagoog, is vader van drie opgroeiende kinderen.
Hij was achtereenvolgens werkzaam in de lerarenopleiding in Leuven
en Torhout en in de volwassenvorming bij de Stichting Lodewijk de Raet
in Brussel. Nu is hij directeur in een school voor secundair onderwijs in
Brugge.
Eeuwenoude teksten in een nieuw licht. De Dode Zeerollen, Qumran en de Bijbel.
Het boek vertelt uitgebreid het verhaal van de verrassende ontdekking en de moeizame publicatie van de rollen en schetst een gedetailleerd beeld van de gevarieerde inhoud van deze eeuwenoude teksten, die nabij Qumran en elders in de woestijn van Juda werden ontdekt. Daarna staat de auteur stil bij de identiteit van de inwoners van Qumran, die vaak worden beschouwd als de mysterieuze Essenen die bij enkele klassieke auteurs beschreven staan.
Tot slot komt in de laatste hoofdstukken aan bod hoe de rollen de studie van de tekstoverlevering van het Oude Testament en van het religieuze milieu waarin het Nieuwe is ontstaan, hebben beïnvloed.
Hans Debel studeerde godsdienstwetenschappen en godgeleerdheid aan de Faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven, waar hij promoveerde in de Bijbelwetenschap en nu postdoctoraal onderzoeker van het F.W.O.-Vlaanderen is.
"Een aanrader voor wie meer wil weten over de Dode Zeerollen!"
schrift (jrg. 45, nr. 3, blz. 107)
"Debel schreef een belangrijk boek voor ons taalgebied. Het is op dit ogenblik de beste, exhaustieve synthese met betrekking tot de Dode Zeerollen en de gemeenschap die ze opstelde, de Essenen. Bovendien probeerde Debel die wetenschappelijke inzichten voor een breder publiek toegankelijk te maken en daar is hij goed in geslaagd"
De Leeswolf(jrg. 19, nr. 8, blz. 544)
Eeuwenoude teksten in een nieuw licht. De Dode Zeerollen, Qumran en de Bijbel.
Het boek vertelt uitgebreid het verhaal van de verrassende ontdekking en de moeizame publicatie van de rollen en schetst een gedetailleerd beeld van de gevarieerde inhoud van deze eeuwenoude teksten, die nabij Qumran en elders in de woestijn van Juda werden ontdekt. Daarna staat de auteur stil bij de identiteit van de inwoners van Qumran, die vaak worden beschouwd als de mysterieuze Essenen die bij enkele klassieke auteurs beschreven staan.
Tot slot komt in de laatste hoofdstukken aan bod hoe de rollen de studie van de tekstoverlevering van het Oude Testament en van het religieuze milieu waarin het Nieuwe is ontstaan, hebben beïnvloed.
Hans Debel studeerde godsdienstwetenschappen en godgeleerdheid aan de Faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven, waar hij promoveerde in de Bijbelwetenschap en nu postdoctoraal onderzoeker van het F.W.O.-Vlaanderen is.
"Een aanrader voor wie meer wil weten over de Dode Zeerollen!"
schrift (jrg. 45, nr. 3, blz. 107)
"Debel schreef een belangrijk boek voor ons taalgebied. Het is op dit ogenblik de beste, exhaustieve synthese met betrekking tot de Dode Zeerollen en de gemeenschap die ze opstelde, de Essenen. Bovendien probeerde Debel die wetenschappelijke inzichten voor een breder publiek toegankelijk te maken en daar is hij goed in geslaagd"
De Leeswolf(jrg. 19, nr. 8, blz. 544)
Eilandbestaan. Mensen met autismespectrumstoornis en ‘moeilijk verstaanbaar gedrag’.
In het project ‘Beelden van Kwaliteit’ wordt participerende observatie als methode ingezet om de zorg en ondersteuning aan mensen met een beperking te beschrijven. Het onderzoek dat in dit boek wordt beschreven is een voorloper van dit project (www.beeldenvankwaliteit.nl).
"Adembenemend, dat woord past goed bij de beschrijving van het wel en vooral wee van acht extreem problematische mensen. Hoe zijn de begeleiders erin geslaagd om hun totaal vastgelopen levens weer op gang te krijgen?"
RV in Klik. Vakblad voor de verstandelijke gehandicaptenzorg, november 2013, nr. 8 - boekbespreking
Hans Reinders is hoogleraar Ethiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam,
waar hij ook de Bernard Lievegoed-leerstoel bezet.
Karen Wuertz is cultureel antropoloog en kindertherapeut. Zij werkt
in haar eigen praktijk voor kinder- en jeugdtherapie en bij de stichting
Centrum ‘45 met vluchtelingengezinnen. Daarnaast is zij freelance
onderzoeker en trainer. Meest recente publicatie: De kunst van het
zorgen (2009), samen met Hans Reinders.
Ina Venekamp is psycholoog, coach, trainer en procesbegeleider.
Ze faciliteert en creëert op inspirerende wijze nieuwe mogelijkheden
die bijdragen aan het perspectief van mensen.
Eilandbestaan. Mensen met autismespectrumstoornis en ‘moeilijk verstaanbaar gedrag’.
In het project ‘Beelden van Kwaliteit’ wordt participerende observatie als methode ingezet om de zorg en ondersteuning aan mensen met een beperking te beschrijven. Het onderzoek dat in dit boek wordt beschreven is een voorloper van dit project (www.beeldenvankwaliteit.nl).
"Adembenemend, dat woord past goed bij de beschrijving van het wel en vooral wee van acht extreem problematische mensen. Hoe zijn de begeleiders erin geslaagd om hun totaal vastgelopen levens weer op gang te krijgen?"
RV in Klik. Vakblad voor de verstandelijke gehandicaptenzorg, november 2013, nr. 8 - boekbespreking
Hans Reinders is hoogleraar Ethiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam,
waar hij ook de Bernard Lievegoed-leerstoel bezet.
Karen Wuertz is cultureel antropoloog en kindertherapeut. Zij werkt
in haar eigen praktijk voor kinder- en jeugdtherapie en bij de stichting
Centrum ‘45 met vluchtelingengezinnen. Daarnaast is zij freelance
onderzoeker en trainer. Meest recente publicatie: De kunst van het
zorgen (2009), samen met Hans Reinders.
Ina Venekamp is psycholoog, coach, trainer en procesbegeleider.
Ze faciliteert en creëert op inspirerende wijze nieuwe mogelijkheden
die bijdragen aan het perspectief van mensen.
Heer Bommel in Afrika. Religie en geloof in Marten Toonders universum en in het Afrikaanse animisme.
De auteurs van dit boek hebben op basis van ruime ervaringen in het huidige Afrika ten zuiden van de Sahara kunnen constateren, dat er een opmerkelijke verwantschap bestaat met de Afrikaanse spiritualiteit en de daarin aanwezige animistische opvattingen. Deze parallelliteit heeft een wederzijdse verklarende waarde voor het universum van Toonder en voor het Afrikaanse beeld van de wereld.
Antoni Folkers is architect-directeur bij FBW Architects & Engineers met vestigingen in Uganda, Tanzania en Rwanda en oprichter van ArchiAfrika en African Architecture Matters. Hij is tevens gastdocent architectuur in Zuid Afrika en Mozambique en auteur van onder andere het boek ‘Moderne Architectuur in Afrika’.
Heinz Kimmerle is emeritus hoogleraar filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was herhaaldelijk gasthoogleraar aan universiteiten in Kenia, Ghana en Zuid-Afrika en is oprichter en directeur van de Stichting voor Inter-culturele Filosofie en Kunst.
"De waarde van dit boekje schuilt erin dat je een kijkje krijgt in de Afrikaanse ziel."
Nederlands Dagblad Gulliver, vrijdag 10 mei 2013, blz. 12
Heer Bommel in Afrika. Religie en geloof in Marten Toonders universum en in het Afrikaanse animisme.
De auteurs van dit boek hebben op basis van ruime ervaringen in het huidige Afrika ten zuiden van de Sahara kunnen constateren, dat er een opmerkelijke verwantschap bestaat met de Afrikaanse spiritualiteit en de daarin aanwezige animistische opvattingen. Deze parallelliteit heeft een wederzijdse verklarende waarde voor het universum van Toonder en voor het Afrikaanse beeld van de wereld.
Antoni Folkers is architect-directeur bij FBW Architects & Engineers met vestigingen in Uganda, Tanzania en Rwanda en oprichter van ArchiAfrika en African Architecture Matters. Hij is tevens gastdocent architectuur in Zuid Afrika en Mozambique en auteur van onder andere het boek ‘Moderne Architectuur in Afrika’.
Heinz Kimmerle is emeritus hoogleraar filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was herhaaldelijk gasthoogleraar aan universiteiten in Kenia, Ghana en Zuid-Afrika en is oprichter en directeur van de Stichting voor Inter-culturele Filosofie en Kunst.
"De waarde van dit boekje schuilt erin dat je een kijkje krijgt in de Afrikaanse ziel."
Nederlands Dagblad Gulliver, vrijdag 10 mei 2013, blz. 12


