Nu en straks. Over palliatieve zorg. Handleiding
Het thema ‘palliatieve zorg, ziekte en doodgaan’ is voor iedereen een confronterend en delicaat thema.
Wat kan er nu, hoe moet het straks en hoe kunnen we het mogelijk maken dat mensen genieten van het ‘nu en straks’, ook al is er weinig perspectief?
Het handboek verschaft basisinformatie over ongeneeslijke ziekte, palliatieve zorg en verstandelijke beperking, met concrete tips bij het gebruik van het beeldboek, achtergrondinfo en mogelijke vragen en thema´s bij de illustraties.
Naast het handboek is er een:
- beeldboek
- werkboek.
Het beeldboek ´Nu en straks´ kan gebruikt worden om aan kinderen en volwassenen uitleg te geven over de thema’s ‘ongeneeslijk ziek zijn’, ‘palliatieve zorg’ en ‘sterven’ en om deze delicate onderwerpen bespreekbaar te maken. Met het beeldboek kan gepraat worden over het eigen ziekteproces of over de ongeneeslijke ziekte van een familielid, een medebewoner, … Het is in eerste instantie ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking, maar het is ook geschikt voor een ruimer publiek, zoals kinderen of mensen met psychische problemen.
Het werkboek is in de eerste plaats bestemd voor de zieke zelf. Hij kan hierin gevoelens, meningen, bedenkingen, vragen en commentaren schrijven, tekenen, dichten.
De set ''Nu en straks'' bestaat uit het beeldboek, het werkboek en de handleiding (€ 66,-)
Meer info / bestel de set
Auteur
Sofie Sergeant studeerde orthopedagogiek aan de Universiteit Gent en bewegingsexpressie in de hulpverlening aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt al jaren met en voor mensen met een verstandelijke beperking, eerst vanuit de Brugse voorziening Oranje en daarna vanuit Vormingscentrum Handicum in Gent.
Momenteel is zij wetenschappelijk medewerker voor de Vakgroep Disability Studies van de Universiteit Gent. Daarnaast werkt zij ook als inhoudelijke en creatieve inspiratiebron voor Vormingscentrum Handicum.
Illustrator
Saar De Buysere studeerde beeldende kunsten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent. Zij geeft beeldende vorming aan personen met een beperking in het deeltijds Kunstonderwijs, ze werkt geregeld sociaal-artistieke projecten uit in samenwerking met verschillende organisaties (Rocsa, Platform-K, Handicum, cirQ, Nucleo, …) en is freelance beeldend kunstenaar/illustrator/vormgever.
Nu en straks. Over palliatieve zorg. Handleiding
Het thema ‘palliatieve zorg, ziekte en doodgaan’ is voor iedereen een confronterend en delicaat thema.
Wat kan er nu, hoe moet het straks en hoe kunnen we het mogelijk maken dat mensen genieten van het ‘nu en straks’, ook al is er weinig perspectief?
Het handboek verschaft basisinformatie over ongeneeslijke ziekte, palliatieve zorg en verstandelijke beperking, met concrete tips bij het gebruik van het beeldboek, achtergrondinfo en mogelijke vragen en thema´s bij de illustraties.
Naast het handboek is er een:
- beeldboek
- werkboek.
Het beeldboek ´Nu en straks´ kan gebruikt worden om aan kinderen en volwassenen uitleg te geven over de thema’s ‘ongeneeslijk ziek zijn’, ‘palliatieve zorg’ en ‘sterven’ en om deze delicate onderwerpen bespreekbaar te maken. Met het beeldboek kan gepraat worden over het eigen ziekteproces of over de ongeneeslijke ziekte van een familielid, een medebewoner, … Het is in eerste instantie ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking, maar het is ook geschikt voor een ruimer publiek, zoals kinderen of mensen met psychische problemen.
Het werkboek is in de eerste plaats bestemd voor de zieke zelf. Hij kan hierin gevoelens, meningen, bedenkingen, vragen en commentaren schrijven, tekenen, dichten.
De set ''Nu en straks'' bestaat uit het beeldboek, het werkboek en de handleiding (€ 66,-)
Meer info / bestel de set
Auteur
Sofie Sergeant studeerde orthopedagogiek aan de Universiteit Gent en bewegingsexpressie in de hulpverlening aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt al jaren met en voor mensen met een verstandelijke beperking, eerst vanuit de Brugse voorziening Oranje en daarna vanuit Vormingscentrum Handicum in Gent.
Momenteel is zij wetenschappelijk medewerker voor de Vakgroep Disability Studies van de Universiteit Gent. Daarnaast werkt zij ook als inhoudelijke en creatieve inspiratiebron voor Vormingscentrum Handicum.
Illustrator
Saar De Buysere studeerde beeldende kunsten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent. Zij geeft beeldende vorming aan personen met een beperking in het deeltijds Kunstonderwijs, ze werkt geregeld sociaal-artistieke projecten uit in samenwerking met verschillende organisaties (Rocsa, Platform-K, Handicum, cirQ, Nucleo, …) en is freelance beeldend kunstenaar/illustrator/vormgever.
Nu en straks. Over palliatieve zorg. Werkboek
Het thema ‘palliatieve zorg, ziekte en doodgaan’ is voor iedereen een confronterend en delicaat thema.
Wat kan er nu, hoe moet het straks en hoe kunnen we het mogelijk maken dat mensen genieten van het ‘nu en straks’, ook al is er weinig perspectief?
Het werkboek is in de eerste plaats bestemd voor de zieke zelf. Hij kan hierin gevoelens, meningen, bedenkingen, vragen en commentaren schrijven, tekenen, dichten.
Naast het werkboek is er een:
- beeldboek
- handboek.
Het beeldboek ´Nu en straks´ kan gebruikt worden om aan kinderen en volwassenen uitleg te geven over de thema’s ‘ongeneeslijk ziek zijn’, ‘palliatieve zorg’ en ‘sterven’ en om deze delicate onderwerpen bespreekbaar te maken. Met het beeldboek kan gepraat worden over het eigen ziekteproces of over de ongeneeslijke ziekte van een familielid, een medebewoner, … Het is in eerste instantie ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking, maar het is ook geschikt voor een ruimer publiek, zoals kinderen of mensen met psychische problemen.
Het handboek verschaft basisinformatie over ongeneeslijke ziekte, palliatieve zorg en verstandelijke beperking, met concrete tips bij het gebruik van het beeldboek, achtergrondinfo en mogelijke vragen en thema´s bij de illustraties.
De set ''Nu en straks'' bestaat uit het beeldboek, het werkboek en de handleiding (€ 66,-)
Meer info / bestel de set
Auteur
Sofie Sergeant studeerde orthopedagogiek aan de Universiteit Gent en bewegingsexpressie in de hulpverlening aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt al jaren met en voor mensen met een verstandelijke beperking, eerst vanuit de Brugse voorziening Oranje en daarna vanuit Vormingscentrum Handicum in Gent.
Momenteel is zij wetenschappelijk medewerker voor de Vakgroep Disability Studies van de Universiteit Gent. Daarnaast werkt zij ook als inhoudelijke en creatieve inspiratiebron voor Vormingscentrum Handicum.
Illustrator
Saar De Buysere studeerde beeldende kunsten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent. Zij geeft beeldende vorming aan personen met een beperking in het deeltijds Kunstonderwijs, ze werkt geregeld sociaal-artistieke projecten uit in samenwerking met verschillende organisaties (Rocsa, Platform-K, Handicum, cirQ, Nucleo, …) en is freelance beeldend kunstenaar/illustrator/vormgever.
Nu en straks. Over palliatieve zorg. Werkboek
Het thema ‘palliatieve zorg, ziekte en doodgaan’ is voor iedereen een confronterend en delicaat thema.
Wat kan er nu, hoe moet het straks en hoe kunnen we het mogelijk maken dat mensen genieten van het ‘nu en straks’, ook al is er weinig perspectief?
Het werkboek is in de eerste plaats bestemd voor de zieke zelf. Hij kan hierin gevoelens, meningen, bedenkingen, vragen en commentaren schrijven, tekenen, dichten.
Naast het werkboek is er een:
- beeldboek
- handboek.
Het beeldboek ´Nu en straks´ kan gebruikt worden om aan kinderen en volwassenen uitleg te geven over de thema’s ‘ongeneeslijk ziek zijn’, ‘palliatieve zorg’ en ‘sterven’ en om deze delicate onderwerpen bespreekbaar te maken. Met het beeldboek kan gepraat worden over het eigen ziekteproces of over de ongeneeslijke ziekte van een familielid, een medebewoner, … Het is in eerste instantie ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking, maar het is ook geschikt voor een ruimer publiek, zoals kinderen of mensen met psychische problemen.
Het handboek verschaft basisinformatie over ongeneeslijke ziekte, palliatieve zorg en verstandelijke beperking, met concrete tips bij het gebruik van het beeldboek, achtergrondinfo en mogelijke vragen en thema´s bij de illustraties.
De set ''Nu en straks'' bestaat uit het beeldboek, het werkboek en de handleiding (€ 66,-)
Meer info / bestel de set
Auteur
Sofie Sergeant studeerde orthopedagogiek aan de Universiteit Gent en bewegingsexpressie in de hulpverlening aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt al jaren met en voor mensen met een verstandelijke beperking, eerst vanuit de Brugse voorziening Oranje en daarna vanuit Vormingscentrum Handicum in Gent.
Momenteel is zij wetenschappelijk medewerker voor de Vakgroep Disability Studies van de Universiteit Gent. Daarnaast werkt zij ook als inhoudelijke en creatieve inspiratiebron voor Vormingscentrum Handicum.
Illustrator
Saar De Buysere studeerde beeldende kunsten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent. Zij geeft beeldende vorming aan personen met een beperking in het deeltijds Kunstonderwijs, ze werkt geregeld sociaal-artistieke projecten uit in samenwerking met verschillende organisaties (Rocsa, Platform-K, Handicum, cirQ, Nucleo, …) en is freelance beeldend kunstenaar/illustrator/vormgever.
Nu en straks. Over palliatieve zorg. Beeldboek
Het thema ‘palliatieve zorg, ziekte en doodgaan’ is voor iedereen een confronterend en delicaat thema.
Wat kan er nu, hoe moet het straks en hoe kunnen we het mogelijk maken dat mensen genieten van het ‘nu en straks’, ook al is er weinig perspectief?
Het beeldboek ´Nu en straks´ kan gebruikt worden om aan kinderen en volwassenen uitleg te geven over de thema’s ‘ongeneeslijk ziek zijn’, ‘palliatieve zorg’ en ‘sterven’ en om deze delicate onderwerpen bespreekbaar te maken. Met het beeldboek kan gepraat worden over het eigen ziekteproces of over de ongeneeslijke ziekte van een familielid, een medebewoner, … Het is in eerste instantie ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking, maar het is ook geschikt voor een ruimer publiek, zoals kinderen of mensen met psychische problemen.
Naast het beeldboek is er een:
- handboek met achtergrondinformatie voor ondersteuners
- werkboek voor de zieke.
De set ''Nu en straks'' bestaat uit het beeldboek, het werkboek en de handleiding (€ 66,-)
Meer info / bestel de set
Auteur
Sofie Sergeant studeerde orthopedagogiek aan de Universiteit Gent en bewegingsexpressie in de hulpverlening aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt al jaren met en voor mensen met een verstandelijke beperking, eerst vanuit de Brugse voorziening Oranje en daarna vanuit Vormingscentrum Handicum in Gent.
Momenteel is zij wetenschappelijk medewerker voor de Vakgroep Disability Studies van de Universiteit Gent. Daarnaast werkt zij ook als inhoudelijke en creatieve inspiratiebron voor Vormingscentrum Handicum.
Illustrator
Saar De Buysere studeerde beeldende kunsten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent. Zij geeft beeldende vorming aan personen met een beperking in het deeltijds Kunstonderwijs, ze werkt geregeld sociaal-artistieke projecten uit in samenwerking met verschillende organisaties (Rocsa, Platform-K, Handicum, cirQ, Nucleo, …) en is freelance beeldend kunstenaar/illustrator/vormgever.
Nu en straks. Over palliatieve zorg. Beeldboek
Het thema ‘palliatieve zorg, ziekte en doodgaan’ is voor iedereen een confronterend en delicaat thema.
Wat kan er nu, hoe moet het straks en hoe kunnen we het mogelijk maken dat mensen genieten van het ‘nu en straks’, ook al is er weinig perspectief?
Het beeldboek ´Nu en straks´ kan gebruikt worden om aan kinderen en volwassenen uitleg te geven over de thema’s ‘ongeneeslijk ziek zijn’, ‘palliatieve zorg’ en ‘sterven’ en om deze delicate onderwerpen bespreekbaar te maken. Met het beeldboek kan gepraat worden over het eigen ziekteproces of over de ongeneeslijke ziekte van een familielid, een medebewoner, … Het is in eerste instantie ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking, maar het is ook geschikt voor een ruimer publiek, zoals kinderen of mensen met psychische problemen.
Naast het beeldboek is er een:
- handboek met achtergrondinformatie voor ondersteuners
- werkboek voor de zieke.
De set ''Nu en straks'' bestaat uit het beeldboek, het werkboek en de handleiding (€ 66,-)
Meer info / bestel de set
Auteur
Sofie Sergeant studeerde orthopedagogiek aan de Universiteit Gent en bewegingsexpressie in de hulpverlening aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zij werkt al jaren met en voor mensen met een verstandelijke beperking, eerst vanuit de Brugse voorziening Oranje en daarna vanuit Vormingscentrum Handicum in Gent.
Momenteel is zij wetenschappelijk medewerker voor de Vakgroep Disability Studies van de Universiteit Gent. Daarnaast werkt zij ook als inhoudelijke en creatieve inspiratiebron voor Vormingscentrum Handicum.
Illustrator
Saar De Buysere studeerde beeldende kunsten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent. Zij geeft beeldende vorming aan personen met een beperking in het deeltijds Kunstonderwijs, ze werkt geregeld sociaal-artistieke projecten uit in samenwerking met verschillende organisaties (Rocsa, Platform-K, Handicum, cirQ, Nucleo, …) en is freelance beeldend kunstenaar/illustrator/vormgever.
In het licht van de eindigheid. Einde van de metafysica en deconstructie van het christendom.
Deze publicatie gaat uit van Heideggers denken over het einde van de metafysica en de ontotheologie en werkt deze thema’s uit aan de hand van verschillende hedendaagse auteurs, van Jean-Yves Lacoste tot Peter Sloterdijk. Ze diept de thematiek uit en maakt die toegankelijk voor een breder publiek. Dit gebeurt veelal met voorbeelden uit de hedendaagse literatuur, vooral Michel Houellebecq.
De auteur ontwikkelt een nieuwe visie op het christendom vandaag en gaat na welke rol religie in de samenleving nog kan spelen. De deconstructie van het christendom leert immers dat we leven in een niet-niet-christelijke cultuur en dat, ook al kunnen christendom en cultuur niet langer met elkaar geïdentificeerd worden, de verwevenheid tussen beide van die aard is dat men de bijdrage van het christendom aan onze cultuur nauwelijks kan onderschatten – maar ook: inschatten. Dit boek stelt daarom een hedendaags christendom voor dat, wars van de wetten van de wereld, een verzet tegen het kwantitatieve en kapitalistische denken inhoudt.
Joeri Schrijvers werkt als onderzoeker aan de Faculteit Wijsbegeerte en aan de Faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven. Hij heeft diverse publicaties op zijn naam.
In het licht van de eindigheid. Einde van de metafysica en deconstructie van het christendom.
Deze publicatie gaat uit van Heideggers denken over het einde van de metafysica en de ontotheologie en werkt deze thema’s uit aan de hand van verschillende hedendaagse auteurs, van Jean-Yves Lacoste tot Peter Sloterdijk. Ze diept de thematiek uit en maakt die toegankelijk voor een breder publiek. Dit gebeurt veelal met voorbeelden uit de hedendaagse literatuur, vooral Michel Houellebecq.
De auteur ontwikkelt een nieuwe visie op het christendom vandaag en gaat na welke rol religie in de samenleving nog kan spelen. De deconstructie van het christendom leert immers dat we leven in een niet-niet-christelijke cultuur en dat, ook al kunnen christendom en cultuur niet langer met elkaar geïdentificeerd worden, de verwevenheid tussen beide van die aard is dat men de bijdrage van het christendom aan onze cultuur nauwelijks kan onderschatten – maar ook: inschatten. Dit boek stelt daarom een hedendaags christendom voor dat, wars van de wetten van de wereld, een verzet tegen het kwantitatieve en kapitalistische denken inhoudt.
Joeri Schrijvers werkt als onderzoeker aan de Faculteit Wijsbegeerte en aan de Faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven. Hij heeft diverse publicaties op zijn naam.
Het (voor)beeldig brein. Taal en interventionele geneeskunde.
De gemeenschappelijke band die de drie redacteurs van Het voorbeeldige brein verbindt, is meer dan hun passie voor taal en hersenen. Zij vragen zich af hoe nieuwe technologische inzichten een meerwaarde kunnen bieden aan de gangbare logopedische benadering bij taal- en spraakstoornissen na hersenletsel.
De bijdragen van een aantal experts geven inzicht in de betekenis van deze ontwikkelingen voor ons therapeutisch handelen.
"een werkstuk dat niet in je bibliotheek mag ontbreken, zowel in die van je praktijk als in die van je woonkamer"
Logopedie, jrg. 27, nr. 1, blz. 75
Erik Robert, logopedist, werkt in Gent als diensthoofd Logopedie en Afasiologie bij het AZ Maria-Middelares, coördinator Neurologische Taal- en Spraakstoornissen op de Arteveldehogeschool en op de Dienst Logopedie van het Departement Neurochirurgie van het AZ Sint-Lucas.
Anne-Sophie Beeckman, logopedist, werkt op de Dienst Logopedie en Afasiologie van het AZ Maria-Middelares.
Evy Visch-Brink is klinisch linguist op de afdeling Neurologie en Neurochirurgie van het ErasmusMC in Rotterdam.
Het (voor)beeldig brein. Taal en interventionele geneeskunde.
De gemeenschappelijke band die de drie redacteurs van Het voorbeeldige brein verbindt, is meer dan hun passie voor taal en hersenen. Zij vragen zich af hoe nieuwe technologische inzichten een meerwaarde kunnen bieden aan de gangbare logopedische benadering bij taal- en spraakstoornissen na hersenletsel.
De bijdragen van een aantal experts geven inzicht in de betekenis van deze ontwikkelingen voor ons therapeutisch handelen.
"een werkstuk dat niet in je bibliotheek mag ontbreken, zowel in die van je praktijk als in die van je woonkamer"
Logopedie, jrg. 27, nr. 1, blz. 75
Erik Robert, logopedist, werkt in Gent als diensthoofd Logopedie en Afasiologie bij het AZ Maria-Middelares, coördinator Neurologische Taal- en Spraakstoornissen op de Arteveldehogeschool en op de Dienst Logopedie van het Departement Neurochirurgie van het AZ Sint-Lucas.
Anne-Sophie Beeckman, logopedist, werkt op de Dienst Logopedie en Afasiologie van het AZ Maria-Middelares.
Evy Visch-Brink is klinisch linguist op de afdeling Neurologie en Neurochirurgie van het ErasmusMC in Rotterdam.
Meer mans. Leraren opleiden met oog voor diversiteit en kwaliteit.
In deze bundel wordt verslag gedaan van het onderzoek- en ontwikkelproject ‘Help’ de mannelijke leraar naar het primair onderwijs of korter gezegd Meer Mans. Meer Mans heeft als doel bij te dragen aan de verhoging van het rendement en de kwaliteit van mannelijke studenten van de lerarenopleiding basisonderwijs.
Mannelijke studenten doen langer over de opleiding, vallen vaker uit en halen minder goede cijfers dan vrouwelijke studenten. Het uitgangspunt van Meer Mans is dat het geboden onderwijs minder goed aansluit bij de beroepsmotivatie, inzet en opleidingsverwachtingen van mannelijke studenten. Door onderzoek en curriculumontwikkeling te combineren is gewerkt aan kennisontwikkeling met betrekking tot optimalisering van de match tussen het curriculum en de mannelijke studenten.
Aan het totale project werkten drie onderzoekers, acht lerarenopleiders en zes leraren uit het basisonderwijs samen. Zij hebben op basis van theorie en praktijkervaringen vastgesteld welke opleidingsfactoren minder aansluiten bij mannelijke studenten en in aanmerking komen voor aanpassing zonder afbreuk te doen aan de vereiste kwaliteit van een afgestudeerde leraar basisonderwijs. De geselecteerde opleidingsfactoren zijn in overleg met de opleidingen als pilot aangepast en kleinschalig geïmplementeerd. Vervolgens is daarvan onderzocht of dat tot gewenste verbeteringen leidt. Voorbeelden van deelprojecten zijn ‘reflecteren moet je leren’, ‘opdrachten onder de genderlens’, en ‘op (mannelijke) maat begeleiden’ van stagiaires.
Dr. Gerda Geerdink was projectleider van Meer Mans. Ze werkt als associate lector op het thema ‘Seksediversiteit en onderwijs’ voor het Kenniscentrum: ‘Kwaliteit van Leren’ binnen de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Ze promoveerde in 2007 op een onderzoek naar sekseverschillen bij toekomstige leraren basisonderwijs. Op dit moment is ze vooral actief als praktijkonderzoeker naar onderwerpen die te maken hebben met sekseverschillen, onderwijs en rendementsverbetering. Daarvoor was ze lerarenopleider.
Dr. Fedor de Beer werkt bij hetzelfde Kenniscentrum als onderzoeker. Hij heeft mee leiding en sturing gegeven aan het project Meer Mans. Zijn onderzoeksthema’s zijn, naast sekseverschillen en opleiden van leraren, burgerschapsvorming en de pedagogische taak van het onderwijs. Hij was zelf (mannelijke) leraar basisonderwijs en later lerarenopleider aan de lerarenopleiding basisonderwijs.
Meer mans. Leraren opleiden met oog voor diversiteit en kwaliteit.
In deze bundel wordt verslag gedaan van het onderzoek- en ontwikkelproject ‘Help’ de mannelijke leraar naar het primair onderwijs of korter gezegd Meer Mans. Meer Mans heeft als doel bij te dragen aan de verhoging van het rendement en de kwaliteit van mannelijke studenten van de lerarenopleiding basisonderwijs.
Mannelijke studenten doen langer over de opleiding, vallen vaker uit en halen minder goede cijfers dan vrouwelijke studenten. Het uitgangspunt van Meer Mans is dat het geboden onderwijs minder goed aansluit bij de beroepsmotivatie, inzet en opleidingsverwachtingen van mannelijke studenten. Door onderzoek en curriculumontwikkeling te combineren is gewerkt aan kennisontwikkeling met betrekking tot optimalisering van de match tussen het curriculum en de mannelijke studenten.
Aan het totale project werkten drie onderzoekers, acht lerarenopleiders en zes leraren uit het basisonderwijs samen. Zij hebben op basis van theorie en praktijkervaringen vastgesteld welke opleidingsfactoren minder aansluiten bij mannelijke studenten en in aanmerking komen voor aanpassing zonder afbreuk te doen aan de vereiste kwaliteit van een afgestudeerde leraar basisonderwijs. De geselecteerde opleidingsfactoren zijn in overleg met de opleidingen als pilot aangepast en kleinschalig geïmplementeerd. Vervolgens is daarvan onderzocht of dat tot gewenste verbeteringen leidt. Voorbeelden van deelprojecten zijn ‘reflecteren moet je leren’, ‘opdrachten onder de genderlens’, en ‘op (mannelijke) maat begeleiden’ van stagiaires.
Dr. Gerda Geerdink was projectleider van Meer Mans. Ze werkt als associate lector op het thema ‘Seksediversiteit en onderwijs’ voor het Kenniscentrum: ‘Kwaliteit van Leren’ binnen de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Ze promoveerde in 2007 op een onderzoek naar sekseverschillen bij toekomstige leraren basisonderwijs. Op dit moment is ze vooral actief als praktijkonderzoeker naar onderwerpen die te maken hebben met sekseverschillen, onderwijs en rendementsverbetering. Daarvoor was ze lerarenopleider.
Dr. Fedor de Beer werkt bij hetzelfde Kenniscentrum als onderzoeker. Hij heeft mee leiding en sturing gegeven aan het project Meer Mans. Zijn onderzoeksthema’s zijn, naast sekseverschillen en opleiden van leraren, burgerschapsvorming en de pedagogische taak van het onderwijs. Hij was zelf (mannelijke) leraar basisonderwijs en later lerarenopleider aan de lerarenopleiding basisonderwijs.
IJzeren longen, warme harten. Musea & collecties van geneeskunde en zorg in belgië Nederland en Luxemburg
De vijftigste verjaardag van de Belgische ‘Ziekenhuiswet’ uit 1963 is een mooie gelegenheid om het gerelateerde erfgoed in de hele Benelux op te lijsten in een bijzonder boek.
De geschiedenis van de diverse collecties gaat uiteraard veel verder terug dan de tijdsspanne van louter de jongste vijftig jaar. Veertig instellingen met publiek toegankelijke collecties en musea omtrent het medisch, farmaceutisch en zorgerfgoed stellen zich voor, in woorden en met beeldmateriaal. Deze instellingen overspannen vrijwel alle historische tijdsperioden en hebben betrekking op drie landen. Met een combinatie van toegankelijke, boeiende verhalen en representatief, kwaliteitsvol beeldmateriaal wil het boek een breed publiek boeien voor het bijzondere en interessante verleden van de diverse collecties. Tegelijk is het boek een uitnodiging om musea en instellingen te bezoeken. Niet alleen lezen, maar ook doen. Het boek, een primeur voor de ‘Lage Landen’, slaagt pas in zijn opzet als het de lezer ertoe kan aanzetten om zelf op verkenning te gaan naar het rijke medische, farmaceutische en zorgerfgoed dat onze contreien heeft nagelaten.
Eindredacteuren: Patrick Allegaert en Vincent Van Roy; in opdracht van Hospitium vzw; met ondersteuning van de Belgische Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.
IJzeren longen, warme harten. Musea & collecties van geneeskunde en zorg in belgië Nederland en Luxemburg
De vijftigste verjaardag van de Belgische ‘Ziekenhuiswet’ uit 1963 is een mooie gelegenheid om het gerelateerde erfgoed in de hele Benelux op te lijsten in een bijzonder boek.
De geschiedenis van de diverse collecties gaat uiteraard veel verder terug dan de tijdsspanne van louter de jongste vijftig jaar. Veertig instellingen met publiek toegankelijke collecties en musea omtrent het medisch, farmaceutisch en zorgerfgoed stellen zich voor, in woorden en met beeldmateriaal. Deze instellingen overspannen vrijwel alle historische tijdsperioden en hebben betrekking op drie landen. Met een combinatie van toegankelijke, boeiende verhalen en representatief, kwaliteitsvol beeldmateriaal wil het boek een breed publiek boeien voor het bijzondere en interessante verleden van de diverse collecties. Tegelijk is het boek een uitnodiging om musea en instellingen te bezoeken. Niet alleen lezen, maar ook doen. Het boek, een primeur voor de ‘Lage Landen’, slaagt pas in zijn opzet als het de lezer ertoe kan aanzetten om zelf op verkenning te gaan naar het rijke medische, farmaceutische en zorgerfgoed dat onze contreien heeft nagelaten.
Eindredacteuren: Patrick Allegaert en Vincent Van Roy; in opdracht van Hospitium vzw; met ondersteuning van de Belgische Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.
De visie van Freinet
Het Freinetonderwijs heeft een vaste stek verworven in het Vlaamse onderwijslandschap. Dagelijks geven vele leerkrachten binnen diverse freinetscholen vorm aan hun onderwijspraktijk. Zij beroepen zich hiervoor op het gedachtegoed van Célestin Freinet en trachten met allerlei technieken en leermiddelen kinderen te laten opgroeien tot kritische en solidaire volwassenen. Ze gaan actief aan de slag met vrije teksten, installeren coöperatieve en participatieve overlegvormen, laten de kinderen onderzoeken en experimenteren.
Hoewel een aantal technieken bekendheid genieten, is de achterliggende visie van Freinet vaak minder gekend. Dit boek wil een overzicht bieden van de belangrijkste uitgangspunten die aan de basis liggen van de Freinetpedagogie. De auteur kwam tot dit overzicht door oorspronkelijke teksten van Freinet en overzichtswerken over Freinet op elkaar te betrekken. Het belang van deze visie-elementen kan moeilijk overschat worden, aangezien zij de motor vormen voor een geïnspireerde werking. Om deze goed te begrijpen is het belangrijk om Célestin Freinet te plaatsen binnen de tijd (1896-1966) en de ruimte (Zuidoost-Frankrijk) waarin hij leefde en werkte. Enkele belangrijke, invloedrijke gebeurtenissen worden vermeld. Het boek sluit af met een kijkwijzer die een individuele leerkracht of een schoolteam in staat stelt om zelf na te gaan in welke mate de eigen werking aansluit bij de uitgangspunten van Freinet.
Jan Devos nam als onderwijzer en pedagoog diverse functies op binnen het onderwijs. Hij was coördinator leerplanontwikkeling bij het OVSG, medewerker van de Pedagogische Begeleidingsdienst Stad Gent en werkt momenteel als onderwijsinspecteur. Hij schreef een masterthesis over de overgang van leerlingen uit alternatieve scholen naar het secundair onderwijs en was onder meer betrokken bij het ondersteunen van Freinetscholen.
De visie van Freinet
Het Freinetonderwijs heeft een vaste stek verworven in het Vlaamse onderwijslandschap. Dagelijks geven vele leerkrachten binnen diverse freinetscholen vorm aan hun onderwijspraktijk. Zij beroepen zich hiervoor op het gedachtegoed van Célestin Freinet en trachten met allerlei technieken en leermiddelen kinderen te laten opgroeien tot kritische en solidaire volwassenen. Ze gaan actief aan de slag met vrije teksten, installeren coöperatieve en participatieve overlegvormen, laten de kinderen onderzoeken en experimenteren.
Hoewel een aantal technieken bekendheid genieten, is de achterliggende visie van Freinet vaak minder gekend. Dit boek wil een overzicht bieden van de belangrijkste uitgangspunten die aan de basis liggen van de Freinetpedagogie. De auteur kwam tot dit overzicht door oorspronkelijke teksten van Freinet en overzichtswerken over Freinet op elkaar te betrekken. Het belang van deze visie-elementen kan moeilijk overschat worden, aangezien zij de motor vormen voor een geïnspireerde werking. Om deze goed te begrijpen is het belangrijk om Célestin Freinet te plaatsen binnen de tijd (1896-1966) en de ruimte (Zuidoost-Frankrijk) waarin hij leefde en werkte. Enkele belangrijke, invloedrijke gebeurtenissen worden vermeld. Het boek sluit af met een kijkwijzer die een individuele leerkracht of een schoolteam in staat stelt om zelf na te gaan in welke mate de eigen werking aansluit bij de uitgangspunten van Freinet.
Jan Devos nam als onderwijzer en pedagoog diverse functies op binnen het onderwijs. Hij was coördinator leerplanontwikkeling bij het OVSG, medewerker van de Pedagogische Begeleidingsdienst Stad Gent en werkt momenteel als onderwijsinspecteur. Hij schreef een masterthesis over de overgang van leerlingen uit alternatieve scholen naar het secundair onderwijs en was onder meer betrokken bij het ondersteunen van Freinetscholen.
Evaluatie van het onderwijspersoneel. Beleid en praktijk in het Vlaamse secundair onderwijs, centra voor leerlingenbegeleiding en voor volwassenenonderwijs.
Sinds 2007 worden scholen van het secundair onderwijs geacht hun leerkrachten te evalueren. Dit maakt deel uit van een cyclus van functionerings- en evaluatiegesprekken, naar analogie met wat in de bedrijfswereld gebruikelijk is.
Voor het eerst is wetenschappelijk onderzoek beschikbaar over hoe dit in het secundair onderwijs, maar ook in de Centra voor Volwasseneneducatie en de Centra voor Leerlingenbegeleiding effectief gebeurt, en wat de bedoelde en onbedoelde effecten zijn. Het onderzoek geeft aanleiding tot een aantal duidelijke aanbevelingen met betrekking tot het evaluatiesysteem voor het onderwijzend personeel.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Geert Devos en Eva Vekeman werken aan de Universiteit Gent. Zij zijn verbonden aan de onderzoeksgroep Onderwijsbeleid en Schoolleiderschap van de Vakgroep Onderwijskunde.
Peter Van Petegem, Jan Vanhoof en Eva Delvaux werken aan het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Ze zijn verbonden aan de onderzoeksgroep EduBROn (www.edubron.be).
Evaluatie van het onderwijspersoneel. Beleid en praktijk in het Vlaamse secundair onderwijs, centra voor leerlingenbegeleiding en voor volwassenenonderwijs.
Sinds 2007 worden scholen van het secundair onderwijs geacht hun leerkrachten te evalueren. Dit maakt deel uit van een cyclus van functionerings- en evaluatiegesprekken, naar analogie met wat in de bedrijfswereld gebruikelijk is.
Voor het eerst is wetenschappelijk onderzoek beschikbaar over hoe dit in het secundair onderwijs, maar ook in de Centra voor Volwasseneneducatie en de Centra voor Leerlingenbegeleiding effectief gebeurt, en wat de bedoelde en onbedoelde effecten zijn. Het onderzoek geeft aanleiding tot een aantal duidelijke aanbevelingen met betrekking tot het evaluatiesysteem voor het onderwijzend personeel.
GPRC – Guaranteed Peer Reviewed Content
Geert Devos en Eva Vekeman werken aan de Universiteit Gent. Zij zijn verbonden aan de onderzoeksgroep Onderwijsbeleid en Schoolleiderschap van de Vakgroep Onderwijskunde.
Peter Van Petegem, Jan Vanhoof en Eva Delvaux werken aan het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Ze zijn verbonden aan de onderzoeksgroep EduBROn (www.edubron.be).
“Laat mijn kop met rust!” Een project over straatwijs opvoeden
‘Straatwijs Opvoeden’ is een project dat kennis bezorgt aan de lokale netwerken opvoedingsondersteuning, zodat ze beter tegemoet kunnen komen aan de vraag van de zwakste groepen in de samenleving. Hiervoor verzamelden straathoekwerkers ervaringen van gezinnen in armoedesituaties, resulterend in zogenaamde straatverhalen. De straatverhalen weerspiegelen vooral ervaringen van succes en falen, onvermogen en krachten, engagement maar ook machteloosheid en onbegrip vanuit de hulp- en dienstverlening. Deze straatverhalen, als bronnen van levenswijsheid, worden in deze publicatie uitvoerig geanalyseerd en beschreven. Het zorgvuldig organiseren van een dialoog met ouders uit gezinnen in armoedesituaties levert inzichten op over de verwevenheid van hun leven met structurele moeilijkheden, waarbij ondersteuning bij de opvoeding niet altijd als ondersteunend wordt ervaren.
‘Straatwijs Opvoeden’ is echter veel meer dan dat. Op basis van de straatverhalen werd het perspectief van lokale actoren in de hulp- en dienstverlening in Oostende en Aalst geëxploreerd. Dit levert vooral inzichten op over de grenzen van de ondersteuningsmogelijkheden voor gezinnen. Het toont dat er discrepanties zijn in de manier waarop opvoedingsondersteuning door welzijnsdiensten wordt aangeboden en de manier waarop deze ondersteuning door de ouders wordt ervaren. Tegelijk zien we lokale actoren ondergronds gaan in de zoektocht naar gedeeld engagement ten aanzien van deze gezinnen, die in complexe situaties hun kinderen opvoeden.
Een aantal ‘critical friends’ leveren diverse kritische bijdragen over deze bevindingen én formuleren nieuwe vragen en uitdagingen voor het beleid en de praktijk van opvoedingsondersteuning.
In een notendop levert ‘Straatwijs Opvoeden’ een inspirerende kijk op de manier
waarop op lokaal niveau aan opvoedingsondersteuning vorm gegeven kan worden.
Griet Roets is als postdoctoraal onderzoeker van het Fonds voor
Wetenschappelijk Onder zoek (FWO) verbonden aan de vakgroep
Sociale Agogiek, Universiteit Gent.
Joost Bonte is coördinator van Straathoekwerk Oost- en West- Vlaanderen, en is sinds de opstart van Integrale Jeugdhulp lid van de stuurgroep in West-Vlaanderen.
Dirk Dermaut en John Decoene zijn verantwoordelijken van het team Vlaamse Coördinatoren Opvoedingsondersteuning in respectievelijk Oost- en West-Vlaanderen van het Agentschap Jongerenwelzijn bij de Vlaamse overheid.
Valerie Dhondt en Frank Myny zijn Vlaamse Coördinatoren Op - voedingsondersteuning in respectievelijk Oost- en West-Vlaanderen van het Agentschap Jongerenwelzijn bij de Vlaamse overheid.
“Laat mijn kop met rust!” Een project over straatwijs opvoeden
‘Straatwijs Opvoeden’ is een project dat kennis bezorgt aan de lokale netwerken opvoedingsondersteuning, zodat ze beter tegemoet kunnen komen aan de vraag van de zwakste groepen in de samenleving. Hiervoor verzamelden straathoekwerkers ervaringen van gezinnen in armoedesituaties, resulterend in zogenaamde straatverhalen. De straatverhalen weerspiegelen vooral ervaringen van succes en falen, onvermogen en krachten, engagement maar ook machteloosheid en onbegrip vanuit de hulp- en dienstverlening. Deze straatverhalen, als bronnen van levenswijsheid, worden in deze publicatie uitvoerig geanalyseerd en beschreven. Het zorgvuldig organiseren van een dialoog met ouders uit gezinnen in armoedesituaties levert inzichten op over de verwevenheid van hun leven met structurele moeilijkheden, waarbij ondersteuning bij de opvoeding niet altijd als ondersteunend wordt ervaren.
‘Straatwijs Opvoeden’ is echter veel meer dan dat. Op basis van de straatverhalen werd het perspectief van lokale actoren in de hulp- en dienstverlening in Oostende en Aalst geëxploreerd. Dit levert vooral inzichten op over de grenzen van de ondersteuningsmogelijkheden voor gezinnen. Het toont dat er discrepanties zijn in de manier waarop opvoedingsondersteuning door welzijnsdiensten wordt aangeboden en de manier waarop deze ondersteuning door de ouders wordt ervaren. Tegelijk zien we lokale actoren ondergronds gaan in de zoektocht naar gedeeld engagement ten aanzien van deze gezinnen, die in complexe situaties hun kinderen opvoeden.
Een aantal ‘critical friends’ leveren diverse kritische bijdragen over deze bevindingen én formuleren nieuwe vragen en uitdagingen voor het beleid en de praktijk van opvoedingsondersteuning.
In een notendop levert ‘Straatwijs Opvoeden’ een inspirerende kijk op de manier
waarop op lokaal niveau aan opvoedingsondersteuning vorm gegeven kan worden.
Griet Roets is als postdoctoraal onderzoeker van het Fonds voor
Wetenschappelijk Onder zoek (FWO) verbonden aan de vakgroep
Sociale Agogiek, Universiteit Gent.
Joost Bonte is coördinator van Straathoekwerk Oost- en West- Vlaanderen, en is sinds de opstart van Integrale Jeugdhulp lid van de stuurgroep in West-Vlaanderen.
Dirk Dermaut en John Decoene zijn verantwoordelijken van het team Vlaamse Coördinatoren Opvoedingsondersteuning in respectievelijk Oost- en West-Vlaanderen van het Agentschap Jongerenwelzijn bij de Vlaamse overheid.
Valerie Dhondt en Frank Myny zijn Vlaamse Coördinatoren Op - voedingsondersteuning in respectievelijk Oost- en West-Vlaanderen van het Agentschap Jongerenwelzijn bij de Vlaamse overheid.
Het kind in het ziekenhuis. Psychologisch-wetenschappelijke benadering.
Wanneer een kind – van baby tot adolescent – en zijn omgeving geconfronteerd worden met een ziekenhuisopname, zowel een geplande als een ongeplande opname, wordt de normale gang van zaken danig overhoop gehaald. Dit heeft niet alleen gevolgen voor het kind maar ook voor de gehele context van het gezin. Het kind in het ziekenhuis is immers een uiterst kwetsbaar kind. Verscheidene belangrijke psychologische aspecten zijn medebepalend voor het welzijn van het kind tijdens de opname. De kwaliteit van de gehechtheidsrelatie, de mate van participatie aan de zorg door het kind en zijn omgeving, de wijze waarop met informatie omgegaan wordt, het pijnbeleid… zijn slechts enkele aspecten die deel uitmaken van een integrale zorgverlening.
Ilse Ackermans, pediatrische verpleegkundige en psycholoog, is lector aan de Katholieke Hogeschool Leuven, departement Gezondheid en Technologie, opleiding Verpleeg- en Vroedkunde.
Het kind in het ziekenhuis. Psychologisch-wetenschappelijke benadering.
Wanneer een kind – van baby tot adolescent – en zijn omgeving geconfronteerd worden met een ziekenhuisopname, zowel een geplande als een ongeplande opname, wordt de normale gang van zaken danig overhoop gehaald. Dit heeft niet alleen gevolgen voor het kind maar ook voor de gehele context van het gezin. Het kind in het ziekenhuis is immers een uiterst kwetsbaar kind. Verscheidene belangrijke psychologische aspecten zijn medebepalend voor het welzijn van het kind tijdens de opname. De kwaliteit van de gehechtheidsrelatie, de mate van participatie aan de zorg door het kind en zijn omgeving, de wijze waarop met informatie omgegaan wordt, het pijnbeleid… zijn slechts enkele aspecten die deel uitmaken van een integrale zorgverlening.
Ilse Ackermans, pediatrische verpleegkundige en psycholoog, is lector aan de Katholieke Hogeschool Leuven, departement Gezondheid en Technologie, opleiding Verpleeg- en Vroedkunde.
Waarheid spreken in politiek, onderwijs en vriendschap. Michel Foucault over de parrèsia.
De auteur houdt onze ervaring tegen het licht van het waarheidspreken in de Griekse cultuur. Rond deze parrèsia ontstond een intense filosofische, politieke en ethische reflectie. Over welke onderwerpen is het relevant en belangrijk waarheid te spreken? Hoe onderscheid je een waarheidspreker van een leugenaar of een vleier? Hoe moet ik mezelf vormen om te kunnen spreken met aanzien en invloed? Welke gunstige effecten heeft de parrèsia voor het individu en de samenleving? Hoe verhoudt het waarheidspreken zich tot het politieke bestuur?
Als leidraad voor dit boek dienen de lessen die Michel Foucault in zijn laatste levensjaren gaf aan het Collège de France.
"verhelderend boek over de vele vormen van waarheidspreken binnen de democratie, in het onderwijs en de hulpverlening, als leidinggevende of vriend"
Tertio (jrg. 14, nr. 707, blz. 12)
Rob Devos doceert Hedendaagse politieke stromingen en Cultuurfilosofie aan
het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven.
Hij publiceerde Biopolitiek
en postfordisme (Garant, 2010).
Waarheid spreken in politiek, onderwijs en vriendschap. Michel Foucault over de parrèsia.
De auteur houdt onze ervaring tegen het licht van het waarheidspreken in de Griekse cultuur. Rond deze parrèsia ontstond een intense filosofische, politieke en ethische reflectie. Over welke onderwerpen is het relevant en belangrijk waarheid te spreken? Hoe onderscheid je een waarheidspreker van een leugenaar of een vleier? Hoe moet ik mezelf vormen om te kunnen spreken met aanzien en invloed? Welke gunstige effecten heeft de parrèsia voor het individu en de samenleving? Hoe verhoudt het waarheidspreken zich tot het politieke bestuur?
Als leidraad voor dit boek dienen de lessen die Michel Foucault in zijn laatste levensjaren gaf aan het Collège de France.
"verhelderend boek over de vele vormen van waarheidspreken binnen de democratie, in het onderwijs en de hulpverlening, als leidinggevende of vriend"
Tertio (jrg. 14, nr. 707, blz. 12)
Rob Devos doceert Hedendaagse politieke stromingen en Cultuurfilosofie aan
het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven.
Hij publiceerde Biopolitiek
en postfordisme (Garant, 2010).
