Vastgoed en btw. Bouwen en verbouwen in vraag en antwoord
Dit boekje bevat een aantal topics uit de vastgoedsector inzake bouwen en verbouwen in België. Het gaat om praktijkgerichte vragen waarop een duidelijk antwoord wordt geformuleerd.
Het gaat onder andere om de criteria om een verbouwing te onderscheiden van nieuwbouw. Wanneer is 6 % van toepassing, wanneer 21 %? Hoe berekent men de oppervlaktenorm bij uitbreidingswerken? Wanneer kan een verbouwd gebouw verkocht worden met btw, wanneer moet er verkocht worden met registratierechten? Het gaat om topics die relevant zijn voor al wie actief is in de vastgoedsector als bouwpromotor, accountant, fiscaal advocaat of notaris.
Stefan Ruysschaert is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Vastgoed en btw. Bouwen en verbouwen in vraag en antwoord
Dit boekje bevat een aantal topics uit de vastgoedsector inzake bouwen en verbouwen in België. Het gaat om praktijkgerichte vragen waarop een duidelijk antwoord wordt geformuleerd.
Het gaat onder andere om de criteria om een verbouwing te onderscheiden van nieuwbouw. Wanneer is 6 % van toepassing, wanneer 21 %? Hoe berekent men de oppervlaktenorm bij uitbreidingswerken? Wanneer kan een verbouwd gebouw verkocht worden met btw, wanneer moet er verkocht worden met registratierechten? Het gaat om topics die relevant zijn voor al wie actief is in de vastgoedsector als bouwpromotor, accountant, fiscaal advocaat of notaris.
Stefan Ruysschaert is docent btw en auteur van talrijke bijdragen op fiscaal vlak in toonaangevende tijdschriften en boeken. Hij doceert het vak btw aan de faculteit Economische Wetenschappen van de UGent en is gastdocent aan de Fiscale Hogeschool (Odisee).
Filosofisch tegenspel. Traag denken in tijden van versnelling
We leven in een tijd van hyperkinetiek, snelle verplaatsing, flitskapitaal, directe maakbaarheid en hyperlink-denken. Snelheid geeft een kick, maar maakt ons ook ziek. We proberen tijdelijk aan de snelheid te ontsnappen via fysieke en digitale, individuele en collectieve capsules die ons beschermen tegen te veel prikkels. Om echter blijvend aan systeemsnelheid te ontkomen is er diepzinniger tegenspel nodig dat traagheid en ritmes wil denken als indirect verzet, vaste rituelen koestert, uitnodigt tot beschouwelijkheid en niet meewaait met emoties die zich aandienen maar zich stevig positioneert in het eigen lichaam met zijn affectiviteit en ons opnieuw wil verbinden met de aarde. Maar hoe pakken we dit aan?
Giovanni Rizzuto studeerde filosofie, theologie en Indische talen aan de Universiteit van Amsterdam. Naast zijn werk als beeldend kunstenaar doceerde hij filosofie en menswetenschappen aan verschillende hogescholen. Hij publiceerde meerdere boeken en schrijft regelmatig voor o.a. Hollands Maandblad, Streven en Filosofie-Tijdschrift. De draad van Ariadne, Wijsgerige essays over mythe en mythologie (2022), De wereld in een korrel zand, Inleiding in de filosofie van de mystiek (2023), Misterios Envueltos, Mínima Poética (2024) en De reis van Gilgamesj, Over dood, bewustzijn en seksualiteit (2024) zijn zijn meest recente publicaties.
Filosofisch tegenspel. Traag denken in tijden van versnelling
We leven in een tijd van hyperkinetiek, snelle verplaatsing, flitskapitaal, directe maakbaarheid en hyperlink-denken. Snelheid geeft een kick, maar maakt ons ook ziek. We proberen tijdelijk aan de snelheid te ontsnappen via fysieke en digitale, individuele en collectieve capsules die ons beschermen tegen te veel prikkels. Om echter blijvend aan systeemsnelheid te ontkomen is er diepzinniger tegenspel nodig dat traagheid en ritmes wil denken als indirect verzet, vaste rituelen koestert, uitnodigt tot beschouwelijkheid en niet meewaait met emoties die zich aandienen maar zich stevig positioneert in het eigen lichaam met zijn affectiviteit en ons opnieuw wil verbinden met de aarde. Maar hoe pakken we dit aan?
Giovanni Rizzuto studeerde filosofie, theologie en Indische talen aan de Universiteit van Amsterdam. Naast zijn werk als beeldend kunstenaar doceerde hij filosofie en menswetenschappen aan verschillende hogescholen. Hij publiceerde meerdere boeken en schrijft regelmatig voor o.a. Hollands Maandblad, Streven en Filosofie-Tijdschrift. De draad van Ariadne, Wijsgerige essays over mythe en mythologie (2022), De wereld in een korrel zand, Inleiding in de filosofie van de mystiek (2023), Misterios Envueltos, Mínima Poética (2024) en De reis van Gilgamesj, Over dood, bewustzijn en seksualiteit (2024) zijn zijn meest recente publicaties.
Wetboek overheidsopdrachten, editie 2025
Twee wetten en twee uitvoeringsbesluiten maken de essentie uit van het Belgische overheidsopdrachtenrecht:
• de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten;
• de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie
en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies;
• het koninklijk besluit van 18 april 2017 plaatsing overheidsopdrachten in de klassieke sectoren;
• het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.
Met voorliggende Maklu-wetboekpocket worden deze wetten en koninklijke besluiten, in een gecoördineerde versie, voor een vlotte consultatie ter beschikking gesteld van al diegenen die dagdagelijks, in welke functie ook, bij het overheidsopdrachtengebeuren betrokken zijn.
De teksten zijn bijgehouden tot en met het Belgisch Staatsblad van 3 januari 2025.
Wetboek overheidsopdrachten, editie 2025
Twee wetten en twee uitvoeringsbesluiten maken de essentie uit van het Belgische overheidsopdrachtenrecht:
• de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten;
• de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie
en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies;
• het koninklijk besluit van 18 april 2017 plaatsing overheidsopdrachten in de klassieke sectoren;
• het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.
Met voorliggende Maklu-wetboekpocket worden deze wetten en koninklijke besluiten, in een gecoördineerde versie, voor een vlotte consultatie ter beschikking gesteld van al diegenen die dagdagelijks, in welke functie ook, bij het overheidsopdrachtengebeuren betrokken zijn.
De teksten zijn bijgehouden tot en met het Belgisch Staatsblad van 3 januari 2025.
Military Justice: Contemporary, Historical and Comparative Perspectives | RIDP libri 8
Military justice is an essential aspect of a nation’s defence system, rooted in a rich historical context that is intertwined with wider legal, political and social developments. Its importance has increased in the 21st century due to the changing nature of war, the need to protect civilians, the need to deal with misconduct by soldiers and to protect victims. It is essential to understand the historical development of military justice in order to grasp its complex legal and ethical dimensions, and avoid past mistakes.
Military justice serves to address misconduct within the armed forces, and to ensure discipline and compliance with ethical and international standards. Ongoing training in military law is mandatory to prevent illegal actions and foster a culture of respect for legal standards. One of the main objectives of military justice is also to protect civilians during armed conflicts. International humanitarian law, including the Geneva Conventions, requires the protection of non-combatants, and military justice systems help to ensure compliance with these laws. Investigating and prosecuting violations, particularly those that endanger civilians, helps to ensure accountability and maintain the legitimacy of military operations.
In the same way, advances in military technology, such as the use of drones and artificial intelligence, pose new challenges for military justice. Legal frameworks must evolve to take account of legal and ethical implications of these technologies. Additionally, warfare has significantly transformed in recent years, with cyber warfare, private military companies and counter-insurgency operations. Finally, contemporary military operations often involve coalitions of multiple countries, requiring harmonized approaches to military justice to ensure consistency across different legal systems.
The International Military Justice Forum (IMJF) provides a platform for global discussions on military justice, bringing together academics, practitioners, and military personnel. It fosters comparative analysis of international military justice systems and explores their historical and current evolution.
This volume brings together major contributions to the 2nd International Military Justice Forum, which convened on 8 and 9 November 2023 in Stellenbosch, South Africa
Gwenaël Guyon is Associate Professor in Legal History and Comparative Law at Saint-Cyr Coëtquidan Military Academy, seconded from the University Paris Cité, and President of the International Military Justice Forum.
Evert Kleynhans is Associate Professor in Military History at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University, and Honorary Researcher at the Centre for War and Diplomacy at Lancaster University.
Michelle Nel is Associate Professor in Military Law at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University, and a part-time researcher at the Security Institute for Governance and Leadership in Africa (SIGLA).
Sonja Els is Senior Lecturer in Mercantile Law and Military Law, and Chair of the School for Human Resource Development at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University.
Military Justice: Contemporary, Historical and Comparative Perspectives | RIDP libri 8
Military justice is an essential aspect of a nation’s defence system, rooted in a rich historical context that is intertwined with wider legal, political and social developments. Its importance has increased in the 21st century due to the changing nature of war, the need to protect civilians, the need to deal with misconduct by soldiers and to protect victims. It is essential to understand the historical development of military justice in order to grasp its complex legal and ethical dimensions, and avoid past mistakes.
Military justice serves to address misconduct within the armed forces, and to ensure discipline and compliance with ethical and international standards. Ongoing training in military law is mandatory to prevent illegal actions and foster a culture of respect for legal standards. One of the main objectives of military justice is also to protect civilians during armed conflicts. International humanitarian law, including the Geneva Conventions, requires the protection of non-combatants, and military justice systems help to ensure compliance with these laws. Investigating and prosecuting violations, particularly those that endanger civilians, helps to ensure accountability and maintain the legitimacy of military operations.
In the same way, advances in military technology, such as the use of drones and artificial intelligence, pose new challenges for military justice. Legal frameworks must evolve to take account of legal and ethical implications of these technologies. Additionally, warfare has significantly transformed in recent years, with cyber warfare, private military companies and counter-insurgency operations. Finally, contemporary military operations often involve coalitions of multiple countries, requiring harmonized approaches to military justice to ensure consistency across different legal systems.
The International Military Justice Forum (IMJF) provides a platform for global discussions on military justice, bringing together academics, practitioners, and military personnel. It fosters comparative analysis of international military justice systems and explores their historical and current evolution.
This volume brings together major contributions to the 2nd International Military Justice Forum, which convened on 8 and 9 November 2023 in Stellenbosch, South Africa
Gwenaël Guyon is Associate Professor in Legal History and Comparative Law at Saint-Cyr Coëtquidan Military Academy, seconded from the University Paris Cité, and President of the International Military Justice Forum.
Evert Kleynhans is Associate Professor in Military History at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University, and Honorary Researcher at the Centre for War and Diplomacy at Lancaster University.
Michelle Nel is Associate Professor in Military Law at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University, and a part-time researcher at the Security Institute for Governance and Leadership in Africa (SIGLA).
Sonja Els is Senior Lecturer in Mercantile Law and Military Law, and Chair of the School for Human Resource Development at the Faculty of Military Science of Stellenbosch University.
Ontveld denken. Verblijven in een unheimische wereld
Lange tijd wisten we ons thuis in een wereld die we meenden te hebben. Het bestaan in deze vertrouwde wereld vormde onze existentie, die we op een eigenlijke wijze op ons namen. Thans is de wereld echter niet meer wat hij was, en zijn we ook zelf niet meer wie we waren. ‘De wereld is weg’, zo dichtte Paul Celan, en deze afwezigheid van de wereld brengt ons van ons stuk. In de planetaire ‘techno-natuur’ die naar voren treedt, weten we ons getekend door een soort van zelf-gemis, dat samenhangt met een gemis aan woorden, dat zelf correleert met het wegtrekken van de wereld dat we vernemen in fenomenen als de globalisering en klimaatverwoesting, de versplintering en fictionalisering van wetenschap en technologie, en zelfs ‘het einde van de metafysica’.
Vandaag bestaat de ‘wereld’ die we met elkaar delen als een ‘techno-natuurlijke’ achtergrond waaraan we als simpelweg levende wezens direct zijn uitgeleverd, zonder onderdak en zonder horizon, en zelfs zonder denken. Niemand is echt thuis in deze globale omgeving, niemand kan haar de hunne noemen, en toch moeten we allemaal leren om voor deze niet-toe-te-eigenen planetaire sfeer zorg te dragen.
Dit vormt dan ook de inzet van dit boek. Het ontveld denken is een denken dat aanvaardt om verwond te raken door de verscheurende aspecten van onze ‘wereld’. Het is een denken dat zich verbeeldt als een rauwe gevoeligheid en scherpte die het ook inzet als strijdmiddel, en dit vanuit het besef dat het aan ons is om te beslissen aangaande de ‘wereld’ en het wegtrekken ervan. Dit boek bundelt 14 artikelen van Susanna Lindberg, in een keuze en vertaling van Bart Buseyne.
Vaak is de veronderstelling dat denken iets is wat mooi is of ons een fijn gevoel geeft. Susanna Lindberg maakt in deze bundel met elkaar samenhangende artikelen duidelijk dat denken ook pijn kan doen, en dat het misschien daarom wel zo moeilijk is om echt na te denken over de wereldwijde ecologische misère die ons nog steeds te weinig bij de strot grijpt. Wie de moed heeft om met haar mee te denken over de klimaatcatastrofe, over de ‘ontrafeling’ van onze wereld of over de ‘zachtheid’ van extinctie, wordt verwond door dit boek, maar zal ook verrijkt worden met tal van verrassende inzichten. Het boek bevat een fraai staaltje van wat Lindberg vermag en is ook nog eens voortreffelijk vertaald, ingeleid en geannoteerd door Bart Buseyne. - René ten Bos
Susanna Lindberg is hoogleraar in de Continentale wijsbegeerte aan de Universiteit Leiden. Nadat ze in eerder werk de ontwikkelingen en vertakkingen in het domein van de moderne Europese filosofie heeft verkend, neemt ze vandaag de globalisering, de techniek en de klimaatopwarming tot onderwerp, en dit vanuit een (post)fenomenologische invalshoek. Ze is de auteur van o.a. Le monde défait (2016), Techniques en philosophie (2020), From Technological Humanity to Bio-technical Existence (2023) en Planetary Thinking in the Era of Global Warming (2023). Bart Buseyne is filosoof van opleiding en verbonden aan KBR, de nationale bibliotheek van België.
Ontveld denken. Verblijven in een unheimische wereld
Lange tijd wisten we ons thuis in een wereld die we meenden te hebben. Het bestaan in deze vertrouwde wereld vormde onze existentie, die we op een eigenlijke wijze op ons namen. Thans is de wereld echter niet meer wat hij was, en zijn we ook zelf niet meer wie we waren. ‘De wereld is weg’, zo dichtte Paul Celan, en deze afwezigheid van de wereld brengt ons van ons stuk. In de planetaire ‘techno-natuur’ die naar voren treedt, weten we ons getekend door een soort van zelf-gemis, dat samenhangt met een gemis aan woorden, dat zelf correleert met het wegtrekken van de wereld dat we vernemen in fenomenen als de globalisering en klimaatverwoesting, de versplintering en fictionalisering van wetenschap en technologie, en zelfs ‘het einde van de metafysica’.
Vandaag bestaat de ‘wereld’ die we met elkaar delen als een ‘techno-natuurlijke’ achtergrond waaraan we als simpelweg levende wezens direct zijn uitgeleverd, zonder onderdak en zonder horizon, en zelfs zonder denken. Niemand is echt thuis in deze globale omgeving, niemand kan haar de hunne noemen, en toch moeten we allemaal leren om voor deze niet-toe-te-eigenen planetaire sfeer zorg te dragen.
Dit vormt dan ook de inzet van dit boek. Het ontveld denken is een denken dat aanvaardt om verwond te raken door de verscheurende aspecten van onze ‘wereld’. Het is een denken dat zich verbeeldt als een rauwe gevoeligheid en scherpte die het ook inzet als strijdmiddel, en dit vanuit het besef dat het aan ons is om te beslissen aangaande de ‘wereld’ en het wegtrekken ervan. Dit boek bundelt 14 artikelen van Susanna Lindberg, in een keuze en vertaling van Bart Buseyne.
Vaak is de veronderstelling dat denken iets is wat mooi is of ons een fijn gevoel geeft. Susanna Lindberg maakt in deze bundel met elkaar samenhangende artikelen duidelijk dat denken ook pijn kan doen, en dat het misschien daarom wel zo moeilijk is om echt na te denken over de wereldwijde ecologische misère die ons nog steeds te weinig bij de strot grijpt. Wie de moed heeft om met haar mee te denken over de klimaatcatastrofe, over de ‘ontrafeling’ van onze wereld of over de ‘zachtheid’ van extinctie, wordt verwond door dit boek, maar zal ook verrijkt worden met tal van verrassende inzichten. Het boek bevat een fraai staaltje van wat Lindberg vermag en is ook nog eens voortreffelijk vertaald, ingeleid en geannoteerd door Bart Buseyne. - René ten Bos
Susanna Lindberg is hoogleraar in de Continentale wijsbegeerte aan de Universiteit Leiden. Nadat ze in eerder werk de ontwikkelingen en vertakkingen in het domein van de moderne Europese filosofie heeft verkend, neemt ze vandaag de globalisering, de techniek en de klimaatopwarming tot onderwerp, en dit vanuit een (post)fenomenologische invalshoek. Ze is de auteur van o.a. Le monde défait (2016), Techniques en philosophie (2020), From Technological Humanity to Bio-technical Existence (2023) en Planetary Thinking in the Era of Global Warming (2023). Bart Buseyne is filosoof van opleiding en verbonden aan KBR, de nationale bibliotheek van België.
Het dierenrijk als bron van geneesmiddelen, (volks)geneeskunde en farmacie (Reeks Cahiers GGG Geschiedenis van de Geneeskunde en de Gezondheidszorg, nr. 20)
Door de eeuwen heen hebben apothekers een fascinatie gehad voor dieren. Dit was in de eerste plaats het geval in het productie-proces van geneesmiddelen. Vele likkepotten, zalven, pillen, oliën of lotions werden aangemaakt op basis van ingrediënten, verkregen uit dieren. Immers, aan dieren werden allerhande gunstige eigenschappen toegekend, die de gezondheid van de mens ten goede konden komen. Men kan het zo gauw niet bedenken, maar zowat alle dieren werden in aanmerking genomen om ziekten tegen te gaan. In dit boek passeren talloze diersoorten de revue, waarvan de eigenschappen op de één of andere manier heilzaam bleken te zijn voor de mens.
Maar ook als uithangbord of decoratie gebruikten apothekers, drogisten of kruideniers allerhande opgezette dieren of afbeeldingen om hun apotheek mee op te smukken. Zo droegen apotheken door de eeuwen heen ook de namen van exotische of lokale beesten, of werden apothekerspotten versierd met afbeeldingen van beren, olifanten, slangen of andere diersoorten.
Aangezien dieren genezing konden brengen, werden ze het favoriete hulpmiddel van de vele geneesheiligen, die door de mensheid eeuwen lang vereerd en aanbeden werden om hun gezondheid te beschermen of te herstellen. De auteur brengt een panoplie van heiligen ten tonele, die elk voor een bepaalde ziekte of aandoening genezing kon brengen in onze Lage Landen.
Kortom, in dit boek komt de onverbrekelijke band tussen de apotheker en de wonderlijke dierenwereld tot uiting, een band die ons telkens weer blijft verbazen en intrigeren.
Guy Gilias (1944) toonde reeds tijdens zijn apothekersstudies belangstelling voor de geschiedenis van zijn beroep. Tien jaar lang was hij voorzitter van de Kring voor de Geschiedenis van de Farmacie in de Benelux. Hij werd benoemd tot lid van de Académie Internationale d’Histoire de la Pharmacie en werd laureaat van de Prijs Frans Daels (afdeling Farmacie), uitgereikt door de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België. Hij gaf verscheidene lezingen over farmaceutisch historische onderwerpen, publiceerde artikelen in gespecialiseerde tijdschriften en schreef verschillende boeken met betrekking tot de geschiedenis van de farmacie.
Het dierenrijk als bron van geneesmiddelen, (volks)geneeskunde en farmacie (Reeks Cahiers GGG Geschiedenis van de Geneeskunde en de Gezondheidszorg, nr. 20)
Door de eeuwen heen hebben apothekers een fascinatie gehad voor dieren. Dit was in de eerste plaats het geval in het productie-proces van geneesmiddelen. Vele likkepotten, zalven, pillen, oliën of lotions werden aangemaakt op basis van ingrediënten, verkregen uit dieren. Immers, aan dieren werden allerhande gunstige eigenschappen toegekend, die de gezondheid van de mens ten goede konden komen. Men kan het zo gauw niet bedenken, maar zowat alle dieren werden in aanmerking genomen om ziekten tegen te gaan. In dit boek passeren talloze diersoorten de revue, waarvan de eigenschappen op de één of andere manier heilzaam bleken te zijn voor de mens.
Maar ook als uithangbord of decoratie gebruikten apothekers, drogisten of kruideniers allerhande opgezette dieren of afbeeldingen om hun apotheek mee op te smukken. Zo droegen apotheken door de eeuwen heen ook de namen van exotische of lokale beesten, of werden apothekerspotten versierd met afbeeldingen van beren, olifanten, slangen of andere diersoorten.
Aangezien dieren genezing konden brengen, werden ze het favoriete hulpmiddel van de vele geneesheiligen, die door de mensheid eeuwen lang vereerd en aanbeden werden om hun gezondheid te beschermen of te herstellen. De auteur brengt een panoplie van heiligen ten tonele, die elk voor een bepaalde ziekte of aandoening genezing kon brengen in onze Lage Landen.
Kortom, in dit boek komt de onverbrekelijke band tussen de apotheker en de wonderlijke dierenwereld tot uiting, een band die ons telkens weer blijft verbazen en intrigeren.
Guy Gilias (1944) toonde reeds tijdens zijn apothekersstudies belangstelling voor de geschiedenis van zijn beroep. Tien jaar lang was hij voorzitter van de Kring voor de Geschiedenis van de Farmacie in de Benelux. Hij werd benoemd tot lid van de Académie Internationale d’Histoire de la Pharmacie en werd laureaat van de Prijs Frans Daels (afdeling Farmacie), uitgereikt door de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België. Hij gaf verscheidene lezingen over farmaceutisch historische onderwerpen, publiceerde artikelen in gespecialiseerde tijdschriften en schreef verschillende boeken met betrekking tot de geschiedenis van de farmacie.
Amor Fati. Spelende wijsheid voor de kosmopolis
Met een wereld in brand en menselijkheid op het spel barst de huidige wereldordening uit haar voegen. Hoewel de techniek voor alles een oplossing lijkt te hebben, lijkt de jachtige mens, steeds op zoek naar meer kicks in een schreeuwerige emo-cultuur, een gebrek te maskeren: een behoefte aan verbondenheid in een verscheurde wereld die ons dwingt bij de diepere oorzaken achter de maatschappelijke symptomen van vervreemding, polarisering en betekenisverlies stil te staan. De behoefte aan visie en verbinding (tussen politiek en burgers, professionals en managers, tussen groepen en culturen – terwijl crises elkaar opvolgen in nagenoeg elk maatschappelijk domein) vormt een harde wake-up call dat wij allen, of we het willen of niet, wereldburger zijn geworden en eigenaar van wereldproblemen. Het roept ons op tot een collectieve levenskunst waarin ieder een eigen steentje kan bijdragen. Zou de wijsheid uit wij-culturen met principes van gemeenschapszin (zoals amor fati) en een grondhouding van overgave aan het leven heling kunnen brengen? Met wijsheden uit verschillende culturele tradities nodigt de auteur de lezer uit om mee op een ontdekkingsreis te gaan en wereldburgerschap te ontwikkelen uit premoderne, moderne en postmoderne tijden.
De Engelstalige interculturele reflecties van Greg Suffanti op zijn series van aquarellen geven aan de lezer – samen met het beeldend werk van andere kunstenaars rond de mythisch-filosofische thema’s van Amor Fati – een verrassende route van de verbeelding door het boek.
Heidi Muijen was aan diverse universiteiten en hogescholen verbonden. Ze geeft sinds 2004 begeleiding vanuit haar filosofische praktijk voor levenskunst en creatieve ontwikkeling ‘Thymia’, aan individuen en groepen. Als gastdocent betrokken bij de masteropleiding ‘Human and Organizational Behaviour/Begeleidingskunde’ aan de Hogeschool Rotterdam en de Hogeschool Arnhem Nijmegen ontwikkelde ze spel- en dialoogvormen rond levensvragen en -waarden. In 2016 richtte ze de Stichting Quest for Wisdom foundation (QfWf) op om bij te dragen aan een omkering van de groeiende angst voor ‘de vreemde ander’ en vanuit de inspiratie dat de rijkdom aan culturen het goede (samen)leven juist boeiender en rijker maakt. Met betrokken kringen rond de QfWf ontwikkelde ze kunstzinnig educatief materiaal, waaronder een intercultureel storytelling-programma Animal Wisdom en een aantal dialogische wereldspelen.
Amor Fati. Spelende wijsheid voor de kosmopolis
Met een wereld in brand en menselijkheid op het spel barst de huidige wereldordening uit haar voegen. Hoewel de techniek voor alles een oplossing lijkt te hebben, lijkt de jachtige mens, steeds op zoek naar meer kicks in een schreeuwerige emo-cultuur, een gebrek te maskeren: een behoefte aan verbondenheid in een verscheurde wereld die ons dwingt bij de diepere oorzaken achter de maatschappelijke symptomen van vervreemding, polarisering en betekenisverlies stil te staan. De behoefte aan visie en verbinding (tussen politiek en burgers, professionals en managers, tussen groepen en culturen – terwijl crises elkaar opvolgen in nagenoeg elk maatschappelijk domein) vormt een harde wake-up call dat wij allen, of we het willen of niet, wereldburger zijn geworden en eigenaar van wereldproblemen. Het roept ons op tot een collectieve levenskunst waarin ieder een eigen steentje kan bijdragen. Zou de wijsheid uit wij-culturen met principes van gemeenschapszin (zoals amor fati) en een grondhouding van overgave aan het leven heling kunnen brengen? Met wijsheden uit verschillende culturele tradities nodigt de auteur de lezer uit om mee op een ontdekkingsreis te gaan en wereldburgerschap te ontwikkelen uit premoderne, moderne en postmoderne tijden.
De Engelstalige interculturele reflecties van Greg Suffanti op zijn series van aquarellen geven aan de lezer – samen met het beeldend werk van andere kunstenaars rond de mythisch-filosofische thema’s van Amor Fati – een verrassende route van de verbeelding door het boek.
Heidi Muijen was aan diverse universiteiten en hogescholen verbonden. Ze geeft sinds 2004 begeleiding vanuit haar filosofische praktijk voor levenskunst en creatieve ontwikkeling ‘Thymia’, aan individuen en groepen. Als gastdocent betrokken bij de masteropleiding ‘Human and Organizational Behaviour/Begeleidingskunde’ aan de Hogeschool Rotterdam en de Hogeschool Arnhem Nijmegen ontwikkelde ze spel- en dialoogvormen rond levensvragen en -waarden. In 2016 richtte ze de Stichting Quest for Wisdom foundation (QfWf) op om bij te dragen aan een omkering van de groeiende angst voor ‘de vreemde ander’ en vanuit de inspiratie dat de rijkdom aan culturen het goede (samen)leven juist boeiender en rijker maakt. Met betrokken kringen rond de QfWf ontwikkelde ze kunstzinnig educatief materiaal, waaronder een intercultureel storytelling-programma Animal Wisdom en een aantal dialogische wereldspelen.
Mijn werkbalans. Tool voor loopbaancoaches, HRm’ers, leidinggevenden en medewerkers (Handleiding + Kaartjes + Spelbord)
Leidraad voor de begeleider Bij het leggen van de kaarten
– Wat doe je bij deze kaart? Kies je voor de groene of de rode?
– Kan je hier een voorbeeld van geven?
– Wat doet je twijfelen?
– Welke argumenten kan je hiervoor aanhalen?
Na het leggen van de kaarten
– Kleurt je globale beeld overwegend positief (groen) of negatief (rood)?
– Is dit herkenbaar voor jou?
– Hoe zwaar wegen de verschillende facetten bij je door? Hoe belangrijk zijn ze voor je?
– Wat loopt nog goed dat je wil behouden?
– Wat is er nu moeilijk? Wat wil je in de plaats? Hoe zie je dit concreet?
– Welke facetten of onderdelen kan je wel (of niet) beïnvloeden?
– Wat is een eerste kleine stap die je hierin kan zetten?
– Wie kan je hierbij helpen? Met wie kan je dit bespreken?
– Welke acties kan je hierin ondernemen?
– Hoe zou je je competenties en talenten meer kunnen inzetten?
– Welke conclusies maak je voor jezelf?
Mijn werkbalans. Tool voor loopbaancoaches, HRm’ers, leidinggevenden en medewerkers (Handleiding + Kaartjes + Spelbord)
Leidraad voor de begeleider Bij het leggen van de kaarten
– Wat doe je bij deze kaart? Kies je voor de groene of de rode?
– Kan je hier een voorbeeld van geven?
– Wat doet je twijfelen?
– Welke argumenten kan je hiervoor aanhalen?
Na het leggen van de kaarten
– Kleurt je globale beeld overwegend positief (groen) of negatief (rood)?
– Is dit herkenbaar voor jou?
– Hoe zwaar wegen de verschillende facetten bij je door? Hoe belangrijk zijn ze voor je?
– Wat loopt nog goed dat je wil behouden?
– Wat is er nu moeilijk? Wat wil je in de plaats? Hoe zie je dit concreet?
– Welke facetten of onderdelen kan je wel (of niet) beïnvloeden?
– Wat is een eerste kleine stap die je hierin kan zetten?
– Wie kan je hierbij helpen? Met wie kan je dit bespreken?
– Welke acties kan je hierin ondernemen?
– Hoe zou je je competenties en talenten meer kunnen inzetten?
– Welke conclusies maak je voor jezelf?
Beleggen in de vennootschap. Bijzondere reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen nr. 4
U kent allicht het volgende verhaal. Uw vennootschap zet jaarlijks een mooi resultaat neer. Dit resulteert in een opbouw van extra reserves in de vennootschap, maar allicht duikt de volgende vraag hierbij op: “Wat doe ik verder met dit vermogen in de vennootschap?”
Vragen zoals:
- Onttrekken we dit vermogen of net niet, en zo ja, hoe en waarmee houden we dan het best rekening?
- Of gaan we de vennootschap bewust aanwenden als spaarpot op korte of lange termijn?
- Wat zijn de fiscale gevolgen wanneer de vennootschap voor een type belegging kiest ?
Om hier een duidelijk antwoord op te kunnen geven, komen de volgende items in detail aan bod:
- Hoe zit de vennootschapsbelasting in elkaar op roerende beleggingen?
- Is er een verschil wanneer de vennootschap in fondsen i.p.v. individuele aandelen belegt?
- Beleggen we de gelden niet beter buiten de vennootschap?
- Wat zijn hierbij de mogelijkheden, voordelen of nadelen?
- Wat zijn de opties wanneer we de gelden wensen te onttrekken?
- Kan de vennootschap later ook een voordeel opleveren in het kader van de successieplanning?
- Wat zijn de aandachtspunten wanneer de aandelen van deze vennootschap later verkocht worden?
- Geeft deze spaarpot geen probleem?
- Kan de vennootschap ook in minder courante zaken beleggen zoals kunst, wijn, goud, cryptomunten, oldtimers e.d.?
We trachten het pallet aan mogelijkheden te bekijken met een fiscale bril op doch zonder de praktische invulling uit het oog te verliezen. U zal merken dat het een gans ander verhaal is dan wanneer we privé beleggen.
Marc Gielis is gecertificeerd belastingadviseur. Hij heeft 30 jaar (tot eind 2019) gewerkt bij Bank J. Van Breda en C° NV te Antwerpen als fiscaal en patrimoniaal planner, waarna hij de stap naar het zelfstandig beroepsleven heeft gezet. Hij is licentiaat/master Handelswetenschappen, gegradueerde in de Fiscale Wetgeving en gegradueerde in de Bedrijfsadministratie. Tevens heeft hij een jaaropleiding met vrucht afgelegd als ‘Advisor of Personal Financial Planning‘. Marc begeleidt in zijn functie dagelijks uitoefenaars van vrije beroepen en ondernemers
bij het optimaliseren van hun fiscale situatie. Tevens is hij voorzitter in de examencommissie bij het ITAA, auteur van een aantal fiscale boeken en gastdocent aan Odisee Brussel, Vives/Brugge Business School en lector aan AP Antwerpen. Ook is hij een gewaardeerd spreker voor een aantal beroepsverenigingen.
Beleggen in de vennootschap. Bijzondere reeks Beroepsvereniging voor Boekhoudkundige Beroepen nr. 4
U kent allicht het volgende verhaal. Uw vennootschap zet jaarlijks een mooi resultaat neer. Dit resulteert in een opbouw van extra reserves in de vennootschap, maar allicht duikt de volgende vraag hierbij op: “Wat doe ik verder met dit vermogen in de vennootschap?”
Vragen zoals:
- Onttrekken we dit vermogen of net niet, en zo ja, hoe en waarmee houden we dan het best rekening?
- Of gaan we de vennootschap bewust aanwenden als spaarpot op korte of lange termijn?
- Wat zijn de fiscale gevolgen wanneer de vennootschap voor een type belegging kiest ?
Om hier een duidelijk antwoord op te kunnen geven, komen de volgende items in detail aan bod:
- Hoe zit de vennootschapsbelasting in elkaar op roerende beleggingen?
- Is er een verschil wanneer de vennootschap in fondsen i.p.v. individuele aandelen belegt?
- Beleggen we de gelden niet beter buiten de vennootschap?
- Wat zijn hierbij de mogelijkheden, voordelen of nadelen?
- Wat zijn de opties wanneer we de gelden wensen te onttrekken?
- Kan de vennootschap later ook een voordeel opleveren in het kader van de successieplanning?
- Wat zijn de aandachtspunten wanneer de aandelen van deze vennootschap later verkocht worden?
- Geeft deze spaarpot geen probleem?
- Kan de vennootschap ook in minder courante zaken beleggen zoals kunst, wijn, goud, cryptomunten, oldtimers e.d.?
We trachten het pallet aan mogelijkheden te bekijken met een fiscale bril op doch zonder de praktische invulling uit het oog te verliezen. U zal merken dat het een gans ander verhaal is dan wanneer we privé beleggen.
Marc Gielis is gecertificeerd belastingadviseur. Hij heeft 30 jaar (tot eind 2019) gewerkt bij Bank J. Van Breda en C° NV te Antwerpen als fiscaal en patrimoniaal planner, waarna hij de stap naar het zelfstandig beroepsleven heeft gezet. Hij is licentiaat/master Handelswetenschappen, gegradueerde in de Fiscale Wetgeving en gegradueerde in de Bedrijfsadministratie. Tevens heeft hij een jaaropleiding met vrucht afgelegd als ‘Advisor of Personal Financial Planning‘. Marc begeleidt in zijn functie dagelijks uitoefenaars van vrije beroepen en ondernemers
bij het optimaliseren van hun fiscale situatie. Tevens is hij voorzitter in de examencommissie bij het ITAA, auteur van een aantal fiscale boeken en gastdocent aan Odisee Brussel, Vives/Brugge Business School en lector aan AP Antwerpen. Ook is hij een gewaardeerd spreker voor een aantal beroepsverenigingen.

