
Tendensen in het economisch recht (Reeks Vakgroep Economisch Recht VUB, nr. 11) (Hardcover)
€ 95,00
Tijdens het academiejaar 2004-2005 organiseerde de Vakgroep Economisch
Recht een cyclus van drie studienamiddagen, waarin achtereenvolgens
aandacht werd besteed aan het gebruik van data door een onderneming,
een aantal aspecten van consumentenbescherming en de stichting.
Op de eerste studienamiddag werden de evoluties van datagebruik binnen de onderneming belicht. Gelet op de vaststelling dat informatie en informatiestromen in de bedrijfswereld een steeds belangrijker gegeven worden en tal van ondernemingen informatie voor, of in het kader van, hun bedrijfsactiviteiten genereren en/of er gebruik van maken, was de tijd rijp om dit thema door een aantal specialisten uit het vakgebied aan bod te laten komen. Om die reden werd de eerste van de voormelde studienamiddagen gewijd aan de juridische regels inzake het statuut en zekere andere kenmerken van dergelijke informatie. Hierbij is in eerste instantie ingegaan op de juridische aspecten van adresbestanden, verkoopscijfers, statistieken, grafieken, e.d.m., beschouwd als "assets" van een onderneming. Als tweede thema werd onderzocht welke bescherming het recht biedt tegen een eventuele toe-eigening van dergelijke gevoelige of waardevolle informatie door concurrenten. Ten slotte is ingegaan op de vraag of een onderneming al dan niet onbeperkt gebruik mag kan maken van dergelijke haar toebehorende informatie, inzonderheid in de hypothese dat deze informatie speciaal door, of in opdracht van, de onderneming werd gecreëerd.
Op de tweede studienamiddag is dieper ingegaan op een aantal recente wijzigingen in het consumentenrecht. Een aantal aspecten van het consumentenrecht onderging immers onlangs een grondige "facelift", of kende nieuwe belangrijke ontwikkelingen. Achtereenvolgens werden tijdens deze studiedag de bepalingen inzake productaansprakelijkheid, vergelijkende en/of misleidende reclame en onrechtmatige bedingen inzake vrije beroepen en, tot slot, een aantal recente wijzigingen van de wet op het consumentenkrediet, onderzocht.
Tijdens de derde studiedag werden de bepalingen van de Wet van 2 mei 2002 die een wettelijk kader voor de stichting hebben uitgewerkt, aan een grondige analyse onderworpen. De rechtsfiguur van de stichting die het onder bepaalde voorwaarden mogelijk maakt om aan een vermogen rechtspersoonlijkheid toe te kennen, heeft immers tal van vragen doen rijzen, inzonderheid de vraag of haar introductie inderdaad zal leiden tot een gewijzigde mentaliteit binnen het Belgische rechtsverkeer. Buitenlandse voorbeelden hebben in elk geval uit dat de toepassingsmogelijkheden van de stichting legio zijn. Reden te over om deze rechtsfiguur aan een grondige analyse te onderwerpen.
Het voorliggende referatenboek, dat als deel 11 wordt opgenomen in de reeks publicaties van de Vakgroep Economisch Recht van de V.U.B., bundelt de verslagen van de drie voormelde studienamiddagen. Het geheel vormt een boeiende bloemlezing van een aantal belangwekkende juridische evoluties in onderscheiden domeinen van het economisch recht.
Prof. Dr. Koen Byttebier is hoofddocent vervonden aan de Vakgroep voor Economisch Recht van de VUB, waarvan hij tevens het voorzitterschap waarneemt. Hij is auteur van tal van publicaties in het ondernemings-, financieel en zekerheidsrecht. Tevens is hij advocaat aan de balie te Gent en te Brussel.
Evy De Batselier is voltijds assistente verbonden aan de Vakgroep Economisch Recht van de VUB. Zij publiceert in het financieel en economisch recht.
Dr. Régine Feltkamp is wetenschappelijk medewerkster verbonden aan de Vakgroep Economisch Recht van de VUB en tevens advocate aan de balie te Brussel. Zij is auteur van verschillende publicaties in het ondernemings- en financieel recht.
Op de eerste studienamiddag werden de evoluties van datagebruik binnen de onderneming belicht. Gelet op de vaststelling dat informatie en informatiestromen in de bedrijfswereld een steeds belangrijker gegeven worden en tal van ondernemingen informatie voor, of in het kader van, hun bedrijfsactiviteiten genereren en/of er gebruik van maken, was de tijd rijp om dit thema door een aantal specialisten uit het vakgebied aan bod te laten komen. Om die reden werd de eerste van de voormelde studienamiddagen gewijd aan de juridische regels inzake het statuut en zekere andere kenmerken van dergelijke informatie. Hierbij is in eerste instantie ingegaan op de juridische aspecten van adresbestanden, verkoopscijfers, statistieken, grafieken, e.d.m., beschouwd als "assets" van een onderneming. Als tweede thema werd onderzocht welke bescherming het recht biedt tegen een eventuele toe-eigening van dergelijke gevoelige of waardevolle informatie door concurrenten. Ten slotte is ingegaan op de vraag of een onderneming al dan niet onbeperkt gebruik mag kan maken van dergelijke haar toebehorende informatie, inzonderheid in de hypothese dat deze informatie speciaal door, of in opdracht van, de onderneming werd gecreëerd.
Op de tweede studienamiddag is dieper ingegaan op een aantal recente wijzigingen in het consumentenrecht. Een aantal aspecten van het consumentenrecht onderging immers onlangs een grondige "facelift", of kende nieuwe belangrijke ontwikkelingen. Achtereenvolgens werden tijdens deze studiedag de bepalingen inzake productaansprakelijkheid, vergelijkende en/of misleidende reclame en onrechtmatige bedingen inzake vrije beroepen en, tot slot, een aantal recente wijzigingen van de wet op het consumentenkrediet, onderzocht.
Tijdens de derde studiedag werden de bepalingen van de Wet van 2 mei 2002 die een wettelijk kader voor de stichting hebben uitgewerkt, aan een grondige analyse onderworpen. De rechtsfiguur van de stichting die het onder bepaalde voorwaarden mogelijk maakt om aan een vermogen rechtspersoonlijkheid toe te kennen, heeft immers tal van vragen doen rijzen, inzonderheid de vraag of haar introductie inderdaad zal leiden tot een gewijzigde mentaliteit binnen het Belgische rechtsverkeer. Buitenlandse voorbeelden hebben in elk geval uit dat de toepassingsmogelijkheden van de stichting legio zijn. Reden te over om deze rechtsfiguur aan een grondige analyse te onderwerpen.
Het voorliggende referatenboek, dat als deel 11 wordt opgenomen in de reeks publicaties van de Vakgroep Economisch Recht van de V.U.B., bundelt de verslagen van de drie voormelde studienamiddagen. Het geheel vormt een boeiende bloemlezing van een aantal belangwekkende juridische evoluties in onderscheiden domeinen van het economisch recht.
Prof. Dr. Koen Byttebier is hoofddocent vervonden aan de Vakgroep voor Economisch Recht van de VUB, waarvan hij tevens het voorzitterschap waarneemt. Hij is auteur van tal van publicaties in het ondernemings-, financieel en zekerheidsrecht. Tevens is hij advocaat aan de balie te Gent en te Brussel.
Evy De Batselier is voltijds assistente verbonden aan de Vakgroep Economisch Recht van de VUB. Zij publiceert in het financieel en economisch recht.
Dr. Régine Feltkamp is wetenschappelijk medewerkster verbonden aan de Vakgroep Economisch Recht van de VUB en tevens advocate aan de balie te Brussel. Zij is auteur van verschillende publicaties in het ondernemings- en financieel recht.

Tendensen in het economisch recht (Reeks Vakgroep Economisch Recht VUB, nr. 11) (Hardcover)
€ 95,00
Tijdens het academiejaar 2004-2005 organiseerde de Vakgroep Economisch
Recht een cyclus van drie studienamiddagen, waarin achtereenvolgens
aandacht werd besteed aan het gebruik van data door een onderneming,
een aantal aspecten van consumentenbescherming en de stichting.
Op de eerste studienamiddag werden de evoluties van datagebruik binnen de onderneming belicht. Gelet op de vaststelling dat informatie en informatiestromen in de bedrijfswereld een steeds belangrijker gegeven worden en tal van ondernemingen informatie voor, of in het kader van, hun bedrijfsactiviteiten genereren en/of er gebruik van maken, was de tijd rijp om dit thema door een aantal specialisten uit het vakgebied aan bod te laten komen. Om die reden werd de eerste van de voormelde studienamiddagen gewijd aan de juridische regels inzake het statuut en zekere andere kenmerken van dergelijke informatie. Hierbij is in eerste instantie ingegaan op de juridische aspecten van adresbestanden, verkoopscijfers, statistieken, grafieken, e.d.m., beschouwd als "assets" van een onderneming. Als tweede thema werd onderzocht welke bescherming het recht biedt tegen een eventuele toe-eigening van dergelijke gevoelige of waardevolle informatie door concurrenten. Ten slotte is ingegaan op de vraag of een onderneming al dan niet onbeperkt gebruik mag kan maken van dergelijke haar toebehorende informatie, inzonderheid in de hypothese dat deze informatie speciaal door, of in opdracht van, de onderneming werd gecreëerd.
Op de tweede studienamiddag is dieper ingegaan op een aantal recente wijzigingen in het consumentenrecht. Een aantal aspecten van het consumentenrecht onderging immers onlangs een grondige "facelift", of kende nieuwe belangrijke ontwikkelingen. Achtereenvolgens werden tijdens deze studiedag de bepalingen inzake productaansprakelijkheid, vergelijkende en/of misleidende reclame en onrechtmatige bedingen inzake vrije beroepen en, tot slot, een aantal recente wijzigingen van de wet op het consumentenkrediet, onderzocht.
Tijdens de derde studiedag werden de bepalingen van de Wet van 2 mei 2002 die een wettelijk kader voor de stichting hebben uitgewerkt, aan een grondige analyse onderworpen. De rechtsfiguur van de stichting die het onder bepaalde voorwaarden mogelijk maakt om aan een vermogen rechtspersoonlijkheid toe te kennen, heeft immers tal van vragen doen rijzen, inzonderheid de vraag of haar introductie inderdaad zal leiden tot een gewijzigde mentaliteit binnen het Belgische rechtsverkeer. Buitenlandse voorbeelden hebben in elk geval uit dat de toepassingsmogelijkheden van de stichting legio zijn. Reden te over om deze rechtsfiguur aan een grondige analyse te onderwerpen.
Het voorliggende referatenboek, dat als deel 11 wordt opgenomen in de reeks publicaties van de Vakgroep Economisch Recht van de V.U.B., bundelt de verslagen van de drie voormelde studienamiddagen. Het geheel vormt een boeiende bloemlezing van een aantal belangwekkende juridische evoluties in onderscheiden domeinen van het economisch recht.
Prof. Dr. Koen Byttebier is hoofddocent vervonden aan de Vakgroep voor Economisch Recht van de VUB, waarvan hij tevens het voorzitterschap waarneemt. Hij is auteur van tal van publicaties in het ondernemings-, financieel en zekerheidsrecht. Tevens is hij advocaat aan de balie te Gent en te Brussel.
Evy De Batselier is voltijds assistente verbonden aan de Vakgroep Economisch Recht van de VUB. Zij publiceert in het financieel en economisch recht.
Dr. Régine Feltkamp is wetenschappelijk medewerkster verbonden aan de Vakgroep Economisch Recht van de VUB en tevens advocate aan de balie te Brussel. Zij is auteur van verschillende publicaties in het ondernemings- en financieel recht.
Op de eerste studienamiddag werden de evoluties van datagebruik binnen de onderneming belicht. Gelet op de vaststelling dat informatie en informatiestromen in de bedrijfswereld een steeds belangrijker gegeven worden en tal van ondernemingen informatie voor, of in het kader van, hun bedrijfsactiviteiten genereren en/of er gebruik van maken, was de tijd rijp om dit thema door een aantal specialisten uit het vakgebied aan bod te laten komen. Om die reden werd de eerste van de voormelde studienamiddagen gewijd aan de juridische regels inzake het statuut en zekere andere kenmerken van dergelijke informatie. Hierbij is in eerste instantie ingegaan op de juridische aspecten van adresbestanden, verkoopscijfers, statistieken, grafieken, e.d.m., beschouwd als "assets" van een onderneming. Als tweede thema werd onderzocht welke bescherming het recht biedt tegen een eventuele toe-eigening van dergelijke gevoelige of waardevolle informatie door concurrenten. Ten slotte is ingegaan op de vraag of een onderneming al dan niet onbeperkt gebruik mag kan maken van dergelijke haar toebehorende informatie, inzonderheid in de hypothese dat deze informatie speciaal door, of in opdracht van, de onderneming werd gecreëerd.
Op de tweede studienamiddag is dieper ingegaan op een aantal recente wijzigingen in het consumentenrecht. Een aantal aspecten van het consumentenrecht onderging immers onlangs een grondige "facelift", of kende nieuwe belangrijke ontwikkelingen. Achtereenvolgens werden tijdens deze studiedag de bepalingen inzake productaansprakelijkheid, vergelijkende en/of misleidende reclame en onrechtmatige bedingen inzake vrije beroepen en, tot slot, een aantal recente wijzigingen van de wet op het consumentenkrediet, onderzocht.
Tijdens de derde studiedag werden de bepalingen van de Wet van 2 mei 2002 die een wettelijk kader voor de stichting hebben uitgewerkt, aan een grondige analyse onderworpen. De rechtsfiguur van de stichting die het onder bepaalde voorwaarden mogelijk maakt om aan een vermogen rechtspersoonlijkheid toe te kennen, heeft immers tal van vragen doen rijzen, inzonderheid de vraag of haar introductie inderdaad zal leiden tot een gewijzigde mentaliteit binnen het Belgische rechtsverkeer. Buitenlandse voorbeelden hebben in elk geval uit dat de toepassingsmogelijkheden van de stichting legio zijn. Reden te over om deze rechtsfiguur aan een grondige analyse te onderwerpen.
Het voorliggende referatenboek, dat als deel 11 wordt opgenomen in de reeks publicaties van de Vakgroep Economisch Recht van de V.U.B., bundelt de verslagen van de drie voormelde studienamiddagen. Het geheel vormt een boeiende bloemlezing van een aantal belangwekkende juridische evoluties in onderscheiden domeinen van het economisch recht.
Prof. Dr. Koen Byttebier is hoofddocent vervonden aan de Vakgroep voor Economisch Recht van de VUB, waarvan hij tevens het voorzitterschap waarneemt. Hij is auteur van tal van publicaties in het ondernemings-, financieel en zekerheidsrecht. Tevens is hij advocaat aan de balie te Gent en te Brussel.
Evy De Batselier is voltijds assistente verbonden aan de Vakgroep Economisch Recht van de VUB. Zij publiceert in het financieel en economisch recht.
Dr. Régine Feltkamp is wetenschappelijk medewerkster verbonden aan de Vakgroep Economisch Recht van de VUB en tevens advocate aan de balie te Brussel. Zij is auteur van verschillende publicaties in het ondernemings- en financieel recht.