Wonen op drift. (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 11)
Hoe kan de externe ruimte de interne ruimte ten goede komen en meer vorm geven aan het affectieve, erotische leven? Of ook: hoe kan architectuur het spreken in de psychoanalytische ruimte meer vorm geven? Psychoanalyse en architectuur: een ‘liaison’ die nodig opnieuw onder de aandacht moet?
Met bijdragen van Marc De Kesel, Kris Pint, Paul Robbrecht, Nadia Sels, Trees Traversier en Trui Missinne.
Wonen op drift. (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 11)
Hoe kan de externe ruimte de interne ruimte ten goede komen en meer vorm geven aan het affectieve, erotische leven? Of ook: hoe kan architectuur het spreken in de psychoanalytische ruimte meer vorm geven? Psychoanalyse en architectuur: een ‘liaison’ die nodig opnieuw onder de aandacht moet?
Met bijdragen van Marc De Kesel, Kris Pint, Paul Robbrecht, Nadia Sels, Trees Traversier en Trui Missinne.
For your pleasure? Psychoanalyse over esthetisch genot. (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 4)
Kunst kan de wereld niet redden. Ze heeft geen politiekprogramma en zet niet aan tot daadkracht. Daarvoor is ze tefrivool, te vrijblijvend, te wars van moraal.
Andy Warhol: “Art is what you can get away with.”
Maar kunst doet wel iets met ons. Ze prikkelt ons en brengt onsbij momenten in vervoering of zelfs uit evenwicht. Ze dwingt ofverleidt ons in de illusie te treden en er ons vervolgens in gesprekvan los te maken. Het sublieme van kunst doet ons huiveren enhet schone verzoent ons met de anders vaak onleefbare waarheid.Kunst geeft ons een genot dat we soms slechts schuin of doorde vingers kunnen zien. Over genot kan de psychoanalyse eennotoire expertise voorleggen. Ook over esthetisch genot. Zelfshet meest verfijnde genot heeft volgens haar een onbewusteherkomst.
Voor zover onze relatie tot de realiteit erotisch is, komt ditmisschien bij uitstek tot uiting in de kunst.
For your pleasure? Psychoanalyse over esthetisch genot. (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 4)
Kunst kan de wereld niet redden. Ze heeft geen politiekprogramma en zet niet aan tot daadkracht. Daarvoor is ze tefrivool, te vrijblijvend, te wars van moraal.
Andy Warhol: “Art is what you can get away with.”
Maar kunst doet wel iets met ons. Ze prikkelt ons en brengt onsbij momenten in vervoering of zelfs uit evenwicht. Ze dwingt ofverleidt ons in de illusie te treden en er ons vervolgens in gesprekvan los te maken. Het sublieme van kunst doet ons huiveren enhet schone verzoent ons met de anders vaak onleefbare waarheid.Kunst geeft ons een genot dat we soms slechts schuin of doorde vingers kunnen zien. Over genot kan de psychoanalyse eennotoire expertise voorleggen. Ook over esthetisch genot. Zelfshet meest verfijnde genot heeft volgens haar een onbewusteherkomst.
Voor zover onze relatie tot de realiteit erotisch is, komt ditmisschien bij uitstek tot uiting in de kunst.
De bedrieger bedrogen (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 3)
Dromen doen we altijd, overal en allemaal. We dromen overdag, we dromen’s nachts en in zekere zin ligt de droom zelfs als een verzonken continent achter en onder ons wakend leven. Gewoonlijk weten we wel dat wedromen maar dikwijls weten we niet wat we dromen. Of we willen het nietgeweten hebben.
Volgens sommigen is een ietwat provocatieve definitie vannormaliteit iemand die denkt dat dromen helemaal geen betekenis hebben.Alleszins doet de droom veel vervagen van wat in de werkelijkheid (?)onderscheiden wordt. Zo bijvoorbeeld het verschil tussen ziek en gezond.We dromen immers allemaal neurotische, psychotische en/of perversedromen. Dromen zetten zodoende het verschil tussen normaal en abnormaalop losse schroeven.
En hoeveel misdaden hebben we in onze dromen al nietgepleegd? Is het wel terecht dat we op vrije voet zijn? Horen we niet veeleerthuis in de gevangenis? En zijn onze dromen niet stuk voor stuk kunstwerkenwaaruit blijkt dat er een ongekende goddelijke Schepper huist in het diepstvan onze gedachten? Kunnen vele culturele creaties omgekeerd dan ook nietals een droom gelezen en geïnterpreteerd worden?
In dit boek worden dromen in psychoanalyse en cultuur onder de loepgehouden door een brede schare van Vlaamse en Nederlandse contribuantenuit de klinische, culturele en/of filosofische wereld. Resultaat is een waaiervan perspectieven waarvan gehoopt wordt dat ze de dromen van lezershelpen te meubileren en het bekijken en beluisteren van artefacten helpenverbreden en verdiepen.
Met bijdragen van Marc De Kesel, Marc Hebbrecht, Sjef Houppermans,Mileen Janssens, Joannes Késenne, Mark Kinet, Corine Kisling, Tinka Prast,Leo Ruelens, Walter Schönau, Rico Sneller, Trees Traversier, Ludi VanBouwel, Paul Verhuyck, Marc Verminck en Peter Verstraten.
De bedrieger bedrogen (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 3)
Dromen doen we altijd, overal en allemaal. We dromen overdag, we dromen’s nachts en in zekere zin ligt de droom zelfs als een verzonken continent achter en onder ons wakend leven. Gewoonlijk weten we wel dat wedromen maar dikwijls weten we niet wat we dromen. Of we willen het nietgeweten hebben.
Volgens sommigen is een ietwat provocatieve definitie vannormaliteit iemand die denkt dat dromen helemaal geen betekenis hebben.Alleszins doet de droom veel vervagen van wat in de werkelijkheid (?)onderscheiden wordt. Zo bijvoorbeeld het verschil tussen ziek en gezond.We dromen immers allemaal neurotische, psychotische en/of perversedromen. Dromen zetten zodoende het verschil tussen normaal en abnormaalop losse schroeven.
En hoeveel misdaden hebben we in onze dromen al nietgepleegd? Is het wel terecht dat we op vrije voet zijn? Horen we niet veeleerthuis in de gevangenis? En zijn onze dromen niet stuk voor stuk kunstwerkenwaaruit blijkt dat er een ongekende goddelijke Schepper huist in het diepstvan onze gedachten? Kunnen vele culturele creaties omgekeerd dan ook nietals een droom gelezen en geïnterpreteerd worden?
In dit boek worden dromen in psychoanalyse en cultuur onder de loepgehouden door een brede schare van Vlaamse en Nederlandse contribuantenuit de klinische, culturele en/of filosofische wereld. Resultaat is een waaiervan perspectieven waarvan gehoopt wordt dat ze de dromen van lezershelpen te meubileren en het bekijken en beluisteren van artefacten helpenverbreden en verdiepen.
Met bijdragen van Marc De Kesel, Marc Hebbrecht, Sjef Houppermans,Mileen Janssens, Joannes Késenne, Mark Kinet, Corine Kisling, Tinka Prast,Leo Ruelens, Walter Schönau, Rico Sneller, Trees Traversier, Ludi VanBouwel, Paul Verhuyck, Marc Verminck en Peter Verstraten.
Het nieuwe onbehagen in de cultuur (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 2)
Ruim tachtig jaar geleden en precies midden in het interbellum verscheen een vanFreuds meest gelezen essays: Het onbehagen in de cultuur (1929/1930). De boodschapis nogal pessimistisch: ‘Het oogmerk dat de mens ‘gelukkig’ is, komt in het plan van de‘schepping’ niet voor.’
Freud beklemtoont herhaaldelijk het transhistorisch karakter vandit onbehagen. Het is toe te schrijven aan onbewuste schuldgevoelens als onvermijdelijknevenproduct van de cultuur. De menselijke conditie heeft onvermijdelijkte lijden onder de tegenstelling tussen beschaving en seksualiteit. Bovendien zijn eronderliggende en interne spanningsverhoudingen tussen libido en zelfbehoud, lustprincipeen realiteitsprincipe, liefde en destructie, Eros en Thanatos.
De prijs die wevoor onze cultuur betalen is het verlies van geluk dat het gevolg is van (onbewust)schuldgevoel. Een tragische visie op de menselijke conditie is en blijft tot vandaagkenmerkend voor de psychoanalytische visie. Een categoraal onderscheid tussen normaalen abnormaal bestaat niet, psychopathologie is voornamelijk te begrijpen als deuitvergroting van algemeen menselijke problemen, de mens is innerlijk verdeeld enleeft in een niet op te heffen disharmonie met zichzelf en met de natuur.
In dit boekkomen verschillende (cultuur)filosofische en psychoanalytische stemmen aan hetwoord die Freuds tekst tegen het licht houden van de actuele psychoanalyse en dehedendaagse cultuur. Versnellingsstress, globalisering, consumptiekapitalisme, postmodernisme,neoliberalisme en meritocratie, de cultus van de zelfonthulling, virtuelerealiteit, simulatie en cyborgatie zijn slechts enkele van de huidige gegevens. Wat valter dientengevolge over het nieuwe onbehagen te zeggen? Neemt het ten gevolgevan gewijzigde culturele omstandigheden en gevoeligheden andere gedaanten aan?
Met bijdragen van Lieven De Cauter, Marc De Kesel, Joke J. Hermsen, DominiekHoens, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Michel Thys, Paul Verhaeghe, Peter Verstraten.
Het nieuwe onbehagen in de cultuur (Reeks Psychoanalyse en Cultuur, nr. 2)
Ruim tachtig jaar geleden en precies midden in het interbellum verscheen een vanFreuds meest gelezen essays: Het onbehagen in de cultuur (1929/1930). De boodschapis nogal pessimistisch: ‘Het oogmerk dat de mens ‘gelukkig’ is, komt in het plan van de‘schepping’ niet voor.’
Freud beklemtoont herhaaldelijk het transhistorisch karakter vandit onbehagen. Het is toe te schrijven aan onbewuste schuldgevoelens als onvermijdelijknevenproduct van de cultuur. De menselijke conditie heeft onvermijdelijkte lijden onder de tegenstelling tussen beschaving en seksualiteit. Bovendien zijn eronderliggende en interne spanningsverhoudingen tussen libido en zelfbehoud, lustprincipeen realiteitsprincipe, liefde en destructie, Eros en Thanatos.
De prijs die wevoor onze cultuur betalen is het verlies van geluk dat het gevolg is van (onbewust)schuldgevoel. Een tragische visie op de menselijke conditie is en blijft tot vandaagkenmerkend voor de psychoanalytische visie. Een categoraal onderscheid tussen normaalen abnormaal bestaat niet, psychopathologie is voornamelijk te begrijpen als deuitvergroting van algemeen menselijke problemen, de mens is innerlijk verdeeld enleeft in een niet op te heffen disharmonie met zichzelf en met de natuur.
In dit boekkomen verschillende (cultuur)filosofische en psychoanalytische stemmen aan hetwoord die Freuds tekst tegen het licht houden van de actuele psychoanalyse en dehedendaagse cultuur. Versnellingsstress, globalisering, consumptiekapitalisme, postmodernisme,neoliberalisme en meritocratie, de cultus van de zelfonthulling, virtuelerealiteit, simulatie en cyborgatie zijn slechts enkele van de huidige gegevens. Wat valter dientengevolge over het nieuwe onbehagen te zeggen? Neemt het ten gevolgevan gewijzigde culturele omstandigheden en gevoeligheden andere gedaanten aan?
Met bijdragen van Lieven De Cauter, Marc De Kesel, Joke J. Hermsen, DominiekHoens, Sjef Houppermans, Mark Kinet, Michel Thys, Paul Verhaeghe, Peter Verstraten.