Jan Verplaetse
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Beginselen van samenleven. Handboek ethiek en rechtsfilosofie.

 25,70

Iedereen heeft het wel eens over vrijheid, gelijkheid, waardigheid of legitimiteit. Zeker in discussies over politiek, ethiek en recht zijn dit terugkomende begrippen. Maar wat betekenen ze precies? En welk gewicht hebben ze in een debat? Aan de hand van actuele controverses onderscheiden de auteurs de voornaamste inhouden die deze beginselen krijgen, en lichten ze deze kritisch door. De lezer maakt kennis met ‘bronnengelijkheid’ in de discussie rond herverdeling van welvaart, met ‘nationaal medeburgerschap’ in het dispuut rond multiculturele problemen en met ‘het recht op een open toekomst’ in het debat over hoe ver ouders hun eigen kinderen mogen kneden naar hun eigen denkbeelden.
Bovendien reiken de auteurs een techniek aan die toelaat om zorgvuldig te redeneren met deze beginselen. Ten slotte worden toepassingen gegeven op rechtsfilosofische vraagstukken. Waar haalt een overheid bijvoorbeeld het recht om te straffen of om van een minderheid gehoorzaamheid te vragen?
Dit boek is ideaal voor wie zoekt naar een grondige kennis van allerlei beginselen die ons politiek, ethisch en juridisch denken beïnvloeden, maar zelden worden uiteengezet.



Jan Verplaetse (1969) is moraalfilosoof en hoofddocent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent. Hij is de auteur van For the sake of argument (2006), Het morele brein (2006), Het morele instinct (2008) en Zonder vrije wil (2011).
Charles Delmotte (1985) studeerde filosofie en rechten aan Universiteit Gent. Hij is assistent en doctoraal onderzoeker aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent, en daarnaast advocaat aan de balie van Kortrijk.

Quick View

Beginselen van samenleven. Handboek ethiek en rechtsfilosofie.

 25,70

Iedereen heeft het wel eens over vrijheid, gelijkheid, waardigheid of legitimiteit. Zeker in discussies over politiek, ethiek en recht zijn dit terugkomende begrippen. Maar wat betekenen ze precies? En welk gewicht hebben ze in een debat? Aan de hand van actuele controverses onderscheiden de auteurs de voornaamste inhouden die deze beginselen krijgen, en lichten ze deze kritisch door. De lezer maakt kennis met ‘bronnengelijkheid’ in de discussie rond herverdeling van welvaart, met ‘nationaal medeburgerschap’ in het dispuut rond multiculturele problemen en met ‘het recht op een open toekomst’ in het debat over hoe ver ouders hun eigen kinderen mogen kneden naar hun eigen denkbeelden.
Bovendien reiken de auteurs een techniek aan die toelaat om zorgvuldig te redeneren met deze beginselen. Ten slotte worden toepassingen gegeven op rechtsfilosofische vraagstukken. Waar haalt een overheid bijvoorbeeld het recht om te straffen of om van een minderheid gehoorzaamheid te vragen?
Dit boek is ideaal voor wie zoekt naar een grondige kennis van allerlei beginselen die ons politiek, ethisch en juridisch denken beïnvloeden, maar zelden worden uiteengezet.



Jan Verplaetse (1969) is moraalfilosoof en hoofddocent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent. Hij is de auteur van For the sake of argument (2006), Het morele brein (2006), Het morele instinct (2008) en Zonder vrije wil (2011).
Charles Delmotte (1985) studeerde filosofie en rechten aan Universiteit Gent. Hij is assistent en doctoraal onderzoeker aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent, en daarnaast advocaat aan de balie van Kortrijk.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Geen voorraad
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

For the sake of argument. Argumentatieleer voor juristen en ethici – 2de herziene uitgave

 24,70

Argumenteren is de hoofdbezigheid van elke jurist. Advocaten stellenconclusies op en houden pleidooien om hun cliënten te verdedigen,rechters motiveren hun beslissingen in vonnissen en arresten enjuristen adviseren beleidsmakers bij het opstellen van wetgevendeteksten. Overtuigen is de professionele hoofdopdracht van elke jurist.

Ten onrechte wordt gedacht dat wie veel weet ook overtuigingskrachtheeft. Briljante geesten schrijven slaapverwekkende of structuurlozeteksten. Omgekeerd, houden middelmatige studenten opwindendebetogen vol scherpe argumenten. Dit hoeft niet te verwonderen.

Argumentaties en betogen vormen aparte tekstconstructies meteigen structuren en regels die je moet respecteren. Precies dit ishet doel van dit handboek. De lezers in contact brengen met dieregels en structuren die professionele argumentaties en betogenkenmerken met als ultieme opgave: het verbeteren van de kwaliteitvan ons argumenteren. Speciale aandacht gaat uit naar de opbouwvan argumentaties en betogen in de ethiek. Naast juristen vormenethici of moraalfi losofen het meer specifi eke doelpubliek van ditboek.

Komen aan bod:
• structuur van een argumentatie/tegenargumentatie
• ondeugdelijke argumentatie: denkfouten en drogredenen
• structuur, stijl en overtuigingskracht van een betoog
• juridische argumentaties en betogen in het recht
• het ethisch betoog

Addendum blz. 19.

Geen voorraad
Quick View

For the sake of argument. Argumentatieleer voor juristen en ethici – 2de herziene uitgave

 24,70

Argumenteren is de hoofdbezigheid van elke jurist. Advocaten stellenconclusies op en houden pleidooien om hun cliënten te verdedigen,rechters motiveren hun beslissingen in vonnissen en arresten enjuristen adviseren beleidsmakers bij het opstellen van wetgevendeteksten. Overtuigen is de professionele hoofdopdracht van elke jurist.

Ten onrechte wordt gedacht dat wie veel weet ook overtuigingskrachtheeft. Briljante geesten schrijven slaapverwekkende of structuurlozeteksten. Omgekeerd, houden middelmatige studenten opwindendebetogen vol scherpe argumenten. Dit hoeft niet te verwonderen.

Argumentaties en betogen vormen aparte tekstconstructies meteigen structuren en regels die je moet respecteren. Precies dit ishet doel van dit handboek. De lezers in contact brengen met dieregels en structuren die professionele argumentaties en betogenkenmerken met als ultieme opgave: het verbeteren van de kwaliteitvan ons argumenteren. Speciale aandacht gaat uit naar de opbouwvan argumentaties en betogen in de ethiek. Naast juristen vormenethici of moraalfi losofen het meer specifi eke doelpubliek van ditboek.

Komen aan bod:
• structuur van een argumentatie/tegenargumentatie
• ondeugdelijke argumentatie: denkfouten en drogredenen
• structuur, stijl en overtuigingskracht van een betoog
• juridische argumentaties en betogen in het recht
• het ethisch betoog

Addendum blz. 19.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
Quick View
Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen

Het morele brein. Een geschiedenis over de plaats van de moraal in onze hersenen

 36,00
Vanaf het einde van de achttiende eeuw speculeren medische wetenschappers over het bestaan van een `moreel orgaan'' of een `ethisch centrum'' in het brein. Aangemoedigd door medische ontdekkingen, opmerkelijke klinische casussen of mentale aandoeningen en nieuwe technologieën hadden zelfs vooraanstaande neurowetenschappers, waaronder Paul Flechsig, Arthur Van Gehuchten en Oskar Vogt, de ambitie om moraliteit in het menselijk brein te lokaliseren. In hun publicaties leest men allerlei ernstige voorstellen. Niettemin was die hele onderneming ook onderwerp van spot. Critici vonden dit een frenologische droom die tot mislukken was gedoemd. Zij noemden die pogingen belachelijk, grotesk of tijdverlies. Het ganse project getuigde van wetenschappelijke onbekwaamheid.

Vandaag is het onderzoek naar het morele brein terug. Op dit ogenblik brengen specialisten wereldwijd met behulp van nieuwe beeldtechnieken hersenprocessen in kaart die ze verantwoordelijk achten voor het opwekken van morele gevoelens, het verwerven van sociale kennis of het totstandkomen van antisociaal gedrag. Momenteel weet niemand welke richting dit onderzoek uitgaat. Volgt er opnieuw een ontgoocheling of volgt er een echte doorbraak waardoor menselijke moraliteit in de toekomst een medisch manipuleerbaar verschijnsel wordt?

Dit boek brengt de geschiedenis van de zoektocht naar de plaats van de moraal tussen 1800 en 1930. Deze studie vertelt over hoe het oude geweten een moreel zintuig werd en plaatst de vaak verrassende lokalisaties van onze moraal in hun historische context. Dit boek handelt over de soms nauwe grens tussen wetenschap en sciencefiction in een project dat lang vergeten onderzoekers deed en eigentijdse nog steeds doet dromen.



Jan Verplaetse, moraalfilosoof en doctor-assistent bij de vakgroep Grondslagen en Geschiedenis van het Recht (Universiteit Gent). Hij leidt er de onderzoeksgroep The Moral Brain.

Quick View

Het morele brein. Een geschiedenis over de plaats van de moraal in onze hersenen

 36,00
Vanaf het einde van de achttiende eeuw speculeren medische wetenschappers over het bestaan van een `moreel orgaan'' of een `ethisch centrum'' in het brein. Aangemoedigd door medische ontdekkingen, opmerkelijke klinische casussen of mentale aandoeningen en nieuwe technologieën hadden zelfs vooraanstaande neurowetenschappers, waaronder Paul Flechsig, Arthur Van Gehuchten en Oskar Vogt, de ambitie om moraliteit in het menselijk brein te lokaliseren. In hun publicaties leest men allerlei ernstige voorstellen. Niettemin was die hele onderneming ook onderwerp van spot. Critici vonden dit een frenologische droom die tot mislukken was gedoemd. Zij noemden die pogingen belachelijk, grotesk of tijdverlies. Het ganse project getuigde van wetenschappelijke onbekwaamheid.

Vandaag is het onderzoek naar het morele brein terug. Op dit ogenblik brengen specialisten wereldwijd met behulp van nieuwe beeldtechnieken hersenprocessen in kaart die ze verantwoordelijk achten voor het opwekken van morele gevoelens, het verwerven van sociale kennis of het totstandkomen van antisociaal gedrag. Momenteel weet niemand welke richting dit onderzoek uitgaat. Volgt er opnieuw een ontgoocheling of volgt er een echte doorbraak waardoor menselijke moraliteit in de toekomst een medisch manipuleerbaar verschijnsel wordt?

Dit boek brengt de geschiedenis van de zoektocht naar de plaats van de moraal tussen 1800 en 1930. Deze studie vertelt over hoe het oude geweten een moreel zintuig werd en plaatst de vaak verrassende lokalisaties van onze moraal in hun historische context. Dit boek handelt over de soms nauwe grens tussen wetenschap en sciencefiction in een project dat lang vergeten onderzoekers deed en eigentijdse nog steeds doet dromen.



Jan Verplaetse, moraalfilosoof en doctor-assistent bij de vakgroep Grondslagen en Geschiedenis van het Recht (Universiteit Gent). Hij leidt er de onderzoeksgroep The Moral Brain.

Toevoegen aan winkelwagenBekijk winkelwagen
    0
    Uw winkelwagen
    Uw winkelwagen is leegVerder winkelen