Internationale overbrenging van veroordeelden. De veroordeelde als subject
€ 95,00
Internationale overbrenging van veroordeelden is een fenomeen dat sinds enkele decennia een toenemende groei en formalisering kent. Het blijkt een instrument te zijn dat door tal van landen wordt ingezet in tal van contexten, waardoor het ‘gezicht’ van internationale overbrenging varieert en verandert. Gezien de groeiende internationale mobiliteit die de samenleving kenmerkt, wint deze materie steeds meer aan belang. De positie van de veroordeelde hierin, vormt het centrale aandachtspunt in de voorliggende publicatie.
Het boek kent drie grote delen. Een eerste deel biedt een historisch overzicht van de verdragen en hun belangrijkste kenmerken. Het bevat voor de lezer een schat aan belangrijke praktische informatie over deze verdragen en sluit af met een debat over de ontwikkelingen op het vlak van overbrenging van veroordeelden, vooral in Europa maar ook in de schoot van internationale hoven en tribunalen, en de belangen die hiermee worden gediend.
In deel twee wordt de Belgische toepassingspraktijk onder de loep genomen, met aandacht voor de stand van zaken en voor wat goed en slecht loopt. De relevantie van deze analyse reikt verder dan de Belgische praktijk. Uit de analyse blijkt dat er belangrijke valkuilen zijn in het overbrengen van gedetineerden waarvoor men te allen tijde waakzaam moet zijn. De law-in-books van het eerste deel werd in dit gedeelte lawin-action.
In deel drie komt vooral het perspectief van direct betrokkenen aan bod. De mens achter dit verhaal van beleid, cijfers en overbevolking. Zowel aan overgebrachte Belgen als aan buitenlandse gedetineerden in Belgische gevangenissen werd gevraagd hoe zij staan tegenover vrijwillige en gedwongen overbrenging. Soms resoluut, soms verrassend genuanceerd levert dit een portret op van de overbrenging door de betrokkenen zelf.
Eveline De Wree is criminoloog en was onderzoeker aan de Vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent, waar zij promoveerde op het thema van deze publicatie. Zij is thans werkzaam als vormingswerker en begeleidt jongeren aan wie door de jeugdrechter een vorming werd opgelegd.
Het boek kent drie grote delen. Een eerste deel biedt een historisch overzicht van de verdragen en hun belangrijkste kenmerken. Het bevat voor de lezer een schat aan belangrijke praktische informatie over deze verdragen en sluit af met een debat over de ontwikkelingen op het vlak van overbrenging van veroordeelden, vooral in Europa maar ook in de schoot van internationale hoven en tribunalen, en de belangen die hiermee worden gediend.
In deel twee wordt de Belgische toepassingspraktijk onder de loep genomen, met aandacht voor de stand van zaken en voor wat goed en slecht loopt. De relevantie van deze analyse reikt verder dan de Belgische praktijk. Uit de analyse blijkt dat er belangrijke valkuilen zijn in het overbrengen van gedetineerden waarvoor men te allen tijde waakzaam moet zijn. De law-in-books van het eerste deel werd in dit gedeelte lawin-action.
In deel drie komt vooral het perspectief van direct betrokkenen aan bod. De mens achter dit verhaal van beleid, cijfers en overbevolking. Zowel aan overgebrachte Belgen als aan buitenlandse gedetineerden in Belgische gevangenissen werd gevraagd hoe zij staan tegenover vrijwillige en gedwongen overbrenging. Soms resoluut, soms verrassend genuanceerd levert dit een portret op van de overbrenging door de betrokkenen zelf.
Eveline De Wree is criminoloog en was onderzoeker aan de Vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent, waar zij promoveerde op het thema van deze publicatie. Zij is thans werkzaam als vormingswerker en begeleidt jongeren aan wie door de jeugdrechter een vorming werd opgelegd.
Internationale overbrenging van veroordeelden. De veroordeelde als subject
€ 95,00
Internationale overbrenging van veroordeelden is een fenomeen dat sinds enkele decennia een toenemende groei en formalisering kent. Het blijkt een instrument te zijn dat door tal van landen wordt ingezet in tal van contexten, waardoor het ‘gezicht’ van internationale overbrenging varieert en verandert. Gezien de groeiende internationale mobiliteit die de samenleving kenmerkt, wint deze materie steeds meer aan belang. De positie van de veroordeelde hierin, vormt het centrale aandachtspunt in de voorliggende publicatie.
Het boek kent drie grote delen. Een eerste deel biedt een historisch overzicht van de verdragen en hun belangrijkste kenmerken. Het bevat voor de lezer een schat aan belangrijke praktische informatie over deze verdragen en sluit af met een debat over de ontwikkelingen op het vlak van overbrenging van veroordeelden, vooral in Europa maar ook in de schoot van internationale hoven en tribunalen, en de belangen die hiermee worden gediend.
In deel twee wordt de Belgische toepassingspraktijk onder de loep genomen, met aandacht voor de stand van zaken en voor wat goed en slecht loopt. De relevantie van deze analyse reikt verder dan de Belgische praktijk. Uit de analyse blijkt dat er belangrijke valkuilen zijn in het overbrengen van gedetineerden waarvoor men te allen tijde waakzaam moet zijn. De law-in-books van het eerste deel werd in dit gedeelte lawin-action.
In deel drie komt vooral het perspectief van direct betrokkenen aan bod. De mens achter dit verhaal van beleid, cijfers en overbevolking. Zowel aan overgebrachte Belgen als aan buitenlandse gedetineerden in Belgische gevangenissen werd gevraagd hoe zij staan tegenover vrijwillige en gedwongen overbrenging. Soms resoluut, soms verrassend genuanceerd levert dit een portret op van de overbrenging door de betrokkenen zelf.
Eveline De Wree is criminoloog en was onderzoeker aan de Vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent, waar zij promoveerde op het thema van deze publicatie. Zij is thans werkzaam als vormingswerker en begeleidt jongeren aan wie door de jeugdrechter een vorming werd opgelegd.
Het boek kent drie grote delen. Een eerste deel biedt een historisch overzicht van de verdragen en hun belangrijkste kenmerken. Het bevat voor de lezer een schat aan belangrijke praktische informatie over deze verdragen en sluit af met een debat over de ontwikkelingen op het vlak van overbrenging van veroordeelden, vooral in Europa maar ook in de schoot van internationale hoven en tribunalen, en de belangen die hiermee worden gediend.
In deel twee wordt de Belgische toepassingspraktijk onder de loep genomen, met aandacht voor de stand van zaken en voor wat goed en slecht loopt. De relevantie van deze analyse reikt verder dan de Belgische praktijk. Uit de analyse blijkt dat er belangrijke valkuilen zijn in het overbrengen van gedetineerden waarvoor men te allen tijde waakzaam moet zijn. De law-in-books van het eerste deel werd in dit gedeelte lawin-action.
In deel drie komt vooral het perspectief van direct betrokkenen aan bod. De mens achter dit verhaal van beleid, cijfers en overbevolking. Zowel aan overgebrachte Belgen als aan buitenlandse gedetineerden in Belgische gevangenissen werd gevraagd hoe zij staan tegenover vrijwillige en gedwongen overbrenging. Soms resoluut, soms verrassend genuanceerd levert dit een portret op van de overbrenging door de betrokkenen zelf.
Eveline De Wree is criminoloog en was onderzoeker aan de Vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent, waar zij promoveerde op het thema van deze publicatie. Zij is thans werkzaam als vormingswerker en begeleidt jongeren aan wie door de jeugdrechter een vorming werd opgelegd.
Evidence based policing (CPS 2010 – 4 nr. 17)
€ 53,00
Afgelopen jaren is de tendens waarneembaar dat het politie- en justitiedomein meer
aandacht krijgt voor ‘evidence based’ beleid. Programma’s en beleidsmaatregelen moeten
eerst ‘bewezen werkzaam’ zijn vooraleer ze verdere financiering kennen en de aandacht
voor evaluatie groeit. Enerzijds speelt de rationalisering van de schaarse middelen daarin
een grote rol en anderzijds het leggen van prioriteiten in allerhande politiële en justitiële
beleidsplannen. Dit Cahier geeft een inzicht in wat ‘evidence based policing’ juist inhoudt,
en wat de uitdagingen, de voordelen, de kritieken en de valkuilen zijn. De voorwaarden
waaraan experimenteel criminologisch onderzoek moet voldoen worden geschetst. In
tweede instantie wordt, o.m. aan de hand van cases, ingegaan op het nut van ‘evidence’
voor praktijk en beleid en wordt kennis aangereikt over het vinden van een praktische
‘vertaling’ naar het werkveld. Dit Cahier bundelt zowel bijdragen uit beleid en praktijk als
uit het academische milieu. De auteurs zijn afkomstig uit drie landen waarin de mate van
implementatie van evidence based policing verschilt. Dit geeft de nodige schakeringen in
het ‘evidence based’ debat.
Dit Cahier vormt een belangrijk naslagwerk voor politie, justitie en andere veiligheidsactoren. Weten ‘wat werkt’ en ‘wat niet werkt’ is immers van groot belang voor het vormgeven van veiligheidsbeleid.
Dit Cahier vormt een belangrijk naslagwerk voor politie, justitie en andere veiligheidsactoren. Weten ‘wat werkt’ en ‘wat niet werkt’ is immers van groot belang voor het vormgeven van veiligheidsbeleid.
Evidence based policing (CPS 2010 – 4 nr. 17)
€ 53,00
Afgelopen jaren is de tendens waarneembaar dat het politie- en justitiedomein meer
aandacht krijgt voor ‘evidence based’ beleid. Programma’s en beleidsmaatregelen moeten
eerst ‘bewezen werkzaam’ zijn vooraleer ze verdere financiering kennen en de aandacht
voor evaluatie groeit. Enerzijds speelt de rationalisering van de schaarse middelen daarin
een grote rol en anderzijds het leggen van prioriteiten in allerhande politiële en justitiële
beleidsplannen. Dit Cahier geeft een inzicht in wat ‘evidence based policing’ juist inhoudt,
en wat de uitdagingen, de voordelen, de kritieken en de valkuilen zijn. De voorwaarden
waaraan experimenteel criminologisch onderzoek moet voldoen worden geschetst. In
tweede instantie wordt, o.m. aan de hand van cases, ingegaan op het nut van ‘evidence’
voor praktijk en beleid en wordt kennis aangereikt over het vinden van een praktische
‘vertaling’ naar het werkveld. Dit Cahier bundelt zowel bijdragen uit beleid en praktijk als
uit het academische milieu. De auteurs zijn afkomstig uit drie landen waarin de mate van
implementatie van evidence based policing verschilt. Dit geeft de nodige schakeringen in
het ‘evidence based’ debat.
Dit Cahier vormt een belangrijk naslagwerk voor politie, justitie en andere veiligheidsactoren. Weten ‘wat werkt’ en ‘wat niet werkt’ is immers van groot belang voor het vormgeven van veiligheidsbeleid.
Dit Cahier vormt een belangrijk naslagwerk voor politie, justitie en andere veiligheidsactoren. Weten ‘wat werkt’ en ‘wat niet werkt’ is immers van groot belang voor het vormgeven van veiligheidsbeleid.