Onvoorziene omstandigheden, verstoring en herstel van contractueel evenwicht
€ 40,10
In de huidige globale economie zijn de gevolgen van onvoorziene
omstandigheden dikwijls groter van omvang dan
vroeger. De dagelijkse pers bericht over tal van onvoorziene
omstandigheden waardoor de verwachtingen van contractspartijen
gefrustreerd kunnen raken. De hierbij betrokken belangen
zijn vaak immens. Een gascontract dat de jaarlijkse prijs
van het gas afhankelijk stelt van de beslissing van een minister
van economische zaken, die op zeker moment de markt privatiseert
en geen gasprijs meer vas…
Op voorraad
In de huidige globale economie zijn de gevolgen van onvoorziene
omstandigheden dikwijls groter van omvang dan
vroeger. De dagelijkse pers bericht over tal van onvoorziene
omstandigheden waardoor de verwachtingen van contractspartijen
gefrustreerd kunnen raken. De hierbij betrokken belangen
zijn vaak immens. Een gascontract dat de jaarlijkse prijs
van het gas afhankelijk stelt van de beslissing van een minister
van economische zaken, die op zeker moment de markt privatiseert
en geen gasprijs meer vaststelt, moet zonder meer
aangepast kunnen worden wegens onvoorziene omstandigheden
en dat gebeurt dan ook.
In deze tijd van economisch zwaar weer rust op rechters en
arbiters grotere druk om een contract door wijziging of ontbinding
op grond van onvoorziene omstandigheden te corrigeren.
De mogelijkheid dat een onvoorziene omstandigheid
de uitvoering van de overeenkomst verstoort en dat een
wijziging zich opdringt, is reëel. Flexibiliteit, samenwerking en
aanpassing behoren tot de essentie van de overeenkomst. Een
dergelijke visie gedijt goed in een steeds meer aan redelijkheid
en billijkheid onderworpen contractenrecht.
Toch geldt economisch zwaar weer in het algemeen niet als
een onvoorziene omstandigheid die correctie van het contract
rechtvaardigt. De realiteit gebiedt te zeggen dat de wijziging
of ontbinding van overeenkomsten wegens onvoorziene
omstandigheden uitzondering blijft en ongewijzigde instandhouding
de regel. Dat is maar goed ook. Het adagium pacta
sunt servanda refereert niet alleen aan de partijautonomie en
de verbindende kracht, maar ook aan de notie van solidariteit
en aan het vertrouwensbeginsel. Men laat zijn contractspartner
niet vallen, ook niet als het moeilijk wordt. Omgekeerd
mag men in redelijkheid vertrouwen op het gegeven woord.
Maar er zijn grenzen.
Het zijn deze grenzen die in deze bundel, geschreven naar
aanleiding van de traditionele stafuitwisseling van Leidse en
Gentse privatisten die laatst in Leiden plaatsvond, worden
opgezocht.
Prof. mr. H.J. Snijders is hoogleraar burgerlijk recht en burgerlijk procesrecht aan de Universiteit Leiden. Hij is raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof te Arnhem en in de Rechtbank te Den Haag, en vertegenwoordiger van Nederland in de United Nations Commission on International Trade Law (Working Group II on Arbitration and Conciliation).
Dr. P.C.J. De Tavernier is universitair docent aan de Universiteit Leiden, afdeling Burgerlijk- en Burgerlijk Procesrecht (departement Civiel Recht). Zijn publicaties situeren zich voornamelijk in het domein van het aansprakelijkheidsrecht.

