
Schijnzelfstandigheid bij advocaten
€ 39,50
Schijnzelfstandigheid is een oud fenomeen dat onder door verschillende
invloeden in de huidige samenleving een hergeboorte beleeft.
Dit boek geeft, na een afbakening van het onderwerp, een kritische en analytische evaluatie van Titel XIII (Aard van de arbeidsrelaties) van de Programmawet van 27 december 2006. Hierbij krijgt de rechtspracticus een overzicht van de heersende rechtspraak en rechtsleer terzake, voorzien van de nodige duiding en commentaar.
Vervolgens wordt de problematiek meer specifi…
Op voorraad
Schijnzelfstandigheid is een oud fenomeen dat onder door verschillende
invloeden in de huidige samenleving een hergeboorte beleeft.
Dit boek geeft, na een afbakening van het onderwerp, een kritische en analytische evaluatie van Titel XIII (Aard van de arbeidsrelaties) van de Programmawet van 27 december 2006. Hierbij krijgt de rechtspracticus een overzicht van de heersende rechtspraak en rechtsleer terzake, voorzien van de nodige duiding en commentaar.
Vervolgens wordt de problematiek meer specifiek onderzocht bij de advocatuur, die in het begin van deze eeuw steeds meer geconfronteerd werd met schijnzelfstandigheid. De rechtspositie van de advocaat in de nieuwe wetgeving wordt uiteengezet met aandacht naar het statuut van de advocaat in België en zijn buurlanden.
Vanuit rechtspraktisch
oogpunt formuleert dit werk ten slotte een antwoord op de vraag of
de nieuwe wetgeving een passende oplossing is ter bestrijding van de
schijnzelfstandigheid en/of ze al dan niet noodzakelijk is, in het bijzonder bij de advocatuur.
Grégory Lauwers studeerde Rechten aan de Universiteit Gent.
Hij is advocaat aan de balie te Gent, waar hij actief is onder andere als lid van de Commissie van de stagiairs en van de Vlaamse Conferentie. Hij is medewerker in het Advocatenkantoor Th. Lauwers te Sint-Martens-Latem, dat gespecialiseerd is in het fi scaal recht (www.lauwers-law.be).
Voor deze uitgave ontving hij in 2008 de Herman De Croo-onderscheiding.
