
Tijdschrift Medische antropologie, jaargang 19
Uitgever Spinhuis
€ 20,00
Verzonden binnen 7 dagen
Bestel nu!
SKU:
9770925437199
Categorie
Spinhuis
Boek informatie
ISBN 13
9770925437199
Gerelateerde producten
Vroedmeesters, vroedvrouwen en verloskunde in Amsterdam
door T. Nieuwenhuis
€ 17,35
In de achttiende eeuw is de verloskunde als academische discipline gevestigd en valt gelijktijdig de opkomst waar te nemen van de mannelijke verloskundige: de vroedmeester. Deze ontwikkelingen worden wel als de 'verloskundige revolutie' aangeduid. In dit kader past ook het vestigen van de verloskunde als apart specialisme, wat in ons land voor het eerst in Amsterdam gebeurde. In 1946 werd daar het vroedmeesterschap losgemaakt van de uitoefening van de algemene heelmeesterpraktijk en gebonden aan een apart examen. In de meeste westerse landen hebben de vroedvrouwen sedertdien flink terrein verloren en is de klinische bevalling regel geworden. De grotere rol van de mannelijke verloskundige heeft geleid tot een toename van medische interventies in de tot dan toe door vroedvrouwen beheerste verloskundige praktijk. Op dit patroon vormt Nederland een uitzondering. De thuisbevalling is hier veel vaker blijven voorkomen dan elders, terwijl de medicalisering van de verloskunde minder ver is voortgeschreden. Kenmerkend voor ons land is juist de sterke positie van de vroedvrouw en de met haar verbonden bevallingscultuur. De wortels daarvan zijn reeds in de achttiende eeuw zichtbaar, zoals in dit boek wordt geschetst. Centraal staat een tweetal grote conflicten die in Amsterdam tussen 1746 en 1805 rond het vroedmeesterschap en de toegang tot de vroedmarkt zijn uitgevochten.
Vroedmeesters, vroedvrouwen en verloskunde in Amsterdam
door T. Nieuwenhuis
€ 17,35
In de achttiende eeuw is de verloskunde als academische discipline gevestigd en valt gelijktijdig de opkomst waar te nemen van de mannelijke verloskundige: de vroedmeester. Deze ontwikkelingen worden wel als de 'verloskundige revolutie' aangeduid. In dit kader past ook het vestigen van de verloskunde als apart specialisme, wat in ons land voor het eerst in Amsterdam gebeurde. In 1946 werd daar het vroedmeesterschap losgemaakt van de uitoefening van de algemene heelmeesterpraktijk en gebonden aan een apart examen. In de meeste westerse landen hebben de vroedvrouwen sedertdien flink terrein verloren en is de klinische bevalling regel geworden. De grotere rol van de mannelijke verloskundige heeft geleid tot een toename van medische interventies in de tot dan toe door vroedvrouwen beheerste verloskundige praktijk. Op dit patroon vormt Nederland een uitzondering. De thuisbevalling is hier veel vaker blijven voorkomen dan elders, terwijl de medicalisering van de verloskunde minder ver is voortgeschreden. Kenmerkend voor ons land is juist de sterke positie van de vroedvrouw en de met haar verbonden bevallingscultuur. De wortels daarvan zijn reeds in de achttiende eeuw zichtbaar, zoals in dit boek wordt geschetst. Centraal staat een tweetal grote conflicten die in Amsterdam tussen 1746 en 1805 rond het vroedmeesterschap en de toegang tot de vroedmarkt zijn uitgevochten.

De straat aan de jeugd. Een ontwikkelingsgericht onderzoek naar drie jaar ‘Thuis Op Straat’.
€ 18,00
‘Thuis Op Straat’ (TOS) is de naam van een nieuwe manier van werken, gericht op kinderen en jongeren, om de leefbaarheid van buurten en wijken te vergroten door het scheppen van een duidelijk, gemoedelijk, fatsoenlijk en veilig klimaat op pleinen en straten, het hele jaar door, zeven dagen in de week. Met tevens de bedoeling dat er meer meisjes en meer jonge kinderen van de buitenruimte gebruikmaken. Dit gebeurt onder leiding van een professionele TOS-baas, samen met TOS-medewerkers (I&D-ers en Wiw-ers).
TOS hanteert daarbij geen standaardmethode maar werkt dynamisch: kijken wat op dat plein, in die wijk nodig is en van daaruit activiteiten organiseren. Hierbij speelt verbinding en verbreding een belangrijke rol: verbinding met ouders en buurtbewoners, verbreding naar partners in hetzelfde domein. In 1996 ging het eerste project van start in Rotterdam. Spoedig volgden andere gemeenten.
Drie jaar hebben de onderzoekers van de Erasmus Universiteit, Masson, Karyotis en De Jong, TOS-projecten in Rotterdam, Dordrecht, Leiden en Gouda op verzoek van de Provincie Zuid-Holland, de betrokken gemeenten en het ministerie van VWS gevolgd. In deze evaluatie wordt uitvoerig verslag gedaan van hun bevindingen op een viertal niveaus: welke TOS-activiteiten zijn er uitgevoerd, hoe was het gesteld met het personeel en de interne organisatie, hoe was de samenwerking met en participatie van andere organisaties in de buurten, en zijn de projecten geslaagd in hun oorspronkelijke opzet. De studie wordt afgesloten met aanbevelingen voor de lopende en toekomstige TOS-projecten.
De straat aan de jeugd. Een ontwikkelingsgericht onderzoek naar drie jaar ‘Thuis Op Straat’.
€ 18,00
‘Thuis Op Straat’ (TOS) is de naam van een nieuwe manier van werken, gericht op kinderen en jongeren, om de leefbaarheid van buurten en wijken te vergroten door het scheppen van een duidelijk, gemoedelijk, fatsoenlijk en veilig klimaat op pleinen en straten, het hele jaar door, zeven dagen in de week. Met tevens de bedoeling dat er meer meisjes en meer jonge kinderen van de buitenruimte gebruikmaken. Dit gebeurt onder leiding van een professionele TOS-baas, samen met TOS-medewerkers (I&D-ers en Wiw-ers).
TOS hanteert daarbij geen standaardmethode maar werkt dynamisch: kijken wat op dat plein, in die wijk nodig is en van daaruit activiteiten organiseren. Hierbij speelt verbinding en verbreding een belangrijke rol: verbinding met ouders en buurtbewoners, verbreding naar partners in hetzelfde domein. In 1996 ging het eerste project van start in Rotterdam. Spoedig volgden andere gemeenten.
Drie jaar hebben de onderzoekers van de Erasmus Universiteit, Masson, Karyotis en De Jong, TOS-projecten in Rotterdam, Dordrecht, Leiden en Gouda op verzoek van de Provincie Zuid-Holland, de betrokken gemeenten en het ministerie van VWS gevolgd. In deze evaluatie wordt uitvoerig verslag gedaan van hun bevindingen op een viertal niveaus: welke TOS-activiteiten zijn er uitgevoerd, hoe was het gesteld met het personeel en de interne organisatie, hoe was de samenwerking met en participatie van andere organisaties in de buurten, en zijn de projecten geslaagd in hun oorspronkelijke opzet. De studie wordt afgesloten met aanbevelingen voor de lopende en toekomstige TOS-projecten.
Multiculturalisme in Canada, Australië en de Verenigde Staten. Ideologie en beleid, 1950-2000.
door B. Slijper, H. Vermeulen
€ 20,00
Canada, Australië en de Verenigde Staten zijn de kenmerkende voorbeelden van immigratielanden. De nieuwkomers kwamen overal vandaan en moesten samenleven. Hans Vermeulen en Boris Slijper zijn nagegaan hoe de verschillende regeringen en beleidsmakers in die landen zijn omgegaan met al die verschillende achtergronden en hoe ze het proces hebben proberen te beïnvloeden en in een gewenste richting te sturen.
Deze studie plaatst de discussie in Nederland en West-Epa over assimilatie en erkenning van culturele diversiteit in een zo gewenst breder perspectief.
Hans Vermeulen en Boris Slijper zijn beiden verbonden aan het Instituut voor Migratie- en Etnische Sudies (IMES) van de Universiteit van Amsterdam.
Hans Vermeulen en Boris Slijper zijn beiden verbonden aan het Instituut voor Migratie- en Etnische Sudies (IMES) van de Universiteit van Amsterdam.
Multiculturalisme in Canada, Australië en de Verenigde Staten. Ideologie en beleid, 1950-2000.
door B. Slijper, H. Vermeulen
€ 20,00
Canada, Australië en de Verenigde Staten zijn de kenmerkende voorbeelden van immigratielanden. De nieuwkomers kwamen overal vandaan en moesten samenleven. Hans Vermeulen en Boris Slijper zijn nagegaan hoe de verschillende regeringen en beleidsmakers in die landen zijn omgegaan met al die verschillende achtergronden en hoe ze het proces hebben proberen te beïnvloeden en in een gewenste richting te sturen.
Deze studie plaatst de discussie in Nederland en West-Epa over assimilatie en erkenning van culturele diversiteit in een zo gewenst breder perspectief.
Hans Vermeulen en Boris Slijper zijn beiden verbonden aan het Instituut voor Migratie- en Etnische Sudies (IMES) van de Universiteit van Amsterdam.
Hans Vermeulen en Boris Slijper zijn beiden verbonden aan het Instituut voor Migratie- en Etnische Sudies (IMES) van de Universiteit van Amsterdam.
